KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 832
CRIV 52 COM 832
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
dinsdag
mardi
16-03-2010
16-03-2010
Namiddag
Après-midi
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Samengevoegde vragen van
1
Questions jointes de
1
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de
minister van Klimaat en Energie over "het Myrrha-
project" (nr. 20129)
1
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le projet Myrrha"
(n° 20129)
1
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "de financiering van
MYRRHA en de compensaties voor het IRE"
(nr. 20244)
1
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le financement de MYRRHA et les
compensations pour l'IRE" (n° 20244)
1
- de heer Bart Laeremans aan de minister van
Klimaat
en
Energie
over
"de
Waalse
compensaties ten voordele van het IRE in
Fleurus" (nr. 20151)
1
- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les compensations wallonnes en
faveur de l'IRE à Fleurus" (n° 20151)
1
- de heer Georges Gilkinet aan de minister van
Klimaat en Energie over "de nieuwe subsidies
voor het IRE" (nr. 20352)
1
- M. Georges Gilkinet au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les nouveaux subsides accordés à
l'IRE" (n° 20352)
1
- de heer Dirk Vijnck aan de minister van Klimaat
en Energie over "de toekenning van federale
steun aan het MYRRHA-project" (nr. 20462)
1
- M. Dirk Vijnck au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'octroi d'une aide fédérale au projet
MYRRHA" (n° 20462)
1
- mevrouw Cathy Plasman aan de minister van
Klimaat en Energie over "het Myrrha-project"
(nr. 20564)
1
- Mme Cathy Plasman au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le projet Myrrha" (n° 20564)
1
Sprekers: Tinne Van der Straeten, Bart
Laeremans, Dirk Vijnck, Cathy Plasman,
Paul Magnette, minister van Klimaat en
Energie
Orateurs: Tinne Van der Straeten, Bart
Laeremans, Dirk Vijnck, Cathy Plasman,
Paul Magnette, ministre du Climat et de
l'Énergie
Samengevoegde vragen van
10
Questions jointes de
10
- mevrouw Muriel Gerkens aan de minister van
Klimaat en Energie over "de gevolgen van de
offshore-certificaten
voor
Elia
en
de
consumenten" (nr. 20125)
10
- Mme Muriel Gerkens au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les conséquences des certificats de
l'offshore pour Elia et les consommateurs"
(n° 20125)
10
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de
minister van Klimaat en Energie over "de kosten
van
de
ondersteuningsmechanismen
voor
offshore wind" (nr. 20136)
10
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les coûts relatifs aux
mécanismes de soutien de l'éolien offshore"
(n° 20136)
10
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "de kost van
groenestroomcertificaten (GSC's) voor Elia"
(nr. 20538)
10
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le coût des certificats verts (CV)
pour Elia" (n° 20538)
10
Sprekers: Muriel Gerkens, voorzitter van de
Ecolo-Groen!-fractie, Tinne Van der Straeten,
Paul Magnette, minister van Klimaat en
Energie
Orateurs: Muriel Gerkens, présidente du
groupe Ecolo-Groen!, Tinne Van der
Straeten, Paul Magnette, ministre du Climat
et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Ilse Uyttersprot aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de onmogelijkheid om
in sommige winkelketens kapotte goederen in te
ruilen" (nr. 20134)
14
Question de Mme Ilse Uyttersprot à la ministre
des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de
la Politique scientifique sur "l'impossibilité
d'échanger des articles défectueux dans certaines
chaînes de magasins" (n° 20134)
14
Sprekers: Ilse Uyttersprot, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Ilse Uyttersprot, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "het
onderzoek naar mogelijke manipulatie van de
gastarieven en de gedragscode" (nr. 20562)
16
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'enquête sur la
manipulation éventuelle des tarifs de gaz et le
code de conduite" (n° 20562)
16
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Joseph George aan de 18
Question de M. Joseph George au ministre du 18
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
minister van Klimaat en Energie over "de
publicatie van het ministerieel besluit betreffende
de benoeming van de inspecteurs van de CREG"
(nr. 20172)
Climat et de l'Énergie sur "la publication de
l'arrêté ministériel relatif à la nomination des
inspecteurs de la CREG" (n° 20172)
Sprekers: Joseph George, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Joseph George, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Samengevoegde vragen van
18
Questions jointes de
18
- de heer Joseph George aan de minister van
Klimaat en Energie over "de heffing op de niet-
gebruikte sites voor productie van elektriciteit"
(nr. 20194)
19
- M. Joseph George au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la taxe sur les sites de production
d'électricité non utilisés" (n° 20194)
18
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Klimaat en Energie over "Electrabel en de
belasting op ongebruikte sites" (nr. 20282)
19
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "Electrabel et la taxe sur les sites
non utilisés" (n° 20282)
18
- mevrouw Katrien Partyka aan de minister van
Klimaat en Energie over "de heffing op niet-
benutte
sites
voor
elektriciteitsproductie"
(nr. 20285)
19
- Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le prélèvement sur les sites de
production d'électricité inexploités" (n° 20285)
18
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de
minister van Klimaat en Energie over "de heffing
op de niet benutte sites" (nr. 20348)
19
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le prélèvement sur les
sites inexploités" (n° 20348)
18
Sprekers: Joseph George, Peter Logghe,
Tinne Van der Straeten, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Joseph George, Peter Logghe,
Tinne Van der Straeten, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Joseph George aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
doorrekening door de leveranciers van de daling
van de tarieven voor gastransport" (nr. 20297)
23
Question de M. Joseph George au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la répercussion par les
fournisseurs de la baisse des tarifs de transport
de gaz" (n° 20297)
23
Sprekers: Joseph George, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Joseph George, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Ilse Uyttersprot aan de
minister van Klimaat en Energie over "de huidige
regelgeving in verband met de geluidsmeting"
(nr. 20418)
24
Question de Mme Ilse Uyttersprot au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la réglementation
actuelle relative à la mesure du bruit" (n° 20418)
24
Sprekers: Ilse Uyttersprot, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Ilse Uyttersprot, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Joseph George aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
onafhankelijkheid van de beheerder van het
transportnet voor gas" (nr. 20469)
25
Question de M. Joseph George au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'indépendance du
gestionnaire de réseau de transport de gaz"
(n° 20469)
25
Sprekers: Joseph George, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Joseph George, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan
de minister van Klimaat en Energie over "de
regeringsvertegenwoordigers bij Distrigas en
Electrabel" (nr. 20520)
26
Question de Mme Tinne Van der Straeten au
ministre du Climat et de l'Énergie sur "les
représentants du gouvernement au sein de
Distrigas et d'Electrabel" (n° 20520)
26
Sprekers: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette, minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette, ministre du Climat et de l'Énergie
Samengevoegde vragen van
29
Questions jointes de
29
- mevrouw Cathy Plasman aan de minister van
Klimaat en Energie over "de Europese richtlijn
inzake hernieuwbare energie" (nr. 20526)
29
- Mme Cathy Plasman au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la directive européenne relative aux
énergies renouvelables" (n° 20526)
29
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "de import van
hernieuwbare energie" (nr. 20537)
29
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie
sur
"l'importation
des
énergies
renouvelables" (n° 20537)
29
- mevrouw Katrien Partyka aan de minister van
Klimaat en Energie over "de doelstelling inzake
29
- Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'objectif en matière d'énergie
29
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
hernieuwbare energie tegen 2020" (nr. 20563)
renouvelable pour 2020" (n° 20563)
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Klimaat en Energie over "de Europese richtlijn
inzake hernieuwbare energie" (nr. 20599)
29
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la directive européenne relative aux
énergies renouvelables" (n° 20599)
29
Sprekers: Peter Logghe, Cathy Plasman,
Paul Magnette, minister van Klimaat en
Energie
Orateurs: Peter Logghe, Cathy Plasman,
Paul Magnette, ministre du Climat et de
l'Énergie
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
DINSDAG
16
MAART
2010
Namiddag
______
du
MARDI
16
MARS
2010
Après-midi
______
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 15.57 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door de heer Peter Logghe.
Le développement des questions et interpellations commence à 15.57 heures. La réunion est présidée par
M. Peter Logghe.
De voorzitter: Vraag nr. 20025 van de heer Milcamps wordt uitgesteld.
De heer Landuyt is niet aanwezig.
We beginnen met punt 12 van de agenda.
01 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "het Myrrha-project"
(nr. 20129)
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de financiering van MYRRHA
en de compensaties voor het IRE" (nr. 20244)
- de heer Bart Laeremans aan de minister van Klimaat en Energie over "de Waalse compensaties ten
voordele van het IRE in Fleurus" (nr. 20151)
- de heer Georges Gilkinet aan de minister van Klimaat en Energie over "de nieuwe subsidies voor het
IRE" (nr. 20352)
- de heer Dirk Vijnck aan de minister van Klimaat en Energie over "de toekenning van federale steun
aan het MYRRHA-project" (nr. 20462)
- mevrouw Cathy Plasman aan de minister van Klimaat en Energie over "het Myrrha-project"
(nr. 20564)
01 Questions jointes de
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le projet Myrrha" (n° 20129)
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le financement de MYRRHA et les
compensations pour l'IRE" (n° 20244)
- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les compensations wallonnes en faveur
de l'IRE à Fleurus" (n° 20151)
- M. Georges Gilkinet au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les nouveaux subsides accordés à
l'IRE" (n° 20352)
- M. Dirk Vijnck au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'octroi d'une aide fédérale au projet
MYRRHA" (n° 20462)
- Mme Cathy Plasman au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le projet Myrrha" (n° 20564)
01.01 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de 01.01 Tinne Van der Straeten
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
voorzitter, mijnheer de minister, de vraag behoeft geen inleiding. We
hebben er in de plenaire vergadering ook al over kunnen praten. Ik ga
ineens over naar de concrete vragen met betrekking tot Myrrha, ook
omdat ze nogal talrijk zijn.
Ten eerste, hoeveel geld wordt er vrijgemaakt gedurende hoeveel jaar
met betrekking tot de constructiefase van het project?
Ten tweede, hoeveel geld wordt er vrijgemaakt gedurende hoeveel
jaar met betrekking tot de exploitatiefase van het project?
Ondertussen hebt u in de plenaire vergadering al toegelicht dat het
gaat over een beginfinanciering voor vijf jaar en dat achteraf verder
wordt gezien. Stel dat na vijf jaar blijkt dat alles oké is en men verder
gaat met de financiering. Is het dan de bedoeling dat is vooral de
strekking van mijn vraag om enkel te participeren in de
constructiefase van het project, dan wel ook te participeren in de
exploitatiefase van het project? Dit geeft een verschil van dertig jaar.
Gaat het over een investering van 12 jaar dan wel 42 jaar, onder
voorbehoud van evaluatie na vijf jaar om te oordelen of men verder
kan gaan?
Ten derde, volgens het NEA dat het onderzoek heeft uitgevoerd, zijn
de kostenramingen onderschattingen van wat vermoedelijk nodig zal
zijn.
Indien dit zo is, wat impliceert dat voor de Belgische Staat? Zijn er
afspraken gemaakt met het SCK als de vooropgestelde financiering
onvoldoende zou blijken? Is de deelname geplafonneerd op een
nominaal bedrag of wordt er met een vork van 40 % deelname in de
constructiekosten gewerkt? Kan dat oplopen als de constructiekosten
ook oplopen?
Ten vierde, op welke manier wordt dit gefinancierd? Komt het geld uit
de algemene middelen of wordt er beroep gedaan op andere
inkomstenbronnen? Zo ja, welke? Ik denk aan de nucleaire rente, aan
de discussie van zonet, het SET-plan bijvoorbeeld.
Ten vijfde, welke afspraken of randvoorwaarden werden er met het
SCK gemaakt, bijvoorbeeld met betrekking tot het aanleggen van de
noodzakelijke provisies? Op welke wijze zullen die provisies worden
aangelegd? Ik verwijs naar de doorlichting van het SCK door het
Rekenhof die uiterst negatief was.
Ten zesde, wanneer wordt het beheerscontract met het SCK
afgesloten? Is de minister bereid om hierover een parlementair debat
te organiseren, met dien verstande natuurlijk dat het Parlement
daarover
geen
toestemming
hoeft
te
geven?
Een
beheersovereenkomst wordt tussen u en in dit geval het SCK
afgesloten. In het raam van de begroting en de besteding van de
middelen is het interessant om daarover een gedachtewisseling te
organiseren.
Zijn er compensaties voorzien voor het IRE? Welke? Over hoeveel
geld gaat het? Van waar komt dit geld?
Kunt u zeggen wat het saldo was van het technisch passief SCK/CEN
op 31/12/2009? Wat bedraagt het potentieel nucleair passief voor het
technisch passief SCK/CEN op 31/12/2009?
(Ecolo-Groen!):
Combien
de
moyens sont-ils prévus pour la
phase de construction du projet
MYRRHA? Et pour la phase
d'exploitation? L'État continuera-t-il
à participer dans le projet après
l'évaluation de la phase de
construction?
Cela
fait
une
différence de 30 ans!
L'évaluation des coûts serait
insuffisante selon l'AEN. Quelles
en sont les conséquences pour les
pouvoirs publics? Un plafond a-t-il
été fixé ou 40 % des frais de
construction seront-ils supportés,
quoi qu'il arrive, même s'ils sont
élevés? Comment tout cela sera-t-
il financé: par des moyens
généraux ou autrement?
Des accords ont-ils été passés
avec le CEN à propos de la
constitution de provisions? Quand
le contrat de gestion avec le CEN
sera-t-il conclu? Y aura-t-il un
débat parlementaire sur le contenu
du contrat?
Des compensations en faveur de
l'IRE ont-elles été prévues? D'où
provient cet argent?
Où en était le passif technique du
CEN fin 2009?
Combien a coûté à ce jour
l'assainissement de BP2? Qui
supportera ce coût? Quels autres
coûts devront être supportés?
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
Hoeveel heeft de sanering van BP2 tot nu toe gekost? Dat gaat over
de ex-Waste-installaties van het SCK. Hoeveel van die kosten worden
gedragen door de overheid en hoeveel door andere partners?
Wat is de meest recente schatting voor de nog uit te voeren sanering
van BP2?
01.02 Bart Laeremans (VB): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik heb mij aangesloten bij deze samengevoegde vragen,
maar dan specifiek voor het onderdeel IRE, de andere kant van het
wafelijzer. U hebt een en ander in de wacht kunnen slepen voor het
Instituut voor Radio-elementen in Fleurus, wat toch absoluut niet min
is. Op vijf jaar 60 miljoen euro voor het SCK in Mol en daar ga ik geen
vragen meer over stellen. Ik ben er bijzonder gelukkig mee dat de
knopen eindelijk zijn doorgehakt en dat het aanvankelijk bedrag van
6 miljoen per jaar werd opgetrokken naar 12 miljoen. Ze kunnen
eindelijk van start. We hebben daar jarenlang moeten naar vragen en
zagen. Het enige dat we daar nog als kritiek kunnen hebben is dat wij
daarmee meer dan twee jaar verloren.
Wat we nu vaststellen is het volgende. In plaats van in deze periode
van bezuinigingen ernstig na te gaan over waarin middelen kunnen
worden geïnvesteerd, gaan de Franstaligen ervan uit dat, aangezien
het SCK zoveel middelen krijgt, zij in Wallonië ook nog eens
20 miljoen euro -- 800 miljoen oude Belgische franken -- voor
Fleurus moeten krijgen. Het SCK is echter een federale instelling
waar ook Franstaligen tewerk gesteld zijn. Dat is geen Vlaamse
instelling. Het is heel logisch dat, wanneer daar federale middelen
naartoe gaan, men dat nadien afrondt en zegt dat het nuttig besteed
is. Wat wij nu vaststellen is dat Wallonië nog eens een extra cadeau
krijgt van 20 miljoen euro op een moment dat er gigantisch veel te
kort is aan middelen en er weer grote putten moeten gegraven
worden.
Ik zie tot nu toe heel weinig argumenten. Ik las een artikel over die
radioactieve wafelijzerpolitiek die gevoerd wordt. In De Standaard van
4 maart was dit zelfs geen primeur, want uzelf had in de commissie
reeds lachend gezegd dat die wafelijzers nog altijd spelen. U hebt iets
in de wacht gesleept waarmee u allerlei cadeautjes kunt realiseren in
de betrokken streek. Dat vind ik toch zeer bedenkelijk.
U zult zeer straffe argumenten moeten hebben om mij van het nut
daarvan te overtuigen. Een aantal van de zaken waarover men het in
het artikel heeft, zoals de beveiliging van de installaties, was in het
verleden al voorzien. Men heeft, dacht ik, al conclusies getrokken uit
het ongeluk van 2008. Dat was al ingecalculeerd in de
begrotingscijfers. Ik zie in de begrotingscijfers dat we een sterke
stijging meemaken voor 2010. Men gaat naar een verdubbeling van
de investeringen, van 1 200 naar 2 400 als ik het goed gelezen heb.
Als men alles optelt komt men in de buurt van 4 miljoen euro voor het
jaar 2010. Nu komt er ineens nog eens zoveel bij. Men verdubbelt dus
eigenlijk het budget voor Fleurus zonder dat men de garantie heeft
dat men die gelden nuttig gaat kunnen aanwenden. Ik heb dus de
indruk dat hier gewoon een grote zak geld wordt neergesmakt in
Fleurus zonder dat daar verplichtingen tegenover staan en zonder dat
de noodzaak ervan is aangetoond. Wij hebben niet de wetenschap
dat die gelden nuttig besteed zijn. Ik heb daar dus zeer grote
01.02 Bart Laeremans (VB): Le
ministre a réussi à obtenir de
fameuses compensations pour
l'Institut
national
des
Radioéléments
de
Fleurus.
