|
Plenumvergadering |
Séance
plénière |
|
van Woensdag 10 juni 2026 Namiddag ______ |
du Mercredi 10 juin 2026 Après-midi ______ |
De vergadering wordt geopend om 14.02 uur en voorgezeten door de heer Peter De Roover, voorzitter.
La séance est ouverte à 14 h 02 et présidée par M. Peter De Roover, président.
De voorzitter: De vergadering is geopend.
La séance
est ouverte.
Een reeks
mededelingen en besluiten moeten ter kennis gebracht worden van de Kamer. U
kunt die terugvinden op de webstek van de Kamer en in het integraal verslag van
deze vergadering of in de bijlage ervan.
Une série de communications et de décisions doivent être portées à la connaissance de la Chambre. Elles seront reprises sur le site web de la Chambre et insérées dans le compte rendu intégral de cette séance ou son annexe.
Aanwezig bij de opening van de vergadering is de minister van de federale regering:
Ministre du gouvernement fédéral présente lors de l'ouverture de la séance:
Anneleen
Van Bossuyt.
Overeenkomstig het advies van de Conferentie van voorzitters van 9 juni 2026 hebt u een gewijzigde agenda voor de vergaderingen van vandaag en morgen ontvangen.
Conformément à l’avis de la Conférence des présidents du 9 juin 2026, vous avez reçu un ordre du jour modifié pour les séances d'aujourd'hui et de demain.
Zijn er dienaangaande opmerkingen? (Nee)
Y a-t-il une observation à ce sujet? (Non)
Bijgevolg is de agenda aangenomen.
En conséquence, l'ordre du jour est adopté.
Discussion
générale
Overeenkomstig het advies van de Conferentie van 9 juni 2026 stel ik voor om de bespreking van het wetsontwerp als volgt te organiseren:
- oppositiefracties: globale spreektijd van maximaal 300 minuten (inclusief amendementen);
- meerderheidsfracties: globale spreektijd van maximaal 35 minuten + 1 minuut per lid (inclusief amendementen);
- onafhankelijken: globale spreektijd van maximaal 15 minuten (inclusief amendementen);
- rapporteurs: spreektijd van maximaal 15 minuten.
Conformément à l'avis de la Conférence des présidents du 9 juin 2026, je propose d'organiser la discussion du projet de loi comme suit:
- groupes de l’opposition: temps de parole global de maximum 300 minutes (amendements compris);
- groupes de la majorité: temps de parole global de maximum 35 minutes + 1 minute par membre (amendements compris);
- indépendants: temps de parole global de maximum 15 minutes (amendements compris);
- rapporteurs: temps de parole de maximum 15 minutes.
De antwoorden op onderbrekingen worden niet in rekening gebracht van de globale spreektijd.
Les réponses aux interruptions ne sont pas déduites du temps de parole global.
De bespreking zal worden aangevat volgens de grootte van de fractie, alternerend oppositie en meerderheid: VB, N-VA, PS, MR, PVDA-PTB, Les Engagés, Ecolo-Groen, Vooruit, Anders., cd&v, DéFI en Jean-Marie Dedecker.
La discussion sera entamée en fonction de la taille du groupe, et ce sera en alternance tantôt l'opposition tantôt la majorité: VB, N-VA, PS, MR, PVDA-PTB, Les Engagés, Ecolo-Groen, Vooruit, Anders., cd&v, DéFI et Jean-Marie Dedecker.
Indien de bespreking van het wetsontwerp rond middernacht niet is afgerond, wordt de agenda hervat op donderdag 11 juni om 9 u.
Si la discussion du projet de loi n'est pas terminée vers minuit, la Conférence accepte de reprendre l'ordre du jour le jeudi 11 juin à 9 heures.
Ik zal vanzelfsprekend streng de hand houden aan deze afspraken, maar het is mijn overtuiging ze een goed inhoudelijk debat absoluut niet in de weg zullen staan.
De algemene bespreking is geopend.
La
discussion générale est ouverte.
De verslaggevers zijn mevrouw Van Belleghem en de heren Van der Donckt en Dubois.
02.01 Francesca Van Belleghem, rapporteur: Ik verwijs naar het schriftelijk verslag.
Verzoek om advies van de Raad van State
Demande
d'avis du Conseil d’Etat
02.02 Francesca Van Belleghem (VB): Mijnheer de voorzitter, collega’s, mijn fractie heeft enkele amendementen ingediend. Daarvoor vragen wij graag het advies van de Raad van State. Ik reken daarvoor op uw aller bereidwillige medewerking.
De voorzitter: Ik stel u voor om ons over deze vraag uit te spreken bij zitten en opstaan.
Je vous propose de nous prononcer sur cette demande par assis et lever.
Het verzoek wordt niet gesteund door een
derde van de leden.
La demande n'est pas soutenue par un tiers
des membres.
Het komt mij voor dat u onvoldoende overtuigend bent geweest, collega Van Belleghem.
02.03 Wim Van der Donckt, rapporteur: Mijnheer de voorzitter, als mederapporteur van een omvangrijk verslag bedank ik de diensten en de commissiesecretarissen voor hun volgehouden beroepsernst.
Voor het overige verwijs ik naar het schitterende schriftelijk verslag.
02.04 Xavier Dubois,
rapporteur: Comme mon collègue, je souhaite également remercier chaleureusement
l’ensemble des services ainsi que les traducteurs qui ont travaillé durant ces
trop nombreuses heures. Ils ont tous effectué un travail remarquable. Je tiens
aussi à souligner le délai dans lequel le rapport a été élaboré. Je renvoie d’ailleurs chacun vers
cet excellent rapport écrit.
02.05 Francesca Van Belleghem (VB): In al mijn enthousiasme ben ik ook vergeten de diensten te bedanken. Van op het sprekersgestoelte kan ik dat alsnog doen. Ik dank de diensten voor alles.
Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, collega’s, de voorbije dagen had ik tijd om na te denken over wat de voorbije maanden, de voorbije weken en de voorbije dagen is gebeurd. Dat kan worden samengevat in één zin, namelijk in 2024 keurde Groen – waarvan de leden hier o zo talrijk aanwezig zijn, nietwaar – het migratiepact goed en vandaag, 2026, wordt dat uitgevoerd onder leiding van de N-VA. Hoe symbolisch kan men het noemen dat het pact dat op de steun van de linkse opengrenzenpartij Groen kon rekenen, nu wordt uitgevoerd onder een regering die zogezegd het strengste migratiebeleid ooit voert!
Het Parlement maakt wel eens de fout om de implementatie van een Europese richtlijn heel vlug te laten passeren. Het is zelfs een behoorlijk courante praktijk dat heel veel supranationale wetgeving zowel in de commissie als in de plenaire vergadering en sourdine wordt behandeld. Wat vandaag voorligt, is echter zo belangrijk dat wij er toch even bij stil moeten staan. Ik had gehoopt dat de auteur van het citaat, collega-parlementslid Tas, mij zou onderbreken maar ik zie dat hij heel druk bezig is. Hoe dan ook had hij volkomen gelijk toen hij drie weken geleden onderstreepte hoe belangrijk het is om onderhavige Europese wetgeving in het Parlement te behandelen.
Vandaag blijven wij erbij dat het ontwerp een grondige inhoudelijke behandeling verdient. Ik heb mijn uiteenzetting opgebouwd in negen hoofdstukken. U kunt dus al beginnen af te tellen.
Ten eerste, wat staat hier eigenlijk op het spel? Overmorgen, vrijdag 12 juni, treedt het Europees migratiepact in werking. Welnu, sinds minister Van Bossuyt de eed als minister aflegde, heb ik haar niet-aflatend over de implementatie van het EU-migratiepact ondervraagd. Dat deed ik ook bij de eerste lezing, vervolgens bij de tweede lezing en vandaag doe ik dat hier in de plenaire vergadering opnieuw als een soort climax twee dagen voor de inwerkingtreding. Opnieuw voeren we het debat.
Ik raad alvast iedereen aan om het uitgebreide interview met minister Van Bossuyt dat afgelopen maandag verscheen in Het Laatste Nieuws, de nieuwsbrief van de N-VA, te lezen, omdat het drie fundamentele problemen van het migratiepact blootlegt. Ik citeer de eerste belangrijke zin: ʺDit is absoluut geen magische oplossing voor illegale migratie." Ik lees de tweede zin: "Dat is ook de achilleshiel. De terugkeer moet beter. Vandaag blijft 80% van wie moet terugkeren gewoon hier." De derde zin leert ons het volgende: "Voor ons gaat het niet ver genoeg." Kortom het migratiepact biedt geen oplossing voor illegale migratie, 80% keert niet terug en het gaat niet ver genoeg. Dat zijn de vaststellingen van een minister die het migratiepact, waarop zij zelf kritiek heeft, over twee dagen in werking laat treden.
Mevrouw de minister, als u zelf erkent dat het migratiepact geen oplossing is, dat het de terugkeer niet zal stimuleren en dat het niet ver genoeg gaat, op welke grond vraagt u dan in godsnaam om het wetsontwerp goed te keuren? Uw antwoord in het interview was eveneens ondubbelzinnig. U zei – en ik citeer: "Het enige wat we nu kunnen doen, is de nieuwe regels uitvoeren, want ze zullen sowieso in werking treden. U mag nog dagen, weken of maanden filibusteren. Dat zal niets veranderen." Een minister die in een nationale krant of nieuwsbrief – noem het zoals u wilt – verklaart dat zij een wet uitvoert die naar haar oordeel niet ver genoeg gaat, omdat zij geen andere keuze heeft, zegt eigenlijk dat zij dat niet doet omdat het goed beleid is of omdat de wetgeving fundamentele problemen oplost, maar omdat het Europees recht is, omdat het al is goedgekeurd en omdat wij als nationaal parlement, wij allen hier aanwezig, daar niets meer aan kunnen veranderen. Dat illustreert hoe machteloos de democratie is.
Burgers mogen stemmen, regeringen mogen beloven dat ze migratie zullen beheersen, maar in de praktijk wordt hun beleidsruimte vastgelegd door rechters, door verdragen en door Europese instellingen buiten de directe democratische controle. Die kloof tussen burger en bestuur ondermijnt het vertrouwen in de democratie. Ik citeer u opnieuw: "Ze" – dus de verordeningen – "zullen in werking treden."
Nooit eerder heeft een minister de kern van ons bezwaar zo helder geformuleerd. Die machteloze democratie is geen theorie meer, maar de nu geleefde praktijk. Anderhalf jaar lang heeft de regering de tijd gehad om dat onwerkbare migratiepact op de Europese tafel te leggen en er iets aan te doen, al was het maar het pact uit te stellen tot de terugkeerverordening in werking treedt. Ook dat heeft deze regering in deze machteloze democratie nagelaten.
Voor de achilleshiel, de terugkeerverordening, kan ik alleen vaststellen dat België zich in het verleden in de Raad heeft onthouden. Vandaag zou er opnieuw informeel of formeel – ik weet het zelf op den duur niet meer – een beslissing worden genomen. Hoe zit het nu precies met die terugkeerverordening? Wat zal het stemgedrag van onze regering zijn?
Dat symbolische interview in HLN mist zijn volle betekenis als men het niet plaatst in zijn historische context. Ik wil u in die historische context meenemen. Juni 2023: het Europees migratiepact ligt op tafel. Op 9 juni 2023, dus drie jaar en één dag geleden, spreekt Theo Francken zijn verdict uit: “Het pact is een zwakke, onwerkbare en zelfs een perfide regeling.” Perfide betekent verraderlijk. Het migratiepact is dus verraderlijk. U allen, N-VA’ers in de zaal, vonden dat pact verraderlijk. In december 2023, op kerstavond: “Dit pact is in datzelfde bedje ziek.” Op 8 januari 2024 herhaalde Theo Francken het probleem: “De Europese open-asielgrens blijft het fundamentele probleem van het migratiepact.” April en mei 2024: “Het doet niks om de ongecontroleerde toestroom van illegale migranten tegen te gaan. Eindoordeel: een dik onvoldoende.” 4 juni 2024: “Als de EU geen strikter migratiebeleid voert, pauzeren we de behandeling van asielaanvragen voor minstens tien jaar.”
Om de cirkel helemaal rond te maken, Theo Francken beloofde in februari 2024 dat België via dat migratiepact alle migranten die naar hier kwamen zou kunnen afkopen voor 240 miljoen euro. Dat was natuurlijk een dikke vette verkiezingsleugen. Intussen hebben we immers een asielbudget van meer dan een miljard euro en moeten we nog eens 13 miljoen euro boete betalen. Dikke vette leugen.
Europa moet beginnen met de beheersing van migratie, niet met de verdeling. Men moet de terugkeer afdwingen, geen asiel na illegale migratie, en pas daarna, als er ruimte is, nadenken over solidariteit, in die volgorde, en niet omgekeerd.
Maar het Europese migratiepact doet wel net het omgekeerde, want het begint bij de verdeling van de toestroom van migranten, die volgens Europa sowieso naar hier zullen komen. Het verplichte solidariteitsmechanisme, de herplaatsingsquota, de financiële bijdrage, dat is allemaal het hart van het pact dat hier straks goedgekeurd zal worden. De beheersing van de primaire toestroom van illegale migranten is de conditio sine qua non om het te doen werken, maar dat is een wens voor de toekomst, zoals altijd, zoals al zovele decennia gezegd wordt.
U snapt waarom het zo pijnlijk is. De partij die ooit dezelfde analyse deelde met ons, zit nu in een regering die het tegenovergestelde beleid voert, en die het pact implementeert met diezelfde analyse in de lade. Dat maakt het zoveel erger.
Nu kom ik tot de kern van het democratische probleem. Mevrouw de minister, u zegt: wij hebben geen keuze; het Parlement heeft geen keuze; de Europese verordeningen treden sowieso in werking. In de commissie zei u dat het Vlaams Belang destijds, twee jaar geleden, maar had moeten filibusteren in het Europees Parlement. U bent echter vergeten dat wij daar wel degelijk verzet hebben gevoerd en dat wij toen niet de enigen waren die dat verzet hebben gevoerd, want wij hebben dat verzet samen met u gevoerd.
Ondanks dat verzet is die beslissing op Europees niveau toch genomen. Nationale parlementen worden eigenlijk voor voldongen feiten geplaatst. Dat is precies het probleem van die machteloze democratie. Dat hebben we vandaag en de afgelopen weken aan den lijve ondervonden. Als verkozen volksvertegenwoordigers geen keuze meer hebben over het meest ingrijpende migratiedossier van deze generatie, dan vraag ik mij echt af wat wij hier eigenlijk nog zitten te doen. Wie heeft die keuze dan wel nog?
Wij vragen met aandrang dat de federale regering een volksraadpleging organiseert over het Europees migratiepact. Een representatieve peiling bij 1.000 Vlamingen toont aan in welke richting wij willen gaan. 83,5 % wil echte Europese buitengrenzen. Dat is waar de Vlaming om vraagt. Die overtuigingen hebben duidelijk de steun van een grote meerderheid van de mensen in dit land, partijoverschrijdend en over alle electoraten heen. Wij vragen voor die mensen een volksraadpleging, omdat dat precies het type beslissing is waarvoor het bedoeld is.
Deze regering zegt dat zij geen keuze meer heeft. Intussen breekt zij echter ook haar eigen wetgeving af, omdat de Europese verordeningen onze wetgeving overrulen. Als u in een nationaal interview verklaart dat filibusteren zinloos is omdat de regels sowieso van kracht worden, dan vind ik dat de democratie gebroken is. We moeten het dan ook overlaten aan de mensen die zelf nog soeverein zijn, namelijk het volk zelf.
Als u er zo zeker van bent, mevrouw de minister, dat het volk dit pact aanvaardt, als u er zo zeker van bent dat daarvoor draagvlak bestaat, bewijs het dan. Leg de vraag voor: moet België het Europees migratiepact uitvoeren zoals het voorligt, ja of neen?
Een week geleden zijn wij een petitie
gestart, mevrouw de minister. Ik toon u wat die petitie heeft opgeleverd. Wat
ik u laat zien, is het resultaat van de petitie. Dat zijn alle mensen,
geanonimiseerd en GDPR-proof, die de petitie hebben ondertekend. Dat zijn
intussen 50.000 mensen, mevrouw de minister. Die petitie op
www.stopomvolkingspact.be heeft ervoor gezorgd dat 50.000 mensen zeggen dat ze
dit niet willen. Mevrouw de minister, als u er zo zeker van bent, organiseer
dan een volksraadpleging. Intussen zijn het er zelfs al 51.800. (Mevrouw Van
Belleghem overhandigt documenten aan mevrouw de minister)
Die mensen hebben allemaal hun stem laten horen omdat ze het beu zijn. Ze zijn het beu om weggezet te worden. Ze zijn het beu dat niet meer wordt geluisterd naar de wil van de burger. De burger wil een streng migratiebeleid.
We zien hier nu het omgekeerde. Als het gaat over het migratiepact, dat legale migratie wil bevorderen, dan zegt dit land, dan zegt deze regering dat ze meedoet. Als het gaat over terugkeer, dan doet dit land blijkbaar zelf niet mee, want er komen geen strengere terugkeerregels. Mevrouw de minister, het is heel duidelijk dat dit strengste migratiebeleid ooit gewoon een zinnetje in het regeerakkoord is, maar voor de rest niets betekent.
Ik kom aan hoofdstuk 2, over onze principiële soevereiniteitskritiek. Wie in de commissie goed heeft opgelet, en dat waren natuurlijk zeer veel mensen, weet dat onze eerste kritiek is dat we veel soevereiniteit, veel beslissingsbevoegdheid, afgeven aan de Europese Unie. De vraag is of de nationale volksvertegenwoordigers hier eigenlijk nog wel iets te zeggen hebben.
We zien met dit Europees migratiepact dat we verschuiven van veelal richtlijnen naar verordeningen. Terwijl het vroeger om richtlijnen ging, waarin stond dat de nationale wetgeving aan bepaalde minimumnormen moest voldoen, gaat het nu om verordeningen, waarbij wij gewoonweg onze eigen nationale wetgeving moeten schrappen voor Europees floprecht. Wij zijn daarvan helemaal geen voorstander. Als het aan ons lag, dan zouden wij van asiel en migratie een nationale bevoegdheid maken. Dat zeggen we al jaar en dag.
Dit migratiepact is principieel dus de tegenovergestelde beweging van wat wij zouden willen doen. Om dat te illustreren, zou ik graag citeren uit een boek. Wie de auteur ervan kan raden, mag mij steeds onderbreken. Het is een boek uit 2018.
"Het zijn de EU en de Europese hoven, die de Europese lidstaten hebben geketend en veroordeeld tot het passief ondergaan van massamigratie. Het is de EU, die ons een uiterst laks asiel- en opvangsysteem heeft opgedrongen, waardoor onze landen een aantrekkelijke bestemming zijn geworden voor clandestiene migratie. Het is de EU, die ons daarbovenop nog eens verplicht om heel ruime voordelen toe te staan inzake gezinshereniging voor elke niet-Europeaan die een duurzame verblijfsvergunning heeft. Het is het politieke migratieproject van de Europese Commissie, dat gebaseerd is op een open asielgrens, gekoppeld aan een permanente en verplichte spreiding van de binnenkomende asielzoekers over alle Europese lidstaten. Het is van meet af aan gedoemd om te mislukken."
Tot op de dag van vandaag blijft dat, hoewel geschreven in 2018, ook in 2026 accuraat. Het sluiten van de grens tegen illegale migratie blijft voor de Europese Commissie taboe.
"Europa moet en zal de illegale migratiestromen uit Afrika, de Arabische wereld en Sub-Saharaans Afrika willoos en passief ondergaan. Het verste waarin de Europese Commissie wil meegaan, is het beter managen daarvan. Voor de technocraten van de Europese Commissie moet het absoluut mogelijk blijven voor letterlijk iedereen ter wereld om zonder geldig visum naar Europa te reizen en daar binnen de grenzen van Europa een asielaanvraag in te dienen. Deze gedachte is dogmatisch verankerd in het denken van de Europese Commissie."
De gevolgen daarvan reiken ver. Ik citeer opnieuw: "Op de naleving door de lidstaten wordt rigoureus toegezien. Dat gebeurt door niet-verkozen organen, ambtenaren van de Europese Commissie en rechters van Europese hoven. Zij bakenen het speelveld af waarbinnen Europese democratieën zich mogen bewegen. Rechters in Luxemburg, Straatsburg en Brussel bepalen de grenzen waarbinnen de Europese en nationale politiek zich mag bewegen." Die verklaringen, waar geen speld tussen te krijgen is en die heel terecht zijn, zijn van Theo Francken in 2018. De kritiek op het beleid blijft ook vandaag met het migratiepact overeind.
Het Vlaams Belang is van mening dat veel fundamentele problemen op het vlak van asiel en migratie waarmee we vandaag kampen, het gevolg zijn van het afstaan van de bevoegdheden ter zake aan de Europese Unie. Ons pleidooi is bekend. Omdat Denemarken bij het Verdrag van Maastricht een opt-out op de Europese asiel- en migratieregels verkreeg, kon het land zijn beleid grotendeels zelf bepalen. Dat welvarend land werd nochtans niet uit de Europese Unie buitengesloten. Het maakt ook deel van de Schengenlanden. Denemarken toont aan dat soevereiniteit op het vlak van migratie mogelijk is en werkt. We moeten er alles aan doen om ook soevereiniteit op migratievlak te verkrijgen. We moeten gewoon blijven aandringen en op tafel durven te slaan. Het is onze fundamentele kritiek dat de regering dat het afgelopen anderhalf jaar niet heeft gedaan. Zelfs de Deense socialisten, die hun migratiewetgeving zelf bepalen, klagen over de beknottende Europese rechtspraak. Zelfs zij vinden dus dat er nog altijd te veel inmenging is.
Dat de regering er niet in slaagde om een protocol bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens over de Europese rechtspraak te laten ondertekenen bij gebrek aan consensus of unanimiteit, toont aan hoe moeilijk het is om, eens een land bevoegdheden afstaat, die terug te winnen. Met het migratiepact krijgen nog meer niet-verkozen organen bijkomende bevoegdheden. Zo krijgt het Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA), waarin niet-verkozen technocraten van de Europese Unie zitting hebben, de bevoegdheid om operationele richtsnoeren en landeninformatie op te stellen, die wij moeten volgen. Wij zullen dus rekening moeten houden met wat Europa bepaalt. Dat staat trouwens in artikel 12 van de Asielprocedureverordening.
In de praktijk betekent dat dat wij als lidstaten minder vrij zijn om onze eigen koers te bepalen. Wie afwijkt van de regels, moet zich verantwoorden. Controle door experten op nationaal niveau verandert daar niets aan. Die instanties hebben nochtans geen democratisch mandaat en ik voel me door hen niet vertegenwoordigd.
Dan is er nog de solidariteitscoördinator, of liever gezegd de chantagesheriff, een niet-verkozen technocraat. Hij of zij zal bepalen hoe de solidariteit binnen de Europese Unie moet worden ingevuld.
Het is heel duidelijk dat wat nu voorligt, niet het strengst mogelijke migratiebeleid is. U hebt zelf erkend dat u op bepaalde vlakken in onderhavig wetsontwerp soepeler bent dan zelfs de al zo soepele Europese norm. Opnieuw, dat is een schande.
Hoofdstuk 3, mijn favoriete hoofdstuk, betreft de Dublinverordening. Vierde keer, goede keer? Een ezel stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen, maar als het van de EU afhangt, lopen we nu voor de vierde keer tegen dezelfde steen aan. De Europese Unie heeft zich al drie keer aan dezelfde steen gestoten. De Dublin I-regels hebben gefaald, de Dublin II-regels hebben gefaald, de Dublin III-regels hebben gefaald en nu worden we uitgenodigd om Dublin IV uit te voeren, met de mededeling dat het nu beter zal zijn. Dat zei de EU altijd al. De derde keer bleek ook niet de goede keer te zijn en de vierde keer zal het evenmin lukken.
Het principe van de Dublin I-regeling van de jaren 90 was heel eenvoudig: elke asielzoeker krijgt zijn aanvraag behandeld in het eerste land waar hij aankomt en dus asiel zou moeten aanvragen. Dat klinkt logisch op papier. In de praktijk volgden frontliniestaten zoals Italië, Griekenland en Spanje de regels echter niet. Ze registreerden niet en keken de andere kant op. Iedereen stroomde door naar ons. Dublin I faalde dus. Europa trok zijn conclusies en werkte Dublin II uit: dezelfde regels, maar met verbeterde procedures. Opnieuw klonk het logisch op papier, maar opnieuw was het resultaat hetzelfde. Dublin II faalde. Men trok zijn conclusie en er werden nieuwe regels gemaakt. Met Dublin III werden de regels verfijnd en betere termijnen opgelegd. Het was allemaal strakker op papier en het klonk ook logisch. Doch, ook Dublin III werkt evenmin.
En nu ligt hier dus in het Europees migratiepact de Dublin IV-regeling, met een nieuw solidariteitsmechanisme, nieuwe registratieregels, nieuwe termijnen en een zogenaamd betere bewaking van de buitengrenzen. Ik herhaal: op papier klinken de regels logisch. Op papier zijn wij er dan ook voorstander van. Als het in de praktijk echter niet werkt, mevrouw de minister, begrijpt zelfs een ezel dat een nieuwe regeling evenmin werkt. U maakt dus opnieuw dezelfde fundamentele fout, dat is natuurlijk onze kritiek daarop.
U werpt op dat de aangepaste termijnen een ontradend effect zullen hebben. Dat kan allemaal wel waar zijn, maar als lidstaten zoals Griekenland, Spanje en Italië in de praktijk binnenkomende asielzoekers niet registreren en gewoon doorlaten, dan reizen die gewoon door, hoeveel Dublinregels er ook bestaan. Niemand kan dan nog bewijzen in welk land die asielzoekers voor het eerst de Europese Unie binnen zijn gekomen. Het probleem is eens te meer dat de Dublinregels niet worde nageleefd. Op papier klinken ze goed en betekenen ze zogezegd een verbetering. Laat ik u daarom even de cijfers voorleggen. Die tonen aan hoezeer de Dublinregels falen. U hebt meer dan 1.000 Dublinverzoeken – als ik mij vergis, corrigeer mij zeker – bij Griekenland en Italië ingediend, maar hoeveel asielzoekers namen die landen sinds 2025 terug? Een asielzoeker. Het is toch pure waanzin.
U argumenteert dat de Dublinregels nog niet integraal worden toegepast. Griekenland en Italië passen ze gewoon niet toe, behoudens in een dossier waarbij men 1 asielzoeker terugnam. In tweede lezing verduidelijkte u dat beide landen zich ertoe hebben geëngageerd om vanaf 12 juni de Dublinregels integraal toe te passen, zij het op geleidelijke wijze. U dekte zich dus al in.
Die landen hebben dus nog enkele weken om zich in overeenstemming te brengen met de nieuwe regels en nog twee dagen om te doen wat zij al jaren zouden moeten doen, namelijk de Europese regels uitvoeren. Ze doen dat echter niet. Ik begrijp ook waarom ze dat niet doen. Aan elke asielzoeker die zij terugnemen, moeten zij immers bed, bad, brood en zakgeld geven en een gratis advocaat en tolk toewijzen. Dat willen zij niet. Ik begrijp dat, maar wij zijn daar wel de dupe van. Dat is de reden waarom dat Europese systeem zo hard faalt. Daarom zegt het Vlaams Belang: geen asiel na illegale migratie. Dat is de logica zelf. Zo zorgt men ervoor dat er geen incentive meer is om naar ons land te migreren.
Het Dublinsysteem is dus op papier een verbetering, zoals ik al gezegd heb. U liet in de commissie ook verkeerdelijk uitschijnen dat wij daar integraal tegen zouden zijn. Wij zijn er echter tegen omdat het in de praktijk niet werkt, ook al is het in theorie een verbetering.
Dan was er nog sprake van een common understanding met Griekenland. Ik heb u ook gevraagd of wij die tekst mogen lezen. Ik zou die immers graag ook eens “understanden”. Ik heb die echter nog steeds niet ontvangen. Ik vraag u opnieuw wat daarin staat. Mogen wij daarvan een kopie ontvangen? Welke garanties zijn er nu eigenlijk, behalve uw woorden? Hetzelfde geldt voor Italië. Is er eigenlijk al een akkoord? Ik vraag mij dat ten stelligste af.
Dan is er de verlenging van de overdrachtstermijn. Lidstaten krijgen tijd om migranten tot 36 maanden later terug te nemen. Ook dat is in theorie een zekere verbetering. Begrijpt u echter onze bezorgdheid dat dit er in de praktijk gewoon voor zal zorgen dat lidstaten, in plaats van die mensen te registreren, hen op een FlixBus zullen zetten, nog wat geld meegeven en hen doorsturen naar ons land?
Omdat de Dublinregels blijkbaar nog niet absurd genoeg waren, is er nu ook een nieuw Dublincriterium. U moet eens even meedenken of u dat logisch vindt of niet. Wanneer iemand van buiten de Europese Unie in een land studeert, wordt dat land verantwoordelijk voor de asielaanvraag.
Is dat nog logisch? Men beloont een student van buiten de Europese Unie door hem hier te laten studeren en plots kan dat een levenslange last worden voor de staat die die persoon toegang heeft verleend, omdat die asielaanvraag moet worden behandeld. Sorry, mevrouw de minister, dat is totaal niet logisch. Ook dat noem ik opnieuw Europese Unie-denken.
Hoofdstuk 4 – we schieten goed op – gaat over de chantagemechanismen. West-Vlamingen praten graag over geld, dus laten we het daar eens over hebben. Ofwel moeten we nog meer asielzoekers opnemen en worden we door de Europese Unie verplicht om dit jaar nog ongeveer 650 asielzoekers extra op te vangen – dus 650 keer bed, bad en brood, 650 keer ongeveer 2.600 euro per maand aan kosten – ofwel moeten we een boete betalen van 20.000 euro per niet-opgevangen asielzoeker.
