KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 648
CRIV 52 COM 648
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
J
USTITIE
C
OMMISSION DE LA
J
USTICE
dinsdag
mardi
06-10-2009
06-10-2009
Voormiddag
Matin
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de
minister van Justitie over "de stand van zaken in
het strafonderzoek tegen rechter De Smedt van
de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen"
(nr. 14574)
1
Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la
Justice sur "la situation en ce qui concerne
l'instruction pénale à charge de M. De Smedt,
juge au tribunal de première instance d'Anvers"
(n° 14574)
1
Sprekers: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de
minister van Justitie over "de door de regering
gevoerde verdediging in de zaak Taxquet"
(nr. 14581)
2
Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la
Justice sur "le dispositif de défense adopté par le
gouvernement dans l'affaire Taxquet" (n° 14581)
2
Sprekers: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de
minister van Justitie over "de toenemende
spanningen in Anderlecht" (nr. 14607)
7
Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la
Justice sur "l'aggravation des tensions à
Anderlecht" (n° 14607)
7
Sprekers: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de
minister van Justitie over "de beveiliging van het
Brusselse justitiepaleis" (nr. 14633)
9
Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la
Justice sur "la sécurisation du palais de justice de
Bruxelles" (n° 14633)
9
Sprekers: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Renaat Landuyt, Stefaan De
Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van de heer Eric Libert aan de minister van
Justitie over "de evolutie van het onderzoek
aangaande de Bende van Nijvel" (nr. 14629)
11
Question de M. Eric Libert au ministre de la
Justice sur "l'évolution de l'enquête sur les tueries
du Brabant" (n° 14629)
11
Sprekers: Éric Libert, Stefaan De Clerck,
minister van Justitie
Orateurs: Éric Libert, Stefaan De Clerck,
ministre de la Justice
Samengevoegde vragen van
12
Questions jointes de
12
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van
Justitie over "jonge asielzoekers" (nr. 14660)
12
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Justice sur
"les jeunes demandeurs d'asile" (n° 14660)
12
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Justitie over "de verantwoordelijkheid bij jonge
asielzoekers" (nr. 15320)
12
- M. Peter Logghe au ministre de la Justice sur "la
responsabilité des jeunes demandeurs d'asile"
(n° 15320)
12
Sprekers: Peter Logghe, Stefaan De Clerck,
minister van Justitie
Orateurs: Peter Logghe, Stefaan De Clerck,
ministre de la Justice
Vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan
de minister van Justitie over "de vergoeding van
artsen door Justitie" (nr. 14664)
14
Question de Mme Mia De Schamphelaere au
ministre de la Justice sur "l'indemnisation de
médecins par le département de la Justice"
(n° 14664)
14
Sprekers: Mia De Schamphelaere, Stefaan
De Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Mia De Schamphelaere, Stefaan
De Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van de heer Bert Schoofs aan de minister
van Justitie over "de eerder aangekondigde
behandeling
van
rechtszaken
via
videoconferenties" (nr. 14689)
15
Question de M. Bert Schoofs au ministre de la
Justice sur "l'annonce antérieure du traitement
d'affaires
judiciaires
par
vidéoconférence"
(n° 14689)
15
Sprekers: Bert Schoofs, Stefaan De Clerck,
minister van Justitie
Orateurs: Bert Schoofs, Stefaan De Clerck,
ministre de la Justice
Vraag van de heer Éric Libert aan de minister van
Justitie over "de weigering van de politierechtbank
te Vilvoorde om uitspraak te doen over een
verzoek tot taalwijziging" (nr. 14698)
17
Question de M. Éric Libert au ministre de la
Justice sur "le refus du tribunal de police de
Vilvorde de statuer sur une demande de
changement de langue" (n° 14698)
17
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Sprekers: Éric Libert, Stefaan De Clerck,
minister van Justitie
Orateurs: Éric Libert, Stefaan De Clerck,
ministre de la Justice
Vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan
de minister van Justitie over "de plaatsen van
imams" (nr. 14702)
19
Question de Mme Mia De Schamphelaere au
ministre de la Justice sur "les places d'imams"
(n° 14702)
19
Sprekers: Mia De Schamphelaere, Stefaan
De Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Mia De Schamphelaere, Stefaan
De Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van mevrouw Sonja Becq aan de minister
van Justitie over "het verplichte KBO-nummer van
verenigingen van mede-eigenaars" (nr. 14712)
21
Question de Mme Sonja Becq au ministre de la
Justice sur "le numéro BCE obligatoire pour les
associations de copropriétaires" (n° 14712)
21
Sprekers: Sonja Becq, Stefaan De Clerck,
minister van Justitie
Orateurs: Sonja Becq, Stefaan De Clerck,
ministre de la Justice
Samengevoegde vragen van
23
Questions jointes de
22
- mevrouw Valérie Déom aan de minister van
Justitie over "de snelheidscontroles op de
autosnelwegen" (nr. 14725)
23
- Mme Valérie Déom au ministre de la Justice sur
"les contrôles de vitesse sur les autoroutes"
(n° 14725)
22
- de heer Raf Terwingen aan de minister van
Justitie over "het verschil in vervolging in twee
Limburgse
gerechtelijke
arrondissementen"
(nr. 14738)
23
- M. Raf Terwingen au ministre de la Justice sur
"la politique de poursuites différente dans deux
arrondissements
judiciaires
limbourgeois"
(n° 14738)
22
- de heer Renaat Landuyt aan de minister van
Justitie over "het verschil in vervolging van
snelheidsinbreuken naargelang het gerechtelijk
arrondissement waarin deze inbreuken worden
gepleegd" (nr. 14782)
23
- M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur
"la différence de traitement des excès de vitesse
selon l'arrondissement judiciaire où l'infraction est
commise" (n° 14782)
22
- de heer Bert Schoofs aan de minister van
Justitie over "de verschillende wijze van
vervolging van snelheidsovertredingen tussen de
gerechtelijke
arrondissementen
Hasselt
en
Tongeren" (nr. 15050)
23
- M. Bert Schoofs au ministre de la Justice sur "le
traitement différent réservé aux excès de vitesse
dans les arrondissements judiciaires de Hasselt et
de Tongres" (n° 15050)
23
Sprekers: Valérie Déom, Raf Terwingen,
Renaat Landuyt, Bert Schoofs, Stefaan De
Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Valérie Déom, Raf Terwingen,
Renaat Landuyt, Bert Schoofs, Stefaan De
Clerck
, ministre de la Justice
Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan
de minister van Justitie over "de medische
verzorging in de Belgische gevangenissen"
(nr. 14736)
26
Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au
ministre de la Justice sur "les soins médicaux
dans les prisons belges" (n° 14736)
26
Sprekers: Sabien Lahaye-Battheu, Stefaan
De Clerck
, minister van Justitie, Renaat
Landuyt
Orateurs: Sabien Lahaye-Battheu, Stefaan
De Clerck
, ministre de la Justice, Renaat
Landuyt
Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan
de minister van Justitie over "de stijging van de
gerechtskosten" (nr. 14743)
29
Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au
ministre de la Justice sur "la hausse des frais de
justice" (n° 14743)
29
Sprekers: Sabien Lahaye-Battheu, Stefaan
De Clerck
, minister van Justitie
Orateurs: Sabien Lahaye-Battheu, Stefaan
De Clerck
, ministre de la Justice
Samengevoegde vragen van
31
Questions jointes de
31
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van
Justitie over "jonge asielzoekers" (nr. 14660)
31
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Justice sur
"les jeunes demandeurs d'asile" (n° 14660)
31
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Justitie over "de verantwoordelijkheid bij jonge
asielzoekers" (nr. 15320) (voortzetting)
31
- M. Peter Logghe au ministre de la Justice sur "la
responsabilité des jeunes demandeurs d'asile"
(n° 15320) (continuation)
31
Sprekers: Stefaan De Clerck, minister van
Justitie, Peter Logghe
Orateurs: Stefaan De Clerck, ministre de la
Justice, Peter Logghe
Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de
minister van Justitie over "de achterstand in de
behandeling van burgerrechtelijke opdrachten
32
Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de
la Justice sur "l'arriéré dans la réalisation des
missions de droit civil par les maisons de justice"
32
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
door de justitiehuizen" (nr. 14765)
(n° 14765)
Sprekers: Hilde Vautmans, voorzitter van de
Open Vld-fractie, Stefaan De Clerck, minister
van Justitie, Bert Schoofs
Orateurs: Hilde Vautmans, présidente du
groupe Open Vld, Stefaan De Clerck, ministre
de la Justice, Bert Schoofs
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE JUSTITIE
COMMISSION DE LA JUSTICE
van
DINSDAG
6
OKTOBER
2009
Voormiddag
______
du
MARDI
6
OCTOBRE
2009
Matin
______
De vergadering wordt geopend om 10.20 uur en voorgezeten door mevrouw Sonja Becq.
La séance est ouverte à 10.20 heures et présidée par Mme Sonja Becq.
01 Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de minister van Justitie over "de stand van zaken in het
strafonderzoek tegen rechter De Smedt van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen" (nr. 14574)
01 Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur "la situation en ce qui concerne
l'instruction pénale à charge de M. De Smedt, juge au tribunal de première instance d'Anvers"
(n° 14574)
01.01 Renaat Landuyt (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, ik heb een kleine opvolgingsvraag in verband met rechter
De Smedt van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen.
Zoals wij allen weten, sprak rechter De Smedt op 28 mei 2009 een
recidivist vrij omdat zijn vorige straf nog niet werd uitgevoerd. U zult
zich herinneren dat u protesteerde tegen die uitspraak. De voorzitter
van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen trok de rechter weg
uit de correctionele rechtbank en laat hem nu de echtscheidingen met
onderlinge toestemming volgen. De procureur-generaal startte, na uw
informatieve vraag als minister van Justitie aan het College van
procureurs-generaal, een strafonderzoek. Dat heb ik althans gehoord
en gelezen in de media, vandaar mijn drie vragen.
Hoever staat het met dit strafonderzoek?
Loopt er ondertussen ook een tuchtrechtelijk onderzoek?
Meer specifiek met betrekking tot de eigenaardige vrijspraak, had ik
graag vernomen wanneer gevangenisstraffen van minder dan drie
jaar wel worden uitgevoerd.
01.01 Renaat Landuyt (sp.a): Le
28 mai 2009, le juge De Smedt du
tribunal de première instance
d'Anvers a acquitté un récidiviste
parce que sa peine précédente
n'avait pas encore été exécutée.
C'est la raison pour laquelle le
juge a été écarté de la chambre
correctionnelle par le président du
tribunal et qu'il traite à présent des
dossiers de divorce. À la suite
d'une demande adressée en ce
sens par le ministre au collège des
procureurs généraux, le procureur
général a ouvert une enquête
pénale. Où en est cette enquête?
Une enquête disciplinaire est-elle
également en cours? Dans quels
cas les peines de prison de moins
de
trois ans
sont-elles
effectivement exécutées?
01.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, het
gerechtelijk onderzoek dat het parket-generaal van Antwerpen ten
gevolge van rechtsweigering tegen rechter De Smedt heeft
gevorderd, is afgerond. Op verzoek van de procureur-generaal werd
er op 19 juni 2009 bij de heer Moyersoen, voorzitter van de rechtbank
van eerste aanleg te Antwerpen, ook een tuchtprocedure aanhangig
gemaakt. Deze is nog niet afgesloten. Ik ga ervan uit dat men op de
afhandeling van het gerechtelijk onderzoek en de eventuele vordering
en behandeling van het dossier ten gronde wacht om het tuchtdossier
af te ronden.
De voorzitter heeft door de beschikking van 30 juni 2009 mevrouw
Van Hoeylandt, ondervoorzitter en onderzoeksrechter bij de rechtbank
van eerste aanleg te Antwerpen, aangesteld om het tuchtonderzoek te
01.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: L'instruction judiciaire a
été ouverte pour déni de justice et
est aujourd'hui clôturée. L'enquête
disciplinaire a été ouverte par le
président du tribunal le 30 juin
2009 et n'est pas encore clôturée.
Je me réfère enfin à la circulaire
du 17 janvier 2005 qui décrit en
détail l'exécution de peines de
moins de trois ans.
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
voeren ten laste van de heer Walter De Smedt. Dit tuchtonderzoek is
nog lopende. Ik wacht verdere stappen af.
Op uw vraag over de uitvoering van straffen van minder dan drie jaar
verwijs ik naar de omzendbrief van 17 januari 2005. Daarin staan de
details van de uitvoering van straffen van minder dan drie jaar. Indien
u dat wenst zal ik het u opsturen maar ik dacht dat uw medewerkers
in het bezit waren van deze omzendbrief.
01.03 Renaat Landuyt (sp.a): Mijnheer de minister, ik neem akte
van het feit dat men zich voor de uitvoering van straffen van minder
dan drie jaar nog altijd baseert op de omzendbrief van 7 januari 2005.
Ik verneem dat het gerechtelijk onderzoek, wellicht omwille van het
uitblijven van een uitspraak lastens rechter De Smedt, is afgerond.
Betekent zulks dat het dossier nu naar de bevoegde rechtbank wordt
verwezen?
Wanneer krijgt men zicht op het resultaat?
01.03 Renaat Landuyt (sp.a): On
continue donc à se baser sur la
circulaire
de
janvier
2005.
L'instruction judiciaire à charge du
juge De Smedt est clôturée. Sera-
t-il renvoyé devant le tribunal
correctionnel? Le ministre connaît-
il le calendrier de la suite de la
procédure?
01.04 Minister Stefaan De Clerck: Het tijdstip van die zitting werd mij
nog niet meegedeeld.
01.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Il ne m'a pas encore été
communiqué.
01.05 Renaat Landuyt (sp.a): De zitting van de raadkamer of van de
correctionele rechtbank?
01.06 Minister Stefaan De Clerck: We moeten oppassen en kijken
hoe de procedure precies verloopt.
01.07 Renaat Landuyt (sp.a): Er bestaat geen timing?
01.08 Minister Stefaan De Clerck: De timing van een zitting voor
verdere opvolging werd mij nog niet meegedeeld.
01.09 Renaat Landuyt (sp.a): Wat is volgens u het meest geschikte
moment om deze vraag opnieuw te stellen?
01.10 Minister Stefaan De Clerck: Deel mij uw timing mee en ik zal
mij informeren.
01.11 Renaat Landuyt (sp.a): Aangezien het gerechtelijk onderzoek
is afgesloten, zal ik mijn vraag volgende maand stellen. Ik zie geen
reden om dit dossier te laten liggen, zoals andere dossiers.
01.11 Renaat Landuyt (sp.a): Je
reviendrai sur cette question dans
un mois, car il s'agit d'un dossier
qui ne peut être laissé en suspens.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de minister van Justitie over "de door de regering gevoerde
verdediging in de zaak Taxquet" (nr. 14581)
02 Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur "le dispositif de défense adopté par le
gouvernement dans l'affaire Taxquet" (n° 14581)
02.01 Renaat Landuyt (sp.a): Mevrouw de voorzitter, ik heb deze
vraag ook gesteld in het kader van de behandeling van het
wetsontwerp over de assisenprocedure. Het Hof van Straatsburg
s'agit de procédures dans le cadre
desquelles le gouvernement opte
pour un règlement amiable. Ce
principe a également été appliqué
à l'affaire Taxquet qui a débouché
sur l'arrêt du 13 janvier 2009. Il est
absurde d'imaginer qu'aucune
défense n'aurait été préparée,
puisque
l'arrêt
mentionne
explicitement
les
arguments
développés par l'État belge dans le
cadre de sa défense. De plus, le
8 avril 2009, l'État belge a introduit
une demande de renvoi devant la
grande chambre de la Cour
européenne. Cette demande a par
ailleurs été acceptée par la Cour,
une décision aussi remarquable
qu'exceptionnelle. Nous avons
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
lopende rechtszaak.
Wat uw vraag tot inzage betreft van de teksten die ter verdediging van
de Belgische Staat werden neergelegd in het arrest-Taxquet, dient het
volgende opgemerkt. Enerzijds, er is de bewering door kwatongen dat
de Belgische Staat geen verdediging heeft gevoerd ­ u moet ook
kijken wie de advocaten waren, het waren goede advocaten. Dat is
van elke grond ontbloot zoals aan te tonen is via de tussengekomen
arresten en wat er tot nu toe is gebeurd. Anderzijds, wat het
inzagerecht van parlementsleden betreft om bestuursdocumenten van
de uitvoerende macht in te kijken, kan verwezen worden naar het
advies van de Raad van State betreffende een wetsvoorstel ter zake,
het document 500711-002. Hieruit blijkt dat de wettelijke bepaling
waarbij aan de leden van de Kamer wordt toegestaan door de
uitvoerende macht behandelde dossiers te raadplegen, ingaat tegen
het beginsel van de scheiding der machten. Een recht op inzage van
bestuursdocumenten kan in ons rechtssysteem slechts worden
ingevoerd via een grondwetswijziging. Een parlementslid dat
inlichtingen over een specifiek dossier wenst, moet daartoe zijn
interpellatierecht uitoefenen. Indien het door de geïnterpelleerde
minister gegeven antwoord ontoereikend wordt geacht kan het
Parlement te allen tijde zijn vertrouwen intrekken. Ik denk dat ik nu
een toereikend antwoord geef. Uitzondering daarop is het
overeenkomstig artikel 40 van de Grondwet aan de Kamers
toegekende recht van onderzoek, aangezien de leden van de
onderzoekscommissie in dit verband het recht hebben om
kennisgeving van bepaalde documenten te vragen.
De kern van de argumentatie van de Belgische Staat, beperkt door
het punt van de motivering door de 2
e
Kamer van het Europees Hof,
kan in volgende krachtlijnen worden weergegeven. Ten eerste, het feit
dat er niet in een uitdrukkelijke motivering wordt voorzien, betekent
niet dat de beslissing van de jury niet het resultaat zou zijn van een
redenering. Artikel 342 van het Wetboek van strafvordering schrijft
namelijk voor dat de wet geen rekenschap vraagt aan de gezworenen
van de middelen waardoor zij tot hun overtuiging zijn gekomen, het
gaat dus over de al of niet motivering.
Die overtuiging vormen de juryleden op basis van een tegensprekelijk
en mondeling debat waarbij de mogelijkheid bestaat om vragen te
stellen aan de getuigen die verschijnen. Bewijselementen waarmee
geen rekening mag worden gehouden, zullen als zodanig worden
aangewezen door de voorzitter van het assisenhof.
