Commissie voor het Bedrijfsleven, het Wetenschapsbeleid, het Onderwijs, de Nationale wetenschappelijke en culturele Instellingen, de Middenstand en de Landbouw

Commission de l'Économie, de la Politique scientifique, de l'Éducation, des Institutions scientifiques et culturelles nationales, des Classes moyennes et de l'Agriculture

 

van

 

Dinsdag 19 juni 2018

 

Namiddag

 

______

 

 

du

 

Mardi 19 juin 2018

 

Après-midi

 

______

 

 


La réunion publique de commission est ouverte à 14.03 heures et présidée par M. Jean-Marc Delizée.

De openbare commissievergadering wordt geopend om 14.03 uur en voorgezeten door de heer Jean-Marc Delizée.

 

01 Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken en Europese Zaken, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen, over "de financiering van het NOB" (nr. 25408)

01 Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre des Affaires étrangères et européennes, chargé de Beliris et des Institutions culturelles fédérales, sur "le financement de l'ONB" (n° 25408)

 

01.01  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mijnheer de minister, dit is eigenlijk een schriftelijke vraag van december 2017 die niet tijdig beantwoord is. Ik was dus genoodzaakt ze om te zetten in een mondelinge vraag. Op die manier kunt u ook nog eens naar deze commissie komen. Ik zie dat ook de voorzitter heel tevreden is u hier weer te zien.

 

Mijnheer de minister, het Nationaal Orkest van België (NOB) krijgt, als een van de drie federale culturele instellingen, een jaarlijkse dotatie om zijn werking te financieren. Het bedrag werd vastgelegd in 2016 voor de duur van de beheerscontracten. Het regeerakkoord bepaalt dat een doorgedreven samenwerking met de Koninklijke Muntschouw­burg (KMS) nader moet worden onderzocht.

 

In uw beleidsnota dit jaar stelde u een moder­nisering voorop van de wet betreffende het Nationaal Orkest van België en de Koninklijke Muntschouwburg. Een mogelijk intensere samen­werking zou daarin kunnen worden opgenomen.

 

Ten eerste, wat zijn de belangrijkste veran­deringen bij de modernisering van de wet betreffende het Nationaal Orkest van België en de Koninklijke Muntschouwburg? Op welke manier zal de intensere samenwerking geformaliseerd worden in de nieuwe wetgeving? Zal daarin iets worden opgenomen inzake de financiering van het NOB en de KMS?

 

Ten tweede, op welke manier zullen de verschil­lende belanghebbenden betrokken worden bij de totstandkoming van het wetsontwerp?

 

01.02 Minister Didier Reynders: Het NOB neemt, net als de twee andere federale culturele instellingen, een unieke plaats in binnen het institutionele, artistieke, culturele en economische landschap van ons land.

 

Bij het begin van deze legislatuur beloofde de regering haar investeringen in de federale culturele instellingen voort te zetten en de mogelijkheden ter verbetering van de efficiëntie die bereikt kunnen worden via een nauwere samenwerking tussen het NOB en de Munt, te onderzoeken. Naar aanleiding van dat engagement werden beheerscontracten onder­handeld en gesloten met de drie instellingen, waaronder het NOB. De contracten verduidelijken de financiële middelen die door de federale staat voor die instellingen gereserveerd zijn. Zij specificeren tevens de aan de instellingen toevertrouwde opdrachten van openbare dienst. De contracten leggen ook verplichtingen op inzake het begrotingsevenwicht en de actualisering van de beheersinstrumenten, met name door het opstellen van personeelsplannen.

 

In het kader van de verbetering van de werking van de instelling en het NOB lijkt het mij nuttig om de wet van het NOB en de Munt te moderniseren. De missie van het NOB kan worden bevestigd, maar aangepast aan de realiteit van vandaag. De rol van de raad van bestuur, de definitie van de opdracht van de intendant en de manier waarop een overheidsbegroting wordt beheerd, zijn sinds 1958 veranderd en moeten worden verduidelijkt. Overigens was 1958 het geboortejaar van de smurfen en het openingsjaar van het Atomium en er staan heel wat evenementen ter herdenking op de kalender.

 

Een goede werking van het orkest vereist ook ondersteunende functies.

 

Wat het artistiek, administratief of technisch personeel betreft, bepalen de beheerscontracten dat het NOB mij de nodige informatie dient te verstrekken om het koninklijk besluit ter bepaling van de bezoldigingsregeling van het personeel te kunnen opstellen. De procedure loopt en een versnelling is in dat opzicht essentieel.

 

Praktische ondersteuning werd ook gevraagd aan mijn collega van Ambtenarenzaken. Het gaat erom de bepalingen voor de uitwerking van de bezoldigingsregeling en het administratief statuut van het personeel van het NOB samen te brengen en dus te verduidelijken. Dat moet het personeel van het NOB in staat stellen carrière te maken op basis van verduidelijkte modaliteiten.