Comme
le
CEN
recevra
60 millions en cinq ans, il fallait
donc offrir simultanément une
compensation à la Wallonie sous
la
forme
d'un
pactole
de
20 millions d'euros pour l'IRE. Le
CEN est pourtant un organisme
fédéral qui emploie également des
francophones.
Ne
pourrait-on
vraiment pas, pendant la période
de crise que nous traversons,
dépenser l'argent du contribuable
plus rationnellement qu'on ne le
fait en appliquant cette politique du
gaufrier?
Le budget de Fleurus est doublé
sans aucune garantie que les
moyens seront utilement mis en
oeuvre. Comment justifie-t-on ce
cadeau?
À
quoi
servira
précisément cet argent? Sera-t-il
utilisé pour des travaux de
sécurisation qui, toutefois, avaient
déjà été prévus précédemment?
Pourquoi les deux dossiers sont-ils
liés?
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
problemen mee, tenzij u hier met zeer straffe argumenten aan komt
draven.
Ik heb enkele vragen. Kunt u zeggen waarvoor die 21 miljoen euro
over vijf jaar gespreid precies zal dienen? Men schrijft hier dat het
gaat om beveiligingswerken maar ik kan mij moeilijk indenken dat die
niet voorzien waren en dat daarmee geen rekening was gehouden in
de vorige begroting voor 2010.
Ten tweede, waarom worden die twee dossiers aan elkaar gekoppeld,
terwijl het, zeker wat betreft het SCK, om een federaal instituut gaat
waar ook Franstaligen tewerkgesteld zijn? Worden hier werken
voorzien die oorspronkelijk niet voorzien waren in de begroting? Kunt
u de noodzaak daarvan aantonen? Kunt u ons duidelijk aantonen
waarvoor die gelden zo noodzakelijk moeten dienen?
01.03 Dirk Vijnck (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, de vorige spreker heeft een en ander al uitgebreid toegelicht.
Ik zal dan ook meteen overgaan tot de vragen.
Bevestigt u dat er geïnvesteerd wordt in het IRE te Fleurus ten
bedrage van 21 miljoen als compensatie voor de federale investering
in het Myrrha-project? Waarom moest er een investering in het IRE te
Fleurus gebeuren als compensatie voor de investering in het Myrrha?
Waarvoor heeft het IRE dat geld nodig? Wat is de meerwaarde van
de investering? Wat is het wetenschappelijk en economisch
terugverdieneffect van deze investering?
01.03 Dirk Vijnck (LDD): Le
ministre
confirme-t-il
l'investissement de 21 millions
d'euros à l'IRE de Fleurus en
compensation de l'investissement
fédéral dans le projet MYRRHA?
Pourquoi cette approche a-t-elle
été retenue? Quelles seront les
retombées
scientifiques
et
économiques
de
ces
investissements?
01.04 Cathy Plasman (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik heb ook een aantal vragen in verband met de goedkeuring
door de regering, van het Myrrha-project. Wat is het volledig
kostenplaatje zowel voor de investeringen, als voor de werking
daarna, en ook de provisies die moeten worden aangelegd? Over
hoeveel jaar zal dat gespreid worden? Wat is het aandeel van de
overheid in het totaal, en welk bedrag werd er nu door de regering
goedgekeurd? Hoe zal de verdere financiering worden geregeld, en
wat wordt er verwacht van de Europese Commissie aan
tegemoetkoming, en wat van de privésector? Zal dat aan de dotatie
van het SCK worden toegevoegd, of wordt er gedacht aan de creatie
van een dochterfiliaal? Klopt het dat het advies van de Inspectie van
Financiën negatief was bij het besluit van de regering, en zo ja, wat
waren dan hun opmerkingen?
01.04 Cathy Plasman (sp.a):
Quel est le coût total du projet
MYRRHA,
investissements
et
exploitation
compris?
Quelles
provisions
doivent
être
constituées? Quelle est la part de
l'État dans cette construction?
Quelle intervention prévoit-on de la
part
de
la
Commission
européenne et du secteur privé?
Ce montant sera-t-il ajouté à la
dotation du CEN ou une filiale
sera-t-elle créée? Est-il exact que
l'Inspection des Finances a émis
un avis négatif?
01.05 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, de regering
heeft inderdaad haar steun uitgedrukt en zich verbonden tot het
Myrrha-project. Ze heeft een aanvullende subsidie toegekend aan het
SCK/CEN voor dit project voor een periode van vijf jaar. Deze periode
zal gebruikt worden voor de verwezenlijking van de studiefase en het
detailontwerp, voor de vermindering van de technische onzekerheden
en de financiële risico's en voor de samenstelling van het consortium
van investeerders en gebruikers. De toegekende aanvullende
subsidie bedraagt 60 miljoen euro, verdeeld als volgt over de vijf jaar:
6 miljoen in 2010, 9 miljoen in 2011, 12 miljoen in 2012, 15 miljoen in
2013 en 18 miljoen in 2014.
Om op de hoogte te blijven van de evolutie van het project, heeft de
regering een ad hoc opvolgingsgroep opgericht, die een beroep kan
01.05 Paul Magnette, ministre: Le
gouvernement s'est en effet
engagé dans le projet MYRRHA
en
allouant
au
CEN
une
subvention complémentaire de
60 millions d'euros pour une
période de cinq ans. Un groupe de
suivi observera de près cette
phase d'étude et d'élaboration et
remettra au gouvernement les
documents nécessaires à une
évaluation des progrès de ce
projet pour la mi-2010.
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
doen op deskundigen. Het SCK/CEN moet tegen 15 mei 2010 een
roadmap uitwerken van de detailontwerpsfase van het Myrrha-project,
en deze moet zowel technische als financiële aspecten inhouden, als
de aspecten verbonden met de oprichting van het voorziene
gebruikers-en investeerdersconsortium. Aan het SCK/CEN werd
eveneens gevraagd tegen dezelfde datum het businessplan van
Myrrha aan te passen.
Deze documenten zullen als basis dienen voor de samenstelling van
een lijst met objectieve criteria, om de voortgang van het project te
kunnen evalueren. De ad hoc opvolgingsgroep zal akte nemen van al
deze documenten en ze aan mij overmaken, en ik moet deze dan ten
laatste op 30 juni 2010 voorstellen aan de regering.
Er werd nog geen aanvullende subsidie toegekend aan het Myrrha-
project voor de exploitatiefase. Dat zal pas gebeuren tegen het einde
van de constructiefase, wanneer men een duidelijker zicht zal hebben
op de externe inkomsten.
Hoe hoger de inkomsten zijn, hoe lager de aanvullende subsidie zal
kunnen zijn.
De bouwkosten van Myrrha zijn geraamd op 960 miljoen euro aan de
economische voorwaarden van 2009. Het bedrag sluit onvoorziene
uitgaven ten bedrage van 193 miljoen euro in. In de onafhankelijke
evaluatie wordt de Belgische Staat aanbevolen om voorlopig alleen in
een financiering voor de eerste fase te voorzien. Dat heeft de regering
in haar beslissing dan ook gedaan.
Men zal op het einde van die fase een beter idee hebben van de
toekomstige kosten en van de inbreng van andere partners, zodat de
regering beter kan bepalen welke precieze bedragen zij in de
begroting moet inschrijven. De bijdrage van 16 miljoen euro van de
Belgische Staat voor de detailontwerpfase zal vanuit de algemene
middelen van de Staat worden gefinancierd. De rest wordt gedekt
door externe inkomsten.
De aanleg van provisies voor de latere ontmanteling van de Myrrha-
installatie zal gedurende haar uitbating gebeuren. Zij maakt deel uit
van de uitbatingskosten van de machine. Tot die provisies zullen de
partners in het investeerdersconsortium en de gebruikers moeten
bijdragen volgens overeen te komen verdeelsleutels, die onder meer
afhangen van ieders gebruik van de machine.
Nu de beslissing over het Myrrha-project is gevallen, worden de
besprekingen over het beheerscontract hernomen. Ik zal het
SCK/CEN vragen het te herzien en mij een nieuwe versie voor te
leggen.
Het saldo in het fonds van het technisch passief SCK/CEN bedroeg
op 31 december 2009 166 786 000 euro. Conform de inventaris van
de nucleaire passiva, door NIRAS opgemaakt tijdens de periode
2003-2007, bedroeg het potentieel nucleair passief voor het technisch
passief SCK/CEN op 1 januari 2005 111 miljoen euro. De inventaris
voor de periode 2008-2012 is momenteel in opmaak en zal door
NIRAS aan de toezichthouder in 2013 worden voorgelegd. In de
inventaris zal het bovenvermelde bedrag opnieuw worden
geëvalueerd.
Aucune
subvention
supplémentaire n'a encore été
octroyée au projet MYRRHA pour
la phase d'exploitation. Cette
démarche ne sera effectuée qu'à
la fin de la phase de construction,
lorsqu'il sera possible de se faire
une idée plus précise des recettes
externes.
Plus les recettes seront élevées,
moins
les
subventions
complémentaires
seront
importantes.
Les coûts de construction de
MYRRHA
sont
estimés
à
960 millions d'euros. Cette somme
inclut les dépenses imprévues
d'un montant de 193 millions
d'euros. Le gouvernement ne
prévoit pour le moment que le
financement de la première phase.
À la fin de cette première phase, le
gouvernement aura une idée plus
précise du coût. Les 16 millions
d'euros destinés à la phase du
projet détaillé seront financés par
les deniers publics, le reste par
des recettes extérieures.
La constitution de provisions pour
le démantèlement ultérieur de
MYRRHA se fera pendant la
période d'exploitation.
Les pourparlers avec le SCK-CEN
quant au contrat de gestion ont
repris.
Le solde du fonds passif technique
SCK-CEN
s'élevait
à
166 786 000 euros
au
31 décembre 2009. Le passif
nucléaire potentiel pour le passif
technique
se
montait
à
111 millions d'euros le 1
er
janvier
2005. Le passif nucléaire potentiel
peut être considérablement réduit
si le projet de loi qui prévoit
d'inclure 25 % des frais de
démantèlement du réacteur B3
dans la participation fédérale est
approuvé et aucun précompte
mobilier n'est prélevé sur les
intérêts du fonds.
De 1998 à 2008, l'assainissement
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
Indien het ontwerp van wet betreffende de beslissing van de
Ministerraad van 28 november 2003 om 25 % van de kosten van de
ontmanteling van de BR3-reactor op te nemen in de federale bijdrage
wordt goedgekeurd en indien geen enkele roerende voorheffing wordt
ingehouden op de intresten van het fonds voor het technisch passief
SCK/CEN, waarbij rekening wordt gehouden met de verwachte
betalingen, zou het potentieel nucleair passief aanzienlijk kunnen
worden verlaagd.
Van 1989 tot 2008 heeft de sanering van het nucleair passief BP2 in
totaal 230 miljoen euro gekost. Vanaf 2009 wordt geen onderscheid
meer gemaakt in de opvolging van de kosten toe te schrijven aan de
sanering van BP1 en BP2, aangezien die integraal via de federale
heffing op de verbruikte kilowattuur worden gefinancierd.
Conform de inventaris 2003-2007 vertegenwoordigen de nog uit te
voeren saneringswerken voor BP1 en BP2 samen een grootteorde
van 884 miljoen euro (...). Dat bedrag zal opnieuw worden
geëvalueerd in de inventaris betreffende de periode 2008-2012, die
momenteel in opmaak is en door Niras in 2010 zal worden voorgelegd
aan de toezichtsoverheid.
Aan het IRE, mijnheer Laeremans, wordt over dezelfde periode van
vijf jaar een aanvullende subsidie toegekend van 20 miljoen euro. De
subsidie is eveneens afkomstig van de algemene middelen van de
staat. Bovendien wordt het IRE uitgenodigd om nieuwe projecten bij
de regering in te dienen. Die zullen dezelfde evaluatie als het Myrrha-
project krijgen. Voor de opvolging van de projecten van het IRE wordt
eveneens een opvolgingsgroep ad hoc opgericht. Voor de projecten
wordt een gelijkaardige evaluatie georganiseerd als voor het Myrrha-
project. .De aanvullende subsidie moet de bestendigheid van het IRE
verzekeren en zal tevens kunnen dienen voor de financiering van
projecten ter verbetering van de installaties op de site. Overigens had
de regering reeds beslissingen genomen die noodzakelijk waren voor
de terbeschikkingstelling van middelen voor de financiering van
investeringen om specifiek de veiligheid te verbeteren. Ik zal pas
weten over welke termijnen het gaat op het ogenblik dat het IRE
officieel zijn verzoeken zal hebben ingediend.
Bij het eerste project betreffende de buitenlandse reactoren is er geen
participatie in die reactor. Het gaat om de bouw van
bestralingstoestellen van uranium met het oog op de productie van
medische radio-isotopen om nieuwe reactoren in gebruik te kunnen
nemen. De toestellen die afhangen van de eigenschappen van de
reactor, zijn bestemd om te worden gebruikt in reactoren in Duitsland
en Tsjechië. Het IRE blijft eigenaar van de toestellen. De investering
is heel interessant voor het IRE, omdat ze een grotere diversificatie
verzekert van de bevoorradingsbronnen inzake medische radio-
isotopen. Een dergelijke spreiding is absoluut noodzakelijk in de
huidige omstandigheden van beperkte beschikbaarheid van
onderzoeksreactoren, wat schaarste veroorzaakt op de markt der
radio-isotopen.
Gelet op de gevoeligheid van de gegevens, kan ik u de hoeveelheid
uranium niet verschaffen. Met betrekking tot het ontwerp van
recyclage van uranium, beschikt het IRE inderdaad over plannen om
zijn stock aan uranium opnieuw aan te wenden. Het betreft in casu
du passif nucléaire BP a coûté
230 millions d'euros. Depuis 2009,
aucune distinction n'est faite au
niveau des frais d'assainissement
entre BP1 et BP2 puisqu'ils sont
intégralement financés par la taxe
fédérale sur les Kw/h consommés.
Le
coût
des
travaux
d'assainissement qu'il reste à
réaliser pour les sites BP1 et BP2
se monteront à 884 000 euros
selon l'inventaire 2003-2007. Le
montant sera réévalué dans
l'inventaire 2008-2012 qui est
actuellement en préparation et qui
sera présenté par l'ONDRAF en
2013.
Un subside complémentaire de
20 millions d'euros est octroyé à
l'IRE pour la même période de
cinq ans. En outre, l'IRE peut
introduire des demandes pour de
nouveaux projets qui devront être
soumis à la même procédure
d'évaluation
que
le
projet
MYRRHA.
Le
subside
complémentaire devra également
servir à améliorer les installations
sur le site.
L'IRE n'a pas de participation dans
des réacteurs étrangers mais il
s'agit de la construction des
appareils de radiation de l'uranium
pour la production de nouveaux
radio-isotopes
médicaux.
Ces
appareils seront utilisés dans des
réacteurs en Allemagne et en
Tchéquie mais l'IRE en reste
propriétaire. Une extension des
sources d'approvisionnement des
radio-isotopes
médicaux
est
intéressante, parce qu'il y a
actuellement une pénurie sur le
marché.
Je ne puis fournir de chiffres en ce
qui
concerne
la
quantité
d'uranium. L'IRE a l'intention de
réutiliser le stock d'uranium irradié
qui devra toutefois d'abord être
épuré.
C'est
pourquoi
l'IRE
envisage un nouvel investissement
à cet effet.
Cette opération d'assainissement
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
bestraald uranium, waaruit de isotopen die nuttig zijn voor
kerngeneeskunde reeds uit werden gehaald. Om het uranium te
kunnen hergebruiken, moet dat nog verder worden uitgezuiverd. Het
is voor die zuivering dat men een nieuwe investering overweegt.
Die operatie kan meermaals worden herhaald. Dat zal ervoor zorgen
dat het IRE onafhankelijk zal zijn van externe bevoorradingsbronnen
gedurende een langere periode en dus van de wederwaardigheden
van de markt.
Voor de investering zal er hoe dan ook een aanvraag tot toelating van
exploitatie bij het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle
moeten worden ingediend. Het agentschap zal derhalve nagaan of de
voorwaarden inzake veiligheid vervuld zijn om de toelating te kunnen
verlenen.
pourra être réitérée, ce qui
permettra à l'IRE de n'être
tributaire, sur le long terme, ni de
sources
d'approvisionnement
externes
ni,
par
voie
de
conséquence, des fluctuations du
marché. Pour l'investissement
concerné, une demande devra
être introduite auprès de l'Agence
fédérale de Contrôle nucléaire.
01.06 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
ik betreur dat er wel geld wordt gegeven aan het SCK, maar zonder
dat er afspraken gemaakt zijn met het SCK over het beheer van de
middelen.
Ik betreur vooral ook dat alle voorstanders van Myrrha die het
Parlement rijk is - volgens mij 75 tot 90 % van de Parlementsleden -
voor die aspecten nauwelijks aandacht hebben. Er is een doorlichting
van het SCK gepubliceerd in het blunderboek van het Rekenhof, die
uitermate negatief was. Het SCK respecteert de wetgeving op de
overheidsopdrachten bijvoorbeeld niet. Het respecteert de
vennootschapswetgeving niet. Er zijn problemen met de
gecofinancierde projecten met de Europese Commissie, terwijl
Myrrha ook zo'n project zal zijn. Er zijn problemen met projecten
vanuit Euratom. Het beheerscontract is een lange lijdensweg
geweest.
