Plenumvergadering

Séance plénière

 

van

 

Woensdag 17 december 2025

 

Voormiddag

 

______

 

 

du

 

Mercredi 17 décembre 2025

 

Matin

 

______

 

De vergadering van woensdag 17 december 2025 wordt hervat om 10.11 uur en voorgezeten door de heer Peter De Roover, voorzitter.

La séance du mercredi 17 décembre 2025 est reprise à 10 h 11 et présidée par M. Peter De Roover, président.

 

De voorzitter: De vergadering is hervat.

La séance est reprise.

 

Voorstel van resolutie

Proposition de résolution

 

01 Voorstel van resolutie betreffende het veroordelen van de schending van de  legitieme rechten van Afghaanse vrouwen onder het Talibanregime en het oproepen van België en de Europese landen tot het verlenen van steun (1232/1-2)

01 Proposition de résolution dénonçant la violation des droits légitimes des femmes afghanes sous le régime des talibans et appelant à un soutien de la part de la Belgique et des pays européens (1232/1-2)

 

Dit voorstel is aangenomen door de commissie voor Buitenlandse Betrekkingen met toepassing van art. 76 van het Reglement.

Cette proposition a été adoptée par la commission des Relations extérieures en application de l’art. 76 du Règlement.

 

Bespreking

Discussion

 

De door de commissie aangenomen tekst geldt als basis voor de bespreking. (Rgt 85, 4) (1232/2)

Le texte adopté par la commission sert de base à la discussion (Rgt 85, 4) (1232/2)

 

De bespreking is geopend.

La discussion est ouverte.

 

De rapporteur, mevrouw Els Van Hoof, verwijst naar het schriftelijk verslag.

 

01.01  Kathleen Depoorter (N-VA): Collega's, goedemorgen, wellicht had niet iedereen verwacht dat we hier meteen aan de slag zouden gaan met dit voorstel van resolutie uit de commissie voor Buitenlandse Zaken.

 

We hebben in de voorbije dagen heel veel gedebatteerd over heel veel zaken die belangrijk zijn voor onze samenleving, maar ik wil toch even benadrukken dat ook dit werk binnen de commissie voor Buitenlandse Zaken ontzettend belangrijk is voor de vrouwen die leven in Afghanistan. Zij hebben sinds 2021 zowat 80 decreten zien  passeren die hun basisrechten ondermijnen, decreten die niet zomaar wat losse maatregelen zijn, maar maatregelen die een systeem van onderdrukking installeren, een systeem waarbij meisjes en vrouwen structureel uit de samenleving worden geband.

 

Het talibanregime heeft echt fundamentele rechten afgeschaft: het recht op onderwijs, arbeid, vrije beweging, deelname aan het openbaar leven en een medische opleiding. Die 80 decreten hebben tot doel de helft van de bevolking – de vrouwen en de meisjes – onzichtbaar te maken. Het is eigenlijk genderapartheid, het is een systeem dat men installeert. Het is veel meer dan een ideologisch begrip, het is een misdaad tegen de mensheid.

 

Die realiteit bekennen, hier staan en erover spreken is geen symbolische daad, maar een noodzakelijke stap om verantwoordelijkheden aan te wijzen, bewijzen te verzamelen dat hier effectief misdaden worden gepleegd en te benoemen wat er allemaal gebeurt. De gevolgen van het beleid van de taliban zijn tastbaar en verwoestend. Meisjes worden van school geweerd en er wordt hen ontplooiing ontzegd. Vrouwen mogen niet werken, ook niet voor humanitaire organisaties of voor de Verenigde Naties. Als ze dat toch doen, worden ze opgesloten, geïntimideerd en gestraft. Ze moeten, omdat ze bestaan, onzichtbaar worden.

 

Ook als zorgverstrekker, collega's, vind ik het zeer ernstig dat vrouwen worden geweerd uit medische opleidingen. Net in de zorg spelen we als vrouw een bijzonder belangrijke rol, zowel in het officiële als in het officieuze circuit. Vandaag kan een vrouw die is opgeleid als arts in Afghanistan een andere vrouw niet langer helpen. Nochtans raakt dit aan de essentie van het bestaan: voor elkaar zorgen. Het zorgsysteem stort in, met rampzalige gevolgen voor moeders en kinderen, maar ook voor ongeboren levens.

 

Daarnaast is er de terugkeer van lijfstraffen – ongezien – gedwongen huwelijken en seksueel geweld. Dat zijn geen incidenten, collega's, maar bewuste keuzes.