 

Mijn eerste prioriteit was de begroting. Vanaf het begin van deze regeerperiode heb ik ervoor gepleit geen echte besparingen te vragen aan de drie instellingen in het algemeen en het NOB in het bijzonder. Ik heb ook gepleit voor de invoering van beheerscontracten. Wij proberen nu verder te werken, samen met het nieuwe management, wat moet resulteren in positieve ontwikkelingen, onder andere voor het personeel.

 

U hebt ook gevraagd hoe de intensere samen­werking zal worden geformaliseerd in de nieuwe wetgeving. Het beheerscontract bepaalt de samenwerkings­modaliteiten van de NOB met de Munt. Het contract stelt specifieke doelstellingen vast voor de synergieën die door beide instellingen, samen met Bozar, op operationeel en artistiek niveau moeten worden opgezet.

 

De organieke wet van het NOB, de wet van 22 april 1958, houdende het statuut van het Nationaal Orkest van België, legt het na te leven principe op volgens hetwelk een beroep kan worden gedaan op toegevoegde musici en musici ter versterking. Dat principe omhelst dat zo veel mogelijk een beroep wordt gedaan op leden van het orkest van de Koninklijke Muntschouwburg. Maar het wordt vandaag niet toegepast. De wet moet dus worden geoperationaliseerd.

 

De wet bepaalt ook dat een overeenkomst wordt gesloten met het Paleis voor Schone Kunsten, bijvoorbeeld over de gebruiksvoorwaarden voor de Grote Zaal Henry Le Boeuf en de samenwerkings- en coproductiemodaliteiten.

 

Wat de financiering van het NOB of de KMS betreft, het principe van de toekenning van een dotatie is opgenomen in de organieke wet van het NOB en in de beheerscontracten, die daarenboven de berekeningsmodaliteiten van de dotatie nauwkeurig bepalen. Om de bestemming duidelijk te maken, worden de dotaties uitgesplitst in drie delen die overeenstemmen met de bedragen die de personeelskosten, de werkings­kosten en de artistieke productiekosten moeten dekken.

 

Alle belanghebbende partijen zullen worden betrokken. In eerste instantie gaat het over het management van het NOB, waarmee de bespre­kingen gaande zijn. Wijzigingen die betrekking hebben op het personeel, zullen uiteraard aan het sociaal overleg worden onderworpen en aan het bevoegd sectorcomité worden voorgelegd.

 

Het beheerscontract bevat een reeks toezeggingen van de raad van bestuur en het management met betrekking tot de modernisering van de werking van het NOB.

 

Ik ontving onlangs een evaluatie over de naleving van het beheerscontract, uitgevoerd door de raad van bestuur. Ik begrijp dat in eerste instantie de nadruk lag op de verbetering van de artistieke kwaliteit van het orkest en de invulling van een hoognodige positioneringstrategie, maar er moet ook vooruitgang worden geboekt op het vlak van de modernisering van het huishoudelijk reglement en de na te leven regels bij het beheer van een openbare dienst.

 

Ik wil nog bevestigen dat ik vanaf het begin prioriteit heb gegeven aan de bescherming van de drie instellingen op het vlak van de begroting. Daarna heb ik mij gericht op een correct management met een nieuwe intendant en vervolgens op een beheerscontract. Mijn nieuwe prioriteit is nu de oprichting van een nieuwe raad van bestuur, niet alleen voor het NOB maar voor de drie instellingen.

 

Ik blijf ervan overtuigd dat het mogelijk is om meer synergie tussen de drie instellingen te bewerk­stelligen. Er is op een bepaald ogenblik gevraagd naar een fusie tussen de Muntschouwburg en het NOB, maar ik denk eerst aan meer synergie. Dat is tot nu toe inderdaad het geval, ook al moeten wij nog meer vooruitgang boeken in domeinen zoals management en IT.

 

Ik herhaal dat mijn eerste prioriteit de begroting was, dan de beheerscontracten en het management en nu maken wij verder werk van de modernisering van een aantal regels en een nieuwe raad van bestuur voor de drie instellingen.

 

01.03  Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen): Mijnheer de minister, ik dank u voor uw uitgebreid antwoord. U hebt natuurlijk wel veel tijd gehad om het op te stellen.

 

Ik begrijp het stappenplan voor het dossier, maar u moet ook beseffen dat er op het terrein bij het personeel heel wat vragen leven. Zij weten al een tijdje dat er hervormingsplannen in de maak zijn en dat er van alles aan het gebeuren is. Het is belangrijk dat er snel duidelijkheid komt over mogelijke samenwerking, statuten en financiering om de ongerustheid die er bij de basis bestaat, weg te nemen.

 

Ik wil u vragen om werk te maken van die laatste stappen, maar wie weet kom ik over enkele maanden nog even terug in de commissie.

 

Het incident is gesloten.

L'incident est clos.

 

De behandeling van de vraag wordt gesloten om 14.14 uur.

Le développement de la question se termine à 14.14 heures.