Als men tussen die twee keuzes moet kiezen, hebt u inderdaad de logische keuze gemaakt om de boete te betalen. Op termijn is dat immers goedkoper. Maar dat is een valse keuze. De valse keuze impliceert dat men moet kiezen tussen het ene of het andere, maar wij zeggen dat men geen boete moet betalen en niet nog meer asielzoekers moet opvangen. Andere landen, zoals Oostenrijk, die op dit moment een lagere gemiddelde asieldruk hebben per capita dan ons land, moeten geen van beide doen omdat ze zogezegd een zware migratiedruk hebben.
Ik geloof hen, maar dat is niet eerlijk als men dat vergelijkt met de migratiedruk die België al jaar en dag kent. Het feit dat wij worden gechanteerd door de Europese Unie om een boete te betalen, vind ik pure waanzin. Kijk alleen al maar naar de begroting en dat is al voldoende argument om te zeggen dat die 12,9 miljoen euro boete die we moeten betalen te zot voor woorden is.
Ik heb u nog niet gevraagd wanneer wij die boete van 12,9 miljoen euro moeten betalen. Is dat vrijdag als het pact in werking treedt of hebben wij nog wat meer tijd? U zegt immers al sinds november dat we aan het onderhandelen zijn om die boete nog verder naar beneden te krijgen, maar wat is de einddatum van die onderhandeling? Als het pact in werking treedt of hebt u daarna nog wat meer tijd? Of kunt u mij hier vandaag het goede nieuws geven dat we dit jaar 0 euro boete hebben? Het gaat immers over dit jaar.
Het chantagemechanisme van de Europese Unie wordt elk jaar opnieuw opgestart. Elk jaar moeten we met de Europese Commissie onderhandelen of we nog meer asielzoekers zullen opvangen of we weer een boete zullen betalen. Het hangt natuurlijk af van hoe daadkrachtig de minister van Asiel en Migratie op dat moment is en of ze dan zegt dat we er hier meer opvangen – als Groen mee aan de macht is, dan zal dat wel het geval zijn – , of dat ze zegt dat we voor die boete zullen gaan, ook al ziet onze begroting dieprood.
Dit is een probleem dat zich elk jaar opnieuw zal stellen en dat is ook de reden waarom wij dit chantage noemen, zelfs al zou u nu plots succesvol zijn.
Hoofdstuk vijf, over de asielaanvraag zelf. Een heel belangrijk aspect daarvan – en het regeerakkoord benoemt dat ook – is de erkenningsgraad van en het verschil in erkenning tussen vluchtelingen en subsidiair beschermden. 26,2 % van de asielzoekers krijgt de vluchtelingenstatus en amper 2,2 % krijgt subsidiaire bescherming. Dat is een abnormale verhouding als men die vergelijkt met die in de andere landen van de Europese Unie.
Waarom is dat van belang? We moeten vluchtelingen op dezelfde manier behandelen als de eigen onderdanen. Ze krijgen dus de volledige toegang tot sociale bijstand, sociale zekerheid en eigenlijk alles. Ze krijgen een leefloon, een werkloosheidsuitkering en alle uitkeringen die je maar kunt bedenken. Als ze daar recht op hebben, natuurlijk. Niet zomaar omdat ze in die categorie vallen.
Die personen hebben daar volledig recht op. Voor subsidiair beschermden kan men die dingen nog in meerdere of mindere mate afschermen. Die status is op termijn dus financieel dus minder voordelig dan de vluchtelingenstatus. Wat doen de diensten in de andere landen? Ze kiezen natuurlijk massaal voor de status van subsidiair beschermde. Als men moet kiezen tussen die twee, kiest men immers wat zijn portefeuille het minst schaadt. In andere landen kiest men dus voor de subsidiaire bescherming. Hier, in dit land, zeggen onze diensten dat ze voluit voor de vluchtelingenstatus gaan. Met andere woorden, wij kiezen voor een cadeau met een grote strik.
Dat is natuurlijk helemaal niet logisch. Het regeerakkoord benoemt dat ook. Het zegt dat dat één van de redenen kan zijn waarom ons land zo’n aantrekkingskracht heeft voor asielzoekers. We moeten dat omkeren. In het wetsontwerp zegt u echter dat dit probleem niet wordt opgelost door dit wetsontwerp.
Het probleem zit bij het CGVS, het Vluchtelingencommissariaat. U mag daar immers geen instructies aan geven. U mag dus zoveel u wil zeggen tegen het Vluchtelingencommissariaat. U kunt hen zeggen om te kiezen voor de status van subsidiair beschermde omdat wij het echt niet meer kunnen betalen, maar zelfs als u dat zegt, mag het CGVS niet naar u luisteren. Het is immers onafhankelijk.
Daar zit het fundamentele probleem. In andere landen hebben ze dat probleem niet. Wanneer zult u het oplossen? Iedere keer dat ik u daarover ondervraag, al anderhalf jaar lang, zegt u dat u ermee bezig bent. Maar als u ermee bezig blijft, is op de duur uw regeertermijn afgelopen. Ik vraag u dan ook om daar iets aan te doen.
Hoofdstuk 6 gaat over langdurig ingezetenen. Het is een heel kort stukje, maar het is wel heel belangrijk. Om de status van langdurig ingezetene te verkrijgen, moet iemand 5 jaar legaal verblijven in een Europese lidstaat. Vroeger gold de periode waarin de asielaanvraag hangende was, niet mee voor de berekening van die termijn. Daardoor kreeg iemand pas de status van langdurig ingezetene eigenlijk 5 jaar na de erkenning als vluchteling. Met het migratiepact wordt de periode dat iemand hier verbleef tijdens de asielaanvraag, meegeteld. Iemand wiens asielprocedure 4 jaar duurt, kan na 1 jaar al de status van langdurig ingezetene krijgen. Dat is opnieuw een duidelijke versoepeling in het Europees migratiepact.
Hoofdstuk 7 gaat over de behandelingstermijn. Het Europees migratiepact bevat de nobele belofte dat asielaanvragen sneller moeten worden behandeld. Dat is natuurlijk logisch, ook als men naar de portefeuille kijkt. De tijd van gratis bed, bad en brood moeten we zo veel mogelijk beperken, want dat kost 2.600 euro per maand, een gigantische kost. We moeten de termijn van de asielaanvraag zo veel mogelijk beperken. Het is echter niet omdat in het migratiepact staat dat we dat moeten doen, dat het plots in een-twee-drie geregeld zal zijn. Het is niet omdat men zegt dat iets moet veranderen, dat het plots zal veranderen.
In dit land bedraagt momenteel de gemiddelde doorlooptijd van een asielaanvraag 425 dagen, met een mediaan van 371 dagen. Zelfs als men het gunstigste cijfer neemt, zien we nog steeds een gemiddelde van 240 dagen. Dat is natuurlijk vele malen langer dan de norm van 180 dagen die de Europese Unie ons oplegt, ook al is die niet bindend. Dan heeft het eigenlijk helemaal geen zin om zoiets in een verordening te schrijven. Wat mij betreft, schaf dat af, ook al is het een nobele doelstelling.
Het ergste van alles is het volgende. Bij asielzoekers die we afwijzen wegens ernstige feiten van de openbare orde bedraagt de behandelingstermijn gemiddeld 955 dagen. Dat is pure waanzin. De mensen die het minst recht hebben om hier te zijn, mogen hier het langst genieten van bed, bad en brood. Ik vind dat gewoon niet logisch. Volgens het systeem is het echter wel logisch. Wat gebeurt er immers als het niet zo lang duurt of als het dossier niet goed geargumenteerd is? De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen vernietigt die beslissingen gewoon kapot. Zo worden we steeds opnieuw gepest.
Hoofdstuk 8. Meer migratie is gewoon een strategisch doel van de Europese Unie. Ik citeer Ylva Johansson uit 2021 met een zin die ik al zo vaak heb aangehaald dat we hem intussen in koor kunnen opzeggen. “Irreguliere migratie vervangen door legale paden is ons strategisch doel.” De EU wil dus niet minder migratie. Ze wil niet gecontroleerde migratie als noodoplossing. De EU wil wel georganiseerde massamigratie als strategisch doel. Dat zijn letterlijk de woorden van toenmalig Eurocommissaris Ylva Johansson. Dat was geen slip of the tongue, ze zei dat niet per ongeluk. Het is gewoon de hele doelstelling achter dit pact.
Wie dat niet gelooft of wie meent dat Ylva Johansson maar wat brabbelde, moet gewoon kijken naar wat er in verordening 1351, artikelen 5 en 6 staat. Artikel 5 bepaalt dat de Unie en de lidstaten zorgen voor de bevordering van legale migratie en legale trajecten voor onderdanen van derde landen die internationale bescherming nodig hebben. Ook in artikel 6 is letterlijk sprake van de bevordering van legale migratie. "Bevordering" wil gewoon zeggen dat men ervoor zorgt dat het sneller gaat. De EU wil dus dat we meer aan migratie doen.
Dat is opnieuw ons fundamentele probleem met dit pact. De burger zegt stop tegen massamigratie, maar de EU wilt massamigratie nog meer bevorderen. Dat is letterlijk tegen de wil van de bevolking.
Het argument dat meer legale migratie zou leiden tot minder illegale migratie, is bovendien waanzinnig. Dat slaat nergens op. De mensen voor wie het mogelijk is om legaal naar de Europese Unie te migreren, vormen immers een andere doelgroep dan de personen die illegaal naar hier migreren. Legale migranten hebben vaak uitzicht op bijvoorbeeld een baan of op gezinshereniging. Illegale migranten zoeken gewoon een beter leven en hebben helemaal geen recht om legaal naar hier te migreren, ook niet als men de regels nog wat meer versoepelt. Men vist dus uit verschillende poules. Op die manier vangt u met de Europese Unie op den duur alleen maar meer vissen.
De conclusie luidt: als u de voordeur openzet, is de achterdeur nog niet per se gesloten. Als u het tegendeel beweert, vind ik dat hypocriet. Ik zal u straks, aan het einde, nog een lijst geven van zaken waarvan het Vlaams Belang vindt dat ze een versoepeling vormen en van de redenen waarom wij het migratiepact niet steunen.
Als u niet naar mij wilt luisteren, wat ik kan begrijpen, luister dan naar Daniel Thym. Hij is professor publiek recht, Europees recht en volkerenrecht in Duitsland en heeft in 2025 een bijzonder interessante analyse gemaakt van het EU-migratiepact. Ik wil u zijn belangrijkste conclusies meegeven. Ik zal dat niet in het Duits doen, want mijn Duits is waardeloos, dus ik heb ze vertaald.
Zijn eerste conclusie gaat over de grensprocedure, waarover hij her volgende schrijft. De grensprocedure is in theorie opnieuw een goede maatregel. Over heel Europa is echter slechts in 30.000 plaatsen voorzien voor die grensprocedure. Dat is de procedure waarbij asielzoekers aan de buitengrenzen van de Europese Unie worden gescreend en bij afwijzing binnen twaalf weken moeten worden teruggestuurd naar het land van herkomst, wat ik trouwens nog niet zie gebeuren. Over de hele Europese Unie is er dus in 30.000 plaatsen voorzien, terwijl elke maand meer dan 30.000 migranten een asielaanvraag indienen. Die capaciteit is bij de start van het pact dus al bijna uitgeput.
De regels bepalen bovendien dat, zodra die buitengrenzen vol zitten, asielzoekers gewoon doorgelaten moeten worden binnen de Europese Unie. Dat is absurd. Het pact ondermijnt zichzelf en is gewoonweg niet haalbaar. We laten asielzoekers dan maar gewoon opnieuw door. In theorie is dit een goede maatregel, maar wie er praktisch over nadenkt, ziet pure waanzin.
Over de doorlooptijd zegt hij hetzelfde als wij. Een asielprocedure duurt gemiddeld acht maanden in Duitsland. Wie wordt afgewezen, gaat vervolgens in beroep. Dan volgt nog een hele procedure van twee tot drie jaar. Gemiddeld duurt het dus bijna drie jaar na de binnenkomst van de migrant vooraleer men hem kan terugsturen. Amper 20 % van die mensen keren daadwerkelijk terug, dus ook dat is weer pure waanzin.
Zijn eindoordeel, niet het mijne, is – ik parafraseer – dat het te verwachten is dat het migratiepact geen trendbreuk zal teweegbrengen. Wie de Europese buitengrenzen bereikt en daar asiel aanvraagt, zal ook in de toekomst vaak de facto naar Duitsland, Oostenrijk of België kunnen doorreizen. Eenmaal men Europa binnengeraakt, blijven de meesten ook. Dat is een heldere conclusie.
Hij wijst er ook op dat de Dublinregels, mijn stokpaardje, absurd zijn. Wat hij stelt, is interessant. Hij zegt dat afgeschafte controles aan de binnengrenzen fundamenteel onverenigbaar zijn met een systeem dat inzet op reactieve terugname en overnameprocedures, want dat die in de praktijk zelden werken. Dat wil dus zeggen dat de Schengen- en de Dublinregels elkaar tegenwerken en dat het pact die contradictie niet oplost, maar gewoon omzeilt of misschien iets wolliger maakt.
Tot slot citeer ik over de echte kern, het startpunt, de Conventie van Genève. Hij plaatst dat ook in zijn historische context, want toen de Conventie in 1951 werd ondertekend, gold ze uitsluitend voor vluchtelingen uit Europa en uitsluitend voor feiten van vóór 1951. Ze was nooit bedoeld als een soort van onbeperkte opvanggarantie voor de gehele wereldbevolking. Dat is nooit de initiële doelstelling geweest van de Conventie van Genève. Ook in het Protocol van New York, dat de Conventie universaliseerde, bleef die definitie overeind. Het is er dus nooit voor bedoeld geweest, maar nu zitten we er wel mee.
Als u niet naar professoren wilt luisteren, luister dan gewoon naar de wil van de bevolking. Als u niet naar mij wilt luisteren, luister dan naar de wil van de bevolking. Uit elke peiling die bij Vlamingen wordt afgenomen, blijkt dat mensen een strenger migratiebeleid willen, iets wat het Vlaams Belang al dertig jaar lang als enige rechtuit durft te zeggen, tegen de stroom in, en dat ook zal blijven doen. Nadat de andere fracties hun betoog hebben gehouden, zal collega Pas daarop deskundig verdergaan.
De voorzitter:
Bedankt, collega Van Belleghem. Het woord is nu eigenlijk aan collega De
Vreese, maar ik zie haar niet aanwezig. Ik geef dus het woord aan de heer Aouasti.
02.06 Khalil Aouasti (PS): Madame la ministre, chers collègues, nous n’allons pas vous surprendre, nous ne voterons pas en faveur de ce texte. Je vous le dis d’emblée. Nous ne voterons pas ce texte car – cela a été largement dit en commission au fil de longues heures de débat – nous n’y retrouvons pas, en tant que socialistes, en tant que progressistes, ni dans son contenu ni dans sa forme, le moindre élément en accord avec les valeurs que nous défendons.
Madame la ministre, ce texte ignore, malgré les rappels et les appels à des sursauts démocratiques, de nombreuses garanties fondamentales en matière de droits humains. Il est problématique à la fois sur la forme et sur le fond.
Sur la forme d’abord, ce texte est difficilement lisible. Il arrive tardivement, traité dans l’urgence. Il ne transpose que partiellement la réglementation européenne – vous ne direz pas le contraire – et il en omet une partie, notamment lorsqu’il s’agit des garanties fondamentales.
Mais c’est sur le fond que les inquiétudes sont les plus grandes. Nous ne partageons pas votre lecture, car vous adoptez à travers ce texte une approche extrêmement coercitive du Pacte migratoire. Vous fragilisez les droits fondamentaux et vous ne répondez pas, selon nous, aux enjeux structurels de la migration. Vous ne regardez pas vers l’avenir de ce que devrait être une politique migratoire. Vous proposez, au contraire, une vision étriquée du présent, enfermée dans une logique de repli sur soi. Une stratégie non universaliste, centrée sur la protection de prétendus "privilèges" comme s’ils étaient menacés par des vagues migratoires venues de loin et qui, au fond, restera sans effet. Vous vous inscrivez aussi dans une logique de séduction d’un électorat situé à l’extrême de notre paysage politique; un électorat qui, quoi que vous fassiez, ne se tournera pas vers vous, préférant toujours l’original, qui s'est exprimé pendant de très nombreuses heures en commission et qui va faire la même chose en séance plénière.
Enfin, vous entretenez une gestion de la migration qui s’apparente à celle d’un entrepôt de livraison: on arrête, on contrôle, on liste, on trie, on enferme et on renvoie. C’est cette logique que vous mettez en œuvre.
Ce texte s'inscrit dans une politique plus globale, une politique volontaire de déconstruction de ce que doit être un service public, en faisant fi des droits, notamment au travers de décisions de réduction volontaire des capacités d'accueil. Sous prétexte de rendre le pays moins attrayant, sous prétexte de faire la politique migratoire la plus dure d'Europe – et j'ai entendu que c'était le leitmotiv de certains partis de cette majorité –, le gouvernement entretient les conditions d'une crise et les conditions de la précarité de l'ensemble des demandeurs de protection internationale, puisque c'est de ceux-là dont nous parlons aujourd'hui.
Au-delà de déconstruire tout un service public, au-delà de réduire les places, il y aura d'autres choses. Nous savons qu’il y a dans le pipeline la suppression des initiatives locales d'accueil (ILA). C’est peut-être une question de temps et de négociation. La question des visites domiciliaires sera inscrite mardi prochain. Nous vous donnons déjà rendez-vous mardi prochain pour discuter de cet autre texte.
Je pourrais arrêter là mes critiques, mais je pense qu'il est tout de même important de rappeler quelle est notre boussole et de ramener un peu d'humanité dans ce débat-là.
Nous discutons de demandeurs de protection internationale, et non pas simplement de personnes migrantes comme j'ai entendu le dire. Quand bien même ce ne serait "que" des personnes migrantes, on parle de familles, on parle de femmes, on parle d'hommes, on parle d'enfants, tous déracinés, à la recherche d'un présent plus stable et d'une vie meilleure que celle qu'ils ont quittée. Nous discutons de l'avenir de personnes entières, qui arrivent ici avec leurs talents, leurs compétences, leur curiosité, leur créativité et leurs aspirations.
S’agissant d’un sujet important, je reviens un peu en arrière sur le processus en commission et la chronologie de ce texte. Je l'ai dit, ce texte a été marqué par l'urgence. La Belgique disposait de deux ans, de deux années complètes pour transposer l'ensemble de ces règlements et directives. Elle devait le faire avant le 12 juin, c'est-à-dire avant demain.
Deux ans plus tard, que s'est-il passé? Des textes sont arrivés dans ce Parlement sous couvert de l'urgence. Dans un premier temps, à partir du moment où ils redéfinissaient l'accueil et la manière d’encadrer les demandes de protection internationale, nous demandions quelque chose de très simple: des auditions d'acteurs et de professionnels du secteur, pour savoir quels sont les droits de ces personnes vulnérables et quelles sont les attentions à prendre en considération.
La commission de l’Intérieur a l’habitude d’organiser des auditions. Actuellement, nous organisons d'immenses auditions. Je pense que nous avons mobilisé la Belgique entière pour parler du phénomène migratoire au littoral.
Mais, pour parler du Pacte européen sur la migration, rien! Rien! À croire que finalement, un phénomène résiduaire est plus important qu'un phénomène structurel et que la transposition des directives et réglementations européennes avec toutes les conditions que cela comprend.
C'est assez symptomatique, mais ce n'est pas la première fois que je vous interroge à ce sujet. Nos débats ont été marqués par l'omniprésence du Vlaams Belang! Et ce que l’on retiendra, après de longues heures de bruit, c’est la normalisation tranquille des idées d’extrême droite, leur infiltration lente mais certaine, et la tribune qui leur a été offerte.
Alors, que le Vlaams Belang défende ses thèses et souhaite imposer un autre modèle qui n'est pas notre modèle de démocratie, ce n'est pas étonnant, mais que certains de ses principes trouvent un écho dans les partis de la majorité, ce l'est un peu plus! Sous le poids de la répétition, sous le poids de coups de boutoir, en réalité, la nécessité d'une politique migratoire qui soit la plus dure d'Europe semble désormais faire consensus, même chez les humanistes et même chez les socio-démocrates du Nord du pays.
Madame la ministre, je vous ai posé de très nombreuses questions pendant mon intervention en commission. Certaines ont reçu une réponse, d’autres peut‑être m’ont échappé, dans cette séance du jeudi soir au déroulement pour le moins particulier. La majorité a avancé à toute vitesse. Vous avez forcé l’adoption de ce texte – et je le regrette profondément – sans réel échange structuré avec les acteurs du secteur.
Je reviendrai sur mes critiques principales. La première, c'est la transcription coercitive des textes européens. Vous présentez le projet de loi comme une modification technique. Or il s'agit d'un changement de paradigme. En réalité, il n'était même pas nécessaire de transposer les règlements européens, puisque ceux-ci sont d'application immédiate à partir du 12 juin en Belgique. Mais il eut été nécessaire de transposer les directives. Or le seul texte aujourd'hui qui ne soit pas transposé, c'est la directive relative aux droits et aux garanties à l'égard des demandeurs de protection internationale. Tout le reste est transposé, et de manière très coercitive.
Je vous ai longuement interrogé à ce propos en commission. Je n'ai pas obtenu beaucoup de réponses. Pourquoi, madame la ministre, donnez-vous la priorité à ces articles qui augmentent tous ces mécanismes coercitifs, par exemple, l'accent mis sur les contrôles de sécurité dans le cadre du screening plutôt que sur les dispositions qui protègent les personnes et leur offrent des droits?
Mes questions étaient les suivantes. Comment comptez-vous respecter les dispositions qui protègent les personnes, notamment en ce qui concerne le screening de vulnérabilité médicale? Comment assurez-vous le devoir d'information qui incombe aux autorités? Comment formalisez-vous le mécanisme de surveillance des droits fondamentaux, alors qu'il n'est pas ancré dans le projet de loi et qu'il ne pourra donc pas être opérationnel au 12 juin 2026, contrairement à l'ensemble des autres dispositions?
Le projet de loi qui nous est soumis opère en réalité un durcissement sans précédent des conditions de rétention, notamment pour les personnes relevant du statut Dublin. Il durcit également de manière inédite l'examen des demandes d'asile en introduisant des fictions juridiques. Je pense notamment à la fiction juridique de la fuite. En outre, il ne prévoit pas certaines protections juridiques, comme la notification formelle des prolongations des délais de transfert. Cela peut paraître technique, mais ce n'est pas anodin. Il vous a pourtant été rappelé que le droit européen prévoit des conditions précises. Dans le cas de la fuite, par exemple, il ne peut s'agir de n'importe quelle situation. Le demandeur de protection internationale doit avoir manifesté une intention délibérée de fuir. Or cette intention délibérée est totalement absente de votre projet de loi. Il doit également exister un risque non négligeable, fondé sur des indices concrets, actuels et tangibles. Rien de tout cela n'apparaît dans le texte. Dans cette zone grise, qui engendre toujours davantage de mesures coercitives et de restrictions des droits fondamentaux, la seule conséquence sera une augmentation du nombre de condamnations de l'État belge.
Je l'ai déjà indiqué, l'État belge a également choisi d'appliquer systématiquement les délais maximaux de prolongation des temps de transfert Dublin. On passe ainsi de six mois à trois ans. Pire encore, l'Office des étrangers n'aura plus l'obligation de notifier par écrit au demandeur de protection internationale cette décision de prolongation. En résumé, on prolonge les délais sans notifier de décision. Pourquoi? Pour éviter la contestation, pour éviter les recours et, au final, pour éviter les libérations.
Je repose donc la question à nos collègues humanistes et socio-démocrates: où est l'approche humaniste dans tout cela?
Nous sommes face à un processus qui ne considère plus la liberté comme un droit fondamental. Où est le droit dans un processus qui permet désormais d'enfermer des personnes sans leur offrir la possibilité de contester devant un magistrat cette atteinte à leur liberté, sans possibilité de remise en liberté automatique en cas de dépassement des délais et sans possibilité effective d'accéder à une défense, comme n'importe quel citoyen dans ce pays?
Premièrement, le processus coercitif et, deuxièmement, le recul des garanties procédurales. Comme je le disais, vous avez choisi ce qui vous plaisait dans la législation européenne. Et ce choix se fait aux dépens de ce qui est le point mort de ce projet de loi: le respect des droits fondamentaux et les garanties procédurales. Puisque ce projet n'adapte que partiellement le pacte migratoire, il faudrait peut-être rappeler ce qu’est le respect du droit d'asile. C'est avant tout le droit à une bonne administration.
Le droit d’asile, c’est aussi le droit à une information, le droit à un entretien individualisé, le droit à un conseil juridique donné par un professionnel du droit, le droit au recensement des vulnérabilités et des besoins spéciaux, l'accès aux ressources pour assurer ces besoins fondamentaux, le droit à une représentation, à une assistance légale, à une procédure, et notamment à des recours juridictionnels formalisés et organisés, le droit au respect de l'unité familiale quand ça doit être le cas, le droit à l'intérêt et le respect de l'intérêt supérieur de l'enfant, ainsi que le droit à un recours effectif.
Tous ces droits ne sont en rien des droits extravagants que l'on octroyait par le passé, mais bien une chose à laquelle chaque être humain a droit, ici dans ce pays, peu importe sa condition, à savoir une procédure. L'État de droit, c'est d'abord la procédure. Et en l’occurrence, ce sont finalement les plus vulnérables qu'on oublie.
Une attention particulière devait être portée aux victimes de traite et de trafic d'êtres humains, aux victimes de torture ou de toute forme de violence, qu'elle soit psychologique, physique, sexuelle ou basée sur le genre. Or, on sait que dans les trajets des demandeurs de protection internationale, c'est malheureusement souvent le cas. Une attention devait être accordée aux personnes porteuses de handicap, aux enfants, aux mineurs, à celles et ceux qui, jusqu'à aujourd'hui, et jusqu'au vote de ce projet de loi qui n'est pas encore intervenu, sont considérés comme des enfants et non pas comme des étrangers.
Lorsque j’en ai parlé à la ministre, je me souviens de la réaction de ses collaborateurs autour de la table. Je posais le principe, qui a été acquis de haute lutte et dont je suis fier comme socialiste, qu'un enfant est un enfant et qu'un enfant ne peut pas être enfermé. Je parlais également de la traduction législative de ce texte. Et je vous posais la question en disant que jusqu'à présent, la traduction législative de ce texte se posait vis-à-vis de personnes qui se trouvent sur le territoire belge, qui ont été arrêtées et qu'on ne peut pas enfermer en tant qu’enfants.
Je rappelais que, dans le cadre de ce projet de loi, on va rajouter des étapes finalement à la demande de protection internationale, notamment la question du contrôle à la frontière et du screening.
Il apparaît clairement qu'il y avait un angle mort dans votre projet de loi. Nous ne parlons pas ici de la situation régulière, ni du cadre pour lequel nous avons déjà légiféré. Nous parlons de ces situations particulières nouvelles, créées précisément par cette réglementation européenne et par ce projet de loi, qui pourraient mener à l'avenir à l'enfermement d'enfants en centres fermés. Je dois simplement vous demander l'expression d'un principe: sommes-nous d'accord pour ne jamais enfermer un enfant mineur en centre fermé en Belgique? À cette question, je me souviens de la réaction d'un de vos collaborateurs, madame la ministre, qui hochait la tête pour dire non.
Donc, effectivement, à travers ce projet de loi, à travers ces portes dérobées et ces nouvelles hypothèses qui n'avaient pas été pensées au moment de la législation prise en 2024, désormais, nous allons revenir à tout le moins partiellement sur un principe fondamental: l'impossibilité en Belgique d'enfermer des enfants mineurs en centres fermés. Et cela, chers collègues, se fera avec votre concours.
Pour ce qui est de la traite et du trafic des êtres humains, lors de la précédente législature, j'ai eu l'honneur et le plaisir de présider la commission spéciale en matière de traite et de trafic des êtres humains. Et je me souviens d'un cahier de recommandations qui reprenait 100 recommandations votées à la quasi-unanimité de ce Parlement, à l'exception du groupe du Vlaams Belang. Pourtant, aujourd'hui, alors même qu'on parle de demandeurs de protection internationale, de personnes vulnérables, de personnes qui peuvent avoir des vulnérabilités physiques mais aussi psychiques, la traite et le trafic des êtres humains est finalement le grand absent de votre projet de loi.
Pourtant, le pacte européen prévoit une attention particulière à ces publics et indique que les victimes de traite et de trafic des êtres humains, de torture, de violence sexuelle, doivent faire l'objet d'une attention spécifique. Le dernier rapport de Myria sur la traite et le trafic des êtres humains rappelle la nécessité et l'urgence de mettre en place une politique concrète pour lutter contre ces phénomènes et éviter de nouvelles victimes. Et le rapport se concentre même sur les victimes mineures, en indiquant que bon nombre, malheureusement, passent sous les radars.
Le pacte européen, que l'on prétend transposer de manière technique aujourd'hui, prévoit l'examen des instances qui devront déterminer l'âge des mineurs non accompagnés et les procédures qui suivent cette détermination de l'âge. Il y a donc, aujourd'hui, un impératif européen à revoir nos pratiques en la matière, impératif européen qui n'est pas suivi dans ce projet de loi. Il y a la nécessité, en matière de mineurs, de faire une évaluation multidisciplinaire de l'évaluation de l'âge. Il y a la nécessité, au regard des jurisprudences, notamment du Conseil d'État et d'autres jurisprudences, de faire en sorte que les tribunaux et les juges qui sont chargés de cette évaluation multidisciplinaire de l'âge des mineurs ne soient plus le Conseil d'État comme aujourd'hui, mais une juridiction spécialisée qui peut être soit, en matière de migration, le Conseil du Contentieux des Étrangers, soit, si on considère l'intérêt supérieur de l'enfant, les tribunaux de la jeunesse qui, eux, ont une approche protectionnelle. Tout cela est à nouveau absent.
Dès les premiers screenings dans les procédures, qu'elles se passent à l’Office des étrangers, dans un commissariat de police ou ailleurs, il est nécessaire de traduire cette approche en matière de traite et de trafic des êtres humains.
Or, je vous le disais en commission, les questionnaires qui sont soumis aux polices, et singulièrement aux polices locales chargées de faire ce screening, n'évoquent même pas la question du trafic des êtres humains. Ils ne l'évoquent pas. Dès lors, comment voulez-vous qu'un agent de police locale, chargé de faire ce screening et de faire l'évaluation de cette vulnérabilité, fasse cette évaluation si le modèle de questionnaire qui lui est soumis n'évoque même pas la question du trafic des êtres humains?