 

De internationale gemeenschap blijft evenwel nog aanwezig. Er zijn nog ngo’s die ter plaatse actief blijven en die willen we dan ook steunen. We willen hen niet bannen, maar er net voor zorgen dat er nog enig contact mogelijk blijft met vrouwen en meisjes in Afghanistan. Ook in de Europese rechtspraak bestaat daarover geen enkele twijfel, collega's. Het loutere feit dat men als vrouw bestaat, vormt in Afghanistan een gevaar.

 

We moeten ervoor zorgen dat we aanwezig blijven, beschermen, contact houden en op een geloofwaardige manier omgaan met het regime, in het bijzonder wat betreft de steun die de bevolking nodig heeft. Humanitaire steun ter plaatse is noodzakelijk. Het organiseren van humanitaire corridors is dat evenzeer.

 

Diplomatie, collega's, kan ons vooruithelpen. Sommige parlementsleden verklaren dat we niet met de taliban mogen praten. Zonder dialoog kan er echter geen terugkeerbeleid worden georganiseerd. Minister Van Bossuyt is recent naar de Europese Unie gestapt om voor te stellen om een dialoog aan te knopen, zodat we personen die geen asiel krijgen, kunnen terugsturen.

 

Vrouwen vormen overigens een minderheid bij de asielaanvragen. De vrouwen die uit Afghanistan naar ons land komen, worden beschermd. Wanneer zij het statuut van vluchteling verkrijgen, zullen we hen ook ondersteunen bij hun integratie.

 

Collega's, deze resolutie is geen eindpunt. Het is een standpunt dat we als Parlement innemen, waarmee we het signaal geven dat vrouwen en meisjes in Afghanistan op ons kunnen rekenen, zowel diplomatiek als humanitair.

 

01.02  Ellen Samyn (VB): Mijnheer de voorzitter, collega’s, deze resolutie kaart terecht de situatie aan van vrouwen en meisjes in Afghanistan. Wat zich daar vandaag onder het talibanregime afspeelt, is ronduit schrijnend en onaanvaardbaar. De herinvoering van de sharia, lijfstraffen, het verbod op onderwijs, werk en bewegingsvrijheid en zichtbaarheid in de publieke ruimte zijn jammer genoeg geen uitzonderingen, maar een systematisch en structureel beleid van onderdrukking. Ook de recente aardbevingen in Afghanistan hebben die realiteit op een bijzonder pijnlijke manier blootgelegd, niet alleen door het hoge aantal doden en gewonden, maar ook door de manier waarop vrouwen zelfs in een rampcontext tweederangsburgers blijven.

 

Vrouwen hebben onder het talibanregime nauwelijks toegang tot medische zorg. Mannelijke artsen mogen hen niet behandelen, terwijl vrouwelijk medisch personeel schaars of eenvoudigweg afwezig is. Na de aardbeving bleven vrouwen letterlijk onder het puin liggen omdat mannelijke reddingswerkers hen niet mochten aanraken.

 

Dit islamitisch fundamentalisme is niet langer louter een schending van vrouwenrechten. Het kost vrouwenlevens. Dat moet zonder omwegen worden veroordeeld, ook op het internationale toneel.

 

Precies omdat dit dossier zo ernstig is, moeten we ook eerlijk durven zijn over de politieke logica van de voorliggende resolutie. Die volgt opnieuw een vertrouwde reflex: veel morele verontwaardiging, veel verwijzingen naar internationale instellingen, maar weinig kritische reflectie over wat de voorbije decennia effectief is mislukt. Alsof Afghanistan niet net het schoolvoorbeeld is van hoe goede intenties zonder realiteitszin tot catastrofale resultaten kunnen leiden.

 

Ik heb in dat verband het woord naïef gebruikt. Daar is verontwaardigd op gereageerd en mijn tussenkomst werd volledig uit de context getrokken. Laat mij daar duidelijk over zijn: strijden voor vrijheid, vrouwenrechten en menselijke waardigheid is niet naïef integendeel zelfs. Doen alsof een theocratisch totalitair regime – we hebben het hier nog steeds over de taliban – via dialoog, verklaringen of symbolische begrippen fundamenteel echter zal veranderen, is wel naïef. We hebben die hoop eerder gehoord bij zogenaamde omwentelingen in die regio. In het beste geval veranderde niets en in het slechtste geval werden vrijheden nog verder ingeperkt. Afghanistan en ook Iran bijvoorbeeld tonen dat pijnlijk aan.

