KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 610
CRIV 52 COM 610
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRÉSENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
woensdag
mercredi
01-07-2009
01-07-2009
Voormiddag
Matin
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
aansluiting op het net van de offshore
windparken" (nr. 13766)
1
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le raccordement au
réseau des parcs éoliens offshore" (n° 13766)
1
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
vaststelling
van
de
distributienettarieven"
(nr. 13802)
2
Question de Mme Katrien Partyka au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la fixation des tarifs du
réseau de distribution" (n° 13802)
2
Sprekers: Katrien Partyka, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Katrien Partyka, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de
minister van Klimaat en Energie over "de rol van
de DG Energie in het uitvoeren van de
prospectieve studie aardgas" (nr. 13576)
4
Question de Mme Marie-Martine Schyns au
ministre du Climat et de l'Énergie sur "le rôle de la
DG Énergie dans la réalisation de l'étude
prospective relative au gaz naturel" (n° 13576)
4
Sprekers: Marie-Martine Schyns, Paul
Magnette, minister van Klimaat en Energie
Orateurs:
Marie-Martine
Schyns,
Paul
Magnette, ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
adviezen van de Algemene Raad van de CREG
en van Elia met betrekking tot de prospectieve
studie inzake de elektriciteitsbevoorrading 2008-
2017" (nr. 13674)
6
Question de Mme Marie-Martine Schyns au
ministre du Climat et de l'Énergie sur "les avis du
Conseil général de la CREG et d'Elia concernant
l'étude prospective d'approvisionnement en
électricité 2008-2017" (n° 13674)
6
Sprekers: Marie-Martine Schyns, Paul
Magnette, minister van Klimaat en Energie
Orateurs:
Marie-Martine
Schyns,
Paul
Magnette, ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Rita De Bont aan de minister
van Klimaat en Energie over "compensaties voor
de uitstoot van broeikasgassen bij verplaatsingen
per vliegtuig" (nr. 13776)
8
Question de Mme Rita De Bont au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les compensations
pour les émissions de gaz à effet de serre
générées par les déplacements en avion"
(n° 13776)
8
Sprekers: Rita De Bont, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Rita De Bont, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Samengevoegde vragen van
10
Questions jointes de
10
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Klimaat en Energie over "de bouw van een
nieuwe kerncentrale" (nr. 13875)
10
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la construction d'une nouvelle
centrale nucléaire" (n° 13875)
10
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "het voorstel van SPE om
een nieuwe kerncentrale te bouwen" (nr. 13927)
10
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la proposition de SPE de construire
une nouvelle centrale nucléaire" (n° 13927)
10
Sprekers: Peter Logghe, Flor Van Noppen,
Paul Magnette, minister van Klimaat en
Energie
Orateurs: Peter Logghe, Flor Van Noppen,
Paul Magnette, ministre du Climat et de
l'Énergie
Vraag van mevrouw Karine Lalieux aan de
minister van Klimaat en Energie over "het plan om
een overheidsbedrijf voor elektriciteitstrading op
te richten" (nr. 13905)
12
Question de Mme Karine Lalieux au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le projet de création
d'un 'trader' public de l'électricité" (n° 13905)
12
Sprekers: Karine Lalieux, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Karine Lalieux, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Sofie Staelraeve aan de
minister van Klimaat en Energie over "de formule
van het halfpension" (nr. 13921)
14
Question de Mme Sofie Staelraeve au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la formule de la demi-
pension" (n° 13921)
14
Sprekers: Sofie Staelraeve, Paul Magnette,
Orateurs: Sofie Staelraeve, Paul Magnette,
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
minister van Klimaat en Energie
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Sofie Staelraeve aan de
minister van Klimaat en Energie over "het
aanbieden van gratis vakanties" (nr. 13996)
16
Question de Mme Sofie Staelraeve au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'offre de vacances
gratuites" (n° 13996)
16
Sprekers: Sofie Staelraeve, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Sofie Staelraeve, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Flor Van Noppen aan de
minister van Klimaat en Energie over "de extra
heffingen opgelegd aan de energiesector"
(nr. 14038)
18
Question de M. Flor Van Noppen au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les redevances
supplémentaires
imposées
au
secteur
énergétique" (n° 14038)
18
Sprekers: Flor Van Noppen, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Flor Van Noppen, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
van Klimaat en Energie over "windenergie"
(nr. 14055)
20
Question de M. Peter Logghe au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'énergie éolienne"
(n° 14055)
20
Sprekers: Peter Logghe, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Peter Logghe, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Samengevoegde vragen van
21
Questions jointes de
21
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "de studie naar de ideale
energiemix in België" (nr. 14077)
21
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'étude relative au mix énergétique
idéal en Belgique" (n° 14077)
21
- de heer Bart Laeremans aan de minister van
Klimaat en Energie over "de studie naar de ideale
energiemix in België" (nr. 14078)
21
- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'étude relative au mix énergétique
idéal en Belgique" (n° 14078)
21
- mevrouw Karine Lalieux aan de minister van
Klimaat en Energie over "het rapport over de
toekomst van ons land op het vlak van energie"
(nr. 14098)
21
- Mme Karine Lalieux au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le rapport sur le futur énergétique
du pays" (n° 14098)
21
Sprekers:
Flor
Van
Noppen,
Bart
Laeremans, Karine Lalieux, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs:
Flor
Van
Noppen,
Bart
Laeremans, Karine Lalieux, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
WOENSDAG
1
JULI
2009
Voormiddag
______
du
MERCREDI
1
JUILLET
2009
Matin
______
De vergadering wordt geopend om 10.05 uur en voorgezeten door de heer Bart Laeremans.
La séance est ouverte à 10.05 heures et présidée par M. Bart Laeremans.
01 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "de aansluiting
op het net van de offshore windparken" (nr. 13766)
01 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le raccordement au
01.01 Katrien Partyka (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, er is heel wat te doen over de offshorewindenergie. Het
eerste park werd vorige week geopend. Een van de problemen blijft
de aansluiting van die windparken op het elektriciteitsnet.
Mijnheer de minister, op welke manier gaat u deze vorm van
alternatieve energie ondersteunen? Op welke manier kunnen de
parken die verder in zee liggen toch economisch interessant worden
gemaakt?
Welke initiatieven zult u nemen inzake het zogenaamde stopcontact
op zee?
Zijn er reeds afspraken gemaakt met uw collega's uit de landen die
grenzen aan de Noordzee, om de verschillende windmolenparken in
de Noordzee met mekaar te verbinden?
01.01 Katrien Partyka (CD&V):
Le premier parc éolien offshore a
été inauguré la semaine dernière.
L'un des problèmes qui subsistent
est le raccordement de ces parcs
éoliens au réseau d'électricité.
Comment le ministre compte-t-il
encourager ce type d'énergie de
remplacement?
Comment
les
parcs situés plus loin en mer
pourront-ils néanmoins devenir
économiquement
intéressants?
Quelles initiatives le ministre
prendra-t-il concernant la fameuse
connexion en mer? Le ministre a-t-
il déjà conclu des accords avec
ses collègues de pays limitrophes
de la mer du Nord pour relier entre
eux les différents parcs éoliens de
la mer du Nord?
01.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Partyka, artikel 7, §2, van de elektriciteitswet voorziet momenteel in
een kaderfinanciering van 25 miljoen euro per project van 216
megawatt of meer, die wordt gespreid over vijf jaar, vanaf het begin
van de aanleg van de onderzeese kabel. De financiering moet samen
met de andere steunmaatregelen worden bekeken, zoals de groene
01.02 Paul Magnette, ministre:
Un financement-cadre de 25
millions d'euros par projet de
minimum 216 mégawatts a été
inscrit dans la loi sur l'électricité.
Ce
financement
doit
être
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
stroomcertificaten, die dergelijke projecten ook in financiële milieus
aantrekkelijk maken en dus voor de nodige externe financiering
moeten zorgen.
De federale regering heeft zich er tijdens de Lente van het Leefmilieu
toe verbonden om dit steunregime te behouden, als garantie voor de
stabiliteit van het juridische en financiële kader van de projecten. Het
feit dat bepaalde locaties verder zijn verwijderd dan andere, heeft
nieuwe geïnteresseerden helemaal niet ontmoedigd om aanvragen in
te dienen voor projecten die zij voldoende rendabel achten in het
kader van het actuele steunregime.
De wijze van ontsluiting van de drie eerste parken die een
domeinconcessie verkregen in de Noordzee, is nu reeds
geformaliseerd. Latere evoluties of zelfs eventuele overnames van
deze aansluitingen door de transportnetbeheerder Elia zouden
kunnen worden overwogen in het kader van de investeringsplannen
van Elia, mits voldoende financiële vergoeding daarvoor.