Derde argumentatie. De Belgische assisenprocedure is conform de
rechtspraak van het Europees Hof, en meer bepaald de beslissing die
de commissie en het Hof hebben getroffen in respectievelijk de zaak
Leroy tegen België en Papon tegen Frankrijk. Volgens die beslissing
is de beantwoording van de vragen met ja of neen niet strijdig met
artikel 6, § 1, van het Europees Verdrag voor de Rechten van de
Mens, zolang de vragen voldoende duidelijk worden gesteld.
Vierde argumentatie. De vragen die aan de jury werden gesteld,
waren voldoende duidelijk en hebben tijdens de assisenprocedure
nooit het voorwerp uitgemaakt van enige kritiek.
Ten vijfde, overigens wordt de beslissing over de strafmaat wel
gemotiveerd. Die motivering maakt niet het voorwerp uit van enige
remis nos conclusions le 14 août
2009. Une audition suivra le
21 octobre 2009 à Strasbourg.
En ce qui concerne le droit de
consultation
de
documents
administratifs du pouvoir exécutif
par les membres du Parlement, je
vous renvoie à l'avis du Conseil
d'État relatif à la proposition de loi
déposée en ce sens. Il ressort de
cet avis qu'une disposition légale
qui permettrait aux membres du
Parlement de consulter des
dossiers traités par le pouvoir
exécutif
serait
contraire
au
principe
de
séparation
des
pouvoirs. Le droit de consultation
de documents administratifs ne
peut être instauré que par le biais
d'une révision de la Constitution.
Le parlementaire désireux de
s'informer d'un dossier spécifique
peut
user
de
son
droit
d'interpellation. Si la réponse est
jugée insuffisante, le Parlement
peut toujours retirer sa confiance
au
ministre
interpellé.
Les
commissions
d'enquête
parlementaires constituent une
exception à cette règle.
La défense de l'État belge
s'articule autour de cinq axes
principaux.
L'absence
de
motivation expresse ne signifie
pas pour autant que la décision du
jury ne serait pas le fruit d'un
raisonnement. L'article 342 du
Code
d'instruction
criminelle
dispose que la loi ne demande pas
compte aux jurés des moyens par
lesquels ils se sont convaincus.
Les membres du jury se forgent
leur conviction sur la base d'un
débat au cours duquel ils peuvent
interroger
les
témoins.
Les
éléments de preuve qui ne
peuvent être pris en considération
sont indiqués par le président de la
cour d'assises. La procédure
d'assises belge est conforme à la
jurisprudence
de
la
Cour
européenne et aux décisions
arrêtées
dans
les
dossiers
Zarouali et Papon. Dès lors,
répondre par un simple `oui' ou
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
kritiek.
Dat zijn de argumenten die ontwikkeld werden voor het Europees Hof
in Straatsburg. Op 21 oktober wordt de zaak voortgezet voor de Grote
Kamer.
Ik wil daaraan nog het volgende toevoegen. U zou kunnen vragen
waarom wij dat allemaal doen. Welnu, ik denk dat het niet alleen
belangrijk is in de verdediging van ons standpunt van weleer, het niet-
gemotiveerd arrest. Het is ook van belang in het kader van de vraag
welke de juiste draagwijdte is van de motivering die nodig is in de
toekomst. Om de juiste afbakening te kennen van de
motiveringsplicht, is een grondig debat voor de Grote Kamer relevant
en is het arrest dat verleend zal worden relevant voor de toekomst,
voor alle leden van de Raad van Europa, en voor alle andere landen
die gebonden zijn door die rechtspraak.
`non' aux questions n'est pas en
contradiction avec l'article 6 §1 de
la CEDH, pour autant que les
questions soient formulées de
manière suffisamment claire. Les
questions posées dans l'affaire
Taxquet
étaient
suffisamment
claires et aucune objection n'a été
émise. La décision relative au
degré de la peine a néanmoins été
correctement motivée et cette
motivation n'a jamais fait l'objet de
critiques.
L'affaire sera donc examinée le
21 octobre 2009 par la grande
chambre. Ce dossier est important
non seulement pour notre défense
mais surtout pour l'avenir. Un
débat approfondi à ce sujet doit
être tenu au sein de la grande
chambre.
02.03 Renaat Landuyt (sp.a): Mijnheer de minister, ik reageer eerst
in het algemeen en daarna in het bijzonder.
In het algemeen denk ik dat uw principieel antwoord eigenlijk een
democratisch deficit betekent. Binnen de Raad van Europa ­ dat is
een groep van 27 landen ­ is er het Hof van Straatsburg, dat een
oordeel velt over een van de lidstaten. Het kan in die mate zelfs een
sterk oordeel vellen dat het invloed heeft op de rechtsorde. Dat zien
wij hier nu ook: het arrest-Taxquet heeft meer effect dan een richtlijn
van de Europese Unie, van 27 landen.
Wij bewaken en controleren de uitvoerende macht in de verdediging
van de belangen van de Belgische Staat en in de functionering in de
Europese Raad.
Echter, door het Hof van Straatsburg worden er steeds meer
beslissingen genomen die invloed hebben op onze eigen rechtsorde.
Ik denk niet dat u zomaar kunt zeggen dat de verdediging die u voor
het Hof van Straatsburg voert, zomaar een bestuurshandeling is in
een individueel dossier. Wat de Raad van State adviseert over de
inzage van documenten van bestuurshandelingen, kan niet worden
vergeleken met inzage vragen vanuit het Parlement in de manier
waarop onze rechtstaat, onze wetgeving, verdedigd wordt voor het
Hof van Straatsburg.
Een en ander moet worden herbekeken, in het belang van iedereen
en van de werking. Hoe kan het dat een individuele ambtenaar ­ met
alle respect ­ of een advocatenkantoor ­ wat niet is aangesteld ­
zomaar de rechtsorde, zonder inspraak van het Parlement, in de een
of de andere richting kan verdedigen? Zulks is niet evident.
Het antwoord dat u hebt voorgelezen, getuigt in het dossier in kwestie
niet van enige, democratische reflex. Ik vraag u dus om even over
voornoemde problematiek na te denken.
02.03 Renaat Landuyt (sp.a): La
réponse de principe du ministre
révèle un déficit démocratique: la
Cour de Strasbourg se prononce
sur un État membre, au point
d'influencer la procédure judiciaire
dans cet État membre. Un arrêt
acquiert ainsi plus de poids qu'une
directive européenne.
La défense menée par l'État belge
devant la Cour de Strasbourg n'est
pas un acte administratif banal. La
réponse du ministre relative à
l'obtention d'un droit de regard
dans cette défense ne témoigne
pas d'un réflexe démocratique.
Cet arrêt spécifique ne contredit
pas vraiment les affirmations des
mauvaises
langues.
Je
me
demande vraiment comment la
défense a été organisée. La
légèreté avec laquelle ce dossier a
été traité me préoccupe. Je
demande une fois de plus au
ministre de transmettre la requête
à la commission et de dissiper
toute méfiance.
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
Meer specifiek over het concrete dossier verwijst uw antwoord naar
het arrest. Het arrest spreekt de beweringen van de kwatongen niet
tegen. Integendeel, de kortheid van de argumentatie geeft een
ongemakkelijk gevoel. Uw bijkomende uitleg over de verdediging is
veel uitgebreider dan wat in het arrest is verwoord. De korte
argumentatie maakt mij bezorgd over de manier waarop een en ander
werd verdedigd, met ­ nogmaals ­ alle gevolgen vandien vandaag op
onze eigen rechtsorde en op de werking van onze rechtbanken.
De lichtheid waarmee het bewuste dossier werd behandeld, stemt mij
ten zeerste ongerust. Het doet mij vrezen dat u niet bereid bent, tenzij
u dat tegenspreekt, om het verzoekschrift even aan de leden van de
commissie voor de Justitie mede te delen. Daarbij zijn er geen grote
privacyproblemen, zoals er bij bestuurhandelingen in individuele
dossiers wel zouden kunnen zijn. Hier is er geen probleem om de
argumentatie te kennen die de regering in de bedoelde procedure
hanteert.
Ik vraag dus opnieuw op mijn knieën of u de documenten van de
procedure zou willen voorleggen. Het zijn immers ook enigszins onze
documenten.
02.04 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, ik heb altijd
sympathie voor een dergelijke vraag tot inzage. Tegelijkertijd is het
echter heel belangrijk om na te gaan op welke manier de uitvoerende
macht zich in procedures moet organiseren om de belangen van het
land te verdedigen.
De wijze waarop zulks gebeurt, is van een andere orde dan voor vele,
andere bestuurhandelingen die worden gesteld.
Ik zou de zaak even willen overdrijven, door te stellen dat voor elke
conclusie en voor elk verzoekschrift in dat geval dan het debat moet
worden gevoerd over het al dan niet correct zijn van de argumentatie.
Op die manier belanden wij in een onmogelijke positie.
Een controle post factum lijkt mij veel evidenter en gemakkelijker.
Arresten zijn uiteraard per definitie publiek.
Als men bij de voorbereiding en de procedure zelf een soort van
interventie doet over de conclusie en de argumenten die worden
ontwikkeld, brengt dat een debat over de scheidingsproblematiek met
zich mee.
Ik denk dat het een boeiend juridisch debat is om de grens juist te
bepalen. Ik denk dat die grens ergens moet worden kunnen
getrokken.
Daarop beroep ik mij. Het behoort bij de verdediging van rechtszaken
tot de handelingen van de uitvoerende macht om zich ter zake te
organiseren. Het is ook de verantwoordelijkheid van de minister om
dat te doen. Een en ander, tot op het niveau van de mededeling van
de stukken zelf, kan niet op elk ogenblik aan de parlementaire
controle worden onderworpen.
Misschien moeten de diensten eens een scheidingslijn bepalen. Ik
heb dat niet tot het uiterste onderzocht, maar zo voel ik het aan. Het
kan niet zijn dat de uitvoerende macht in zijn verantwoordelijkheid
02.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: J'éprouve toujours de la
sympathie pour des demandes de
consultation. Mais il appartient au
pouvoir exécutif d'organiser ses
actes administratifs en vue de
défendre les intérêts du pays. Il est
impossible de mener un débat sur
chaque requête. L'objectif ne peut
consister à instaurer un contrôle
parlementaire
au
niveau de
chaque pièce du dossier et à
entraver ainsi la responsabilité du
pouvoir exécutif. Les limites du
contrôle devront faire l'objet d'une
réflexion. Il est beaucoup plus aisé
d'effectuer un contrôle a posteriori
et les arrêts sont en tout état de
cause publics.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
wordt gehinderd door een soort van toetsing van de lopende
procedure.
02.05 Renaat Landuyt (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, ik denk dat wij het punt toch moeten bekijken, want het
arrest is bepalend voor het al dan niet voortbestaan van onze
procedure voor de hoven van assisen. Het is niet zomaar een
individuele zaak. Dat heeft enorme gevolgen. Wij merken dat
wekelijks bij de bespreking van mogelijke reacties en de organisatie
van het hof van assisen in het licht van de uitspraak van de Europese
Raad.
Ik begrijp niet de beperkende reflex. Zijn er zoveel procedures voor
het Hof van Straatsburg dat het een probleem zou zijn om minstens
de transparantie te hanteren? Ik begrijp niet goed dat men met oog op
het wegvegen van het wantrouwen daarmee nonchalant omgaat.
02.05 Renaat Landuyt (sp.a): Cet
arrêt est déterminant pour la
pérennité de notre procédure
d'assises. Je ne comprends pas
les réticences du ministre. Le
nombre de procédures devant la
Cour de Strasbourg n'étant tout de
même pas si important, celles-ci
ne pourraient-elles être menées
de manière plus transparente?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03 Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de minister van Justitie over "de toenemende spanningen
in Anderlecht" (nr. 14607)
03 Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur "l'aggravation des tensions à
Anderlecht" (n° 14607)
03.01 Renaat Landuyt (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, de Anderlechtse wijken blijven problemen kennen. Op
enkele weken tijd is het in de maand augustus meermaals tot
conflicten gekomen tussen de politie en groepjes jongeren. Daarbij
werd meermaals dezelfde manier van werken gevolgd. De jongeren
lokken de politiewagens doorgaans in een hinderlaag om ze
vervolgens te bekogelen.
Deze situatie doet erg denken aan de rellen van mei van vorig jaar
toen jongeren en politie ook meermaals met elkaar in de clinch
gingen. Als oplossing werd door uw voorganger, minister Vandeurzen,
telkens verwezen naar het op te stellen zonaal veiligheidsplan voor
Anderlecht.
Vandaar mijn vragen, kunt u de beschreven situatie in Anderlecht
bevestigen? Om hoeveel incidenten gaat het precies de afgelopen
weken? Is er een precieze aanleiding? Hoeveel daders werden
ondertussen al opgepakt of vervolgd? Welke strategie inzake
vervolging wordt er gevolgd door het parket? Is er een specifiek beleid
voor de Brusselse onveilige wijken? Hoe speelt het zonaal
veiligheidsplan in op deze problemen? Blijkt het zonaal veiligheidsplan
afdoende om deze problematiek aan te pakken? Wat zal er concreet
worden ondernomen om de situatie onder controle te krijgen?
03.01 Renaat Landuyt (sp.a): En
août
dernier,
dans
certains
quartiers d'Anderlecht, des conflits
ont éclaté à plusieurs reprises
entre la police et des groupes de
jeunes. Le plus souvent, ces
jeunes attiraient des voitures de
police dans des traquenards avant
de les prendre comme cibles. Ces
faits nous rappellent les émeutes
survenues en mai de l'an dernier.
À l'époque, le ministre Vandeurzen
avait avancé le plan zonal de
sécurité en guise de réponse.
Combien d'incidents ont eu lieu
ces dernières semaines? Quelle
en était la cause précise?
Combien de fauteurs de troubles
ont déjà été arrêtés ou poursuivis?
Quelle est la stratégie du parquet
en matière de poursuites? Les
quartiers à risques sont-ils l'objet
d'une politique spécifique? Quelle
réponse le plan zonal de sécurité
apporte-t-il et est-ce suffisant pour
s'attaquer aux problèmes? Quelles
autres initiatives seront encore
prises pour maîtriser la situation?
03.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, de
gemoederen zijn op sommige momenten inderdaad verhit in
Anderlecht. Er is echter geen vergelijking met de rellen van mei 2008
03.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: S'il est vrai que les
esprits s'échauffent parfois à
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
toen het ging om een confrontatie tussen gewelddadige
voetbalsupporters en gewelddadige jongeren als wraakactie ten
gevolge van een zaak van verkrachting. Deze zaak wordt nog steeds
behandeld door het gerecht.
Ondertussen hebben wij de problematiek gekend in Molenbeek. Sinds
een paar maanden is de spanning tussen jongeren van vooral
allochtone afkomst, en de ordediensten duidelijk gestegen. Een reden
daartoe is niet standaard. Veelal is het gekoppeld aan het aanhouden
van een dader en het aanpakken van bepaalde gerechtelijke feiten,
bijvoorbeeld diefstal of drugshandel. Hierop volgt meestal een reactie
in de vorm van wraakacties.
Betreffende de opstoten in het algemeen is er een positief contact
tussen de politiediensten en het gerecht. Op die manier wordt
nauwgezet en snel een gerechtelijke vervolging gegarandeerd. Bij de
evaluatie van het dossier-Molenbeek is er overigens een positieve
evaluatie uitgesproken over de tussenkomsten van het parket door
alle deelnemers aan de evaluatie.
Het zonaal veiligheidsplan en de daaruit volgende actieplannen
werden onder meer geconcipieerd teneinde een antwoord te kunnen
bieden op dit soort problemen. Er zijn actieplannen uitgewerkt inzake
straatcriminaliteit, jeugddelinquentie, stadsbendes, hangjongeren en
aantasting van het openbaar gezag. Het zonaal veiligheidsplan loopt
over een periode van vier jaar. De eerste officiële evaluatie van de
actieplannen zal plaatsvinden in 2010 door de zonale veiligheidsraad.
Het is een werking op lange termijn en een geïntegreerde manier om
de onderliggende oorzaken op te sporen en aan te pakken.
Het is duidelijk dat er geen pasklare oplossing is, vooral omdat de
incidenten zich steeds op verschillende plaatsen voordoen en
bovendien verschillen van aard. De strategie voor de tussenkomsten
moet steeds worden aangepast. Niettemin zijn er regelmatige
vergaderingen tussen de preventiediensten en de politiediensten en
tussen de politiediensten en het parket. Preventief wordt in
probleemwijken een beroep gedaan op de wijzen, de ouderen, die in
eerste instantie de gemoederen trachten te bedaren. De wijkpolitie
tracht ook via een positieve dialoog de rust te bewerkstelligen.
Doorlopend worden ook beveiligingsacties georganiseerd in een
zogenaamde securzone. Deze moeten ervoor zorgen dat de spanning
afneemt.
Over dit geheel is er vrijdag, zeker naar aanleiding van Molenbeek,
nog een vergadering geweest met alle politiediensten en met de
minister van Binnenlandse Zaken in aanwezigheid van mensen van
mijn kabinet. Deze middag heb ik een overleg met de minister van
Binnenlandse Zaken om te kijken of de problematiek van de
stadsonlusten met jongeren systematisch kan worden beantwoord op
een correcte manier, uiteraard niet eenzijdig securitair. Het is een
punt van grote zorg. Onder andere zal wellicht worden overgegaan tot
het installeren van een equipe van een vijftigtal mensen die in het
bijzonder daarvoor kunnen worden ingezet. Dat is in elk geval de
vraag van de Brusselse gemeenten. Daar valt wel over te debatteren
maar aan de andere kant is het juist dat zij een accurate
interventiemogelijkheid moeten hebben.
Anderlecht, la comparaison avec
les émeutes de mai 2008 ne tient
pas : à l'époque, il s'agissait d'un
conflit entre de violents supporters
de football et des jeunes dans le
cadre d'une affaire de viol. Depuis
quelques mois, la tension a
augmenté sensiblement entre des
jeunes
d'origine
allochtone,
surtout, et les services chargés du
maintien de l'ordre à Molenbeek. Il
s'agit le plus souvent de réactions
à des arrestations ou à des
opérations
contre
des
faits
répréhensibles, qui donnent lieu à
des actions de vengeance.