 

Wat deze resolutie bovendien problematisch maakt, is dat buitenlandse mensenrechtenschendingen opnieuw automatisch worden vertaald naar binnenlandse migratieverplichtingen. De tekst suggereert dat vervolging quasi vanzelfsprekend moet leiden tot collectieve opvang en verblijfsrechten, zonder ernstig debat over draagkracht, integratie of terugkeer. Wij hebben dan ook amendementen ingediend die deze resolutie niet afzwakken, maar net consequenter maken. Wij pleiten ervoor dat humanitaire hulp enkel kan worden voortgezet onder strikte controle, zodat die hulp bij de meest kwetsbaren terechtkomt en niet rechtstreeks of onrechtstreeks bij het talibanregime. Internationale rapporten tonen aan dat het risico reëel is. Waakzaamheid is geboden en verantwoord.

 

Collega's, we stellen ook voor om geen juridische of politieke constructies te creëren die van Afghaanse vrouwen, louter op basis van geslacht en nationaliteit, een collectieve migratiecategorie maken. Wij steunen vrouwenrechten, maar wij weigeren die steun te vertalen in een onbeperkt asielkanaal richting Europa.

 

Daarnaast vragen wij terminologische helderheid. Ideologisch geladen begrippen mogen juridische scherpte niet vervangen. Wat de taliban oplegt, is een systematische scheiding en uitsluiting op basis van geslacht. Dat moet correct en ondubbelzinnig worden benoemd.

 

Niemand ontkent dat de ngo's vandaag vaak de enige schakel naar de bevolking zijn, maar doen alsof men in Afghanistan in een normale operationele context werkt, waarin samenwerking geen legitimatie-effect heeft, is een gevaarlijke illusie. De normalisering van een terroristische theocratie ondergraaft de internationale druk.

 

Tot slot wil ik expliciet ingaan op het punt van sociale rechten en pensioenrechten. Gedwongen huwelijken, kindhuwelijken en seksuele uitbuiting moeten niet alleen moreel worden veroordeeld, maar mogen ook op geen enkele manier aanleiding geven tot sociale rechten of pensioenrechten in dit land. België kent vandaag nog altijd mechanismen waarbij polygame structuren de facto meewegen in sociale rechten. Dat is geen hypothese, maar een vastgestelde realiteit. Net dat willen wij vermijden. Wie zegt dat dit losstaat van vrouwenrechten vergist zich fundamenteel.

 

Collega's, wij steunen de strijd voor vrouwenrechten in Afghanistan, maar wie die strijd ernstig neemt, moet ook ernstig zijn over migratie, legitimatie van regimes en controle op misdaden.

 

01.03  Charlotte Deborsu (MR): Monsieur le président, chers collègues, imaginez un pays où les femmes n'ont pas le droit d'aller à l'école après l'âge de 11 ans, un pays où il leur est interdit de travailler, un pays où – même chez elles – il est obligatoire d'occulter les fenêtres pour qu'elles ne soient pas vues depuis la rue où, blessées sous des décombres, elles n'ont pas le droit d'être secourues parce qu'il leur est interdit d'être touchées par un homme. Ce pays existe: c'est l'Afghanistan en 2025. Depuis le retour des talibans en 2021, les femmes afghanes ont été méthodiquement effacées de la vie publique, invisibilisées, déshumanisées au nom d'une interprétation rigoriste et extrémiste de la religion.

 

Chers collègues, la situation des femmes en Afghanistan n'est ni de gauche ni de droite, ni une question de majorité ou d'opposition. C'est une question d'humanité. Observer ce Parlement s'exprimer d'une seule voix me conforte dans l'idée qu'une autre manière de faire de la politique est possible: une politique qui dépasse les clivages quand le bien commun l'exige. C'est ainsi que j'entends faire de la politique. Il est d'autant plus symbolique pour moi que ce texte est le premier que je soumette à cet hémicycle depuis mon élection. Je m'y suis personnellement beaucoup investie avec mes collaborateurs, précisément pour permettre ce rassemblement. Aujourd'hui, j'exprime ma reconnaissance de voir ce texte porté par l'ensemble de la commission des Relations extérieures, parce que la situation des femmes en Afghanistan est un drame humanitaire qui doit être dénoncé par toutes et tous.