Au-delà de ces questions, de ces vulnérabilités, de ce côté coercitif, de cette non-transposition des garanties fondamentales, de la question de la traite et du trafic des êtres humains, je pense qu’il y a une criminalisation de la migration et de la solidarité, et ce n'est pas le premier texte.
Le pacte était loin d'être parfait, mais il avait pour ambition d'offrir des procédures uniformes à l'ensemble de l'Union européenne. Il tentait de définir des équilibres, des procédures contrebalancées, notamment, par les droits fondamentaux contenus dans la charte de l'Union européenne et dans les textes internationaux. Il devait définir des garanties en matière de droit des personnes. Il devait définir un mécanisme de solidarité entre États membres.
À côté de ça, effectivement, il contenait des côtés plus sombres et prévoyait des mécanismes de filtrage plus importants aux frontières extérieures, une accélération des procédures de retour et des communications pour "décourager" les arrivées. C’était en 2024. Après trois ans de négociations entre les pays européens avec des politiques migratoires à géométrie très variable, nous observons aujourd'hui un nivellement vers le bas des garanties procédurales offertes.
Là où la Belgique faisait encore office de pionnier, nous essayons, à travers cette logique d'avoir la politique migratoire la plus dure d'Europe, de rogner toujours un peu plus sur les garanties qui, jusqu'à aujourd'hui et jusqu'à demain, étaient encore offertes à des personnes vulnérables.
Cette politique fait malheureusement de la migration et de la solidarité – je vais utiliser des mots forts – quelque chose que l'on considère désormais comme détestable. Une politique qui fait du simple fait d'être en séjour irrégulier une faute morale. Une politique qui réduit les droits de chacun. Comme si le simple mouvement des corps, des personnes, le simple déplacement des populations, devenait une menace existentielle pour l'intégrité de nos États.
Et cela ne se manifeste pas uniquement à travers ce texte. Je l'ai dit, il s'agit d'une succession de textes. Je pourrais dresser la liste des arguments anti-immigration que l'on entend régulièrement. Je pourrais également énumérer les contre-arguments et les déconstruire un à un. On entend notamment la théorie de l'appel d'air. Il faut simplement rappeler à celles et ceux qui continuent à la mobiliser que cette théorie est fausse. Elle a été invalidée par l'ensemble des sciences sociales et politiques. La majorité des personnes en situation de migration se déplacent d'abord à l'intérieur de leur propre pays ou vers les États limitrophes. Les véritables crises ne sont pas migratoires, elles sont politiques.
L'immigration coûte-t-elle cher? Non. C'est ce que démontrent les études de l'OCDE ainsi que l'ensemble des études sérieuses sur le sujet. Même la Banque nationale de Belgique démontre le contraire. L'immigration – et ce sont là des visions du monde qui s’affrontent – peut être bénéfique lorsqu'elle est organisée de manière vertueuse, lorsqu'elle n'est pas subie, lorsqu'elle n'est pas contrainte, lorsqu’elle n’est pas vécue comme une tare, lorsqu'elle n'est pas considérée exclusivement comme une crise. Car il ne s'agit d'ailleurs pas d'une crise migratoire, mais bien d'une crise de l'accueil. Une crise de l'accueil organisée par une réduction systématique des moyens, une réduction systématique des places disponibles et par la volonté de s'attaquer aux politiques locales de solidarité. Je faisais notamment référence aux initiatives locales. Peut-être aussi par manque de véritables perspectives politiques ou par refus de mener le combat politique nécessaire face à des discours qui deviennent de plus en plus hégémoniques.
Face à cela, allons-nous obtenir une politique humaine? À mon sens, c'est tout le contraire. J'ai souligné l'ensemble des angles morts de votre projet. Cela donnera beaucoup de travail aux avocats, que vous considérez peut-être déjà comme des avocats activistes. Cela donnera également beaucoup de travail aux magistrats, qui sont déjà catégorisés et que certains souhaitent peut-être museler davantage à travers d'autres projets de loi. Votre gouvernement devra justifier les évolutions d'un système qui est plus contraignant que ce que prévoit le cadre européen.
Il devra s'en expliquer dès la prochaine rentrée devant le Conseil de l'Europe. Que leur direz-vous? Que vous avez souhaité réformer certaines dispositions? Que vous avez choisi d'opposer certaines populations les unes aux autres? Que, sous couvert d'une fermeté présentée comme humaine, vous avez adopté cette orientation?
Chers collègues, je crains qu'aujourd'hui et demain, vous n'offriez à un groupe en particulier – et je le cite souvent ici – le Vlaams Belang, tout ce dont il a toujours rêvé, sans jamais avoir été majoritaire... Sans jamais avoir été majoritaire.
Le règlement relatif au retour validera bientôt, avec le concours de l'extrême droite, la loi qui a été adoptée ici. On retient les dispositions les plus coercitives sous couvert du Pacte migratoire. Je vois d'ailleurs Mme Pas qui boit du petit lait en m'écoutant. On met déjà en place les conditions de futures propositions de loi sur lesquelles vous aurez à vous prononcer. Je pense notamment à la suppression des initiatives locales d'accueil. Une autre proposition a déjà été déposée par le Vlaams Belang, prévoyant la création d'une brigade inspirée de l'ICE aux États-Unis. Ils ont déjà obtenu tout le reste auparavant, ils peuvent donc continuer.
Au sein de l'Union européenne, nous assistons à un glissement dangereux. Un glissement vers un extrême que, plutôt que de combattre, vous finissez par embrasser. Les conséquences sont déjà à nos portes. Je l'ai dit souvent, je l'ai dit en commission, je le répéterai encore à l'occasion d'autres interventions. Il existe un autre discours possible.
Un autre discours que celui qui consiste à criminaliser toujours davantage les migrations sous couvert de bonne gestion de l'État. Un autre discours que celui qui vise à accroître systématiquement la pénalisation sous couvert de solidarité, comme dans les textes que vous défendrez mardi prochain en commission. Il faut vous rappeler que, chez nos voisins français, ces textes ont été défaits par le Conseil constitutionnel, qui s'est attaché à rappeler le devoir de fraternité entre citoyens. Ce devoir de fraternité est trop souvent absent de nos débats.
En conclusion, madame la ministre, chers collègues, notre État a démontré sa capacité à agir avec dignité et humanité lorsqu'il a accueilli les personnes fuyant la guerre en Ukraine. Nous avons alors rempli notre devoir. Le problème n'est pas d'avoir accueilli les Ukrainiens. Le problème est de ne pas offrir les mêmes standards d'accueil à toutes celles et tous ceux qui, pourtant porteurs de vulnérabilités, fuient les désordres du monde. Cette expérience aurait pu inspirer une politique migratoire fondée sur des valeurs centrales: la solidarité, la dignité et le respect du droit, singulièrement du droit international. Or nous constatons aujourd'hui que c'est exactement l'inverse qui a été choisi.
Je suis désolé de vous le dire, mais ce projet ne construit pas un système d'asile rigoureux.
Il façonne un système qui décourage. Il ne protège pas les droits, il les contourne. Il n'organise pas l'accueil, il le restreint. Il ne transpose pas les directives européennes qui assurent les garde-fous.
Avec notre groupe, nous défendons une autre vision de la société, une vision fraternelle, solidaire et humaniste. Nous défendons une politique migratoire fondée sur la dignité humaine, sur la protection active de la vie humaine et sur la reconnaissance des migrations comme une réalité structurelle. Nous abordons leurs causes profondes avec lucidité. Nous aimerions tellement définir une autre politique, fondée sur l'égalité et la solidarité, une politique de véritable accueil et d'ouverture, ne réduisant pas l'homme à un sans-papiers, offrant des conditions d'accueil dignes et suffisantes et ne se contentant pas, pour gérer des politiques migratoires, d'organiser l'enfermement systématique.
Pour toutes ces raisons, nous ne voterons pas en faveur de ce texte.
02.07 Maaike De Vreese (N-VA): Collega's, mevrouw de minister en de talrijke bezoekers die vandaag het debat over het wetsontwerp volgen, eerst en vooral lijkt het mij belangrijk om te verduidelijken wat dit wetsontwerp eigenlijk doet en inhoudt. Als je al van bij de basis uitgaat van een verkeerde redenering, worden er inderdaad heel wat foutieve redeneringen en fake news de wereld in gestuurd.
Collega's, dit is een wetgevend initiatief dat tien verordeningen van de Europese Unie in onze wetgeving integreert en onze regelgeving daarmee in overeenstemming brengt. In de commissie is er meermaals op gewezen dat die verordeningen rechtstreeks in werking treden. Dat is niet uitzonderlijk; dat is altijd het geval bij verordeningen van de Europese Unie. Ze treden in werking op vrijdag 12 juni 2026.
Als onze wetgeving daar niet op is afgestemd, zullen zowel vreemdelingen als hun advocaten en de bevoegde diensten de verordeningen zelf toepassen. Dat zou echter leiden tot heel wat onduidelijkheid en tot een juridisch vacuüm voor onze diensten. Daarvan zou misbruik worden gemaakt door opengrenzenactivisten, advocaten en anderen. Dat hebben we in het verleden al vaker gezien. Als onze wetgeving niet duidelijk genoeg is, wordt er misbruik van gemaakt. Als u wilt vermijden dat er een juridisch vacuüm ontstaat en als u als minister uw verantwoordelijkheid wilt nemen, dan moet u doen wat u vandaag doet, namelijk een wetsontwerp indienen om alles in overeenstemming te brengen met de verordeningen.
Het wetsontwerp bepaalt helemaal niet wat in het migratiepact staat. Het migratiepact van de Europese Unie is twee jaar geleden goedgekeurd, in 2024, toen ook de PS deel uitmaakte van de regering. Als er vandaag kritiek wordt geuit op dat pact, dan had de PS op dat moment maar voldoende druk moeten uitoefenen. U maakte toen immers deel uit van die regering.
Acht jaar lang is er onderhandeld over het EU-migratiepact. Ook wij van de N-VA hebben er kritische opmerkingen bij gemaakt. Voor ons gaat het pact namelijk nog niet ver genoeg. Het houdt de illegale migratie aan onze buitengrenzen niet tegen.
Als u wilt dat de illegale migratie richting de buitengrenzen stopt, als u wilt dat die mensensmokkelnetwerken volledig worden gedestabiliseerd en dat het financiële model errond kapot wordt gemaakt, als u wilt dat er geen verdrinkingen meer zijn in de Middellandse Zee en als u de strijd voor een humaan migratiebeleid wilt voeren, dan moet u ervoor zorgen dat illegale migratie nooit wordt beloond. Het mag niet lonen om hier de grens over te steken en vervolgens de volledige procedure in werking te zetten.
De praktische uitvoering aan onze buitengrenzen zal niet zo gemakkelijk zijn, minister. Daarom wil ik er ook op aandringen dat u en uw kabinet voldoende aandacht besteden aan de manier waarop het migratiepact verder wordt uitgerold. Een migratiepact, net als andere ingrijpende wetgeving van de Europese Unie, moet worden geëvalueerd en moet ook worden bijgestuurd wanneer we zien dat bepaalde zaken in de praktijk nog mank lopen.
U hebt in een interview ook gezegd dat het pact geen wonderoplossing is. Hoewel dat migratiepact niet zaligmakend is, zitten er toch heel wat verbeteringen in, in die zin dat het verstrengingen bevat. Die hebt u ook al toegepast. U hebt niet gewacht op de uitvoering van dat migratiepact. Denk bijvoorbeeld aan het feit dat asielshoppen wordt tegengegaan. Vorige zomer heeft de regering al crisismaatregelen genomen, waaronder het tegengaan van asielshoppen en het verstrengen van gezinshereniging. Als we nu kijken naar wat u hebt gedaan, minister, dan lag dat volledig in lijn met de Europese Unie en met het migratiepact. U zei toen dat we stopten met het bieden van opvang aan mensen die in een andere lidstaat al een beschermingsstatus hadden gekregen. De impact daarvan zien we vandaag al in de cijfers van die crisismaatregelen, want die zijn enorm gedaald.
Daarnaast is er ook de verplichte medewerking aan identificatie. Als er een gebrek aan medewerking is, kan onze administratie overgaan tot een impliciete intrekking. Dat wil zeggen dat de procedure niet meer in werking treedt en dat die persoon ook moet terugkeren naar het land van herkomst. Ook daar, minister, vraag ik u om daar absoluut mee aan de slag te gaan. Dat staat ook zo in het regeerakkoord.
We hebben ook nog de verplichte veiligheidsscreening. We weten allemaal hoe belangrijk het is om aan onze grenzen een degelijke screening op poten te zetten. Wie komt over die grenzen? Wie meldt zich daar aan? Waarvoor is die persoon gekend? Welke nationaliteit heeft die persoon? Dat is iets wat nu wordt opgelegd door het migratiepact.
Mevrouw de minister, er staan heel wat verstrengingen in het pact. Ze zijn ook nodig want dit land gaat al lange tijd gebukt onder een enorme illegale instroom van mensen die hier asiel aanvragen. Wij zien ook in de cijfers dat het aantal mensen dat bescherming krijgt, is gedaald. Het erkenningspercentage ligt nu rond 27 à 30 %. Dat is heel laag. Dat wil zeggen dat 70 % of meer geen kans maakt om hier een verblijfsrecht te krijgen.
In het migratiepact is ook een solidariteitsmechanisme ingebouwd. Zoals alle partijen hebben gedaan, zowel in het regeerakkoord als tijdens de onderhandelingen, kunnen wij alleen maar concluderen dat dit land zijn fair share al heeft geleverd. Onze diensten en alle lokale besturen in dit land hebben al enorme inspanningen geleverd om in bed, bad en brood te voorzien. Onder de huidige regering slaapt niemand op straat. In het verleden sliepen gezinnen en andere mensen wel op straat. Op dit moment slaapt niemand op straat dankzij het beleid dat wordt gevoerd. Wij kunnen op dit moment echter niet nog extra mensen opvangen. Daarom is het goed dat zal worden gekozen voor een financiële bijdrage en niet voor het bijkomend verhogen van de druk die er momenteel al is.
Wij zien dus dat de Europese Unie in een richting evolueert die voor ons de juiste is. Dat gaat traag maar wij weten dat de Europese Unie niet snel beweegt. Niettemin is het belangrijk om op de tafel te blijven kloppen, ook inzake de terugkeer. Er moet werk worden gemaakt van akkoorden binnen de Europese Unie om mensen terug te sturen. Als wij de terugkeerverordening bekijken, stellen wij vast dat ze absoluut de juiste richting uitgaat. De terugkeerhubs maken het mogelijk om sterker in te zetten op terugkeer. Dat is immers wat wij met de huidige regering zullen doen. U hebt samen met de andere bevoegde ministers – dan kijk ik ook naar de minister van Justitie en de minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken maar ook naar premier Bart De Wever – al het voorbeeld gegeven door op de tafel te kloppen en ervoor te zorgen dat ook andere landen worden overtuigd om in een coalition of the willing van terugkeer een prioriteit te maken, zeker van de criminelen.
De voorzitter: Mevrouw De Vreese, mevrouw Van Belleghem heeft een vraag voor u.
02.08 Francesca Van Belleghem (VB): Mevrouw De Vreese, ik ken uw persoonlijk standpunt over die terugkeerverordening en die terugkeerhubs wel. U bent daar een grote voorstander van en dat is natuurlijk logisch. Die terugkeerverordening komt er op Europees niveau dankzij het Vlaams Belang.
Kan het zijn dat deze regering zich zal onthouden over die terugkeerverordening? Dat dit land daar zelf niet aan meedoet, terwijl bijna alle Europese landen daar wellicht wel aan deelnemen? Zou het echter kunnen dat wij met onze broek op de knieën niet kunnen meedoen aan die terugkeerverordening omdat er geen akkoord is binnen de regering? Vorige keer heeft de regering op de Raad al niet meegedaan. Ze heeft zich onthouden. Wat zal het nu zijn?
U kunt dan toch moeilijk zeggen dat u fier bent op die Europese terugkeerverordening als dit land er zelf niet aan meedoet? Ik hoop oprecht dat alles nog goed komt en dat ons land er wel aan zal deelnemen, want het zou natuurlijk zeer erg zijn als dat niet gebeurt. Bent u op de hoogte van het standpunt van de regering? Als u zegt dat die terugkeerverordening er komt en dat dat goed is, wilt dat dan zeggen dat onze regering die zal steunen? Ik denk dat iedereen dat wel wil weten.
02.09 Maaike De Vreese (N-VA): U doet eigenlijk wat u in de commissie ook al telkens hebt gedaan, namelijk verwarring creëren tussen een partijstandpunt, het standpunt van een parlementslid en een regeringsstandpunt. Ik begrijp dat het Vlaams Belang het daar wat moeilijk mee heeft, want u hebt nog nooit compromissen moeten sluiten.
Wat ik zie en wat ik kan zeggen, is dat wij als partij inderdaad een grote voorstander zijn van de terugkeerverordening en ook zouden instemmen met een terugkeerhub. Wat binnen de regering nog moet worden besproken, is of zij daarin al dan niet meegaat. Dat laat ik aan minister Van Bossuyt over. Zij moet daar verder op antwoorden.
Wat in het regeerakkoord staat, kan ik wel zeggen, want ik heb zelf ook aan die onderhandelingen deelgenomen.
Het zou u trouwens sieren om naar mijn antwoord te luisteren als u een vraag stelt, want u luistert niet.
De voorzitter: Mevrouw De Vreese, uw minuut is wel om.
02.10 Maaike De Vreese (N-VA): Ik zal er dan straks verder op ingaan tijdens mijn toelichting.
02.11 Francesca Van Belleghem (VB): Ik denk dat er wat rumoer was in de zaal omdat iedereen op deze banken gewoon verontwaardigd is. Die terugkeerverordening is superbelangrijk.
Ik zal u echter niet verder ondervragen. Ik zal gewoon elk parlementslid binnen dit Parlement ondervragen over het standpunt inzake de terugkeerhubs. Op die manier hebben we het opgelost. Dan hoeft u daar geen woorden meer aan vuil te maken. Het heeft inderdaad geen nut dat ik u daarover ondervraag.
U zegt dat u een voorstander bent en dat ik het regeringsstandpunt aan de minister moet vragen. Dat heb ik gedaan. Ik heb het al zo vaak gevraagd en ik kreeg daar ook geen degelijk antwoord op, behalve dat men de mogelijkheid verwelkomt. Dat is natuurlijk ook newspeak, Orwelliaanse newspeak. Het slaat nergens op.
Ik zal in een volgende tussenkomst de andere parlementsleden van de andere partijen ondervragen. Ik kijk daar alvast naar uit.
02.12 Maaike De Vreese (N-VA): Die terugkeerhubs zullen er wel komen. Deze regering heeft in het regeerakkoord afgesproken dat de illegale instroom aan banden moet worden gelegd en dat de uitstroom, de terugkeer, op gang moet komen. We zien daarvan nu al de resultaten. Ik weet dat het moeilijk oppositie voeren is als een minister doet wat ze moet doen. Natuurlijk werken wij in een coalitie met respect voor onze coalitiepartners en hun gevoeligheden, dus daarover moet worden gesproken, maar we zien de terugkeercijfers stijgen en we zien de instroom dalen. We gaan verder met zeer vergaande maatregelen, waarover op een respectvolle manier is gesproken in de regering en met de coalitiepartners. Ik denk dan aan de woonstbetredingen. Uw geduld zal niet langer op proef worden gesteld, want volgende week spreken we over de woonstbetredingen. We zullen dat op een zeer serene manier doen.
Ik mis immers het inhoudelijke deftig debat. We hebben in de commissie 30 uur naar uw fractie moeten luisteren. De migratie-expert was na een aantal uren weg. Een deftig inhoudelijk debat is er echter eigenlijk niet gekomen. Ik hoop dat we over de woonstbetredingen een debat zullen kunnen voeren op een serene manier. Het gaat hier immers over mensen, over de toekomst van mensen, over hun leven, over migranten die hier terecht zijn gekomen en over de manier waarop we daarmee moeten omgaan, als samenleving en als overheid.
Ik ben ervan overtuigd dat het beleid dat hier wordt gevoerd, ook op het vlak van terugkeer, humaan is. We geven eerst allerlei kansen om vrijwillig terug te keren. Daarna gaan we over tot een gedwongen terugkeer. Als het echt niet anders kan, is er een stok achter de deur voor wie criminele feiten heeft gepleegd om, na identificatie, over te gaan tot woonstbetreding.
Bovendien pakken we de illegale instroom verder aan, door te kijken naar hoe we omgaan met sociale bijstand en het leefloon, dat wel degelijk een aantrekkingsfactor is. Ook daaromtrent zal de minister binnenkort een aantal voorstellen voorleggen. Een nieuwkomermigrant zal hier vijf jaar moeten hebben verbleven vooraleer hij sociale bijstand of een leefloon krijgt.
Dat geldt zelfs voor vluchtelingen die vallen onder de Conventie van Genève. Het gaat daarbij niet over het migratiepact, want die fout wordt steeds gemaakt. De Conventie van Genève stelt dat een vluchteling op dezelfde manier moet worden behandeld als een eigen onderdaan, maar zelfs daar zullen we integratie- en inburgeringsvoorwaarden koppelen aan een volwaardig leefloon en werken met een malussysteem.
Mevrouw de minister, dit migratiepact moesten we omzetten en u hebt dat op een correcte omgezet. Uw diensten, uw medewerkers op het kabinet en op alle andere kabinetten, in de IKW’s, hebben er ongelooflijk veel tijd en energie in gestoken. Het is een enorm werkstuk, naast dat van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, waar we ook voor veel snellere en duidelijkere procedures gaan. U dient hier in recordtempo wetgeving in die op het terrein een serieus verschil zal maken.
Op dat vlak laten we vooreerst onze bevolking niet in de steek. De bevolking zegt inderdaad dat illegale instroom niet meer kan. Daaraan werkt u.
U laat ten tweede ook onze diensten op het terrein niet in de steek. U laat de boel niet verrotten, de diensten hoeven niet zomaar hun plan te trekken in de chaos op het terrein. Integendeel, ik ben blij dat u een zeer correct beleid voert. Eerder in mijn loopbaan was ik een van de mensen op het terrein. Zodoende weet ik dat het voor een dienst onmogelijk is om zonder de juiste en correcte wetgeving aan de slag te gaan. Dat worden procedureslagen die niemand wil meemaken.
Mevrouw de minister, doe zo voort. De regering levert mooi werk op het vlak van migratie. Het is een streng, maar ook een humaan beleid.
02.13 Greet Daems (PVDA-PTB): Mevrouw de minister, we bespreken vandaag het EU-migratie- en asielpact, een pact dat al sinds 2020 in de pijplijn zit, maar dit pact is niet de hervorming die het Europese asiel- en migratiebeleid nodig heeft. Het huidige Europese asielsysteem werkt niet goed, maar dit pact biedt geen oplossing. Het zal het Europese asiel- en migratiesysteem niet omvormen tot een systeem dat wel werkt.
Wat we nodig hebben, is een migratiepact dat het Europese asiel- en migratiesysteem drastisch hervormt. We moeten naar een meer menselijk systeem, waarbij mensen op de vlucht eerlijk over de verschillende lidstaten worden verdeeld, gebaseerd op solidariteit, met gelijke rechten en een uniforme bescherming overal in Europa. We hebben ook een systeem nodig waarin de schandelijke praktijk van pushbacks aan de Europese buitengrenzen wordt aangepakt en niet langer wordt gedoogd. Dat moet onvoorwaardelijk worden veroordeeld en onwettig worden gemaakt.
Het pact moet een einde maken aan het aanhoudende structurele geweld tegen mensen op de vlucht en eindelijk werk maken van echte legale wegen naar Europa, niet alleen via duidelijke regels inzake arbeids- en studiemigratie, maar ook via een veilige en legale manier om te vluchten voor oorlog en vervolging.
In dit pact kiest men daar niet voor. Het biedt geen enkele structurele oplossing. Het organiseert vooral afschrikking, het institutionaliseert lange periodes van opsluiting aan de grenzen en het besteedt de fundamentele verantwoordelijkheid van de EU uit aan dubieuze regimes buiten Europa. Dit pact zal de migratiestromen niet indijken, maar wel het menselijke leed op een gigantische schaal vergroten.
Ondertussen dwingt het Europese beleid steeds meer mensen om hun land te ontvluchten, maar dat blijft hier het grootste taboe. Ik heb dat vorige week in de commissie ook gezegd. Het gaat hier nooit over de redenen waarom mensen vluchten. Men staart zich gewoon blind op de noodzaak of de wil om de migrantenstroom in te dijken. Nochtans houdt de EU de oorzaken zelf mee in stand.
Ik wil nog eens benadrukken dat mensen hun land niet zomaar verlaten. Ze vluchten voor oorlog, voor vervolging, voor armoede, voor klimaatverandering, voor uitzichtloosheid, maar Europa kijkt daar graag van weg. Ik heb het al gehad over de oneerlijke handelsverdragen, over de plundering van grondstoffen, over de overbevissing voor de Afrikaanse kusten, over de steun aan oorlogen en een falend klimaatbeleid. Dat duwt mensen allemaal richting migratie, ook al zie ik daar iemand heel hard lachen.
Ik wil graag ook het voorbeeld van Senegal aanhalen. Ik heb een artikel bij me waarin Abdullah Al Saadi aan het woord komt. Hij is geboren in een familie van Senegalese vissers, maar hij is gemigreerd naar de Canarische Eilanden toen hij niet langer kon leven van de visserij. Een rapport van de Environmental Justice Foundation toont effectief aan dat er een verband is tussen, enerzijds, overbevissing en illegale visserij in Senegal en, anderzijds, de toename van de migratie naar Europa. Wat gebeurt er nu? Via oneerlijke viscontracten halen Europese vissersschepen de Zee van Senegal leeg, en zo schiet er niets over voor de Senegalese vissers. Als een visser zijn familie niet meer kan onderhouden, omdat de EU met de vissen aan de haal gaat, welke optie blijft hem dan over?
Velen van hen zoeken daarom een nieuwe toekomst in Europa, net als Abdullah Al Saadi, die ik daarnet heb aangehaald. Onder dit migratiepact zal een visser uit Senegal echter amper kans maken.
De voorzitter: Mevrouw Daems, mevrouw De Vreese wilt u daarover een vraag stellen.
02.14 Maaike De Vreese (N-VA): Mevrouw Daems, het was me de vorige keren ook opgevallen dat u steeds hetzelfde voorbeeld van de Senegalese visser gebruikt. Onder welke categorie van de Conventie van Genève valt die persoon dan, of houdt u eigenlijk een pleidooi om klimaatvluchtelingen ook toe te laten tot de Europese Unie? Dat laatste zou opnieuw bewijzen dat de PVDA een pure opengrenzenpartij is.
02.15 Greet Daems (PVDA-PTB): Mevrouw De Vreese, u gaat niet in op het debat. Waarover ik het heb, is dat u blind bent voor de redenen waarom mensen genoodzaakt zijn om hun land te verlaten. Daarom haal ik de oneerlijke handelspraktijken aan.
Ik heb ook nog een goed artikel van Europees Parlementslid Kathleen Van Brempt. De vraag is of eerlijke handel noodzakelijk is om migratie naar de Europese Unie terug te dringen. Daarover gaat het EU-migratiepact toch, namelijk over het indijken van de migratie.
De voorzitter: Mevrouw Daems, ik moet u onderbreken. Uw minuut antwoordtijd is verstreken.
02.16 Maaike De Vreese (N-VA): Mevrouw Daems, u hebt inderdaad uw standpunt als open-grenzenpartij bevestigd. Laat uw volgende uiteenzettingen dan ook heel duidelijk zijn. Pleit voor een open-grenzenbeleid en verkondig dat ook in uw filmpjes. Dat zou ook duidelijk zijn voor de mensen die naar de PVDA kijken en voor uw kiezers. Ik ben ervan overtuigd dat niet iedereen het met u eens zal zijn.
De voorzitter: Mevrouw Daems, u mag uw betoog voortzetten.
02.17 Greet Daems (PVDA-PTB): Mevrouw De Vreese, u hebt opnieuw niet geantwoord op de grond van mijn opmerking. Als u beweert dat wij pleiten voor open grenzen, dan hebt u niet goed naar mij geluisterd. U luistert nu overigens opnieuw niet.
Wij pleiten voor een veilige, legale manier om te vluchten voor oorlog en vervolging. De arizonaregering echter metselt alle legale migratiekanalen dicht. Gezinshereniging wordt zo goed als onmogelijk gemaakt. Hervestiging is stopgezet. Zolang de hervestiging op pauze staat, worden mensen op de vlucht gedwongen om hun toevlucht te nemen tot mensensmokkelaars. Door uw beleid worden mensen in de handen van mensensmokkelaars geduwd. Dat is uw verantwoordelijkheid.
De voorzitter: De heer El Yakhloufi heeft daarover een vraag.
02.18 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mevrouw Daems, het was niet mijn bedoeling om te onderbreken. Ik doe dat toch, omdat u mijn goede en bekwame collega, mevrouw Van Brempt, aanhaalt. U bent daar niet nader op ingegaan, maar ik ben daar wel heel benieuwd naar.
Ik sta daartegenover wel versteld van het beeld van de PVDA over migratie. U durft niet te spreken over de uitdagingen die migratie met zich brengt. U durft niet te benoemen dat wij, om een goed migratiebeleid te voeren, duidelijkheid moeten creëren. Op dat vlak stelt u mij teleur.
Als linkse partijen moeten we ervoor zorgen dat er duidelijkheid is over migratie. Mensen die volgens de regels recht hebben op bescherming, moeten naar hier kunnen komen. Mevrouw De Vreese heeft daarin helemaal gelijk. Die mensen moeten zo snel mogelijk duidelijkheid krijgen over hun procedure, weten waar ze aan toe zijn en hier de taal kunnen leren, een opleiding kunnen volgen en kunnen deelnemen aan de samenleving.