Tant les services de police que les
autorités judiciaires suivent la
situation de très près, ce qui
garantit des poursuites judiciaires
rapides. Il ressort de l'analyse du
dossier concernant Molenbeek
que tous les acteurs ont évalué
positivement les interventions du
parquet.
Le plan zonal de sécurité et les
plans d'action contre la criminalité
urbaine, la délinquance juvénile,
les bandes urbaines, les jeunes
désoeuvrés et les atteintes contre
l'autorité publique ont notamment
été établis dans le but de remédier
à ce type de problèmes. Le plan
de sécurité s'étend sur une
période de quatre ans et la
première évaluation officielle aura
lieu en 2010.
Le plan prévoit une action intégrée
à long terme pour déceler et
remédier aux différentes causes
des problèmes. Il n'existe toutefois
pas de solution toute faite : les
incidents se produisent toujours à
des endroits différents et sont de
natures diverses, de sorte que la
stratégie doit constamment être
adaptée.
Des
réunions
ont
régulièrement
lieu
entre
les
services de prévention et les
services de police et entre les
services de police et le parquet.
Dans les quartiers à problèmes,
on recourt préventivement à l'aide
des "sages" et des anciens. La
police de quartier tente de
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
maintenir le calme par le biais d'un
dialogue positif. En outre, des
actions de sécurisation sont
continuellement organisées pour
apaiser les tensions.
Une réunion à ce sujet a encore
eu lieu vendredi, avec l'ensemble
des services de police et la
ministre de l'Intérieur, en présence
de collaborateurs de mon cabinet.
Cet après-midi, je rencontrerai la
ministre
de
l'Intérieur
pour
examiner
comment
fournir
systématiquement une réponse
correcte et équilibrée aux troubles
causés par les jeunes. Il est
probable qu'à la demande des
communes bruxelloises, il sera
procédé à l'installation d'une
équipe de cinquante personnes
mobilisables.
03.03 Renaat Landuyt (sp.a): Mijnheer de minister, wat dat laatste
betreft, dacht ik dat er al een beslissing was genomen?
03.03 Renaat Landuyt (sp.a):
Cette décision n'avait-elle pas
encore été prise?
03.04 Minister Stefaan De Clerck: Er is een principiële beslissing
genomen binnen de regering. Nu is men bezig met de modaliteiten
voor de werving. Daarover werd vrijdag al gecommuniceerd door de
minister. Het is binnen de regering beslist maar de modaliteiten
moeten nog definitief worden vastgelegd. Waar gaat men ze halen,
hoe zet men ze in en voor welk type acties, alleen in Brussel of ook
elders? Dat vraagt nu nog wat modaliteiten.
03.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Une décision de principe
a été prise par le gouvernement,
mais
les
modalités
de
recrutement, etc. doivent encore
être arrêtées.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van de heer Renaat Landuyt aan de minister van Justitie over "de beveiliging van het
Brusselse justitiepaleis" (nr. 14633)
04 Question de M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur "la sécurisation du palais de justice
de Bruxelles" (n° 14633)
04.01 Renaat Landuyt (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, in de vergadering van de commissie voor de Justitie van
28 augustus laatstleden liet u een studie ronddelen omtrent de
beveiligingsproblematiek van het justitiepaleis te Brussel. Hierin
kunnen we onder meer lezen waar er schilderwerken moeten worden
uitgevoerd. Uit het voorblad van deze 28 pagina's tellende studie blijkt
dat deze studie door een private firma werd uitgevoerd. In het jargon
heet dit een overheidsopdracht.
Iemand vertelde mij dat het justitiepaleis van Brussel tweeëndertig
uitgangen en dus ook tweeëndertig ingangen telt en dat er een
probleem zou zijn om deze te herleiden tot vier. Ik begreep een en
ander niet goed. Er werd ook geïnsinueerd dat dit alleen te maken
had met enig gemak voor degenen die in het gebouw werken en de
afstand tussen hun wagen en hun kantoor willen beperken. Stel u
04.01 Renaat Landuyt (sp.a):
Lors de la réunion de notre
commission le 28 août, le ministre
a fait distribuer une étude relative
à la sécurisation du palais de
justice de Bruxelles. Cette étude a
été réalisée par une société
privée. Qui a commandé cette
étude? Combien a-t-elle coûté?
Sur la base de quels critères le
marché public y afférent a-t-il été
attribué à cette société privée?
J'ai également appris que le palais
de
justice
compte
trente-
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
voor dat men die tweeëndertig uitgangen tot vier zou kunnen
herleiden, dat zou de veiligheid misschien verhogen. De snelheid
waarmee iedereen naar huis gaat, verdachten incluis, zou wellicht
beperkter zijn, al vond ik daarover niets in de studie.
Mijn vragen zijn de volgende.
Wie heeft de studie die u voorgelegd hebt, besteld? Was dat de FOD
Justitie of de Regie der Gebouwen? Dat was mij immers niet duidelijk.
Ook de kostprijs van deze overheidsopdracht stond er niet in.
Op basis van welke criteria werd deze overheidsopdracht aan de
betrokken firma gegund?
deux sorties et qu'il serait difficile
de ramener ce nombre à quatre.
Je présume que cela est dû
essentiellement au fait que le
personnel aurait la vie moins facile
avec quatre sorties. Est-il exact
que le nombre de sorties constitue
le principal obstacle à une bonne
sécurisation du palais de justice?
04.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, in het
politieke jargon zou ik er mij formeel vanaf kunnen maken door te
zeggen dat dit onder de bevoegdheid valt van de minister die instaat
voor de Regie der Gebouwen. Daar werd die studie immers besteld.
Het is echter evident dat ik er wel bij betrokken ben, want dit is het
resultaat van de werkgroep die in het begin van het jaar werd
geïnstalleerd inzake de veiligheid rond het justitiepaleis en waarin
vertegenwoordigers zitten van de FOD Justitie, de Regie der
Gebouwen, de magistratuur, de politie en het veiligheidskorps. Daar
heeft men de nood aangevoeld om die studie te maken, niet zozeer
om te weten waar er moet worden geschilderd, wel om te weten wat
de problemen zijn en welke acties er kunnen worden ondernomen op
korte en lange termijn. Voor de bestelling en de prijs moet u zich
wenden tot de Regie der Gebouwen want daar werd de bestelling
finaal geplaatst.
Wat de opvolging betreft, heb ik al vroeger meegedeeld dat er een
studie was afgeleverd tegen juni. Daarin werd een eerste reeks van
bijna zestig maatregelen vooropgesteld, maar elke keer wel met de
vraag of het wel kon in dit gebouw. Zelfs als dit allemaal gedaan werd,
dan nog zou er een probleem zijn. Dat is mee geïnspireerd door het
aantal uitgangen. Ik weet niet precies of het er vijfentwintig,
drieëndertig of vierenveertig zijn. Dit is dus een deel van het probleem
dat werd gesignaleerd.
Aansluitend op de nieuwe incidenten, de voorbije zomer, is er een
opvolgstudie gevraagd, om te antwoorden op de vraag of dat gebouw
op een behoorlijke manier kan worden beveiligd. Rekening houdend
met de eerste studie die veeleer korte termijnmaatregelen bevatte,
vragen we nu wat de kostprijs is van een definitieve regeling om een
beveiligd gedeelte van het gerechtsgebouw te realiseren. Met andere
woorden, kan men op een behoorlijke manier "box in the box"
realiseren? Deze studie verwachten we op korte termijn en op basis
daarvan moeten we voor het einde van het jaar de beslissing nemen
welk type van investering moet worden gedaan om in de toekomst
veiligere zittingen te organiseren voor de vele risicoprocedures.
We moeten aldus wachten op het resultaat van de bijkomende studie
om te weten hoeveel in- en uitgangen het gebouw eigenlijk telt.
04.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre:
L'étude
a
été
commandée par la Régie des
Bâtiments. Pour les questions à ce
sujet, je vous renvoie donc au
ministre compétent. L'étude a été
réalisée par un groupe de travail
qui
s'est
penché
sur
la
sécurisation des palais de justice,
mis sur pied au début de cette
année
et
composé
de
représentants de la Régie, du SPF
Justice, de la police et de la
magistrature. L'étude préconise
soixante mesures concrètes dont
la faisabilité n'est toutefois pas
établie. Dès lors, à la suite des
incidents
de
cet
été,
j'ai
commandé une étude de suivi
quant à la faisabilité et au coût
d'une solution box-in-a-box.
04.03 Renaat Landuyt (sp.a): Mijnheer de minister, heb ik het goed
gehoord dat men niet precies weet hoeveel in- en uitgangen het
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
gebouw telt?
04.04 Minister Stefaan De Clerck: Dat staat in dat verslag, wat het
aantal ook moge zijn, vijfentwintig, vijfendertig of vijfenveertig.
04.05 Renaat Landuyt (sp.a): Er zijn er tweeëndertig, thans herleid
tot achtentwintig, maar men zou tot het aantal van vier moeten
kunnen komen, althans volgens de informatie die ik heb gekregen
binnen het gebouw.
04.06 Minister Stefaan De Clerck: Er zijn er anderen die over
vierenveertig uitgangen spreken, indien men bijvoorbeeld ook de
kelderverdieping in aanmerking neemt. De vraag is of het gebouw
goed kan worden beveiligd op een definitieve manier. Dat is het
voorwerp van een bijkomende studie door hetzelfde studiebureau.
04.07 Renaat Landuyt (sp.a): Ik kijk uit naar een wetenschappelijke
studie over het aantal uitgangen in dat gebouw.
04.07 Renaat Landuyt (sp.a): Je
prendrai
connaissance
avec
intérêt des résultats de cette
étude.
04.0304.08 Minister Stefaan De Clerck: Dat is niet het voorwerp van
het onderzoek. De vraag betreft de finaliteit.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
05 Question de M. Eric Libert au ministre de la Justice sur "l'évolution de l'enquête sur les tueries du
Brabant" (n° 14629)
05 Vraag van de heer Eric Libert aan de minister van Justitie over "de evolutie van het onderzoek
aangaande de Bende van Nijvel" (nr. 14629)
05.01 Éric Libert (MR): Madame la présidente, monsieur le ministre,
en réponse à une question parlementaire écrite du député Eric
Thiébaut du 21 mai 2008 portant sur cette enquête sur les tueurs du
Brabant toujours à l'instruction, votre prédécesseur avait indiqué que
les autorités étaient résolues à continuer les recherches aussi
longtemps qu'il le faudrait et qu'une évaluation serait menée par le
juge d'instruction et le parquet.
À cet égard, des éléments nouveaux ont été portés à la connaissance
du public, plus précisément à la suite de la parution d'un livre intitulé
De bende van Nijvel du journaliste Guy Bouten.
Dans ce livre, il serait question d'un ancien colonel à la retraite du
service de renseignement militaire qui aurait des preuves tangibles de
l'identité des tueurs du Brabant et qui monnayerait cette information
contre un montant de 500 000 euros.
Monsieur le ministre, quel est l'état actuel de l'enquête, au vu du
rapprochement de la prescription des faits? Quels sont les moyens
humains dont dispose actuellement la cellule d'enquête? Un nouveau
rapport de la profileuse est-il attendu prochainement? Des précédents
témoignages de ce type, impliquant des contributions financières, ont-
ils déjà été constatés dans ce dossier? Dans l'affirmative, quel
traitement leur a-t-il été réservé? Des contacts ont-ils néanmoins été
entrepris par les autorités judiciaires avec cette personne, à savoir ce
colonel à la retraite? Dans l'affirmative, cette personne bénéficie-t-elle
05.01 Éric Libert (MR): In
antwoord op een schriftelijke vraag
over het onderzoek naar de Bende
van Nijvel, een vraag van
volksvertegenwoordiger
Eric
Thiébaut d.d. 21 mei 2008, gaf uw
voorganger aan dat de autoriteiten
vastberaden waren het onderzoek
zo lang als nodig voort te zetten.
In het boek De Bende van Nijvel
van de journalist Guy Bouten
worden een aantal nieuwe feiten
bekendgemaakt. Bouten voert een
gepensioneerde kolonel van de
militaire inlichtingendienst op die
concrete bewijzen zou hebben
aangaande de identiteit van de
Bende van Nijvel en die informatie
zou verstrekken in ruil voor
500 000 euro.
Wat is, gelet op de nakende
verjaring van de feiten, de huidige
stand van het onderzoek? Over
welke
personele
middelen
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
de l'application de la loi du 7 juillet 2002 contenant des règles relatives
à la protection des témoins menacés?
beschikt de onderzoekscel? Wordt
er binnenkort een nieuw rapport
van de profiler verwacht? Was er
in dit dossier al eerder sprake van
getuigenissen waarvoor er een
financiële tegenprestatie werd
gevraagd? Zo ja, hoe werden die
behandeld? Heeft het gerecht toch
contact
gehad
met
die
gepensioneerde kolonel? Zo ja, is
de wet van 7 juli 2002 met
betrekking tot de bescherming van
bedreigde
getuigen
van
toepassing op die persoon?
05.02 Stefaan De Clerck, ministre: Madame la présidente, monsieur
Libert, les différentes pistes sont toujours en cours d'exploitation,
notamment à la suite du premier rapport de profiling ainsi que sur la
base des informations qui parviennent régulièrement aux enquêteurs
de la cellule. Ainsi, plusieurs commissions rogatoires internationales
sont en cours de préparation.
La cellule est actuellement composée de neuf enquêteurs. Un rapport
complémentaire de la profileuse est actuellement à l'étude dans les
services américains. Dans le cadre de l'enquête, à plusieurs reprises,
des personnes souhaitant pouvoir bénéficier de la prime fixée par
Delhaize sont apparues en prétendant détenir des informations
prépondérantes pour l'évolution de l'enquête. Après les devoirs de
vérification habituels, il est ressorti qu'aucune de celles-ci n'était en
mesure de fournir des éléments nouveaux. La personne dont
question ne fait pas l'objet d'une protection et n'a pu, après vérification
précise, apporter une quelconque aide à l'enquête. À suivre, donc!
05.02 Minister Stefaan De Clerck:
De
verschillende
denkpistes
worden nog altijd onderzocht, en
er
worden
verscheidene
internationale
rogatoire
commissies voorbereid.
De
onderzoekscel
bestaat
vandaag uit negen onderzoekers.
Een aanvullend rapport van de
profiler wordt nu bestudeerd door
de Amerikaanse diensten.
Diverse keren hebben personen
die de beloning van de Delhaize
wilden opstrijken, beweerd dat ze
over
cruciale
informatie
beschikten. Geen van hen kon
echter een nieuw licht op de zaak
werpen. De persoon over wie u
sprak, geniet geen bescherming
en bleek uiteindelijk het onderzoek
niet vooruit te kunnen helpen.
05.03 Éric Libert (MR): Monsieur le ministre, je vous remercie pour
ces éléments de réponse.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Questions jointes de
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Justice sur "les jeunes demandeurs d'asile" (n° 14660)
- M. Peter Logghe au ministre de la Justice sur "la responsabilité des jeunes demandeurs d'asile"
(n° 15320)
06 Samengevoegde vragen van
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van Justitie over "jonge asielzoekers" (nr. 14660)
- de heer Peter Logghe aan de minister van Justitie over "de verantwoordelijkheid bij jonge
asielzoekers" (nr. 15320)
06.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, de
aanleiding voor mijn vraag is een concreet feit, in uw streek nog wel,
dat een aantal vragen doet rijzen waarop een antwoord verwacht
06.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Le CPAS de Waregem a
récemment
installé
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
wordt.
Het OCMW van Waregem plaatste onlangs 4 minderjarige
asielzoekers in een eigen huis. Op termijn zouden het er 7 moeten
worden. 's Nachts en in het weekend zullen deze jongeren volledig
alleen zijn. Fedasil omschrijft deze jonge asielzoekers als niet-
begeleide asielzoekers, minderjarigen die hier op eigen houtje
aankomen.
Zoals u weet, kunnen minderjarigen niet worden teruggestuurd naar
het land van herkomst. Blijkbaar verblijven zij hier tot hun 18
e
jaar. Dat
doet problemen rijzen inzake de verantwoordelijkheid ­ een juridisch
begrip ­ en dat is de reden waarom ik met mijn vragen bij u kom
aankloppen.
Mijnheer de minister, mijn concrete vragen zijn de volgende.
Ten eerste, hoe zit het in het algemeen met de verantwoordelijkheid
voor schade die deze jongeren zouden aanrichten in de buurt? Zijn zij
zelf verantwoordelijk? Volgens het Burgerlijk Wetboek zijn de ouders
of de voogden verantwoordelijk.
Ten tweede, in Waregem werd blijkbaar meegedeeld dat voor elk van
die minderjarigen een aparte verzekering werd afgesloten. Over welke
verzekering gaat het? Ik veronderstel dat het om de familiale
verzekering voor burgerlijke aansprakelijkheid gaat, maar ik wil het
toch even vragen. Wie betaalt daarvoor de premie? Wie is de
verzekeringsnemer? Wat als de verzekeringsmaatschappij de
betaalde schade wil terugvorderen omdat bijvoorbeeld het
schadetoebrengend feit onder verzwarende omstandigheden
gebeurde, waarbij de verzekeringsmaatschappij het recht heeft de
schade terug te vorderen? Wie zal dan uiteindelijk opdraaien voor de
schade?
Ten derde, hoe zit het met de strafrechtelijke verantwoordelijkheid
inzake deze minderjarigen? Is het OCMW als voogd van die kinderen
verantwoordelijk? Ik dank u voor uw antwoord.
quatre demandeurs
d'asile
mineurs non accompagnés dans
une
maison.
Trois
autres
demandeurs d'asile devaient les y
rejoindre à terme. La nuit et
pendant les weekends, ces jeunes
seront entièrement seuls. Qui sera
responsable des dégâts qu'ils
pourraient
occasionner?
Est-il
exact qu'une assurance a été
contractée pour chaque mineur?
Qui en est le preneur et qui paie la
prime? Quid si la compagnie
d'assurances,
en
cas
d'indemnisation, entend récupérer
le montant versé en invoquant des
circonstances aggravantes? Qu'en
est-il de la responsabilité pénale?
Le CPAS peut-il être considéré
comme coresponsable dans la
mesure où il exerce la tutelle sur
les enfants en question?