Voor de andere parkprojecten van meer dan 900 megawatt is de
vraag naar het te voorzien aansluitingstype, inzonderheid door het
installeren van een aansluitingsplatform op zee, nog niet afgerond. Zij
wordt thans met andere denkpistes bestudeerd door de
transmissienetbeheerder Elia, in samenwerking met de CREG en mijn
diensten.
Op mijn initiatief werd op 12 juni een akkoord bereikt tussen de
ministers van de verschillende partnerlanden van het Pentalateraal
Energieforum, België, Nederland, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg,
betreffende de omtrekken van een werkprogramma dat het overleg
van dit forum over het installeren van een transmissienet van
elektriciteit in de Noordzee moet structureren. Zo zijn wij tevens
overeengekomen dat het werkprogramma een optimale actiezone zou
bepalen. Dit programma zal eveneens de voornaamste medespelers
moeten identificeren, hun rol in deze context en het geheel van
technische, juridische en budgettaire uitdagingen moeten definiëren,
alsook de middelen om hieraan te beantwoorden tegen eind 2009.
considéré
en parallèle avec
d'autres mesures de nature à
permettre un financement externe.
Le
gouvernement
fédéral
maintiendra ce soutien.
Les sites plus éloignés n'ont pas
dissuadé les nouveaux intéressés
d'introduire des demandes. Le
mode de connexion des trois
premiers parcs qui ont obtenu une
concession en mer du Nord a déjà
été
formalisé.
De
nouvelles
évolutions ou des reprises de ces
connexions
par
Elia
sont
envisageables. La question du
type de connexion pour les projets
de parcs de plus de 900
mégawatts n'est pas encore
réglée. Elia examine le problème
en collaboration avec la CREG et
mes services.
À mon initiative, les ministres des
pays
partenaires
du
Forum
énergétique pentalatéral du 12 juin
dernier ont conclu un accord sur
les
grandes
lignes
d'un
programme de travail destiné à
structurer la concertation de ce
forum en ce qui concerne la mise
en
place
d'un
réseau
de
transmission de l'électricité en mer
du Nord. Le programme devra
également identifier les principaux
participants et circonscrire les
défis techniques, juridiques et
budgétaires ainsi que les moyens
permettant d'y répondre pour fin
2009.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister van Klimaat en Energie over "de vaststelling
van de distributienettarieven" (nr. 13802)
02 Question de Mme Katrien Partyka au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la fixation des tarifs du
02.01 Katrien Partyka (CD&V): Het hof van beroep heeft de
koninklijke besluiten nietig verklaard op basis van twee elementen.
Het advies van de Raad van State gaf al aan dat een
overlegvergadering op kabinetsniveau niet gelijk is aan een formeel
overleg. In die zin was al aangekondigd dat er een probleem zou
rijzen. Anderzijds heeft het hof de twijfel over de conformiteit met het
Europees recht weggenomen.
02.01 Katrien Partyka (CD&V) :
La cour d'appel a annulé les
arrêtés royaux en matière de tarifs
du réseau de distribution. Or la
CREG a approuvé les tarifs du
gestionnaire mixte flamand de
réseau de distribution le 5 juin
2009.
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
De CREG heeft op 5 juni 2009 de tarieven van de Vlaamse
gemengde distributienetbeheerder goedgekeurd. Wat zijn de
gevolgen van het arrest voor de goedgekeurd tarieven? Riskeren die
niet voor de rechtbank te worden aangevochten?
Welke maatregelen zult u nemen, opdat de distributienettarieven
voortaan juridisch correct kunnen worden vastgesteld?
Quels effets aura cet arrêt de la
cour d'appel sur les tarifs
approuvés? Ne risque-t-il pas d'y
avoir
contestation?
Quelles
mesures le ministre compte-t-il
prendre pour garantir des tarifs de
réseau de distribution à l'abri de
tout reproche juridique?
02.02 Minister Paul Magnette: Met een arrest van 8 juni 2009 heeft
het hof van beroep van Brussel de beslissing van de CREG van
18 november 2008 vernietigd, betreffende het verzoek tot
goedkeuring van het tariefvoorstel van een beheerder van het
distributienet voor elektriciteit. Volgens het hof is de vernietiging
gegrond, omdat het koninklijk besluit van 2 september 2008,
betreffende de distributietarieven voor elektriciteit, geen wettelijke
basis voor die beslissing vormt.
Daarenboven wijst het hof erop dat er bij de uitwerking van het
genoemde besluit niet voldaan is aan twee substantiële
vormvereisten.
Ten eerste, er is niet voldaan aan de wettelijke voorwaarden voor de
toepassing van artikel 88 van de gecoördineerde wetten op de Raad
van State, het inroepen van de hoogdringendheid om advies van de
Raad van State binnen de vijf dagen te verkrijgen, aangezien de
minister heeft nagelaten om bij ontvangst van het advies de
uitwerkingsprocedure onverwijld voort te zetten.
Ten tweede, het overleg met de Gewesten, zoals vastgelegd in artikel
12 octies van de elektriciteitswet, heeft niet plaatsgevonden
overeenkomstig de bepalingen van de wet van 9 augustus 1980 tot
hervorming der instellingen. Die wet organiseert het overleg tussen de
Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten via de oprichting van
een overlegcomité bestaande uit leden van de verschillende
regeringen.
In het kader van voornoemd arrest van het Brusselse hof van beroep
werd de CREG niet gevolgd in haar stelling omtrent het al dan niet
conform zijn van het tariefbesluit met het communautaire recht.
Naar aanleiding van genoemd arrest van het Brusselse hof van
beroep zal binnen de dertig dagen na de rechtspraak eventueel
beroep kunnen worden aangetekend tegen de goedkeuring door de
CREG van de tariefvoorstellen van Eandis, de gemengde
distributienetbeheerders in Vlaanderen, door argumenten aan te halen
die de onwettigheid van genoemd tariefbesluit staven.
Rekening houdend met de rechtsonzekerheid die is ontstaan naar
aanleiding van het arrest en ten gevolge van een arrest dat het
Brusselse hof van beroep heeft uitgesproken in een gelijkaardige
zaak
betreffende
een
tariefbeslissing
aangaande
een
gasdistributiebeheerder, heeft de Ministerraad van 26 juni 2009 een
voorontwerp van wet houdende bevestiging van het genoemd
koninklijk besluit in eerste lezing goedgekeurd.
02.02 Paul Magnette, ministre:
Dans un arrêt du 8 juin 2009, la
cour d'appel de Bruxelles a annulé
la
décision
de
la
CREG
concernant
la
demande
d'approbation de la proposition
tarifaire d'un gestionnaire de
réseau
de
distribution
pour
l'électricité, ce en raison d'un
manque de base légale. En outre,
il n'a pas été satisfait à la
procédure légale visant à obtenir
en urgence un avis du Conseil
d'État et la concertation obligatoire
avec les Régions n'a pas eu lieu.
La cour d'appel de Bruxelles n'a
pas suivi la position adoptée par la
CREG concernant la conformité
au droit communautaire des
arrêtés en matière de tarifs.
Par l'effet de cet arrêt de la cour
d'appel, appel pourra le cas
échéant être interjeté contre
l'approbation par la CREG des
propositions
tarifaires
des
gestionnaires mixtes de réseau de
distribution en Flandre. Compte
tenu de l'insécurité juridique ainsi
créée et de l'arrêt de la cour
d'appel dans une affaire similaire,
le conseil des ministres du 26 juin
a approuvé un avant-projet de loi
confirmant les arrêtés royaux
concernés.
02.03 Katrien Partyka (CD&V): Wanneer zal dat ontwerp door het
Parlement worden behandeld?
02.03 Katrien Partyka (CD&V):
Quand le Parlement traitera-t-il ce
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
U zegt zelf dat men binnen de dertig dagen tegen die beslissingen
beroep kan aantekenen. De tarieven zijn dan toch onzeker als het
door u aangekondigde ontwerp lang op zich laat wachten?
projet? Dans l'hypothèse où ce
projet tarderait à être traité, cela
ne fera-t-il pas naître une
incertitude quant aux tarifs si ces
décisions
sont
susceptibles
d'appel dans les trente jours?
02.04 Paul Magnette, ministre: Dans la décision, le gouvernement a
demandé l'urgence au Conseil d'État. Dès son retour, le texte passera
en deuxième lecture au gouvernement. On espère que ce projet de loi
sera adopté encore avant la fin de la présente session parlementaire,
c'est-à-dire avant le 21 juillet. Mais ce sera court.