 

Depuis 2021, les talibans multiplient les mesures répressives à l'encontre des femmes à un rythme implacable. Trois exemples récents suffisent à en illustrer l'horreur. Tout d'abord, le 28 décembre 2024, les talibans ont ordonné d'occulter toutes les fenêtres donnant sur l'espace public pour qu'aucune femme ne puisse être aperçue, même de loin, depuis la rue. Même chez elles, les femmes afghanes doivent disparaître. Depuis mars 2025, l'Afghanistan est devenu le seul pays au monde où les filles n'ont plus le droit de s'instruire au-delà de l'école primaire. Le seul pays au monde! Et puis, dernier exemple: le séisme du 31 août dernier a tragiquement révélé jusqu'où peut aller l'absurdité meurtrière du système taliban. Les femmes afghanes coincées sous les décombres n'avaient même pas le droit d'être aidées, secourues ou soignées, car elles n'avaient pas le droit d'être touchées par des hommes. Cette réalité illustre de manière dramatique la déshumanisation dont elles sont victimes. Toutes ces décisions d'un autre âge plongent le "pays des cavaliers" dans le chaos. Spoiler Alert: marginaliser 50 % de sa population n'a jamais conduit un pays ailleurs qu'à l'effondrement.

 

Que peut-on attendre de cette proposition? Soyons lucides, ce texte, à lui tout seul, ne va pas renverser le régime des talibans, mais sa portée est essentielle. D'abord, il a une portée symbolique forte: maintenir la cause de femmes afghanes au cœur de l'agenda international, rendre visibles celles que ce régime tente de rendre invisibles. Alors, oui, nous ne sommes que la Belgique, mais cette résolution constitue une manière forte de dire à ces femmes que nous les voyons et nous ne les oublions pas. Au-delà du symbole, cette résolution dénonce une réalité brutale, un apartheid de genre en Afghanistan, et à travers cette résolution, nous demandons qu'il soit reconnu pour ce qu'il est, c'est-à-dire un crime contre l'humanité.

 

C'est un apartheid de genre, car il s'agit d'un système pensé, institutionnalisé, généralisé visant clairement à maintenir la domination d'un genre sur un autre. Tout part de l'État lui-même: suppression de la Constitution de 2004, dissolution de la Commission afghane des droits humains, plusieurs dizaines de décrets réduisant et abolissant des droits des femmes concernant leur éducation, leur travail, leur liberté de mouvement, le mariage librement consenti. Rien n'est épargné, les femmes afghanes n'ont tout simplement plus le droit d'exister. Les faits ne laissent place à aucun doute. Les talibans ont bel et bien instauré un apartheid de genre.

 

Notre résolution s'inscrit dans un mouvement global: nommer le crime pour mieux le combattre. Cette reconnaissance n'est pas qu'un symbole. Elle s'aligne également sur l'arrêt rendu par la Cour de justice de l’Union européenne (CJUE) le 4 octobre 2024. Cet arrêt est historique, puisqu'il reconnaît que toute femme afghane, du seul fait de son genre et de sa nationalité, appartient à un groupe social nécessitant une protection internationale. Autrement dit, soutenir ces femmes, ce n'est pas seulement un choix moral; c'est une obligation juridique pour tous les États membres, dont la Belgique.

 

Monsieur le président, chers collègues, oui, les mots sont parfois insuffisants pour décrire l'enfer que vivent les femmes en Afghanistan. Mais nous pouvons toutes et tous, collectivement, refuser l'indifférence. Aujourd'hui, par ce vote unanime, nous affirmons une chose simple mais essentielle: le silence ne sera jamais une option. Je vous remercie. Et merci pour elles!

 

01.04  Ayse Yigit (PVDA-PTB): Mijnheer de voorzitter, collega’s, vandaag spreken wij niet over een verre realiteit, maar over een systematische ontmenselijking die zich in volle openbaarheid voltrekt. Afghaanse vrouwen worden geconfronteerd met een geïnstitutionaliseerde onderdrukking, een vorm van genderapartheid. Zij worden beroofd van onderwijs, uitgesloten van arbeid en uit het publieke leven gewist. Hun leven wordt bepaald door wetten die hun vrijheid en zelfbeschikking volledig ontkennen. Zij leven in constante angst, waarin elke stap vooruit gevaarlijk kan zijn.

 

Al decennia lang zijn zij de eerste slachtoffers van oorlogen en buitenlandse interventies. In tijden van politieke instabiliteit zijn zij de eersten die lijden en de laatsten die worden gehoord. Sinds 2021 heeft hun onderdrukking een ongekende graad van brutaliteit bereikt. Geweld, discriminatie en uitsluiting treffen elke hoek van hun leven en hun hoop wordt systematisch vernietigd.

 

De resolutie die vandaag voorligt, erkent de genderapartheid in Afghanistan als een misdaad tegen de menselijkheid, veroordeelt de taliban scherp voor hun systematische mensenrechtenschendingen en roept Europa en België op om niet weg te kijken, maar druk te blijven uitoefenen, humanitaire hulp te bieden, Afghaanse vrouwen te steunen en hen actief te beschermen.