06.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, ik stel vast
dat er aan de agenda twee vragen, een van de heer Baeselen en een
van de heer Logghe, zijn toegevoegd. Ik heb een antwoord op de
vragen van de heer Baeselen, maar niet op de bijkomende vragen,
waarvan ik in eerste instantie meende dat zij dezelfde waren. De heer
Logghe evenwel vraagt meer specifieke elementen. Mag ik het
antwoord even uitstellen? Over tien minuten krijg ik die
detailinformatie. Anders beantwoord ik de vraag nu in algemene
termen?
Mijnheer Logghe, al u ermee instemt, kan ik zo dadelijk een volledig
antwoord geven.
06.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Je constate que je n'ai en
ma possession qu'une réponse
aux questions générales qui ont
été posées par M. Baeselen au
sujet du même problème. Je
demanderai qu'on contacte mon
cabinet pour que je puisse
répondre un peu plus tard aux
questions spécifiques.
06.02 Peter Logghe (Vlaams Belang): Daar heb ik geen bezwaar
tegen als ik het antwoord binnen een half uur kan krijgen.
06.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Si je peux disposer de
cette réponse dans une demi-
heure au plus tard, je n'y vois pas
d'inconvénient.
07 Vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de minister van Justitie over "de vergoeding van
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
artsen door Justitie" (nr. 14664)
07 Question de Mme Mia De Schamphelaere au ministre de la Justice sur "l'indemnisation de
médecins par le département de la Justice" (n° 14664)
07.01 Mia De Schamphelaere (CD&V): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, dit gaat over een oud zeer. In het verleden werd
een aantal beloftes gedaan, maar de artsen waarover het gaat, zitten
echter nog altijd op hun honger.
Zij worden opgeroepen, dat is hun taak, door politieagenten bij
ongevallen en incidenten om bloedstalen af te nemen wanneer een
stellige dronkenschap is vastgesteld. Dat kan op alle mogelijke
momenten gebeuren, maar dat gebeurt vooral in weekendnachten.
Zij staan daarvoor op en rijden kilometers, maar zij worden slechts
vergoed aan een minimumtarief van een gewoon huisbezoek. Het
weekend- of nachtmoment wordt dus niet vergoed, evenmin als de
kosten voor de verplaatsing. Bovendien blijft de vergoeding soms
langer dan een jaar uit.
Door uw voorganger werd overleg ter zake georganiseerd. Er zouden
voorstellen komen, maar na een jaar van stilzwijgen vragen de artsen
opnieuw wanneer een aanpassing en een correcte betaling van hun
tarief in het vooruitzicht kunnen worden gesteld. Zij vragen ook of
deze taakverdeling met Financiën kan worden geregeld, omdat het
ook Financiën is die het bedrag van de chauffeurs moet invorderen.
07.01 Mia De Schamphelaere
(CD&V): Les médecins sont
appelés à toute heure du jour et de
la nuit pour effectuer une prise de
sang auprès de conducteurs ivres.
Ils doivent souvent effectuer de
longs déplacements pour ce faire
et sont en outre rémunérés au tarif
minimum d'une visite à domicile
ordinaire. Par ailleurs, l'indemnité
leur est parfois versée un an après
les faits, voire davantage. Ce tarif
sera-t-il
adapté
et
cette
compétence
pourrait-elle
éventuellement être transférée au
département des Finances, qui est
de toute manière amené à
récupérer le montant en question
auprès du conducteur?
07.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, de
forfaitaire tarieven van toepassing voor artsen die zich verplaatsen om
stalen af te nemen van chauffeurs in een strafrechterlijke kader,
worden elk jaar op 1 januari geïndexeerd. Deze indexering is
verbonden aan de index van de consumptieprijzen. Bij prestaties die
worden geleverd tussen 20 uur en 8 uur tijdens het weekend of op
officiële feestdagen worden de forfaitaire vergoedingen verdubbeld.
Het tarief wordt dus jaarlijks gewijzigd.
Een ontwerp van KB houdende een algemeen reglement op de
gerechtskosten is ondertussen voor advies aan de Raad van State
voorgelegd. Dit ontwerp voorziet in de volgende tarieven.
Artikel 6. Voor het klinisch onderzoek met of zonder aderpunctie voor
zover het onderzoek werd uitgevoerd op het dokterkabinet of in het
ziekenhuis, bedraagt de vergoeding 25,44 euro. Indien de arts zich
heeft moeten verplaatsen bedraagt de vergoeding 33,84 euro.
Deze tarieven zijn overeengekomen met de Orde van de
Geneesheren.
Ik heb in dit ontwerp rekening gehouden met de bijzondere
problematiek van de geneesheren die moeten optreden in moeilijke
omstandigheden, de dringendheid, de verplaatsingen enzovoort.
De wetgeving en de reglementering inzake de veroordelingen, de
kosten en het recupereren van de kosten bij de veroordeelden
voorziet niet in een dergelijke bepaling. Het is niet aan de orde om
deze bepaling te wijzigen.
07.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Les tarifs forfaitaires pour
les
prises
de
sang
sont
systématiquement
indexés
au
1
er
janvier sur la base de l'indice
des prix à la consommation. Pour
les prestations effectuées entre
20.00 heures
et
8.00 heures,
pendant le week-end ou les jours
fériés l'indemnité est doublée. Un
projet
d'arrêté
royal
portant
règlement général des frais de
justice a été soumis pour avis au
Conseil
d'État.
Des
tarifs
spécifiques sont proposés dans ce
projet en accord avec l'Ordre des
médecins. Cet arrêté royal ne
prend
pas
vraiment
en
considération la problématique
particulière
citée.
Dans
la
législation et la réglementation
relative à la récupération des frais
auprès
de
la
personne
condamnée, aucune disposition ne
prévoit
un
transfert
de
compétence.
07.03 Mia De Schamphelaere (CD&V): Mijnheer de minister, 07.03 Mia De Schamphelaere
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
wanneer zou het KB kunnen worden goedgekeurd en wanneer
kunnen de nieuwe tarieven van kracht worden?
(CD&V): Quand l'arrêté royal en
question sera-t-il adopté?
07.04 Minister Stefaan De Clerck: Ik verwacht het advies van de
Raad van State. Het is een kwestie van weken vooraleer dit van
toepassing kan worden.
07.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre:
J'attends
l'avis
du
Conseil d'État. Les nouveaux tarifs
devraient ensuite être d'application
dans un délai de quelques
semaines.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van de heer Bert Schoofs aan de minister van Justitie over "de eerder aangekondigde
behandeling van rechtszaken via videoconferenties" (nr. 14689)
08 Question de M. Bert Schoofs au ministre de la Justice sur "l'annonce antérieure du traitement
d'affaires judiciaires par vidéoconférence" (n° 14689)
08.01 Bert Schoofs (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, uw
voorganger Jo Vandeurzen kondigde destijds een plan aan met
betrekking tot de behandeling van rechtszaken via een systeem van
videoconferenties, waarbij procedures zouden kunnen worden
gevoerd door middel van videocamera's op diverse locaties, parket,
zetel en eventueel in de gevangenis. Het zou eventueel ook kunnen
voor burgerlijke zaken. Dat werd destijds ook vooropgesteld. Op die
manier zouden de actoren van het gerecht zich niet hoeven te
verplaatsen en kunnen zij toch tegelijkertijd een zaak in behandeling
kunnen nemen.
Ik meen zelfs dat het idee er bij uw collega gekomen is vanwege de
mobiliteitsproblemen die advocaten ervaren wanneer zij naar het hof
van beroep van Antwerpen moeten rijden vanuit Limburg of vanuit
Limburg destijds naar de strafuitvoeringsrechtbank in Gent moesten.
Mijnheer de minister, wat is er met dat project gebeurd? Wat is de
huidige stand van zaken?
Zijn er inmiddels proefprojecten opgestart? Zo ja, wat is het resultaat
ervan? Ik meen dat er inderdaad wel reeds iets gebeurd is.
Destijds was zelfs aangekondigd dat wij met de commissie zo'n zitting
zouden kunnen bijwonen. Dat is er nooit van gekomen, omdat de
regering-Leterme toen in de problemen kwam.
Mijnheer de minister, voorziet u, net als uw voorganger
Jo Vandeurzen nog steeds in een ruimere implementering van het
systeem? Misschien kunt u daarop een tijdslijn zetten? Zo ja, hoeveel
bedraagt het budget hiervoor?
08.01 Bert Schoofs (Vlaams
Belang): Le prédécesseur du
ministre avait annoncé que l'on
pourrait désormais recourir au
procédé de la vidéoconférence
dans le cadre de certains procès,
ce qui permettrait d'éviter des
déplacements.
Ce
procédé
pourrait aussi être utilisé en
matière civile. Où en est ce projet?
Des projets pilotes ont-ils été
lancés? À quel résultat ont-ils
abouti? Il avait été dit à l'époque
que notre commission pourrait
assister à une vidéoconférence.
Or il n'en a rien été. Le ministre
envisage-t-il toujours d'étendre le
champ d'application de ce procédé
et suivant quel calendrier? À
combien se monte le budget
destiné au financement de ce
projet?
08.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, de
technische mogelijkheden worden nog steeds verder onderzocht. Ik
heb het experiment voor Hasselt-Antwerpen ook reeds bezocht. Het is
een waardevol experiment, waarmee ik in elk geval principieel wil
verder gaan. Wij moeten nog verder onderzoeken waar wij dat het
best doen. Wij moeten de keuzes maken voor welke applicaties wij
het allemaal prioritair zouden kunnen gebruiken.
De mogelijkheden zijn zo uitgebreid dat wij eerst en vooral een
08.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: L'étude des moyens
techniques, qui sont très étendus,
n'est pas encore achevée à l'heure
où nous parlons. Nous cherchons
en effet à définir les besoins
existants en la matière et à
déterminer dans quels secteurs et
avec quelles applications nous
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
duidelijk zicht moeten krijgen op de effectieve noden en behoeften.
Het project houdt aldus veel meer in dan alleen de aankoop van
materiaal. Naast dat materiële aspect is er een heel belangrijk
organisatorisch element, dat het best door het directoraat-generaal
Gerechtelijke Organisatie wordt gecoördineerd.
De huidige aanvraag, zoals werd voorgelegd onder de vorige
legislatuur, geeft geen enkele aanduiding betreffende de kosten noch
de kostensoort. In elk geval is er noch in de begroting van 2009 noch
in het begrotingsvoorstel 2010 in dergelijke uitgaven, die daarenboven
ook zeer hoog kunnen oplopen, voorzien.
In de nota valt op dat de procedure vooral zou kunnen worden
gehanteerd in het kader van de strafprocedure. Daarin zijn we het
meest geïnteresseerd, omdat de kosten kunnen worden aangerekend
als gerechtskosten. Dat moet ook verder worden onderzocht. Een
compensatie zou mogelijk zijn als men erin slaagt de kosten van de
telefoontap en internetscanning binnen de perken te houden.
Met andere woorden, het is ook een debat van beheersing van de
gerechtskosten, waaraan wij nu prioritair aandacht beginnen te geven,
omdat die natuurlijk zeer sterk oplopen.
Persoonlijk sta ik zeer positief tegenover videoconferenties. De
eenvoudige toepassing van pleiten in Hasselt voor een rechtbank in
Antwerpen lukt en wordt gebruikt. Er kunnen vooral meerwaarden
ontstaan op andere niveaus van de strafrechtelijke procedure, zeker
bij de raadkamer, bij de KI, het verbinden van de gevangenis met de
rechtbank en dergelijke meer. Daarvoor moet er echter wetgevend
werk gebeuren. Dat zal verder voorbereid moeten worden.
pourrions utiliser ce procédé par
priorité. Quoi qu'il en soit, il s'agit
d'une expérience très intéressante
que par principe je souhaite
poursuivre. L'enjeu va bien au-
delà du simple achat de matériel
compte tenu de l'importance de
l'aspect
organisationnel.
Les
crédits nécessaires pour couvrir
ces dépenses, qui potentiellement
pourraient atteindre des montants
très importants, n'ont été inscrits ni
dans le budget 2009 ni dans la
proposition de budget 2010. Si
nous voulons poursuivre l'examen
de
ce
procédé,
c'est
essentiellement en vue de l'utiliser
dans le cadre de procédures
pénales, afin de maîtriser les frais
de justice. Personnellement, je
suis
très
favorable
aux
vidéoconférences car elles sont de
nature à représenter une plus-
value à d'autres niveaux de la
procédure pénale. À cette fin, il est
toutefois nécessaire de légiférer,
ce qui nécessitera une préparation
soutenue.
08.03 Bert Schoofs (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, in de
oppositie heeft men soms eens een aha-moment, maar dit is ook
weer een oei-moment. Wanneer ik vaststel dat er geen echte tijdslijn
is bepaald en dat de budgetten helemaal niet vaststaan, vind ik dat
iedereen moet begrijpen dat wij daarmee niet zo gelukkig zijn, omdat
het project destijds toch werd aangekondigd door uw voorganger Jo
Vandeurzen niet als het pièce de résistance van zijn beleid, maar toch
als iets dat een wezenlijk onderdeel moest vormen van hetgeen hij in
de steigers wilde zetten. Dat zal er blijkbaar niet uitkomen.
Ik begrijp dat het een complexe materie is, maar wanneer men het
heeft over een dergelijke experimentele fase, dan zal het toch nog
zeer lang duren vooraleer de ambitie, die uw voorganger had,
gerealiseerd zal worden, als ze al zal worden gerealiseerd in de mate
dat hij dat wou, omdat ik toch merk dat er een beperking wordt
opgezet, eventueel strafrechterlijke zaken.
Mijnheer de minister, ik besluit met een positieve vraag. Zou het
mogelijk zijn als parlementslid om zo een zitting te kunnen bijwonen?
08.03 Bert Schoofs (Vlaams
Belang): Aucune planification n'a
été prévue et les budgets n'ont
pas encore été arrêtés. C'est
dommage car le prédécesseur du
ministre avait parlé, au sujet de ce
procédé,
de
composante
fondamentale de ses projets. Je
déduis de la réponse ministérielle
qu'en la matière, des résultats
tangibles ne seront pas engrangés
avant longtemps.
Je constate également que ce
projet serait limité aux affaires
pénales. Serait-il possible, en tant
que parlementaire, d'assister à
une telle audience?
08.04 Minister Stefaan De Clerck: Absoluut, met veel plezier, als de
commissie geïnteresseerd is om dat mee te maken, kan dat zeker
worden georganiseerd, een bezoek aan Hasselt of Antwerpen.
08.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Il est certainement
possible d'organiser une visite de
la commission aux bâtiments
judiciaires à Hasselt ou à Anvers.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
De voorzitter: We zullen nagaan of we daarover een afspraak
kunnen maken, als er een algemene vraag daartoe bestaat.
Le président : Nous vérifierons si
suffisamment de personnes sont
intéressées, peut-être dans un
cadre plus large que celui d'une
vidéoconférence.
08.05 Minister Stefaan De Clerck: Er kan een bezoek worden
georganiseerd aan Hasselt of aan de nieuwe gevangenis van
Tongeren.
08.05
Stefaan
De
Clerck,
ministre:
Nous
pourrions
également visiter la nouvelle
prison de Tongres.
De voorzitter: Ik denk misschien iets ruimer dan alleen maar het bijwonen van een videoconferentie.
08.06 Minister Stefaan De Clerck: We kunnen de nieuwe gevangenis
van Tongeren naar aanleiding van de opening in november bezoeken.
De voorzitter: We zullen dat bekijken in het kader van de agenda.
08.07 Minister Stefaan De Clerck: We kunnen er de
grensoverschrijdende criminaliteit bestuderen.
De voorzitter: We zullen dat eens bekijken en een voorstel formuleren.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
09 Question de M. Éric Libert au ministre de la Justice sur "le refus du tribunal de police de Vilvorde
de statuer sur une demande de changement de langue" (n° 14698)
09 Vraag van de heer Éric Libert aan de minister van Justitie over "de weigering van de
politierechtbank te Vilvoorde om uitspraak te doen over een verzoek tot taalwijziging" (nr. 14698)
09.01 Éric Libert (MR): Madame la présidente, monsieur le ministre,
le cas que je souhaite évoquer aujourd'hui n'est malheureusement
pas isolé. Au contraire, il est manifestement récurrent. Il est question
de tribunaux de police, notamment dans la périphérie, qui refusent
d'appliquer la loi de 1935 qui autorise tout défendeur à demander le
changement de langue dès lors qu'il établit ne pas avoir une
connaissance suffisante de la langue de la Région où est situé le
tribunal.
Il me revient ­ une nouvelle fois, dirais-je ­ que le tribunal de police
de Vilvorde aurait, lors d'une audience de fin juin 2009, refusé de
statuer sur une demande de changement de langue de la procédure
qui avait pourtant dûment été introduite par le prévenu, ce au seul
motif que celui-ci ne comparaissait pas en personne. Il était
représenté par son avocat qui avait déposé les documents utiles
signés par le prévenu établissant qu'il n'avait malheureusement pas
une connaissance suffisante du néerlandais.
En droit, l'article 16 § 2 de la loi du 15 juin 1935 relative à l'emploi des
langues en matière judiciaire stipule pourtant que, si l'affaire est
portée directement à l'audience, le prévenu fait sa demande de
changement de langue au tribunal et mention en est faite au plumitif.
Il s'agit donc, à mon estime, d'une violation de la loi sur l'emploi des
langues en matière judiciaire, qui méconnaît gravement les droits de
la défense du justiciable, ce qui est pourtant élémentaire dans un État
de droit tel que le nôtre.
09.01
Éric
Libert
(MR):
Niettegenstaande de bepalingen
van artikel 16, §2, van de wet van
15 juni
1935
zou
de
politierechtbank van Vilvoorde eind
juni geweigerd hebben uitspraak te
doen over een aanvraag tot
voortzetting van de rechtspleging
in de andere taal. Bent u op de
hoogte van het bestaan van
dergelijke
uitspraken?
Welke
maatregelen zal u nemen opdat de
wet van 1935 zou worden
nageleefd?