02.04 Minister Paul Magnette: De
regering heeft de Raad van State
om
een
spoedbehandeling
gevraagd. Zodra de tekst wordt
teruggestuurd, zal hij voor een
tweede lezing aan de regering
worden
voorgelegd.
Gehoopt
wordt dat het wetsontwerp vóór 21
juli kan worden aangenomen.
02.05 Katrien Partyka (CD&V): Avant le 21 juillet! Merci.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
03 Question de Mme Marie-Martine Schyns au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le rôle de la
DG Énergie dans la réalisation de l'étude prospective relative au gaz naturel" (n° 13576)
03 Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de minister van Klimaat en Energie over "de rol van
de DG Energie in het uitvoeren van de prospectieve studie aardgas" (nr. 13576)
03.01 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le ministre, comme
vous l'aviez mentionné dans une précédente réponse à une question
parlementaire, la loi du 12 avril 1965 relative au transport de produits
gazeux prévoit que l'étude prospective relative au gaz est développée
par la Direction générale Énergie et le Bureau fédéral du Plan.
Auparavant, cette étude était réalisée par la CREG et le Bureau du
Plan.
Par ailleurs, vous avez déclaré: "L'étude prospective relative au gaz
dépend du modèle Pégase qui appartient à la CREG. La DG Énergie
et la CREG ont conclu un accord pour que la CREG puisse procéder
aux simulations nécessaires." "Ensuite, les résultats commentés
seront communiqués à la DG celle-ci n'ayant pas elle-même accès
à l'outil de travail", aviez-vous précisé.
Dans votre réponse, vous ne présentez pas le rôle concret de la
DG Énergie dans l'élaboration de cette étude. J'en déduis que le rôle
de la DG est assez limité, vu que la CREG fournit des résultats
commentés et que la DG n'a pas accès elle-même à l'outil de travail.
Pouvez-vous me préciser le rôle exact de la DG Énergie dans
l'élaboration de cette étude? La loi du 12 avril 1965 prévoit que la
CREG soit consultée. En quoi consiste cette consultation?
03.01 Marie-Martine Schyns
(cdH): Overeenkomstig de wet van
12 april 1965 betreffende het
vervoer van gasachtige producten
wordt er een prospectieve studie
betreffende de zekerheid van de
aardgasbevoorrading
opgesteld
door het Bestuur Energie, in
samenwerking met het Federaal
Planbureau. Voorheen werd die
studie uitgevoerd door de CREG
en het Planbureau.
In dat verband heeft u verklaard
dat er een akkoord was gesloten,
volgens hetwelk de CREG de
nodige simulaties zou uitvoeren.
Aangezien de CREG de van
commentaar voorziene resultaten
levert en het DG Energie geen
toegang
heeft
tot
het
werkinstrument, veronderstel ik
dat de rol van het DG eerder
beperkt is.
Welke rol speelt het DG Energie
precies bij de uitvoering van die
studie? Luidens de wet van 12
april 1965 dient de CREG
geraadpleegd te worden. Wat
houdt die raadpleging precies in?
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
03.02 Paul Magnette, ministre: Madame Schyns, cette étude
prospective sur le gaz est basée en grande partie sur les résultats de
l'étude prospective relative à l'électricité, précédemment élaborée par
la DG Énergie et le Bureau fédéral du Plan. Comme dans cette
dernière étude, l'évolution de la demande énergétique globale à
l'horizon 2020 est mesurée au moyen du modèle "Primes",
couramment utilisé par les experts du Bureau fédéral, sur la base
d'une série d'hypothèses qui déterminent les scénarios. À partir de
cette demande globale, sont déduites les demandes plus particulières
en gaz, produits pétroliers, etc., pour les différents secteurs de
consommation.
Les résultats relatifs à la demande en gaz à des fins de production
d'électricité issus de l'étude prospective électricité, complétés par des
données relatives à l'estimation de la demande en gaz pour l'industrie
et le résidentiel, sont ensuite introduits comme inputs dans le modèle
Pégase afin de pouvoir estimer les demandes en capacités de
transport, de transit et de stockage en gaz naturel. Il s'agit de
satisfaire tant les demandes de base que les demandes de pointe et
d'estimer et quantifier les besoins en flexibilité et en équilibrage du
réseau (le "balancing") pour identifier les éventuels points sensibles
au goulot d'étranglement.
C'est principalement sur ces aspects que le concours de la CREG,
qui dispose du modèle Pégase élaboré à cette fin, est indispensable.
Au-delà de ces questions, l'étude prospective gaz comprend de
nombreux autres chapitres relatifs, notamment, au contexte de la
politique énergétique, au concept de sécurité d'approvisionnement et
aux mesures envisagées en cas de problème d'approvisionnement, à
la description du marché du gaz naturel en Belgique, à son
fonctionnement, aux orientations en termes de diversification des
sources d'approvisionnement, à la qualité de l'entretien du réseau de
transport, au stockage, aux recommandations, etc.
Ceci est du ressort de la DG Énergie et du Bureau fédéral du Plan,
co-auteurs de l'étude, aidés en cela par un groupe de travail
comprenant des experts du GRT, de la CREG et de la Banque
nationale. La CREG a donc été pleinement associée à l'élaboration de
cette étude depuis le début.
Je dois constater que l'accord écrit entre la DG Énergie et la CREG
pour collaborer pleinement et efficacement dans le cadre de ces
études peine à se traduire dans les faits. Or, l`évaluation de la sécurité
d'approvisionnement du gaz et le dimensionnement adéquat et
optimal des réseaux de transport et des points d'entrée en gaz
permettant d'éliminer les risques de congestion est fondamentale
pour le bon fonctionnement des marchés et pour la sécurité des
fournitures aux consommateurs finaux.
Il s'agit là d'une responsabilité partagée entre tous les acteurs du
marché, tant les pouvoirs publics que les régulateurs, les
gestionnaires de réseau et les fournisseurs.
Seule une réflexion et une analyse communes dans le respect du rôle
et des droits et obligations de chaque acteur peut amener des
réponses concrètes et fiables à ces questions. C'est dans cet esprit
03.02 Minister Paul Magnette:
Die
studie
over
de
aardgasbevoorrading
is
grotendeels gebaseerd op de
resultaten van de eerder door het
DG Energie en het Federaal
Planbureau verrichte prospectieve
elektriciteitsstudie. De evolutie van
de globale energievraag tegen
2020 wordt gemeten aan de hand
van
modellen,
waaruit
de
specifieke behoeften van de
diverse sectoren kunnen worden
afgeleid.
De resultaten in verband met de
vraag
naar
gas
voor
de
elektriciteitsproductie
worden
ingevoerd in het Pegasusmodel
om de vraag naar transmissie-,
transit- en opslagcapaciteit van
aardgas te kunnen ramen. Om dat
te berekenen is de samenwerking
met de CREG onontbeerlijk.
Het DG Energie en het Federaal
Planbureau zijn bevoegd voor de
overige
hoofdstukken
(energiebeleid,
veiligheid
en
marktwerking).
Ik stel vast dat er maar moeizaam
uitvoering wordt gegeven aan de
schriftelijke overeenkomst tussen
het DG Energie en de CREG. Ze
zullen echter met elkaar moeten
overleggen om tot concrete en
betrouwbare
antwoorden
te
komen,
uiteraard
met
inachtneming van ieders rol,
rechten en plichten. Indien een
van de actoren weigert mee te
werken, dan zal men daar de
nodige conclusies moeten uit
trekken!
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
que sont conçues ces études prospectives dans un marché qui je le
rappelle est entièrement libéralisé. C'est aussi dans cet esprit
qu'elles continueront à être élaborées. Si un acteur ne voulait pas
collaborer, il faudrait en tirer les conséquences qui s'imposent.
03.03 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le ministre, je vous
remercie pour votre réponse. Vous constatez effectivement que
l'accord écrit entre les différents acteurs a parfois du mal à se réaliser
vraiment dans les faits. Il paraît essentiel à notre groupe que tous ces
acteurs soient associés au maximum d'étapes pour que les résultats
de l'étude soient le plus efficace possible. D'une certaine manière,
vous êtes le garant de cette collaboration que nous souhaitons la
meilleure possible. Nous serons toujours attentifs à la manière dont
cela se passera à l'avenir.
03.03 Marie-Martine Schyns
(cdH): U staat borg voor die
samenwerking en we wensen dat
die zo goed mogelijk verloopt.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
04 Question de Mme Marie-Martine Schyns au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les avis du
Conseil général de la CREG et d'Elia concernant l'étude prospective d'approvisionnement en
électricité 2008-2017" (n° 13674)
04 Vraag van mevrouw Marie-Martine Schyns aan de minister van Klimaat en Energie over "de
adviezen van de Algemene Raad van de CREG en van Elia met betrekking tot de prospectieve studie
inzake de elektriciteitsbevoorrading 2008-2017" (nr. 13674)
04.01 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le ministre, cette
question concerne la deuxième étude prospective que vous avez
évoquée dans votre réponse précédente. Mon collègue, Maxime
Prévot, vous avait interrogé suite aux critiques formulées par le
comité de direction de la CREG et par la Commission
interdépartementale du développement durable (CIDD).