 

Met deze resolutie bevestigen wij ons engagement voor de fundamentele waarden van de mensenrechten en voor de strijd tegen alle vormen van apartheid. Dit betekent voor mij ook dat wij overal waar vrouwen systematisch worden onderdrukt en waar hun rechten worden geschonden, consequent onze stem verheffen, zonder dubbelzinnigheid en zonder stilzwijgen. Stemmen voor deze resolutie is rechtvaardig en noodzakelijk. Laten wij de mensenrechten overal en altijd met dezelfde vastberadenheid verdedigen.

 

01.05  Pierre Kompany (Les Engagés): Monsieur le président, chers collègues, lorsque j’entends la voix des femmes, d’une femme, Mme Deborsu, lorsque je sais qu’un homme, M. De Smet, est sérieusement préoccupé par cette question, je crois qu’il est temps que nous nous mettions du bon côté de l’histoire.

 

Le bon côté de l’histoire, lequel est-ce? Le bon côté de l’histoire, Mme Depoorter l’a dit, c’est défendre ces femmes afghanes et y penser résolument. C’est un problème humain. Ces femmes sont désormais traitées comme jamais des hommes ne l’ont été. En cas de tremblement de terre ou de catastrophe naturelle, les secouristes ne peuvent pas leur porter secours parce qu’elles sont femmes. C’est une autre dimension.

 

Aujourd'hui, nous espérons tous, dans cette Assemblée, que les choses évoluent, que les choses changent, et que notre gouvernement et nos représentants puissent parler à haute voix dans les assemblées internationales afin que cessent l’impunité, l’ignorance de la vérité et le refus d’affronter ceux qui malmènent des êtres humains parce qu’elles sont femmes. On va jusqu’à leur interdire l’enseignement après l’école primaire. Il faut que nous rappelions tous à ceux qui nous représentent qu’il est temps qu’un tel système cesse sur cette terre.

 

01.06  Annick Lambrecht (Vooruit): Mijnheer de voorzitter, collega's, het is mijn diepste overtuiging dat vrouwenrechten universeel zijn en niet-onderhandelbaar zijn, ongeacht de politieke context of het regime. Wat sinds de machtsovername in augustus 2021 in Afghanistan gebeurt, is een georganiseerde uitwissing van het publieke leven van de helft van de bevolking, namelijk de vrouwen. Alles wat in twintig jaar op het gebied van mensenrechten moeizaam werd opgebouwd, is door de taliban in korte tijd kapotgemaakt.

 

De speciale VN-rapporteur omschrijft de situatie dan ook zonder meer als genderapartheid. We zien een regime dat met tientallen discriminerende maatregelen vrouwen en meisjes systematisch uit het onderwijs en uit het openbare leven weert. Het is werkelijk schokkend hoe de taliban stap voor stap elke vorm van menselijke waardigheid van vrouwen ontneemt. Meisjes mogen niet meer naar de middelbare school of studeren, werken is voor vrouwen in de meeste beroepscategorieën verboden, een bezoek aan een park of sportschool is verboden en voor elke reis buiten de deur moeten vrouwen vergezeld zijn door een zogenaamd mannelijke voogd.

 

Voor Vooruit is het essentieel dat we die genderapartheid formeel erkennen als een misdaad tegen de menselijkheid en dat we de daders ter verantwoording roepen. We steunen daarom ook volmondig de procedures van het Internationaal Strafhof tegen de talibanregering wegens de vervolging van vrouwen en meisjes.

 

Er heerst een klimaat van wijdverbreide straffeloosheid voor willekeurige detenties, verdwijningen en strafrechtelijke executies. We vragen met dit voorstel van resolutie een einde aan stenigingen en aan lijfstraffen en een onmiddellijke heropening van scholen voor meisjes van alle leeftijden. Onderwijs is immers een onmisbare basisvoorwaarde voor mensenrechten.

 

De nood is hoog door de groeiende armoede en het verbod voor vrouwelijke hulpverleners om te werken. We zien daardoor een schrikbarende toename van kindhuwelijken en gedwongen huwelijken. Wanhopige gezinnen worden daarenboven door droogte en stijgende prijzen tot het uiterste gedreven.

 

We vragen de federale regering dan ook om binnen de EU aan te dringen op een gezamenlijke positie om nieuwe sancties tegen de taliban in te stellen.

 

We steunen heel concreet de voortzetting van humanitaire hulp aan de meest kwetsbaren, in het bijzonder aan gezinnen met een vrouw aan het hoofd.

