...

Bulletin nr : B003 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0015 - Zittingsperiode : 54


Auteur Franky Demon, CD&V
Departement Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid
Sub-departement Sociale Zaken en Volksgezondheid
Titel Medische ongevallen in BelgiŽ.
Datum indiening28/10/2014
Taal N
Publicatie vraag     B003
Publicatiedatum 08/12/2014, 20142015
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum01/12/2014

 
Vraag

Uit wetenschappelijke studies blijkt dat medische ongevallen vaak vermeden kunnen worden. Het is dan ook belangrijk dat zorgverleners en zorginstellingen willen leren uit situaties waar (bijna-)medische fouten optraden. In de medische sector heerst nog vaak een taboe rond medische ongevallen, waardoor dit thema onbesproken blijft. Het is nochtans belangrijk dat onder andere ziekenhuizen, zorgverleners en overheden een effectief patiŽntveiligheidsbeleid ontwikkelen om zo medische ongevallen te voorkomen. 1. Welke registratiesystemen hanteren ziekenhuizen momenteel voor de registratie van (bijna)-medische ongevallen? 2. a) Welke en hoeveel medische ongevallen (op jaarbasis) komen vooral voor? b) Hoe dikwijls kwamen die medische ongevallen voor in de voorbije vijf jaar? c) Hoeveel betaalt het Fonds Medische ongevallen hiervoor jaarlijks uit?


 
Status 1 rťponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B063
Publicatiedatum 23/02/2016, 20152016
Antwoord