Nu is Myrrha er. Wanneer u daaraan 60 miljoen euro zult geven, had
er op het minst een ontwerp van beheersovereenkomst bij moeten
zijn. Ik vind dat eigenlijk om van achterover te vallen. De reden dat er
een beheersovereenkomst gevraagd werd voordien, was de precaire
financiële situatie van het SCK. Het SCK had immers een begroting
met een tekort. Nu krijgt het daar, boef, geld, maar daar staat niets
tegenover. Het blijft een overheidsinstelling. Ik mag dan toch
verwachten dat de toezichthouder iets nauwgezetter toekijkt op de
manier waarop die overheidsinstelling omgaat met de middelen.
Ten tweede ook wat dit betreft, zal ik de uitzondering zijn die de
regel bevestigt , ik heb er geen probleem mee dat er geld gaat naar
het IRE. Ik vind dat de nucleaire dossiers niet per definitie
communautair gemaakt hoeven te worden. Ik valoriseer het belang
van het IRE als het gaat over de radio-isotopen, een argument dat
vaak ten onrechte wordt gebruikt inzake het IRE.
Ten slotte, wat de provisies betreft, zult u mij toch niet wijsmaken dit
is daarom geen verwijt aan u, maar misschien aan het NIRAS,
waarvan ik hoop dat we er op een ander moment op kunnen
terugkomen dat wij nu moeten wachten tot in 2013, dus nog drie
jaar lang, om te weten hoe de cijfers evolueren inzake de BP1 en de
BP2, het enige waarover ik het hier gehad heb, en ook inzake het
technisch passief van het SCK. Wat u hebt voorgelezen, ken ik
ondertussen van buiten, want ik had het extra opgezocht ter
01.06 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Vous donnez de
l'argent au CEN mais vous n'avez
conclu aucun accord pour la
gestion
de
ces
ressources
financières. Je le déplore. La Cour
des comptes a déjà constaté que
le CEN ne respecte ni la législation
sur les marchés publics ni celle
sur les sociétés.
MYRRHA se verra octroyer des
fonds publics sans que cet octroi
soit lié à un contrat de gestion.
Voilà qui est tout de même un peu
fort!
En outre, il me semble curieux qu'il
faille attendre jusqu'en 2013 pour
savoir
combien
coûtera
l'assainissement de BP1 et BP2.
Le CEN doit être en mesure de
produire un document en bonne et
due forme se rapportant à la
gestion des provisions.
La décision concernant MYRRHA
est, hélas, tombée. À partir de
maintenant,
nous
nous
focaliserons sur la gestion des
ressources octroyées et nous
devrons éviter que ce soient les
consommateurs qui écopent.
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
voorbereiding van mijn vraag.
Het is exact wat in de tweede inventaris staat en het is nu wachten op
de derde inventaris. Het NIRAS is nog aan het vechten voor de Raad
van State om dit alleen aan u te moeten bezorgen en niet aan alle
geïnteresseerden. Ik vind dit toch wel om van achterover te vallen.
Als het potentieel passief van 111 miljoen euro wordt verlaagd dan
wordt dit enkel in theorie verlaagd omdat de consumenten uiteindelijk
daarvoor zullen betalen. Het gaat toch over een zeer belangrijke
transfer van middelen van de samenleving via de elektriciteitsfactuur
of via de algemene middelen dit doet er uiteindelijk niet toe om die
kosten uit het verleden te betalen.
Ik verwacht van het SCK dat zij op zijn minst een degelijk document
voorleggen aan de ad-hocwerkgroep over het beheer van de provisies
want die provisies bij het SCK zijn puur boekhoudkundige
voorzieningen. Er is dus eigenlijk niets beschikbaar. Met de grote
industriële risico's van het project stellen wij ons bloot aan een groot
risico waarvoor de consument uiteindelijk zal moeten opdraaien.
De beslissing is genomen. Ik ben tegen, maar de rest van het
Parlement is voor. Uiteindelijk doet het er vandaag niet meer toe of
men voor of tegen is. Vandaag gaat erover hoe die middelen worden
beheerd en hoe wij kunnen voorkomen dat het uiteindelijk de
consument zal zijn die zal moeten opdraaien voor een groot financieel
risico. Dit is niet uit de lucht gegrepen want de voorbeelden uit het
verleden kan men niet op twee handen tellen.
Ik verwacht dan ook toch wel iets meer oplettendheid van de
voogdijminister en zeker ook van alle parlementsleden, die in dit
Parlement Myrrha zijn komen bepleiten, om ook op die aspecten
voldoende toe te zien.
01.07 Bart Laeremans (VB): Mijnheer de voorzitter, ik dank de
minister voor het antwoord, maar ook collega Van der Straeten omdat
zij toch wel een aantal pertinente dingen heeft gezegd, onder meer
over het ontbreken van een beheersovereenkomst. Ik denk dat de
voorstanders van Myrrha daarom nog niet met een blinddoek te werk
gaan en de mensen van het SCK gewoon hun zin laten doen. Ik denk
dat nu goed moet worden nagegaan op welke wijze die middelen
worden besteed.
Ik herinner mij dat bij de aanvang van het debat over Myrrha dit werd
gekoppeld aan een ontwerp van beheersovereenkomst. Blijkbaar is
daaraan door uw diensten geen verder gevolg gegeven. Ik zal dit
verder opvolgen.
Wat het IRE betreft, ben ik absoluut niet tevreden met uw antwoord. U
hebt een hele hoop dingen verteld over wat men allemaal zou kunnen
doen om de veiligheid te verbeteren. Mij zult u niet horen zeggen dat
ik tegen elk initiatief van het IRE ben. Dit is een nuttige instelling. Ik
ben er niet per definitie tegen dat daar een taakuitbreiding wordt
doorgevoerd.
Ik denk inderdaad dat het op het vlak van medische isotopen niet
slecht is dat er een tweede instelling zou zijn. Ik kan voor een deel
mee in de taakuitbreiding, maar ik denk dat hier zomaar een grote zak
01.07 Bart Laeremans (VB): Il
n'est effectivement plus question
de contrat de gestion pour le projet
MYRRHA.
La réponse fournie par le ministre
au sujet de l'IRE ne me satisfait
pas. Je ne suis pas du tout opposé
à une augmentation du nombre de
tâches confiées à l'IRE mais celui-
ci se voit offrir un pactole sans
aucune forme de contrat de
gestion ni de plan d'affectation des
ressources. Il ne serait peut-être
pas inutile de demander à la Cour
des comptes de procéder à un
contrôle. Je ne puis me défaire de
l'impression que dans les dossiers
MYRRHA et IRE, la bonne vieille
politique belge du gaufrier a été
appliquée.
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
geld
is
neergezet,
zonder
dat
daar
een
duidelijke
beheersovereenkomst of een duidelijk plan tegenover staat. Wat gaat
men met die middelen doen? Het is gewoon lineair. De volgende
jaren komt er elk jaar zoveel miljoen euro bij en daar staat geen
duidelijk plan tegenover.
U hebt alleen gezegd dat er een controlecommissie komt. Ik heb daar
eigenlijk niet veel vertrouwen in, mijnheer de minister. Ik kan mij
immers niet van de indruk ontdoen dat de noodzakelijke
beveiligingswerken al niet in de budgetten voor het IRE waren
berekend.
Ik heb daar heel veel vragen bij. De enige instelling die een dergelijke
wafelijzerpolitiek kan controleren en eventueel ook aanklagen en de
mistoestanden in de verf zetten en die daarvoor is opgericht, is het
Rekenhof. Ik ga het Rekenhof aanschrijven en desnoods met die
mensen gaan praten om te vragen om dit nader te onderzoeken.
Een wafelijzerpolitiek doet mij altijd denken aan de beginjaren toen ik
politieke interesses begon te vertonen, mijnheer de minister, in de
jaren '70, begin jaren '80. Toen was dat legio. Dat ligt aan de basis
van de enorme schulden die wij vandaag kennen. In Vlaanderen
kwam er een stukje haven en dus moest er in Wallonië een groot stuk
autoweg of spoorlijn komen zonder dat daarvoor een noodzaak was.
Ik zie hier hetzelfde gebeuren. Het is beter dat dit in de kiem wordt
gesmoord, waar nodig, dan dat er opnieuw in crisistijd geld over de
balk wordt gesmeten. Ik vind het heel erg dat wij opnieuw met
dergelijke politiek zijn begonnen.
Wij gaan het Rekenhof hierop inzetten, want ik heb zeer grote vragen
bij uw antwoord. Het schenkt mij absoluut geen voldoening.
01.08 Dirk Vijnck (LDD): Mijnheer de minister, ik sluit mij aan bij de
vorige spreker. Zoals u weet zijn wij voorstanders van nucleaire
energie. Investeren in het Myrrha-project achten wij daarom
noodzakelijk. Hopelijk is een investering in Fleurus geen
weggesmeten geld, geen overbodige investering. Daarom zullen wij
de zaak nader bekijken en verder opvolgen, zoals de vorige spreker
zegt, met het Rekenhof. Wij doen ook niet aan wafelijzerpolitiek.
01.08
Dirk
Vijnck
(LDD):
Espérons que l'argent investi dans
IRE ne le soit pas à perte.
01.09 Cathy Plasman (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, na uw antwoord begrijp ik niet waarom het businessplan er
nog niet is. De regering geeft 60 miljoen euro op basis van een totaal
van 960 miljoen euro voor de investering.
Dat is peanuts. Die 900 miljoen euro moet er nog komen.
Het SCK is al tien jaar bezig met de voorbereiding van Myrrha maar er
kan met die eerste fase nog steeds geen businessplan worden
goedgekeurd. Volgens mij was dat precies de reden voor het
negatieve advies van de Inspectie van Financiën. Hoe kan men dat
anders verklaren? Het is toch normaal dat als dergelijk project wordt
goedgekeurd, het in zijn globaliteit wordt goedgekeurd.
Aan de vragen van de andere collega's over het beheer binnen het
SCK te horen, vraag ik mij af of het businessplan ooit zal worden
goedgekeurd.
01.09 Cathy Plasman (sp.a):
Pourquoi n'y a-t-il pas encore de
businessplan?
Le CEN peaufine pourtant le projet
MYRRHA depuis dix ans. Je
comprends à présent l'avis négatif
de l'Inspection des finances.
Et si le businessplan devient un
jour réalité, je me demande s'il
pourra être approuvé quand
j'entends les réactions qui fusent
de toutes parts.
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Questions jointes de
- Mme Muriel Gerkens au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les conséquences des certificats de
l'offshore pour Elia et les consommateurs" (n° 20125)
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les coûts relatifs aux
mécanismes de soutien de l'éolien offshore" (n° 20136)
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le coût des certificats verts (CV) pour
Elia" (n° 20538)
02 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Muriel Gerkens aan de minister van Klimaat en Energie over "de gevolgen van de offshore-
certificaten voor Elia en de consumenten" (nr. 20125)
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "de kosten van de
ondersteuningsmechanismen voor offshore wind" (nr. 20136)
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de kost van
groenestroomcertificaten (GSC's) voor Elia" (nr. 20538)
02.01 Muriel Gerkens (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je suis
désolée pour mon retard mais j'étais justement en train d'interroger
Mme Onkelinx alors qu'on m'avertissait que je devais venir ici. Ma
question porte sur la surcharge pour Elia des certificats verts de
l'offshore. En tant que gestionnaire de réseau de transport, Elia a
dans ses missions de service public l'obligation d'acheter les
certificats verts qui viennent des producteurs d'énergies
renouvelables, ceci via l'arrêté royal du 16 juillet 2002. Cela fait partie
des mécanismes destinés à encourager le recours aux énergies
renouvelables.
À court terme, l'achat des certificats verts issus de l'éolien offshore ne
sera pas anodin pour Elia. La CREG estime que son coût annuel
pourrait bondir à 100 millions d'euros dès 2011, quand les 60
éoliennes du consortium C-Power seront entrées en fonction à la
place des six d'aujourd'hui. En principe, cette surcharge pour Elia
sera facturée au client final. Les gros consommateurs industriels, les
particuliers et les PME expriment donc leurs craintes à ce sujet.
Monsieur le ministre, il faut prendre des dispositions pour éviter que la
facture des consommateurs soit trop alourdie tout en maintenant
l'encouragement à l'énergie renouvelable et à l'offshore qui se
développe plus lentement que prévu. On se rappelle que selon le
protocole de Kyoto, on devait produire 2 000 MW en 2010 et
qu'aujourd'hui, on table sur 2018 pour atteindre ce chiffre. La
machinerie doit être accélérée pour que le développement de l'éolien
soit optimal.
Ces chiffres avancés par la CREG (100 millions en 2011 pour acheter
les certificats verts) sont-ils corrects? Les partagez-vous? Sur quoi
reposent-ils exactement? Avez-vous mis en place des mécanismes
pour compenser la surcharge que représentent ces certificats verts de
l'éolien offshore ou comptez-vous le faire? Enfin, comptez-vous
utiliser une part de la rente nucléaire pour compenser cette
surcharge, comme le souhaitent certaines grandes entreprises?
02.01 Muriel Gerkens (Ecolo-
Groen!):
Als
transportnetbeheerder is Elia, in
het kader van zijn taken van
openbare
dienst,
verplicht
groenestroomcertificaten
afkomstig van de producenten van
hernieuwbare energie aan te
kopen. Volgens de CREG zouden
de jaarlijkse kosten van een en
ander in 2011, wanneer de 60
windmolens van het consortium C-
Power in gebruik zullen zijn
genomen, tot 100 miljoen euro
kunnen oplopen. In principe zullen
die meerkosten voor Elia aan de
eindgebruiker
worden
aangerekend. De grote industriële
afnemers, de particulieren en de
kmo's hebben dan ook hun
bezorgdheid in dat verband geuit.
Zijn de cijfers die de CREG naar
voren schuift correct? Bent u het
met die cijfers eens? Waarop
berusten zij precies? Heeft u
mechanismen ingesteld om de
meerkosten
die
deze
groenestroomcertificaten voor de
offshorewindmolens meebrengen
te compenseren of bent u van plan
dat doen? Zal u ten slotte een
gedeelte van de nucleaire rente
aanwenden om die meerkosten te
compenseren?
02.02 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
aanvullend hierop heb ik enkele specifieke vragen over wat in
randnummer 5 van de studie van de CREG vermeld wordt, namelijk
02.02 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!):
Je
voudrais
encore poser une série de
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
dat de gewestelijke regulatoren de certificaten niet aanvaarden voor
het dekken van de regionaal opgelegde contingenten aan groene
stroom waardoor de nettokost gelijk is aan de aankoopkost. Vandaar
de bedragen waar de CREG op uitkomt.
Een van de zaken die u gedaan hebt en die u ook in de Lente van het
Leefmilieu uitgebreid toelicht is het ministerieel besluit van
11 januari 2010 waarin de waarde van de toeslag die ELIA kan
aanrekenen wordt vastgelegd op 0,1286 euro per MWh voor 2010. De
vermarkting van de groenestroomcertificaten en van de federale
groenestroomcertificaten is geen evident onderwerp. Er is geen zwart-
wit antwoord. Het is dus echt niet de bedoeling om opnieuw een
ideologisch debat te hebben. Ik weet dat het verhaal heel wat
ingewikkelder is dan gewoon te vragen waarom de gewestelijke
regulatoren dat niet kunnen opkopen. Het is dus in die context dat ik
mijn vraag wil situeren. Ik zal er eerlijk bij zeggen dat ik er zelf niet uit
ben wat nu het beste resultaat is omdat we zitten met die vier markten
van groenestroomcertificaten. Ik meen dat dit een discussie is die zal
blijven terugkomen.
De CREG heeft het nu gesuggereerd. Ik veronderstel dat binnenkort
ook bedrijven en anderen dat zullen suggereren. Bent u daar zelf
voorstander van? Indien er een vermarkting zou zijn, wat moeten dan
de modaliteiten zijn? Is er al overleg geweest met de Gewesten dan
wel de gewestelijke regulatoren met betrekking tot die materie?
Welke zijn de knelpunten? Tot slot, de prijs van offshore kan natuurlijk
ook op een andere manier gedrukt worden, door middel van andere
manieren van ondersteuning. Ten eerste, kan dit gefinancierd worden
vanuit de nucleaire rente die u onderhandeld hebt in ruil voor het
langer openhouden van de kerncentrales? Ten tweede, er is ook het
privéfonds dat wij bij wet opgericht hebben waarin de eenmalige
bijdrage van 250 miljoen van de kernenergieproducenten voor 2009
gestort werd. De overheid heeft daarin vier onafhankelijke
bestuurders. Zijn die al aangeduid? Wie zijn dat? Welke projecten
zullen
zij
indienen
voor
financiering?
Kunnen
offshore
windenergieprojecten daar onder vallen?
questions spécifiques. Le ministre
est-il
favorable
à
une
commercialisation des certificats
verts et à quelles conditions? Les
Régions
et
les
régulateurs
régionaux ont-ils été consultés?
Quels sont les problèmes? La
rente
nucléaire
pourrait-elle
financer la réduction des prix de
l'offshore?
Le
gouvernement
compte quatre administrateurs
auprès du fonds privé mis en
place par la loi. Qui sont-ils? Quels
sont les projets de financement
qu'ils déposeront? Des projets
d'énergie
éolienne
offshore
peuvent-ils
être
pris
en
considération?