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
Par conséquent, monsieur le ministre, pourriez-vous me faire savoir si
vous avez déjà eu connaissance de pareils jugements ou de
semblables attitudes? De plus, quelles sont les mesures que vous
comptez ou pourriez prendre pour faire respecter les dispositions
relatives à l'emploi des langues en matière judiciaire concernant les
procédures de changement de langue, et plus spécifiquement devant
les tribunaux de police de Hal-Vivorde?
09.02 Stefaan De Clerck, ministre: Madame la présidente, cher
collègue, vous mentionnez les règles qui sont d'application, mais je
n'ai connaissance ni des décisions judiciaires que vous venez
d'évoquer, ni des dossiers.
Par ailleurs, il m'est interdit d'intervenir dans des décisions contraires
à la loi. Vous avez évoqué la loi sur l'emploi des langues en matière
judiciaire; il appartient aux magistrats de l'appliquer. Il ne me revient
pas de prendre position concernant une décision prise par un
magistrat.
N'ayant pas connaissance d'une telle décision judiciaire, je ne peux
pas répondre à votre question concrète. Tout ce que je puis faire,
c'est référer à la législation que vous avez citée à juste titre.
09.02 Minister Stefaan De Clerck:
Ik ben niet op de hoogte van deze
toepassing van het recht. Het staat
niet aan mij om in te grijpen.
09.03 Éric Libert (MR): Je vous remercie, monsieur le ministre. Il ne
s'agit bien entendu pas pour moi d'imaginer un seul instant que le
ministre de la Justice puisse intervenir dans le cadre d'un procès, qui
plus est vis-à-vis d'un magistrat du siège assis. Non, certainement
pas.
Mais ne pourrait-on imaginer un système légal qui permettrait en tout
cas de veiller à ce que désormais des situations pareilles ne se
reproduisent plus? Je vous rappelle que malheureusement, celles-ci
sont fréquentes. Je pense, par exemple, à une information que vous
pourriez dispenser via les procureurs généraux et qui arriverait
jusqu'aux ministères publics des tribunaux de police pour les rendre
attentifs à cet aspect de respect d'emploi des langues. Peut-être,
monsieur le ministre, le vice est-il ailleurs.
Je rappelle que la loi sur l'emploi des langues en matière judiciaire ne
prévoit malheureusement pas d'appel en matière d'emploi des
langues. C'est une décision qui est prise sans recours possible. Il
s'agit, en général, de petits litiges. Le seul recours possible, c'est le
pourvoi devant la Cour de cassation. Il est inutile de vous dire que la
plupart des justiciables hésitent, pour ne pas dire qu'ils renoncent, à
engager des pourvois pour des litiges de minime importance, sachant
que l'accès à la justice au niveau de la Cour de cassation a un coût
plus que réel.
Dès lors, monsieur le ministre, je me demande s'il ne serait pas sage
d'introduire une petite incise dans la loi de 1935. Je pourrais d'ailleurs
m'y préparer en déposant une proposition de loi qui introduirait un
appel en la matière. Quoi de plus banal dans un État démocratique!
09.03 Éric Libert (MR): Ik vraag
dat men ervoor zou zorgen dat
zulks niet meer gebeurt! Zou het
niet verstandig zijn in de wet van
1935, die momenteel in geen
enkele
beroepsmogelijkheid
voorziet,
dienaangaande
een
bepaling in te lassen?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van mevrouw Mia De Schamphelaere aan de minister van Justitie over "de plaatsen van
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
imams" (nr. 14702)
10 Question de Mme Mia De Schamphelaere au ministre de la Justice sur "les places d'imams"
(n° 14702)
10.01 Mia De Schamphelaere (CD&V): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, wij lezen natuurlijk allemaal elke dag het
Belgisch Staatsblad. Op 15 juni verscheen er een merkwaardig KB
van 7 juni 2009, waarbij het artikel 4 van het koninklijk besluit van
2 november 2007 werd vervangen door een andere bepaling.
Het KB gaat over de plaatsen van imams bij de erkende islamitische
gemeenschappen. De bepaling van inwerkingtreding werd door het
nieuwe KB vervangen door artikel 4: "Dit besluit treedt in werking op
31 mei 2009
en
houdt
op
uitwerking
te
hebben
op
31 december 2009."
Mijnheer de minister, wat is de reden voor de vervanging van de
inwerkingtredingsbepaling? Het KB voorziet nu ook in een einde van
de uitwerking. De bedienarenplaatsen blijven slechts voor zes
maanden toegekend en houden dan op te bestaan. Wat zijn de
concrete
gevolgen
daarvan
voor
de
islamitische
geloofsgemeenschappen in de betrokken moskeeën en voor de
imams zelf, voor hun wedden en de opvolging daarvan?
10.01 Mia De Schamphelaere
(CD&V): Au Moniteur belge du
15 juin 2009 a été publiée une
nouvelle disposition relative à la
création de places d'imams auprès
des
communautés islamiques
reconnues. Elle prévoit notamment
que l'arrêté entre en vigueur le
31 mai 2009 et cesse de produire
ses effets le 31 décembre 2009.
Quelle est la raison d'être de cette
mesure? Quelle est l'incidence de
la
limitation
de
la
durée
d'attribution
des
places
des
officiers du culte à six mois pour
les communautés islamiques et
pour les imams eux-mêmes?
10.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, collega
De Schamphelaere, ik zal u een omstandige toelichting geven.
Het koninklijk besluit van 7 juni 2009 tot wijziging van het KB van
2 november 2007 tot oprichting van plaatsen van imams bij de
erkende islamitische gemeenschappen in het Waals Gewest werd
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 15 juni 2009. Dit
initiatief past in artikel 3 van de samenwerkingsovereenkomst van
2 juli 2008 tot wijziging van de samenwerkingsovereenkomst van
27 april 2004 tussen de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap,
het Vlaams Gewest, het Waals Gewest en het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest betreffende de erkenning van de eredienst, de
wedden en pensioenen van de bedienaars der eredienst, de
kerkfabrieken en de instellingen belast met het beheer van de
temporaliën van de erkende erediensten. Dit artikel voorziet in een
adviesprocedure
van
de
federale
overheid
wanneer
de
representatieve organen van de bevoegde erediensten bij de
Gewesten aanvragen indienen tot erkenning van plaatselijke
gemeenschappen van de erkende erediensten. Het advies van de
federale overheid heeft betrekking op het budgettaire aspect van de
oprichting van plaatsen van bedienaars van de erediensten en op het
veiligheidsaspect.
Wat de islamitische gemeenschap in het Waals Gewest betreft, heeft
de Waalse gewestminister van Binnenlandse Zaken drieënveertig
gemeenschappen erkend op 22 juni 2007. Op 2 november 2007 werd
een koninklijk besluit genomen houdende oprichting van vijftig
plaatsen van imams in de erkende islamitische gemeenschappen in
het Waals Gewest.
Sinds 22 juni 2007, de datum waarop de oprichting van de plaatsen
van imams van kracht werd door het koninklijk besluit van
2 november 2007, die identiek is aan de datum van de erkenning van
de islamitische gemeenschap door de minister van het Waals
10.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre:
Cette
disposition
concerne les places d'imams
auprès
des
communautés
islamiques reconnues en Région
wallonne. Il est prévu que l'autorité
fédérale rend un avis sur l'aspect
budgétaire de la création de
places des officiers des cultes,
ainsi que sur l'aspect sécuritaire.
Le 22 juin 2007, le ministre wallon
de
l'Intérieur
a
reconnu
43 communautés islamiques. Or
depuis cette date aucune élection
des comités de gestion de ces
communautés n'a été organisée.
C'est pourquoi le gouvernement
wallon a pris un nouvel arrêté le
6 mars 2009 visant à permettre
l'organisation des élections qui
doivent avoir lieu avant le
31 décembre 2009.
Le paiement des rémunérations
des imams est lié à ces élections.
La date du 31 mai 2009 a été fixée
pour le début des paiements, de
sorte
que
les
prévisions
budgétaires du SPF Justice pour
2007 puissent être respectées.
L'administration
a
contacté
l'Exécutif des musulmans et le
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
Gewest, heeft er geen enkele verkiezing van de beheerscomités van
de gemeenschappen plaatsgevonden.
Overeenkomstig artikel 8 van het KB van 13 oktober 2005 van de
Waalse regering, tot inrichting van de comités belast met het beheer
van de temporaliën van de erkende islamitische gemeenschappen,
heeft de verkiezing van de leden van het comité plaats in de moskee
ten vroegste drie en uiterlijk zes maand na de bekendmaking in het
Belgisch Staatsblad van het besluit houdende erkenning van de
betrokken islamitische gemeenschap. De erkenning van die
drieënveertig islamitische gemeenschappen werd bekendgemaakt in
het Belgisch Staatsblad van 23 juli 2007.
Aangezien de verkiezing van de leden van de comités niet heeft
plaatsgevonden heeft de Waalse regering op 6 maart 2009 een nieuw
besluit genomen teneinde die verkiezingen, die voor 31 december
2009 moeten plaatsvinden, mogelijk te maken.
In het kader van de informatie- en overlegcommissie over de
temporaliën van de erkende erediensten zijn er contacten geweest
tussen het kabinet van de Waalse minister van Binnenlandse Zaken
en Ambtenarenzaken en mijn kabinet en de administratie, om de
betaling van de wedden van die imams te binden aan het gegeven
van de verkiezing. Rekening houden met dat element is er voor
31 mei 2009 geen enkele imam benoemd in de door het KB van
2 november 2007 erkende plaatsen. Er werd mij een brief bezorgd
van 1 april 2009 van de toenmalige Waalse minister van
Binnenlandse Zaken en Ambtenarenzaken, de heer Philippe Courard,
waarin de bekendmaking van het besluit van de Waalse regering in
het Belgisch Staatsblad van 26 maart 2009 werd aangekondigd zodat
de betaling van de wedden van de door het executief van de moslims
van België benoemde imams van start kan gaan.
In het KB van 7 juni 2009 werd de datum van 31 mei 2009
vooropgesteld zodat begrotingsvoorspellingen van de FOD Justitie
voor 2007 kunnen worden gevolgd. De administratie heeft contact
opgenomen met het executief van de moslims van België en het
kabinet van de Waalse minister van Binnenlandse Zaken teneinde de
evolutie van de dossiers met betrekking tot die verkiezingen te
kennen.
Het KB van 7 juni 2009 waarin de datum van 31 december 2009 wordt
vooropgesteld voor het eind van de betaling van de wedden aan de
imams, zal in voorkomend geval worden aangepast afhankelijk van
de evolutie van het dossier in verband met het executief van de
moslims van België en de betekening aan de FOD Justitie van de
definitieve samenstelling van de beheerscomités door de Waalse
minister van Binnenlandse Zaken.
Het is een complexe materie. Men heeft de benoemingen niet op tijd
gedaan waardoor het moet worden overgedaan. We houden er echter
wel aan om die benoemingen georganiseerd te zien, anders zijn de
samenwerkingsovereenkomsten niet gerespecteerd.
ministre wallon de l'Intérieur pour
suivre l'évolution de ces élections.
L'arrêté royal du 7 juin 2009, qui
prévoit la date du 31 décembre
2009 pour la fin du paiement des
rémunérations des imams, sera
donc
éventuellement
encore
adapté.
Il s'agit d'une matière complexe.
Étant donné que les nominations
n'ont pas été effectuées à temps, il
a fallu recommencer la procédure.
Mais il est important que les
nominations soient effectuées, car
sinon nous ne respectons pas les
accords de coopération.
10.03 Mia De Schamphelaere (CD&V): Mijnheer de minister, uw
antwoord getuigt van een strikte opvolging van alle voorwaarden
waaraan de islamitische eredienst moet voldoen om erkend en
betaald te geraken. Ik ben daar wel tevreden mee en ik hoop dat de
10.03 Mia De Schamphelaere
(CD&V): La réponse du ministre
témoigne d'un suivi strict des
conditions de reconnaissance et
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
zaak verder goed wordt opgevolgd.
Op vele punten hebben wij moeilijkheden met de integratie van deze
eredienst, vooral als het erom gaat het representatief karakter van de
voorgangers aan te tonen. Daarom zijn die verkiezingen ter plaatse in
de moskeeën belangrijk.
de rémunération pour le culte
islamique.
Le
caractère
représentatif des prédécesseurs
pose parfois problème. C'est la
raison pour laquelle il est important
d'organiser ces élections sur place
dans les mosquées.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
Voorzitter: Renaat Landuyt.
Président: Renaat Landuyt.
11 Vraag van mevrouw Sonja Becq aan de minister van Justitie over "het verplichte KBO-nummer van
verenigingen van mede-eigenaars" (nr. 14712)
11 Question de Mme Sonja Becq au ministre de la Justice sur "le numéro BCE obligatoire pour les
associations de copropriétaires" (n° 14712)
11.01 Sonja Becq (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, mijn vraag is eigenlijk vrij eenvoudig. Het is een vraag vooral
vanuit de achtergrond naar een stukje het bekend zijn of het
systematisch bekend zijn van verenigingen van mede-eigenaars.
Uiteindelijk is de vraag op welke manier dat georganiseerd kan
worden.
Er is wel een ankerpunt vanuit artikel 577 van het Burgerlijk Wetboek,
waarin voorzien wordt dat het reglement ook bestaat uit statuten van
het gebouw, statuten die dan in een authentieke akte gegoten moeten
zijn. Dergelijke statuten, en ook de wijzigingen die daarin worden
aangebracht, moeten het voorwerp uitmaken van een authentieke
akte die wordt overgeschreven op het hypotheekkantoor. In die zin
zouden ook de verenigingen van mede-eigenaars als rechtspersoon
worden ingeschreven in de kruispuntbank van ondernemingen.
Nu blijkt in de praktijk echter dat een groot aantal verenigingen van
mede-eigenaars niet over zo'n kbo-nummer beschikt, vandaar mijn
vragen.
Mijnheer de minister, hebt u daarvan weet of kennis? Hebt u
gegevens omtrent het aantal verenigingen van mede-eigenaars dat
wel of niet over zo'n ondernemingsnummer beschikt?
Heeft het ontbreken van die gegevens voornamelijk te maken met
bijvoorbeeld oude gebouwen, of is het iets dat ook systematisch met
de oprichting van nieuwe gebouwen te maken heeft?
Kan daar op een of andere manier een oplossing voor gevonden
worden?
11.01 Sonja Becq (CD&V): Ma
question concerne l'identification
des
associations
de
copropriétaires. L'article 577 du
Code civil prévoit que les statuts
d'un bâtiment doivent être inscrits
dans un acte authentique. Les
associations de copropriétaires
seraient
ainsi
également
répertoriées
en
tant
que
personnes
morales
dans
la
Banque-carrefour des entreprises.
La pratique démontre toutefois
que beaucoup d'associations ne
disposent pas d'un numéro BCE.
Le ministre en a-t-il connaissance?
Dispose-t-il de données chiffrées
concernant
le
nombre
d'associations qui ne sont pas en
ordre? Les données manquent-
elles plus particulièrement pour les
anciens bâtiments ou également
pour les nouveaux? Une solution
pourra-t-elle être trouvée?
11.02 Minister Stefaan De Clerck: Volgens de wet van
5 februari 2003, tot oprichting van de Kruispuntbank van
Ondernemingen, dienen alle rechtspersonen met Belgisch recht over
een ondernemingsnummer te beschikken. De FOD Financiën is
belast met de procedure ter verlening van een KBO-nummer.
Tot voor het koninklijk besluit van 22 juni 2009 waren de verenigingen
van mede-eigenaars, die rechtspersonen zijn naar Belgisch recht,
11.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: La loi du 5 février 2003
portant création d'une Banque-
Carrefour des Entreprises dispose
que toutes les personnes morales
doivent disposer d'un numéro
d'entreprise. La procédure d'octroi
relève du SPF Finances. En vertu
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
verplicht om zich via de Kruispuntbank van Ondernemingen te
identificeren. Artikel 2 van het koninklijk besluit van 22 juni 2009,
houdende de nadere regels voor het inschrijven van niet-
handelspersonen naar privaat recht, bepaalt echter dat de
verenigingen van mede-eigenaars niet meer gehouden zijn zich in de
Kruispuntbank van Ondernemingen in te schrijven.
Over de juiste cijfers uit heden en verleden kan ik niets zeggen. Dat is
de bevoegdheid van de minister van Financiën.
de l'article 2 de l'arrêté royal du
22 juin 2009, les associations de
copropriétaires ne sont plus
tenues de s'inscrire à la Banque-
Carrefour. Je ne dispose d'aucun
chiffre concret. Cette compétence
relève du ministre des Finances.
11.03 Sonja Becq (CD&V): Uw antwoord verrast mij enigszins,
omdat de vraag ook leeft binnen de verschillende groeperingen en
organisaties van mede-eigenaars. Het zou mij verwonderen dat deze
verplichting plots zou zijn afgeschaft.
Mocht dat zo zijn, dan blijft mijn vraag toch nog overeind. Zijn die
gegevens van vroeger beschikbaar? Op welke manier heeft men dat
georganiseerd?
De Kruispuntbank van Ondernemingen is de enige manier om de
verenigingen van mede-eigenaars te identificeren. U beschikt
ondertussen over bijkomende informatie.
11.03 Sonja Becq (CD&V): La
réponse
du
ministre
est
surprenante. Cette problématique
préoccupe différentes associations
de copropriétaires et je serais
donc étonnée que l'obligation de
s'inscrire à la Banque-Carrefour ait
subitement été abrogée. Les
données du passé devraient tout
de même être disponibles puisqu'il
s'agit de la seule façon d'identifier
les
associations
de
copropriétaires.
11.04 Minister Stefaan De Clerck: Ik dacht dat de bevoegde minister
van Financiën met het koninklijk besluit van 22 juni 2009 een heldere
beslissing had genomen. Indien er bijkomend onderzoek nodig is, zal
ik daaraan beantwoorden. Ik zal u schriftelijk informeren.
Misschien wordt er naar andere inschrijvingsmethoden gezocht zodat
er toch een registratie zou zijn.
11.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Je pensais que l'arrêté
royal du 22 juin 2009 était clair. Si
une enquête complémentaire est
requise, je m'en chargerai et je
vous transmettrai un rapport écrit.
Peut-être est-on à la recherche
d'autres méthodes d'inscription, de
sorte qu'il y ait quand même un
enregistrement.
11.05 Sonja Becq (CD&V): Het is de bedoeling om de
registratieplicht aan te moedigen. Zo krijgt u zicht op de verenigingen
van mede-eigenaars en kan u daar ondersteuning bieden.