 

Tevens roepen we op tot actieve ondersteuning van het werk van internationale ngo’s en VN-instellingen op het vlak van onderwijs en gezondheid.

 

Ook diplomatiek moeten we een vuist maken. We steunen de inspanningen van de Organisatie voor Islamitische Samenwerking om de dialoog over vrouwenrechten aan te gaan. We blijven bovendien de Verenigde Naties en de speciale gezanten ondersteunen in hun cruciale werk ter plaatse.

 

Louter de combinatie van nationaliteit en het vrouwelijke geslacht is immers al voldoende aanleiding voor vervolging. Dat is ontoelaatbaar en onaanvaardbaar.

 

Vooruit steunt de tekst dan ook volmondig. Wij danken iedereen die eraan heeft meegewerkt, in het bijzonder mevrouw Deborsu en de heer De Smet.

 

01.07  Philippe Courard (PS): Monsieur le président, chers collègues, nous débattons d'un texte fondamental. Il s’agit d’une résolution qui dénonce les violations systématiques des droits des femmes en Afghanistan sous le régime des talibans et qui appelle la Belgique, l'Europe, et le monde entier à agir.

 

Depuis la prise de pouvoir des talibans en août 2021, plus de 80 édits discriminatoires ont été imposés pour véritablement effacer les femmes de la vie publique, économique et éducative. En décembre 2024, un nouveau pas a été franchi: l'interdiction pour les femmes et les filles de suivre des formations médicales, ce qui menace gravement le système de santé déjà assez fragile et met en danger des millions de vies. Le rapporteur spécial des Nations Unies, Richard Bennett, parle désormais d'apartheid de genre et la Cour pénale internationale (CPI) a émis des mandats d'arrêt contre les dirigeants talibans pour crimes contre l'humanité liés à la persécution des femmes et des filles.

 

Mais derrière ces chiffres et ces décisions, il y a des visages et des histoires. Malgré la répression, des réseaux clandestins d'éducation continuent de fonctionner. La Woman Online University compte plus de 17 000 étudiantes. Des cours se donnent en ligne dans des maisons sous couvert de madrasa ou d'ateliers de couture pour tromper la surveillance. Ces initiatives sont des actes de résistance. Elles offrent non seulement un apprentissage académique à toutes ces femmes, mais aussi un espace d'espoir et un espace de solidarité. Ces réseaux sont fragiles. En septembre dernier, une coupure totale d'internet a plongé ces étudiantes dans l'isolement. Certaines ont parlé d'un retour à la chute de Kaboul. D'autres ont comparé cette interdiction à la perte du toit au-dessus de leur tête. Et les conséquences psychologiques sont dramatiques; 87 % des femmes privées d'éducation souffrent de symptômes dépressifs et une sur deux envisage le suicide.

 

Face à cela, notre résolution propose des mesures concrètes, à savoir reconnaître l'apartheid de genre comme un crime contre l'humanité et soutenir les initiatives de documentation et de poursuites; condamner les violations graves et systématiques des droits humains et exiger la fin immédiate des restrictions; soutenir les programmes éducatifs clandestins et en ligne ainsi que les associations qui acheminent des kits médicaux et de survie; renforcer l'aide humanitaire pour les femmes, les familles monoparentales et les victimes de violences; plaider pour la réouverture des écoles pour suivre la formation des étudiantes; appuyer les sanctions européennes contre les talibans et les procédures de la CPI.

 

En adoptant ce texte, nous envoyons un message clair. La Belgique ne restera pas silencieuse face à l'effacement programmé de la moitié d'un peuple. Nous affirmons notre solidarité avec les femmes afghanes et notre soutien à celles qui, dans l'ombre, continuent de défendre le droit fondamental de l'éducation.

 

Ces écoles clandestines sont plus qu'un lieu d'apprentissage, elles sont un symbole de résistance et d'espoir. Soutenons-les, défendons-les, parce que là où une fille apprend, c'est toute une société qui se relève! Je vous invite donc à voter en faveur de cette résolution. Merci beaucoup.

 

01.08  Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen): Mijnheer de voorzitter, collega's, dit is de laatste tekst die hier wordt besproken voor we overgaan tot de actuele vragen. Misschien is dit wel het goede moment, nu iedereen fris en monter is, om het te hebben over de schrijnende situatie in Afghanistan. Mevrouw Depoorter heeft het treffend benoemd als genderapartheid. Ik wil in de eerste plaats collega De Smet uitdrukkelijk bedanken die het initiatief nam om dit onderwerp op de agenda te plaatsen. Het feit dat dit nu onder artikel 76 valt, toont aan hoe pertinent dit initiatief was. Het zal bij de stemming zeker op unanimiteit kunnen rekenen.