1. a) De FOD Volksgezondheid is sedert 2007 gestart met een meer gestructureerde en systematische aanpak van kwaliteit en patiŽntveiligheid in acute, psychiatrische en categorale ziekenhuizen. Eťn van de acties heeft expliciet betrekking op het implementeren van een ziekenhuisbreed meld-en leersysteem voor incidenten en bijna-incidenten. De focus ligt hierbij op het leren uit incidenten en bijna-incidenten om deze in de toekomst te vermijden. b) In het voorjaar van 2014 heeft de FOD Volksgezondheid de ziekenhuizen bevraagd over het meld-en leersysteem. Hieronder de resultaten voor 180 ziekenhuizen (98 % van het totaal aantal Belgische ziekenhuizen). - Alle ziekenhuizen beschikken over een ziekenhuisbreed meld-en leersysteem voor incidenten en bijna-incidenten. - In 62 % van de ziekenhuizen komen de meldingen terecht in ťťn meld- en leersysteem. - In 38 % van de ziekenhuizen worden voor sommige incidenttypes andere meldsystemen gebruikt. Deze incidenttypes zijn: hemovigilantie, farmacovigilantie, agressie, vallen, medische materialen, radiotherapie, nucleaire geneeskunde en medische beeldvorming. - De helft van de meld-en leersystemen voor incidenten en bijna-incidenten werd ontwikkeld door het ziekenhuis zelf, de andere helft door een commerciŽle firma. - In 81 % van de ziekenhuizen is een totaaloverzicht beschikbaar van incidentmeldingen volgens hun ernstgraad, ook al verlopen niet alle incidentmeldingen via ťťn systeem. - In 93 % van de ziekenhuizen kunnen alle ziekenhuismedewerkers een incident melden(ook bijvoorbeeld logistiek personeel en keukenpersoneel). - In 78 % van de ziekenhuizen kan elektronisch worden gemeld. - In bijna 9 op 10 ziekenhuizen kan zowel nominatief als anoniem gemeld worden. - PatiŽnten kunnen een incident, bijna-incident of onveilige situatie melden via verscheidene kanalen: zoals de ombudsdienst of een afzonderlijk formulier of kanaal voor patiŽnten. Het beschikken over een geÔntegreerd, elektronisch en ziekenhuisbreed meld-en leersysteem voor incidenten en bijna-incidenten is tevens ťťn van de belangrijkste aanbevelingen van Europa (Council Recommendation of 9 June 2009 on patient safety (2009/C 151/01). In BelgiŽ wordt deze doelstelling stap voor stap bereikt. De FOD VVVL maakt tevens deel uit van de Reporting and Learning system subgroup (een onderdeel van de Patient Safety and Quality of Care working group) en heeft in het voorjaar van 2014 actief meegewerkt aan het rapport Reporting and learning systems for patient safety incidents across Europe. Hierin wordt een overzicht gepresenteerd van de verschillende Europese meld-en leersystemen (waaronder BelgiŽ) en worden aanbevelingen geformuleerd. Deze aanbevelingen worden door de FOD Volksgezondheid systematisch meegenomen om ziekenhuizen te ondersteunen in de evolutie naar ťťn geÔntegreerd, elektronisch en ziekenhuisbreed meld-en leersysteem voor incidenten en bijna-incidenten. Bij de interpretatie van de gegevens is het belangrijk om op te merken dat het aantal gemelde incidenten slechts een fractie uitmaakt van het werkelijke aantal incidenten. In de literatuur wordt gesproken van 10 %. Ook in het Fonds voor Medische Ongevallen (FMO) worden lang niet alle incidenten gecapteerd en het Fonds heeft enkel zicht op de incidenten met schade en enkel indien de patiŽnt er een melding van maakt. Ook van het aantal bijna-incidenten heeft het Fonds geen overzicht. Uit een bevraging van de FOD Volksgezondheid in 2012 bleek dat 65 % van meldingen ging over incidenten waarbij er geen schade was voor de patiŽnt. 2. a) Het aantal aanvragen op jaarbasis, die aan het FMO werden overgemaakt door personen die menen schade te hebben geleden als gevolg van gezondheidszorg, bedroeg in: - 2012: 510 (september-december); - 2013: 1096; - 2014: 764 (januari-oktober). Op basis van een eerste analyse van duizend aanvragen komt het FMO tot de vaststelling dat de incidenten het meest voorkomen in volgende vakgebieden: orthopedie, gynaecologie-verloskunde, algemene chirurgie, neurochirurgie, anesthesie (de exacte cijfers worden bekendgemaakt in het jaarverslag van 2013). b) Indien we in het kader van de wet van 31 maart 2010 betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg besluiten tot een medische ongeval zonder aansprakelijkheid (MOZA), dient het te gaan om een "ongeval dat verband houdt met een verstrekking van gezondheidszorg dat geen aanleiding geeft tot de aansprakelijkheid van een zorgverlener, dat niet voortvloeit uit de toestand van de patiŽnt en dat voor de patiŽnt abnormale schade met zich meebrengt. De schade is abnormaal wanneer ze zich niet had moeten voordoen rekening houdend met de huidige stand van de wetenschap, de toestand van de patiŽnt en zijn objectief voorspelbare evolutie. Het therapeutisch falen en een verkeerde diagnose zonder fout zijn geen medisch ongeval zonder aansprakelijkheid". Het gaat bijgevolg om uitzonderlijke gevallen. Tot op heden heeft het Fonds in drie gevallen besloten tot een medisch ongeval zonder aansprakelijkheid. c) Het FMO zal weliswaar enkel kunnen vergoeden wanneer het gaat om ernstige schade. De schade wordt beschouwd als zijnde ernstig wanneer er voldaan is aan ťťn van de ernstdrempels van artikel 5 van de wet van 31 maart 2010. Het FMO komt in principe financieel niet tussen wanneer het oordeelt dat de betrokken zorgverlener aansprakelijk is, tenzij er voldaan is aan de voorwaarden van artikel 4, 2į, 3į of 4į van voornoemde wet. Recent werd er een voorstel tot vergoeding aanvaard door desbetreffend slachtoffer. Het betreft een vergoeding overeenkomstig het gemeen recht in het kader van een aansprakelijkheid van de zorgverlener waarbij de aansprakelijkheid wordt betwist en waarbij de ernstdrempel werd bereikt (artikel 4, 3į). Het gaat om een bedrag van 122.575,01 euro. Verder verwacht het FMO voor het einde van 2014 nog twee voorstellen te kunnen overmaken aan slachtoffers van een medisch ongeval zonder aansprakelijkheid, waarbij de ernstdrempel werd bereikt, alsook ťťn in het kader van een aansprakelijkheid waarbij deze aansprakelijkheid wordt betwist.

 
Eurovoc-hoofddescriptorGEZONDHEIDSBELEID
Eurovoc-descriptorenGEZONDHEIDSBELEID | GEZONDHEIDSVERZORGING | MEDISCHE FOUT