...

Bulletin nr : B120 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 1531 - Zittingsperiode : 54


Auteur An Capoen, N-VA
Departement Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid
Sub-departement Sociale Zaken en Volksgezondheid
Titel Vrouwelijke genitale verminking (MV 14220).
Datum indiening20/04/2017
Taal N
Publicatie vraag     B120
Publicatiedatum 07/06/2017, 20162017
Status vraagAntwoorden ontvangen
Termijndatum30/05/2017

 
Vraag

In Brussel wonen volgens Katrien De Koster van de Groep voor de Afschaffing van genitale verminking van vrouwen (GAMS) BelgiŽ naar schatting 4.500 slachtoffers van vrouwelijke genitale verminking. Daarnaast zouden er nog 1.500 vrouwen in Brussel risico lopen om besneden te worden. Volgens UNICEF zijn er wereldwijd 200 miljoen vrouwen genitaal verminkt. Dit zijn slechts schattingen en concrete cijfers ontbreken om een duidelijk overzicht te hebben van alle slachtoffers. In BelgiŽ is genitale verminking verboden volgens de wet (artikel 409 Strafwetboek en artikel 10ter Wetboek Strafvordering). In principe is dit strafbaar met een celstraf van drie tot vijf jaar. Toch worden meisjes geconfronteerd met genitale verminking wanneer ze naar het buitenland reizen. Er zijn vanuit BelgiŽ reeds initiatieven van preventieve aard. Zo verspreidt de vzw INTACT fictieve paspoorten onder artsen met uitleg in tien talen dat genitale verminking in BelgiŽ strafbaar is, zelfs wanneer het in het buitenland plaatsvindt. In BelgiŽ is er nood aan sensibilisering omtrent deze problematiek. Samen met Brussels staatssecretaris Bianca Debaets heeft u middelen uitgetrokken voor de vorming door GAMS van Brusselse artsen en hulpverleners. Ondertussen zijn 250 mensen opgeleid. Omdat de effectieve cijfers van genitale verminking ontbreken, kunnen we geen overzicht maken van de slachtoffers. Op dit moment zijn er geen gestandaardiseerde vragenlijsten, in analogie met de vragenlijsten voor de opsporing van HIV, die structureel gebruikt worden in ziekenhuizen. Een dergelijke vragenlijst zou nuttig zijn bij de afdelingen materniteit en gynaecologie voor kennis en registratie van de problematiek. 1. Is er een mogelijkheid om deze gestandaardiseerde vragenlijsten in te voeren? 2. Bent u bereid om deze vragenlijst ter beschikking te stellen bij het bezoek aan een gynaecoloog of materniteitsafdeling? 3. Welke andere initiatieven of projecten zijn er om genitale verminking in BelgiŽ tegen te gaan?


 
Status 1 rťponse normale - normaal antwoord - Gepubliceerd antwoord
Publicatie antwoord     B122
Publicatiedatum 20/06/2017, 20162017
Antwoord

Vrouwelijke genitale verminking is inderdaad een vreselijke praktijk en wij doen al het mogelijke om ze tegen te gaan. Mijn collega's ministers van Ontwikkelingssamenwerking en van Buitenlandse Zaken wijzen op het belang ervan in hun contacten met de landen waar deze praktijk ingang vindt. Ikzelf en de andere betrokken collega's trachten het probleem in kaart te brengen en slachtoffers zo goed mogelijk op te vangen. Er wordt voor alle duidelijkheid al heel wat ondernomen. In 2011 werden alle materniteiten in BelgiŽ gesensibiliseerd op vlak van Vrouwelijke Genitale Verminking (VGV) via een Handleiding voor de betrokken beroepssectoren die aan de artsen en verloskundigen van de materniteiten werd bezorgd. Deze handleiding werd ontworpen door GAMS (Groep voor de Afschaffing van genitale verminking van vrouwen). Mijn diensten overwegen een actualisering en een herdruk van deze gids aangezien de voorraad bijna uitgeput is. De handleiding is ook te downloaden op de website van de FOD Volksgezondheid. Daarnaast ondersteunden mijn diensten de afgelopen jaren diverse sensibilisatiecampagnes en opleidingen bestemd voor de betrokken gezondheidsbeoefenaars. De sessies vonden plaats in ziekenhuizen van de steden Luik, Brussel en Antwerpen waar de prevalentie van vrouwelijke genitale verminking het hoogst is.† Het doel hiervan is om referentiepersonen in verband met deze problematiek in de ziekenhuizen te hebben. Het project "Opleiding van gezondheidszorgbeoefenaars in de opsporing en het beheer van vrouwelijke genitale verminking - Fase 3" loopt ten einde. Het eindverslag van dit project werd op vrijdag 14 oktober 2016 in de vergadering van het begeleidingscomitť goedgekeurd en is inmiddels gepubliceerd op de website van de FOD Volksgezondheid. Het project heeft drie doelstellingen: de verbetering van de kennis van professionals in materniteiten en in travel clinics, de versterking van hun capaciteit om de getroffen vrouwen te ondersteunen en het vergroten van hun beroepsbekwaamheid om vrouwelijke genitale verminking bij meisjes van risicogroepen te voorkomen, onder meer door gezinsondersteuning. Ik verwijs ook naar de RIZIV-overeenkomsten die met twee referentiecentra voor genitale verminking werden afgesloten, namelijk het UZ Gent en CHU Saint-Pierre in Brussel. In dit kader verlenen deze centra medische, paramedische, psychologische en sociale begeleiding aan slachtoffers van vrouwelijke genitale verminking. Ik weet niet naar welke vragenlijst inzake HIV in de ziekenhuizen u precies refereert. Hoe dan ook, de onderregistratie van gevallen van vrouwelijke genitale verminking is een aandachtspunt voor mij. Op dit moment zijn er drie specifieke registratiecodes voor de drie eerste types van vrouwelijke genitale verminking, namelijk clitoridectomie, excisie en infibulatie. Het vierde type (alle andere schadelijke ingrepen op de vrouwelijke geslachtsorganen om niet-medische redenen) kan enkel geregistreerd worden via een minder specifieke code. Mijn diensten onderzoeken, naast de sensibilisering en capaciteitsopbouw die ik net vermeldde, de andere pistes om de registratie algemener te maken. Dit probleem van onderregistratie geldt overigens niet alleen voor vrouwelijke genitale verminking maar ook voor andere vormen van gendergerelateerd geweld.

 
Eurovoc-descriptorenSEKSUELE VERMINKING | VROUW | STRAFVERVOLGING