...

Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0358 - Zittingsperiode : 54


Auteur An Capoen, N-VA
Departement Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid
Sub-departement Sociale Zaken en Volksgezondheid
Titel De gevolgen voor het KCE-rapport over HPV-screening door een belangenconflict in Nederland (MV 5406).
Datum indiening23/07/2015
Taal N
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum21/08/2015

 
Vraag

In Nederland is er in juli 2015 een grootschalig wetenschappelijk onderzoek in aanloop naar een nieuw bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker per direct stilgelegd. De aanleiding hiervoor zijn verzwegen zakelijke belangen van emeritus hoogleraar pathologie en aanjager van het project Chris Meijer (VUmc). Enkele dagen hiervoor werd al een andere aanbesteding in functie van het voornoemde bevolkingsonderzoek stilgelegd vanwege vermoedelijke zakelijke belangen van de heer Meijer in de vorm van aandelen in twee bedrijven die producten maken voor het screenen van baarmoederhalskanker. In een recent onderzoek van het Federaal Kenniscentrum voor Gezondheidszorg (KCE) over het screenen van baarmoederhalskanker ("Cervical cancer screening program and human papillomavirus (HPV) testing, part II: update on HPV primary screening") maakt men gebruik van diverse studies van de heer Meijer. Uit dit rapport blijkt onder andere dat de criteria van HPV-tests vastgelegd zijn door Meijer (blz. 43), ook wel de "Meijer-guideline" genoemd. Verder in het rapport zijn er nog negen vermeldingen terug te vinden naar deze persoon (blz. 45, 48, 93, 273, 275 en 277). In een vorige parlementaire vraag over het screenen van baarmoederhalskanker (vraag nr. 125 van 10 februari 2015, Vragen en Antwoorden, Kamer, 2014-2015, nr. 15, blz. 193) gaf u mee dat u hebt kennisgenomen van het voornoemde KCE-rapport en dat uw diensten de aanbevelingen in dit rapport zullen gebruiken voor het beleid. 1. Wat zijn de gevolgen voor het voornoemde KCE-rapport na de gebeurtenissen in Nederland met de heer Meijer? 2. Hoe kunnen we zelf dergelijke fraude vermijden? 3. Gelieve verduidelijking te verschaffen over volgende citaten vanuit het KCE-rapport zelf: a) Er wordt melding gemaakt van "Consultancy or employment for a company, an association or an organisation that may gain or lose financially due to the results of this report: Marc Arbyn (GSK advisory Board (interrupted in 2008))". Daarnaast verwijst het rapport ook ettelijke keren naar artikels van Arbyn en een commercieel laboratorium voor pathologische anatomie van Riatol. Hoe staat u hier tegenover? b) De experts die betrokken waren bij het opstellen van het rapport werden niet betrokken bij de eindredactie zoals het KCE-rapport ook zelf aangeeft: "The external experts were consulted about a (preliminary) version of the scientific report. Their comments were discussed during meetings. They did not co-author the scientific report and did not necessarily agree with its content.". Komt hierdoor de kwaliteit van het KCE-rapport niet in het gedrang? 4. Zou het zinvol zijn, met de gebeurtenissen in Nederland in het achterhoofd, het voornoemde KCE-rapport opnieuw te laten voeren door bijvoorbeeld twee universiteiten? Dit werd zo gedaan in Nederland en het resultaat gaf een genuanceerder beeld dan dat het KCE-rapport weergeeft. Ook samenwerking met de Commissie voor pathologische anatomie, waarin het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid ook een zitje heeft, lijkt me hiervoor opportuun. 5. De HPV-zelftest is al reeds in testfase. Is er tijdens dit proces voldoende aandacht voor neutraliteit?


 
Status 1 rťponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B036
Publicatiedatum 03/08/2015, 20142015
Antwoord

U verwijst naar de Nederlandse Improve-studie. Het doel van deze studie is echter om te zien of het uitstrijkje geheel zou kunnen worden vervangen door deze "zelfafname"; dit werd niet onderzocht in het rapport van het Federaal Kenniscentrum voor Gezondheidszorg (KCE), dat ook geen aanbevelingen hieromtrent geeft. Ik ben dus van mening dat er geen gevolgen zijn voor het KCE-rapport. Bij gebrek aan concrete informatie, kan ik niet verder ingaan op uw stelling dat het onderzoek van de heer Meijer en de studie van de Nederlandse gezondheidsautoriteiten voorwerp zou zijn van belangenvermenging. Dr. Marc Arbyn is epidemioloog verbonden aan het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid en internationaal erkend expert op het gebied van preventie van baarmoederhalskanker. Het lag dus voor de hand om dr. Arbyn uit te nodigen om mee te werken aan het KCE 138-rapport. Binnen het KCE is er een transparante en publiek controleerbare procedure rond het documenteren van potentiŽle belangenconflicten. In het hoofdstuk over de prevalentie van HPV in BelgiŽ is gebruik gemaakt van een anoniem patiŽntenbestand opgevraagd en verkregen van het laboratorium AML (voorheen Riatol genoemd), dat sinds 2006 gebruik maakt van HPV-testing. Dit is het enige bestand in BelgiŽ dat met voldoende precisie een idee geeft over het voorkomen van HPV in screening en follow-up bij vrouwen met normale en abnormale cytologie. Gezien de expertise van dr. Arbyn op het gebied van HPV en de ervaring van het AML-laboratorium is het evident dat dit geleid heeft tot een aantal publicaties waar virologen van dit laboratorium en dr. Arbyn auteur of co-auteur zijn. De redacteurs van internationale tijdschriften vragen steeds transparantie over eventuele belangenconflicten; verder zijn deze publicaties met succes door peer review gegaan. Wat uw vraag betreft over de betrokkenheid van externe experten betreft, dit is de standaard procedure in het KCE, en de eindverantwoordelijkheid voor de wetenschappelijke inhoud ligt bij de auteurs en het KCE. Als een extern expert niet akkoord is, wordt dit in het rapport vermeld. Dit is hier overigens niet gebeurd. Universiteiten en experten op het gebied van gynaecologie, virologie, cyto-pathologie en huisartsgeneeskunde zijn bij de diverse fases van KCE-rapport betrokken. De standaard procedures toegepast door KCE golden ook voor het KCE 138-rapport in het bijzonder. Wat uw opmerking betreft over het betrekken van de Commissie voor pathologische anatomie, denk ik niet dat dit betere garanties op vlak van onafhankelijkheid zou kunnen bieden. Zonder afbreuk te doen aan de expertise en integriteit van deze Commissie, is het wel zo dat ze samengesteld is uit de vertegenwoordigers van de betrokken beroepsgroep, die er ook hun belangen verdedigen. Het rapport van de Nederlandse Gezondheidsraad, spreekt zich zonder voorbehoud uit voor de invoering van de HPV-test om de vijf jaar, en laat zelfs geen ruimte voor cytologisch testen onder de leeftijd van 30 jaar. Ten slotte herhaal ik nogmaals dat het KCE-rapport niet gaat over de zelftest. De studie over de zelftest, waar u allusie op maakt, is opgezet door de Vlaamse overheid.

 
Eurovoc-hoofddescriptorGEZONDHEIDSBELEID
Eurovoc-descriptorenVOORKOMING VAN ZIEKTEN | GEZONDHEIDSBELEID | KANKER | VROUW | MEDISCHE DIAGNOSE