Daarnaast, mevrouw Daems, geef ik mijn collega volledig gelijk. Het beleid van open grenzen dat u wilt voeren, waarbij u zegt: "Kom maar allemaal", dat wijs ik af. Integendeel, het is ook sociaal en duidelijk om te zeggen dat mensen die geen recht hebben om hier te blijven dat antwoord krijgen.
02.19 Greet Daems (PVDA-PTB): Mijnheer El Yakhloufi, ik ben nog maar net begonnen. Om nu al te zeggen dat ik geen verhaal heb, lijkt mij voorbarig. Misschien kunt u dat punt straks nog eens maken, nadat u hebt geluisterd naar wat ik te zeggen heb.
Ik was dus aan het zeggen dat eerlijke handel noodzakelijk is om migratie naar de Europese Unie terug te dringen. Ik heb net uw partijgenoot geciteerd, die ook zegt dat eerlijke handel noodzakelijk is. Om de huidige problemen op te lossen, moeten Afrika en Europa op allerlei niveaus beter samenwerken. Zij zegt ook dat uit de manier waarop Europese bedrijven in Senegal de zee kunnen leegvissen helaas eens te meer blijkt dat de EU vooral haar eigen belangen dient op het Afrikaanse continent. Dat was het punt dat ik wilde maken.
Ik was nog niet klaar met Senegal. Onder het migratiepact zou een visser uit Senegal amper kans maken op asiel. Door de nieuwe screeningsprocedure en de versnelde asielprocedure zou hij namelijk onmiddellijk worden ingedeeld in de groep die nagenoeg geen kans maakt op asiel, omdat Senegal een erkenningspercentage heeft van minder dan 20%. Volgens het pact worden die mensen dus beschouwd als economische gelukszoekers, terwijl het dezelfde beleidsmakers zijn die die oneerlijke viscontracten onderhandelen en hen beroven van hun levensonderhoud.
Een tweede voorbeeld is Palestina. De Europese Unie heeft niets gedaan om de genocide op de Palestijnen te stoppen. Er zijn geen sancties tegen Israël. Vandaag nog stond op de voorpagina van De Standaard dat Israëlische bedrijven systematisch landbouwproducten uit de illegale kolonies naar Europa exporteren. Daardoor negeert Europa zijn eigen regels en vergeet het het internationaal recht. België doet hetzelfde.
Europa blijft wapens sturen, ook wanneer Israël bom na bom op Gaza dropt en meer dan 70.000 Palestijnen heeft vermoord. Ook toen Israël alle humanitaire hulp blokkeerde en mensen stierven van honger en ziekte, ook toen Israël schoot op mensen die aanschoven voor voedselbedeling, ook toen Israël ziekenhuizen bombardeerde en ambulanciers vermoordde, deed de Europese Unie niets. België blijft eveneens veel te laks tegenover al die misdaden tegen de menselijkheid.
Kijk ook naar Iran en Libanon. De Verenigde Staten en Israël bombarderen die landen ook. Miljoenen mensen moeten vluchten. In Libanon past Israël dezelfde tactiek toe als in Palestina. Hele woonwijken worden gebombardeerd. De Europese Unie veroordeelt dat geweld echter niet eenduidig. Ze legt geen zware sancties op aan Israël en de Verenigde Staten.
Wat doet de Europese Unie wel? Ursula von der Leyen en onze premier Bart De Wever hebben gezegd dat we niet opnieuw mogen meemaken wat we in 2015 hebben meegemaakt. Met die uitspraak toont de Europese Unie haar hypocrisie. We weten allemaal wat op oorlog volgt, maar we willen de gevolgen niet zien in Europa. We trekken onze muren op en keren onze rug naar de mensen die vluchten voor het geweld dat we zelf ondersteunen.
Ik wil hiermee aantonen dat dit migratie- en asielpact hypocriet is. Het negeert de olifant in de kamer. Als we willen voorkomen dat mensen naar Europa vluchten, moeten we stoppen met het creëren van de oorzaken die hen in de eerste plaats op de vlucht jagen.
Sinds de jaren ‘90 is de Europese Unie geobsedeerd door het bouwen van een Fort Europa. De Middellandse Zee is daardoor veranderd in het grootste massagraf van Europa. Tot februari van dit jaar zijn meer dan 500 mensen verdronken. Dat gebeurt omdat de Europese Unie weigert in te zetten op proactieve reddingsoperaties, maar wel kiest voor pushbacks, opsluiting en de criminalisering van noodhulp.
Verschillende ngo's, zoals Amnesty International, Human Rights Watch, 11.11.11 en het juridisch collectief Front-LEX, hebben namelijk keer op keer zwart op wit bewezen dat ook het Europees Grens- en kustwachtagentschap Frontex eveneens medeplichtig is aan grove mensenrechtenschendingen.
Uit een onderzoek van de organisatie Lighthouse Reports en verschillende Europese media blijkt dat migranten en vluchtelingen in Bulgarije, aan de grens met Turkije, opgesloten worden in kooien. Dat gebeurt met Europees geld, honderden miljoenen uit het interne veiligheidsfonds, en zou ook met medeweten van agenten van Frontex gebeurd zijn. Ik weet dat het choquerend is. Het is amper te geloven, maar er bestaan videobeelden van.
In Griekenland onderscheppen agenten van Frontex boten, waarna de Griekse kustwacht motoren onklaar maakt en mensen op stuurloze reddingsvlotten op volle zee achterlaat. Ook dat is veelvuldig gedocumenteerd.
Ik geef nog een voorbeeld. Agenten van Frontex spelen coördinaten en cruciale informatie van mensen op de vlucht door aan de Libische kustwacht en obscure Libische milities. Die milities pikken vluchtelingen op in internationale wateren en slepen hen terug naar Libische detentiecentra. De Verenigde Naties zeggen over die centra dat er op systematische wijze folteringen, verkrachtingen, afpersing en moderne slavernij plaatsvinden.
Mannen, vrouwen en kinderen worden teruggedreven over rivieren en zeeën. Velen van hen worden het slachtoffer van fysiek en seksueel geweld. Hun wordt dagenlang voedsel en water ontzegd. In 2025 vonden 80.865 pushbacks plaats. Dat cijfer is vrijwel zeker een onderschatting. Dat gebeurt vaak onder toeziend oog en met medeweten van Frontex-agenten.
Collega’s, hetgeen ik net vertelde is belangrijk in dit debat omdat het migratiepact die gruwel en dat leed alleen maar zal doen toenemen. Dat is exact wat het migratiepact doet. Het maakt pushbacks onderdeel van het Europees migratiebeleid. Het trekt de muren van Fort Europa hoog op en rekent daarvoor op Frontex.
Het migratiepact steunt ook op massale detentie aan de buitengrenzen. Het gaat dan om mensen die geen enkel misdrijf hebben gepleegd. Het gaat ook over gezinnen, moeders, baby's en minderjarige kinderen. Zij zullen aan de Europese grenzen worden opgesloten in gesloten centra. Waarom? Omdat mensen die vastzitten nu eenmaal gemakkelijker op een vliegtuig gezet kunnen worden, terug naar hun land van herkomst. Hoe cynisch kan een beleid zijn?
Laten we ook niet vergeten wat detentie met een mens doet. Detentie heeft verwoestende, onomkeerbare gevolgen voor de mentale gezondheid. Die mensen dragen vaak al een zware rugzak vol trauma's mee uit hun land van herkomst en van de verschrikkelijke reis over zee.
Tegelijkertijd zien we in dit pact een ongeziene achteruitgang op het vlak van fundamentele juridische ondersteuning. Er is geen sprake meer van een directe, gegarandeerde toegang tot een advocaat. Mensen kunnen in theorie op vrijdag aan de grens worden opgesloten en maandagochtend al gerepatrieerd zijn, zonder dat ze ook maar één raadsman hebben gesproken.
Dan is er de zogenaamde solidariteit in dit pact. Lidstaten krijgen de keuze. Ofwel vangen ze mensen op, ofwel betalen ze een afkoopsom om dat niet te hoeven doen. Dat is geen solidariteit, het is een financiële transactie, 20.000 euro per asielzoeker die men niet wil opvangen.
Men zou dan denken dat België daarvoor kiest en dat dat geld naar integratie, psychologische bijstand en menswaardige opvang gaat, maar nee. Het doel van het EU-migratiepact is migratie indijken en migranten tegenhouden. Dan weet men dat die afkoopsom rechtstreeks naar de financiering van drones, gemilitariseerde hekken, hoogtechnologische bewaking en prikkeldraad zal gaan. Dit pact zal de migratie niet echter stoppen. Wanhopige mensen verdwijnen niet omdat Europa een muur optrekt. Zij zullen gewoon nog gevaarlijkere routes nemen. U duwt mensen in de handen van mensensmokkelaars. Zij zullen hun leven riskeren in nog verschrikkelijkere omstandigheden, op zee of in de woestijn.
Collega's, de drang naar repressie die we hier zien, is niet nieuw. Het is een voortzetting van het beleid van de afgelopen jaren, waarin opeenvolgende ministers hebben bewezen dat ze bereid zijn de fundamenten van onze rechtsstaat op te offeren voor het strengste migratiebeleid ooit. Rechterlijke uitspraken worden compleet genegeerd, waarbij kwetsbare mensen de dupe zijn. Alsof dat nog niet genoeg is, wordt er nu ook onderhandeld met het talibanregime in Afghanistan om de gedwongen terugkeer van Afghanen mogelijk te maken.
De PVDA zal zich met hand en tand blijven verzetten tegen dit migratie- en asielpact en tegen dit repressieve regeringsbeleid, zowel vandaag, morgen als in de toekomst. Wij zullen ons blijven verzetten tegen een beleid waarbij de grondrechten van mensen op de vlucht systematisch op de allerlaatste plaats komen en waarbij de scheiding der machten wordt opgeofferd voor politiek gewin.
Ik verbaas mij ook oprecht over het gemak waarmee de zogenaamd progressieve collega's in deze meerderheid telkens weer plooien voor de rechtse en extreemrechtse retoriek. Wij willen een andere aanpak. Wij willen een België en een Europa dat kiest voor een menselijk, rechtvaardig en rationeel beleid.
Ten eerste willen wij een beleid dat de echte oorzaken van migratie bij de wortel aanpakt. Als we willen voorkomen dat mensen naar Europa vluchten, dan moeten we in de allereerste plaats stoppen met het creëren van de oorzaken die hen op de vlucht jagen.
Ten tweede willen wij een beleid dat stopt met de militarisering van onze grenzen. Wij willen dus geen Frontex-legers in onze nationale stations of luchthavens en geen ICE-razzia's of ongrondwettelijke woonstbetredingen, die gezinnen traumatiseren en mensen de illegaliteit injagen.
Ten derde willen wij een beleid dat veilige en legale routes creëert. We moeten ervoor zorgen dat mensen hun leven niet langer hoeven te wagen op de Middellandse Zee of in de woestijn wanneer ze op de vlucht zijn voor bommen en geweld.
Ten vierde willen wij een beleid dat gebaseerd is op menswaardige opvang, een eerlijke en snelle asielprocedure en een echte, verplichte en billijke spreiding van de opvang tussen de Europese lidstaten, zonder afkoopsommen.
Tot slot, geef mensen die niet kunnen terugkeren, zoals vluchtelingen uit Afghanistan, een menswaardig statuut en een tijdelijk of permanent verblijf, in plaats van hen in een juridisch limbo of in de illegaliteit te duwen.
Collega's, dit is het Europa zoals het zou
moeten zijn: een Europa van de mensenrechten, een Europa van solidariteit. Dank u.
02.20 Benoît Piedboeuf (MR): Monsieur le président, nous soutiendrons bien évidemment cette démarche, qui s'inspire d'un travail européen que l'on attendait depuis des années. On reproche souvent beaucoup de choses à l'Europe, mais pour une fois, un travail de fond a été réalisé. Certes, il a été long, il a duré 10 ans et a abouti à une proposition qui, si elle n'est pas parfaite, correspond quand même à un cadre cohérent, un cadre territorialement défini, qui circonscrit les frontières.
Il permet d'adopter une position commune, de traiter différemment l'entrée primaire et l'entrée secondaire, de donner des moyens, d'essayer d'accélérer les procédures et de faire en sorte que les gens ne doivent plus attendre de longs mois avant de voir leur situation se régulariser.
C'est un pas important, on peut en dire ce que l'on veut, mais c'est un pas! Et c'est un pas que nous allons soutenir. Nous remercions la ministre pour son travail acharné qui a fait l'objet de nombreux débats et de contestations en tous sens. Au moins, c'est un premier pas qui va dans le bon sens par rapport à une gestion beaucoup plus humaine et cohérente de la migration.
02.21 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Mevrouw de minister, collega’s, ik wil het huidige debat even in perspectief plaatsen. Het gaat hier om de omzetting van Europese regelgeving, niet meer of niet minder. De collega's van het Vlaams Belang doen hier vandaag, alsook tijdens de urenlange debatten alsof dat migratiepact een hersenspinsel is van een of andere duistere Europese kracht die niemand kent of die door niemand is verkozen. Voor u is het een pact met de duivel.
Beste collega's van het Vlaams Belang, de Europese Unie is nog altijd een van de grootste democratieën ter wereld. Daar worden misschien beslissingen genomen die u niet leuk vindt, dat is mogelijk. De voorliggende tekst is evenwel goedgekeurd door de Raad, waarin democratisch verkozen ministers en premiers zetelen. De tekst is ook goedgekeurd door de Commissie, waarvan u misschien kunt zeggen dat de leden niet verkozen zijn, absoluut. Ook in het Europees Parlement is de tekst goedgekeurd, waarin ook verkozen volksvertegenwoordigers zetelen. Het pact is een compromis, gesloten met 26 andere landen, met allemaal democratisch verkozen parlementen en democratisch verkozen ministers. Dus het riedeltje waarin u voortdurend herhaalt dat het pact ons en het volk wordt opgedrongen, is gewoon niet waar.
Een tweede gedachte sluit daarbij aan en gaat over de Unie als dusdanig. Ook daar schetst u het beeld van een dorp à la Asterix en Obelix dat als laatste verzet zou bieden, met een onafhankelijk Vlaanderen waar dan hoge muren, hekken, soldaten en dergelijke meer worden rondgezet en waar men perfect helemaal alleen een migratiebeleid zou kunnen uitwerken. Ook dat, beste collega's, is gewoon onzin. Ik denk dat iedereen die met asiel en migratie bezig is, weet dat asiel en migratie van alle tijden zijn. Het is dus in ons aller belang, zowel dat van de landen als dat van de betrokkenen, om asiel en migratie op een goede manier te organiseren.
We weten vandaag dat de schaal van ons eigen land, laat staan die van Vlaanderen, gewoon niet volstaat om de zaken op een goede manier te organiseren. Daarom wil ik het tegenovergestelde standpunt innemen van u. We zullen dat vraagstuk niet oplossen met minder Europa. We zullen het alleen oplossen met meer Europa, door meer samen te werken en door een echte Europese dimensie aan ons asiel- en migratiebeleid te geven.
Dan kom ik aan mijn derde gedachte. Collega's van het Vlaams Belang, we hebben de voorbije weken geweldig veel show van u gezien. Aan die show zelf ga ik proberen zo weinig mogelijk woorden vuil te maken, maar er moet mij wel een paar dingen van het hart.
Ik heb uw experts beluisterd. Als flink parlementslid wilde ik toch een groot deel van die experts proberen mee te pikken. Ik heb experts gehoord die zeiden voor migratie te zijn, om een uur later een expert te horen zeggen dat hij tegen migratie is. Ik hoorde experts zeggen fantastische voorstanders van Schengen te zijn. Vervolgens kwam een andere expert die zei permanente grenscontroles te willen en dus zei eigenlijk tegen Schengen te zijn. We hoorden een collega zeggen dat kleinschalige opvang een goed idee is voor bepaalde kwetsbare groepen. Een uur leter kwam een andere expert van het Vlaams Belang zeggen dat kleinschalige opvang een aanzuigeffect creëert, weg ermee. Allemaal verschillende varianten van het Vlaams Belang. Dan kwam er nog een andere die zei tegen arbeidsmigratie te zijn. Vervolgens kwam de professor zeggen dat arbeidsmigratie nodig zal zijn.
Beste collega's van het Vlaams Belang, er was een gebrek aan consistentie in de betogen van uw experts. Ik vond dat bijzonder amusant. Het mag af en toe eens tof zijn in het Parlement, dus ik heb ervan kunnen genieten. Ik vind het echter minder amusant dat er in de filmpjes, in de interviews en in jullie betogen heel veel halve waarheden en hele leugens zijn geslopen. Ik heb hier gehoord dat we veel meer migratie zullen krijgen door het migratiepact. Met alle respect, maar dat gaat gewoon niet gebeuren. Dat is niet waar. U weet ook dat het niet waar is. Toch blijft u dat vertellen.
Op een bepaald zei mevrouw Van Belleghem bij Villa Politica dat alle asielzoekers maaltijdcheques zullen krijgen.
02.22 Francesca Van Belleghem (VB): Ik vind het eigenlijk grappig, mijnheer Vandemaele, dat u al zes minuten een betoog houdt over een partij die niet eens in de regering zit. De reden is natuurlijk dat u een groot voorstander bent van dat migratiepact en dat u de regering steunt. Dat toont meteen aan waarom wij tegen dit pact zijn. Er staat letterlijk in het pact dat men moet zorgen voor meer legale migratie. Het pact zal dus ook voor meer legale migratie zorgen. Uw leugens en uitlatingen zijn voor uw rekening.
Ik heb trouwens gezegd dat alle asielzoekers zakgeld zullen krijgen, gratis cash geld op kosten van de belastingbetaler. Dat staat letterlijk in dat pact. Als u die verordeningen had gelezen, zou u dat tenminste weten, mijnheer Vandemaele.
02.23 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Mevrouw Van Belleghem, dank u wel voor uw inspirerende uiteenzetting. U hebt gezegd dat alle asielzoekers maaltijdcheques zullen krijgen. Dat kunnen we allemaal herbekijken en staat niet ter discussie. U hebt dat letterlijk gezegd en iedereen weet dat dat nonsens is. U zegt dat niet per ongeluk, want ik schat u hoog in, mevrouw Van Belleghem. Ik zou kunnen zeggen dat u dat per ongeluk deed, maar dat is niet zo. U doet dat bewust om een sfeer te creëren rond asiel, migratie en het migratiepact. U doet dat bewust.
Ik zal mij altijd verzetten tegen de stoere praatjes die u en uw partij hier verkopen. Dat zal ik elke dag opnieuw doen. Ik beschouw dat als mijn morele taak.
U mag er echter op rekenen, mevrouw Van Belleghem, dat wij straks tegen zullen stemmen. Ik zal ook uitleggen waarom. U schildert ons af als verdedigers van de regering. Dat is niet het geval. Het feit dat wij de regering niet op alle punten volgen, betekent niet dat wij ook principieel tegen Europa zouden zijn bijvoorbeeld. Wij blijven daarin heel duidelijk en rechtlijnig.
02.24 Francesca Van Belleghem (VB): Mijnheer Vandemaele, u verdedigt de regering wel. U hebt het migratiepact twee jaar geleden mogelijk gemaakt. Daarmee bent u de grote schuldige voor het feit dat dit land het migratiepact heeft goedgekeurd. Als u toen op tafel had geklopt, zaten we nu niet met dat pact opgescheept.
Over de maaltijdcheques heb ik gezegd dat in het pact letterlijk staat dat men cash geld moet geven aan asielzoekers, als zakgeld. Op dit moment worden er ook al maaltijdcheques gegeven aan asielzoekers. Dat heb ik gezegd. Elke maand krijgen zij honderden euro's die zij vrij kunnen besteden aan maaltijdcheques. Ik vind het niet normaal dat iemand die vanuit een derde land de hele wereld afreist om naar ons land te komen, gratis bed, bad en brood krijgt, met gratis advocaat en gratis tolk.
Als ik dat vergelijk met de rechten van onze eigen mensen hier, dan stel ik vast dat wie nood heeft aan een sociale woning, jarenlang op een wachtlijst staat. Ik vind het niet normaal dat onze eigen burgers bijna tweederangsburgers zijn, terwijl mensen die van over de hele wereld naar hier komen een gratis leven krijgen.
Ik vind dat niet normaal en de meeste Vlamingen ook niet.
02.25 Lode Vereeck (VB): Mijnheer Vandemaele, u probeert hier een soort tegenstelling te creëren of te zien die er niet is. Ik zal dadelijk de puntjes op de i zetten. Ik weet het, het waren lange nachten, maar luister deze keer wel eens goed.
Wij zijn niet tegen migratie. Wij zijn tegen massamigratie. Massale migratie. Ik kom daar straks nog op terug. Wij zijn tegen arbeidsmigratie. Tegen elke vorm van migratie, trouwens, omdat die heel duur is voor onze samenleving en omdat ze onze samenleving ontwricht. Met één uitzondering, namelijk hoogopgeleide complementaire migranten. Ik hoop dat dit verschil duidelijk is.
Tot slot, wij zijn niet voor of tegen Schengen. Wij willen een systeem als in Denemarken, met een eigen streng asielbeleid. Denemarken zit ook in de Schengenzone.
02.26 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Collega Vereeck, ik heb een heel groot stuk van uw betoog gehoord, maar niet alles. Het was een beetje lang. Ik moet zeggen, u bent een van de consistente Vlaams Belangers. U bent in uw betoog vrij consistent gebleven. Dat klopt helemaal.
Maar het probleem met consistentie zit natuurlijk in de betogen van de verschillende experts die we hebben mogen aanhoren. Terwijl u heel duidelijke standpunten over arbeidsmigratie ingenomen hebt, die u nu herhaalt, werden die door uw collega’s gewoon tegengesproken op andere momenten. Ik zou voorstellen om die snel even te herbekijken, maar dan zijn we weer twintig uur verder.
Ik meen dat dit duidelijk is. Nu weet ik zelfs niet meer wat uw tweede punt was.
De voorzitter: U bent ook niet verplicht erop te reageren.
02.27 Lode Vereeck (VB): Ik verwijs naar de andere betogen over migratie, zeker naar die van Kurt Moons straks. Hij zal de puntjes nog eens op de i zetten. Ook ik zal hetzelfde standpunt verkondigen.
Nog eens heel duidelijk zeggen dat ook Denemarken, met zijn strenge eigen migratiebeleid, binnen de Schengenzone ligt. Dat kan dus.
Tot slot, u moet echt een onderscheid maken tussen migratie, die – daar zijn we het eigenlijk over eens – van alle tijden is, en massamigratie. Daar ligt het kalf gebonden.
De voorzitter: Mijnheer Vandemaele, u kunt uw betoog verderzetten.
02.28 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Goed, waar was ik gebleven? Veel stoere praatjes. Dat is ook wat u wilt, dit opnieuw opkloppen en daar een thema van maken, want dat is natuurlijk electorale brandstof voor extreemrechts.
Beste collega's van de meerderheid, voor u zou dit ook een wake-upcall moeten zijn. U voert nu al twee jaar het strengste asiel- en migratiebeleid. Het resultaat zien we nu, namelijk een Vlaams Belang op anabolen, een Vlaams Belang dat zo hard in overdrive gaat, want men kan hen nooit overtuigen. Het zal uiteraard nooit genoeg zijn voor hen.
Ik stel alleen maar vast dat het VB erin geslaagd is om centrumpartijen naar de rechterzijde te duwen, zodat u nu mee stoer, streng en flink beleid voert om er grip op te krijgen, zoals sommige collega’s zeggen, maar u voert een strijd die u zult verliezen. Zelfs als u straks met de taliban gaat onderhandelen, dan nog zal het voor het Vlaams Belang niet genoeg zijn. Daarom denk ik, beste collega's van de meerderheid, zeker aan de linkerzijde, de partijen die zichzelf links en progressief noemen, dat het geen goed idee is om iedere keer weer het Vlaams Belang achterna te hollen. Ik denk dat u beter uw rug kunt rechten en dat u de krokodillentranen, die we toch regelmatig zien bij Vooruit en Les Engagés, beter achterwege laat. Anders is het gewoon dezelfde slechte show als die van het Vlaams Belang.
Collega's, nu we het toch over show hebben, wil ik even ingaan op het traject dat dit wetsontwerp heeft doorlopen. Ik ga ervan uit dat het kader voor het asiel- en migratiebeleid dat vandaag voorligt, een mijlpaal zal worden voor de regering-De Wever. Het is dus een van de belangrijkste teksten die we in deze legislatuur ter stemming voorgelegd krijgen als het gaat over de ontwikkeling van een kader voor het asiel- en migratiebeleid. Welnu, ik had gehoopt dat we dat met minder show en meer diepgang zouden kunnen doen. Als nog altijd vrij jong parlementslid heb ik toch de illusie verloren dat we hier echt een tegensprekelijk debat voeren. Ik begrijp dat we dat niet in de plenaire vergadering doen. Het heeft ook geen zin om alle debatten in de plenaire vergadering te herhalen. Daarvoor hebben we uiteraard commissies. Toch kan ik niet anders dan vaststellen dat we ook in de commissie vaak dovemansgesprekken voeren en niet kijken hoe we het wetgevend werk beter kunnen maken.
Of men nu een parlementslid van de meerderheid of van de oppositie is, de regering komt met teksten. Ik ga ervan uit dat ze dat in eer en geweten doet. Als die teksten naar hier komen, dan is het onze verantwoordelijkheid om ze goed te keuren, af te keuren of te amenderen, te verbeteren. Dat proces werkt alleen maar als we echt een tegensprekelijk debat organiseren. De volledige oppositie vraagt nu al de hele legislatuur om bij wetgevend werk in de commissie voor Binnenlandse Zaken af en toe eens een hoorzitting te organiseren. Over dit koninginnenstuk hadden wij graag een hoorzitting georganiseerd, maar de argumentatie was dat er daarvoor helemaal geen tijd is. Ik heb gezegd dat ik er zelfs in het weekend of ’s nachts voor wil komen. Ik heb hier ‘s nachts naar het Vlaams Belang moeten luisteren, dus ik wil hier ook ‘s nachts en in het weekend naar experts luisteren, omdat ik denk dat de kwaliteit van het wetgevend werk alleen maar kan verbeteren als we ook de gelegenheid krijgen om hoorzittingen te organiseren als dat nodig zou blijken..
Ik begrijp het als u dat niet wilt doen als één of twee oppositiepartijen dat vragen, maar in dit geval heeft de voltallige oppositie gevraagd om hoorzittingen te organiseren en toch hebt u dat geweigerd, toch ging u gewoon door. Voor prioritaire wetsvoorstellen vragen we advies aan God en klein Pierke over van alles en nog wat, maar voor dit wetsontwerp werden helemaal geen adviezen gevraagd, want daar was geen tijd voor, het moet allemaal holderdebolder erdoor.
Het belangrijke argument dat we elke keer opnieuw horen, is de timing. Binnen twee dagen treedt het pact in werking en moet het hier dus goedgekeurd zijn. Het is natuurlijk niet mijn verantwoordelijkheid als parlementslid om ervoor te zorgen dat die teksten tijdig ingediend worden in de Kamer. Als Kamerleden moeten wij in eer en geweten kunnen zeggen dat een binnengekomen tekst behandeld zal worden op het ritme en het tempo dat wij haalbaar vinden. Ik vind dat wij inspanningen moeten leveren om dat niet te rekken, daarmee ben ik het volledig mee eens, maar het gefilibuster van het Vlaams Belang hebt u zelf uitgelokt door zo dicht tegen de deadline te gaan. Uiteraard zijn die ook geholpen door de MR, die dacht dat het pinksterweekend een verlengd weekend van vier dagen is. Drie dagen verlengd weekend was onvoldoende voor de MR. Die hebben op dinsdag nog een extra snipperdag genomen.
Wij waren aanwezig. Alle parlementsleden van de meerderheid en de oppositie waren aanwezig om 09.30 uur. Ik had de voorgaande avond Sinksenfeesten in mijn stad. Het deed heel veel pijn om hier op tijd te zijn, om dan vast te stellen dat de MR dacht een verlengd weekend van vier dagen te kunnen nemen. Met alle respect, ook dat heeft de meerderheid aan zichzelf te danken.
Als ik het proces samenvat, dan krijgen we door die manier van werken natuurlijk wat we vandaag zien. De ene tekst na de andere van u passeert hier, maar u rijgt ook schorsingen en vernietigingen aan elkaar, en ik vermoed dat er nog zullen volgen. Daarom doe ik een oproep. We beginnen volgende week aan de wet betreffende de woonstbetredingen, beste collega's. Ik hoop dat we die wetgeving op een ernstige manier kunnen behandelen. U kunt intussen binnen de meerderheid al beginnen overleggen. We zullen opnieuw vragen om voor een dermate belangrijke wet hoorzittingen te organiseren. Die mogen voor mij gerust binnen de week of zelfs binnen de dag gebeuren, dat doet er voor mij niet toe. Ik denk wel dat dat soort onderwerpen echt die aanpak vergt. Beste collega's, laten we samen werken aan betere wetgeving.
Het geheel is complex. Daar hebben we het in commissie al over gehad. Ik weet dat men van een wet van die omvang, over dat thema, geen tekst kan maken die een kleuter van vijf of zes jaar begrijpt. Dat begrijp ik uiteraard. Toch meen ik dat de voorliggende tekst toch wel bijzonder complex is en eigenlijk niet bijdraagt aan de vereenvoudiging waarvan we allemaal vinden dat ze nodig is in het recht. We doen eigenlijk net het tegenovergestelde, want we maken de zaken nog complexer. Ook daar kunnen we, gezien de snelheid die u hanteert, dergelijke toetsing niet op een ernstige manier uitvoeren. Ik had u in commissie gevraagd of er een vertaalde vorm voor het werkveld zou komen. Ik ben blij te zien dat er ondertussen op de website van de diensten effectief uitleg in begrijpelijke taal staat over wat hier nu verandert. Dat is dus ondertussen uitgevoerd, waarvoor dank.
Met een sorry voor de collega's van het Vlaams Belang, ga ik nog even bloemen gooien naar de tekst. Zoals ik daarnet zei, is de tekst een compromis tussen de lidstaten. Ik ben dus zeker niet met alles tevreden. Er staan volgens ons evenwel een aantal goede zaken in de tekst. Het is goed dat men grote verschillen in beschermingsniveau en opvangomstandigheden Europees wil nivelleren en gelijktrekken, zodat men uit de race to the bottom stapt.
