...

Bulletin nr : B106 - Schriftelijke vraag en antwoord nr : 0188 - Zittingsperiode : 52


Auteur Hendrik Bogaert, CD&V
Departement Minister van Landsverdediging
Sub-departement Landsverdediging
Titel Werking van de Dienst Oorlogsgraven.
Datum indiening20/04/2010
Taal N
Publicatie vraag     B106
Publicatiedatum 28/05/2010, 20092010
Status vraagVervallen
Termijndatum25/05/2010

 
Vraag

De Dienst Oorlogsgraven is sedert januari 2009 ondergebracht bij het Instituut voor Veteranen - Nationaal Instituut voor Oorlogsinvaliden, Oudstrijders en Oorlogsslachtoffers (IV-NIOOO). De Dienst Oorlogsgraven staat in voor het beheer van 23 nationale militaire begraafplaatsen waarop 16.617 Belgische militairen en 417 gefusilleerde burgers begraven liggen. Voor het onderhoud van deze begraafplaatsen zijn meerjarige onderhoudscontracten gesloten met civiele firma's. Op 78 ereperken van gemeentelijke begraafplaatsen liggen 3.244 Belgische militairen begraven. Defensie heeft met die gemeenten een overeenkomst gesloten voor het onderhoud van deze ereperken. Tweemaal per jaar worden de ereperken geïnspecteerd, meestal door reservisten. De 1.988 Britse militaire graven die verspreid liggen over 327 gemeentelijke begraafplaatsen worden op dezelfde manier beheerd. Ook het onderhoud van de graven van de 3.813 Belgische militairen die in Frankrijk rusten op 190 verschillende ereperken, valt ten laste van de Dienst Oorlogsgraven. Tot eind augustus 2008 was op de Dienst Oorlogsgraven een officier der reserve met de graad van kapitein-commandant werkzaam, ingezet als VEP (vrijwillige encadrerings prestatie). Momenteel heeft de Dienst Oorlogsgraven slechts twee voltijdse medewerkers meer in dienst, allebei onderofficieren. Zij zijn op dinsdagvoormiddag bereikbaar op hun kantoor bij het IV-NIOOO, de rest van de week doen zij veldwerk. De Dienst Oorlogsgraven rekent het tot haar taken informatie te verstrekken over gesneuvelden aan familieleden. Ook heemkundige kringen en onderzoekers konden in het verleden steeds bij de Dienst terecht voor inlichtingen. Af en toe moest zelfs een antwoord op een parlementaire vraag geformuleerd worden. Samenwerking met vaderlandslievende verenigingen en het bijwonen van plechtigheden behoort ook tot de opdrachten van de Dienst Oorlogsgraven. Daarnaast staat de Dienst Oorlogsgraven ook in voor de contacten met de buitenlandse beheerders van militaire begraafplaatsen in België, zoals de Duitse Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge e.V. en de Britse Commonwealth War Graves Commission. Een andere taak die wacht op voltooiing is het digitaliseren van alle fiches van de gesneuvelde Belgische militairen. Het was de bedoeling om in een eerste fase de naamlijsten van de nationale militaire begraafplaatsen volledig in orde te maken. In een tweede fase zouden de graven op de ereperken volgen waarna in een derde en laatste fase ook de fiches van de gesneuvelde Belgische militairen in het buitenland gedigitaliseerd zouden worden. Zeker in het kader van de nakende herdenking van "100 jaar Groote Oorlog" zou het uitvoeren van deze reusachtige taak meer dan zinvol zijn. Er werd hiervoor trouwens gehoopt op versterking van de Dienst Oorlogsgraven. 1. Kan de Dienst Oorlogsgraven, met slechts twee onderofficieren als voltijdse medewerkers, haar taak als verstrekker van informatie aan familieleden, belangstellenden en onderzoekers nog naar behoren uitvoeren? 2. a) Kan een onderofficier instaan voor de contacten met de buitenlandse beheerders van militaire begraafplaatsen in België, zoals de Duitse Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge e.V. en de Britse Commonwealth War Graves Commission? b) De belangen van de Amerikaanse, Britse, Duitse en Franse diensten worden behartigd door een officier met de graad van majoor of hoger. Waarom wordt België niet vertegenwoordigd door een officier van gelijke graad? 3. Wat is de stand van zaken met betrekking tot de digitalisering van de fiches van de gesneuvelde Belgische militairen en krijgt de Dienst Oorlogsgraven hiervoor versterking? 4. Waarom werd de samenwerking met een officier der reserve, ingezet als VEP (vrijwillige encadrerings prestatie), beëindigd? 5. Wordt het budget van de Dienst Oorlogsgraven, mede in het kader van de nakende herdenking van "100 jaar Groote Oorlog", verhoogd? 6. Zullen er, mede in het kader van de nakende herdenking van "100 jaar Groote Oorlog", meer medewerkers aan de Dienst Oorlogsgraven toegewezen worden?

 
Eurovoc-descriptorenONDERHOUD | OVERHEIDSAPPARAAT | KRIJGSMACHT | BEGRAAFPLAATS | EERSTE WERELDOORLOG | TWEEDE WERELDOORLOG