11.05 Sonja Becq (CD&V): Il
s'agit d'encourager l'obligation
d'enregistrement. Le ministre peut
ainsi apporter un soutien aux
associations de copropriétaires.
11.06 Minister Stefaan De Clerck: Ik laat het onderzoeken. Ik
verneem van verschillende kanten dat het eenvoudige antwoord met
een verwijzing naar het koninklijk besluit van 22 juli 2009 niet volstaat.
11.06
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Le renvoi à l'arrêté royal
du
22 juin
2009
ne
suffit
manifestement
pas.
Je
demanderai que l'on se penche
sur ce problème.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
12 Questions jointes de
- Mme Valérie Déom au ministre de la Justice sur "les contrôles de vitesse sur les autoroutes"
(n° 14725)
- M. Raf Terwingen au ministre de la Justice sur "la politique de poursuites différente dans deux
arrondissements judiciaires limbourgeois" (n° 14738)
- M. Renaat Landuyt au ministre de la Justice sur "la différence de traitement des excès de vitesse
selon l'arrondissement judiciaire où l'infraction est commise" (n° 14782)
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
- M. Bert Schoofs au ministre de la Justice sur "le traitement différent réservé aux excès de vitesse
dans les arrondissements judiciaires de Hasselt et de Tongres" (n° 15050)
12 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Valérie Déom aan de minister van Justitie over "de snelheidscontroles op de
autosnelwegen" (nr. 14725)
- de heer Raf Terwingen aan de minister van Justitie over "het verschil in vervolging in twee
Limburgse gerechtelijke arrondissementen" (nr. 14738)
- de heer Renaat Landuyt aan de minister van Justitie over "het verschil in vervolging van
snelheidsinbreuken naargelang het gerechtelijk arrondissement waarin deze inbreuken worden
gepleegd" (nr. 14782)
- de heer Bert Schoofs aan de minister van Justitie over "de verschillende wijze van vervolging van
snelheidsovertredingen tussen de gerechtelijke arrondissementen Hasselt en Tongeren" (nr. 15050)
12.01 Valérie Déom (PS): Monsieur le président, monsieur le
ministre, le journal La Meuse du 8 septembre 2009 nous apprend que
la police flasherait uniquement, sur autoroutes, les automobilistes
roulant au-dessus de 145 km/h (136 km/h en vitesse réelle).
Il semble que cela soit dû au fait que les parquets sont submergés
par les procès-verbaux pour excès de vitesse et qu'ils n'ont ni les
moyens ni le temps nécessaires pour les traiter dans leur ensemble.
La conséquence principale de cet état de fait est que beaucoup
d'automobilistes en infraction passeraient entre les mailles du filet.
La police, ne voulant pas s'encombrer d'un travail qui, in fine, ne
servirait à rien, ne flasherait plus selon les directives très strictes des
procureurs du Roi. Pourtant, la police fédérale a annoncé son
intention de doubler les contrôles. N'est-ce pas paradoxal?
Monsieur le ministre, confirmez-vous que la police flasherait
uniquement, sur autoroutes, les automobilistes roulant au-dessus de
145 km/h? Vous êtes-vous entretenu avec votre collègue de l'Intérieur
à ce sujet? Sinon, avez-vous l'intention de le faire?
Quelles mesures comptez-vous prendre afin de normaliser la situation
tant au niveau des parquets que sur le terrain?
Quels moyens comptez-vous mettre à la disposition de la police et
des parquets afin de pouvoir, selon le souhait de la police fédérale,
renforcer les contrôles et appliquer les sanctions?
J'ajoute que mon collègue André Frédéric interrogera demain la
ministre de l'Intérieur à ce sujet.
12.01 Valérie Déom (PS): Klopt
het dat de politie, ondanks het
voornemen
om
het
aantal
controles te verdubbelen, op de
autosnelwegen
enkel
nog
automobilisten flitst die sneller dan
145 km/u rijden (wat overeenkomt
met een reële snelheid van
136 km/u), enkel en alleen omdat
de parketten overspoeld zijn met
werk en de tijd noch de middelen
hebben om alle processen-verbaal
te behandelen? Heeft u een en
ander met de minister van
Binnenlandse Zaken besproken of
is u van plan dat nog te doen? Hoe
zal u die toestand normaliseren?
Welke extra middelen zal u ter
beschikking
stellen
van
de
parketten en de politie met het oog
op een uitbreiding van de
controles?
Voorzitter: Sonja Becq.
Présidente: Sonja Becq.
12.02 Raf Terwingen (CD&V): Mijnheer de minister, mijn vraag is
specifieker dan die van mevrouw Déom. In het Belang van Limburg
hebben we gelezen dat er, ondanks dat Limburg wordt gekenmerkt
door een groot eenheidsgevoel, blijkbaar een onderscheid bestaat
tussen de arrondissementen in verband met het flitsen van
snelheidsovertreders. Zo zou men in het arrondissement Tongeren,
waar het Maasland ook toe behoort ­ wij zijn inderdaad wat sneller
dan de rest van Limburg ­, 133 kilometer per uur mogen rijden
alvorens geflitst te worden, terwijl dat in het arrondissement Hasselt
maar 127 kilometer per uur zou zijn. Er zou dus een ander
vervolgingsbeleid zijn naargelang van het arrondissement in Limburg.
12.02 Raf Terwingen (CD&V): Au
Limbourg, les procédures en
matière de contrôles radar varient
manifestement d'un endroit à
l'autre. Dans l'arrondissement de
Tongres,
les
chauffards
ne
risquent d'être verbalisés qu'à
partir de 133 km/h, alors que, dans
l'arrondissement de Hasselt, la
barre est fixée à 127 km/h. Le
ministre en est-il informé? De
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
Bent u op de hoogte van die verschillen? Welke grens wordt er in
andere arrondissementen getrokken? Hoe is de situatie in Wallonië?
Wat is uw visie op de kennelijke verschillen inzake de snelheid vanaf
wanneer een chauffeur wordt geflitst?
telles situations ne se présentent-
elles qu'au Limbourg? Constate-t-
on également de telles différences
en Wallonie? Qu'en pense le
ministre?
12.03 Renaat Landuyt (sp.a): Mijnheer de minister, uit de vraag van
collega Terwingen verneem ik dat er verschillend geflitst wordt
afhankelijk van het arrondissement waar men rijdt. Ik meen mij uit een
vorige functie te herinneren dat ter zake de omzendbrief COL 1/2003
van het College van procureurs-generaal van toepassing is.
Klopt het dat men op een andere manier vervolgt naar gelang van het
arrondissement waarin men een snelheidsovertreding begaat?
Bestaat de vermelde omzendbrief nog?
Wordt die nageleefd? Zo neen, waarom niet?
12.03 Renaat Landuyt (sp.a):
Est-il exact que les contrôles radar
ne sont pas effectués partout
selon les mêmes règles? Cette
matière est réglée par une
circulaire COL 1/2003 du Collège
des procureurs-généraux. Cette
circulaire existe-t-elle toujours et
est-elle appliquée?
12.04 Bert Schoofs (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, ik heb
die vraag ook al eens gesteld aan uw voorganger. Het is mij nooit
duidelijk geworden waarom het onderscheid nog steeds bestaat.
Vandaag moeten we specificeren of het alleen maar gaat om het
verschillend instellen van het geijkte materiaal om bestuurders te
kunnen verbaliseren, dan wel om een verschillend vervolgingsbeleid,
dan wel beide. In dat laatste geval zou het betekenen dat er in
Hasselt, Tongeren en andere arrondissementen verschillend wordt
geflitst en verschillend wordt vervolgd. Graag had ik een
verduidelijking.
12.04 Bert Schoofs (Vlaams
Belang): Pourquoi une distinction
est-elle opérée? Cette distinction
concerne-t-elle
uniquement
la
façon dont les contrôles radar sont
effectués
ou
s'applique-t-elle
également aux poursuites?
12.05 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, ik heb
kennisgenomen van het feit dat er verschillen zijn. De verschillen zijn
nationaal en niet beperkt tot de provincie Limburg. Limburg heeft dus
niet het monopolie. Het gaat ook niet alleen tussen Vlaanderen en
Wallonië. Er zijn meerdere verschillen.
Het College van procureurs-generaal en de Raad van procureurs des
Konings moeten zich natuurlijk verder over dat verhaal buigen.
12.05
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Il existe en effet des
disparités dans l'ensemble du
pays et donc pas seulement dans
le Limbourg ou entre la Flandre et
la Wallonie. Le Collège des
procureurs généraux et le Conseil
des procureurs du Roi se
pencheront sur cette question et
formuleront une proposition en la
matière.
Il s'avère en effet de l'interrogation des parquets du Royaume que
certains d'entre eux appliquent, lors des constatations des infractions
relatives au dépassement de la vitesse autorisée dans leur
arrondissement, des marges de tolérance différant de la correction
technique prévue dans la circulaire COL 11/2006 du Collège des
procureurs généraux. Cette pratique est expliquée par l'impossibilité
pour ces parquets de gérer et d'assurer le suivi du flux croissant de
constatations faisant l'objet de dépositions de perception immédiate
impayée et de propositions transactionnelles restées sans suite ainsi
que par l'engagement des tribunaux de police, le tout sous la menace
d'extinction de l'action publique.
Je cite à cet égard l'observation objectivée dans la présentation de la
publication Justice en chiffres 2009: "Les parquets de police
Sommige
parketten
passen
andere tolerantiemarges toe dan
de
marges
in
de
omzendbrief 11/2006
van
het
College van procureurs-generaal,
omdat het almaar toenemende
aantal vaststellingen waarvoor de
onmiddellijke
inning
werd
voorgesteld maar die niet werden
betaald, en het oplopende aantal
niet-betaalde
voorstellen
tot
minnelijke schikking hun boven het
hoofd groeien; er dient rekening te
worden
gehouden
met
de
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
connaissent une hausse de 73 % du nombre de citations. Cette
augmentation singulière est à imputer notamment aux perceptions
immédiates et aux propositions d'extinction de l'action publique par le
paiement d'une amende. Pour ces raisons, les parquets se voient
contraints d'ajuster leurs priorités."
overbelaste politierechtbanken en
het
dreigende
verval
van
strafvordering.
Ik moet daarover dus met de minister van Binnenlandse Zaken
contact nemen.
Je dois donc m'adresser à la
ministre de l'Intérieur.
Soucieux d'apporter une solution idoine à cette problématique, le
Conseil des procureurs du Roi et le Collège des procureurs généraux
vont entamer une réflexion commune au sein de la cellule d'expertise
"Circulation routière" laquelle, sur la base d'informations objectivées,
notamment par les données statistiques, sera désormais obligée de
formuler des avis et des recommandations.
Il existe une circulaire COL 11/2006 du Collège des procureurs
généraux, ayant comme objet la politique criminelle de recherche et
d'orientation des poursuites des infractions de dépassement de la
vitesse autorisée. Des limites ont été fixées. Manifestement, en dépit
de cette circulaire, il subsiste des différences dans la pratique. Certes,
il y aura toujours des différences, tout comme une manière de gérer
ses responsabilités. Mais faisant suite à la constatation de ces
différents éléments, j'ai demandé de reprendre le problème en main
et de soumettre les mesures à prendre.
De raad van procureurs des
Konings
en
de
raad
van
procureurs-generaal zullen zich
gezamenlijk over deze kwestie
buigen teneinde een passende
oplossing uit te werken. In weerwil
van de omzendbrief van 2006 van
het College van procureurs-
generaal blijven er in de praktijk
verschillen bestaan. Ik heb dan
ook gevraagd dat er opnieuw werk
van het probleem zou worden
gemaakt.
Ik kan voor de andere vragen verwijzen naar wat ik pas heb gezegd.
Pour les autres questions, je me
réfère aussi à ce qui a été dit
précédemment.
12.06 Valérie Déom (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie.
Il est en effet important de voir comment gérer les choses. D'une part,
des campagnes explicitent le fait que les contrôles seront renforcés et
mettent en exergue le danger des excès de vitesse pour la sécurité
routière. D'autre part, les parquets et les autorités n'ont
malheureusement pas la possibilité de gérer le flux des procès-
verbaux. Il ne faut pas adresser un message contradictoire à la
population, à savoir des contrôles renforcés et, en même temps, une
certaine impunité qui varie par ailleurs en fonction des
arrondissements judiciaires.
La solution est peut-être de passer par un cours de civisme à
destination des citoyens belges qui utilisent l'automobile!
12.06 Valérie Déom (PS): De
parketten slagen er blijkbaar niet
overal in de toevloed van pv's te
verwerken,
waardoor
de
automobilisten
in
sommige
gerechtelijke
arrondissementen
meer kans maken vrijuit te gaan
dan in andere. Dat is een fout
signaal dat geen afbreuk mag
doen
aan
de
lopende
sensibiliseringscampagnes, waarin
net een versterking van die
controles wordt aangekondigd.
Een
cursus
burgerzin
kan
misschien een uitweg bieden.
12.07 Raf Terwingen (CD&V): Mijnheer de minister, bedankt voor
uw antwoord.
Het probleem situeert zich inderdaad bij het vervolgingsbeleid en de
eventuele werkdruk die er is, en de keuzes die het parket moet
maken. Ik pleit ervoor dat met betrekking tot dergelijke specifieke
inbreuken als snelheidsovertredingen, waarbij iedere Belg gelijk zou
moeten zijn voor de wet, we toch naar oplossingen moeten zoeken.
Uw voorganger, Jo Vandeurzen, had dienaangaande al ideeën als
een soort van centraal incassobureau om die zaken te automatiseren.
Dat zou hier al een oplossing zijn om te komen tot een uniforme
12.07 Raf Terwingen (CD&V) : Le
problème se situe effectivement
au niveau de la politique de
poursuites, du parquet. Tout le
monde devrait être égal devant la
loi. C'est pourquoi le ministre
Vandeurzen a un jour lancé l'idée
d'un
bureau
central
d'encaissement, qui garantirait
une application uniforme de la loi
pénale et des sanctions effectives.
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
toepassing van de strafwet en van de boetes die worden opgelegd,
maar ook tot een duidelijke, realistische en effectieve bestraffing
indien er te hard wordt gereden. We zijn allen gelijk voor de wet,
zeker in Limburg.
Il s'agit d'une des solutions
possibles.
12.08 Renaat Landuyt (sp.a): Het antwoord volstaat niet, maar ik zal
niets zeggen.
12.09 Bert Schoofs (Vlaams Belang): Het flitsen valt onder de
bevoegdheid van de minister van Binnenlandse Zaken. Ik
veronderstel dat waar er een strikte tolerantiedrempel wordt
gehanteerd, ook straf wordt geverbaliseerd en omgekeerd.
Ik sluit mij aan bij het pleidooi van collega Terwingen, opdat er
eenvormigheid zou komen, want anders wordt de schijn van willekeur
geschapen. Dan is er misschien effectief willekeur, want het scheelt
wel wat in de portemonnee van de mensen als er in de ene provincie
of arrondissement streng wordt geflitst en in de andere niet. Op dat
gebied zag ik dus graag afschaffing van de discriminatie tussen de
parketten. Wanneer dat onderscheid met Limburg blijft bestaan, is dat
nog een reden om Limburg te bezoeken, of misschien wel om er weg
te blijven.
12.09 Bert Schoofs (Vlaams
Belang):
Les
contrôles-radar
relèvent de la compétence du
ministère de l'Intérieur. Une
verbalisation
stricte
va
probablement de pair avec un
seuil de tolérance strict.
Je partage l'avis de M. Terwingen.
La politique de poursuites doit être
uniformisée.
Actuellement,
un
certain arbitraire règne. Il ne peut
plus être question d'approche
différente d'un parquet à l'autre.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
13 Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de minister van Justitie over "de medische
verzorging in de Belgische gevangenissen" (nr. 14736)
13 Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au ministre de la Justice sur "les soins médicaux dans
les prisons belges" (n° 14736)
13.01 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, uit uw antwoord op mijn schriftelijke vraag over
het aantal verpleegkundigen in onze gevangenissen blijkt dat slechts
drie vierde van de voorziene personeelsinformatie is ingevuld:
144 voltijdse equivalenten in plaats van de voorziene 195.
Er bestaan enkele mooie voorbeelden van gevangenissen waar de
personeelsformatie is opgevuld op basis van een privaatpublieke
samenwerking. Zo zijn vijf van de zes verpleegkundigen van de
gevangenis van Hasselt gelinkt aan een ziekenhuis in de buurt, terwijl
de hoofdverpleegkundige zelf een ambtenaar van Justitie is. De
gevangenissen van Brugge en Lantin hebben specifieke
samenwerkingsakkoorden gesloten met hospitalen in de buurt.
Gespecialiseerde artsen kunnen ambulante begeleiding komen
uitvoeren in die inrichtingen. Ten slotte beschikt Lantin tevens over
een beveiligde kamer in het hospitaal La Citadelle.
Op mijn schriftelijke vraag of u voorstander bent van deze vorm van
privaatpublieke samenwerking gaf u alleen mee dat de formule voor-
en nadelen heeft, en dat het Directoraat-generaal Penitentiaire
Inrichtingen geen problemen ondervindt waar de samenwerking
bestaat.
Tot slot wil ik nog eens verwijzen naar het jongste jaarrapport van de
Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen. In dit jaarrapport
worden onder andere de gebrekkige medische zorgen aangeklaagd.
Men spreekt over te weinig personeel, te lange wachttijden en vooral
13.01 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Il ressort de la
réponse du ministre à ma question
écrite n° 94 du 15 janvier 2009 sur
le nombre d'infirmiers employés
dans les prisons, que l'on compte
seulement 144 équivalents temps
plein au lieu des 195 prévus dans
le plan de personnel 2008. Dans
certaines prisons, le partenariat
public-privé
mis
en
place
fonctionne bien. Les prisons de
Hasselt, Bruges et Lantin ont
conclu des accords de coopération
spécifiques avec des hôpitaux
situés à proximité et cela ne pose
pas de problèmes à la direction
générale
des
Établissements
pénitentiaires. Dans son dernier
rapport
annuel, toutefois,
le
Conseil central de surveillance
pénitentiaire se plaint de
manquements en matière de soins
médicaux,
d'un
manque
de
personnel, de trop longs délais
d'attente
et
d'une
aide
psychologique très restreinte.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
de erg beperkte psychologische hulp in de gevangenissen.