02.03 Paul Magnette, ministre: Madame Van der Straeten, madame
Gerkens, je vous remercie pour vos questions.
Les chiffres avancés par la CREG quant au coût du soutien accordé
au parc offshore sont, en effet, une estimation correcte, basée
simplement sur une extrapolation des chiffres de production des six
éoliennes de C-Power sur les six derniers mois. Faites fois deux pour
l'année complète et fois dix pour le parc complet! C'est effectivement
une contribution, un coût substantiel. Répondant à Mme Van der
Straeten la semaine dernière, je disais que je n'avais pas la tentation
d'en faire un sujet politique. Pourtant ce serait aisé. Je pourrais
paraphraser mon collègue ministre wallon de l'Énergie et dire que
"quand c'est vert, c'est plus cher". Mais je ne vais pas le faire, je vous
rassure!
Il faut pouvoir faire en sorte que ce coût soit couvert, et qu'il le soit en
évitant les répercussions excessives, à la fois sur les entreprises et
sur les particuliers. Cela n'est pas simple. À ce stade, aucun
mécanisme n'est prévu pour compenser ou moduler la surcharge sur
les prix du transport découlant de mesures de soutien à la production
éolienne offshore.
02.03 Minister Paul Magnette: De
CREG heeft het kostenplaatje van
de
steun
voor
het
offshorewindmolenpark
juist
geraamd. En het gaat inderdaad
om een aanzienlijke som, die moet
worden gefinancierd zonder al te
grote gevolgen voor bedrijven en
particulieren. In dit stadium is er in
geen mechanisme voorzien om de
weerslag
van
de
steunmaatregelen
voor
de
productie van offshorewindenergie
te compenseren.
Een van de voorgestelde pistes
bestond in de harmonisatie van de
Belgische
systemen
van
groenestroomcertificaten. Volgens
de Gewesten was die echter op de
korte termijn niet relevant, omdat
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
Une des pistes qui avaient été évoquées au sein du groupe "Concert"
était l'harmonisation des systèmes belges de certificats verts, une
reconnaissance mutuelle des certificats émis par les différents
niveaux de pouvoir. J'ai remis cette piste sur la table lors du
Printemps de l'environnement. Si l'échange des certificats verts reste
une perspective à long terme, elle n'a cependant pas été considérée
pertinente à court terme par les Régions qui craignent, semble-t-il,
que cela puisse déstabiliser leur marché par l'afflux de certificats
offshore.
Des mesures correctrices pourraient par ailleurs être prises pour
moduler l'impact sur les prix de l'énergie des aides au développement
renouvelable en fonction des différents profils de consommation.
C'est aussi à l'étude, mais c'est extrêmement compliqué. Il faut
mesurer l'impact de ces propositions sur les différents profils de
consommation et discuter ces hypothèses avec les partenaires
sociaux. J'y travaille mais en tenant compte aussi des autres
éléments qui viennent alourdir la facture comme, par exemple, les
obligations de service public régional ou les certificats verts
régionaux. Et à nouveau, ce n'est pas polémique, c'est un fait.
La structure du prix qui dépend de tant de facteurs externes est
aujourd'hui extrêmement compliquée. La répartir de manière
équilibrée sur les différents acteurs en donnant les bons signaux est
simplement techniquement compliqué. La rente nucléaire est bien sûr
une piste, d'autant qu'à partir de 2015, elle sera déplafonnée et pourra
être donc un rendement supérieur aux 245 qui seront fixés dans le
serpent par la loi.
Je prévois dans la loi que l'absorption d'une partie du coût des
certificats verts soit une des dépenses éligibles sur cette rente
nucléaire. Cependant, tout ne pourra pas être réalisé avec la rente
nucléaire: on ne pourra pas couvrir ceci, et couvrir de nouveaux
investissements, et réduire le coût des tarifs sociaux, etc. Là aussi,
des arbitrages seront à faire.
ze vrezen dat dit hun markt kan
destabiliseren door de toevloed
van offshorecertificaten. Voorts
zouden
er
corrigerende
maatregelen
kunnen
worden
genomen om de weerslag van de
steunmaatregelen
voor
de
ontwikkeling van hernieuwbare
energie op de energieprijzen aan
te passen in functie van de diverse
consumentenprofielen. Dat wordt
momenteel ook bestudeerd, maar
het is zeer ingewikkeld, met name
wegens
factoren
zoals
de
gewestelijke
openbaredienstverplichtingen en
de
gewestelijke
groenestroomcertificaten.
De prijsstructuur hangt thans van
zoveel externe factoren af dat het
technisch bijzonder ingewikkeld is
om die evenwichtig te spreiden
over de diverse actoren en
tegelijkertijd de juiste signalen te
geven. De nucleaire rente is
natuurlijk een mogelijke insteek,
temeer daar die vanaf 2015 niet
langer begrensd zal zijn en dus
een hoger rendement zal kunnen
hebben dan de 245 die bij de wet
in de slang zullen worden
vastgelegd. Ik heb in de wet laten
opnemen dat de absorptie van een
deel
van
de
kosten
van
groenestroomcertificaten een van
de
in aanmerking komende
uitgaven op die nucleaire rente is.
Toch kan met de nucleaire rente
niet alles worden opgelost.
Wat betreft de eenmalige bijdrage van 250 miljoen van de
kernproducenten, het volgende Deze bijdrage is geregeld via de
programmawet van 2009 en is bestemd voor de ondersteuning van de
ontwikkeling van nieuwe investeringen inzake hernieuwbare energie.
Het zal de raad van bestuur van het Fonds -- waarin de overheid zal
vertegenwoordigd zijn -- toebehoren te beslissen over de
bestemming van de beschikbare middelen. Om die reden kunnen wij
vandaag nog niets zeggen over de projecten. Het is mogelijk dat
offshore windparken met deze middelen worden gefinancierd.
La
contribution
unique
de
250 millions d'euros versée par les
producteurs d'énergie nucléaire
est réglée par le biais de la loi-
programme de 2009. Elle est
destinée
au
soutien
du
développement
de
nouveaux
investissements
en
matière
d'énergies
renouvelables.
Le
conseil d'administration du fonds,
où
siègent
également
des
représentants
des
autorités
publiques, décidera de l'affectation
des moyens disponibles. C'est la
raison pour laquelle nous ne
sommes pas encore en mesure
aujourd'hui
de
fournir
des
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
informations sur ces projets. Il est
possible que les parcs à éoliennes
offshore soient financés par ce
biais.
02.04 Muriel Gerkens (Ecolo-Groen!): Effectivement, cent millions,
c'est une grosse somme qu'il va falloir répartir et essayer d'amortir. Je
vous rejoins sur le fait que ce n'est pas facile de trouver un système,
parce que tous les paramètres doivent être pris en compte.
En ce qui concerne la rente nucléaire, je suis personnellement
embêtée par la piste qui est proposée et le fait de dire qu'elle pourrait
servir à soutenir l'offshore et donc à diminuer l'impact des certificats
verts, sachant que les 250 millions peuvent aussi servir à cela. Autant
elle peut être une des pistes susceptibles d'amener une solution,
autant elle peut participer au fait que les énergies renouvelables
seront de nouveau concentrées dans un mode de production mené
par certains gros acteurs qui sont déjà monopolistiques sur le terrain.
Cela peut porter préjudice à une diversification des acteurs.
Jusqu'où peut-on aller dans la diversification des acteurs pour
maintenir une production renouvelable qui soit performante, c'est
aussi une question que l'on doit se poser. C'est un élément qui doit
entrer dans la réflexion pour ne pas encourager les mêmes à
effectuer des investissements et à monopoliser les modes de
production.
J'en profite peut-être pour vous poser une autre question, monsieur le
ministre.
02.04 Muriel Gerkens (Ecolo-
Groen!): Honderd miljoen, dat is
een hele hoop geld. Dat bedrag
zal moeten worden verdeeld en
geamortiseerd, wat geen sinecure
is, omdat er met alle parameters
rekening moet worden gehouden.
De nucleaire rente kan worden
gezien
als
een
mogelijke
oplossing, maar kan er tegelijk toe
leiden
dat
de
hernieuwbare
energiebronnen ook weer in
handen komen van een aantal
grote marktspelers die nu al een
monopolie hebben. Om dus niet
dezelfde actoren aan te zetten tot
investeringen
en
tot
het
monopoliseren
van
de
productiewijzen, moet er worden
toegezien op de diversificatie van
de actoren en het behoud van een
performante
productie
van
hernieuwbare energie.
Le président: Madame Gerkens, puis-je vous demander de conclure?
02.05 Muriel Gerkens (Ecolo-Groen!): Vous parlez de déplafonner la
rente nucléaire pour 2015 c'est en lien avec la loi de sortie du
nucléaire; avez-vous une date à laquelle vous comptez venir avec ce
projet de loi?
02.05 Muriel Gerkens (Ecolo-
Groen!): In verband met de
nucleaire rente maakte u gewag
van de afschaffing van het
maximumbedrag
tegen
2015.
Wanneer zal u het wetsontwerp
daaromtrent indienen bij het
Parlement?
02.06 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
voorzitter, mijnheer de minister, mijn grote frustratie is dat als het gaat
over hernieuwbare energie en ondersteuningsmechanismen dit enkel
vanuit het prijsaspect wordt bekeken. Dit is natuurlijk belangrijk, maar
er is ook nog het aspect van het halen van de doelstellingen.
Dat de prijs ineens zo hoog is, heeft te maken met het feit dat de
zes windmolens van C-Power meer geproduceerd hebben dan
aanvankelijk voorspeld was. Dat kan uitzonderlijk zijn, maar dat kan
evengoed niet uitzonderlijk zijn. Als het niet uitzonderlijk is, dan zitten
we misschien met een oversubsidiëring, wat ik op zich eigenlijk goed
nieuws vind, aangezien het het volgende jaar -- het ministerieel
besluit was immers maar voor één jaar -- meteen kan herzien
worden. Het is misschien een ongemakkelijke waarheid voor degenen
die voor nucleaire energie zijn, maar de Offshore Wind-technologie
wordt misschien net iets competitiever, net iets sneller dan velen
denken.
02.06 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!):
Lorsqu'il
est
question de soutien aux énergies
renouvelables,
on
ne
prend
toujours en considération que
l'aspect du prix, ce qui est
évidemment important mais il ne
faut pas oublier l'aspect des
objectifs à atteindre.
Les six éoliennes de C-Power ont
généré une production d'électricité
supérieure aux prévisions. Il n'est
donc pas exclu que l'énergie
éolienne soit plus rapidement
compétitive
que
beaucoup
l'avaient pensé et que nous
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
In die zin vergt het gewoon een zeer goede opvolging van de evolutie
van de competitiviteit, en zitten we telkens op een juiste prijs voor het
ondersteuningsmechanisme. Tegelijkertijd denk ik wel dat er effectief
meer moet gesproken worden met de Gewesten, en het uitwisselen
van eventuele groenestroomcertifcaten is eigenlijk maar een
modaliteit over het halen van de doelstellingen. Hoe en welke
doelstellingen gaan we halen op welke manier, en met welke
ondersteuningsmechanismen? Of we nu willen of niet, uiteindelijk zal
het debat toch gevoerd moeten worden samen met de Gewesten, en
zeker in het kader van 13 % hernieuwbare energie, dat we moeten
halen tegen 2020.
Ik hoop dat de discussie door alle stakeholders wat meer kan
uitgebreid worden, en zich op wat bredere zaken kan focussen dan
enkel en alleen potentiële kosten over vijf of tien jaar.
puissions réexaminer la question
des subventions.
Avec les Régions, nous devons
nous demander en permanence
quels
objectifs
doivent
être
réalisés et comment. Sur la base
de
quels
mécanismes
de
subventionnement? Dans l'optique
de l'objectif à atteindre d'ici 2020,
soit 13 % d'énergie renouvelable,
nous ne pourrons faire l'économie
de ce débat. Par conséquent,
nous devons avoir l'audace de ne
pas considérer uniquement les
coûts sur cinq ou dix ans.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03 Vraag van mevrouw Ilse Uyttersprot aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de onmogelijkheid om in sommige winkelketens kapotte goederen in te
ruilen" (nr. 20134)
03 Question de Mme Ilse Uyttersprot à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "l'impossibilité d'échanger des articles défectueux dans certaines chaînes
de magasins" (n° 20134)
03.01 Ilse Uyttersprot (CD&V): Mijnheer de minister, in sommige
winkelketens is het niet mogelijk om goederen die reeds bij aankoop
beschadigd zijn, om te ruilen. Indien de consument bij de
ingebruikname merkt dat het product beschadigd is, moet hij dat
eigenlijk bij de klantendienst binnenbrengen, van waaruit het naar de
fabriek wordt teruggestuurd voor herstelling. Ondanks de belofte om
de waar weer binnen de week ter beschikking van de klant te stellen,
bedraagt de wachttijd vaak vier tot vijf weken.
In de betreffende winkelketen is het schijnbaar ook niet mogelijk om
het product uit de doos te halen en te bekijken, ook al is dat een van
de rechten waarover de consument beschikt. De verpakking is
meestal hermetisch afgesloten door middel van verpakkingsstrips.
Men moet, met andere woorden, afgaan op de staat van de
verpakking, die uiteraard niet aangeeft of het product al dan niet
beschadigd is. Voor de consument is het dan ook zeer frustrerend om
vast te stellen dat een nieuw aangekocht toestel helemaal niet werkt
of eruit ziet zoals het hoort. Wanneer men dan op de koop toe dan
nog eens vijf weken moet wachten vooraleer men het product in
gebruik kan nemen, wordt de frustratie van de klant uiteraard nog veel
groter. En dan zwijg ik nog over producten die om dringende redenen
aangekocht worden.
Bent u bekend met de problematiek die zich onder andere in
winkelketen Mediamarkt voordoet? Bestaat er een mogelijkheid om
de winkels aan te sporen om omruiling in bepaalde gevallen wettelijk
verplicht te maken? Zo niet, is het dan mogelijk om winkelketens te
verplichten het product voor aankoop door de klant te laten
inspecteren? Zult u de winkelketen dan ook wijzen op de verkeerde
boodschap die hij meegeeft aan zijn klanten? Is het mogelijk om de
winkels de klant te laten informeren over de mogelijkheid om
03.01 Ilse Uyttersprot (CD&V):
Dans
certaines
chaînes
de
magasins, dont Mediamarkt, il
n'est pas possible d'échanger des
produits qui étaient déjà abîmés
au moment de l'achat. Le service
clientèle renvoie au fabricant le
produit
acheté
par
le
consommateur qui doit parfois
attendre quatre ou cinq semaines
avant que son produit ne soit
réparé. Au moment de l'achat, le
consommateur ne peut faire
usage de son droit de déballer le
produit.
Le
ministre
a-t-il
connaissance de cette situation?
L'échange ou la possibilité d'ouvrir
l'emballage
lors
de
l'achat
pourraient-ils
être
rendus
légalement obligatoires?
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
aankopen te inspecteren voor betaling?
03.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw Uyttersprot, de algemene
directie Controle en Bemiddeling heeft enkele klachten ontvangen van
consumenten die te maken kregen met het probleem waarbij de
verkoper weigerde om een nieuw voorwerp dat al beschadigd was op
het moment van de verkoop en waarvan het gebrek pas aan het licht
kwam toen de consument het gekochte artikel uit de verpakking
haalde, om te ruilen. De klachten betreffen niet enkel de winkels van
Mediamarkt, maar ook andere verkopers.
Het Burgerlijk Wetboek verleent aan de consument binnen de twee
jaar na de levering het recht om vervanging of herstelling te eisen in
geval van gebrek aan overeenstemming dat bestaat bij de levering.
Bovendien stelt het Burgerlijk Wetboek dat binnen de eerste zes
maanden na de levering het door de consument aangehaalde gebrek
vermoed wordt een gebrek aan overeenstemming te zijn dat op het
tijdstip van levering bestond. De twee enige redenen waarom de
verkoper, die ten aanzien van de consument wettelijk aansprakelijk is
voor de overeenstemming, de vervanging kan weigeren, zijn de
onmogelijkheid het goed te vervangen, bijvoorbeeld als het niet meer
wordt geproduceerd, of de onevenredigheid.
De onevenredigheid wordt geëvalueerd op basis van de kosten,
waarbij onder meer rekening wordt gehouden met de vraag of de
andere wijze van schadeloosstelling, in dit geval de door de verkoper
gewenste herstelling, kan worden uitgevoerd zonder ernstige overlast
voor de consument.
Het feit dat een nieuw artikel niet kan worden gebruikt en dat vaak
lang op de herstelling van het pas gekochte artikel moet worden
gewacht, kan als ernstige overlast worden beschouwd. Dat begrip
was nog geen voorwerp van een gerechtelijke beslissing.
De vordering tot beroep die aan de verkoper tegenover de fabrikant
wordt toegestaan, heeft als doelstelling een eerlijke genoegdoening
van de consument voor de verkoper te bevorderen, want op die basis
kan laatstgenoemde het betaalde waarborgbedrag van de fabrikant
terugkrijgen.
Momenteel bestaat er geen mogelijkheid om van de verkoper te eisen
dat hij de koper voor betaling het artikel laat uitpakken om het te
inspecteren. Dergelijke oplossing zou trouwens een aantal andere
problemen doen ontstaan, zoals het feit dat het uitgepakte artikel
moeilijk opnieuw kan worden verkocht indien de consument van
gedacht verandert, het probleem dat verband houdt met de test van
de elektrische werking van het goed, het risico dat de consument die
het artikel niet zal hebben uitgepakt de waarborg niet meer krijgt
enzovoort.