 

Wat in die resolutie staat, is meer dan ooit aan de orde. Genderapartheid is de term die we daar effectief voor moeten gebruiken. Ik ben ook blij te horen dat collega Depoorter niet de enige is die het zo heeft benoemd, maar dat die definitie of bepaling op de instemming kan rekenen van de andere collega's.

 

De situatie voor meisjes en vrouwen in Afghanistan is desastreus, zowel op korte als op lange termijn. Een samenleving die niet investeert in vrouwen en meisjes, die niet investeert in gelijke kansen, die aan meisjes en vrouwen het recht op onderwijs ontzegt, is een samenleving die zich nooit op een goede manier zal kunnen ontplooien, die nooit zal kunnen werken aan democratie en aan weerbaarheid.

 

Ik wil ook verwijzen naar wat onze collega Rajae Maouane heeft gezegd tijdens de bespreking in de commissie. Het kan ook maar een begin zijn, een begin van een reflectie over hoe we omgaan met dergelijke regimes en met dergelijke problematieken, en welke rol we daarin kunnen spelen als staat op het Europese forum, maar ook breder, internationaal.

 

In die zin is beleidsconsistentie ook aan de orde. Men kan niet aan de ene kant stellen dat wat de taliban vrouwen en meisjes aandoet afgrijselijk en een aantasting van fundamentele waarden is, en aan de andere kant alsnog onderhandelen. Mevrouw De Poorter, ik bestrijd uw standpunt niet principieel. Het is inderdaad belangrijk om te kunnen blijven praten, want als men niet praat, kan men die terechte bekommernissen ook niet op tafel leggen. Ik zeg dus niet dat we totaal niet moeten onderhandelen, maar ik mis in de verklaring van minister Van Bossuyt wel heel hard dat dat er voor haar bij hoort, dat als zij spreekt met de taliban, het in de eerste plaats gaat over hoe de taliban zijn samenleving wenst te organiseren. Dat is niet gebalanceerd. Ik vond het ook in uw uiteenzetting niet gebalanceerd terug. Dat is echter wel hetgeen waarover het gaat. Er is beleidsconsistentie nodig. We kunnen niet louter een resolutie stemmen over iets dat zeer pertinent is en unaniem wordt gesteund in de Kamer, om vervolgens over te gaan tot de orde van de dag.

 

01.09  Sandro Di Nunzio (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, collega's, onze fractie zal deze resolutie uiteraard ook volmondig steunen. Het is de verdienste van collega De Smet dat dit op de agenda is geplaatst. We zijn dan ook enorm tevreden dat de commissie voor Buitenlandse Zaken een oplossing heeft gevonden om dit over de partijgrenzen heen te kunnen steunen. Ik hoop dat dat een voorbode mag zijn voor de werkwijze in de toekomst, zodat goede teksten van zowel meerderheid als oppositie kunnen worden gesteund en mede ondertekend.

 

De situatie van de Afghaanse vrouwen is schrijnend. Als liberale fractie staan wij uiteraard voor de vrijheid van het individu. Zelfbeschikking is voor ons enorm belangrijk, ook voor de vrouwen en meisjes in Afghanistan. Vrouwenrechten zijn mensenrechten en die mogen niet afhankelijk zijn van kleur of religie. Die genderapartheid, de beperkingen in onderwijs en de repressie die vrouwen daar ervaren, zijn onaanvaardbaar en moeten wij bestrijden.

 

In de tekst wordt effectief verwezen naar de jurisprudentie van het Hof van Justitie, met betrekking tot het erkennen van Afghaanse vrouwen als vluchtelingen. Daarbij wordt ook de overweging gemaakt om nieuwe sancties op te leggen ten aanzien van de taliban. Wij vragen ons af hoe dat zich verhoudt tot de aanpak van minister Van Bossuyt, wanneer zij spreekt met de taliban over de terugkeer van Afghanen uit ons land. Wij vragen ons af hoe de meerderheid dat concreet ziet.

 

Dat gezegd zijnde, met deze resolutie doen wij onze plicht om ten aanzien van de taliban en van de internationale partners duidelijk te zeggen dat we de situatie in Afghanistan veroordelen, en dat we onze steun verlenen op alle niveaus waar het mogelijk is. We steunen deze resolutie. Ga ermee aan de slag!

