...

Bulletin nr : B010 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0131 - Zittingsperiode : 54


Auteur Daniel Senesael, PS
Departement Minister van Justitie
Sub-departement Justitie
Titel Veroordeling van BelgiŽ door het EHRM wegens inadequate detentieomstandigheden. (MV 683)
Datum indiening19/12/2014
Taal F
Publicatie vraag     B010
Publicatiedatum 02/02/2015, 20142015
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum26/01/2015

 
Vraag

Op 25 november 2014 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) BelgiŽ nogmaals veroordeeld tot het schadeloosstellen van een ex-gedetineerde voor de onmenselijke en vernederende behandeling tijdens zijn verblijf in de gevangenissen te Antwerpen en Merksplas. In zijn arrest beveelt het Hof BelgiŽ aan om algemene maatregelen te treffen om de gevangenen de garantie te geven dat de omstandigheden van hun opsluiting in overeenstemming zijn met artikel 3 van het Verdrag en hun een effectief rechtsmiddel te bieden waarmee zij de voortzetting van een vermeende schending kunnen verhinderen of betere detentieomstandigheden kunnen verkrijgen. We weten dat de masterplannen op korte, noch zelfs op middellange termijn een oplossing kunnen bieden. 1. Welke concrete maatregelen zal u treffen om aan de aanbevelingen van het Hof tegemoet te komen? 2. Welke initiatieven zal u ontwikkelen om de detentieomstandigheden niet alleen in de gevangenissen in Antwerpen en Merksplas, maar ook in de andere Belgische gevangenissen waarop vaak dezelfde kritiek wordt geuit, op korte en middellange termijn te verbeteren? 3. a) Is het niet hoog tijd om onze visie, bijvoorbeeld op de voorlopige hechtenis, te herzien en de uitdaging aan te gaan die andere landen zoals Zweden en Finland, maar ook sommige Afrikaanse landen al tot een goed einde hebben gebracht, namelijk het terugdringen van het aantal opsluitingen door in te zetten op herstelgerichte rechtsbedeling en andere innoverende oplossingen? b) Wat zijn uw uw plannen op dat vlak? 4. U heeft zich ertoe verbonden de basiswet volledig ten uitvoer te brengen. Wanneer zullen de gedetineerden een eenvoudig, snel, gratis en contradictoir klachtrecht kunnen uitoefenen?


 
Status 1 rťponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B011
Publicatiedatum 09/02/2015, 20142015
Antwoord

1 en 2. Een aantal van de Belgische gevangenissen is verouderd en in slechte staat. Dat is ook de reden waarom mijn voorgangers gewerkt hebben aan masterplan I en II, en een een aangepaste versie hiervan op punt wordt gesteld. De door het geachte lid aangehaalde instellingen Antwerpen en Merksplas werden hierin opgenomen; zij zullen gesloten of gerenoveerd worden. Maar dit vergt tijd. In de tussentijd wordt er, samen met de Regie der Gebouwen, alles aan gedaan om de situatie leefbaar te houden. Voor elk van de gevangenissen worden er regelmatig aanpassings- en onderhoudswerken uitgevoerd. Maar grote en structurele werken zullen begrijpelijk niet meer worden uitgevoerd in inrichtingen die zullen gesloten worden of waar een totaalrenovatie gepland staat. Het arrest van het Europees Hof van de Rechten van de Mens wordt nader onderzocht. Het is duidelijk dat de vastgestelde schending niet de Belgische gevangenissen in hun geheel betreft, maar specifieke afdelingen van welbepaalde gevangenissen tijdens een welbepaalde fase van overbevolking. 3. De minister van Justitie heeft uiteraard geen vat op de beslissingen tot het opleggen of handhaven van de voorlopige hechtenis. Deze beslissingen behoren tot de exclusieve bevoegdheid van de rechterlijke macht. De Voorlopige Hechteniswet bepaalt precies de criteria waarop een voorlopige hechtenis kan gebaseerd zijn, namelijk de bescherming van de openbare veiligheid naast het gevaar op recidive, op onttrekking en/of op collusie. De principes van een herstelgerichte justitie worden volledig onderschreven. Voor veroordeelde gedetineerden zijn die wettelijk verankerd in de Basiswet gevangeniswezen en interne rechtspositie van gedetineerden van 12 januari 2005 en in de Wet externe rechtspositie van veroordeelden van 17 mei 2006. In overeenstemming met het regeerakkoord van 9 oktober 2014 en met mijn beleidsverklaring van 17 november 2014 (Parl. St., Kamer, 2014-2015, DOC 54K0020/018), zal ik inzetten op een verdere diversificatie van de straffen en de aanvulling van het straffenpalet met niet-vrijheids-berovende straffen, zoals het elektronisch toezicht en de probatie als autonome straf en de verbeurdverklaring als hoofdstraf. Wat betreft de strafmaten zal ook ernstig gereflecteerd worden, in het bijzonder inzake de gepaste straf voor lichtere misdrijven. Het einddoel van deze reflectie is de gevangenisstraf aan te wenden als ultimum remedium. 4. Het regeerakkoord en mijn beleidsverklaring bepalen dat de Basiswet gevangeniswezen volledig in werking zal treden na eventuele bijsturing. Er zijn daaromtrent nu nog geen koninklijke besluiten in voorbereiding. Er dient onder andere met de penitentiaire administratie bekeken te worden welke artikelen desgevallend dienen aangepast te worden. Daarvoor kunnen bepaalde bepalingen aan een evaluatie vanuit de praktijk onderworpen worden. Het beklagrecht is een van de hoofdstukken van de Basiswet dat nog niet in werking is getreden. Op 2 december 2014 hadden mijn medewerkers een eerste overleg met een delegatie van de Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen. De invoering van het beklagrecht kwam aan bod. Er werd afgesproken dat de Centrale raad in overleg met de lokale commissies van toezicht mij zouden informeren over de visie die zij hebben bij de implementatie van het beklagrecht in de gevangenissen, zowel naar inhoudelijke als procedurele aspecten. Er dient ook bestudeerd te worden welke materiŽle en personele middelen daarvoor vrijgemaakt moeten worden. Het is thans nog niet mogelijk om een concrete datum te geven aangaande het invoeren van het beklagrecht.

 
Eurovoc-hoofddescriptorSTRAFRECHT
Eurovoc-descriptorenEUROPEES HOF VOOR DE RECHTEN VAN DE MENS | SCHADEVERGOEDING | STRAFRECHT | STRAFGEVANGENIS | VONNIS | GEDETINEERDE