Ook het principe van solidariteit tussen de lidstaten is positief. De uitwerking ervan is volgens mij iets minder goed, maar het feit dat we dat principe verankeren, is een goede zaak.
Ook de medische screening aan de buitengrenzen en gratis juridische bijstand zijn goede elementen in dit pact.
Bij de bloemen die ik gooi, zijn er ook een paar vazen, want natuurlijk is niet alles even positief. Wij zijn absoluut geen fan van het feit dat ook kinderen kunnen worden opgesloten. Ook het feit dat het solidariteitsmechanisme uiteindelijk gewoon afkoopbaar is, vinden we absoluut geen goede zaak. Alles valt of staat natuurlijk met dat solidariteitsmechanisme en met de vraag of we in staat zullen zijn om de zuidelijke buitengrens, waar de druk zit, goed te beheren. Als we geloven in de Dublinverordening, dan zal het belangrijk zijn om te bekijken hoe we de zaken aan die zuidelijke buitengrens aanpakken. Als iedereen morgen de solidariteit afkoopt, dan staan we even ver en brengt het pact weinig kans op verbetering.
Dan rijst ook de vraag of er in Griekenland vanaf nu wel grondige procedures zullen worden gevolgd. Ik denk dat daar het kalf voor een deel gebonden ligt. Zijn we er zeker van dat er voortaan wel efficiënte opvang zal zijn, of zal Griekenland gewoon voortzetten wat het vandaag doet? Ook dat zal zeer bepalend zijn voor het succes van dit pact.
Een ander lastig element voor ons betreft de monitoring van de mensenrechten. Die is wel van toepassing op de grensprocedure, maar valt eigenlijk buiten de scope van de grensbewaking. We zijn geen fan van pushbacks. Pushbacks mogen ook niet, wat sommige collega's daarover ook graag beweren. Voor ons is het belangrijk dat eventuele pushbacks ook worden gemonitord. Het feit dat dit nu buiten de scope valt, vinden wij een probleem.
Een ander probleem is het concept van de crisissituaties. Dat is een soort joker die is ingebouwd. We spreken in het pact allerlei zaken af, maar een lidstaat kan de joker bovenhalen en zeggen dat het crisis is. In het geval van crisis hoeft men niet aan het pact te voldoen. Weinig garandeert dat we niet heel snel in een situatie terechtkomen waarin verschillende lidstaten zullen stellen dat het crisis is. Als verschillende landen die crisistroefkaart beginnen te trekken, is de kans uiteraard groot dat dit pact niet zal werken.
Mevrouw De Vreese, u hebt mij daarnet getriggerd. U zegt dat u er een geweldige voorstander van bent. Ik ben daar een geweldige tegenstander van en ik zal uiteenzetten waarom.
Het gaat over het opsluiten van gezinnen met kinderen in gevangenissen. Eigenlijk zouden nu al alle alarmbellen op rood moeten staan. Het gaat echter ook nog eens over gevangenissen in een land waarmee ze eigenlijk geen enkele band hebben. Nu zouden normaliter toch bij iedereen alle lichten op rood moeten staan, al was het maar op basis van het principe.
Dat is superduur en juridisch totaal niet te realiseren. Ik vind het tof dat men mensen blijft wijsmaken dat het er ooit zal komen, maar dat zal niet gebeuren. Het is juridisch klinkklare nonsens. Laten we ook kijken naar de projecten van andere landen. Italië heeft het geprobeerd in Albanië en het Verenigd Koninkrijk in Rwanda. Het geeft heel zware facturen voor heel weinig resultaten. Dergelijke fata morgana’s kunnen best worden weggestoken. We moeten ons focussen op beleid dat echt werkt.
Dan kom ik aan iets belangrijks. Het hele pact vertrekt vanuit het concept dat goede afspraken goede vrienden maken. Iedereen is het daarmee eens. Ik hoor echter veel collega's zeggen dat ze tegen illegale migratie zijn. Het is zelfs geen bekentenis als ik zeg dat ik ook geen voorstander ben van illegale migratie. Ik zeg dus niets raar als ik zeg dat we moeten proberen om zo weinig mogelijk illegale migratie te hebben. Dat moet onze ambitie zijn.
Natuurlijk kan dat alleen maar als er ook legale migratie is. Deze regering blokkeert echter alle legale migratiekanalen. Gezinshereniging hebt u supermoeilijk gemaakt. Hervestiging hebt u stopgezet. U weigert de mensen in Gaza die al een permit hebben om naar hier te komen, hierheen te halen. Op alle fronten blokkeert u dus legale migratie. Hoe kan men aan de ene kant zeggen dat men streng wil zijn en illegale migratie wil voorkomen, maar aan de andere kant alle legale migratie onmogelijk maken? Dat werkt natuurlijk niet.
Beste collega's, mijn oproep is dus de volgende. Als u illegale migratie wilt aanpakken, zullen er ook legale migratiekanalen moeten zijn. Als die er niet zijn en men maakt de hekken hoger, de zee dieper en de buitengrenzen sterker, dan stimuleert men alleen mensensmokkelaars om meer risico's te nemen. Het enige wat u doet, is mensensmokkelaars laten zeggen dat ze nog meer kunnen vragen voor een overtocht, want het is supermoeilijk. U ondersteunt dus de business van mensensmokkelaars.
Ik ben het dus helemaal niet eens met de manier waarop u ernaar kijkt. Mijn vraag is dan ook om niet de vakbond van de mensensmokkelaars te proberen zijn, maar werk te maken van legale migratiekanalen.
Collega's, we hebben vaak debatten over migratie, zowel in de aanloop naar verkiezingen als tussendoor, in scholen en op andere plaatsen. Eigenlijk zeggen veel collega’s daar hetzelfde, namelijk dat we snelle, korte en duidelijke procedures willen. Ik denk dat bijna iedereen in het halfrond ervan overtuigd is dat we dergelijke procedures nodig hebben.
Voorzitter: Wouter Vermeersch,
ondervoorzitter.
Président: Wouter Vermeersch,
vice-président.
Een van de instrumenten in het pact is het concept van veilige landen, waarvoor versnelde procedures gelden. Ik ben daar niet tegen, maar ik vind het zeer belangrijk dat een lijst van veilige landen ook daadwerkelijk uit veilige landen bestaat. Dat is niet hetzelfde als een lijst van landen waarmee we migratiedeals sluiten of landen die niet vanwege hun veiligheidssituatie op die lijst staan, maar vanwege het feit dat we er deals mee maken.
Ik denk bijvoorbeeld aan Egypte. Als men kijkt naar de rechten van mensen met een LGBTQI-achtergrond, dan is dat niet bepaald een topregime. Wanneer aanvragen uit dat land via versnelde procedures worden behandeld, mag ik hopen dat er, ondanks het feit dat het zogezegd een veilig land is, toch extra aandacht zal zijn voor die kwetsbaarheden.
Een tweede element over snelheid maken, is dat men ook in de andere richting kan versnellen. Nu wordt vooral versneld in de richting van landen met een lage beschermingsgraad, maar er zijn ook landen met een zeer hoge beschermingsgraad. Ook daaromtrent zou men in de procedures snelheid kunnen maken. Hoe meer snelheid men daar maakt, hoe meer capaciteit men overhoudt voor moeilijke dossiers waarvoor veel werk nodig is.
De ambitie van het pact is om procedures binnen zes maanden af te ronden. Als ik kijk naar de huidige werkvoorraad – achterstand mogen we blijkbaar niet meer zeggen, want werkvoorraad klinkt beter – dan is die nogal groot. De kans dat wij erin zullen slagen die termijn van zes maanden te halen, lijkt mij dan ook relatief klein.
Corrigeer mij, mevrouw de minister, als ik mij vergis, maar ik denk dat, als ik naar de tabellen kijk – de grootste besparing zult u inderdaad bij Fedasil realiseren op het vlak van de opvang – die generieke besparing van 2 % voor alle diensten ook op uw diensten van toepassing zal zijn. Hoe zullen wij met een dergelijke werkvoorraad en achterstand en met minder middelen toch die termijn van zes maanden halen? Ik zie het gewoon niet.
Een laatste element gaat over snelheid maken, maar niet alleen daarover. Het gaat om twee zaken. Het is goed om een aantal asielaanvragen digitaal te behandelen. Dat kan volgens het pact, maar dat is een mogelijkheid die niet wordt geactiveerd in wat hier vandaag voorligt. Ook dat zou een manier kunnen zijn om, enerzijds, snelheid te maken en om, anderzijds, ook heel gevaarlijke verplaatsingen voor een aantal mensen te vermijden. Het is dan ook jammer dat wij die optie niet hebben gelicht wanneer u beweert dat het een van uw ambities is om snelheid te maken.
Een ander fundamenteel probleem voor mij en mijn fractie is dat wij ervan overtuigd zijn dat vrijheidsberoving zo minimaal mogelijk moet worden ingezet. Een goed beleid zorgt ervoor dat alleen als laatste redmiddel tot vrijheidsberoving wordt overgegaan. Ik zal niet alle debatten van de commissie opnieuw voeren, maar als principe wil ik toch nog eens op tafel leggen dat de manier waarop wij omgaan met de bewegingsvrijheid van asielzoekers en de inperking daarvan, geen goede evolutie is. Voor ons is dat fundamenteel, omdat bewegingsvrijheid een fundamentele vrijheid is.
Voor het inperken van de vrijheid voor criminelen zal ik zij aan zij met u staan. In een procedurele context is het echter nog altijd bijzonder moeilijk om die bewegingsvrijheid in te perken. Wij gaan te ver in de manier waarop wij dat nu implementeren.
Collega's, ik ben al bijna aan het einde van mijn betoog. Mevrouw de minister, ik zal een woord gebruiken waarvan ik weet dat u dat niet graag hoort, maar ik ga het niet laten. In de voorbije decennia hadden Vlaanderen en België in allerlei dossiers, niet specifiek in dossiers inzake asiel en migratie, vaak de gewoonte om aan gold plating te doen en zich de beste van de klas te tonen. Er was het kader, maar wij wilden proberen nog beter te zijn. Die piste hebben wij verlaten. Wij kunnen daar in de buvette gerust over discussiëren of dat een goed idee is of niet. Jullie doen dat echter niet meer, fair enough.
Voor ons is echter fundamenteel en ook de reden waarom wij straks zullen tegenstemmen dat er in het pact voor heel veel zaken een vork is opgenomen qua strengheid, namelijk tussen streng en heel streng. Meestal zit die vork zo. Er zijn weinig vorken tussen heel laks en een beetje streng. Die vork ben ik eigenlijk niet tegengekomen in het pact. De keuze is meestal tussen streng en heel streng.
U kiest er heel consequent voor om heel streng te zijn. Ik vind dat een vorm van shitplating. Ik weet dat u dat niet graag hoort, mevrouw de minister, maar u kiest altijd voor de meeste miserie, voor de meest hardvochtige mogelijkheid die de tekst biedt. Dat is jammer en een slechte zaak.
Mevrouw de minister, ik kom tot mijn conclusies. We weten uiteraard dat de tekst straks zal worden goedgekeurd. Dat zal niet met onze steun zijn. Ik heb geargumenteerd waarom. Ik heb gezegd dat dit een proces is dat geen schoonheidsprijs verdient. Ik hoop dat toekomstige wetgeving wel schoonheidsprijzen zal verdienen. Als dat zo is, zal ik dat ook met veel plezier zeggen.
Ik hoop dat dit standhoudt. Gelet op de teksten die hier al zijn gepasseerd in het kader van asiel en migratie, de procedures die daartegen lopen of hebben gelopen en wat het resultaat daarvan was, hoop ik dat het ditmaal wat solider is.
Mevrouw de minister, ik laat het hierbij.
02.29 Xavier Dubois (Les Engagés): Madame la ministre, le texte que nous examinons aujourd'hui est important en ce sens qu'il traduit dans notre droit national une réforme vaste, une réforme européenne majeure, qui est le fruit de 10 années de négociations, parfois difficiles, entre les différents États membres.
Ce projet s'inscrit dans un ensemble plus vaste de réformes avec une dizaine de règlements et une directive. Il se concentre essentiellement sur les adaptations qui concernent l'Office des étrangers et le CGRA. Je tiens à souligner que ces administrations ont été fortement associées à l'élaboration du projet, ce qui constitue bien entendu une garantie importante quant à sa faisabilité opérationnelle. Il importe de le mentionner.
On sait également que ce travail législatif n'est pas encore achevé. Certains collègues l'ont relevé, la directive Accueil devra suivre prochainement ainsi qu'un projet de loi relatif à Fedasil, en cours de préparation, lequel sera soumis au Parlement dans les meilleurs délais.
Notre pays peut se prévaloir d'être déjà largement aligné sur les standards européens en matière de politique d'asile. Le présent projet apparaît davantage comme un ajustement et une consolidation du cadre existant que comme une refonte radicale de notre système. Cependant, cela ne signifie pas pour autant que les enjeux soient mineurs. De nombreuses questions ont été soulevées à ce propos.
Le Pacte migratoire européen constitue une étape importante vers un régime d'asile européen commun, plus cohérent, plus harmonisé et plus solidaire. Pendant trop longtemps, les États membres ont appliqué des règles différentes entraînant des écarts significatifs dans le traitement des demandes et favorisant des mouvements secondaires au sein de l'Union européenne.
Les chiffres démontrent que cette harmonisation est nécessaire. Il importe de rappeler les chiffres qui concernent la Belgique. En 2025, elle enregistrait 34 439 demandes de protection internationale. Si ce nombre est en baisse par rapport à 2024, il n'en demeure pas moins élevé. Selon les données de l’Office des étrangers, près de la moitié des empreintes digitales relevées auprès des demandeurs d’asile en 2024 ont donné lieu à un résultat positif dans la base de données Eurodac, qui indique qu’une demande avait déjà été introduite dans l’Union européenne ou que la personne concernée y avait déjà séjourné irrégulièrement.
Alors que l’Union européenne a enregistré une diminution d’environ 20 % des demandes d’asile en 2025, la baisse observée en Belgique a été plus limitée. Rapportée à la population, notre pays demeure néanmoins parmi ceux qui accueillent proportionnellement le plus grand nombre de demandeurs. La Belgique reçoit davantage de demandes par habitant que l’Allemagne, la France, l’Italie et environ deux fois plus que les Pays-Bas. Ces constats démontrent qu’une meilleure répartition des responsabilités entre les 27 États membres n’est pas seulement souhaitable, elle est bien sûr indispensable.
Il convient également de rappeler que les négociations qui ont conduit à ce pacte ont été conclues en mai 2024, donc sous la présidence belge du Conseil de l’Union européenne. Elles ont été menées avec le soutien du gouvernement de l’époque. Les marges de manœuvre nationales dans la mise en œuvre sont aujourd’hui nécessairement, bien sûr, limitées. Il ne s’agit pas de renégocier le pacte mais d’en assurer une exécution fidèle.
Ce projet de loi se caractérise par l’équilibre délicat qu’il cherche à atteindre. D’un côté, il vise à rendre des procédures plus efficaces, plus rapides, plus rigoureuses. Je pense notamment au renforcement du filtrage préalable, à l’extension de la base de données Eurodac, aux procédures accélérées, à l’élargissement de certains motifs d’irrecevabilité, à la lutte contre les mouvements secondaires ou encore à l’adaptation des voies de recours. De l’autre côté, le texte maintient et renforce un ensemble de garanties fondamentales. Je pense bien sûr à l’amélioration de l’information des demandeurs, à l’assistance juridique gratuite, à l’évaluation multidisciplinaire de l’âge des mineurs ou encore à la désignation plus rapide d’un représentant pour les mineurs non accompagnés. Et c'est précisément cet équilibre qui a permis de dégager un consensus et qui explique le soutien de notre groupe à ce projet.
Au cours des travaux parlementaires, plusieurs critiques ont bien entendu été formulées. Certains ont regretté un examen dans l'urgence. Bien sûr, il faut rappeler que les nouvelles règles européennes s'appliqueront à partir du 12 juin 2026. Les demandes antérieures continueront cependant à être traitées selon le régime actuel. C'est important aussi à souligner. Et, afin d'éviter l'existence de deux cadres juridiques trop divergents, il était nécessaire d'agir dans les délais.
D'autres ont évoqué aussi la possibilité pour la Belgique de suivre l'exemple danois de s'exclure du régime commun d'asile. Comme la ministre y a répondu, cette proposition ne résiste pas à l'analyse juridique. Le Danemark bénéficie d'un statut dérogatoire historique obtenu lors de la signature du traité de Maastricht et confirmé à plusieurs reprises depuis lors. La Belgique ne dispose d'aucune possibilité comparable. Une remise en cause unilatérale de nos engagements européens exposerait notre pays à des procédures d'infraction, fragiliserait notre position au sein de l'Union et pourrait compromettre l'accès aux mécanismes de solidarité et à certains financements européens. Cette voie serait non seulement juridiquement incertaine, mais politiquement contre-productive.
Notre groupe soutiendra ce projet de loi parce qu'il constitue une étape nécessaire dans la construction d'un système européen plus cohérent et plus équitable. Mais ce soutien n'est pas, bien sûr, un chèque en blanc. Le compromis trouvé dans ce texte est un compromis exigeant et, à bien des égards, précaire également. Il repose sur un équilibre entre efficacité des procédures, maîtrise des flux migratoires, solidarité européenne et respect des droits fondamentaux. Nous serons dès lors particulièrement attentifs à la manière dont ces nouvelles dispositions seront mises en œuvre sur le terrain par les administrations concernées. Et nous veillerons à ce que les objectifs de rapidité et d'efficacité ne se traduisent pas par un affaiblissement des garanties procédurales.
Nous serons tout aussi attentifs à ce que les garanties prévues par le législateur ne conduisent pas à neutraliser les objectifs de bonne gestion et de responsabilisation poursuivis par le Pacte. En d’autres termes, nous soutenons aujourd'hui le texte parce qu’il traduit un équilibre. Nous resterons vigilants demain pour que cet équilibre ne soit pas mis à mal lors de son implémentation concrète.
02.30 Francesca Van Belleghem (VB): Ik bedank u voor uw uiteenzetting, mijnheer Dubois. We hebben al enkele keren gesproken over de terugkeer. Ik wachtte op uw uiteenzetting om na te gaan of u daarover ook zou spreken. Dat was niet echt het geval.
Op dit moment is de terugkeer van illegalen
echter heel prangend. Zeven op de tien asielzoekers hebben geen recht op
verblijf. Wat is het standpunt van u, uw partij of uw ministers over de
terugkeerverordening? Dat is belangrijk om weten, want u kunt spreken over
asiel, maar als zeven op de tien asielzoekers geen recht op asiel hebben, moet
u ook over terugkeer durven te spreken. Vandaar dat wij graag uw standpunt zouden vernemen.
02.31 Xavier Dubois (Les Engagés): Par rapport à cette question sur la politique de retour, je vous renvoie à l’accord de gouvernement, qui reprend des éléments très concrets, très précis.
Concernant le débat sur le règlement Retour au niveau européen, je vous renvoie aussi tout simplement aux déclarations de notre président. Je pense qu’il a été assez clair sur le sujet. En dehors de cela, bien sûr, il y a des discussions au sein du gouvernement. Il faut aussi attendre ce qu’il en sera. Mais de manière très claire, je pense qu’en écoutant ce qui a été dit par notre président, vous avez une réponse à la question.
02.32 Francesca Van Belleghem (VB): Ik neem akte van uw antwoord. Dat is natuurlijk een heel spijtige zaak, maar ik heb er respect voor dat u dat hier durft te vertellen. Dank u.
De voorzitter: Vraagt nog iemand het woord? (Nee) Dan is het woord aan de heer El Yakhloufi.
02.33 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Goedemiddag, collega's, er is al een enorm lang debat geweest over het migratiepact. Ik zal dus proberen mij tot de essentie te beperken.
Om te beginnen is dit een heel belangrijk pact, waarin heel veel vervat zit. Het is een pact waarover 27 landen jarenlang hebben gediscussieerd. Niemand in deze zaal vindt het ideaal. Er staan goede en minder goede punten in.
Voor alle duidelijkheid, het wetsontwerp dat vandaag voorligt, is gebaseerd op een Europese verordening. Het is dus een kwestie van verplichte uitvoering. Vooruit vindt dit wetsontwerp een goede zaak, want laten we eerlijk zijn, ons huidige systeem werkt niet optimaal. De procedures duren te lang, waardoor mensen jarenlang in onzekerheid blijven. De lidstaten werken onvoldoende samen. Secundaire migratie zet echt druk op landen als België. In verhouding tot andere landen vangen we bijzonder veel mensen op. Dat is de realiteit en die moeten we durven te erkennen. Dit is ook een oproep aan de partijen die dat niet erkennen. Dat helpt niemand vooruit, niet de mensen die recht hebben op bescherming, niet de mensen die geen recht hebben op bescherming en evenmin de diensten die elke dag hun werk doen. Uiteindelijk helpt het ook onze samenleving niet vooruit.
Voor ons, voor Vooruit, is een goed migratiebeleid heel duidelijk. Wie recht heeft op bescherming, moet die bescherming krijgen. We moeten ervoor zorgen dat die mensen zo snel mogelijk duidelijkheid krijgen, de taal leren, een opleiding kunnen volgen of aan het werk kunnen gaan en zo snel mogelijk kunnen deelnemen aan de samenleving. Dat is goed voor die mensen zelf. Zij kunnen hier leven, een bijdrage leveren en gelukkig zijn. Dat is ook heel belangrijk voor onze economie en onze welvaart.
Anderzijds moeten mensen die geen recht hebben op bescherming ook een duidelijk perspectief krijgen. We moeten hun duidelijk maken dat ze geen recht hebben op bescherming. We willen die mensen de duidelijkheid geven dat zij in hun land van herkomst hun leven verder kunnen opbouwen. Dat is niet meer dan eerlijk en duidelijk. Sommigen zullen dat streng noemen, anderen zullen het te soft vinden. Voor mij is het heel duidelijk. Ik wil een helder asiel- en migratiebeleid, zonder chaos, en vooral een beleid waarmee we opnieuw grip krijgen op migratie.
Dat moet snel als het kan, correct en rechtvaardig, en ja, ook streng waar nodig. Vanuit die overtuiging, collega's, steun ik dit migratiepact. Migratie stopt niet aan de buitengrenzen van ons land, integendeel. Het heeft dan ook weinig zin dat 27 afzonderlijke landen elk een eigen systeem uitbouwen. Dat werkt niet. Dat is de voorbije jaren al duidelijk gebleken. Iedereen die beweert dat we dit volledig binnen onze eigen grenzen moeten regelen, vergist zich. Dat is een utopie en niet haalbaar.
Het huidige systeem vertoont te veel verschillen tussen de lidstaten. Dat zorgt voor onzekerheid, legt druk op bepaalde landen en leidt tot secundaire migratie. Daarom is meer Europese samenwerking noodzakelijk. Na meer dan tien jaar onderhandelen is het goed dat er eindelijk een gemeenschappelijk kader bestaat. Niet omdat het perfect is, collega's, maar omdat een compromis tussen 27 landen nooit ideaal zal zijn. Het is wel een verbetering ten opzichte van de huidige situatie.
De voorzitter: Mijnheer El Yakhloufi, mevrouw Pas heeft een vraag voor u.
02.34 Barbara Pas (VB): Collega El Yakhloufi, volgens u komt het erop neer dat een bindende Europese samenwerking noodzakelijk is en dat het niet werkt wanneer lidstaten zelf strenger willen zijn en soeverein willen bepalen wie onder welke voorwaarden hun land binnenkomt. Vindt u dan dat Denemarken, onder socialistisch beleid, geen goed asiel- en migratiebeleid voert? Dat land hanteert immers een veel strenger beleid en is niet gebonden door de Europese verplichtingen waarvoor u vandaag pleit.
Ik vind dat de socialisten in Denemarken op dat vlak bijzonder goed bezig zijn. Ik zou daar graag een voorbeeld aan nemen. Ik zou graag zien dat alle Europese landen dat voorbeeld volgen. Dat zou veel beter werken.
02.35 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): In het begin van mijn uiteenzetting heb ik heel duidelijk gezegd dat het mijn doel, en het doel van Vooruit, is om ervoor te zorgen dat we opnieuw grip krijgen op migratie en dat de chaos verdwijnt. Het pact waarover het vandaag gaat, is een pact van 27 landen. Binnen dat compromis tussen die 27 landen zijn verschillende mogelijkheden uitgewerkt. Als u het pact – ik ben ervan overtuigd dit u dat hebt gedaan – grondig hebt doorgenomen, dan ziet u dat er vaak verschillende opties zijn: een softere, een medium en een strengere optie.
Ik denk dat dit pact erin geslaagd is een goede combinatie te vinden. Ook in het wetsontwerp zijn vaak duidelijke en, ja, strenge keuzes gemaakt. Daarom geloof ik dat we op deze manier binnen Europa meer duidelijkheid kunnen brengen in het migratiebeleid.
Als u mij vraagt naar Denemarken, dan geloof ik nog steeds dat we niet uitsluitend naar afzonderlijke landen moeten kijken, maar dat we binnen de volledige Europese Unie tot een compromis moeten komen om een goed migratiebeleid te voeren.
02.36 Barbara Pas (VB): Ik had een beter antwoord verwacht van u, collega El Yakhloufi.
Als een Europees migratiebeleid – wir schaffen das – totale chaos heeft veroorzaakt sinds 2015, dan luidt uw antwoord blijkbaar 'nog meer Europese Unie'. We gaan dus nog meer verplichtingen opleggen en nog meer bepalen wat de lidstaten moeten doen. We gaan nog meer soevereiniteit van de lidstaten afnemen. Ik vind dat geen goede evolutie. Ik zou net het omgekeerde bepleiten, want het pact waarover we vandaag spreken, zal geen oplossing bieden.
Er staan positieve elementen in, maar die wegen voor mij helemaal niet op tegen de vele negatieve elementen die erin vervat zitten. Het uitgangspunt is volledig verkeerd. Wie illegaal op Europese bodem komt, behoudt nog altijd het recht om asiel aan te vragen. Dat uitgangspunt is volledig verkeerd.
Deze richtlijn gaat uit van de rechten van asielzoekers en bepaalt dat lidstaten alleen soepeler mogen zijn wat die rechten betreft, maar nooit strenger. Daarom zou ik graag, met Denemarken als voorbeeld, een beleid zien waarbij lidstaten wel strenger kunnen optreden als ze dat wensen.
02.37 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Een tweede, heel belangrijk element van dit pact is de screening. Het is gewoon gezond verstand dat we weten wie iemand is wanneer die hier binnenkomt, door middel van een identiteitscontrole, een veiligheidscontrole, medische controles en ook een beoordeling van de situatie en de kwetsbaarheid van iemand.
Daarna moet worden bepaald welke procedure volgt. Dat zorgt voor veel meer duidelijkheid, veel betere beslissingen en vooral een efficiëntere behandeling, die bijzonder belangrijk is. Collega's die mij al langer volgen, weten dat het voor mij gigantisch belangrijk is om de procedures efficiënter en sneller te maken. Dat zorgt ervoor dat we de chaos verminderen, en dat zit ook in dit pact.
Snelheid mag echter nooit ten koste gaan van zorgvuldigheid, collega's. Een goed systeem moet snel zijn, maar ook correct en controleerbaar. Vertrouwen in het systeem bouwt men op door kwaliteit en transparantie.
Ik wil in dat verband ook even stilstaan bij de minderjarigen. We zijn zeer tevreden over de multidisciplinaire leeftijdsonderzoeken in het pact. Ik hoor daarover heel veel debatten: voor of tegen, meer of minder leeftijdsonderzoeken... Voor ons gaat het niet over meer of minder leeftijdsonderzoeken, maar over betere leeftijdsonderzoeken. Daarover gaat het. Een leeftijd bepalen, is geen eenvoudige medische oefening. Dat vraagt een totaalbenadering met psychosociale elementen, documenten, verklaringen en, waar nodig, medische expertise. Zo beschermen we minderjarigen beter. Zo zorgen we ook voor rechtszekerheid en correcte beslissingen. Minderjarigen zijn in de eerste plaats kinderen. Kwetsbare jongeren verdienen een zorgvuldige en menselijke aanpak.
De voorzitter: Collega, de heer Van Hoecke heeft een vraag voor u.
02.38 Alexander Van Hoecke (VB): Collega El Yakhloufi, u hebt mij natuurlijk een beetje getriggerd met dat leeftijdsonderzoek. We hebben daarover in de commissie zeer uitgebreid gesproken. Ik heb met handen en voeten proberen uit te leggen waarom het zo belangrijk is dat die leeftijdscontroles worden uitgevoerd, dat we dat zo veel mogelijk kunnen doen en dat dat op een zo objectief en wetenschappelijk mogelijke manier gebeurt.
Dat is nodig om fraude tegen te gaan en om ervoor te zorgen dat minderjarige asielzoekers die hier aankomen en beweren minderjarig te zijn, maar van wie we uit cijfers over de hele Europese Unie en elk Europees land weten dat ongeveer de helft eigenlijk fraudeurs blijken te zijn wanneer ze gecontroleerd worden, er zo snel mogelijk uit worden gehaald.
U betoogt dat het niet gaat om zoveel mogelijk leeftijdscontroles, maar dat we gesprekken moeten voeren en een psychologische benadering hanteren. Daarmee werkt u fraude in de hand. Dat is net het probleem, want dat is wat dit migratiepact in de hand werkt: een systeem dat openstaat voor fraude.
02.39 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mijnheer Van Hoecke, ik herhaal mijn zin even, want u hebt me verkeerd begrepen, maar ik ben er zeker van dat u dat niet bewust hebt gedaan. Ik heb letterlijk gezegd dat het debat niet gaat over meer of minder leeftijdsonderzoeken, maar over betere leeftijdsonderzoeken. Dat is wat ik heb gezegd. Ik geloof daarbij in een multidisciplinair verhaal, waarin die onderzoeken ook een plaats hebben. Als u daarvoor een partner zoekt, dan zult u die in mij vinden, om duidelijkheid te verkrijgen en ervoor te zorgen dat wie minderjarig is, ook als minderjarig wordt erkend. Ik deel uw bezorgdheid en ik zal samen met u, of met iedereen in dit Parlement, strijden tegen misbruik. Ik pik het niet dat daar misbruik van wordt gemaakt. Net met dat multidisciplinaire verhaal kunnen we ervoor zorgen dat minderjarigen die recht hebben op bescherming die ook krijgen en dat mensen die misbruik willen maken van het systeem dat niet kunnen.