De FOD Economie heeft sinds de inwerkingtreding van de nieuwe
wettelijke waarborgregeling algemene informatie verstrekt over de
rechten en de verplichtingen van de consument en van de verkoper
bij gebrek aan overeenstemming. Binnenkort is er een nieuwe
brochure ter zake beschikbaar op de site van de FOD Economie.
03.02 Paul Magnette, ministre: La
direction générale Contrôle et
Médiation a reçu quelques plaintes
concernant ce problème. Il ne
s'agit
pas
seulement
de
Mediamarkt. Le Code civil accorde
à tout consommateur le droit
d'exiger dans un délai de deux ans
le remplacement ou la réparation
en cas de défaut à la livraison. Le
vendeur ne peut refuser le
remplacement qui si le produit ne
peut être remplacé, par exemple
parce qu'il n'est plus fabriqué. Le
remplacement peut également
être
refusé
en
cas
de
disproportion, par exemple si la
réparation peut être effectuée très
simplement et sans occasionner
de
désagrément
au
consommateur. Le fait de devoir
attendre la réparation longtemps
peut être interprété comme un
désagrément.
Un vendeur peut répercuter les
coûts sur le fabricant par le biais
d'une action en nullité. À l'heure
actuelle, on ne peut exiger de
pouvoir ouvrir un produit avant
qu'il n'ait été payé, ce qui pourrait
aussi susciter certains problèmes.
Depuis l'entrée en vigueur du
nouveau régime légal de garantie,
le SPF Économie a diffusé des
informations sur les droits et
devoirs du consommateur et du
vendeur en l'absence d'accord.
Une nouvelle brochure sera
prochainement disponible sur le
site web.
03.03 Ilse Uyttersprot (CD&V): Mijnheer de minister, ik dank u voor
het antwoord.
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "het onderzoek
naar mogelijke manipulatie van de gastarieven en de gedragscode" (nr. 20562)
04 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'enquête sur la
manipulation éventuelle des tarifs de gaz et le code de conduite" (n° 20562)
04.01 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, Ik dank
collega George dat ik deze vraag eerst mag stellen. Mijn andere
vragen zijn samengevoegde vragen en worden dus ook door andere
collega's gesteld, en ik moet echt weg.
Deze vraag gaat over het onderzoek naar een mogelijke manipulatie
van de gastarieven en de gedragscode. Uit de hoorzitting met de
CREG vorige week bleek dat er echt wel aanwijzingen zijn dat de
energieleveranciers hun prijs willekeurig kunnen aanpassen aan de
indexen. Vooral voor de gasprijs is dat probleem tamelijk scherp.
In het begin van de maand heeft de Raad voor de Mededinging
meegedeeld dat dit al onderzocht is in 2008 en dat er nu geen nieuw
onderzoek kan gebeuren. Eerlijk gezegd vind ik dat dit tegen de borst
stuit. Er kunnen toch nieuwe elementen opgedoken zijn? De CREG
heeft vorige week op de hoorzitting duidelijk gezegd dat men ervan
uitging dat er genoeg aanwijzingen verzameld waren en dat men
eigenlijk over voldoende informatie beschikte, maar dat men daar
niets mee kan doen. De informatie is doorgegeven aan de Raad van
de Mededinging, die dan zegt: "Wij doen daar geen onderzoek naar."
Mijnheer de minister, kan dat onderzoek nu wel of niet heropend
worden als er duidelijke aanwijzingen van machtsmisbruik zijn,
bijvoorbeeld naar aanleiding van de klacht van een consument? Dat is
echt een belangrijke vraag. Ik vind dat het niet kan dat hiernaar geen
onderzoek zou gebeuren als de CREG duidelijk zegt dat er
aanwijzingen zijn.
Er is ook sprake van een onderzoek door de FOD Economie. Tegen
wanneer kunnen wij daar de resultaten van verwachten, en waar gaat
dat onderzoek precies over?
04.01 Katrien Partyka (CD&V): Il
est ressorti de l'audition de
représentants de la CREG qu'il
existe des indications selon
lesquelles
les
fournisseurs
d'énergie
pourraient
adapter
arbitrairement leurs prix aux
indices. Le problème se poserait
surtout en ce qui concerne les
tarifs de gaz.
Au début du mois, le Conseil de la
concurrence a indiqué que cette
question avait déjà été examinée
en 2008, et qu'elle ne pouvait donc
pas faire l'objet d'une nouvelle
enquête. Ne peut-il donc pas y
avoir d'éléments neufs? La CREG
dispose d'indices convergents qui
vont dans le sens d'un abus de
pouvoir. Il est donc inacceptable
qu'il n'y ait pas d'enquête. Sur quoi
porte
l'enquête
menée
actuellement
par
le
SPF
Économie? Quand pourrons-nous
en avoir les résultats?
04.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw Partyka, de recente studies
van de CREG en van de Nationale Bank hebben geen enkele
manipulatie van de index aan het licht gebracht. Het niet-gereguleerde
deel van de gasprijzen evolueert inderdaad volgens een
indexeringsformule die een vast en een variabel deel behelst. Het
vaste gedeelte de vaste bijdrage genoemd varieert van
leverancier tot leverancier maar hangt af van een identieke objectieve
parameter, gebaseerd op de evolutie van de lonen volgens de Agoria-
index, en op de prijs voor de nijverheidsproductie.
Het variabele gedeelte, dat eveneens varieert naargelang van de
leverancier, hangt af van de evolutie van de gasnoteringen, met name
de gasprijs te Zeebrugge en de gasprijs op de Nederlandse markt, en
van de petroleumnoteringen, met name de prijs voor gasolie en extra
zware fuel.
Deze parameters variëren zowel maandelijks als per kwartaal. Zij
04.02 Paul Magnette, ministre:
Des études récentes de la CREG
et de la Banque nationale n'ont
pas révélé l'existence d'une
quelconque
manipulation
de
l'index. La partie non régulée des
prix du gaz évolue selon une
formule d'indexation qui comprend
une partie fixe et une partie
variable. La partie fixe varie d'un
fournisseur à l'autre, mais dépend
d'un paramètre objectif identique
qui est basé sur l'évolution des
salaires selon l'index Agoria et sur
le prix du gaz pour l'industrie. La
part variable, qui varie également
d'un fournisseur à l'autre, dépend
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
maken overigens het voorwerp uit van regelmatige publicaties door de
CREG, die beschikbaar zijn bij elke wijziging van deze parameters.
De verschillende leveranciers gaan in hun prijsformules over tot
aanpassing van het variabele deel op basis van de nieuwe
parameters die door de CREG worden gepubliceerd. Men mag dus
niet spreken van manipulatie op dit vlak, maar over aanpassing van
de prijzen van elke leverancier teneinde de markttendensen beter te
weerspiegelen.
Mocht er een vermoeden zijn van welke manipulatie dan ook, of
mocht ter zake een nieuw element de kop opsteken, dan zal ik
natuurlijk om de opening van een onderzoek verzoeken bij de Raad
voor de Mededinging.
De diensten van de FOD Economie zijn inderdaad bezig met het
afronden van het onderzoek naar de tarieven van de leveranciers op
de residentiële markt. Dit onderzoek zal binnenkort beschikbaar zijn.
Er wordt niet overwogen de heffing voor groene elektriciteit te herzien.
Op federaal niveau maakt zij het mogelijk de offshore windenergie in
de Noordzee te ontwikkelen. De huidige zones moeten volledig
worden toegekend en alle operatoren moeten kunnen genieten van
dezelfde voorwaarden inzake productiesteun.
de l'évolution des prix du gasoil et
du fuel extra lourd à Zeebrugge et
sur le marché néerlandais. Ces
paramètres varient selon une
fréquence
mensuelle
et
trimestrielle et sont régulièrement
publiés par la CREG. Les
fournisseurs adaptent la partie
variable de leurs formules de
calcul en fonction des nouveaux
paramètres publiés par la CREG.
On ne peut donc parler de
manipulation,
mais
plutôt
d'adaptation des prix. S'il devait
toutefois y avoir des soupçons à
propos d'une manipulation de
quelque nature que ce soit, je
demanderais immédiatement au
Conseil de la concurrence de
mener une enquête.
Le
SPF
Économie
met
actuellement la dernière main à
une
étude
des
tarifs
des
fournisseurs
sur
le
marché
résidentiel. Les résultats seront
bientôt disponibles.
La révision de la redevance pour
l'électricité verte n'est pas à l'ordre
du jour. Cette redevance doit
permettre de développer l'énergie
éolienne offshore en mer du Nord.
04.03 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, u zegt dat er een nieuw onderzoek kan worden aangevraagd
als er nieuwe elementen zijn. Dan is het aan de CREG om haar
uitspraken daarover hard te maken en die gegevens opnieuw te
bezorgen aan de Raad voor de Mededinging. Wanneer een nationale
regulator zegt dat ze aanwijzingen heeft, dan zou het toch moeilijk uit
te leggen zijn dat er geen onderzoek wordt gevoerd.
Het tweede element van uw antwoord heb ik niet helemaal begrepen.
Ik zie niet in wat de groene energie te maken heeft met het onderzoek
van de FOD. Het ging over het onderzoek dat de FOD naar aanleiding
van die klachten zou voeren naar prijsindexen. Is er een parallel
onderzoek binnen de FOD of niet?
04.03 Katrien Partyka (CD&V):
S'il y a de nouveaux éléments, on
peut demander de mener une
nouvelle enquête. Il appartient
donc à la CREG de prouver ses
affirmations. Si le régulateur
dispose de certains indices, il
conviendra
de
mener
une
enquête.
Pour terminer, je ne vois pas le
lien entre l'énergie verte et
l'enquête relative aux indices de
prix menée par le SPF. Une
enquête parallèle est-elle ou non
menée au sein du SPF?
04.04 Minister Paul Magnette: Normaal was er een samengevoegde
vraag met de heer Van Noppen over die aspecten.
04.04 Paul Magnette, ministre: Il
y avait une question jointe de
M. Van Noppen sur ces aspects.
04.05 Katrien Partyka (CD&V): Op mijn vraag ging u niet
antwoorden?
04.05 Katrien Partyka (CD&V):
Le ministre ne répondra-t-il donc
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
pas à ma question?
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
05 Question de M. Joseph George au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la publication de l'arrêté
ministériel relatif à la nomination des inspecteurs de la CREG" (n° 20172)
05 Vraag van de heer Joseph George aan de minister van Klimaat en Energie over "de publicatie van
het ministerieel besluit betreffende de benoeming van de inspecteurs van de CREG" (nr. 20172)
05.01 Joseph George (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, comme vous le savez les compétences de la CREG ont été
renforcées afin qu'elle puisse exercer un monitoring sur la partie non
régulée du prix du gaz-électricité. La loi du 8 juin 2008 a accordé cette
compétence au régulateur fédéral. Mais, pour cela, il faut que la
CREG puisse exercer cette compétence.
Un arrêté royal a été adopté le 13 décembre dernier, relatif aux
inspecteurs qui ont les compétences d'officiers de police judiciaire. À
ce jour, je ne sais pas si la liste des personnes à désigner a été
arrêtée et si cette désignation a eu lieu. En tout cas, l'arrêté ministériel
n'a pas été publié.
Ma question est simple: cette désignation a-t-elle été faite? Quand
peut-on attendre la publication de la désignation de ces personnes au
Moniteur belge?
05.01 Joseph George (cdH): De
bevoegdheden van de CREG
werden versterkt opdat ze controle
zou kunnen uitoefenen op het niet-
gereguleerde deel van de gas- en
elektriciteitsprijzen. Bij de wet van
8 juni
2008
werd
deze
bevoegdheid toegekend aan de
federale regulator. De CREG moet
die bevoegdheid echter ook
concreet kunnen uitoefenen. Op
13 december
werd
er
een
koninklijk besluit goedgekeurd
betreffende de inspecteurs die de
bevoegdheden hebben van officier
van de gerechtelijke politie. Het
ministerieel besluit is nog niet
gepubliceerd. Werd de lijst met de
namen van de personen die
moeten worden aangesteld, al
opgemaakt? Werden die personen
al aangesteld? Wanneer zal de
aanstelling van deze personen in
het
Belgisch
Staatsblad
verschijnen?
05.02 Paul Magnette, ministre: Merci, monsieur George, ma
réponse sera très courte et très simple.
L'arrêté ministériel désignant les membres du comité de direction et
du personnel de la CREG ayant cette qualité d'officier de police
judiciaire sera établi dès que les noms des intéressés m'auront été
communiqués par la CREG.
05.02 Minister Paul Magnette:
Het koninklijk besluit zal worden
opgemaakt zodra de CREG me de
namen van de betrokkenen zal
hebben meegedeeld.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Questions jointes de
- M. Joseph George au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la taxe sur les sites de production
d'électricité non utilisés" (n° 20194)
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "Electrabel et la taxe sur les sites non
utilisés" (n° 20282)
- Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le prélèvement sur les sites de
production d'électricité inexploités" (n° 20285)
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le prélèvement sur les sites
inexploités" (n° 20348)
06 Samengevoegde vragen van
- de heer Joseph George aan de minister van Klimaat en Energie over "de heffing op de niet-gebruikte
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
sites voor productie van elektriciteit" (nr. 20194)
- de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "Electrabel en de belasting op
ongebruikte sites" (nr. 20282)
- mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "de heffing op niet-benutte
sites voor elektriciteitsproductie" (nr. 20285)
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "de heffing op de niet
benutte sites" (nr. 20348)
06.01 Joseph George (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, il ressort d'articles de presse qu'Electrabel aurait obtenu gain
de cause devant le tribunal de première instance de Bruxelles en ce
qui concerne la taxe sur les sites de production d'électricité non
utilisés. Il avait pourtant été décidé de les taxer.
En effet, pour six des sept sites de production qui ont fait l'objet d'une
taxation et donc d'une contestation par l'électricien, le tribunal aurait,
dans son jugement rendu le 17 février, donné raison à Electrabel.
Je ne sais si vous avez connaissance de ce jugement.
Personnellement, je n'ai pas pu le consulter et je serais intéressé à
pouvoir en prendre connaissance.
Dans son argumentaire, Electrabel estimerait que ses sites ne
peuvent être taxés dans la mesure où, pour des contraintes
techniques, ils ne peuvent accueillir des installations visées par la loi
du 8 décembre 2006 établissant un prélèvement visant à lutter contre
la non-utilisation d'un site de production d'électricité par un
producteur.
Toutefois, tout en contestant cette taxe, Electrabel a réglé un peu plus
de 51 millions d'euros pour 2006. Pour 2007 et 2008, l'entreprise n'a
versé que 2,75 millions d'euros par an sur les 51 millions d'euros
réclamés. Ce sont les chiffres donnés dans les commentaires, mais je
n'en sais pas davantage.
Selon le jugement, sur les 153 millions réclamés par l'État, Electrabel
devrait payer 39,6 millions. L'électricien s'étant déjà acquitté de
56 millions, l'État belge serait devenu le débiteur d'Electrabel et
devrait rembourser un peu plus de 16 millions d'euros. Est-ce bien
exact?
Quant à la taxe pour 2009, où en est-on?
Quelle attitude adopterez-vous face à ce jugement du tribunal de
première instance de Bruxelles? Va-t-il bien dans le sens relaté par
les journaux? Comptez-vous aller en appel?
Il existe encore une autre voie: modifier la loi du 8 décembre 2006,
dans un sens ou dans un autre, pour répondre à ces observations,
notamment juridiques, émises par le tribunal pour juger ce recours
d'Electrabel fondé.
06.01 Joseph George (cdH):
Electrabel zou door de rechtbank
van eerste aanleg te Brussel in het
gelijk zijn gesteld wat de heffing op
de niet benutte sites voor
elektriciteitsproductie betreft. Er
was nochtans beslist een heffing
op te leggen. Ik zou kennis willen
nemen van die uitspraak.
Electrabel zou van oordeel zijn dat
er geen heffing kan worden
opgelegd omdat de sites om
technische redenen niet geschikt
zijn voor de in de wet van
8 december
2006
bedoelde
installaties.
Electrabel ging dus in beroep
tegen die heffing, maar betaalde
wel 51 miljoen euro voor 2006.
Voor 2007 en 2008 stortte het
bedrijf
jaarlijks
slechts
2,750 miljoen
euro
(terwijl
51 miljoen werd gevorderd).
De
rechtbank
oordeelt
dat
Electrabel de Staat een bedrag
van 39,6 miljoen schuldig is.
Aangezien al 56 miljoen euro werd
betaald, zou de Belgische Staat
dus een goede 16 miljoen euro
moeten terugbetalen. Klopt dat?
Hoe staat het met de heffing voor
2009? Hoe zult u op die
rechterlijke uitspraak reageren?
06.02 Peter Logghe (VB): Mijnheer de minister, ik sluit mij aan bij
wat de heer George heeft gezegd. Ik zal onmiddellijk overgaan tot
mijn vragen.
Ten eerste, bevestigt u de beslissing van de rechtbank van eerste
aanleg? Betekent dit dat de Belgische overheid Electrabel 16 miljoen
euro moet terugbetalen want zij hebben inderdaad al heel wat
06.02 Peter Logghe (VB): Le
ministre confirme-t-il la décision du
tribunal de première instance?
Cela
signifie-t-il
que
le
gouvernement
belge
doit
rembourser 16 millions d'euros à
Electrabel?