Depuis lors, le Conseil général de la CREG et Elia ont, à leur tour,
émis des critiques à l'égard de ce projet d'étude. Ainsi, le Conseil
général considère que cette étude ne peut servir de cadre de
référence pour les années à venir pour plusieurs raisons. Cela pose
question.
Par exemple, le projet ne formule pas de recommandations relatives
à la sécurité d'approvisionnement alors que l'article 3 de la loi du
29 avril 1999 le prévoit. Le Conseil plaide aussi pour qu'au sein de
chaque scénario développé, on réfléchisse à une approche "Belgique
autonome" en termes d'approvisionnement.
Elia, qui critique aussi cette étude, reproche à ce projet d'étude de
formuler douze scénarios sans en choisir un précisément. Elia se
retrouve donc confrontée à une fourchette trop importante de
possibilités et estime qu'iI sera difficile de réaliser un plan
d'investissement.
Monsieur le ministre, quatre institutions ont émis des critiques sur
cette étude. Ne résultent-elles pas d'un manque de coopération à la
base? Envisagez-vous de demander à la DG Énergie de procéder à
des modifications en concertation avec les acteurs concernés?
Dans votre réponse à M. Prévot, vous disiez qu'une analyse plus fine
des échanges d'électricité dans chaque scénario et des
investissements à consentir si cette même quantité d'électricité devait
04.01 Marie-Martine Schyns
(cdH): De tweede prospectieve
studie inzake gas van het DG
Energie en het Planbureau werd
bekritiseerd
door
het
directiecomité van de CREG en de
ICDO
(Interdepartementale
Commissie
Duurzame
Ontwikkeling). Sindsdien hebben
de Algemene Raad van de CREG
en Elia op hun beurt kritiek
geleverd op de studie.
Vloeit die kritiek niet voort uit een
gebrekkige samenwerking? Zal u
het DG Energie vragen om in
overleg met de betrokken actoren
wijzigingen aan te brengen?
In uw antwoord op een vraag van
de heer Prévot over dit onderwerp
hebt
u
gezegd
dat
de
elektriciteitsuitwisselingen in elk
scenario
en
de
nodige
investeringen in de volgende
studie grondiger zouden kunnen
worden onderzocht. Moeten die
aspecten niet worden opgenomen
in een gecorrigeerde versie van de
studie?
Wat Elia betreft, moet de
mogelijke lokalisatie van de
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
être produite en Belgique pouvait être envisagée dans l'étude
suivante. Ces éléments ne devraient-ils pas figurer dans une
correction de l'étude?
En ce qui concerne Elia, deux questions se posent. Ne devrait-on pas
mentionner la localisation potentielle des futures centrales
électriques? La multiplication des scénarios ne pourrait-elle pas être
affinée afin qu'Elia puisse avoir un plan d'investissements plus facile à
réaliser?
toekomstige elektriciteitscentrales
niet worden vermeld? Kan de
verveelvoudiging
van
de
scenario's niet worden verfijnd,
zodat Elia over een makkelijker te
realiseren investeringsplan kan
beschikken?
04.02 Paul Magnette, ministre: Madame Schyns, je ne pense pas
qu'on puisse attribuer les critiques de la CREG et du Conseil général
de la CREG à un manque de coopération, puisque les experts de la
CREG ont été associés à la rédaction de cette étude depuis le début
des travaux. Il s'agit plutôt d'une différence de vision sur la portée et
l'étendue d'une étude prospective par rapport au programme indicatif
précédent, d'une différence de vues en termes de scénario, de
méthodologie ou de prise en considération de la Belgique isolément
ou de la Belgique dans un ensemble plus grand où jouent les
échanges d'électricité.
Il est de toute façon prévu que les différents avis émis par toutes les
instances concernées soient pris en considération à la fois dans la
présente étude et dans son rapport final quand c'est possible et
certainement dans la suivante si des travaux supplémentaires, de
nouveaux types de scénarios par exemple, sont requis. Une analyse
plus fine des échanges d'électricité sera menée dans la présente
étude, mais le fait de considérer une Belgique autonome en électricité
ne peut se faire sur base de l'étude actuelle, car la méthodologie est
différente.
Une étude prospective fournit des résultats globaux résultant
d'équilibres macroéconomiques. C'est ainsi que, par exemple, si le
prix des combustibles évolue dans tel sens et si les contrats
environnementaux évoluent de telle manière, alors le parc de
production, autrement dit le mix énergétique, évoluera de telle
manière. Ce sont donc des tendances qui se dégagent de ce type
d'étude (x% de charbon, de gaz, d'énergie renouvelable à l'horizon
2020, par exemple). En aucun cas, on ne peut en déduire des
localisations précises (une centrale de tel combustible, de telle
puissance, à tel endroit). Ce genre d'étude ne le permet pas.
Il est exact que les multiples scénarios envisagés ne permettent pas
tel quel au GRT d'élaborer son plan d'investissement réseaux. C'est
la raison pour laquelle un groupe de travail a été mis sur pied par le
GRT pour l'élaboration de ce plan.
Les auteurs de l'étude participeront à ce groupe de travail. L'étude ne
recommande pas un scénario en particulier. En effet, certains
scénarios ne dépendent pas des décisions des pouvoirs publics, mais
de facteurs exogènes comme la croissance économique ou
l'évolution des prix internationaux. L'important est de mesurer l'effet
de certaines politiques et les tendances à long terme.
04.02 Minister Paul Magnette: Ik
denk niet dat de kritiek van de
CREG toe te schrijven valt aan
een gebrekkige samenwerking,
vermits de experts van de CREG
betrokken waren bij het opstellen
van die studie. Er is veeleer
sprake
van
uiteenlopende
meningen over de draagwijdte en
de omvang van de studie.
Met de diverse adviezen zal zowel
in de huidige studie en in het
eindverslag daarvan als in de
volgende studie rekening worden
gehouden.
De
elektriciteitsuitwisselingen
zullen
grondiger
worden
onderzocht in de huidige studie.
Ervan uitgaan dat België in zijn
eigen elektriciteit voorziet, is op
basis van de huidige studie echter
niet mogelijk aangezien er een
andere methode wordt gebruikt.
Een prospectieve studie verstrekt
globale resultaten op grond van
macro-economische evenwichten.
Men kan er zeker niet uit afleiden
waar
de
toekomstige
elektriciteitscentrales
zullen
komen.
Het
klopt
dat
de
transmissienetbeheerder (TNB) op
grond van de talrijke geschetste
scenario's niet zomaar een plan
voor netwerkinvesteringen kan
uitwerken. Om die reden werd
door de TNB een werkgroep
opgericht. De auteurs van de
studie zullen daaraan meewerken.
De studie stuurt niet aan op de
keuze voor een of ander scenario.
Soms spelen immers exogene
factoren een rol. Belangrijk is wel
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
dat de invloed van bepaalde
beleidsmaatregelen
wordt
gemeten en dat de evolutie op
lange termijn duidelijk wordt.
04.03 Marie-Martine Schyns (cdH): Monsieur le ministre, je vous
remercie pour votre réponse.
Je suis heureuse de constater qu'un groupe de travail a été mis en
place et que ce dernier tiendra compte du GRD, mais aussi des
autres acteurs, notamment ceux qui ont participé à l'étude. Je déduis
aussi de votre réponse que certaines modifications et améliorations
seront apportées au rapport final, ce à quoi nous serons attentifs.
04.03 Marie-Martine Schyns
(cdH): Het verheugt me dat er een
werkgroep werd opgericht die
rekening zal houden met de
distributienetbeheerder
(DNB),
maar ook met de andere actoren.
Uit uw antwoord kan ik voorts
afleiden dat er nog een aantal
verbeteringen
zal
worden
aangebracht aan het eindrapport.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Vraag van mevrouw Rita De Bont aan de minister van Klimaat en Energie over "compensaties voor
de uitstoot van broeikasgassen bij verplaatsingen per vliegtuig" (nr. 13776)
05 Question de Mme Rita De Bont au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les compensations pour
les émissions de gaz à effet de serre générées par les déplacements en avion" (n° 13776)
05.01 Rita De Bont (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, de voorzitter van de luchthavenbeheerder van
Charleroi, mevrouw Edmée de Groeve, kwam een paar weken
geleden in het nieuws. Dat gebeurde niet alleen omwille van het
onrechtmatige gebruik van een VISA-kaart, maar ook omwille van het
uitdelen van snoepreisjes.