02.40 Alexander Van Hoecke (VB): Mijnheer El Yakhloufi, als u het niet pikt dat er misbruik wordt gemaakt van dit systeem, dan kunt u dit migratiepact niet aanvaarden. Vandaag beschikken we over een systeem met medische, objectieve tests. We gaan echter een systeem invoeren dat op maat gemaakt is van opengrenzen-ngo's en asieladvocaten, die zoveel mogelijk loopholes en losse eindjes willen vinden om leeftijdsbeoordelingen aan te kunnen vechten. Er bestaat een objectieve, wetenschappelijke manier om leeftijd vast te stellen en die wordt met dit migratiepact naar het einde van de procedure verschoven en eigenlijk zelfs volledig van tafel geveegd. Het zal niet lang duren vooraleer Europese rechtspraak medische leeftijdstesten volledig onmogelijk maakt. Als u misbruik echt wilt tegengaan en daarin een bondgenoot wilt zijn, dan verwerpt u samen met ons dit migratiepact en durft u ook minstens te zeggen waar het op staat: dit pact zal misbruik alleen in de hand werken.
02.41 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Ik kom bij een heel belangrijk punt in mijn tussenkomst, collega's. Volgens mij zijn het juist de partijen die ervoor zorgen dat we op deze manier over het migratiepact blijven spreken en de zaak zo lang mogelijk rekken, die de voorstanders van open grenzen alle kansen geven. Ik heb het over de partij die ervoor zorgt dat de Europese implementatie van de verordening terugkomt en dat de Europese verordening niet afgestemd raakt op de Belgische wetgeving. Dat laat ik niet gebeuren!
02.42 Alexander Van Hoecke (VB): Collega El Yakhloufi, nu triggert u mij. Mijn betoog, waarin ik met handen en voeten heb proberen uit te leggen waarom dit een slechter systeem is en wat het enorme effect zal zijn met betrekking tot frauderende asielzoekers, gebruikt u als argument om te zeggen dat Vlaams Belang aan het filibusteren is en ervoor zal zorgen dat al die opengrenzen-ngo's gelijk krijgen. Ik snap het niet. Ik denk niet dat iemand u op dit moment nog volgt, collega El Yakhloufi.
We hebben aangetoond – en we hebben dat urenlang gedaan, met voorbeelden uit de rechtspraak en uit andere Europese landen – wat er precies mis is met het migratiepact en wat de impact zal zijn op fraude en op frauderende asielzoekers.
U kunt ons echt niet verwijten dat wij net aanklagen hoe die opengrenzen-ngo's hun gang zullen kunnen gaan en dat wij degenen zouden zijn die de deuren wagenwijd openzetten voor mensensmokkel. Dat kunt u ons echt niet verwijten, collega El Yakhloufi!
02.43 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mijnheer Van Hoecke, wij hebben er nadien nog even kort over gesproken. Ik heb naar uw uiteenzetting geluisterd. Ik heb het grootste deel van de commissievergadering gehoord, van alles wat daaromtrent is verklaard.
Als u het migratiepact juist bekijkt, dab sluit het dat niet uit. Het tegendeel is waar. Wat zegt het pact? Het wordt een multidisciplinair iets. Dat zorgt ervoor dat de volgorde mogelijk wijzigt maar dat alle opties duidelijk zijn, dat het pakket wordt verruimd en uitgebreid en dat wij zeker duidelijkheid hebben.
Daarnaast mag dat geen vertraging veroorzaken. Die bezorgdheid deel ik natuurlijk wel. Dat is wat ik altijd benadruk. U kunt mij volgen in de commissie voor Binnenlandse Zaken. U bent daar zeker welkom. U kunt daar zeker ook een enorme meerwaarde bieden. De versnelling van de procedure is in dat verband gigantisch belangrijk.
De versnelling van de procedure mag dus geen aanleiding geven tot misbruik om de operatie te vertragen. Die opmerking deel ik dus. Het is een en-enverhaal. Het is niet het ene of het andere. Het is een en-enverhaal. Dat is een bijzonder belangrijk aspect van dat multidisciplinaire verhaal.
02.44 Alexander Van Hoecke (VB): Mijnheer El Yakhloufi, ik heb nog een laatste bemerking daarover.
Kijk gewoon eens naar alle aspecten die wij in de commissie hebben besproken en die wij hebben aangehaald om aan te tonen dat ze de deuren wagenwijd openzetten voor misbruik, voor opengrenzen-ngo's en voor asieladvocaten om het maximale uit die procedure te halen en ervoor te zorgen dat zij procedurefouten kunnen vinden.
Kijk eens wie al die bepalingen toejuicht. Kijk eens wie daarachter staat. Kijk eens wie bij de besluitvorming eigenlijk de input heeft gegeven en wie daar tevreden mee is. Dan hebt u het antwoord op de vraag. Dat zijn net die opengrenzen-ngo's en die asieladvocaten. Zij staan te springen voor die regelgeving. U weet denkelijk ook wel waarom zij daarvoor staan te springen.
De voorzitter: Mijnheer El Yakhloufi, u kunt uw uiteenzetting vervolgen.
02.45 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mijnheer de voorzitter, wij zijn bij het derde punt gekomen, dat misschien wel de belangrijkste ambitie van het pact is. Voor mij persoonlijk is dit het belangrijkste onderdeel van het pact, namelijk de versnelling van de procedures. Dat moet echt gebeuren, want jarenlange onzekerheid helpt niemand. Wie bescherming nodig heeft en daar recht op heeft, moet snel een toekomst kunnen opbouwen. Die moet de taal kunnen leren, een opleiding kunnen volgen, kunnen werken en kunnen integreren.
Nogmaals, hetzelfde geldt voor mensen die geen recht hebben op bescherming. Dat zijn de mensen die ons systeem vertragen en er misbruik van maken. Ook voor hen moeten de procedures sneller en duidelijker verlopen. Ook wie hier niet mag blijven, moet daar zo snel mogelijk duidelijkheid over krijgen. Er zijn mensen die denken: ik kom naar België en ik kan hier vijf, zes, zeven of acht jaar blijven. Ik heb daar schriftelijke vragen over gesteld. Er zijn mensen die hier al meer dan zeven of acht jaar verblijven, van wie de kinderen de kleuterschool en de lagere school hebben doorlopen, waarna we zeggen dat ze moeten vertrekken. Dat is problematisch.
We moeten ervoor zorgen dat de procedures sneller en efficiënter worden. Daarom ben ik tevreden met deze aanpak. Voor Vooruit, is de lijn heel duidelijk. Wie bescherming nodig heeft, moet snel duidelijkheid krijgen. Wie geen bescherming kan krijgen, moet daar eveneens snel duidelijkheid over krijgen en moet zijn of haar leven opnieuw kunnen opbouwen in het land van herkomst. Dat moet snel gebeuren als het kan, maar altijd correct, rechtvaardig en waar nodig streng. Dat is eerlijk voor iedereen. De regels gelden immers voor iedereen.
Tot slot wil ik nog een punt bespreken, namelijk de secundaire migratie. België kent een grote instroom van mensen die al in andere Europese lidstaten een aanvraag hebben doorlopen. Dat zet enorme druk op onze diensten.
We hebben geïnvesteerd in de migratiediensten. Ik geloof dat we moeten investeren zodat ons personeel en onze medewerkers de procedures zo snel mogelijk kunnen afhandelen. De realiteit is echter dat er een enorme druk rust op onze migratiediensten. Daarom vind ik het logisch dat we druk uitoefenen op de andere Europese landen om hun verantwoordelijkheid te nemen. Mevrouw de minister, dat is ook uw taak. De intenties in dit pact zijn goed, maar als we willen dat het echt slaagt, moeten we er ook voor zorgen dat alle 27 lidstaten hun verantwoordelijkheid nemen en dat de Europese solidariteit daadwerkelijk wordt gerealiseerd.
02.46 Francesca Van Belleghem (VB): Mijnheer El Yakhloufi, u zei dat u aan uw laatste punt begon. Ik had graag gehad dat dat over terugkeer ging, meer bepaald over de illegalen, die moeten terugkeren naar hun land van herkomst, maar dat was niet het geval. Wat is het standpunt van Vooruit over de terugkeerverordening? Wilt u dat illegalen in terugkeerhubs worden opgevangen om ze dan terug te sturen naar hun land van herkomst? Wat is het standpunt van uw fractie en uw partij daarover? Wat is het standpunt van de ministers?
02.47 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Dank u voor de vraag, maar ik zal u jammer genoeg moeten teleurstellen. We zijn daarover op dit moment in het kernkabinet aan het onderhandelen – zo werkt het – en zodra daar een beslissing valt, zult u het standpunt van de regering vernemen. Ik zal hier nu niet zomaar iets zeggen om u tevreden te stellen. We voeren die gesprekken volop in de regering en u zult het resultaat daarvan zeker vernemen.
02.48 Francesca Van Belleghem (VB): De gesprekken zijn natuurlijk al zeer lang bezig. Wanneer verwacht u de apotheose van die gesprekken? Wanneer zal er eindelijk worden beslist? Over de terugkeerverordening wordt immers binnenkort gestemd in het Europees Parlement. Tegen dan moet u toch kleur bekennen. Tegen wanneer moet die beslissing worden genomen? Wanneer zullen we eindelijk weten waar de regering voor staat?
02.49 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Mijnheer El Yakhloufi, ik hoor graag dat procedures kort, snel en duidelijk moeten zijn. In het pact staat dat beslissingen binnen zes maanden moeten worden genomen, maar papier is gewillig. De vraag is hoe u dat zult bewerkstelligen en vooral met minder budget. De werkvoorraad – het mooie woord voor achterstand – is immers gigantisch. Koken kost geld. Als u de achterstand weg wilt werken, hebt u budget nodig, maar er is minder budget. Minder budget betekent meer achterstand. Hoe zullen we de procedure dan kunnen beperken tot zes maanden?
Ik heb mijn vraag drie keer herhaald in een andere vorm, zodat u wat tijd had om na te denken. Ik kijk uit naar uw antwoord.
02.50 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mijnheer Vandemaele, u stelt mij toch enorm teleur. U hebt vorige week kennelijk niet geluisterd naar mijn vraag in plenaire vergadering, noch naar mijn vragen in de commissie. Ik ben juist een van de grootste voorstanders van investeringen. Als ondernemer weet ik dat, als men een of ander proces wil versnellen en verduidelijken, men moet investeringen in efficiëntie van de onderneming, in dit geval de overheid, om zo de instroom te doen dalen en procedures sneller te laten verlopen.
Ik pleit daar elke dag voor, in de plenaire vergadering en in de commissie. We moeten investeren in personeel en efficiëntie. Voor alle duidelijkheid, ik wil niet dat er zomaar met geld wordt gesmeten. We moeten er op een efficiënte manier voor zorgen dat de procedures duidelijker zijn en sneller verlopen. Met de oprichting van de FOD Migratie ligt een heel belangrijk vraagstuk op tafel, waar ik kritisch mee bezig ben. Mits investeringen zullen we de procedures kunnen verkorten.
02.51 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Mijnheer El Yakhloufi, ik stel u blijkbaar teleur, maar Vooruit stelt mij al even teleur. We zijn dus met twee.
U zegt dat er sneller en efficiënter moet worden gewerkt. Moeten we daaruit concluderen dat dat in het verleden niet het geval was? Overigens, u kunt niet ervoor pleiten dat er geïnvesteerd moet worden, maar in de feiten toch besparen. Dat is immers de realiteit. Hoe kunt u efficiënter werken, als u bespaart in plaats van investeert?
02.52 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): We moeten ervoor zorgen dat alle lidstaten hun verantwoordelijkheid voor aanvragers ook echt opnemen. Mevrouw de minister, ik wil u vragen om in Europa, samen met de eerste minister, de nodige druk te zetten. Het systeem zal immers alleen werken met internationale en Europese solidariteit. Ik ben ervan overtuigd dat wij het migratieprobleem als land niet alleen kunnen oplossen. Daarvoor hebben we een sterke Europese Unie nodig.
Nogmaals, het migratiepact is niet het perfecte instrument, maar het geeft wel de juiste impuls. Het is een duidelijke stap vooruit. Het biedt duidelijke richtsnoeren inzake migratie. Aan alle partijen die durven te beweren dat het pact voor meer migratie zal zorgen, zeg ik dat zij het pact niet grondig hebben gelezen.
Collega's, in het migratiedebat staan sommigen voor een hardere aanpak en nultolerantie en tegen opvang, zoals mevrouw Van Belleghem, terwijl anderen net voor meer opvang pleiten, ook in die partij, ten bewijze de video van de commissievergadering. Dat was niet erg consequent. Als u mij daarover wilt onderbreken, ga gerust uw gang. Ik wil zelfs een VAR-check doen van de beelden van de commissievergadering; ik heb ze zelfs op mijn gsm klaarstaan.
Sommige partijen pleiten zelfs voor regularisering. Dat is problematisch. Wie durft te zeggen dat we grote groepen moeten regulariseren, is niet goed bezig. Wij moeten daarentegen duidelijkheid brengen. Herinner u wat vorige regularisatierondes hebben opgeleverd. Dat zorgde ervoor dat vreemdelingen zo lang mogelijk in de illegaliteit bleven, waardoor ze, als ze pech hadden, misbruikt werden of in de mensenhandel of -smokkel terechtkwamen. Zijn wij dan zo goed bezig? Is dat het links van de PVDA? Doe zo’n uitspraken niet. Als u echt links en sociaal bent, zorg ervoor dat we weer grip krijgen op migratie.
Bij Vooruit gaat het niet er niet om dat we harder dan wel zachter moeten optreden. Wij willen een beleid dat werkt, dat duidelijkheid brengt, dat ervoor zorgt dat de procedures sneller verlopen, dat rechtvaardig is en dat vooral kwetsbare mensen beschermt. Wij willen een beleid dat misbruik van de procedures tegengaat en dat het vertrouwen in ons asielsysteem versterkt.
Mevrouw de minister, onderhavig wetsontwerp zal jammer genoeg niet alle uitdagingen oplossen. Dat is de realiteit, maar er worden daarmee wel enkele stappen vooruit gezet: meer Europese samenwerking, meer uniforme regels, meer duidelijkheid, snellere procedures, een betere aanpak van secundaire migratie en een efficiënter organisatie van ons asielsysteem. Voor Vooruit blijft de kern van het debat bijzonder eenvoudig. Wie bescherming nodig heeft, moet die snel krijgen en wie daar geen recht op heeft, moet dat duidelijk en snel weten met het oog op de terugkeer naar het land van herkomst. Het beleid moet snel uitsluitsel bieden en correct, rechtvaardig en, waar nodig, streng zijn. Dat is goed voor de mensen en voor de samenleving, dat zal helpen ons systeem weer op orde te krijgen en dat zal het draagvlak in onze samenleving stutten. Daarom zal onze fractie het wetsontwerp steunen.
02.53 Greet Daems (PVDA-PTB): Mijnheer El Yakhloufi, als ik u goed begrepen heb, maar verbeter mij zeker als dat niet het geval is, dan verwijt u ons nu dat wij hebben gepleit voor tijdelijke verblijfsvergunningen voor mensen uit Afghanistan.
Wat is nu de realiteit? Ze zitten hier in een vacuüm. Ze worden niet erkend, maar ze kunnen ook niet terugkeren. Wij dringen erop aan om hun een tijdelijke verblijfsvergunning te geven of om hen te regulariseren op basis van objectieve individuele criteria, waar wij voorstander van zijn. Wat doet de arizonaregering echter? Zij onderhandelt met de taliban om de Afghanen terug te sturen. Wat stelt u dan eigenlijk voor, mijnheer El Yakhloufi? Wat is uw mening over het feit dat uw regering met de taliban onderhandelt over terugkeer?
02.54 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): Mevrouw Daems, u nam niet het woord tijdelijk, maar het woord permanent in de mond. De beelden zullen het bewijzen. Nu hebt u het wel over een tijdelijke vergunning. Er is een probleem met uw permanente oplossing. Laat ik de vraag omdraaien, mevrouw Daems, collega’s van de PVDA. Zegt u aan mensen uit Afghanistan die hier niet mogen blijven, feiten plegen, de openbare orde verstoren, doe maar? Eigenlijk komt uw boodschap erop neer dat zij mogen doen wat zij willen, want er hangt geen enkele consequentie aan vast. Dat is wat de PVDA zegt.
02.55 Greet Daems (PVDA-PTB): Mijnheer El Yakhloufi, ik vind het nu wel heel erg dat, terwijl ik het heb over mensen uit Afghanistan, u dat onmiddellijk ombuigt en ze mensen die feiten plegen, noemt. U bent hier vluchtelingen aan het criminaliseren. Het is ongehoord. (Protest van de heer El Yakhloufi)
Bovendien antwoordt u niet op de vraag wat uw mening is over de onderhandelingen van uw regering met de taliban.
02.56 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Collega El Yakhloufi, ik was getriggerd door uw uitspraak dat u de meest kwetsbaren wilt beschermen. Mijn vraag is eigenlijk heel eenvoudig. Hoe wilt u de meest kwetsbaren beschermen, als u alle legale migratiekanalen afbouwt of stillegt? Wie heeft het hervestigingsprogramma stilgelegd? Dat is gebeurd dankzij Vooruit. Gezinshereniging is supermoeilijk geworden, bijna onmogelijk, dankzij Vooruit. Voor de mensen voor wie al beslist was dat ze uit Gaza geëvacueerd konden worden, ligt alles stil, mede dankzij Vooruit. Het is dus heel gemakkelijk om te zeggen dat u de kwetsbaren wilt beschermen, maar uw daden spreken dat tegen. Binnenkort zult u ook samenwerken met de taliban. Zult u op die manier de kwetsbaren beschermen? (…)
02.57 Achraf El Yakhloufi (Vooruit): (…) uw uitspraken hebben helemaal niets te maken met het wetsontwerp.
Mijnheer Vandemaele, het was dankzij Vooruit, dat aspecten als het belang van het kind in het regeerakkoord werden verankerd. Vandaar dat wij in een multidisciplinaire aanpak voor elk dossier dat op tafel ligt, die toetsing doen. U zult dat ook kunnen vaststellen bij de bespreking van volgende wetsontwerpen. Wat u beweert, is niet correct. Als het aan de partij Groen ligt, is het heel duidelijk. Dan zullen we kumbaya zingen rond een kampvuur, kiezen we voor een opengrenzenbeleid en scheppen we geen duidelijkheid. Dat zal ik nooit toelaten. Ik zal ervoor zorgen dat we duidelijke grip krijgen op migratie, dat degenen die wel recht op asiel hebben, dat krijgen en dat we ook duidelijk zijn tegenover degenen die er geen recht op hebben.
02.58 Matti Vandemaele (Ecolo-Groen): Het humoristische uurtje gaat verder. U kunt dus gewoon niet antwoorden, collega El Yakhloufi. U begint maar wat zinloos te ratelen, met alle respect. Het hoger belang van het kind? Laat ik niet lachen. Alles wat u hier aan teksten hebt aangebracht, wordt tot op de grond afgebrand door de Vlaamse en Waalse kinderrechtencommissaris. Sorry, met alle respect, maar u kunt dat soort riedeltjes hier niet blijven vertellen.
Daarnaast heb ik u gevraagd wat u zult doen inzake legale migratie. Daarop antwoordt u gewoon niet. Uw partij heeft bijgedragen aan de stopzetting van alle legale migratiekanalen. Dat is de verdienste van Vooruit. Dankzij Vooruit is gezinshereniging strenger geworden. Dankzij Vooruit is het hervestigingsprogramma stopgezet. Dankzij Vooruit kunnen de mensen die recht hebben op evacuatie uit Gaza, niet geëvacueerd worden. Sorry, u maakt deel uit van de regering. U kunt niet blijven zeggen dat u uw uiterste best doet. De feiten zijn wat ze zijn en de feiten spreken u tegen.
02.59 Sandro Di Nunzio (Anders.): Collega's, bedankt voor het boeiende debat dat we tot nu toe hebben mogen voeren over migratie, zonder twijfel een van de meest complexe materies die we in het Parlement behandelen.
Bij al die Europese verordeningen en bij dat vorige wetsontwerp met betrekking tot de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen komen zodanig veel facetten kijken. De juridische complexiteit is amper te overzien, daarover moeten we eerlijk zijn.
Tegelijk is het een materie die zeer sterk polariseert. We zien het hier vandaag opnieuw, en we hebben het ook gezien in de commissie en in de debatten, maar vooral ook op de sociale media, van verschillende partijen. Heel vaak gaat de nuance jammer genoeg compleet verloren. Onder meer de vorige spreker heeft opgemerkt dat men dan vaak vervalt in sloganeske retoriek. Langs de ene kant heb je de veeleer populistische, extreemrechtse partijen, zoals ik daarnet nog mevrouw Van Belleghem hoorde spreken. Die partijen focussen eerder op alles wat nationaal of regionaal geregeld moet worden, want Europa is volgens hen niet de oplossing. We must take back control. We moeten het zelf doen, want dan zullen we het goed kunnen organiseren, strenger en kordater. Aan de andere zijde horen we de meer activistische partijen op links en extreemlinks. Zodra er iets wordt verstrengd of kordaat wordt aangepakt, is dat volgens hen een schending van de mensenrechten; dan is het meteen problematisch en eigenlijk onmenselijk.
Ik vind het jammer dat we vaak op die manier spreken, want ik durf vermoeden dat we achterliggend allemaal hetzelfde denken. Als mensen op de vlucht zijn voor oorlog of het risico lopen vermoord te worden voor hun politieke overtuiging of religie, dan vindt iedereen in deze zaal, van rechts tot links, dat die mensen minstens tijdelijk bescherming moeten krijgen. Ik denk dat we het daar allemaal over eens zijn. Ik denk ook dat we, van links tot rechts, allemaal vinden dat we liever geen misbruiken zien. Mensen die hier niet moeten zijn, maar die hier zijn om het systeem te belazeren, willen we hier niet hebben. Natuurlijk bekijkt de ene partij dat iets negatiever en strenger en ziet die overal misbruik, terwijl de andere partij overal mensen ziet die het goed voorhebben en die we vooral zo zacht mogelijk moeten behandelen.
Mijn partij en mijn fractie staan in het midden in dit debat. We proberen daar genuanceerd mee om te gaan. Dat is ook de reden waarom wij uw wetsontwerp vandaag zullen steunen en goedkeuren, zoals we ook al zeiden in de commissie.
Collega's, de vraag is niet of er migratie kan of mag zijn. Migratie zal er immers uiteraard altijd zijn. De vraag is wie de regie voert, wie de regie in handen moet nemen. Het is onze overtuiging dat Europa een belangrijk deel van die regie in handen moet nemen. Als we in ons land een streng maar rechtvaardig asiel- en migratiebeleid willen voeren, dan moet Europa controle hebben over de buitengrenzen. Dat is absoluut noodzakelijk.
Europa moet controle hebben over wie al dan niet een voet op Europees grondgebied en in onze lidstaten mag zetten. Europa moet helder bepalen wie recht heeft op opvang en wie niet. Europa moet ook mee de regie voeren over wie al dan niet moet terugkeren en daarvoor de nodige hefbomen hebben. Daarover gaat het.
In dat kader zijn we heel blij dat het migratie- en asielpact is goedgekeurd. Dat pact is echter zeker niet perfect. Het bewijst wel dat een streng beleid hand in hand kan gaan met een menselijk en rechtvaardig beleid.
Is dit migratie- en asielpact perfect? Nee, uiteraard niet. Is dit een wondermiddel waarmee alle misbruiken worden weggewerkt en waardoor we geen migranten meer over de vloer krijgen die hier niet moeten zijn? Nee, want het is zeker geen mirakeloplossing. Het is wel absoluut een goede en noodzakelijke stap in de goede richting.
Waarom? Wat is het fundamentele probleem? Een aantal collega's hebben daar al op gealludeerd. Ik heb het ook gezegd in de commissie. Vandaag hebben we effectief een extreme versnippering tussen de verschillende lidstaten. U kunt toejuichen dat een lidstaat meer controle wil, maar het probleem is dat een systeem waarin iedere lidstaat eigen regels, procedures en criteria hanteert, chaotisch en oncontroleerbaar wordt. Op het niveau van Vlaanderen of België, als klein land binnen een grotere Europese Unie, geldt hetzelfde. Als iedereen daar op die manier mee omgaat, ontstaat een oncontroleerbaar systeem. Het resultaat is dat aan asielshopping kan worden gedaan en dat er sprake is van secundaire bewegingen. Migranten, asielzoekers en vluchtelingen kunnen binnen dat chaotische Europese systeem op zoek gaan naar de lidstaat met de gunstigste opvangvoorwaarden of de langste procedures. Daar kunnen zij desgevallend voordeel uit puren. Binnen onze Schengenzone is dat nefast, omdat die bewegingen mogelijk zijn.
Ik wil daarmee uiteraard niet een hele groep migranten, vluchtelingen of asielzoekers culpabiliseren. Er kan echter misbruik van worden gemaakt en het kan ook aanzetten tot misbruik. Door die chaos verliezen we controle. Controle is net wat we nodig hebben. Dat is ook wat dit migratie- en asielpact effectief bewerkstelligt.
Voor onze fractie is het duidelijk. We kiezen voor een Europees migratiesysteem. Binnen de Schengenzone hebben we open binnengrenzen en dat is een fantastische verworvenheid. Ik denk dat misschien niet iedereen, maar wel de meesten het fantastisch vinden dat we ons binnen de Schengenzone vrij kunnen bewegen. Dat heeft ons enorm veel mogelijkheden geboden, ook voor onze interne markt. Een beleid van open binnengrenzen kan echter alleen op een degelijke manier worden beheerd als aan de buitengrenzen een krachtig, en wat ons betreft zelfs federaal, Europees beleid wordt gevoerd. Dat hebben we nodig aan de buitengrenzen als men een beleid van open binnengrenzen wilt hebben.
Op dat vlak, misschien niet qua uitvoering van het beleid, maar wel qua systematiek, kunnen we naar de Verenigde Staten kijken. Daar kan men van Texas naar Californië reizen zonder grenscontroles te moeten passeren. In Washington wordt echter wel bepaald wat de uniforme voorwaarden zijn om het land te mogen binnenkomen en op welke manier die worden gehandhaafd. Dat systeem missen we in Europa. Dat is de federale vuist die we moeten maken.
De uiteindelijke beslissing ligt nog te vaak bij de individuele lidstaten. Die complexiteit is vandaag de beste vriend van degenen die het systeem willen misbruiken, namelijk de open-grensadvocaten, al hebt u daarmee misschien niet altijd een even respectvolle betiteling gegeven. Dergelijke advocaten kunnen van de procedures misbruik maken. Laten we echter duidelijk zijn, wie geen recht heeft om in de ene EU-lidstaat te blijven, zou dat recht ook niet mogen hebben in een andere EU-lidstaat. Op dat vlak moeten we de lijn doortrekken om asielshoppen tegen te gaan.
Wat betekent het pact concreet en waarom steunen wij het? Ik val voor een stuk in herhaling. Als liberalen steunen wij die stap naar een meer eengemaakt Europees migratiebeleid. Het zorgt immers voor snellere procedures en een kordaat terugkeerbeleid aan de grens. Met het EU-migratiepact komt er een verplichte, hopelijk waterdichte screening aan de Europese buitengrenzen of bij eerste binnenkomst. Wie uit een land komt met een lage erkenningsgraad, gaat onmiddellijk in een versnelde grensprocedure. Wij vinden dat een goede zaak. Zo bepalen wij en niet de mensensmokkelaars wie ons grondgebied binnenkomt, dat hopen wij toch althans.
Het tweede punt is een betere bescherming.
De voorzitter: Collega Di Nunzio, vooraleer u dat tweede punt aansnijdt, onderbreek ik u even, want collega Aouasti wenst u een vraag te stellen.
02.60 Khalil Aouasti (PS): Monsieur le président, j'interviendrai rapidement. Le collègue Di Nunzio – que j'apprécie beaucoup – reprend une rhétorique qui m'énerve profondément: la rhétorique des avocats activistes. Je vais prendre un exemple que je connais bien, et que vous connaissez peut-être aussi, collègue Di Nunzio, vu que vous êtes mandataire local.
Depuis plus de 20 ans, un contentieux existe concernant les taxes communales sur les antennes GSM. Les communes les taxent, mais des avocats les contestent au nom des opérateurs téléphoniques, qui ne les paient jamais. Il s'agit de contentieux qui perdurent depuis 20 ans. Les avocats de ces opérateurs, qui ne payent pas ces taxes destinées à financer le bien public, peuvent-ils être considérés comme des avocats activistes? Si oui, quelle est la différence entre ces avocats, qui utilisent les procédures juridiques pour défendre leurs clients, et ceux qui recourent également à ces procédures pour défendre leurs clients en droit des étrangers?
À un moment donné, si l'on reproche à un avocat de faire du droit et de défendre (…)
02.61 Sandro Di Nunzio (Anders.): Ik kan u geruststellen, collega. Ik vind dat we alle procedureadvocaten in om het even welk domein in dezelfde hoek mogen zetten. Procedureadvocaten gebruiken en misbruiken het systeem binnen het wettelijke kader. Dat is een praktijk die we moeten proberen in te perken door de regels duidelijker te maken.
Inzake asiel en migratie, omgevingsvergunningen en allerlei andere materies, zoals strafrecht, zijn er advocaten die er een spel van maken om het systeem en de regels te misbruiken zodanig dat de regels niet kunnen worden gebruikt waarvoor ze dienen, met name ervoor zorgen dat er recht wordt gesproken voor de rechtsonderhorigen binnen een redelijke termijn. Ik wil daarmee asiel- en migratieadvocaten niet stigmatiseren, want dat geldt voor alle advocaten in alle materies. Het is een verfoeilijke praktijk van alle advocaten die dat doen. Ik wilde niet zeggen dat er alleen maar activistische advocaten zijn, want dat is zeker niet het geval. Dat geldt voor alle advocaten en alle materies.