A-t-il
l'intention
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
betaald? Het bedrag dat verschuldigd is, zou 39,6 miljoen euro
bedragen.
Ten tweede, zal de Belgische overheid tegen deze beslissing beroep
aantekenen?
Ten derde, wat zijn de technische beperkingen die de sites ongeschikt
maken voor installaties? Waarover gaat het precies?
Ten vierde, wat zijn de gevolgen voor de belasting van 2009? Is die
ondertussen betaald? Is die gedeeltelijk betaald?
Ten vijfde, wat is de stand van zaken van de andere dossiers met
Electrabel, het dossier van de 250 en de 500 miljoen euro?
d'interjeter appel? Quelles sont les
contraintes techniques qui rendent
les
sites
impropres
aux
installations? Quelle est l'incidence
sur la taxe 2009 et celle-ci a-t-elle
entre-temps
été
acquittée
totalement
ou
partiellement?
Comment se présentent les deux
autres dossiers Electrabel, c'est-à-
dire celui des 250 et celui des
500 millions d'euros?
06.03 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
voorzitter, mijnheer de minister, ik denk dat het vast een koude
douche moet zijn geweest. Een heffing waarvan iedereen dacht dat ze
doorgang zou vinden, vond dat uiteindelijk niet, op basis van een
argumentatie die nog anders is dan wat in de wet wordt bepaald. Dat
doet het vermoeden rijzen dat het moeilijker zal zijn om de wet aan te
passen aangezien de argumentatie zou gaan over technische
beperkingen van de sites.
Het is vooral een koude douche omdat Electrabel al meer heeft
betaald dan ze moet betalen en er vermoedelijk tot een terugbetaling
zal moeten worden overgegaan.
Mijnheer de minister, ik heb hierover de volgende vragen.
Ten eerste, wat is de precieze uitspraak van de Brusselse rechter? Ik
heb net als de heer George het arrest niet gevonden. Op welke jaren
heeft deze uitspraak betrekking?
Ten tweede, op basis van welke redenen wordt Electrabel in het gelijk
gesteld? Initieel voorzag de wet in een aanslagvoet op basis van
vierkante meter, dat door u werd veranderd naar een aanslagvoet
bepaald op basis van megawatt. Doet de rechter daarover een
uitspraak?
Ten derde, hoeveel had Electrabel reeds betaald in de jaren 2006,
2007 en 2008? Ik vermoed dat het respectievelijk gaat over 51,15
miljoen euro en twee maal 2,75 miljoen euro. Zijn deze bedragen
correct? Hoeveel moet de Belgische Staat terugbetalen? Is er sprake
van moratoire interesten en hoeveel?
Ten vierde, hoeveel heeft Electrabel reeds betaald in 2009? Moet op
basis van de uitspraak van de rechter het geëiste bedrag voor 2009
van 67,5 miljoen worden herbekeken? Waarom wel of waarom niet?
Bent u reeds op de hoogte van een eventueel beroep van Electrabel
tegen de beslissing van 2009?
Ten vijfde, wat is de implicatie van deze uitspraak met betrekking tot
andere productiesites en eventueel andere producenten? Kunnen zij
dat nu ook aanvoeren?
Ten zesde, welke stappen zal de Belgische Staat nemen op basis van
deze beslissing? Zal er beroep worden aangetekend? Waarom wel of
06.03 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Un prélèvement
tenu pour acquis par tous est
finalement annulé sur la base
d'arguments
dérogeant
aux
dispositions légales. C'est une
véritable déconvenue car il faudra
probablement rembourser.
Quel est le contenu précis du
jugement du tribunal bruxellois?
Quelles
sont
les
années
concernées par cette décision?
Sur la base de quels motifs
Electrabel a-t-elle obtenu gain de
cause? Combien l'entreprise avait-
elle déjà payé en 2006, 2007 et
2008? Combien l'État belge doit-il
rembourser?
Est-il
question
d'intérêts moratoires? Combien
Electrabel a-t-elle déjà payé en
2009? Faut-il réexaminer les
67,5 millions d'euros exigés pour
2009? Le ministre est-il informé
d'un éventuel recours d'Electrabel
contre la décision de 2009?
Quelles sont les retombées de ce
jugement sur d'autres sites de
production
et
producteurs?
Quelles seront les démarches
entreprises par l'État belge à la
suite de cette décision? Un
recours sera-t-il introduit? Une
transaction sera-t-elle conclue
avec l'entreprise concernée pour
2009? Une révision de la loi est-
elle possible de manière à
permettre
malgré
tout
un
prélèvement
sur
les
sites
inutilisés? Sera-t-il tenu compte de
ce remboursement dans le cadre
du contrôle budgétaire? Où les
moyens nécessaires seront-ils
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
waarom niet? Zo niet, zal dan een dading met het betrokken bedrijf
voor 2009 worden afgesloten? Is een wetswijziging noodzakelijk of
mogelijk om alsnog een heffing op niet-benutte sites mogelijk te
maken? Zal in de terugbetaling worden voorzien bij de
begrotingscontrole van deze maand? Waar zullen de middelen
worden vrijgemaakt?
trouvés?
06.04 Minister Paul Magnette: Bij vonnis van 17 februari 2010 van de
rechtbank van de eerste aanleg te Brussel, werden de eisen van de
firma Electrabel voor de boekjaren 2006-2007-2008 wat betreft de
plaatsing op de rol van de betwiste heffing op alle sites andere dan
die van Schelle gegrond verklaard en werd de overheid veroordeeld
tot de terugbetaling van de betaalde bedragen die met deze
drievoudige heffingen overeenstemmen vermeerderd met de
wettelijke intrestvoet.
De rechtbank is van oordeel dat de belastingheffing op de sites,
andere dan die van Schelle, willekeurig is. Ze is voornamelijk
gebaseerd op de oppervlakte van de niet- of onderbenutte sites voor
elektriciteitsproductie zonder rekening te houden met de technische
beperkingen die aan deze oppervlakte verbonden zijn.
Voor de elektriciteitsproductiesites van Auvelais, Drogenbos,
Langerbrugge, Rodenhuize en Ruien werden de eisen van Electrabel
gegrond verklaard omdat de heffingen voornamelijk op basis van de
beschikbare oppervlakte werden vastgelegd zonder met de
technische voorschriften rekening te houden.
Voor de site van Verbrande Brug is de reden van verval weerhouden.
De heffingen van 2006-2007-2008 werden bepaald op basis van de
wet van 8 december 2006 voor ze door de programmawet van
8 juni 2008 werd gewijzigd.
De storting van de firma Electrabel voor de heffing van 2006 bedroeg
51 150 000 euro. De stortingen voor de heffingen voor 2007 en 2008
waren tot 2 750 000 euro beperkt.
Het door de overheid terug te betalen bedrag bedraagt 17 miljoen
euro. Men dient van de gestorte bedragen nog de drievoudige
heffingen op de sites van Schelle af te trekken. Hieraan worden nog
de intresten toegevoegd die op basis van de wettelijk voor fiscale
zaken toepasselijke intrestvoet zijn berekend.
06.04 Paul Magnette, ministre: Le
17 février 2010, le tribunal de
première instance à Bruxelles a
déclaré fondées les demandes
d'Electrabel pour les exercices
2006, 2007 et 2008 en ce qui
concerne la taxe controversée sur
tous les sites sauf celui de Schelle
et
a
condamné
l'État
au
remboursement des montants
correspondant aux prélèvements,
augmentés des intérêts légaux.
Selon le tribunal, en effet, le
prélèvement de la taxe est
arbitraire.
Pour
les
sites
d'Auvelais,
Drogenbos,
Langerbrugge,
Rodenhuize
et
Ruien, les demandes d'Electrabel
ont été déclarées fondées. Pour le
site de Pont-Brûlé, le motif de
l'extinction a été retenu.
Les prélèvements de 2006, 2007
et 2008 ont été fixés légalement et
modifiés par la loi-programme du
8 juin 2008. Pour 2006, Electrabel
avait versé 51 150 000 euros et,
pour 2007 et 2008, il s'agissait de
2 750 000 euros.
L'État
devra
rembourser 17 millions d'euros.
Le prélèvement pour l'année 2009 s'élève à 67,5 millions d'euros;
celui-ci est établi sur la base des nouvelles dispositions de la loi-
programme du 8 juin 2008, lesquelles prennent en considération la
superficie du site et non plus la capacité de production potentielle du
site de production non utilisé ou sous-utilisé. C'était précisément pour
éviter ce type de reproches que j'avais fait modifier la loi en 2008. La
société Electrabel a introduit un recours administratif à l'encontre de la
décision du fonctionnaire délégué auprès du directeur général de la
direction générale de l'Énergie. À l'heure actuelle, il n'a pas encore été
statué sur ce recours.
Le prélèvement sur le site de production non utilisé ou sous-utilisé
vise un objectif différent de celui poursuivi par la contribution de
répartition sur des exploitants nucléaires et par le Fonds pour la
De heffing voor 2009 bedraagt
67,5 miljoen euro. Electrabel heeft
een
administratief
beroep
ingesteld tegen de beslissing van
de afgevaardigde ambtenaar bij de
Algemene Directie Energie. Er is
nog geen uitspraak gedaan over
dat beroep.
De heffing op de niet- of
onderbenutte productiesites dient
een
ander
doel
dan
de
repartitiebijdrage
van
de
kernexploitanten en het Fonds
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
promotion et le soutien de la production d'électricité à partir des
sources d'énergie renouvelable. Le prélèvement sur les sites a pour
objet d'accroître la concurrence au niveau de la production
d'électricité en incitant les producteurs concernés par la taxe à céder
les sites qu'il n'utilise pas. C'est une taxe évitable.
Le jugement du tribunal de première instance n'a pas été signifié par
la société Electrabel à l'État. Il n'est donc pas exécutoire pour l'instant.
Mes services examinent l'opportunité ou non d'introduire un appel
contre ce jugement. Il est à noter que la société Electrabel ne s'est
pas encore non plus prononcée à ce sujet. Il n'est pas prévu, à l'heure
actuelle, d'amender le dispositif légal en vigueur. Tant que le
jugement n'a pas été signifié, celui-ci n'est pas exécutoire et le
remboursement ne doit donc pas être effectué. En outre, dans
l'hypothèse où un appel est introduit, celui-ci a pour effet de
suspendre l'exécution du jugement.
Un recours à l'encontre de la contribution de répartition de
250 millions d'euros pour l'année 2008, instaurée par la loi-
programme de décembre 2008, a été introduit auprès de la Cour
constitutionnelle par Electrabel, SPE, EDF et Synatom. La
contribution pour l'année 2009 ainsi que le Fonds pour la promotion et
le soutien de la production d'électricité à partir de sources d'énergie
renouvelable, prévus par la loi-programme de décembre 2009, n'ont
pas fait, jusqu'à présent, l'objet de recours de la part des sociétés
concernées.
voor de bevordering en de
ondersteuning van de productie
van elektriciteit uit hernieuwbare
energiebronnen. De heffing op die
productiesites strekt ertoe de
concurrentie te verhogen door de
producenten ertoe aan te zetten
de sites die ze niet gebruiken, af te
stoten.
Aangezien Electrabel het vonnis
van de rechtbank van eerste
aanleg niet aan de Staat betekend
heeft, is het momenteel niet
uitvoerbaar.
Mijn
diensten
onderzoeken of het opportuun is
om in beroep te gaan tegen dat
vonnis. Electrabel heeft zich
daarover nog niet uitgesproken.
De huidige wetgeving zal niet
aangepast worden zolang het
vonnis niet betekend wordt. Mocht
er
wel
beroep
worden
aangetekend, heeft dat bovendien
tot gevolg dat de uitvoering van
het vonnis wordt opgeschort.
Electrabel, SPE, EDF en Synatom
hebben bij het Grondwettelijk Hof
beroep aangetekend tegen de
repartitiebijdrage van 250 miljoen
euro voor 2008. De betrokken
ondernemingen hebben tot op
heden geen beroep aangetekend
tegen de bijdrage voor 2009 en het
Fonds voor de bevordering en de
ondersteuning van de productie
van elektriciteit uit hernieuwbare
energiebronnen, zoals vervat in de
programmawet
van december
2009.
06.05 Joseph George (cdH): Monsieur le ministre, j'ai écouté votre
réponse avec beaucoup d'intérêt. Serait-il possible d'obtenir une copie
du jugement même si, je le suppose, il sera publié dans les revues
juridiques au cours des prochaines semaines? Interjetterez-vous
appel de la décision, la considérez-vous comme définitive ou y aura-t-
il une voie de recours?
06.05 Joseph George (cdH):
Kunnen we een kopie van het
vonnis krijgen? Zal u beroep
aantekenen tegen de beslissing?
De voorzitter: Het zou inderdaad nuttig zijn dat we allemaal kennis kunnen nemen van het vonnis.
06.06 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
Electrabel heeft het vonnis nog niet betekend, maar ik twijfel er geen
seconde aan dat het dat wel degelijk zal doen en de terugbetaling
vragen van dat geld. Ik ben eigenlijk vooral benieuwd naar het
oordeel, dat er vandaag blijkbaar nog niet is, of het opportuun is om
beroep aan te tekenen. Ik maak dan uit de algemene strekking van
het antwoord op dat er voor 2009 wellicht geen of toch minder een
06.06 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Je ne doute pas
qu'Electrabel signifiera le jugement
et demandera le remboursement
de cet argent. Interjettera-t-on
appel? Pour 2009, la base légale
est apparemment différente et il y
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
probleem zal zijn, omdat de wettelijke basis anders is. Dat valt echter
af te wachten? We zullen zien wat de tijd zal brengen in het dossier
van de niet-benutte sites.
aura donc sans doute moins de
problèmes. Je suis curieuse de
connaître l'évolution de ce dossier.
06.07 Peter Logghe (VB): Mijnheer de minister, uw antwoord was
zeer volledig. Ik neem alleen nota van het feit dat het bedrag dat we
misschien uiteindelijk zullen moeten terugbetalen, 17 miljoen is,
natuurlijk aan te vullen met de wettelijke intresten.
Over het aantekenen van beroep zal op zeer korte termijn moeten
worden beslist. Beroepsinstanties duren niet eeuwig. U zult
waarschijnlijk binnen de komende weken moeten beslissen wat u zult
doen. Ik hoop in elk geval dat we zo vlug mogelijk van u lezing kunnen
krijgen van het vonnis van de rechtbank van eerste aanleg. We zullen
de zaak in elk geval van nabij blijven volgen.
06.07 Peter Logghe (VB): Nous
devrons finalement rembourser
17 millions, plus les intérêts
légaux.
Il
faudra
trancher
rapidement en ce qui concerne un
recours éventuel. J'espère que
nous
pourrons
consulter
rapidement
le
jugement
en
première
instance
et
nous
suivrons ensuite le dossier de
près.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
07 Question de M. Joseph George au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la répercussion par les
fournisseurs de la baisse des tarifs de transport de gaz" (n° 20297)
07 Vraag van de heer Joseph George aan de minister van Klimaat en Energie over "de doorrekening
door de leveranciers van de daling van de tarieven voor gastransport" (nr. 20297)
07.01 Joseph George (cdH): Monsieur le ministre, les fournisseurs
d'électricité répercutent-ils ou non les baisses tarifaires survenues à la
suite de l'entrée en vigueur de l'accord tarifaire réalisé entre Fluxys et
la CREG? Les informations semblant dire que non. Disposez-vous de
renseignements à cet égard? Pouvez-vous livrer des données
chiffrées sur la baisse effective des tarifs? Quelle initiative comptez-
vous prendre afin que le consommateur puisse bénéficier de cette
diminution des tarifs de transport?
07.01 Joseph George (cdH):
Houden
de
elektriciteitsleveranciers rekening
met de tariefdalingen ingevolge
het tariefakkoord tussen Fluxys en
de CREG? Tot welke effectieve
tariefdaling leidde dat akkoord?
Welk initiatief zult u nemen om
ervoor te zorgen dat die daling van
de transporttarieven de consument
ten goede komt?
Présidente: Cathy Plasman.
Voorzitter: Cathy Plasman.
07.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur George, l'entrée en vigueur
le 1
er
janvier 2010 de l'accord tarifaire conclu entre Fluxys et la CREG
conduit à une baisse des tarifs de transport de gaz, pour l'ensemble
des consommateurs belges, en moyenne de 28 % par rapport aux
tarifs pratiqués par Fluxys en 2008 et en 2009.
Dans son communiqué de presse du 30 décembre 2009, la CREG
avait calculé que la baisse des tarifs se traduirait par une diminution
de 20 euros de la facture annuelle d'un ménage de quatre personnes
qui se chauffent au gaz, avec une consommation moyenne de 25 000
KW par an. Cette diminution tenait compte de la baisse maximale des
tarifs. En prenant en compte la diminution moyenne des tarifs, la
baisse des tarifs devrait se traduire par une diminution de la facture
de 16,5 euros pour le même ménage, avec le même type de
consommation.
Il est à noter que le tarif de transport ne constitue qu'une faible partie
du coût payé par le consommateur final. La CREG a calculé que 52 %
de la facture finale du consommateur se compose du coût de
07.02 Minister Paul Magnette: Op
1 januari 2010 is het tariefakkoord
tussen Fluxys en de CREG in
werking getreden, waardoor de
prijs voor het transport van gas
met 28 procent daalt in vergelijking
met de tarieven in 2008 en 2009.