Mijnheer de minister, welke voor- en nadelen ziet u in de
privaatpublieke samenwerking op medisch vlak. Overweegt u
maatregelen om deze formule uit te breiden aangezien het
directoraat-generaal geen problemen ondervindt waar de formule
bestaat? Zo ja, welke? Wat is uw reactie op de opmerkingen van de
Centrale Toezichtsraad voor het Gevangeniswezen inzake de
beperkte psychologische hulp?
Quels sont les avantages et les
inconvénients
du
partenariat
public-privé? Le ministre envisage-
t-il d'étendre la formule? L'aide
psychologique
est-elle
effectivement restreinte?
13.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, ik weet niet
of er straks weer een communiqué komt om te zeggen dat ik voor een
privatisering ben zoals met de enkelband?
13.03 Renaat Landuyt (sp.a): Waarom? Was dat niet juist?
13.04 Minister Stefaan De Clerck: NeeN, het was genuanceerder. De
titel was niet helemaal in overeenstemming.
Wij moeten een onderscheid maken tussen de basisgezondheidszorg
en de bijzondere gezondheidszorg in de gevangenissen. In de
gevangenis te Hasselt loopt bijvoorbeeld een succesvolle
samenwerking
met
het
plaatselijke
ziekenhuis
dat
zes
verpleegkundigen inzet in de gevangenis. De hoofdverpleegkundige is
inderdaad een statutaire ambtenaar van Justitie en de samenwerking
met het ziekenhuis gebeurt op basis van een overheidsopdracht. Een
mogelijk nadeel aan deze formule is dat er op termijn een
monopolisering kan ontstaan doordat er soms maar een enkele
kandidaat geïnteresseerd is met het risico dat de prijs stijgt boven de
marktprijs.
In een stad is er immers niet altijd keuze tussen verschillende
ziekenhuizen. Bovendien moeten de ziekenhuizen geïnteresseerd zijn
in een dergelijke samenwerking. Vanuit het kosten-batenstandpunt
verkies ik op dit ogenblik de formule waarbij de medische basiszorg in
eigen beheer wordt georganiseerd, een uitzondering niet te na
gesproken.
Een ander aspect is of de medische zorg voor gedetineerden niet
beter gefinancierd zou worden door het RIZIV, waarbij Justitie een
forfaitaire bijdrage stort, zoals trouwens nu aan de orde is bij andere
entiteiten, zoals de centra voor illegalen. Men kan zich de vraag
stellen waarom de gedetineerden als enige groep in de samenleving
nog langer buiten het systeem van de ziekteverzekering moeten
vallen en wat medische zorg betreft bijna volledig ten laste zijn van
Justitie. Op dit ogenblik is de financiering door het RIZIV slechts
partieel.
De Penitentiaire Gezondheidsraad heeft mij in dat verband een advies
bezorgd dat ik ondertussen heb doorgespeeld aan mijn collega van
Volksgezondheid, minister Onkelinx, met het verzoek hierover overleg
te plegen. Naast de basiszorg is er de gespecialiseerde
gezondheidszorg, zoals deze in de medische gevangeniscentra in
Brugge en Lantin. In deze gevallen bestaan contracten met
burgerziekenhuizen waarbij tegen RIZIV-tarief gespecialiseerde
prestaties worden geleverd ­ chirurgische ingrepen, poliklinische
consultaties en behandelingen, enzovoort ­ die onmogelijk door het
gevangeniswezen zelf kunnen worden geleverd.
13.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Il convient d'opérer une
distinction entre les soins de
santé de base et les soins de
santé
spécifiques
dans
les
prisons. À Hasselt, le partenariat
établi sur la base d'un marché
public entre la prison et l'hôpital
local fonctionne bien. Étant donné
que, dans certains cas, il n'y a
qu'un seul candidat possible et
que les prix peuvent dès lors
dépasser les prix du marché, la
formule risque d'entraîner une
situation monopolistique. Après
analyse
des
coûts
et des
bénéfices, je préfère ­ sauf
exception - une gestion propre en
matière de soins de base.
Par ailleurs, on peut se demander
si, comme dans les centres
d'accueil pour illégaux, les soins
médicaux en prison ne devraient
pas être financés par l'INAMI.
Pourquoi les détenus seraient-ils
le seul groupe à ne pas ressortir
au régime de l'assurance-maladie
et à tomber quasi entièrement à
charge de la Justice en matière de
soins médicaux? Le Conseil
pénitentiaire de la santé a formulé
sur ce point un avis que j'ai
soumis à la ministre Onkelinx,
avec
une
demande
de
concertation.
À Bruges et à Lantin, des contrats
ont été conclus avec des hôpitaux
civils,
des
prestations
spécialisées
telles
que
des
interventions chirurgicales et des
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
Daarnaast bestaan ook andere vormen van samenwerking voor
specifieke doelgroepen ­ druggebruikers, geïnterneerden, mentaal
gehandicapten, bejaarden ­ die worden gefinancierd vanuit diverse
overheden ­ bijvoorbeeld de Gemeenschappen ­ en die verder
moeten worden ontwikkeld.
In het jaarverslag voor 2007 van de Centrale Toezichtraad voor het
Gevangeniswezen wordt inderdaad melding gemaakt van een
onvolledige omkadering van de psychologische hulp. Een en ander
heeft te maken met het ontdubbelen, volgens de principes van de
Basiswet Gevangeniswezen, van de zorg enerzijds, en de expertise
anderzijds.
Psychologen die rapporteren aan de Commissie ter bescherming van
de maatschappij en aan de strafuitvoeringsrechtbanken mogen niet
langer instaan voor de zorg aan de gedetineerden. Vooral de
zorgkaders moeten verder worden uitgebouwd. Dat is niet alleen een
opdracht van Justitie maar ook van de Gemeenschappen.
Ik moet er wel de aandacht op trekken dat de psychosociale diensten
het sterkst gegroeid zijn van alle diensten van het gevangeniswezen.
Op 25 jaar tijd zijn zij met meer dan 500 procent gegroeid. In grote
gevangenissen als Brugge en Lantin zijn tientallen psychologen in
dienst.
Wat de follow-up betreft van het jaarverslag van de Centrale
Toezichtraad voor het Gevangeniswezen heb ik op 22 juni jongstleden
een onderhoud gehad met deze raad. Intussen is een werkgroep
gestart, bestaande uit leden van mijn beleidscel en van de Centrale
Toezichtraad, om voorstellen te formuleren die tegemoetkomen aan
de opmerkingen van het verslag.
Bovendien heb ik op 5 oktober de commissies van toezicht van alle
gevangenissen ontvangen. Gisteren hebben wij gedebatteerd over de
diverse knelpunten waarmee zij op het terrein worden geconfronteerd.
Ook wat dat betreft, hebben wij gezegd dat wij inzake de zorgfactor
nog naar een uitbreiding moeten evolueren. Dat was immers hun
grote vraag.
traitements
polycliniques
sont
réalisés au tarif INAMI. Une
collaboration a également été
mise sur pied autour de certains
groupes
cibles
comme
les
toxicomanes,
les
personnes
internées, les handicapés mentaux
et les personnes âgées. Cette
collaboration est financée par
d'autres autorités, telles que les
Communautés, et doit encore être
développée.
Le rapport annuel 2007 fait
effectivement
état
d'un
encadrement incomplet de l'aide
psychologique, qui est lié à la
séparation entre les soins et
l'expertise. Les psychologues qui
font rapport aux commissions de
défense sociale et aux tribunaux
d'application
des
peines
ne
peuvent plus assurer les soins aux
détenus. Les cadres de soins
doivent donc être élargis par la
Justice et par les Communautés.
Par ailleurs, le nombre de services
psychosociaux a augmenté de
500 % en 25 ans et les grandes
prisons emploient des dizaines de
psychologues.
J'ai été en contact le 22 juin avec
le Conseil central de surveillance
pénitentiaire. Un groupe de travail
a été constitué afin de formuler
des
propositions.
Un
débat
organisé
hier
avec
les
commissions de surveillance de
l'ensemble
des
prisons
a
démontré la nécessité absolue
d'un élargissement des soins.
13.05 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mijnheer de minister, ik
dank u voor uw uitvoerig antwoord. U maakte een onderscheid tussen
de basiszorg en de gespecialiseerde zorg.
U verwijst ook naar tenlasteneming door het RIZIV. Ik denk dat dit
zeker een interessante piste is, maar het probleem blijft toch dat de
personeelsformatie niet volledig is opgevuld, maar slechts voor drie
vierde. Er is toch een tekort aan medische zorg in de gevangenissen.
Voor de psychologische zorg verwijst u ook naar die ontdubbeling.
U geeft ook aan dat er een aantal ontmoetingen zijn geweest. Dat
stemt mij positief en bewijst uw bezorgdheid dat de zorg en de
medische verzorging in onze gevangenissen belangrijk zijn en zo
optimaal mogelijk zou moeten zijn.
13.05 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Le ministre a établi
une distinction entre les soins de
base et les soins spécialisés. Il a
également évoqué la prise en
charge par l'INAMI, ce qui
constitue une idée intéressante. Le
fait que le cadre du personnel ne
soit pourvu qu'aux trois quarts
continue à poser problème. Je
suis heureuse d'apprendre que les
soins médicaux dispensés en
prison sont également importants
aux
yeux
du
ministre.
Je
continuerai à suivre ce dossier.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
Ik dank de minister voor zijn antwoord en volg een en ander verder
op.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
14 Vraag van mevrouw Sabien Lahaye-Battheu aan de minister van Justitie over "de stijging van de
gerechtskosten" (nr. 14743)
14 Question de Mme Sabien Lahaye-Battheu au ministre de la Justice sur "la hausse des frais de
justice" (n° 14743)
14.01 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, ik verwijs naar de studie "Gerechtskosten in
strafzaken 2004-2008." Tussen 2000 en 2008 zouden, volgens de
beleidsnota van uw voorganger, de heer Vandeurzen, de
gerechtskosten zijn verdubbeld, onder meer door de introductie van
nieuwe technieken in het strafonderzoek, zoals DNA-analyse. Het
totaal aantal gerechtskosten voor vorig jaar bedraagt 105 miljoen
euro. De grootste stijgingen liggen op vlak van telefonie,
gerechtsdeurwaarders, vergoeding van advocaten, vertalers en
tolken.
De dure technische middelen die soms moeten worden ingezet in het
kader van bijzondere opsporingsmethoden, liggen zeker mee aan de
basis van de kostenstijgingen, maar een even groot probleem is naar
verluidt dat niet iedereen binnen justitie beseft dat de financiële
middelen beperkt zijn. Daardoor blijven de kosten alsmaar de
voorziene middelen in de begroting overstijgen. Vorig jaar was er, zo
stel ik vast, een tekort van maar liefst 15,8 miljoen euro, een stijging
met niet minder dan 17,7 procent.
Bovendien voorspelt de kostenevolutie voor dit jaar niet echt een
kentering. Sommige bronnen geven immers aan dat de overschrijding
van vorig jaar nu reeds is bereikt.
Een van de ondervoorzitters van de commissie voor de Modernisering
van de Rechterlijke Orde gaf in de media tevens aan dat er een
schrijnend gebrek is aan controle op de gemaakte kosten. Nochtans
is in de beleidsnota 2009 terug te vinden dat een nieuwe methodiek
geïmplementeerd zou worden waarmee alle gerechtskosten op
uniforme wijze zouden worden opgevolgd en afgehandeld, zodat
onder andere de budgettaire impact van de evolutie en de betaling
van de gerechtskosten nauwlettend kon worden gevolgd.
Tegen eind dit jaar zou ook een gewijzigde tariefstructuur worden
voorgesteld, die volgend jaar van kracht zou worden.
In 2008 werd met de commissie voor de Modernisering in een
protocolakkoord bepaald dat die commissie vier opdrachten heeft,
waaronder de verbetering van het beheer van de gerechtskosten.
Mijnheer de minister, daarover heb ik de volgende vragen voor u.
Ten eerste, bevestigt u die evolutie, de stijgende bedragen? Wat zijn
eigenlijk de verwachtingen voor 2009?
Ten tweede, zijn de oorzaken die ik opsomde, juist? Zijn er nog
14.01 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Selon la note de
politique
générale
du
prédécesseur du ministre, les frais
de justice ont doublé entre 2000 et
2008, ce doublement ayant deux
causes: le recours à des moyens
techniques onéreux et le fait que
tous les acteurs de la justice ne se
rendent pas compte que les
crédits disponibles ne sont pas
illimités. L'an dernier, il manquait
15,8 millions d'euros et cette
année-ci, ce montant devrait être
encore plus élevé.
Récemment,
un
des
vice-
présidents de la commission de
Modernisation de l'Ordre judiciaire
a dénoncé dans les médias
l'absence de tout contrôle des frais
engagés. La note de politique
générale
de
M. Vandeurzen
prévoyait pourtant toute une série
d'initiatives destinées à assurer un
meilleur suivi des frais de justice et
à les maîtriser.
Le ministre confirme-t-il la hausse
des frais de justice? Quels sont les
pronostics pour 2009? Cette
augmentation
a-t-elle
d'autres
causes
que
les
causes
énumérées? À quel résultat a
abouti à ce jour le protocole
d'accord
conclu
avec
la
commission de Modernisation de
l'Ordre
judiciaire?
Quelles
mesures le ministre envisage-t-il
de prendre afin de mieux gérer les
frais de justice?
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
bijkomende oorzaken?
Ten derde, wat is tot nu toe het concrete resultaat van het afsluiten
van het protocolakkoord met de commissie voor de Modernisering?
Ten vierde, welke maatregelen overweegt u, of hebt u intussen
ingevoerd, om de gerechtskosten beter te beheersen?
14.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, collega, op
30 september 2009 werd afgerond al 79 miljoen euro betaald aan
gerechtskosten. De tendens is duidelijk stijgend, voornamelijk omdat
er een verhoging is van de eenheidsprijs, maar zeker ook van de
volumes of het aantal interventies.
In deze materie is de betrouwbaarheid van de voorspellingen nogal
twijfelachtig. De uitgaven worden onderworpen aan een monitoring,
zodat het ritme van de uitgaven strikt wordt opgevolgd. Er is dus meer
dan ooit aandacht voor de evolutie. Er is ook een studie geweest van
de commissie voor de Modernisering van de Rechterlijke Orde. Ook
in het kabinet en de administratie kijken we op welke manier we dat in
de toekomst onder controle kunnen houden.
De oorzaken zijn, zoals u aanbrengt, de noden van het onderzoek.
Men doet steeds meer beroep op telefonie, DNA-analyse enzovoort.
Die technieken hebben een belangrijke kostprijs. De gerechtskosten
zijn daarbij een weerspiegeling van de complexiteit van de strafzaken.
Hoe meer opdrachten er worden gevraagd, hoe hoger de kosten
zullen oplopen en hoe gemakkelijker men die opdrachten krijgt. Het
leidt tot resultaat, dus het is voor de magistraten ook aantrekkelijk om
snel tot die maatregelen te beslissen.
Het protocolakkoord tussen de commissie voor de Modernisering van
de Rechterlijke Orde, de FOD Justitie en mezelf is nu in uitvoering. De
jongste
twee
weken
hebben
verschillende
vergaderingen
plaatsgevonden
met
de
referentiemagistraten
voor
de
gerechtskosten. Die waren voornamelijk gericht op de communicatie
van het protocolakkoord en de daaruit voortvloeiende doelstellingen,
hetgeen uiteindelijk moeten uitmonden in een bewustmaking en
responsabilisering van iedereen.
Er zijn nu verschillende projecten in uitvoering met betrekking tot de
betere beheersing van de gerechtskosten. De belangrijkste daarbij
zijn de beheersing van de telefoniekosten evenals de kosten van het
DNA-onderzoek en het opstellen van een nieuwe reglementaire basis
voor de gerechtskosten.
Er zijn dus drie verschillende kapstokken. Er is de reglementaire
basis, maar daarnaast zijn we ook bezig met dataretentie en de
kostprijs die daaraan zou moeten worden gekoppeld. Eigenlijk is dat
een onderhandeling die met de telecomoperatoren zal moeten
worden gevoerd, omdat we toch eens ernstig moeten bekijken of de
huidige tarieven correct zijn. Hetzelfde geldt voor DNA-onderzoek. Op
welke manier organiseren we dat? Wie geven we de opdracht?
Moeten we niet meer concurrentie organiseren tussen de
verschillende diensten die dat soort van analyses aanbieden? Er is
dus op alle fronten werk, zowel bij de aanvragers in de magistratuur
als bij de technische diensten die de opdrachten krijgen. Er is telkens
een vraag. Wij moeten er via een reglement voor zorgen dat de
14.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre: La hausse des frais de
justice
est
une
réalité
essentiellement
attribuable
à
l'augmentation des prix unitaires et
des volumes. Les dépenses font
l'objet d'un suivi strict. Les
nouvelles technologies liées à la
téléphonie et aux analyses d'ADN,
plus souvent utilisées, ont un prix.
Les frais de justice reflètent la
complexité des affaires pénales.
Déjà en vigueur, le protocole
d'accord que j'ai signé avec la
Commission de Modernisation de
l'Ordre judiciaire et le SPF Justice
a pour but de conscientiser et de
responsabiliser
chacun
des
acteurs.
Différents projets sont en cours en
vue d'améliorer la maîtrise des
dépenses de justice, en particulier
au niveau de la téléphonie et des
analyses d'ADN. Nous étudions
également la question de savoir si
les tarifs facturés pour la rétention
de données et les analyses d'ADN
sont acceptables et s'il est
souhaitable d'amener une certaine
concurrence dans ces domaines.
Ces réflexions constituent une
priorité pour les mois à venir.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
matching tussen het ene en het andere beter gebeurt dan vroeger,
om dat allemaal te beheersen.
Het is een prioriteit voor de komende maanden om daarin wat
beheersing te brengen.
14.03 Sabien Lahaye-Battheu (Open Vld): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, een bijkomend element is het feit dat in
strafzaken de gerechtskosten vaak ten laste van de veroordeelde
worden gelegd. Ook daar zou er misschien intenser kunnen gewerkt
worden aan de recuperatie van die kosten. Ik ben er immers van
overtuigd dat een heel kleine fractie van die kosten ooit wordt betaald
door degene die ze heeft veroorzaakt.
