...

Bulletin nr : B047 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0430 - Zittingsperiode : 54


Auteur Barbara Pas, VB
Departement Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid
Sub-departement Sociale Zaken en Volksgezondheid
Titel De evolutie van het druggebruik in België.
Datum indiening16/09/2015
Taal N
Publicatie vraag     B047
Publicatiedatum 19/10/2015, 20152016
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum16/10/2015

 
Vraag

In tijden van financiële en economische crisis grijpen mensen meer als vroeger terug naar de fles en zoeken zij middels drugs in een droomwereld te vluchten. Een zorgzame overheid moet met een open geest aandacht hebben voor allerlei evoluties op het vlak van het druggebruik. Wordt er meer gebruikt dan vroeger? Wordt er op jongere leeftijd gebruikt? Belangrijk ook dat er voldoende statistieken en cijfermateriaal worden bijgehouden. 1. Hoeveel drugs werden er jaarlijks gemiddeld per Belg gebruikt in 2010, 2011, 2012, 2013, 2014 en 2015 (voor zover al voorlopige cijfers bekend zijn)? 2. Kan u een opdeling maken per Gewest? 3. Is het mogelijk om voor de betrokken jaren een opdeling te maken naar de soort drug? Softdrugs, harddrugs? Extasy, nieuwe synthetische drugs? 4. Is het mogelijk om afleidingen te maken met betrekking tot de leeftijd van de druggebruiker? Is er een evolutie merkbaar over de verschillende jaren?


 
Status 1 réponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B052
Publicatiedatum 30/11/2015, 20152016
Antwoord