Voor de eerste vlucht van JetairFly naar Tenerife werden namelijk een
tiental personen uitgenodigd, waarvan enkele uit de heel dichte
omgeving van de Parti socialiste kwamen. Ik zal geen namen
noemen. Zij zullen u wel heel goed bekend zijn.
Het voorgaande is waarschijnlijk als een vorm van advertentie
bedoeld.
Kan u dergelijke reclame voor dat soort heen-en-weerreisjes per
vliegtuig steunen? Kon een dergelijke vlucht, die toch met een niet
onaanzienlijke CO
2
-uitstoot gepaard gaat, niet nuttiger worden
aangewend?
Ten tweede, heeft de Parti socialiste of hebben de personen in
kwestie voor voormelde uitstoot van broeikasgassen van een systeem
van compensatie gebruik gemaakt? Van welk systeem hebben zij in
voorkomend geval gebruik gemaakt?
Ten derde en meer ten gronde, hoe worden de maatregelen met het
oog op de minimalisering van de milieuweerslag van het verplaatsen
per vliegtuig van personeelsleden van het federaal openbaar ambt,
zoals ze in de beleidsnota Klimaat en Duurzame Ontwikkeling van het
voorjaar van 2008 werden aangekondigd, door de federale overheid
nagekomen en ingevuld?
05.01 Rita De Bont (Vlaams
Belang): Mme Edmée de Groeve,
présidente de la société de gestion
de l'aéroport de Charleroi et déjà
bien connue pour l'utilisation indue
d'une carte Visa, retient à présent
l'attention des médias en offrant à
certains
de
petits
voyages
d'agrément. Une dizaine de
personnes de l'entourage direct du
PS ont été invitées à prendre
place dans le premier vol de Jetair
Fly pour Tenerife. Je ne citerai pas
de noms, mais le ministre sait
sans doute à qui je pense.
Ce type de propagande est-il bien
raisonnable compte tenu de
l'émission
de
quantités
non
négligeables de gaz à effet de
serre dont elle s'accompagne? Le
PS a-t-il eu recours à un système
de
compensation
pour
ces
émissions?
La note de politique générale en
matière
de
climat
et
de
développement
durable
du
printemps 2008 comprend des
mesures visant à réduire un
maximum
l'incidence
sur
l'environnement des déplacements
aériens
des
membres
du
personnel fédéral. Comment cet
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
objectif est-il concrètement mis en
oeuvre?
05.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mevrouw De
Bont, voor uw eerste twee vragen ben ik zo vrij u erop te wijzen dat
een verwantschap met een minister of partijvoorzitter nog niet
betekent dat hij of zij bij de partij in kwestie is aangesloten.
Ik zal op dergelijke misplaatste vragen dan ook niet antwoorden.
In antwoord op uw derde vraag zou ik er u daarentegen aan willen
herinneren dat ik in het raam van de Lente van het Leefmilieu een
maatregel heb voorgesteld die erop was gericht de verplaatsingen te
rationaliseren, het gebruik van de trein voor middellange afstanden te
promoten en het systeem van compensatie voor de uitstoot voor alle
verplaatsingen per vliegtuig door de ambtenaren van de federale
overheidsdiensten toe te passen.
Over voornoemd voorstel werd wegens bezwaren van een aantal
regeringspartners spijtig genoeg geen consensus bereikt.
In afwachting dat het voorstel in kwestie alsnog wordt gerealiseerd,
heb ik het initiatief genomen om het systeem alvast toe te passen op
de federale departementen die onder mijn bevoegdheid vallen.
Medewerkers van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de
Voedselketen en Leefmilieu zijn dus verplicht voor verplaatsingen van
minder dan 300 km de trein in plaats van het vliegtuig te nemen. Voor
verdere verplaatsingen dienen zij eveneens de voorkeur aan de trein
te geven, indien de verplaatsing minder dan 8 uur duurt. Indien er toch
moet worden gevlogen, is er een systematische compensatie van de
CO
2
-uitstoot.
Voorgaande maatregel, die reeds verschillende jaren op de dienst
Klimaatverandering van het DG Leefmilieu wordt toegepast, geldt
voortaan voor de hele FOD Volksgezondheid. Ik blijf hopen dat hij
alsnog naar de andere, federale departementen kan worden
uitgebreid.
05.02 Paul Magnette, ministre: Le
lien de parenté d'une personne
avec un ministre ou un président
de parti ne signifie pas qu'elle est
affiliée au parti concerné. Je ne
répondrai dès lors pas à ces
questions déplacées.
En ce qui concerne la troisième
question, j'ai déjà proposé une
mesure tendant à rationaliser les
déplacements, à promouvoir le
chemin de fer pour les moyennes
distances et à appliquer le
système de compensation à tous
les déplacements aériens des
fonctionnaires fédéraux. Aucun
consensus n'a hélas encore pu se
dégager en la matière au sein du
gouvernement.
En attendant sa mise en oeuvre,
j'applique déjà cette proposition au
sein
des
départements
qui
relèvent de ma compétence. Les
collaborateurs du SPF Santé
publique, Sécurité de la Chaîne
alimentaire et Environnement sont
tenus de voyager en train et non
en avion pour les déplacements
de moins de 300 kilomètres ou de
moins
de
8
heures.
Une
compensation systématique des
émissions de CO
2
est prévue pour
les déplacements en avion. Je
continue à espérer que cette règle,
déjà en vigueur depuis quelques
années au Service Changements
climatiques
et
désormais
également dans l'ensemble du
SPF Santé publique, pourra être
étendue à d'autres départements
fédéraux.
05.03 Rita De Bont (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, u bent
uiteraard niet de hoeder van uw broeder. Mijn vraag was eigenlijk of u
deze reclame kon goedkeuren. Ik weet dat uw fractie tegen reclame is
voor wagens die meer CO
2
uitstoten dan het gemiddelde. Ik denk dat
u dan ook geen reclame voor het onnodige gebruik van een vliegtuig
kan goedkeuren. U hebt daar niet op geantwoord. U hebt
waarschijnlijk niet zoveel invloed op verwanten of vrienden en
blijkbaar ook niet zoveel op andere departementen. Vermits het toch
uw functie is en ze tot nu toe niet zo goed is ingevuld, hoop ik dat u
uw collega's van andere departementen toch op een of andere manier
zou kunnen overtuigen van de noodzaak om geen onnodig gebruik te
05.03 Rita De Bont (Vlaams
Belang): Il est vrai que le ministre
n'est pas le gardien de son frère,
mais je lui avais demandé s'il
approuve ce type de publicité. Je
n'ai pas obtenu de réponse à cette
question. Je constate que le
ministre n'a que peu d'influence
sur ses amis et ses parents, et
qu'il n'en a pas davantage sur les
autres départements. J'espère
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
maken van een vliegtuig. Daar gaat het immers om. Anders zie ik niet
in wat de meerwaarde is van de functie die u vervult.
qu'il
pourra
convaincre
ses
collègues de la nécessité de ne
pas se déplacer inutilement en
avion.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Samengevoegde vragen van
- de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "de bouw van een nieuwe
kerncentrale" (nr. 13875)
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "het voorstel van SPE om een
nieuwe kerncentrale te bouwen" (nr. 13927)
06 Questions jointes de
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la construction d'une nouvelle centrale
nucléaire" (n° 13875)
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la proposition de SPE de construire
une nouvelle centrale nucléaire" (n° 13927)
06.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, SPE, bijna de grootste elektriciteitsproducent in
ons land, gooide een steen in de kikkerpoel met haar vraag naar een
nieuwe kerncentrale. Dit feit dwingt de regering in elk geval tot het
innemen van een politiek standpunt. Op het ogenblik dat ik mijn vraag
opstelde, was ik natuurlijk niet op de hoogte van uw interview in
L'Echo de la Bourse. De nieuwe kerncentrale, aldus SPE, zou in elk
geval zorgen voor de herlancering van de economie, zou de
bevoorradingszekerheid op het vlak van energie versterken, zou
leiden tot een betere verdeling van de nucleaire productie onder
verschillende elektriciteitsbedrijven en zou dus de concurrentie
opdrijven.
Ik heb de volgende vragen.
Ten eerste, wat is uw standpunt ondertussen ken ik al een beetje
uw standpunt over kerncentrales over dit voorstel van SPE?