Dat is een bijkomende piste die ik meegeef. Het is interessant om
eens te kijken welk percentage ooit wordt teruggezien.
14.03 Sabien Lahaye-Battheu
(Open Vld): Le fait que les frais de
justice soient souvent mis à
charge des condamnés constitue
un élément supplémentaire. On
pourrait peut-être s'efforcer plus
intensément à récupérer ces frais.
Il est intéressant d'examiner quel
pourcentage a été récupéré
auprès de la personne qui a
occasionné les frais.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
De voorzitter: Mijnheer de minister, u deed teken aan de heer Logghe. U gaat hem zelf het antwoord
geven?
15 Questions jointes de
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Justice sur "les jeunes demandeurs d'asile" (n° 14660)
- M. Peter Logghe au ministre de la Justice sur "la responsabilité des jeunes demandeurs d'asile"
(n° 15320) (continuation)
15 Samengevoegde vragen van
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van Justitie over "jonge asielzoekers" (nr. 14660)
- de heer Peter Logghe aan de minister van Justitie over "de verantwoordelijkheid bij jonge
asielzoekers" (nr. 15320) (voortzetting)
15.01 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, mijnheer
Logghe, ik zal nu het antwoord geven op uw vraag met betrekking tot
de plaatsing van vier minderjarige asielzoekers. Dit betreft
verschillende diensten. In het tijdsbestek voor een mondelinge vraag
was het niet mogelijk een antwoord met alle verschillende betrokken
overheden te coördineren. Dat belet niet dat ik volgende elementen
kan meegeven.
De niet-begeleide minderjarige die aan de dienst Voogdij wordt
gesignaleerd, wordt voor zover hij aan de wettelijke voorziene
voorwaarden voldoet een voogd toegewezen. Hij krijgt dus een voogd.
De plaatsing van de minderjarige waarvoor de dienst effectief een
opvang zoekt, ressorteert onder de verantwoordelijkheid van de
minister van Sociale Integratie.
Volgens de informatie die kon worden bekomen, zou het OCMW van
Waregem een initiatief zijn voor lokaal onthaal. Indien nodig zal
tevens een verdere identificatie worden uitgevoerd van de niet-
begeleide minderjarige. Dat vond reeds voor een van de vier
betrokken personen plaats.
In verband met de burgerlijke aansprakelijkheid van de voogd is
artikel 14, titel 13, hoofdstuk 6 Voogdij van de programmawet van
24 december 2002 duidelijk. Dit stelt dat artikel 1384 van het
Burgerlijk Wetboek niet van toepassing is op de krachtens de wet
15.01
Stefaan
De
Clerck,
ministre: La question concerne le
placement de quatre demandeurs
d'asile mineurs et divers services,
que je n'ai plus été en mesure de
contacter dans leur totalité dans le
délai aussi court.
Les mineurs non accompagnés
qui satisfont aux conditions sont
confiés à un tuteur. Le placement
de ces mineurs relève de la
compétence de la ministre de
l'Intégration sociale. Le CPAS de
Waregem
constituerait
une
initiative d'accueil local.
Une identification ultérieure est
effectuée si nécessaire, ce qui a
déjà été le cas pour un des
quatre mineurs.
En
ce
qui
concerne
la
responsabilité civile du tuteur,
l'article 1384 du Code civil ne
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
aangewezen voogd.
In uitvoering van deze wet voorziet artikel 8 van het KB van
22 december 2003 dat de dienst Voogdij een verzekeringspolis afsluit
voor elke voogd die van de wettelijk voorziene vergoedingen geniet
teneinde de burgerlijke aansprakelijkheid en de lichamelijke schade
die een voogd als gevolg van een ongeval met het voertuig dat hij in
het kader van zijn opdracht gebruikt te dekken.
Daarnaast wordt door de dienst Voogdij tevens een polis burgerlijke
aansprakelijkheid afgesloten voor de niet-begeleide minderjarigen
voor wie een voogd werd aangesteld. De dienst Voogdij betaalt
jaarlijks ongeveer 3 600 euro aan premies.
Ik kom aan de strafrechtelijke aansprakelijkheid. De niet-begeleide
minderjarigen vallen onder het algemene regime van de wet
12 april 1965 inzake de jeugdbescherming. Ingeval van inbreuk
kunnen zij voor de jeugdrechtbank worden gebracht. Daar kunnen
uiteraard maatregelen worden opgelegd.
De verzekeringsmatige aspecten van de voogdij en van de
minderjarige worden uiteraard geregeld.
s'applique pas au tuteur. Le
Service des tutelles souscrit pour
chaque tuteur qui bénéficie des
indemnités légales une police
d'assurance
couvrant
la
responsabilité
civile
et
les
dommages physiques résultant
d'un accident avec le véhicule qu'il
utilise pour accomplir ses tâches.
Les mineurs non accompagnés
eux-mêmes
bénéficient
d'une
assurance responsabilité civile
souscrite par ce même service qui
verse quelque 3.500 euros de
primes par an.
Les mineurs non accompagnés
sont soumis aux dispositions de la
loi du 12 avril 1965 relative à la
protection de la jeunesse en ce qui
concerne la responsabilité pénale.
15.02 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, ik apprecieer dat u er op korte termijn toch in
geslaagd bent om een vrij volledig antwoord te geven.
Mijn enige vraag zal ik nog eventjes opnieuw stellen: wat als de
verzekeringsmaatschappij de betaalde schade wil terugvorderen
omdat bijvoorbeeld het schadetoebrengend feit eigenlijk onder
verzwarende omstandigheden valt die de verzekeringsmaatschappij
toelaten om verhaal uit te oefenen op diegene die de schade heeft
toegebracht? Hier, in dit geval, merk ik dat er wel een probleem zou
kunnen zijn in het geval die verzekeringsmaatschappij terugvordering
wil doen van de door haar uitbetaalde sommen. Maar ik zal die vraag
opnieuw stellen en ze eens aan verschillende instanties voorleggen,
want daar gaat het natuurlijk wel om.
15.02 Peter Logghe (Vlaams
Belang): La réponse est déjà
relativement
complète.
Mais
qu'advient-il lorsque la compagnie
d'assurances
veut
récupérer
l'indemnité versée, par exemple
parce que le fait qui a occasionné
les
dommages
relève
des
circonstances aggravantes qui
permettent
à
la
compagnie
d'assurances d'exercer un recours
contre celui qui a occasionné les
dommages?
Je
poserai
la
question à plusieurs instances.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
16 Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Justitie over "de achterstand in de
behandeling van burgerrechtelijke opdrachten door de justitiehuizen" (nr. 14765)
16 Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de la Justice sur "l'arriéré dans la réalisation des
missions de droit civil par les maisons de justice" (n° 14765)
16.01 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, mijn vraag
gaat over de achterstand in de justitiehuizen en daarover werden in
het verleden ook al vragen gesteld.
Uw voorganger heeft destijds geantwoord dat er in 2008 honderd
extra justitieassistenten zouden worden aangeworven voor de
justitiehuizen. In die periode, maart 2008, heeft uw voorganger verteld
dat de achterstand in het justitiehuis van Hasselt opliep tot drie
maanden en in Tongeren zelfs tot vijf maanden. We spreken hier over
burgerrechtelijke opdrachten.
Op het terrein bereiken mij steeds meer signalen dat de situatie niet
16.01 Hilde Vautmans (Open
Vld): Afin de résorber l'arriéré
dans les maisons de justice,
dix nouveaux assistants de justice
devaient être recrutés en 2008.
Toutefois, entre-temps, l'arriéré
dans la réalisation des missions
de droit civil par les maisons de
justice de Hasselt et Tongres
aurait
encore
augmenté
et
s'élèverait déjà à huit mois. Est-ce
exact? Comment le ministre
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
verbeterd is en dat de achterstand nog oploopt. Er zou tegenwoordig
een achterstand zijn van bijna acht maanden. Iedereen weet dat de
dossiers waarover het hier gaat zeer delicaat van aard zijn. Het gaat
voornamelijk over de situatie van kinderen na de scheiding van hun
ouders. In dergelijke gevallen vijf tot acht maanden moeten wachten
is volgens mij niet verantwoord.
Werden er in 2008 inderdaad nieuwe justitieassistenten aangeworven
in de justitiehuizen in Tongeren en in Hasselt? Ik beperk mij
voornamelijk tot Limburg, dat zult u mij niet kwalijk nemen. Zo ja,
hoeveel?
Kunt u bevestigen dat er in die justitiehuizen nog steeds een
aanzienlijke achterstand bestaat en kunt u de cijfers hiervan geven?
Uw voorganger heeft destijds zelfs het aantal dossiers vermeld. Op
welke manier meent u in de toekomst die achterstand weg te werken
en te vermijden? Wegwerken is één zaak, maar we moeten er
natuurlijk voor zorgen dat we niet opnieuw achterstand creëren.
Bent u het ermee eens dat dit een delicate materie is die op zeer
korte termijn een oplossing behoeft? Binnen welke termijn meent u de
achterstand te kunnen wegwerken?
compte-t-il s'y prendre pour
résorber cet arriéré et le prévenir à
l'avenir? Le ministre souscrit-il à
l'idée qu'il est impératif de
résorber à très court terme cet
arriéré dans les dossiers de droit
civil qui sont par définition des
dossiers délicats?
16.02 Minister Stefaan De Clerck: Mevrouw de voorzitter, in de
justitiehuizen werden in 2008 nieuwe justitieassistenten aangeworven.
Voor Hasselt en Tongeren werd via het personeelsplan 2008 in totaal
in zeven aanwervingen voorzien, namelijk vier voor Hasselt en drie
voor Tongeren. Deze aanwervingen werden opgestart vanaf 1
december 2008 zodat de personeelsleden begin 2009 aan hun
opdrachten konden beginnen.
In verband met de evolutie van de wachtlijsten heb ik toch andere
informatie dan u. De wachtlijsten in beide justitiehuizen voor de sector
burgerrechtelijke opdrachten, zijn aanzienlijk gedaald sinds begin dit
jaar. In Tongeren werd de wachtlijst meer dan gehalveerd, te weten
van achtenvijftig opdrachten begin 2009 naar zeventien opdrachten
begin oktober. Tegen einde 2009 verwacht het justitiehuis de
wachtlijst volledig te hebben weggewerkt.
Ook in Hasselt is er een dalende trend, namelijk van zesendertig
dossiers begin 2009 naar zevenentwintig dossiers begin oktober. De
daling is hier minder sterk, mede ingevolge de bijkomende voor het
wegwerken van wachtlijsten in andere sectoren. Zo is de wachtlijst in
Hasselt voor dossiers inzake elektronisch toezicht gedaald van
drieëndertig naar veertien sinds begin 2009; men heeft zich meer
gericht op die zaken. Er is ook een daling van de wachtlijst inzake
probatie van drieënnegentig naar negenenvijftig.
Momenteel is de aanwerving van achttien Nederlandstalige statutaire
justitieassistenten lopend, waarvan twee voor Tongeren en één voor
Hasselt. Bij deze verdeling werd rekening gehouden met de huidige
werklast in alle opdrachten en de evolutie van de nieuwe opdrachten
in 2009.
De nieuw aan te werven justitieassistent in Hasselt zal het team van
de burgerrechtelijke opdracht versterken. Hierdoor kan de
achterstand in de komende maanden wellicht volledig worden
weggewerkt.
16.02
Stefaan
De
Clerck,
ministre:
En
2008,
quatre
nouveaux assistants de justice ont
été recrutés à Hasselt et trois l'ont
été à Tongres. Ces assistants ont
pu entrer en fonction au début de
2009. Dans ces deux maisons de
justice, la liste d'attente s'est
considérablement
réduite.
Fin
2009, Tongres aura réduit à zéro
sa liste. À Hasselt, la baisse dans
les dossiers de droit civil est moins
marquée car cette ville s'est
employée
simultanément
à
supprimer les listes d'attente dans
d'autres secteurs.
Actuellement, dix-huit procédures
­ dont deux pour Tongres et une
pour Hasselt - sont encore en
cours en vue du recrutement
d'assistants
de
justice
néerlandophones. Ces agents
supplémentaires
accéléreront
encore la suppression des listes
d'attente.
Les listes
d'attente
sont
effectivement un problème délicat
qui concerne tous les secteurs qui
sont de la compétence des
maisons de justice. C'est la raison
pour laquelle il convient de les
éviter.
Dès
lors,
nous
intensifierons encore nos efforts
06/10/2009
CRIV 52
COM 648
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
De wachtlijsten zijn een delicate materie, niet enkel in de sector van
de burgerrechtelijke opdrachten maar in alle sectoren. Er zijn niet
alleen wachtlijsten op Vlaams niveau, maar ook op federaal niveau.
Een wachtlijst dient zoveel mogelijk vermeden te worden. Bijkomende
inspanningen werden in dit verband geleverd.
Uit de voorgaande cijfers leid ik in elk geval resultaten af. We zullen
deze inspanningen verder aanhouden en op deze weg voortgaan.
We mogen ook niet vergeten dat de werklast van de justitiehuizen
structureel afhankelijk is van een fluctuerende input van opdrachten
waarop het justitiehuis geen directe invloed heeft. Binnen dergelijke
context ontstaan soms wachtlijsten als gevolg van snelle stijgingen
aan inputzijde. Pas in een latere fase en mits een aangroei van het
personeel kan hierop worden gereageerd. Dat gebeurt nu.
Het is zo dat de burgerrechtelijke zijde belangrijk wordt. Aanvankelijk
was
het
niet
de
bedoeling
om
in
het
kader
van
echtscheidingsproblemen te interveniëren. Justitiehuizen werden met
een andere doelstelling opgericht. Nu worden ze steeds meer in
familiaalrechtelijke materies aangewend. Dat vraagt een aanpassing
aan personeelszijde, rekening houdend met het stijgend aantal
burgerrechtelijke opdrachten.
pour atteindre cet objectif. D'autre
part, la charge de travail qui pèse
sur les maisons de justice fluctue
de sorte que des listes d'attente
temporaires
se
forment
quelquefois en raison d'un afflux
de missions plus important. Il ne
peut y être porté remède qu'en
procédant à un stade ultérieur à
des recrutements.
16.03 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, ik dank u
voor de cijfergegevens, maar u antwoordde niet op de vraag hoelang
de wachttijd is. Uw voorganger zei duidelijk dat het in Hasselt drie
maanden was, en in Tongeren vijf maanden. U zegt dat het aantal
dossiers is gedaald. Dat is goed nieuws. Mij bereiken echter signalen
dat de wachttijd opgelopen is. Misschien komt het door de
complexiteit van de hangende dossiers. Dat begrijp ik zeer goed.
Heeft u zicht op de wachttijd? Acht maanden is wel heel lang in een
echtscheidingsprocedure.
16.03 Hilde Vautmans (Open
Vld): Le ministre n'a pas répondu
à la question relative à la longueur
des délais d'attente. La diminution
du nombre de dossiers est une
bonne chose mais cela n'implique
pas
nécessairement
qu'une
augmentation des délais d'attente
est exclue, par exemple dans le
cas de dossiers très complexes.
16.04 Minister Stefaan De Clerck: Als men mij meedeelt dat in
Tongeren tegen het einde van het jaar alle dossiers zullen zijn
afgehandeld dan betekent zulks dat er een wachttijd is van nauwelijks
drie maanden. Dat zou een goed signaal zijn.
In Hasselt is de situatie iets problematischer en zou die termijn wat
langer kunnen zijn, maar er komt een personeelslid bij.
16.04
Stefaan
De
Clerck,
ministre: Si l'on me dit que l'arriéré
sera
entièrement
résorbé
à
Tongres d'ici la fin de l'année, cela
signifie que les délais d'attente
seront ramenés à trois mois à
peine. La situation est plus
problématique à Hasselt : là, une
personne supplémentaire sera
engagée.
16.05 Hilde Vautmans (Open Vld): Wanneer zou dat bijkomend
personeelslid in dienst treden?
16.05 Hilde Vautmans (Open
Vld): Quand est prévue son entrée
en service?
16.06 Minister Stefaan De Clerck: Daarop kan ik geen precieze
datum kleven. De aanwerving is lopende. Ik hoop dus voor het einde
van dit jaar.
16.06
Stefaan
De
Clerck,
ministre: J'ignore la date exacte,
mais la procédure de recrutement
suit son cours. J'espère que
l'entrée en service interviendra
avant la fin de l'année.
CRIV 52
COM 648
06/10/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Ik begrijp dat er een agendaprobleem is. U dient voor twaalf uur te vertrekken.
16.07 Minister Stefaan De Clerck: Ik moet naar de FOD
Binnenlandse Zaken om een aantal dossiers over justitie te
bespreken. Dat was gepland om 12.00 uur.
De voorzitter: Dan vrees ik, collega's, dat wij deze vergadering nu niet kunnen voortzetten.
Ik stel het volgende voor.
Voor donderdagnamiddag hebben wij geen vergadering gepland, maar misschien kunnen de overblijvende
vragen dan worden gesteld. Er zijn immers nog veel vragen.
16.08 Minister Stefaan De Clerck: Ik raadpleeg mijn agenda, maar
dat lijkt mij moeilijk.
De voorzitter: U hoeft uw tijdsindeling niet mee te delen, mijnheer de minister. Laten wij straks de agenda
nog eens bekijken.
16.09 Minister Stefaan De Clerck: Ik heb er evenwel geen problemen
mee om onze werkzaamheden deze namiddag voort te zetten.
De voorzitter: Collega's, gaat u akkoord met de wijziging van de agenda, in die zin dat de overige vragen
worden gesteld zodra wij klaar zijn met de vergadering over assisen?
La continuation des travaux aura lieu cet après-midi.
16.10 Bert Schoofs (Vlaams Belang): Ik stel voor om de vragen van
de leden die niet in de mogelijkheid zijn om deze namiddag aanwezig
te zijn, uit te stellen naar een volgende commissievergadering.
De voorzitter: Dat hebben wij met deze vragen ook gedaan. In dat verband wordt soepelheid aan de dag
gelegd, zeker voor degenen die vorige keer op de afspraak waren, maar van wie de vragen niet konden
worden behandeld.
La réunion publique de commission est levée à 12.05 heures.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 12.05 uur.