02.62 Khalil Aouasti (PS): Dont acte. À l'avenir, je déposerai une proposition de loi en contentieux fiscal pour interdire l'appel, la cassation et faire en sorte d'imposer à six mois maximum des traitements et j'ose espérer que le groupe Anders., les libéraux et tous voteront avec nous puisqu'on considérera que ces avocats fiscalistes, qui utilisent en fait les recours d'un contentieux fiscal pour faire en sorte d'éluder l'impôt pendant plus de dix ans, sont des avocats fiscalistes.
Je prends acte, je demande à ce que ce soit noté et j'ose espérer que, par cohérence, avec ce qui est dit, les collègues libéraux voteront avec moi la prochaine fois.
De voorzitter: Collega’s, ik word er door de diensten op gewezen dat verschillende collega’s een laat middagmaal, een vroeg avondmaal of zelfs een vieruurtje aan het nuttigen zijn in het halfrond. Gelieve er rekening mee te houden om dat niet te doen. Alvast bedankt.
02.63 Sandro Di Nunzio (Anders.): Ik wil daar in mijn gewone spreektijd nog aan toevoegen dat we elk voorstel verwelkomen dat leidt tot een minder complexe regelgeving en een minder complexe Staat, ook als het van de PS of van de heer Aouasti komt. Of het nu gaat over fiscaliteit, asiel en migratie of iets anders, we zullen elk voorstel beoordelen op zijn merites. We mogen er niet van worden verdacht dat we de ene materie zachter zouden behandelen dan de andere. Elk voorstel dat leidt tot minder complexiteit zullen we beoordelen op zijn merites. Dat wil ik toch even duidelijk stellen. Ik denk dat we het daarover eens kunnen zijn, collega.
Ik was bezig over het Europees migratie- en asielpact en de elementen daarin die we goed vinden. Ik wou het hebben over de bescherming van kwetsbare kinderen via Eurodac. U weet wellicht dat de afgelopen jaren in Europa meer dan 15.000 minderjarige migranten spoorloos zijn verdwenen. Dat is een vreselijke realiteit, waarbij die minderjarigen helaas een vogel voor de kat zijn op het vlak van mensensmokkel en seksuele uitbuiting.
Dankzij de vernieuwde Eurodac-verordening verlagen we de leeftijdsgrens voor registratie van 14 naar 6 jaar. Dat zou de instanties hopelijk in staat moeten stellen om minderjarige slachtoffers van mensenhandel sneller te identificeren en op te sporen. Dat is een van de belangrijke verbeteringen die de Eurodac-verordening mogelijk maakt.
Last but not least – wij hebben daaromtrent een andere lezing van de feiten dan het Vlaams Belang – wij juichen uiteraard toe dat er in het migratie- en asielpact nu sprake is van echte Europese solidariteit en harmonisatie. Het beschermingsstatuut wordt geharmoniseerd en de opvang van asielzoekers wordt eerlijk verdeeld binnen Europa. Landen die vinden dat ze al genoeg doen of niet meer mensen willen of kunnen opnemen, moeten financieel bijdragen. Dat is een verbetering ten opzichte van de huidige situatie, waarbij iedereen zijn eigen goesting doet, voor zijn eigen deur veegt en zich verder niets aantrekt van wat er in andere EU-lidstaten gebeurt. Als we bekijken wat er allemaal in het pact staat, dan vragen we ons oprecht af wie daartegen kan zijn.
Uit het verslag van de federale Ombudsman – u hebt dat wellicht ook gezien, collega’s – blijkt dat er meer dan 1.200 klachten over migratie zijn ingediend, waarbij de federale Ombudsman waarschuwt voor de lange behandelingstermijnen. We hebben dat gezien en ik denk dat we daar allemaal verontwaardigd over zijn. Ik denk dat we met dit wetsontwerp, dat uitvoering geeft aan het migratie- en asielpact, net een stap vooruitzetten. De controle op de migratiestromen wordt immers versterkt, de procedures worden verkort en misbruiken zullen worden aangepakt via de uitgebreide screening en de Eurodac-controles.
Ik durf te hopen dat, als het wetsontwerp hier goedgekeurd geraakt, dat wat de federale Ombudsman aanklaagt ook daadwerkelijk zal worden aangepakt. We zullen dit steunen, want harmonisering op Europees niveau, strengere buitengrenzen en strenge procedures, daar kunnen we niet tegen zijn.
In de commissie heb ik ook een aantal punten van kritiek geformuleerd en ik zal dat hier opnieuw doen. Het is niet omdat we dit wetsontwerp zullen steunen, mevrouw de minister, dat alles daarmee in orde is. Deze regering slaagt erin, ook u binnen Asiel en Migratie, om bij het afleveren van wetsontwerpen nu en dan juridisch broddelwerk af te leveren. Daarmee wil ik niet zeggen dat het volledige wetsontwerp nergens op trekt. Neen, er moest op korte termijn snel worden gehandeld, maar er zijn toch een aantal punten waarover kritische bemerkingen zijn geformuleerd door de Raad van State, de GBA en andere adviesinstanties.
Ik moet eerlijk toegeven, collega's, dat dit stilaan een handelsmerk van de arizonaregering wordt als er compromissen worden gesloten. Ofwel gaat het om compromissen die door niemand worden gedragen, zoals de centenindex. Niemand staat daar nog achter, maar toch werd dat goedgekeurd. Ofwel worden er compromissen gesloten die nodeloos complex zijn, zoals de btw-hervorming. Niemand begreep dat nog en dat moest uiteindelijk terug naar de tekentafel worden gestuurd. Ofwel worden er beslissingen genomen waarbij de middenklasse wordt belast. We hebben hier al verschillende voorbeelden genoemd: de meerwaardetaks, de effectentaks, te veel om op te noemen. Ofwel worden er beslissingen genomen die juridisch niet altijd goed in elkaar zitten.
Mevrouw de minister, u hebt daar al ervaring mee. U bent al geconfronteerd geweest met uitspraken van het Grondwettelijk Hof, al dan niet met een schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, dat er mogelijk iets niet klopt en dat u daarnaar moet kijken. Op dat vlak zijn sommige adviezen bijzonder kritisch voor een aantal bepalingen van het wetsontwerp. Ik vind het bijzonder jammer dat, wanneer u daarop wordt gewezen, daar geen of toch zeer weinig gevolg aan wordt gegeven. Wat u in de commissie doet, zijn tekstuele aanpassingen en de wetgevingstechnische opmerkingen doorvoeren. Wanneer echter amendementen worden voorgesteld, weigert u die aan te nemen of legt u uit waarom u vindt dat ze niet noodzakelijk zijn.
Ik denk, collega's van de meerderheid en van de oppositie, dat het onze taak en onze plicht is om ervoor te zorgen dat we samen robuuste wetgeving maken wanneer wetsontwerpen van de regering naar dit Parlement komen. Als wordt beloofd dat we de controle over asiel en migratie terugnemen in het kader van de uitvoering van het migratie- en asielpact, dan moet dat juridisch staan als een huis. We moeten dus vermijden dat er problemen ontstaan over bijvoorbeeld de wettelijkheid van screenings, een eventueel juridisch vacuüm voor de politie inzake dwangmaatregelen of de privacyregels. Als we er niet voor zorgen dat die bekommernissen, die blijken uit de adviezen, daadwerkelijk via amendementen worden aangepakt, dan organiseert u op voorhand uw eigen nederlaag bij het Grondwettelijk Hof en geeft u op voorhand koren op de molen van procedureadvocaten die daarmee aan de slag zullen gaan.
Ik herhaal een voorbeeld. Zoals ik in de commissie al hebt gezegd, in de memorie van toelichting wordt verwezen naar de wet op het politieambt om dwang te kunnen gebruiken bij het nemen van vingerafdrukken. Het Controleorgaan op de politionele informatie waarschuwt expliciet dat dit een bestuurlijke en geen politionele opdracht is, waardoor de wet op het politieambt niet zomaar van toepassing is. Dan is de vraag of de politie wel of geen dwang mag gebruiken. U hebt daar een antwoord op gegeven en zult dat hier nog eens herhalen. De bepalingen veranderen niet en als jurist ben ik niet heel gerust over die adviezen. Het is belangrijk dat er bij zo’n wetgeving duidelijkheid is op het terrein over hoe de regels worden toegepast en of die ook wettelijk zijn.
Tot zover het migratiepact. Het werk is uiteraard nog niet af, maar het pact is een stap in de goede richting. Als Europa de controle op migratie wil versterken, dan moeten we volgens mijn fractie nog een stap verder gaan. Het moet op termijn de bedoeling zijn dat Europa migratiedeals kan sluiten met derde landen. We moeten als een Europees blok deals kunnen sluiten met herkomstlanden om de grondoorzaken van onwettige migratie aan te pakken.
Een tweede zaak die wij als Europees geheel zouden moeten kunnen doen, is striktere terugnameovereenkomsten sluiten. Uitgeprocedeerde asielzoekers worden nog te weinig effectief teruggestuurd en er zijn daarvoor meer dwingende Europese akkoorden nodig. Last but not least, ook enorm belangrijk is een strenge, maar rechtvaardige terugkeerverordening en er is een goedgekeurd. Er moet op termijn een Europees bevel komen om het Schengengebied te verlaten, want vandaag vertrekt slechts een schamele een derde van de mensen met een bevel om het grondgebied te verlaten, terwijl twee derde illegaal in de Europese Unie blijft.
Wat onze fractie wil, is dat een asielweigering in één land automatisch leidt tot een Europees terugkeerbevel in alle Europese lidstaten, gekoppeld aan de biometrische databank, zodat men in geen enkel ander Schengenland nog een procedure kan starten. Wie geen recht heeft om in Europa te blijven, moet Europa verlaten.
Daarbij wil ik kort ingaan op de EU-terugkeerverordening. Ik heb het daar ook over gehad tijdens de hoorzitting over transmigratie. Mevrouw de minister, dat herinnert u zich ongetwijfeld nog. Het is hier al aangehaald en ik ben het daarmee eens: als u en uw regering spreken over het strengste migratiebeleid ooit, vind ik het jammer om te moeten lezen dat uw coalitiepartner Les Engagés zegt op Europees niveau geen voorstander te zijn van de EU-terugkeerverordening. Het gevolg daarvan zou zijn dat onze regering zich bij een stemming in de Raad zal moeten onthouden.
Ik vind dat ongelooflijk jammer, want we moeten de ambitie hebben om als land ook dat sluitstuk te ondersteunen. Uw partij, de N-VA, heeft zich tijdens de vorige legislatuur verzet tegen het migratie- en asielpact. Volgens mij heeft uw partij zich finaal onthouden, in de eerste plaats omdat het sluitstuk ontbrak, het onderdeel over terugkeer.
Nu daarover een akkoord bestaat, zou het zonde zijn – om niet te zeggen een blamage – als de regering waarvan u de premier levert en waarin de N-VA de leiding heeft, er niet in slaagt dat goed te keuren. Wij zouden dat een blamage vinden. Laten we alstublieft niet aan de zijlijn blijven staan en ons onthouden. Laten we integendeel het voortouw nemen en zeggen dat een geloofwaardig asiel- en migratiebeleid ook een volwaardig terugkeerbeleid vereist. Als land moeten we dat dus absoluut steunen. Ik hoop dat u binnen de regering alle coalitiepartners nog kunt overtuigen. Het is een absolute noodzaak.
Zoals ik al zei, is een forse communicatie heel typerend voor u. In een streng asiel- en migratiebeleid kan ik mij, samen met mijn fractie, op zich volledig vinden. Dan zien we evenwel telkens het verschil tussen wat er wordt gecommuniceerd en wat er echt wordt gerealiseerd.
Ik maak even een zijsprongetje naar het akkoord met Algerije. Het is goed dat u met dat land een akkoord hebt gesloten over terugkeer, maar vandaag is dat verdrag nog niet geratificeerd, noch in België, noch in Algerije. Dat bleek ook uit mijn schriftelijke vraag. De gesprekken tussen de Dienst Vreemdelingenzaken en de Algerijnse diensten lopen nog niet. We hebben dus nog geen concreet tijdspad voor de uitvoering ervan en ook geen zicht op wat dat inzake terugkeer zal opleveren.
Het is goed dat er akkoorden worden gesloten en gesprekken worden gevoerd, maar het is toch wel overtrokken om breed in de pers uit te pakken en te zeggen dat we een akkoord hebben en mensen gaan terugsturen. Ik zou zeggen, communiceer op het moment dat er resultaten zijn. Als illegale Algerijnen uit de gevangenis daadwerkelijk op een vlucht naar Algerije zitten, kunt u aankondigen dat er een akkoord is en dat we volop zijn begonnen met terugsturen. Dat lijkt mij een eerlijkere en betere vorm van communicatie, die de nodige nuance in het debat brengt en houdt.
Collega’s, ik kom tot mijn conclusie. Wij stemmen vandaag voluit voor het wetsontwerp. Wij doen dat voluit, omdat wij geloven in het migratie- en asielpact en omdat de Europese richting de goede richting is. Vergeet echter niet dat het pact geen eindstation is. De eerste stap in de goede richting is gezet, maar een effectieve terugkeer is absoluut noodzakelijk.
Laat ons land en laat de regering dat alstublieft goedkeuren. Onthouding zou geen optie mogen zijn, want als u dat doet, dan bent u eigenlijk hypocriet. Dan staat u te toeteren over het strengste asiel- en migratiebeleid dat wordt gevoerd terwijl het sluitstuk ontbreekt. Toon de burger dat het u menens is. Voeg de daad bij het woord en steun met ons land de terugkeerverordening.
Wij zullen dit wetsontwerp alvast goedkeuren. Daarvoor kunt u op onze steun rekenen.
De voorzitter: Ik zie geen vragen meer voor u. Wij gaan door met de volgende spreker en dat is de heer Demon.
02.64 Franky Demon (cd&v): Mijnheer de voorzitter, collega's, over voorliggend wetsontwerp is de voorbije weken uitvoerig gesproken. De urenlange debatten in de commissie kunnen ons inziens worden herleid tot één belangrijke vraag. Kiezen wij voor Europese samenwerking om de vraagstukken rond asiel en migratie aan te pakken of doen wij dat niet? Daar draait het om.
Voor cd&v is de keuze heel duidelijk. Ik heb dat al meerdere keren herhaald en zal dat hier tijdens de plenaire vergadering nog eens kort doen. Wij kiezen voor Europese samenwerking. Wij zien immers dat de landen om ons heen met dezelfde uitdagingen worden geconfronteerd. Het thema migratie zet op alle politieke niveaus de verhoudingen op scherp. In het ene land kookt het potje vandaag over en in het andere morgen. Wij zien samenwerking op dat vlak dan ook als een noodzaak.
Net daarom heeft Nicole de Moor zich als bevoegd staatssecretaris tijdens de vorige legislatuur op Europees niveau ingespannen om een akkoord over het pact te bereiken. Ik durf hier te stellen dat zij dat met succes heeft gedaan. Het betreft wellicht een van de belangrijkste hervormingen die de voorbije decennia op dat vlak zijn gerealiseerd. Wij zijn dan ook tevreden dat de regering ernaar streeft het pact loyaal te implementeren.
Het pact bestaat voor het grootste deel uit bindende verordeningen, zoals de minister ook heeft aangegeven. De wet die wij hier vandaag bespreken, vormt in hoofdzaak dan ook gewoon een technische oefening die ervoor moet zorgen dat onze nationale wetgeving aan de nieuwe regelgeving wordt aangepast.
Het pact treedt vrijdag gewoon in werking, of het hier nu goedgekeurd is of niet. Laten wij er echter wel voor zorgen dat alle betrokkenen en diensten die straks binnen deze nieuwe realiteit aan de slag moeten, niet in een juridische chaos terechtkomen. Daarom is het net zo belangrijk dat we morgen als het ware de goedkeuring geven.
Met de uitvoering van dit pact beogen we opnieuw meer grip te krijgen op migratie. Dat doen we door de buitengrenzen beter te beschermen, versnelde grens- en terugkeerprocedures in te voeren, secundaire migratie tegen te gaan en een mechanisme voor meer solidariteit tussen de lidstaten uit te werken. De toepassing van deze nieuwe regelgeving zal veel vergen van onze diensten, daarvan ben ik overtuigd. Bovendien loopt ook de samenwerkingsoefening richting één FOD Migratie. De komende maanden moeten we dit alles goed opvolgen en tijdig bijsturen als dat nodig zou zijn.
Cd&v zal dit wetsontwerp graag mee goedkeuren, om ervoor te zorgen dat de implementatie van het pact zo vlot mogelijk kan verlopen. Meer heb ik er eigenlijk niet over te zeggen. We hebben heel veel gezegd in de commissie. We zijn voor die Europese samenwerking. We gaan de technische zaken hier goedkeuren. Ik heb het meerdere keren gezegd in de commissie, er is heel veel blabla verkocht. Hier staan duidelijke zaken in, die we nu gaan implementeren.
02.65 Barbara Pas (VB): Ik ga aansluiten bij collega Demon. U stelt de verkeerde vraag. De vraag die moet worden gesteld, is of u met een migratiepact als dit inderdaad grip wilt krijgen op migratie, migratie wilt beheersen en beheren, zoals ik hier al vaak heb gehoord, of dat u wilt doen wat de bevolking vraagt. Bij elke verkiezing en bij elke bevraging vraagt de bevolking om de massamigratie te beperken en te stoppen. Dat is de essentie. Dat is de vraag die u zich moet stellen.
Collega's, op die vraag kiest dit EU-migratiepact een duidelijk antwoord. Het kiest voor grip, voor een poging tot beheersing. Mijn collega Francesca Van Belleghem heeft er al op gewezen dat de N-VA vóór de verkiezingen samen met het Vlaams Belang strijd voerde tegen dit EU-migratiepact, tegen dit omvolkingspact dat u vandaag wilt implementeren.
Ik heb goed geluisterd naar alle tussenkomsten. Francesca is begonnen met een hele reeks citaten. Theo Francken noemde dit EU-migratiepact een zwakke, onwerkbare en zelfs perfide regeling. Ik ga die vele citaten uiteraard niet herhalen. De kracht van herhaling geldt immers niet meer in dit Huis. Ik vermoed dat niet van deze voorzitter, maar er zijn anderen die vaak op vinkenslag liggen om herhaling aan te grijpen om collega's de mond te snoeren. We hebben die pogingen tijdens de bespreking en in de commissie tientallen keren mogen ondervinden.
Ik wil er wel twee citaten aan toevoegen. Een eerste citaat komt van N-VA-Europarlementslid Assita Kanko. U weet wel, zij die vergat de terugkeerregelingen mee goed te keuren. Over dit pact verklaarde zij letterlijk: "Het EU-migratiepact doet niets om de ongecontroleerde toestroom met hulp van mensensmokkelaars tegen te gaan. Op dit punt krijgt het akkoord van mij een dikke onvoldoende." Een dikke onvoldoende, collega's. Dan vraag ik mij af wanneer die onvoldoende precies een voldoende is geworden. Wanneer is dat precies omgeslagen?
Een tweede citaat komt van Bart De Wever op nationale televisie, waar hij dit EU-migratiepact fileerde. Hij zei letterlijk: "Dit akkoord is alweer in hetzelfde bedje ziek", in hetzelfde bedje ziek als het Marrakeshpact, voor alle duidelijkheid. "Laat ze eerst maar komen. De mensenhandel blijft gewoon draaien; dat industrietje blijft draaien. In Kos, Lesbos en Lampedusa gaan we ze dan opvangen. Hoeveel keer heb ik dat al gehoord? En dan beletten dat die mensen gaan doorreizen, wat ook nog nooit is gelukt. Alsof Griekenland en Italië die allemaal gaan opvangen. Allee, komaan."
Ik vraag me opnieuw af wanneer een slecht pact plots een goed pact wordt. Hetzelfde pact, waarvan de omzetting in nationale wetgeving nu voorligt, is immers plots niet meer perfide. Ik heb gisteren het interview met de minister in De Tijd gelezen. Volgens haar is dit pact vandaag niet perfect, maar noodzakelijk, belangrijk.
Ik heb hier vandaag al gehoord dat het geen wonderoplossing is, maar de juiste weg vooruit. Als ik dat allemaal hoor, dan denk ik: komaan! In De Tijd gisteren verklaart de minister dat de kritiek van het Vlaams Belang kant noch wal raakt. Nochtans heb ik twee jaar geleden over dit EU-migratiepact identiek dezelfde kritiek gehoord van de N-VA. Nog anderen delen onze kritiek. Het is jammer dat de heer El Yakhloufi al vertrokken is, want hij beweerde dat al wie denkt dat het migratiepact voor meer migratie zal zorgen, het pact niet goed gelezen heeft.
Ik vermoed dat mevrouw Rhodia Maas, de directeur van de Nederlandse Immigratiedienst, dat pact wel goed gelezen heeft. Zij heeft gisteren in een interview in De Telegraaf enkele positieve zaken van dat pact genoemd. Het pact bevat positieve punten, maar die wegen hoegenaamd niet op tegen de slechte punten en het volledig verkeerde uitgangspunt ervan. Zij besluit dat dit niet betekent dat er merkbare veranderingen zullen plaatsvinden in de asielinstroom. Zij beweert dat dit pact niet zal zorgen voor een kleinere instroom van asielzoekers.
Zij wijst erop, net zoals collega Francesca Van Belleghem dat al heeft gedaan, dat het pact het aanvragen van asiel in de EU eenvoudiger maakt, nieuwe legale immigratieroutes opent, de lidstaten de mogelijkheid afneemt om landen van herkomst als veilig, dus geschikt voor terugkeer, te classificeren, en zelfs jaarlijks een vast aantal migranten uit die grenslanden over de EU-lidstaten herverdeelt op basis van een verplicht quotastelsel. Dat betekent volgens mevrouw Rhodia Maas dat het aantal vluchtelingen dat uiteindelijk in Europa, Nederland, België aankomt, volledig afhankelijk is van de situatie in een land van herkomst. Dus ook zij zegt dat dit pact de instroom helemaal niet zal verkleinen.
Dat is de essentie. De illegale instroom verkleint niet, maar u zult met dit pact wel extra legale migratiestromen organiseren. Daarom begrijp ik niet waarom u dit pact zo enthousiast wilt doorvoeren. Nog minder begrijp ik waarom dat allemaal zo dringend moest gebeuren. Waarom die urgentie? Waarom wil u de eerste van de klas zijn in de Europese Unie, om toch maar dit perfide pact om te zetten in nationale wetgeving? Collega Vandemaele heeft er al op gewezen dat adviezen en hoorzittingen allemaal niet aan de orde waren. U hebt er zelfs afspraken in Luxemburg voor laten vallen, om dit toch maar tegen de deadline doorgedrukt te krijgen.
Nochtans zijn er verschillende lidstaten die nog altijd niet voldoende opvangcapaciteit of voldoende personeel hebben voor de grensprocedure, waaronder net Italië en Griekenland. Onze Europarlementsleden, die niet welkom waren om zich in de debatten te moeien in de commissie, hebben ondertussen al een motie van resolutie ingediend in het Europees Parlement om de implementatie van het migratiepact op te schorten, precies omdat nog niet alle landen er klaar voor zijn. Ik hoop alvast dat u die motie zult steunen.
Collega Di Nunzio heeft daarnet al gewezen op het terugkeermechanisme. De implementatie van dit pact zonder terugkeermechanisme betekent dat men de poorten openzet in één richting. Het zou toch veel logischer zijn geweest om op Europees niveau op tafel te leggen dat de implementatie minstens wordt uitgesteld tot de terugkeerverordening van kracht is.
Als u het toch zo belangrijk vindt om dit er snel door te jagen, dan had u gewoon vroeger met uw wetsontwerp naar het Parlement moeten komen. Het zal allicht uw bedoeling geweest zijn om het in alle stilte te doen passeren, maar het Vlaams Belang heeft zich altijd consequent, op alle niveaus, tegen zulke nefaste migratieakkoorden verzet. U had toch niet verwacht dat we dat hier zomaar zouden laten passeren? U had toch niet verwacht dat het in alle stilte zou gebeuren?
Collega’s, ik wil in deze bespreking nog enkele elementen aanhalen die tijdens de commissiebesprekingen zelfs niet aan bod gekomen zijn.
Ten eerste, het democratisch draagvlak ervan. Collega Francesca Van Belleghem heeft er daarnet al kort naar verwezen.
Ten tweede, het gevaar van de bindende EU-regelgeving. U doet alsof het een grote juridische chaos is als het pact niet tijdig geïmplementeerd is, maar het is precies die bindende EU-regelgeving die voor nefaste juridische gevolgen zorgt. Ik zal dat illustreren aan de hand van een artikel uit het wetsontwerp dat zelfs in die 27-urige bespreking in de commissie niet aan bod kwam.
Ten slot zal ik een korte vergelijk maken tussen dit bindende omvolkingspact en het niet-bindende Marrakeshpact, dat wél een regeringscrisis waard was
Ik begin bij het democratisch draagvlak. Collega Vandemaele, u hebt daarnet gesteld dat het er in Europa allemaal bijzonder democratisch aan toe gaat, maar uit gelijk welke bevraging, uit eender welke beschikbare peiling, kan men onmogelijk besluiten dat de bevolking vragende partij is voor een verdere verankering van het Europese migratiebeleid.
In Vlaanderen is daar geen draagvlak voor. Ik geef enkele becijferde voorbeelden. Er is de stemming van De Standaard en de VRT geweest, waarin 22 % van de ondervraagden zegt dat migratie het grootste probleem is waarmee dit land wordt geconfronteerd, niet zomaar een probleem, maar het grootste probleem. De peiling De Stem van Vlaanderen van VTM en Het Laatste Nieuws is minstens even duidelijk. Twee op drie Vlamingen zijn tegen extra opvangplaatsen voor asielzoekers. Acht op de tien zijn voorstander van quota om migratie te beperken en een overgrote meerderheid is voor minder sociale rechten voor erkende vluchtelingen. Dat zijn nu net allemaal zaken waarvan u het tegenovergestelde invoert met het pact.
Uw tekst gaat natuurlijk over de toekomst, over legale migratie en arbeidsmigratie. Uit de Risks That Matter-enquête van de OESO uit 2024 blijkt dat slechts 21 % voorstander is van het aantrekken van meer werknemers via migratie naar België. De arbeidsmigratie, waar u zo hoog mee oploopt, daar is 79 % tegen. Er is geen draagvlak voor.
Ik vernoem ook een representatieve peiling van iVOX bij duizend Vlamingen, gestratificeerd naar geslacht, leeftijd, diploma en politieke voorkeur. Geen partijcijfers, geen ideologische wensdromen, maar echt een foto van wat de Vlaming werkelijk wil. 81,4 % wil strengere regels voor wie naar hier komt. 71,3 % vindt dat de komst van asielzoekers en migranten de westerse identiteit en cultuur bedreigt. 79,9 % wil dat de politie een huis kan betreden waar vermoedelijk illegalen verblijven. 76,6 % wil dat illegalen actief worden opgespoord en uitgezet. Collega's, er is geen draagvlak voor.
Ik vind het jammer dat de heer D'Haese net afwezig is. Zaterdag was ik in Aalst voor de voorstelling van een nieuw burgerinitiatief, Draagvlak Vrij Vlaanderen. De heer D'Haese heeft daar als burgemeester de inleiding verzorgd. Hij heeft daar niet alleen gewezen op de schoonheid van de stad Aalst, maar ook en vooral zeer uitvoerig gesproken over het belang van een draagvlak. Dat is niet nieuw. Ik hoor de N-VA al meer dan twintig jaar het gebrek aan draagvlak als argument gebruiken om niets te hoeven ondernemen richting Vlaamse onafhankelijkheid, om niet op tafel te kloppen om extra bevoegdheden naar Vlaanderen te halen. Ik hoor immers elke keer opnieuw dat daar geen draagvlak voor is. Dat is het excuus in de Vlaamse regering, dat was het excuus tijdens de Zweedse regering om in een communautaire stilstand te stappen en dat is ook vandaag het excuus voor de luttele communautaire kruimeltjes die in het huidige regeerakkoord zijn opgenomen.
Dan is het toch wel bizar en weinig consequent dat die zogenaamde draagvlaknationalisten dit wetsontwerp, waarvoor in Vlaanderen totaal geen draagvlak bestaat, toch willen doorvoeren. Hoe kan men enerzijds jarenlang verkondigen dat men niets hoeft te ondernemen inzake Vlaamse onafhankelijkheid omdat er onvoldoende steun voor is, terwijl men anderzijds zonder aarzelen en met enthousiasme een migratiepact implementeert waarvoor nog minder draagvlak bestaat? U hebt allen uw best gedaan om zogenaamde tegenstellingen te zoeken in het discours van het Vlaams Belang, maar deze tegenstelling krijgt u niet uitgelegd.
Er is geen draagvlak voor. Ik heb de cijfers uit de peilingen gegeven. Het pact verbiedt pushbacks, terwijl 67,7 % van de bevolking die wel wil. Het pact verplicht herplaatsing en bestraft wie weigert. Niemand wil dat. Het pact opent nieuwe legale migratiekanalen, terwijl 81,4 % dat net niet wil. Het pact verruimt de gezinshereniging, terwijl de bevolking die wil afbouwen in plaats van uitbreiden. Het pact vergroot de rechten van asielzoekers, terwijl de bevolking net strengere regels wil. Op elk meetbaar criterium gaat dit pact in de tegenovergestelde richting van wat de Vlaamse bevolking wil.
Voorzitter: Peter De Roover, voorzitter.
Président: Peter De Roover, président.
Het EU-migratiepact heeft niet alleen geen draagvlak bij een miljoen kiezers van het Vlaams Belang, maar evenmin bij het merendeel van de kiezers van partijen die dit morgen allemaal zullen goedkeuren, ook niet bij de kiezers van cd&v, de N-VA of andere partijen.