Biedt het voorstel een mogelijkheid om de concurrentie te verhogen
De zeven bestaande kerncentrales in ons land worden allemaal door
ElectrabeI uitgebaat. Zou het niet goed zijn om ook hier
concurrentieverhoging mogelijk te maken?
Het grote probleem is natuurlijk het prijskaartje. Is de regering bereid
hierin bij te springen? Wat zijn de plannen van de regering op korte
termijn? Het wordt tijd dat er op een of andere manier een politieke
beslissing wordt genomen voor of tegen de uitstap uit de kernenergie.
06.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): SPE, le deuxième plus
gros producteur d'électricité en
Belgique veut construire une
nouvelle centrale nucléaire. Cette
initiative obligerait en tout cas le
gouvernement
a
prendre
politiquement position. Selon SPE,
ce plan permettrait de relancer
l'économie, d'accroître la sécurité
d'approvisionnement
et
d'augmenter la concurrence entre
les entreprises d'électricité.
Quel est le point de vue du
ministre dans ce dossier? Est-il
vrai que ce projet pourrait
augmenter la concurrence et
assurer une meilleure répartition
de la production nucléaire, les sept
centrales nucléaires existantes
étant actuellement gérées par
Electrabel? Le coût demeure
toutefois le problème essentiel. Le
gouvernement est-il disposé à
mettre la main au portefeuille?
06.02 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, de heer Logghe heeft de situatie al een beetje geschetst.
Luminus doet dus een voorstel om een nieuwe kerncentrale te
bouwen. Volgens Luminus biedt dit niets dan voordelen: een grotere
bevoorradingszekerheid, het stimuleren van de economische relance
en een betere spreiding van onze energieproductiecapaciteit. Volgens
Elia vormt dat geen enkel probleem en zijn onze netten daarvoor
uitgerust, vooral in Doel.
Ik heb voor u de volgende vragen.
06.02 Flor Van Noppen (N-VA):
SPE-Luminus
propose
la
construction
d'une
nouvelle
centrale nucléaire en Belgique car
ce projet offre de nombreux
avantages, comme une sécurité
d'approvisionnement accrue et
une meilleure distribution du
marché de l'énergie.
Que pense le ministre de la
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
Wat is het standpunt van de regering over dit voorstel? Gaat u
akkoord met de argumenten van SPE?
Tegen wanneer mogen we eindelijk een standpunt van de regering
verwachten met betrekking tot de kernuitstap?
proposition?
Quand
le
gouvernement définira-t-il enfin
clairement sa position sur l'énergie
nucléaire?
06.03 Minister Paul Magnette: Ik heb dit voorstel van SPE via de
krant vernomen. Momenteel kan ik alleen verwijzen naar de wet van
31 januari 2003 betreffende de geleidelijke uitstap uit de kernenergie
voor industriële elektriciteitsproductie. Deze wet bepaalt dat er geen
nieuwe kerncentrales kunnen worden gebouwd.
Voorheen had SPE een aandeel van 4 procent in de productie van de
centrales van Doel 3 en 4 en van Tihange 2 en 3. Op 23 februari van
dit jaar is dit aandeel verhoogd met 6,19 procent in deze centrales.
Een nieuwe kerncentrale zou de concurrentiepositie van SPE zeker
ten goede komen.
Voor de rest verwijs ik naar de voorlopige conclusies van de GEMIX-
studie die gisteren aan de voorzitter van de Kamer en het secretariaat
van deze commissie werden verzonden. De experts van de GEMIX-
groep nemen het scenario van de bouw van een nieuwe kerncentrale
niet op.
06.03 Paul Magnette, ministre:
J'ai appris la proposition de la SPE
par la presse. Conformément à la
loi du 31 janvier 2003 sur la sortie
progressive du nucléaire, aucune
nouvelle centrale nucléaire ne peut
être construite.
Depuis le 23 février 2009, la SPE
détient 6,19% de la production des
centrales de Doel 3 et 4 et de
Tihange 2 et 3, alors qu'elle n'en
détenait auparavant que 4%. Une
nouvelle
centrale
nucléaire
améliorerait sans aucun doute la
position concurrentielle de la SPE.
La Chambre a reçu hier les
résultats provisoires de l'étude
Gemix. La construction d'une
nouvelle centrale nucléaire ne
figure pas parmi les éventuels
scénarios.
06.04 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, ik
dank in elk geval de minister voor zijn duidelijk antwoord. Dans la
queu le venin, zegt men altijd. Op het einde bleek toch wel zeer
duidelijk het standpunt van de minister.
De spreidstand in deze wordt volgens mij toch wel gênant voor de
regering. De interparlementaire werkgroep van de Beneluxraad pleit in
zijn rapport voor een nieuwe kerncentrale of voor uitbreiding van
bestaande kerncentrales omdat wij anders te afhankelijk worden van
buitenlandse elektriciteitsleveranciers. Nu al komt 10 procent van
onze elektriciteit uit het buitenland, al dan niet nucleair.
Er is ook de jongerenorganisatie van een meerderheidspartij die pleit
voor een nieuwe kerncentrale. U pleit voor de uitstap. Op een bepaald
moment zal men volgens mij toch een politieke keuze moeten maken
over het al dan niet uitstappen. Ik kijk met enig ongeduld uit naar die
definitieve politieke beslissing.
06.04 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Le grand écart pratiqué
par le gouvernement devient
gênant à la longue. Le groupe de
travail
interparlementaire
du
conseil de Benelux préconise
l'augmentation du nombre de
centrales nucléaires pour éviter
une trop forte dépendance de
l'approvisionnement en énergie de
l'étranger.
Alors
qu'une
association de jeunes de l'un des
partis de la majorité plaide
ouvertement pour plus d'énergie
nucléaire, le ministre Magnette s'y
oppose résolument. Il est temps
de prendre une décision politique
claire.
06.05 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de minister, ik dank u voor
uw antwoord.
Met het voorstel van SPE-Luminus laat u een mooie kans liggen om
onze Belgische energiemarkt te liberaliseren.
Ik heb deze vraag eigenlijk gesteld omdat de bouw van nieuwe
kerncentrales nog niet voor morgen is, maar alle studies tonen aan
dat men niet meer, of nog niet, kan zonder kernenergie. Om die reden
06.05 Flor Van Noppen (N-VA):
En
ne
répondant
pas
favorablement à la proposition de
la SPE, le ministre manque une
occasion
d'améliorer
la
libéralisation
du
marché
de
l'énergie. Toutes les études
indiquent qu'il faut plus d'énergie
nucléaire. Le moment est venu de
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
stelde ik u de vraag om het debat over de kernuitstap in de regering te
starten.
lancer le débat.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
07 Question de Mme Karine Lalieux au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le projet de création
07 Vraag van mevrouw Karine Lalieux aan de minister van Klimaat en Energie over "het plan om een
overheidsbedrijf voor elektriciteitstrading op te richten" (nr. 13905)
07.01 Karine Lalieux (PS): Monsieur le président, monsieur le
ministre, le journal "La Libre Belgique" du 22 juin fait état d'une note
d'orientation que vous avez présentée au Conseil des ministres
restreint. D'après le quotidien, vous y proposez la création d'une
société publique de commercialisation de l'électricité produite à partir
des centrales nucléaires.
"La Libre Belgique" précise que tous les producteurs d'électricité
nucléaire seront obligés de vendre leur production à un acheteur
public détenu à 100% par l'État à un prix arrêté par l'État sur
proposition de la CREG et après consultation des producteurs.
Nous connaissons tous le problème nous en avons encore parlé
hier que nous rencontrons sur notre marché libéralisé, mais
néanmoins quasiment monopolistique. À cet égard, il me semble qu'il
faut oser explorer de nouvelles pistes ambitieuses car, pour l'instant,
nous subissons en quelque sorte les écueils de deux mondes, à
savoir le laisser-faire de la libéralisation en matière de fixation des prix
et l'absence de concurrence.
Je connais votre détermination dans ce dossier. C'est la raison pour
laquelle je voudrais vous entendre sur ces nouvelles propositions.
Monsieur le ministre, pouvez-vous nous détailler le contenu des
propositions que vous avez soumises à vos collègues du
gouvernement? En quoi ces propositions sont-elles de nature à régler
les problèmes que nous connaissons sur notre marché libéralisé, plus
particulièrement en ce qui concerne la position dominante de
l'opérateur historique? Quel accueil vos propositions ont-elles reçu de
vos collègues du gouvernement?
07.01 Karine Lalieux (PS):
Volgens La Libre Belgique stelt u
voor een overheidsbedrijf op te
richten voor de commercialisering
van
door
kerncentrales
geproduceerde elektriciteit. Alle
producenten
zouden
verplicht
worden hun productie te verkopen
aan een publieke koper die voor
100% in handen van de Staat is
tegen een prijs die door de Staat
op voorstel van de CREG en na
raadpleging van de producenten
wordt vastgelegd.