 

01.10  François De Smet (DéFI): Monsieur le président, chers collègues, je remercie toutes celles et tous ceux qui ont permis l'aboutissement d'un texte commun, notamment la collègue Deborsu, mais aussi notre présidente de commission, Mme Van Hoof, ce qui permettra d'envoyer un message fort en soutien aux femmes d'Afghanistan écrasées par le régime théocratique et moyenâgeux des talibans.

 

Le texte qui nous réunit a le mérite essentiel de nommer les choses sans détour ni euphémisme. Tout d'abord, la reconnaissance explicite de l'apartheid de genre et l'appel à sa qualification comme crime contre l'humanité marquent un pas politique important. En s'inscrivant dans la continuité des travaux des Nations Unies et de la jurisprudence récente de la Cour de justice de l'Union européenne (CJUE), ce texte place notre pays du bon côté de l'histoire et du droit international. Ensuite, il faut souligner la cohérence de l'approche multilatérale défendue ici. Le soutien à la Cour pénale internationale, aux ONG internationales et locales, ainsi que l'insistance sur une réponse européenne coordonnée montrent que cette résolution ne cède ni à l'isolement diplomatique ni à l'improvisation.

 

Je veux également saluer l'attention portée à l'aide humanitaire, en particulier envers les femmes, les familles monoparentales et les filles, ainsi que la volonté de maintenir la situation des Afghanes au premier plan de l'agenda international. Enfin, le texte rappelle que les talibans ne sont pas seulement un pouvoir de fait, mais les auteurs de violations graves, systématiques et documentées des droits humains, ce qui justifie une pression diplomatique constante et assumée.

 

Un bémol, néanmoins, que j'ai déjà donné en commission concernant la question des retours des demandeurs d'asile. Le texte rappelle à juste titre que la CJUE considère désormais que le seul fait d'être une femme afghane suffit à établir un risque de persécution. Il décrit l'Afghanistan comme un régime de ségrégation et d'oppression systématique. Dès lors, une question s'impose: comment concilier à l'avenir ce constat avec l'idée, portée par ailleurs par notre gouvernement, d'une négociation avec les talibans sur une politique de retour? Certes, en pratique, aujourd'hui, la majeure partie des femmes afghanes sont reconnues réfugiées. Mais en théorie, à ce stade, rien n'exclut formellement la possibilité que la Belgique renvoie un jour certaines femmes en Afghanistan. En outre, rappelons-le, il y a aussi des hommes afghans qui risquent leur vie pour aider et protéger des femmes. Les activistes protégeant les droits des femmes méritent, eux aussi, une protection.

 

Reconnaissons, chers collègues, qu'il est tout de même compliqué de qualifier d'un côté un pouvoir de persécuteur systémique, dont les dirigeants sont visés par des mandats d'arrêt de la CPI, et de l'autre, d'envisager avec lui des arrangements censés garantir le retour et la sécurité de personnes renvoyées de force, ce qui me semble être quand même un petit peu plus que parler avec les talibans. Puissent donc les intentions et actions du gouvernement Arizona en matière d'asile ne pas affaiblir la portée du message politique que cette résolution entend justement porter.

 

Mes très chers collègues, malgré ce bémol, ce texte constitue un signal politique majeur. Cette résolution va affirmer la solidarité de notre pays avec les femmes afghanes et, à travers elles, avec l'universalité non négociable des droits des femmes. C'et la raison pour laquelle je voterai évidemment en faveur de cette résolution, et je me réjouis de notre unanimité qui seule sera à la hauteur du message que nous enverrons.

 

De voorzitter: Vraagt nog iemand het woord? (Nee)

Quelqu'un demande-t-il encore la parole? (Non)

 

De bespreking is gesloten.

La discussion est close.

 

Ingediende amendementen:

Amendements déposés:

Consid. K

  • 1 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 1

  • 2 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 2

  • 3 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 3

  • 4 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 9

  • 5 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 12

  • 6 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 15

  • 7 – Ellen Samyn cs (1232/3)

Verzoek/demande 18

  • 8 – Ellen Samyn cs (1232/3)

 

De amendementen worden aangehouden.

Les amendements sont réservés.

 

De stemming over de aangehouden amendementen en over het voorstel zal later plaatsvinden.

Le vote sur les amendements réservés et sur la proposition aura lieu ultérieurement.

 

De vergadering wordt gesloten. Volgende vergadering donderdag 18 december 2025 om 14.15 uur.

La séance est levée. Prochaine séance le jeudi 18 décembre 2025 à 14 h 15.

 

De vergadering wordt gesloten om 10.51 uur.

La séance est levée à 10 h 51.

 

 

 

Dit verslag heeft geen bijlage.

 

Ce compte rendu n'a pas d'annexe.