Er is niet alleen geen draagvlak voor, er is ook protest tegen. Dat was ook het geval bij de voorganger ervan, het Marrakeshpact. Ik breng de duizenden mensen in herinnering die op straat kwamen om tegen het Marrakeshpact te betogen en de succesvolle internetpetitie die wij toen hebben georganiseerd. Collega Francesca Van Belleghem heeft ook al gewezen op de petitie die op één week tijd meer dan 50.000 handtekeningen verzamelde tegen dit omvolkingspact, overwegend van Vlamingen die de massamigratie niet lusten en ook dit pact niet zien zitten.
Collega Demon stelde daarnet dat het een technische oefening is. In de toelichting van het wetsontwerp bij artikelen 1, 2, 3 en noem maar op staat ook dat het een technische aangelegenheid is: “Deze bepaling is louter van juridisch-technische aard.” Net daarin schuilt een fundamenteel probleem. Men doet alsof het hier gaat om een puur administratieve omzetting van Europese afspraken, die nu eenmaal moeten worden nageleefd, alsof het Parlement zich vandaag zou moeten beperken tot het formaliseren van beslissingen die elders genomen zijn.
Wat vandaag voorligt, gaat niet over een technische correctie van vigerende wetgeving. Het gaat niet over procedurele aanpassingen of een detail in het migratiebeleid. Het gaat over de vraag wie eigenlijk en in laatste instantie bepaalt hoe het migratiebeleid van onze landen eruitziet. Het gaat over de vraag of de bevolking via democratische verkiezingen nog een wezenlijke invloed kan uitoefenen op dat beleid. Het gaat over de vraag of nationale parlementen nog de vrijheid hebben om fundamenteel andere keuzes te maken wanneer blijkt dat de bevolking een andere richting uit wil. Dat is exact wat hier gebeurt: de bevolking wil dat de migratiestromen beperkt worden en met onderhavig omvolkingspact zal dat niet gebeuren.
Tijdens de besprekingen is al veel gezegd over de bindende aard van het pact. Men zegt dat Europa heeft beslist en dat België dus moet uitvoeren. Het argument dat iets bindend is, is natuurlijk geen rechtvaardiging om kritiek achterwege te laten. Integendeel, hoe bindender een regeling is, hoe kritischer het Parlement die zou moeten beoordelen, en hoe moeilijker het wordt om er later nog van af te wijken, hoe grondiger men vooraf moet nadenken over de gevolgen.
Ik wil dat illustreren met artikel 14 uit het wetsontwerp, waarin opnieuw staat dat het om een technische aanpassing zou gaan. Het sluit aan bij overweging 18 van verordening 1347. Ik citeer: “In het geval van een polygaam huwelijk is het aan elke lidstaat om te beslissen of zij die bepalingen inzake eenheid van gezin en polygame gezinnen wil toepassen, met inbegrip van de minderjarige kinderen van een andere echtgenoot of echtgenote en een persoon die internationale bescherming geniet.”
Europa voorziet dus in de mogelijkheid dat polygame gezinnen onder het toepassingsgebied van de gezinsbepalingen van het migratiepact kunnen vallen. Dat is een nefaste evolutie. Dat is wat de rechters en de juristen zullen gebruiken.
In het wetsontwerp dat vandaag voorligt, wordt de correcte keuze gemaakt. Als men een en ander toch wil implementeren, zal men, zo kondigt men aan, polygamie bij gezinshereniging expliciet beperken. Door de bindende EU-regelgeving, waarin dat als een mogelijkheid wordt beschouwd, kan men dat op termijn echter afdwingen. Ik had in de commissie verschillende voorbeelden van juridische procedures willen geven, maar we zijn niet tot daar geraakt.
Ik geef nu kort enkele voorbeelden. In Frankrijk was er in 2021 een zaak waarbij een huwelijk dat volgens het Franse recht verboden was en juridisch dus niet bestond, toch aanleiding kon geven tot juridische bescherming van een tweede Libische echtgenote. Een voorbeeld uit Duitsland betreft een Syrische man die na een juridische procedure zijn tweede vrouw naar het land kon halen, ondanks het feit dat polygamie in Duitsland strafbaar is en de verblijfswet dat uitdrukkelijk verbiedt. Toch heeft hij via gezinshereniging een tweede echtgenote kunnen laten overkomen, hoewel hij al een andere vrouw in het land had wonen. Ik had ook voorbeelden uit Italië, waar rechtbanken herhaaldelijk probeerden het verbod op polygame gezinshereniging te omzeilen via de kinderen van dergelijke gezinnen. De rechten van het kind, waar collega El Yakhloufi het daarnet over had, worden met zulke bepalingen in die bindende EU-verordeningen gebruikt om het verbod op polygamie in die landen te omzeilen. Ik had ook Spaanse voorbeelden klaar. Spanje erkent officieel geen polygame huwelijken, maar in de praktijk worden de financiële gevolgen ervan wel degelijk erkend. Dat is de facto een normalisering, collega’s. Ik geef nog één zeer concreet voorbeeld, dat in het Europees Parlement door the Patriots werd aangekaart. Het gaat om een Syrische vluchteling die gezinshereniging aanvroeg voor zijn vrouw en acht kinderen. DNA-analyse bracht aan het licht dat die acht kinderen van twee verschillende moeders afkomstig waren. De tweede vrouw werd geweigerd, conform de wet en conform de nationale wetgeving, maar alle acht kinderen werden wel toegelaten.
En daarmee begint een probleem, want de vier kinderen van de tweede vrouw kunnen nu volledig legaal, dankzij de EU-bepalingen, op hun beurt gezinshereniging aanvragen voor hun moeder. De vrouw die via de voordeur werd geweigerd, kan dus via de achterdeur, via haar kinderen alsnog binnen.
Collega's, wie denkt dat België daarvan bespaard blijft, vergist zich. Mijn goede collega Ellen Samyn heeft de cijfers van de Federale Pensioendienst opgevraagd bij de minister. Er zijn 424 dossiers waarin Belgische overlevingspensioenen verdeeld worden onder meerdere weduwes van één overleden polygame echtgenoot, 424 gevallen waarin een land dat polygamie verbiedt, toch rekening houdt met de gevolgen van polygamie in zijn sociale zekerheid. Nog hallucinanter is dat bepaalde overgangsuitkeringen zelfs volledig worden uitbetaald aan meerdere weduwes tegelijk.
Collega's, als u het heeft over actieve rechters en juridische gevolgen van zo'n pact dat niet tijdig zou geïmplementeerd zijn, dat verdwijnt in het niets in vergelijking met de juridische gevolgen van al die EU-bepalingen die u bindend acht en implementeert. Elke juridische erkenning creëert nieuwe juridische aanspraken. Elke uitzondering wordt een precedent en elk precedent wordt een argument in een volgende rechtszaak.
Precies daarom is de verordening (EU) 2024/1347 met de expliciete vermelding van de polygame gezinnen, die u implementeert, en bij uitbreiding dus ook het wetsontwerp, zo gevaarlijk, welke keuze u daarin ook maakt. Dergelijke bindende EU-regelgeving die de mogelijkheid openhoudt, wordt gebruikt in juridische procedures om nationale wetgeving te omzeilen. Dat is waarom verzet tegen dergelijke bindende EU-pacten nodig is. Het Marrakeshpact, waarvoor de N-VA uit de regering is gestapt, was niet bindend. In het Marrakeshpact was solidariteit vrijwillig.
Vandaag wordt solidariteit georganiseerd binnen een verplicht Europees mechanisme. Lidstaten moeten bijdragen, of dat nu via herplaatsingen, financiële bijdragen of alternatieve maatregelen is. Kunt u mij uitleggen waarom een vrijwillig migratiekader in 2018 onaanvaardbaar was en een regeringscrisis waard was, terwijl een verplicht Europees solidariteitsmechanisme vandaag geen probleem meer vormt?
Hetzelfde geldt voor legale migratieroutes, hervestiging, humanitaire toelating, de uitbouw van nieuwe Europese migratiekanalen, de verruiming van gezinshereniging, snellere toegang tot de arbeidsmarkt, uitgebreidere sociale rechten, kosteloze rechtsbijstand en bijkomende procedurele waarborgen, rechten die vandaag afdwingbaar worden voor nationale en Europese rechtbanken.
Op bijna elk van die domeinen gaat het omvolkingspact verder dan de teksten die in 2018 aanleiding gaven tot een politieke crisis. Hoe verklaart u dan dat u in 2018 bereid was een federale regering te doen vallen over het Marrakeshpact maar vandaag geen enkel probleem hebt met een Europees migratiepact dat op heel veel vlakken verder gaat?
Dat het Marrakeshpact sluipend en onrechtstreeks bindend zou worden, was destijds een van de hoofdkritieken op dat pact. Dat soft law uiteindelijk hard law zou worden, was het argument. Dat was het kernthema van de debatten die hier werden gevoerd. Als dat argument in 2018 juist was, hoe kunt u dan vandaag een pact verdedigen dat wel juridisch bindend is? Leg mij dat alstublieft eens uit.
De kritiek van de N-VA op het Marrakeshpact in 2018 had drie pijlers. Het pact zou de facto sluipend en onrechtstreeks bindend worden. Het normaliseerde migratie als een wenselijk fenomeen. Het verzwakte de nationale soevereiniteit. Om die redenen mocht België zijn handtekening niet onder het pact zetten.
Voorliggend omvolkingspact bevestigt elk van die kritieken nog in versterkte vorm. Het is nu de jure bindend met meer rechten en met een overdracht van soevereiniteit.
Partijen die in 2018 het Marrakeshpact als niet-bindend en symbolisch verdedigden, kunnen dus redelijkerwijze vandaag geen verzet aantekenen tegen een EU-migratiepact dat dezelfde beleidsrichting in juridisch dwingende vorm implementeert. Omgekeerd heeft wie destijds het Marrakeshpact afwees op die beleidsinhoudelijke gronden, des te meer reden om vandaag dat migratiepact af te wijzen.
Het EU-migratiepact is dus geen administratieve hervorming van het Europese asielsysteem. Het is de juridische verankering van de beleidsrichting die het Marrakeshpact nog als vrijwillige internationale samenwerking voorstelde.
Dan zijn er maar twee mogelijkheden, collega's. Ofwel had de N-VA in 2018 gelijk. Dan moet u vandaag uitleggen waarom u een pact steunt dat op vele punten verder gaat dan wat toen een regeringscrisis waard was. Ofwel heeft de N-VA vandaag gelijk. Dan moet ze aan de kiezer uitleggen waarom zij in 2018 een regering liet vallen over een pact dat volgens haar huidige redenering geen enkel probleem is.
Wat is er veranderd? Het pact of de principes? Waarom was het Marrakeshpact een breekpunt voor de N-VA in de regering, terwijl een bindend Europees migratiepact, dat volgens de partijvoorzitter en de eerste minister, de voormalige partijvoorzitter, in hetzelfde bedje ziek is, vandaag wel probleemloos kan worden goedgekeurd? Het is aan u om uit te leggen waarom u die bindende versie met enthousiasme ondersteunt en waarom het u geen regeringscrisis waard zou zijn om goed te keuren wat Europa eindelijk in de goede richting lijkt te sturen, namelijk de terugkeerverordening, die eraan komt. Op dat punt heeft dit land uiteindelijk slechts een onthouding uitgebracht.
Wanneer mensen plots totaal van mening veranderen en fundamenteel anders gaan denken, voelen en handelen, spreken psychiaters over een identiteitstransformatie of een persoonlijke transformatie. Die kan ontstaan na bijvoorbeeld een ernstig ongeval, maar blijkbaar ook wanneer men van de oppositie naar de regeringsbanken verhuist.
Collega's, ofwel ging het u in 2018 om principes, ofwel om de nakende verkiezingscampagne. Het Vlaams Belang blijft alleszins consequent. Wij hebben ons verzet tegen het nefaste, niet-bindende Marrakeshpact. Wij verzetten ons op alle niveaus tegen het bindende, nefaste EU-migratiepact, niet alleen de voorbije twee jaar, maar ook vandaag en tot aan de verkiezingen. Ik denk, collega's, dat uit de commissiedebatten al duidelijk was wat ons stemgedrag zal zijn. Ik ben bijzonder blij dat ik in het stemgedrag altijd zeer consequent kan zijn.
L'Europe et la Belgique avaient une occasion, ici, de construire un système qui fonctionne, un système où les personnes en fuite sont réparties équitablement entre les États membres, un système avec les mêmes droits, avec les mêmes protections partout en Europe. C'était l'occasion de dire clairement que le droit d'asile n'est pas négociable, que la Convention de Genève ne dépend pas de l'humeur d'un gouvernement. C'était aussi l'occasion de mettre fin aux refoulements, de les condamner, de les rendre réellement impossibles; et donc l'occasion de mettre fin aux violences aux frontières, de créer des routes légales et sûres, des routes pour travailler, pour étudier, mais aussi pour fuir.
C'était l'occasion, chers collègues, d'assumer une vérité toute simple: l'Europe a une part de responsabilité dans les migrations d'aujourd'hui. Mais, cette occasion, on ne l'a pas saisie parce que ce pacte prend une autre direction. Pour le dire très clairement, il ne règle rien. Il organise la dissuasion, il organise de longues périodes de détention, il organise l'externalisation de la responsabilité de l'Union européenne. Ce pacte va surtout augmenter la souffrance humaine.
Alors, on nous dit que ce pacte est une réponse à la migration, mais il faut être honnête, chers collègues, ce pacte n'empêchera pas la migration, il la rendra simplement plus dangereuse. Les personnes qui fuient la guerre, la misère, le désespoir ne disparaissent pas parce qu'une frontière est fermée. Ces personnes prennent d'autres routes, des routes plus longues, des routes plus risquées. Elles vont tomber dans les mains de passeurs, traverser la mer au péril de leur vie, mourir dans les déserts.
L'an dernier, 7 900 migrants sont morts ou ont été portés disparus sur les routes migratoires dans le monde.
La deuxième réalité, c’est que ce pacte ne va pas protéger; il va enfermer. Il va enfermer des hommes, des femmes et des enfants qui n’ont commis aucun crime. Toutes ces personnes seront détenues aux frontières extérieures de l’Europe. Et pourquoi? Parce qu’en les enfermant, il est plus facile de les renvoyer. Voilà la logique: les enfermer pour mieux les expulser. Pendant des mois, on va les garder dans des centres fermés. Alors que non seulement ces personnes ont déjà subi de nombreux traumatismes dans leur pays d’origine et sur la route vers l’Europe, on va, en outre, les emprisonner, entraînant des conséquences dramatiques, notamment sur leur santé mentale.
Et c'est sans parler des enfants. La Belgique n’a proscrit la détention des enfants que récemment, et maintenant, nous allons l’autoriser au niveau européen. C’est scandaleux! Nous savons déjà ce que cette politique va engendrer: des camps surpeuplés, des conditions indignes et des tragédies humaines.
Ce pacte, chers collègues, représente également un net recul sur les garanties juridiques. Les demandeurs d’asile ne bénéficieront pas d’un accès effectif à un avocat. Des personnes pourront être enfermées un vendredi et renvoyées le lundi sans avoir pu consulter un avocat, et ce même si une procédure est en cours, même si un juge doit encore statuer.
Que fait-on si la justice annule le renvoi? Allons-nous les rechercher dans leur pays d'origine? "Désolé, vous avez été renvoyés illégalement dans un pays où vous êtes en danger." Chers collègues, c'est aberrant. Ce sont les situations que ce pacte va créer.
La troisième réalité est sans doute la plus dérangeante. Ce pacte est profondément hypocrite. Pendant que l'Europe ferme ses frontières, cette même Europe refuse de reconnaître son propre rôle dans les causes de la migration. Vous le savez tous et toutes, les gens ne fuient pas sans raisons. Ils fuient la guerre, la pauvreté, le changement climatique et le désespoir. Personne ne veut fuir sa propre famille. Personne ne veut partir loin de chez soi. Personne ne rêve d'aller dans un pays totalement inconnu, sans personne, avec une langue inconnue. Personne! Ils le font parce qu'ils n'ont pas le choix.
Toutes ces réalités ne tombent pas du ciel: l'Europe y participe par ses politiques commerciales injustes, par le pillage des ressources, par son inaction climatique et par son rôle dans les conflits. Ma collègue Greet Daems a évoqué l'exemple très concret d'un pêcheur sénégalais. Il faut y revenir, parce que c'est un exemple très concret. À cause des accords de pêche, les navires industriels européens vident la mer. Il ne reste plus rien pour les pêcheurs locaux. Ce pêcheur, qui ne peut plus nourrir sa famille, que fait-il? Il part, pas par choix, mais par nécessité. Que va-t-on lui dire, en Europe? Que dit l'Europe? Qu'il n'a aucune chance d'obtenir l'asile, parce que c'est un migrant économique. Il doit donc être renvoyé.
Avec les nouvelles procédures de screening et la procédure d'asile accélérée, dont j'ai entendu le plus grand bien dans ces rangs, ce pêcheur sénégalais sera immédiatement classé comme n'ayant presque aucune chance d'obtenir une protection, car le taux de reconnaissance est inférieur à 20 %.
Or les décideurs politiques qui négocient les contrats de pêche injustes sont les mêmes qui privent de leurs moyens de subsistance toutes ces personnes qui fuient.
Chers collègues, ce pacte est hypocrite parce qu'il refuse de voir l'éléphant qui est dans la pièce. Tant que nous créons les causes, nous ne pourrons pas empêcher les départs.
Prenons la Palestine. L'Union européenne n'a rien fait pour mettre fin au génocide du peuple palestinien. Pas de sanction à l'encontre du gouvernement israélien. L'Union n'a même pas réussi à se mettre d'accord sur des sanctions. C'était un triste spectacle, il y a quelques semaines.
Pendant ce temps-là, poursuite des livraison d'armes, poursuite du commerce, poursuite des échanges, tout ça alors que des dizaines de milliers de personnes ont été tuées, bombardées, affamées, privées d'aide humanitaire. L'Europe est restée les bras croisés.
Aujourd'hui encore, Iran, Liban, des conflits, des bombardements, des populations qui fuient. Quelle est la réponse européenne, la réponse de notre gouvernement? "Nous ne pouvons pas revivre 2015." Autrement dit, nous savons que les guerres produisent des réfugiés, mais nous refusons de les accueillir. L'Union européenne et ce gouvernement s'obstinent à ériger des murs à l'extérieur.
Chers collègues, la Belgique doit aussi regarder sa responsabilité en face. Notre pays doit contribuer à un monde où personne n'est forcé de fuir. Ce gouvernement fait exactement l'inverse. D'un côté, le ministre de la Défense soutient des logiques de guerre et se tourne vers des pays comme la République démocratique du Congo pour garantir notre accès à des matières premières bon marché. De l'autre, Mme la ministre se rend dans ce même Congo pour signifier à la population de ne surtout pas venir en Belgique.
D'une part, nous exploitons et, d'autre part, nous fermons la porte. Nous profitons des ressources tout en refusant d'assumer les conséquences humaines. C'est le cœur même de la contradiction et de l'hypocrisie. Et ce n'est pas tout! Ce gouvernement ne se contente pas d'ignorer les causes. Il cherche à se montrer toujours plus dur, plus strict et plus répressif, exploitant toutes les marges possibles pour durcir encore la politique migratoire, quitte à mettre de côté les droits fondamentaux, ignorer les condamnations et fragiliser l'État de droit. Mais quand les juridictions rappellent les règles, on lève les yeux au ciel.
Pendant ce temps, on nous parle de solidarité européenne. Mais de quelle solidarité s'agit-il? Les États membres ont désormais la possibilité de payer pour ne pas accueillir et pour ne pas assumer. La solidarité est ainsi devenue un prix pour se dédouaner, fixé très concrètement à 20 000 euros par demandeur d'asile. Cet argent va servir à des murs, des barbelés, des drones, des caméras; pas à l'accueil, ni à la protection.
Chers collègues, nous devons être lucides. Ce pacte ne va pas empêcher la migration, il va la rendre plus dangereuse. Il ne va pas protéger, il va enfermer. Et il est profondément hypocrite, parce qu'il refuse de voir les causes qu'il contribue – et que nous contribuons – à créer. Si nous voulons vraiment réduire la migration forcée, il faut agir ailleurs, sur les causes, avec plus de justice commerciale, plus de justice climatique, la fin des logiques de guerre, des voies légales et sûres; et garantir des procédures d'asile qui sont justes, avec une répartition équitable, un accueil digne.
Dans le fond, chers collègues, la vraie question est simple: quelle Europe voulons-nous être? Quelle Belgique voulons-nous être? Voulons-nous être une Europe et une Belgique qui ferment les yeux sur les causes, qui ferment les frontières à ceux qui en subissent les conséquences? Ou voulons-nous être une Europe et une Belgique qui assument leurs responsabilités et qui protègent réellement? C'est cela l'Europe que nous devrions construire, la Belgique que nous devrions construire! Et voilà la politique migratoire que notre pays doit suivre! Je vous remercie de votre attention.
C'est également le cas du pacte proprement dit, mais même dans le cadre de ce pacte européen, basé sur dix règlements et une directive, le gouvernement disposait encore de marges d'appréciation. Or, en l’occurrence, vous choisissez presque systématiquement les options les plus restrictives. Comme l’a fait remarquer M. Aouasti, dans le cas de la directive qu'on vient de transposer, vous choisissez de transposer uniquement les articles qui portent sur la détention, mais pas des dispositions qui faisaient pourtant partie des aspects intéressants du pacte, tels que la préservation de l'unité familiale ou des examens médicaux, l'accès à la scolarisation et l'éducation pour les mineurs, l'accès à l'emploi dans un délai de six mois, l'accès aux cours de langue, de formation, ou encore l'accès aux conditions matérielles d'accueil et de soins de santé. Tous ces éléments, nous les attendons toujours.
Sur la forme, d'autres collègues l'ont souligné en commission comme en séance plénière, il s’agit d’un texte qui reste peu lisible. Il contient en effet énormément de renvois aux textes européens et à des transpositions partielles. Il est plus complexe qu’il ne devrait l'être. Pour ce qui est du fond, je pense que, pour comprendre les enjeux de ce projet de loi, il faut d'abord revenir au pacte européen lui-même, qui avait été présenté comme la grande réforme devant mettre fin au dysfonctionnement du système européen d'asile. On avait envie d'y croire mais, pourtant, ce pacte ne répond pas aux causes profondes d'émigration forcée. Il ne crée pas de véritables voies légales et sûres qui permettent aux personnes de demander une protection sans mettre leur propre vie en danger. Il ne développe pas suffisamment de programmes de réinstallation, ne facilite pas significativement les visas humanitaires et ne renforce pas systématiquement les mécanismes de réunification familiale. En réalité, ce Pacte organise davantage une gestion des arrivées qu'il ne construit une politique migratoire cohérente, sans même évoquer une politique migratoire juste, humaine ou solidaire.
Un aspect qui nous inquiète est que le Pacte renforce considérablement la collecte et l’interconnexion des données personnelles. L’extension d’Eurodac – avec l’élargissement de la collecte des données biométriques –, l’abaissement à 6 ans de l’âge des personnes concernées, ainsi que l’augmentation du nombre d’autorités ayant accès à ces données, traduisent une même logique, alors que la protection de la vie privée demeure un droit fondamental. Nous devrions être capables de démontrer que chaque collecte est nécessaire, proportionnée et encadrée. À cet égard, il est difficile d’ignorer les critiques formulées par l’Autorité de protection des données. Celles-ci portent notamment sur les responsables du traitement, les catégories de données collectées, les accès autorisés et les durées de conservation. Lorsque l'autorité indépendante chargée de la protection des données rend un tel avis, il ne suffit pas d’en prendre acte; il faut également y répondre.
Avec ce projet de loi, nous passons progressivement d'un système qui chercherait à identifier de personnes à protéger à un système cherchant avant tout à identifier des personnes à contrôler et à renvoyer.
Pour prendre un exemple en matière de pays qui sont considérés comme sûrs: en Tunisie, trois ans de prison pour l'homosexualité et, en Turquie, trois ans de prison pour les personnes transgenres. On sait donc que même les pays considérés comme sûrs peuvent être extrêmement dangereux, notamment pour les personnes LGBTQIA+.
Cette politique d'externalisation soulève quand même une question fondamentale, qui est de savoir si l'on peut défendre le droit d'asile dans l'Union européenne tout en sous-traitant toute une partie de sa mise en œuvre à des États qui ne garantissent pas eux-mêmes les protections que nous prétendons défendre.
Le règlement sur les expulsions, qui est en passe d'être définitivement voté à l'échelle européenne, va évidemment encore gravement empirer cette tendance. Contrairement à certains collègues que j'ai entendus ici, j'appelle la Belgique à ne certainement pas soutenir au Conseil ce futur règlement, qui a été obtenu grâce aux voix de l'extrême droite et qui durcit drastiquement les règles d'expulsion de personnes sans papiers.
On sait bien la réalité qui se cache derrière l’euphémisme "retour" figurant dans le titre, que j'ai envie d'appeler "expulsion". Ce sont des détentions prolongées de personnes qui n'ont commis aucun crime, des détentions d'enfants et de mineurs non accompagnés, des visites domiciliaires, des interdictions de séjour, la création de hubs de retour en dehors de l'Union européenne, sans aucune considération pour le respect des droits fondamentaux.
On voit la direction que cela prend. Mais retournons ici au texte discuté ce soir, qui introduit également un mécanisme de filtrage obligatoire. Toute personne qui est entrée irrégulièrement sur le territoire ou qui n'a pas fait l'objet d'une identification préalable pourra être soumise à cette procédure. Le filtrage devra être réalisé dans un délai de trois jours sur le territoire ou de sept jours à la frontière. Pendant cette période, les personnes vont devoir rester à la disposition des autorités. Dans certains cas, cela pourrait conduire à un placement en centre fermé.
Ce matin encore, je lisais une avocate spécialisée en droit des étrangers qui avait beaucoup d'interrogations à cet égard. Elle dit qu'il n'est pas clair que l'avocat pourra être présent durant les auditions qui sont prévues pour le filtrage, alors qu'il y a justement beaucoup de choses importantes qui vont se jouer à ce stade-là, comme le contrôle des vulnérabilités ou des problèmes médicaux. Les personnes qui arrivent avec de profonds traumatismes vont-elles être capables d'en parler dès leur arrivée à un agent de l'administration? Pour l'instant, toutes ces questions-là ne sont manifestement pas encore résolues. Les avocats s'interrogent et mettent encore en avant le fait que, quand on a un avocat à côté de soi, c'est complètement différent puisqu'il sera en mesure de penser aux différents éléments probants qu'il conviendra d'apporter pour le dossier.
Ce pacte prévoit aussi un élargissement considérable des procédures accélérées qui obligent le CGRA à traiter une demande d'asile dans les trois mois. C'est le cas lorsque la demande émane d'une personne originaire d'un pays pour lequel le taux de protection est de 20 % ou moins, par exemple. Selon les estimations disponibles, près de 40 % des demandes introduites en Belgique en 2025 auraient été concernées par ce régime.
Cette accélération est présentée comme une bonne solution administrative. Mais il faut quand même rappeler qu'une procédure plus rapide n'est pas nécessairement un gage d'une procédure plus juste. Justement, l'identification des traumatismes, des violences subies ou des besoins spécifiques peut parfois exiger plus de temps. Nous craignons donc qu'une partie importante des demandeurs concernés voient leur situation examinée de façon insuffisamment approfondie à cause de ces délais.
Un des grands changements du pacte qui va aussi prendre vigueur, c'est la procédure "frontière". Pendant une période qui peut atteindre 12 semaines, des personnes qui sont présentes physiquement sur le territoire européen seront juridiquement considérées comme si elles n'étaient pas encore entrées. Cette fiction juridique nous interpelle évidemment beaucoup, car elle crée un régime dérogatoire dans lequel les garanties procédurales risquent d'être affaiblies. Elle normalise une logique de confinement à la frontière qui paraît difficilement conciliable avec une approche centrée sur les droits fondamentaux.
Il y a également toute la question du raccourcissement des délais de recours et des obstacles procéduraux, qui suscitent de nombreuses préoccupations. Nous en avons déjà largement débattu dans le cadre du projet de loi n° 1399 relatif au Conseil du Contentieux des Étrangers. La préparation des recours sera rendue plus complexe. Les avocats seront véritablement engagés dans une course contre la montre. La question se pose dès lors de savoir si les personnes concernées pourront réellement bénéficier d'une défense adéquate, ce qui soulève des interrogations au regard du droit à un recours effectif. Nous avons déjà eu l'occasion de le souligner.
Certes, certaines avancées existent en matière de droits des personnes migrantes, notamment le principe de solidarité entre les États membres et le droit à l'assistance juridique gratuite. Cependant, pour que ces avancées soient effectivement mises en œuvre, il faudra de la volonté politique et des moyens. Or, au vu des budgets récents, peu d'éléments permettent de conclure à une volonté d'accroître les ressources nécessaires à la mise en place de ces politiques.
La question qui nous est posée aujourd'hui est donc simple. Voulons-nous construire un système dont la priorité est d'accélérer le contrôle, la détention et les expulsions ou voulons-nous construire un système capable d'identifier rapidement les besoins de protection, de respecter les droits fondamentaux et d'accompagner dignement les personnes concernées?
Il s'agit évidemment d'une question rhétorique, madame la ministre, car je connais votre position et vous connaissez la nôtre. Votre position s'inscrit dans la même logique que celle qui vous a conduite à faire adopter la loi durcissant les conditions du regroupement familial, à supprimer l'aide financière – suppression qui a ensuite été annulée par la Cour constitutionnelle – ou encore à refuser l'accueil des personnes bénéficiant du statut M, décision qui a été suspendue. C'est toujours la même logique. Pour les écologistes, l'Europe et la Belgique doivent au contraire choisir la voie d'une politique migratoire fondée sur la dignité humaine, la solidarité et la protection des plus vulnérables.
À nos yeux, ce projet de loi fait clairement pencher la balance du mauvais côté. C'est la raison pour laquelle nous ne le soutiendrons pas.
De voorzitter: Merci madame Hugon.
Collega’s, we lassen nu een technische pauze in en hervatten de vergadering om 19.15 uur.
De vergadering wordt geschorst om 18.44 uur.
La séance est suspendue à 18 h 44.
|
De
bijlage is opgenomen in een aparte brochure met nummer CRIV 56 PLEN 125
bijlage. |
|
L'annexe est reprise dans une brochure
séparée, portant le numéro CRIV 56 PLEN 125 annexe. |