We
kennen
allemaal
het
probleem: we ondergaan het
laisser faire van de liberalisering
voor de prijszetting en er is geen
mededinging.
Graag ontving ik toelichting bij de
inhoud van uw voorstellen. Hoe
kunnen ze de problemen die we
hebben oplossen, in het bijzonder
de dominante positie van de
historische operator? Hoe werd er
op uw voorstellen gereageerd?
07.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur le président, madame
Lalieux, le projet de création d'un acheteur unique est en effet une
des pistes que j'ai soumises au gouvernement. Cette piste consiste
en la création d'une société publique de commercialisation de
l'électricité produite en Belgique à partir des centrales nucléaires
amorties. Cette société détenue à 100% par l'État serait chargée
d'une double mission: acheter l'électricité de ces centrales à un prix
cost based plus et, ensuite, revendre cette électricité aux fournisseurs
au prorata de leur portefeuille de clients résidentiels ainsi qu'au GRD
à un prix cost based plus inférieur au prix du marché, mais permettant
directement ou indirectement à l'État de recevoir des recettes stables
pour stimuler l'investissement dans de nouvelles capacités de
production et des unités de production à partir de sources d'énergie
renouvelables ou de cogénération de qualité, financer des actions
contribuant à la réduction de la consommation et financer la politique
sociale de l'énergie fédérale.
07.02 Minister Paul Magnette:
Het project waarbij in een enkele
aankoper wordt voorzien, is een
van de pistes die ik aan de
regering voorgelegd heb. Daarbij
zou een overheidsbedrijf worden
opgericht
voor
de
commercialisering
van
door
afgeschreven
kerncentrales
geproduceerde elektriciteit. Die
vennootschap zou worden belast
met het aankopen van elektriciteit
van die centrales tegen een cost
based plus prijs en ze aan de
leveranciers
en
DNB's
doorverkopen tegen een cost
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
Les importations d'électricité par les fournisseurs pour leur fourniture
au client final en Belgique ne sont pas visées par le présent
mécanisme.
Différentes OSP seraient instaurées pour la mise en place concrète
du mécanisme de commercialisation de l'électricité produite par ces
centrales nucléaires amorties de façon à s'assurer que les prix réduits
d'achat d'électricité d'origine nucléaire soient bien répercutés au
niveau du consommateur final.
Ce mécanisme répondrait à plusieurs problèmes fondamentaux du
marché de l'électricité en Belgique. D'une part, il réduirait la rente
infra-marginale des producteurs d'électricité d'origine nucléaire. Il
serait ipso facto en mesure de faire baisser les prix de l'électricité sur
le marché belge. Il mettrait tous les fournisseurs sur un pied d'égalité
en garantissant à tous l'accès à une électricité produite à un coût
moins élevé et, de ce fait, augmenterait significativement le degré de
concurrence sur le marché belge de l'électricité.
Ce mécanisme apparaît évidemment comme une mesure forte et
même drastique. Ce n'est qu'une piste, mais elle répond à des
problèmes réels de mauvais fonctionnement du marché de l'électricité
en Belgique qui sont régulièrement pointés par la CREG et la Banque
nationale, mais aussi par des instances internationales comme la
Commission européenne, l'OCDE, l'Agence internationale de
l'Énergie. Nous savons qu'en Belgique, le manque de concurrence en
amont est criant, la part de l'opérateur historique reste très importante
et les prix de vente au consommateur final restent plus élevés que la
moyenne européenne alors que nous avons un parc de production à
55% de nucléaire et amorti. Nous savons aussi que la rente nucléaire
est importante.
L'expérience récente montre par ailleurs que les pistes dites
alternatives, qui ont été suggérées par les partenaires du
gouvernement, telles que la voie fiscale, la voie des swaps de
capacités de production ou les accords volontaires avec le secteur,
sont des pistes très difficiles voire impossibles à mettre en oeuvre.
Nous avons pu voir dans le passé les résistances de l'opérateur
historique. Nous savons aussi la relative instabilité juridique de la
plupart de ces pistes.
C'est la raison pour laquelle j'ai étudié celle-ci, qui est certes plus
radicale mais qui me paraît répondre vraiment au problème posé par
la structure du marché et avoir une réelle stabilité juridique supérieure
aux autres pistes.
based prijs die lager ligt dan de
marktprijs, maar waardoor de
Staat zou beschikken over stabiele
inkomsten om de investering aan
te zwengelen in nieuwe productie-
eenheden
voor
hernieuwbare
energie of warmtekrachtkoppeling
en om acties om het verbruik te
doen dalen, en het sociaal beleid
van de federale energie, te
financieren. Dit mechanisme heeft
geen betrekking op de invoer van
elektriciteit.
Dankzij dat mechanisme zou men
de elektriciteitsprijs kunnen laten
zakken
en
zouden
alle
leveranciers op voet van gelijkheid
komen te staan waardoor er
aanzienlijk meer concurrentie zou
ontstaan.
Het is voorlopig nog een piste,
maar ze speelt in op de problemen
die te wijten zijn aan de slechte
werking van de markt. Er is een
nijpend tekort aan mededinging en
de prijs voor de consument is nog
steeds hoger dan het Europees
gemiddelde,
terwijl
we
een
productiepark hebben dat voor
55% uit kerncentrales bestaat en
afgeschreven is. We weten ook
dat de nucleaire rente aanzienlijk
is.
De alternatieven zijn moeilijk, zo
niet onuitvoerbaar. Bovendien zijn
ze uit een juridisch oogpunt
onzeker. Daarom bestudeerde ik
deze mogelijkheid, die ongetwijfeld
drastischer is.
07.03 Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour cette réponse précise. Il est vrai que différentes pistes ont été
mises sur la table du gouvernement et qu'il y a eu beaucoup de
résistances de la part de certains partenaires. Les parlementaires se
plaignent toujours du manque de concurrence; ils l'ont encore répété
hier. J'espère, cette fois-ci, que les partenaires du gouvernement
feront preuve de bon sens et vous suivront dans cette mesure forte
peut-être, mais qui est prise aussi dans d'autres pays. Il devient
absolument nécessaire de réguler un peu plus le marché belge.
07.03 Karine Lalieux (PS): Ik
hoop dat de regeringspartners uw
voorstel zullen aanvaarden. Het is
absoluut
noodzakelijk
de
Belgische markt wat meer te
reguleren.
Het incident is gesloten.
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
L'incident est clos.
08 Vraag van mevrouw Sofie Staelraeve aan de minister van Klimaat en Energie over "de formule van
het halfpension" (nr. 13921)
08 Question de Mme Sofie Staelraeve au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la formule de la demi-
08.01 Sofie Staelraeve (Open Vld): Mijnheer de minister, een tijd
geleden heeft de verbruikersorganisatie OIVO gesignaleerd dat nogal
wat vakantiegangers dure producten zouden aangeboden krijgen
wanneer zij kiezen voor halfpension. Daarbij zouden de klanten
bijvoorbeeld een vast bedrag betalen voor logies en maaltijden, maar
hebben zij slechts een heel beperkte keuze of gaat het om kleine
gerechten in plaats van het beloofde menu. Dergelijke praktijken
komen uiteraard neer op misbruik van vertrouwen van de consument.
Daarenboven brengen zij de horecasector en de toeristische sector
schade toe. Wie dat doet, moet dan ook worden aangepakt.
Daarom had ik graag vernomen of er gevallen bekend zijn van
Belgische toeristen in het buitenland of van bezoekers aan Belgische
logies die met dergelijke misbruiken van de formule van het
halfpension werden geconfronteerd. Zo ja, om hoeveel gevallen gaat
het?
Komen de gemelde problemen in specifieke formules voor,
bijvoorbeeld vooral bij internetboekingen of veeleer bij pakketreizen of
andere formules? Valt daar een lijn in te trekken?
Wat kan de vakantieganger doen wanneer hij daarmee wordt
geconfronteerd in binnen- of buitenland?
Is de bemiddelingscommissie Reizen daar eventueel al tegen
opgetreden?
Plant u daarover eventueel overleg met de betrokken sectoren?
08.01 Sofie Staelraeve (Open
Vld): Si l'on en croit le CRIOC, de
très nombreux vacanciers sont la
dupe d'offres de mauvaise qualité
dans le cadre de la formule de la
demi-pension. Le choix des repas
serait limité et les portions sont
souvent trop réduites.