In
een
mededeling
van
30 december 2009 ging de CREG
ervan uit dat een gezin van vier
personen met een gemiddeld
jaarverbruik van 25.000 kW zo
jaarlijks 20 euro zou kunnen
besparen. Het transporttarief is
echter maar een deeltje van de
prijs die aan de consument wordt
aangerekend: 52 procent van de
eindfactuur wordt bepaald door de
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
l'énergie et seulement 3 % pour le coût du transport. La baisse dont il
est question précédemment ne s'applique évidemment qu'à la partie
de la facture concernant le transport de gaz, de là, les montants
relativement faibles qui ont été mentionnés.
Il appartient aux fournisseurs qui sont maîtres de leur politique
commerciale de décider de la répercussion des baisses de tarifs de
transport à l'ensemble de leurs clients. Il appartient aux
consommateurs de faire jouer la concurrence entre les fournisseurs
et de choisir les fournisseurs qui répercutent cette baisse des tarifs de
transport dans leur facture.
energieprijs en slechts 3 procent
door de prijs voor het transport.
Het is aan de leveranciers om te
beslissen in welke mate ze de
lagere transporttarieven ten goede
laten komen aan hun klanten en
de consumenten moeten de
concurrentie doen spelen, door te
kiezen voor de leveranciers die in
hun factuur rekening houden met
die daling.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van mevrouw Ilse Uyttersprot aan de minister van Klimaat en Energie over "de huidige
regelgeving in verband met de geluidsmeting" (nr. 20418)
08 Question de Mme Ilse Uyttersprot au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la réglementation
actuelle relative à la mesure du bruit" (n° 20418)
08.01 Ilse Uyttersprot (CD&V): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, de geluidsnormen voor niet-ingedeelde inrichtingen worden
geregeld door een wet van 1973 en een KB van 1977. De muziek in
de jaren '70 was helemaal anders dan de muziek van vandaag. Er
wordt vandaag veel meer gebruikgemaakt van elektronische bassen
op een zeer lage frequentie. Die bassen kunnen niet gemeten worden
in dB(A), maar worden gemeten in dB(C). Dat betekent dat bij een
meting die door de politie gebeurt in een café, de norm van 90 dB(A)
niet wordt overschreden, terwijl de bassen wel een hoger volume
hebben, dat zorgt voor de nodige overlast. De overlast is niet
strafbaar op grond van voornoemd KB en het is zeer moeilijk om de
metingen van het achtergrondgeluid op het terrein te laten uitvoeren.
ln de commissie voor de Volksgezondheid heb ik daarover de
staatssecretaris ondervraagd, die mij vertelde dat het tot uw
bevoegdheidsdomein behoort en dat er voldoende rechtsgrond was
om het fenomeen te beteugelen via de wet van 9 februari 1994
betreffende de veiligheid van producten en diensten. Op basis
daarvan zou een uitvoeringsbesluit kunnen worden genomen die de
materie zou kunnen regelen.
Ik heb de volgende vragen.
Wat zijn de mogelijkheden in de wet van 1994 om de regelgeving aan
te passen? Is er al sprake van zo'n KB?
08.01 Ilse Uyttersprot (CD&V):
Les normes acoustiques pour les
établissements non classés sont
réglées par une loi de 1973 et un
arrêté royal de 1977. À cette
époque,
la
musique
était
techniquement
totalement
différente de celle d'aujourd'hui. Il
en résulte qu'il n'est plus possible
de mesurer correctement les
nuisances
réelles.
Quelles
possibilités sont prévues dans la
loi du 9 février 1994 permettant
d'adapter la réglementation visant
à réprimer les nuisances? Est-il
déjà question d'un arrêté royal?
08.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw de voorzitter, mevrouw
Uyttersprot, ik zou willen verduidelijken dat het koninklijk besluit van
1977 houdende de vaststelling van de geluidsnormen voor muziek in
openbare en private inrichtingen, twee soorten grenswaarden
vaststelt, namelijk normen met betrekking tot de geluidssterkte binnen
de inrichting, 90 dB, en normen voor de geluidshinder in de buurt van
de inrichting. Voor de normbepaling werd de A-schaal gekozen,
omdat die schaal beter overeenstemt met de kans op gehoorverlies,
ongeacht het karakter van de muziek.
Na de staatshervorming hebben de Gewesten gebruikgemaakt van
08.02 Paul Magnette, ministre:
L'arrêté royal de 1977 fixant les
normes acoustiques pour la
musique dans les établissements
publics
et
privés
fixe
une
puissance sonore de maximum
90 dB ainsi que la norme de
l'échelle A pour les nuisances
sonores
à
proximité
de
l'établissement. L'échelle A a été
choisie pour définir la norme,
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
hun bevoegdheid om maatregelen te nemen tegen de geluidsoverlast
voor omwonenden. Er werden door de Gewesten richtwaarden
vastgelegd voor het geluid van de inrichtingen in open lucht, op basis
van verschillende gebiedsbestemmingen. In de context van de
geluidshinder in het leefmilieu beslissen de Gewesten dus zelf welke
schaal, A of C, de beste is. Gezien de C-schaal beter aansluit bij de
subjectieve perceptie van geluid met lage tonen, zou de grenswaarde
uitgedrukt in C beter geschikt zijn om de geluidshinder te beperken.
Het doel van de normen voor het geluid binnen de inrichtingen is niet
de bescherming tegen de geluidshinder in het leefmilieu, maar de
bescherming van de gezondheid van de consumenten aan wie de
uitbaters van de inrichting een dienst leveren. Men stelt vast dat het
geluidsniveau tijdens muziekevenementen soms de waarde van
130 dB bereikt, wat ongetwijfeld schadelijk is voor het gehoor. Na de
staatshervorming is geen van de in het KB aangeduide federale
controle-instellingen nog bevoegd voor de materie.
parce
que
cette
échelle
correspond mieux au risque de
perte d'audition, indépendamment
de la nature de la musique.
Après la réforme de l'État, les
Régions ont défini des valeurs de
référence pour le bruit lors
d'activités en plein air et elles
décident elles-mêmes si elles
utilisent l'échelle A ou l'échelle C
qui est plus pertinente pour la
perception des tons bas.
08.03 Ilse Uyttersprot (CD&V): Ik dank u voor uw antwoord.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
09 Question de M. Joseph George au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'indépendance du
gestionnaire de réseau de transport de gaz" (n° 20469)
09 Vraag van de heer Joseph George aan de minister van Klimaat en Energie over "de
onafhankelijkheid van de beheerder van het transportnet voor gas" (nr. 20469)
09.01 Joseph George (cdH): Madame la présidente, monsieur le
ministre, le Parlement a adopté le 10 septembre 2009 une loi en vue
d'assurer l'indépendance du gestionnaire de réseau de transport de
gaz.
Cette loi prévoit que GDF-Suez doit descendre sous les 24,99 % des
parts dans Fluxys pour le 1
er
janvier 2010.
Nous sommes au mois de mars et, apparemment, cette loi n'est
toujours pas respectée car, d'après mes informations, GDF-Suez
détient toujours 38,5 % des parts de Fluxys.
Monsieur le ministre, quand cette loi sera-t-elle enfin respectée?
Quelles actions avez-vous mis en oeuvre afin de la faire respecter?
Quelles actions comptez-vous encore entreprendre?
09.01 Joseph George (cdH): Een
wet die op 10 september 2009
werd aangenomen en die ertoe
strekt de onafhankelijkheid van de
beheerder van het gasvervoersnet
te waarborgen, bepaalt dat GDF-
Suez op 1 januari 2010 ten
hoogste 24,99 procent van de
aandelen van Fluxys mag bezitten.
Blijkbaar wordt die wet door dat
bedrijf nog altijd niet nageleefd.
Wanneer zal dat eindelijk het
geval zijn? Welke acties heeft u in
dat verband al ondernomen of zal
u nog ondernemen?
09.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur George, la loi du
10 septembre 2009 prévoit en effet que la société GDF-Suez ne peut
plus détenir au maximum que 24,99 % du capital de la société Fluxys
au 31 décembre 2009.
Jusqu'à présent, j'ai privilégié la conciliation en ce qui concerne la
mise en oeuvre de cette disposition légale car il faut reconnaître qu'un
certain délai est nécessaire pour céder ces actions à un autre
investisseur.
Les arrêtés ministériels du 23 février 2010 portant désignation du
gestionnaire du réseau de transport de gaz naturel, du gestionnaire
09.02 Minister Paul Magnette: Tot
dusver heb ik geopteerd voor
bemiddeling, want men moet
erkennen dat er een zekere tijd
nodig is om die aandelen aan een
andere investeerder over te
dragen.
De ministeriële besluiten van
23 februari
2010
houdende
aanwijzing van de beheerder van
het aardgasvervoersnet, van de
beheerder van de LNG-installatie
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
d'installation de GNL et du gestionnaire d'installations de stockage de
gaz naturel prévoient que ces désignations ne produiront leurs effets
que si les conditions prévues par la loi du 10 septembre 2009 sont
remplies au plus tard le 30 mai 2010, date à laquelle la composition
du conseil d'administration doit être rendue conforme à la même loi
du 10 septembre 2009.
De cette façon, une date ultime du changement des administrateurs
allant de pair avec l'actionnariat est, de fait, imposée aux actionnaires.
en van de beheerder van de
opslaginstallatie
voor
aardgas
bepalen dat die aanwijzingen
uitwerking zullen hebben vanaf het
moment dat de voorwaarden
vervuld zijn zoals vermeld in de
wet van 10 september 2009, en
ten laatste op 30 mei 2010.
09.03 Joseph George (cdH): Monsieur le ministre, je vous remercie.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "de
regeringsvertegenwoordigers bij Distrigas en Electrabel" (nr. 20520)
10 Question de Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les
représentants du gouvernement au sein de Distrigas et d'Electrabel" (n° 20520)
10.01 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mevrouw de
voorzitter, mijnheer de minister, bij koninklijk besluit van 16 juni 1994
werd een bijzonder aandeel ingevoerd ten voordele van de Staat bij
Distrigas. De criteria voor de uitoefening van de bijzondere rechten
verbonden aan dat bijzonder aandeel werden later bepaald bij
koninklijk besluit van 5 december 2000. Sinds toen en tot op vandaag
beschikt de regering over twee regeringscommissarissen bij Distrigas.
Sinds 1994 is de marktsituatie grondig veranderd als gevolg van de
liberalisering van de gasmarkt op grond van de Europese richtlijnen
en verordeningen waarover wij in deze commissie vaak spreken. Heel
wat zaken die opgesomd zijn in de genoemde koninklijke besluiten
van 1994 en 2000 zijn ondertussen bevoegdheden geworden van
andere spelers, met name de regulator en de TSO. Sinds 5 mei 2009
is Eni voor 100 % eigenaar van Distrigas.
Op 11 oktober 2009, nog niet zo lang geleden, ondervroeg ik u in
deze
commissie
over
de
mogelijkheid
om
een
regeringsvertegenwoordiger af te vaardigen bij Electrabel op grond
van artikel 173, § 2 van de wet van 8 augustus 1980 betreffende de
budgettaire voorstellen 1979-1980 en het koninklijk besluit van
23 januari 1981.
Uw antwoord was toen kort en bondig en ging als volgt: "Deze
bepaling werd ingevoerd lang voor de liberalisering van de
elektriciteitsmarkt en voor het Controlecomité voor Elektriciteit en Gas
bestond, omdat het nuttig kon zijn dat de Staat een vertegenwoordiger
had in de raad van bestuur. Ondertussen zijn heel wat taken
overgenomen door de CREG, als Belgische regulator. De juridische
basis bestaat inderdaad nog. Ik heb mijn administratie gevraagd of de
mogelijkheid om een vertegenwoordiger in de raad van bestuur van
Electrabel, SPE en Elia af te vaardigen nog bestaat, rekeninghoudend
met de wetgeving van na de liberalisering van de elektriciteitsmarkt."
Mijn vragen over enerzijds Distrigas en anderzijds Electrabel zijn de
volgende.
Is de bestaande wetgeving op grond waarvan een gouden aandeel en
10.01 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Le gouvernement
dispose de deux commissaires du
gouvernement
auprès
de
Distrigaz. Depuis le 5 mai 2009,
Eni est intégralement propriétaire
de Distrigaz. Le 11 octobre 2009,
j'ai interrogé le ministre sur la
possibilité
de
déléguer
un
représentant du gouvernement
auprès d'Electrabel.
La législation en vertu de laquelle
une golden share et des droits
spéciaux existent au sein de
Distrigaz
est-elle
encore
en
vigueur? Comment et à quelle
fréquence les représentants du
gouvernement auprès de Distrigaz
font-ils rapport au ministre? À
quelle fréquence et dans quels cas
les droits spéciaux ont-ils été
exercés?
Le
gouvernement
souhaite-t-il
maintenir
les
commissaires de gouvernement?
Un représentant du gouvernement
sera-t-il également désigné auprès
d'Electrabel/SPE?
Une
réglementation uniforme relative à
la désignation de représentants du
gouvernement
n'est-elle
pas
nécessaire?
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
bijzondere rechten bestaan bij Distrigas nog steeds actueel en
relevant?
Op welke wijze en met welke regelmaat koppelen de
regeringsvertegenwoordigers bij Distrigas terug naar u, mijnheer de
minister?
Sinds 2000, hoeveel keer werden de bijzondere rechten uitgeoefend
en met betrekking tot welke zaken?
Wil de regering de regeringscommissarissen behouden? Waarom
wel, waarom niet? Indien wel, op welke wijze moet de bestaande
wetgeving dan gewijzigd worden?
Wat was het resultaat van de consultatie van de administratie met
betrekking tot de mogelijkheid om een regeringsvertegenwoordiger af
te vaardigen bij Electrabel/SPE?
Wilt
u
gebruikmaken
van
de
mogelijkheid
om
een
regeringsvertegenwoordiger af te vaardigen? Waarom wel, waarom
niet?
Ten slotte, misschien de meest fundamentele vraag, strekt het niet tot
aanbeveling om tot uniforme regelgeving te komen met betrekking tot
het afvaardigen van regeringsvertegenwoordigers in commerciële
maatschappijen, wat ondertussen zowel Distrigas, Electrabel als SPE
geworden zijn? Men zou bijvoorbeeld kunnen overwegen om een
regeringsvertegenwoordiger te sturen naar maatschappijen die een
bepaald
marktaandeel
vertegenwoordigen.
Men
zou
de
vertegenwoordiging ook kunnen koppelen aan zaken zoals
bevoorradingszekerheid of nieuwe bepalingen in het raam van de
bevoorradingszekerheid met betrekking tot supplier of last resort. Er
zij er vast nog tal van andere.
10.02 Minister Paul Magnette: Naar aanleiding van de gedeeltelijke
splitsing van de maatschappij Distrigas werd een aandeel van het
kapitaal van voornoemde maatschappij aan de overheid
overgedragen via een wet van 2002. Aan dit aandeel zijn bijzondere
rechten verbonden die bepaald zijn bij koninklijk besluit van juni 1994.
Deze rechten blijven verbonden aan dit specifieke aandeel zo lang dit
de eigendom blijft van de overheid, die het slechts kan overdragen
mits een wetgevende toelating. Deze rechten werden uitgeoefend
door de minister die Energie onder zijn bevoegdheid heeft. Zij
verlenen het recht twee vertegenwoordigers van de federale regering
te benoemen in de raad van bestuur en het directiecomité van
Distrigas.
Het wetgevend bestel dat van kracht is, maakt het behoud mogelijk
van twee vertegenwoordigers van de federale regering bij de
maatschappij Distrigas. De wet van 8 augustus 1980 betreffende de
begrotingsvoorstellen en het koninklijk besluit van januari 1981 maken
het niet mogelijk een vertegenwoordiger van de federale regering aan
te wijzen bij de maatschappijen Elektrabel en SPE. Een wetgevend
initiatief, ingesteld met eerbied voor de bepalingen tot instelling van de
Europese Gemeenschap en de afgeleide rechten inzake energie, zou
noodzakelijk zijn om te kunnen overgaan tot dergelijke aanwijzing.
Eerder dan over te gaan tot de aanwijzing van vertegenwoordigers
van de federale regering bij maatschappijen die belangrijke
10.02 Paul Magnette, ministre:
Depuis 2002, une partie du capital
de Distrigaz a été cédée à l'État
par le biais d'une loi. À cette part
sont attachés des droits spéciaux
qui sont exercés par le ministre qui
a l'Énergie dans ses attributions.
Le fait que deux représentants du
gouvernement siègent au conseil
d'administration et au comité de
direction de Distrigaz est l'un de
ces droits.
L'État n'a pas ce droit pour
Electrabel ni pour SPE. Cela
nécessiterait
une
initiative
législative qui devrait respecter
l'ensemble
des
dispositions
européennes. Cet exercice serait
à ce point délicat que l'État préfère
opter
pour
l'instauration
de
mécanismes
d'échanges
d'information.
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
marktaandelen in handen hebben op het vlak van energie en/of die
een belangrijke rol spelen inzake bevoorradingszekerheid, hetgeen
het risico met zich meebrengt moeilijkheden op te wekken met de
Europese overheden, met name wat betreft het naleven van regels
inzake de vestigingsvrijheid en het vrij verkeer van kapitaal,
bevoorrecht de regering de inwerkingstelling van mechanismen voor
de uitwisseling van informatie.