Voor België zijn er geen representatieve gegevens over de hoeveelheid illegale psychoactieve middelen die gemiddeld worden gebruikt. Prevalentie-onderzoeken in België peilen naar het relatieve aandeel Belgen dat al dan niet een bepaalde drug gebruikt heeft binnen een bepaalde periode - los van de hoeveelheid per consumptie. 1 en 3. In België is de informatie over het gebruik van illegale drugs bij de algemene bevolking grotendeels gebaseerd op de nationale Gezondheidsenquête. Andere beschikbare gegevens binnen dit domein zijn afkomstig van regionale enquêtes voor specifieke subpopulaties, zoals de bevraging bij scholieren van de secundaire scholen, waarvan de meest recent vergaarde gegevens ook worden besproken. A. De cijfers verkregen via de nationale Gezondheidsenquête die periodiek wordt uitgevoerd door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV-ISP) presenteert een reeks van indicatoren met betrekking tot de consumptie van drugs in de algemene bevolking in de 12 maanden voorafgaand aan de enquête (Tabel 1). De opdeling in soorten psychoactieve middelen die in de meeste onderzoeken gebruikt wordt, zijn cannabis, cocaïne, heroïne, amfetamine/ ecstasy (deze worden niet altijd apart bevraagd, maar soms in één categorie gegroepeerd). Pas sinds 2013 wordt ook een bevraging gedaan naar nieuwe synthetische middelen (Nieuwe Psychoactieve stoffen, NPS). Evolutie van de indicatoren inzake de consumptie van illegale drugs, Gezondheidsenquête. a) Cannabis De resultaten van de enquête van 2013 geven aan dat ongeveer één persoon op zeven van 15 tot 64 jaar ooit cannabis in zijn leven heeft gebruikt (15 %). Van deze gebruikers geeft 69 % aan geen cannabis gebruikt te hebben in de afgelopen 12 maanden. Met andere woorden: meer dan twee derde van zij die ooit cannabis hebben gebruikt, zijn voormalige gebruikers. De resultaten van de opeenvolgende enquêtes tonen aan dat de prevalenties van bijna alle indicatoren met betrekking tot het gebruik van cannabis in het laatste decennium zijn gestabiliseerd. Zo blijft het percentage van 2004 tot 2013 op nationaal niveau schommelen rond 5 % voor de recente gebruikers (laatste jaar) en 3 % voor de huidige gebruikers (laatste maand). Ook wordt er bij deze huidige gebruikers een daling van de intensiteit van het cannabisgebruik vastgesteld: terwijl in 2004 en 2008 30 % van de huidige gebruikers aangaf (bijna) dagelijks cannabis te gebruiken, is dit percentage gedaald tot 21 % in 2013. b) Andere psychoactieve middelen Het gebruik van andere illegale drugs zoals cocaïne, amfetamines en andere gelijkaardige producten, is sinds 2008 niet toegenomen bij de Belgische bevolking. Het experimenteel gebruik (ooit) is gestabiliseerd op 4 % van de bevolking. Het recent gebruik (12 maanden) is licht gedaald, maar blijft hangen op 1 % van de 15-64-jarigen, wat toch niet echt verwaarloosbaar is wanneer men de vele risico's kent van het gebruik van deze producten. Cijfers omtrent het recent gebruik per product geven gelijkaardige prevalenties aan voor cocaïne en amfetamines/ ecstasy (0,5 % van de 15-64-jarigen) en lagere prevalenties voor opiaten (0,2 %), NPS (0,1 %) en producten zoals LSD of hallucinogene paddenstoelen (0,1 %). Hoewel de frequenties op niveau van de algemene bevolking zeer laag zijn, wijzen de resultaten op een dalende trend van het gebruik van cocaïne, amfetamines en ecstasy, en een stabilisatie van het gebruik van opiaten. 2. Zoals bij de voorgaande enquêtes, is in 2013 het percentage personen van 15-64 jaar dat recent cannabis heeft gebruikt hoger in het (stedelijk) Brussels Gewest dan in de twee andere Gewesten van het land (zie Figuur 1). Dit is ook het geval voor het gebruik van andere psychoactieve middelen dan cannabis (zie Figuur 2). 4. Het profiel van de druggebruiker in België komt overeen met die van internationale studies: cannabisgebruik is vooral populair bij jongeren en bij mannen. Dit profiel wordt goed geïllustreerd aan de hand van het recent gebruik (12 maanden) van cannabis (zie Figuur 3.): het recent gebruik van cannabis concentreert zich in de twee jongste leeftijdsgroepen; het gaat om: - 12 % van de jongeren van 15-24 jaar en - 8 % van diegenen van 25-34, tegen - 3 % of minder in de leeftijdsgroep na 35 jaar. Bij jongeren van 15-24 jaar is het percentage vrouwen dat cannabis heeft gebruikt in de afgelopen 12 maanden bijna gelijk aan het percentage mannen (respectievelijk 11 % en 14 %). Terwijl het percentage vrouwelijke gebruikers na deze leeftijd afneemt (4 % van de jonge vrouwen van 25-34 jaar), blijft cannabis nog populair bij mannen van 25 tot 34 jaar (13 %). De leeftijd waarop voor het eerst cannabis wordt gebruikt is gedaald van gemiddeld 19 jaar in 2004 naar gemiddeld 18 jaar in 2013. Wat betreft de andere psychoactieve middelen: De resultaten van de enquête van 2013 duiden dat het ook hier overwegend mannen zijn die deze producten gebruiken en de leeftijd iets hoger is dan die van de cannabisgebruiker: de prevalenties van het gebruik van andere drugs zijn hoger in de leeftijdsgroep 25-34 jaar dan in de leeftijdsgroep van 15-24 jaar (Zie Figuur4). We kunnen dus concluderen dat cannabis de meest gebruikte illegale drug blijft. Gegevens over het gebruik van andere psychoactieve middelen zijn niet altijd voor handen. Op basis van de meest recent beschikbare gegevens van de gehele Belgische bevolking, kunnen we besluiten dat het gebruik van drugs in de Belgische bevolking sinds 2004 niet is toegenomen, maar eerder is gedaald, zoals dit ook het geval is in verschillende Europese landen. Er zijn ook indicaties dat de intensiteit van het cannabisgebruik onder de huidige consumenten in de bevolking gedaald is ten opzichte van vroeger (2004-2008). De bijlagen bij het antwoord op deze vraag zijn het geachte Kamerlid rechtstreeks toegestuurd. Gezien het louter documentaire karakter ervan worden zij niet in het Bulletin van Vragen en Antwoorden opgenomen maar liggen zij ter inzage bij de griffie van de Kamer van volksvertegenwoordigers (dienst Parlementaire Vragen).

 
Eurovoc-hoofddescriptorGEZONDHEIDSBELEID
Eurovoc-descriptorenGEZONDHEIDSBELEID | DRUGVERSLAVING