...

Bulletin nr : B003 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0011 - Zittingsperiode : 54


Auteur Veerle Wouters, N-VA
Departement Minister van Financiën
Sub-departement Financiën
Titel Overdracht van recht van erfpacht of opstal. - Vrijstelling meerwaarde gebouw opgericht door erfpachter.
Datum indiening22/10/2014
Taal N
Publicatie vraag     B003
Publicatiedatum 08/12/2014, 20142015
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum01/12/2014

 
Vraag

Wanneer het erfpachtrecht wordt gevestigd op een ongebouwd onroerend goed waarop de erfpachter zelf een gebouw opricht of het erfpachtrecht wordt gevestigd op een bebouwd onroerend goed waarbij de erfpachter het bestaande gebouw koopt, is de erfpachter volle eigenaar van het gebouw gedurende het erfpachtrecht. Bij overdracht van het erfpachtrecht wordt ook het gebouw overgedragen. 1. Bent u het eens dat in hoofde van de overdrager van de erfpacht de prijs voor het gebouw niet begrepen is in de belastbare basis voor de erfpachtvergoeding aangezien de personenbelasting zich baseert op de grondslag voor de registratierechten (art. 10, § 1, eerste en tweede lid, WIB 92), waarbij de prijs voor de overdracht van het gebouw onderworpen is aan het verkooprecht? 2. Indien een meerwaarde wordt gerealiseerd op het gebouw opgericht of verkregen door de erfpachter, moet men besluiten op basis van artikel 90, 10°, WIB 92 dat hierop geen personenbelasting verschuldigd is, behoudens speculatie (art. 90, 1°, WIB 92), aangezien artikel 90, 10°, WIB 92 enkel van toepassing is in het geval de belastingplichtige het ongebouwd onroerend goed, de grond, zelf heeft verkregen onder bezwarende titel of bij schenking onder levenden? 3. Geldt mutatis mutandis hetzelfde voor het recht van opstal waarbij de opstalhouder zelf een gebouw opricht of waarbij hij het bestaande gebouw koopt?


 
Status 1 réponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B008
Publicatiedatum 19/01/2015, 20142015
Antwoord

Gelet op de bewoordingen van de vraag, neem ik aan dat de door het geachte lid beschreven transacties verricht worden buiten de uitoefening van een beroepswerkzaamheid, en dat het evenmin gaat om speculatie of om verrichtingen buiten het normaal beheer van een privévermogen, noch om simulatie of verrichtingen die aanleiding kunnen geven tot toepassing van de algemene antimisbruikbepaling, noch om handelingen tussen een bedrijfsleider en zijn vennootschap. Onder dit voorbehoud kan ik het volgende antwoorden op de vragen van het geachte lid. 1. Het geachte lid viseert de situatie waarin: - ofwel een erfpachtrecht wordt gevestigd op een ongebouwd onroerend goed waarop de erfpachter zelf een gebouw opricht; - ofwel het erfpachtrecht wordt gevestigd op het grondgedeelte van een gebouwd onroerend goed waarbij de erfpachter het bestaande gebouw koopt; en nadien gelijktijdig dat erfpachtrecht wordt overgedragen en het gebouw wordt verkocht, waarbij de verkoopprijs voor het gebouw inzake registratierechten wordt onderworpen aan het verkooprecht. In die omstandigheden deel ik de mening van het geachte lid dat de verkoopprijs voor het gebouw inzake de personenbelasting niet begrepen is in de belastbare basis voor de erfpachtvergoeding. 2. Opdat de meerwaarde, verwezenlijkt naar aanleiding van de overdracht onder bezwarende titel van een in België gelegen gebouwd onroerend goed dat de belastingplichtige zelf heeft opgetrokken, belastbaar zou zijn overeenkomstig artikel 90, 10°, eerste lid, c) WIB 92, is vereist dat de belastingplichtige dit gebouw heeft opgetrokken op een ongebouwd onroerend goed dat hij onder bezwarende titel of bij schenking onder levenden heeft verkregen. Een gebouw, opgetrokken op een in erfpacht genomen ongebouwd onroerend goed, voldoet niet aan deze voorwaarde. De eventuele meerwaarde verwezenlijkt naar aanleiding van de overdracht ervan maakt bijgevolg geen belastbaar divers inkomen overeenkomstig voormeld artikel uit. Wanneer de erfpachter evenwel een recht van erfpacht op het grondgedeelte van een gebouwd onroerend goed verkrijgt en afzonderlijk het reeds bestaand gebouw koopt, is, bij vervreemding van het gebouw binnen vijf jaar na de datum van verkrijging, de verwezenlijkte meerwaarde belastbaar overeenkomstig artikel 90, 10°, eerste lid, a) WIB 92, dat geen enkele voorwaarde stelt ten aanzien van de wijze waarop het onderliggend ongebouwd onroerend goed werd verkregen. In elk van deze gevallen maken de bedragen verkregen bij de gelijktijdige overdracht van het recht van erfpacht op de grond onroerende inkomsten uit in de zin van artikel 7, § 1, 3°, WIB 92. 3. Omwille van de overeenstemming tussen de wettelijke regelingen van het erfpacht- en het opstalrecht is het noodzakelijk hen een gelijkaardig fiscaal lot voor te behouden. Bijgevolg geldt wat hierboven is gesteld voor een recht van erfpacht, mutatis mutandis ook wanneer een opstalhouder zelf een gebouw opricht of het bestaand gebouw koopt.

 
Eurovoc-hoofddescriptorFISCALITEIT
Eurovoc-descriptorenFISCALITEIT | BELASTING OP DE MEERWAARDE | ONROEREND EIGENDOM | ERFRECHT | EIGENDOMSOVERDRACHT | VERKOOP | GEBOUW