10.03 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Ik dank de minister
voor zijn antwoord. Ik weet dat het gouden aandeel van Distrigas een
lange voorgeschiedenis heeft en een van de weinige gouden
aandelen is die in het verleden door de Europese Commissie werden
erkend als gouden aandeel dat mocht blijven bestaan. Op het eerste
gezicht lijkt het wel heel raar dat bij Distrigas dat nu een 100 %
commerciële
maatschappij
is
geworden,
twee
regeringscommissarissen kunnen blijven zitten en dat het bij
Elektrabel
hoegenaamd
onmogelijk
is
een
regeringsvertegenwoordiger af te vaardigen.
Ik vind dat dit voor alle commerciële maatschappijen hetzelfde zou
moeten zijn. Ik had mijn vraag bewust heel neutraal gesteld omdat er
misschien
echt
wel
goede
redenen
waren
om
de
regeringscommissaris bij Distrigas te behouden zoals de
bevoorradingszekerheid of strategie. Ik heb echt het antwoord
afgewacht omdat er misschien een goede reden was, maar ik heb er
geen gehoord. U hebt ook geen antwoord gegeven op de vragen op
welke wijze en met welke regelmaat de regeringsvertegenwoordigers
terugkoppelen of hoeveel keer die bijzondere rechten in het verleden
werden uitgeoefend.
In een recent verleden zijn er belangrijke beslissingen genomen
binnen Distrigas die, op grond van de bestaande wetgeving,
aanleiding hadden kunnen geven op het uitoefenen van die bijzondere
rechten? Volgens mij is dat niet gebeurd.
Ik meen dan ook dat wij vandaag moeten vaststellen dat die
regeringscommissarissen daar zitten en dienen om eens te kunnen
babbelen met de minister als zaken moeten worden gelobbyd. Een
heel recent dossier is de gastransit. Distrigas heeft hierin ook een
bepaalde rol gespeeld en had een bepaald voordeel dat andere
bedrijven niet hebben.
Als u volledig overtuigd bent dat wij de wet van 1980 niet kunnen
gebruiken om bij Electrabel een regeringsvertegenwoordiger af te
vaardigen dan begrijp ik niet hoe de bestaande wetgeving rond
Distrigas
kan
worden
gehandhaafd
om
daar
wel een
regeringscommissaris af te vaardigen. Volgens mij gelden daar
immers dezelfde argumenten. Ik denk dat dit toch nog eens van
dichtbij moet worden bekeken en dat de commerciële maatschappijen
allemaal over dezelfde kam moeten worden geschoren. Er moet
worden bekeken of het wenselijk is dat er een regeringscommissaris
is bij Distrigas.
In het verlengde daarvan zijn er nog een aantal andere
maatschappijen die ik hier niet heb vernoemd omdat ik er zeer weinig
informatie over heb gevonden, namelijk de Nationale Maatschappij
der Pijpleidingen. Ik denk dat daar dezelfde argumentatie kan worden
gehanteerd. Ik heb daarover enkel KB's teruggevonden. De
10.03 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Je sais que cette
golden share a une longue histoire
derrière elle et aussi que c'est
l'une des seules dont l'Europe a
autorisé le maintien. Il est
cependant curieux que deux
commissaires de gouvernement
puissent continuer à siéger dans
une société à cent pour cent
commerciale comme Distrigaz et
qu'il n'est pour ainsi dire pas
possible que le gouvernement
puisse être représenté au sein
d'Electrabel. J'estime qu'il y aurait
lieu d'uniformiser les règles pour
l'ensemble
des
sociétés
commerciales. Je n'ai d'ailleurs
pas entendu d'explication valable
pour justifier cette différence ni
obtenu de réponse à la question
de savoir à quelle fréquence les
commissaires font rapport, tout
comme on ne m'a pas indiqué
combien de fois les droits
spéciaux ont été exercés par le
passé.
La direction de Distrigaz a-t-elle
pris des décisions importantes qui
auraient pu donner lieu à l'exercice
de ces droits spécifiques? Je
pense que nous ne nous trouvons
absolument pas dans ce cas de
figure. Prenons un exemple de
dossier très récent, celui du transit
de gaz, dans lequel Distrigaz a
joué un certain rôle.
Si le ministre estime que nous ne
pouvons nous servir de la loi de
1980
pour
déléguer
chez
Electrabel un représentant du
gouvernement, je ne comprends
pas que cela soit possible chez
Distrigaz. Je considère en effet
qu'il importe de traiter sur un pied
d'égalité toutes les sociétés
commerciales. Et je pense que le
même argument peut être avancé
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
jaarverslagen van de NMP zijn niet terug te vinden op het internet. Ik
heb een KB teruggevonden waarin vermeld staat wie daar als
regeringsvertegenwoordiger werd benoemd. Mij lijkt dit vooral een
manier om mensen een post te bezorgen, informeel wat gegevens uit
te wisselen, maar het belang voor het energiebeleid is echt
onbestaande.
dans le cas de la Société
Nationale
de
Transport
par
Canalisations.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
11 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Cathy Plasman aan de minister van Klimaat en Energie over "de Europese richtlijn inzake
hernieuwbare energie" (nr. 20526)
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de import van hernieuwbare
energie" (nr. 20537)
- mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "de doelstelling inzake
hernieuwbare energie tegen 2020" (nr. 20563)
- de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "de Europese richtlijn inzake
hernieuwbare energie" (nr. 20599)
11 Questions jointes de
- Mme Cathy Plasman au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la directive européenne relative aux
énergies renouvelables" (n° 20526)
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'importation des énergies
renouvelables" (n° 20537)
- Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'objectif en matière d'énergie
renouvelable pour 2020" (n° 20563)
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la directive européenne relative aux
énergies renouvelables" (n° 20599)
11.01 Peter Logghe (VB): Mijnheer de minister, mijn vraag ligt in het
verlengde van uw uitleg over de milieuvergadering met de Raad over
de Europese richtlijn inzake hernieuwbare energie.
In een persmededeling liet u verstaan dat u de opmerking van de
Europese Commissie dat u de doelstelling van 13 % hernieuwbare
energie tegen 2020 niet zou halen, niet te goed kon verteren. Wij
vernemen intussen dat de lidstaten tegen de zomer van 2010 een
plan moeten voorleggen om de doelstelling alsnog te halen.
Mijn vragen sluiten aan bij de discussie van vannamiddag. U hebt het
in uw persmededeling vooral over de offshore windparken in de
Noordzee. U roept op om verder te gaan dan het strategisch plan voor
energietechnologieën. U dringt aan op forse initiatieven inzake
onderzoek en ontwikkeling, financiering en professionele vorming.
Ik kaats de bal terug. Wat zal de Belgische regering doen? Hoever
staat het met de plannen in de Noordzee? Wordt er aan uitbreiding
gedacht? Op welke termijn? U kunt geen A zonder B zeggen.
Hoever staat het met het overleg op federaal en gewestelijk niveau?
Hebt u al een idee voor het plan dat in de zomer van 2010 moet
klaarliggen? U zult in impulsen voorzien om die doelstelling van 13 %
te halen.
U stelt dat het plan hernieuwbare energie van de Europese Unie te
weinig sociaal zou zijn. U beseft toch evengoed als ik dat de
bevoegdheden van Europa vooral, zo niet uitsluitend, economisch
11.01 Peter Logghe (VB): Pour la
mi-2010, les États membres de
l'Union
européenne
devront
déposer un plan où ils exposent
leur stratégie pour tenter d'encore
atteindre les objectifs en matière
d'énergies renouvelables d'ici à
2020. Quelle sera la teneur du
plan déposé par le gouvernement
belge? Le ministre a déjà déclaré
à plusieurs reprises qu'il souhaite
donner une tonalité plus sociale
aux plans européens dans ce
domaine. Comment compte-t-il s'y
prendre?
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
zijn. Hoe kan men daar regelgevend optreden? Wat zult u concreet
doen om de plannen voor hernieuwbare energie socialer te maken? U
kunt dat wel zeggen, maar welke concrete stappen zult u zetten?
11.02 Cathy Plasman (sp.a): Ook mijn vraag gaat ook over het niet
halen van de doelstelling van 13 % door België, zoals de Europese
Commissie had meegedeeld.
Welk actieplan zal België voorleggen om alsnog de verplichte
Europese doelstelling inzak hernieuwbare energie te halen?
Zal er, zoals in de pers verscheen, hernieuwbare energie moeten
worden geïmporteerd? Zo ja, hoeveel?
Recent antwoordde u op een vraag van mij dat uw administratie de
voorbereiding van de uitbreiding van de offshore windparken aan het
bestuderen was. Hoever staan die besprekingen? Werd dat al op
regeringsniveau besproken?
Is minister Van Quickenborne in dat kader bereid om een deel van die
exploratiezone voor zandwinning voor de offshore uitbreiding vrij te
maken?
Is minister De Crem bereid om de NAVO-oefenzone te verplaatsen of
te verkleinen, om daar wat plaats bij te maken?
Over hoeveel extra vierkante kilometer of megawatt gaat het in feite?
Wat is de timing waar uw administratie momenteel aan denkt om het
desbetreffend KB inzake offshore zones aan te passen?
11.02 Cathy Plasman (sp.a): Moi
aussi, je suis curieuse de savoir
en quoi consistera le plan d'action
que notre pays déposera. Quel
est,
entre-temps,
l'état
d'avancement
des
tractations
consacrées à l'extension des
parcs éoliens offshore en mer du
Nord?
Le ministre Van Quickenborne va-
t-il libérer une partie de la zone
d'exploitation d'extraction de sable
pour les parcs éoliens? Le ministre
De Crem est-il pour sa part
disposé à restreindre ou à
déplacer la zone d'exercices de
l'OTAN? Quand sera promulgué
l'arrêté
royal
sur
le
réaménagement
des
zones
offshore?
11.03 Minister Paul Magnette: Het plan ligt momenteel ter
bespreking bij de INNOVER-groep. Het zal worden afgerond en naar
de Commissie worden verstuurd tegen eind juni 2010. Het actieplan
zal de nationale strategie beschrijven die geïmplementeerd moet
worden met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen
inzake hernieuwbare energie die aan België worden opgedragen.
In een tussentijdse fase heeft België aan de Europese Unie het
forecastdocument bezorgd, waarin aan de lidstaten gevraagd werd of
zij menen zich te beroepen op samenwerkingsmechanismen om hun
doelstellingen te verwezenlijken, om een globaal zicht te verkrijgen
over vraag en aanbod inzake samenwerkingsmechanismen op
Europees niveau. Om daarop te antwoorden, heeft België zich
gebaseerd op een studie van het Planbureau, dat een raming
verrichtte,
rekening
houdend
met
de
kosten
en
de
doeltreffendheidverhouding van de maatregelen die te overwegen
vielen. Het leek ons derhalve voorzichtiger om in afwachting van de
afronding van de bespreking over het actieplan en de verdeling van
de lasten tussen de entiteiten, dat gegeven van het Planbureau te
bewarende titel over te nemen. De inspanningen zullen evenwel,
zoals het Belgisch document inzake vooruitzichten dat aangeeft, bij
voorrang gericht zijn op de uitbating van het binnenlands potentieel.
De verwezenlijking van de doelstellingen inzake hernieuwbare energie
is een hemelsbrede uitdaging, maar het is tevens een kans op het
gebied van werkgelegenheid en innovatie. Desgevallend zullen wij,
om een beroep te kunnen doen op flexibele mechanismen,
11.03 Paul Magnette ministre: Le
plan d'action est actuellement
débattu au sein du groupe
INNOVER. Il sera ensuite envoyé
à la Commission européenne vers
la mi-2010. Notre pays a entre-
temps transmis à la Commission
le document prévisionnel dans
lequel
les
États
membres
exposent les mécanismes de
coopération
par
lesquels ils
s'emploient à réaliser les objectifs.
La réponse de la Belgique
s'appuie sur une étude du Bureau
fédéral du Plan. La coopération
sera principalement développée à
l'échelon national.
Dans le domaine de l'offshore,
l'État s'est engagé à produire une
puissance
installée
de
2 000 mégawatts d'ici à 2020.
Les répercussions de l'énergie
éolienne
sur
la
puissance
existante et sur les factures du
consommateur
doivent
être
CRIV 52
COM 832
16/03/2010
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
samenwerkingsakkoorden met andere lidstaten moeten sluiten, maar
ik herhaal dat dat voor België geen voorrang geniet.
Inzake de voornaamste bijdrage van het federaal niveau inzake de
ontwikkeling van offshore, herinner ik aan de verbintenissen die zijn
aangegaan in de Lente van het Leefmilieu en die een geïnstalleerd
vermogen van 2 000 megawatt tegen 2020 betroffen.
Ik heb mij in het kader hiervan verbonden, ten opzichte van de
stakeholders, de opening van nieuwe zones van ontwikkeling van
windenergie aan de voorwaarde te onderwerpen van een studie van
de weerslag op het bestaande vermogen. Deze studie zal met name
dienen rekening te houden met de weerslag van een dergelijke
ontplooiing op de facturen van de verbruiker.
Met betrekking tot de bestaande concessies, en inzonderheid van de
meest verwijderde zone, heeft de Ministerraad van 17 juli mij, evenals
de staatssecretaris voor Mobiliteit, ermee belast indien nodig de
grenzen aan te passen van het zeegebied voorzien bij het koninklijk
besluit van mei 2004 tot wijziging van het koninklijk besluit van
december 2000 betreffende de voorwaarden en de procedure voor de
toekenning van domeinconcessies. Een werkgroep van de
verschillende betrokken besturen onderzoekt de problematiek die ter
discussie staat. De besprekingen zijn nog steeds aan de gang. De
elementen die ontwikkeld werden tijdens de verschillende
ontmoetingen met de vertegenwoordigers van de betrokken besturen
tonen aan dat het nodig zal zijn de grenzen van de zone die gelegen
is boven de Blighbank-zone aan te passen en hiervan de grenzen
opnieuw te bepalen.
In dit stadium maakt de werkgroep een lijst op van de mogelijke
zones die aanleiding zouden kunnen geven tot een compensatie van
de zones die zouden worden afgeschaft. Er zal een evaluatieverslag
worden opgesteld en het ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging
van het koninklijk besluit van december 2000 zal voor advies aan de
CREG worden voorgelegd, vooraleer het, vóór juni, aan de
Ministerraad zal worden voorgelegd.
examinées avant d'ouvrir de
nouvelles zones. En ce qui
concerne
les
concessions
existantes, le conseil des ministres
du
17 juillet
m'a
demandé
d'adapter si nécessaire les limites
de la zone maritime. Le groupe de
travail
des
différentes
administrations
concernées
examine la problématique. Il est
d'ores et déjà clair que les limites
de la zone Blighbank devront être
adaptées. Le groupe de travail
établit une liste des zones
nécessitant une compensation
pour les zones qui seraient
supprimées.
Un
rapport
d'évaluation sera établi. Le projet
d'arrêté royal modifiant l'arrêté
royal de décembre 2000 relatif à
l'octroi de concessions domaniales
sera soumis à la CREG et ensuite
au conseil des ministres.
11.04 Peter Logghe (VB): Mijnheer de minister, het valt wat mager
uit, maar ik had het wel verwacht. Ik hoor vooral de woorden studie,
nog eens studie en evaluatieverslag. U zult bestuderen wat de invloed
is van het bestaande vermogen op de prijzen. U zult bestuderen hoe u
het gebied kunt uitbreiden en naar waar u het gebied zult uitbreiden.
Er zal een lijst met mogelijke zones worden opgesteld. Er zal een
evaluatieverslag komen.
Ik stel alleen vast -- mevrouw Van der Straeten is intussen
verdwenen -- dat Nederland er een stukje daadkrachtiger tegenaan
gaat en dat zij zich al met een gasrotondebrief opmaken voor een
heus gasplan en een eersterangsrol op het vlak van gasenergie.
11.04
Peter
Logghe
(VB):
J'entends surtout les mots 'étude'
et 'rapport d'évaluation'. Les Pays-
Bas
agissent
de
manière
beaucoup
plus
concrète
et
préparent un plan gazier de
grande envergure.
11.05 Cathy Plasman (sp.a): Mijnheer de minister, ik ben zwaar
teleurgesteld. De compensatie die dient te gebeuren is omdat er een
bepaalde oppervlakte verdwijnt voor scheepvaartroutes. Mijn vraag
ging echter over de uitbreiding daarbuiten. Ik had begrepen dat u
gezegd had dat uw administratie daarmee bezig was. Gezien de
reactie van de Europese Commissie dat we die 15 % niet halen, dacht
ik dat het misschien toch weer wat hoger op de agenda zou komen
11.05 Cathy Plasman (sp.a):
Cette réponse me déçoit. Une
superficie
déterminée
disparaissant au profit des routes
maritimes,
il
faut
une
compensation, mais ma question
portait sur l'autre extension. Je
16/03/2010
CRIV 52
COM 832
KAMER
-4
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2009
2010
CHAMBRE
-4
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
gezien de besprekingen met alle departementen toch aan de gang
zijn voor die compensatie. Men zou dus evengoed van hetzelfde
overleg gebruik kunnen maken voor het bespreken van de uitbreiding.
Zoals in mijn vraag gesteld werd, gaat het in feite slechts om twee
departementen, namelijk Landsverdediging en Economische Zaken.
Zij kunnen toch wel wat ruimte vrijmaken. Er is niet echt een groot
probleem maar er is overleg nodig. Dat gebeurt echter niet. Ik vind dat
zeer jammer.
pensais que les deux questions
seraient évoquées en même
temps par les départements
concernés. Il me semble qu'une
concertation à ce sujet entre la
Défense nationale et l'Économie
devrait être possible. Je déplore
que cela ne soit pas le cas.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 17.31 uur.
La réunion publique de commission est levée à 17.31 heures.