Le ministre dispose-t-il pour 2007
et 2008 de données chiffrées
concernant le nombre de touristes
belges à l'étranger ou le nombre
de visiteurs dans des hôtels
belges qui ont été confrontés à ce
type d'abus? Les problèmes de ce
genre
se
posent-ils
essentiellement dans le cadre de
formes spéficiques de réservation
telles que les voyages à forfait ou
la réservation de logements?
Que peuvent faire les vacanciers
lorsqu'ils sont confrontés à des
abus?
La
commission
de
médiation litiges voyages a-t-elle
déjà pris des mesures pour
remédier à ce type de problèmes?
Le ministre s'est-il déjà concerté
avec le secteur?
08.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw Staelraeve, de pakketreizen
die logies met of zonder maaltijden omvatten, zijn onderworpen aan
de wet tot regeling van het contract tot reisorganisatie. De aard en het
aantal van de maaltijden die eventueel zijn inbegrepen, moeten
worden vermeld in de brochure die deel uitmaakt van het contract. De
gegeven omschrijving mag geen misleidende aanwijzingen bevatten.
De reisorganisator is aansprakelijk voor de goede uitvoering van het
contract overeenkomstig de verwachtingen die de reiziger op grond
van het contract en/of de brochure rederlijkerwijze mag hebben. De
bijzondere voorwaarden die in de brochure worden vermeld, bevatten
vaak nuttige en algemene informatie over maaltijden. De diversiteit en
de kwaliteit van de maaltijden kan met name afhangen van het type
hotel, de periode van het jaar en niet te vergeten de eetgewoonten in
het gastland. Bij gebrek aan precieze vermeldingen over de
aangeboden maaltijden mag de consument gerechtvaardigde
verwachtingen hebben rond de diversiteit, het niveau en de
uitgebreidheid van de aangeboden maaltijden. De beoordeling moet
echter geval per geval gebeuren en zal steeds deels subjectief blijven.
08.02 Paul Magnette, ministre:
Les voyages à forfait sont soumis
à la loi régissant le contrat
d'organisation de voyages et le
contrat
d'intermédiaire
de
voyages. Le nombre et la nature
des repas compris dans le prix de
la
réservation
doivent
être
mentionnés dans la brochure
jointe au contrat de réservation. Le
descriptif du voyage ne peut être
trompeur.
L'organisateur
du
voyage est responsable de la
bonne exécution du contrat.
La qualité des repas dépend de
différents facteurs, comme le type
d'hôtel, la période de l'année et les
habitudes alimentaires du pays
hôte. Le consommateur peut avoir
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
Er zijn bij de algemene directie Controle en Bemiddeling slechts
enkele gevallen bekend waarin een consument klaagde dat hij bij een
reis in het buitenland niet de gevraagde maaltijd had gekregen, dat
die van slechte kwaliteit zou zijn geweest of dat de keuze beperkt zou
zijn geweest.
Het beperkt aantal klachten had betrekking op pakketreizen. De
klagers waren niet tevreden over logies, vervoer of de georganiseerde
uitstappen. Aangezien de klachten van burgerlijke aard zijn, is de
ADCB niet bevoegd om hiervoor op te treden. De klagers werden in
die gevallen doorverwezen naar de geschillencommissie Reizen. De
klachten over de kwaliteit van het aangeboden verblijf en de omgeving
niet conform hotel, geen animatie, middelmatige maaltijden, vuile
kamers, werken, geluidshinder enzovoort maakten in 2008 44
procent uit van de geschillen die via arbitrage bij de
geschillencommissie Reizen werden geregeld.
Er zijn geen andere statistieken over de klachten betreffende de
formule van halfpension om te achterhalen welke de desbetreffende
boekingswijzen zijn. Het lijkt er evenwel op dat bepaalde klachten
veeleer de all-informule betreffen. De consument moet zo snel
mogelijk en ter plaatse elk duidelijk misbruik ter zake signaleren aan
het hotel. Als de situatie niet wordt verholpen, moet hij zijn klacht
bevestigen bij de reisorganisator uiterlijk een maand na het einde van
zijn reis. Bij gebrek aan een minnelijke schikking kan de consument
klacht
indienen
bij
de
geschillencommissie
Reizen.
De
geschillencommissie Reizen beoordeelt geval per geval door het
voorgestelde aanbod en de situatie waarin de consument zich
bevond, te vergelijken op basis van bewijzen: foto's, films,
getuigenissen, bewijsstukken enzovoort.
Er is met de reissector geen overleg gepleegd over de aangehaalde
problematiek.
des attentes justifiées par rapport
au niveau des repas, mais
l'évaluation doit se faire au cas par
cas et sera toujours partiellement
subjective.
La direction générale Contrôle et
Médiation n'a reçu qu'un nombre
limité de plaintes à propos de la
qualité ou du choix des repas lors
d'un séjour à l'étranger. Ces
plaintes concernaient des voyages
organisés. Il existe également des
plaintes relatives à l'hébergement,
au transport et aux excursions.
Comme il s'agit de plaintes de
nature civile, elles ont été
transmises à la commission
«Litiges voyages». En 2007 et
2008, les plaintes concernant la
qualité des séjours représentaient
respectivement 51,3 % et 43,3 %
des litiges qui ont été réglés par un
arbitrage sous l'égide de cette
commission. Nous ne disposons
pas de chiffres distincts pour le
nombre de plaintes concernant la
formule de demi-pension ou le
type de réservation.
Le consommateur doit signaler
tout abus le plus rapidement
possible à l'hôtel. Si cette
démarche demeure sans effet, il
doit confirmer sa plainte à
l'organisateur au plus tard un mois
après le voyage. A défaut
d'arrangement à l'amiable, il peut
s'adresser
à
la commission
«Litiges voyages».
Il n'y a pas eu de concertation à ce
sujet avec le secteur des voyages.
08.03 Sofie Staelraeve (Open Vld): Dank u, mijnheer de minister. U
hebt geen precieze cijfers over het aantal klachten met betrekking tot
aanbiedingen in dat verband, wel globaal, heb ik begrepen, 44
procent van de arbitrage. Betekent dat dat de reactie op de bewering
van OIVO door de reissector zelf dat die praktijken onbestaand zijn,
gegrond is?
Wanneer een organisatie dergelijke praktijken aanklaagt, zijn er toch
concrete gegevens en dan moet het toch een bekommering zijn om
niet in het wilde weg te schieten, want anders wordt heel de sector
mee de dieperik ingesleurd. Dat is niet de bedoeling, gezien onze in
België toch zeker Bourgondische levensstijl en ons ruime aanbod ter
zake.
08.03 Sofie Staelraeve (Open
Vld): Si une organisation comme
le CRIOC met un problème
comme celui-là sur la table, c'est
qu'il doit exister des données à ce
sujet. Mais, manifestement, le
ministre ne dispose pas de chiffres
précis. Puis-je en conclure que la
réaction du secteur des voyages
selon lequel de telles pratiques
sont inexistantes est fondée? Le
ministre compte-t-il examiner ce
problème de plus prés?
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
Er zijn dus geen cijfers en u bent niet van plan daar dieper op in te
gaan, of misschien wel?
08.04 Paul Magnette, ministre: Comme je vous l'ai dit,
l'administration a reçu très peu de plaintes. Il ne me paraît donc pas
très urgent d'ouvrir une enquête ou de mener une concertation.
08.04 Minister Paul Magnette: De
administratie heeft zeer weinig
klachten gekregen. Een onderzoek
of overleg lijken mij ook dan niet
meteen noodzakelijk.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van mevrouw Sofie Staelraeve aan de minister van Klimaat en Energie over "het aanbieden
van gratis vakanties" (nr. 13996)
09 Question de Mme Sofie Staelraeve au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'offre de vacances
09.01 Sofie Staelraeve (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, deze vraag betreft dezelfde sector, maar is iets concreter.
De FOD Economie heeft gewaarschuwd voor het optreden van de
firma Mobile Media Marketing, die mensen via mail of brief een gratis
reis naar Turkije zou aanbieden. Wie achter het aanbod zit of wat
precies wordt aangeboden is onduidelijk. Gratis bestaat echter niet en
dat blijkt dan ook al snel want wie aanspraak wil maken op het
aanbod moet immers eerst 98 euro op een rekening storten om in
aanmerking te komen.
Volgens de FOD Economie zou Deco Tours, een reisorganisatie die
in België geen vergunning zou hebben, achter het aanbod zitten. Dit
alles ruikt naar bedrog. De FOD Economie waarschuwt dan ook
terecht, vandaar mijn volgende vragen, mijnheer de minister.
Ten eerste, hoeveel Belgen werden al gecontacteerd door Mobile
Media Marketing, en stortten reeds het bedrag van 98 euro? Wat
kunnen mensen die dat hebben gedaan, doen om dat bedrag te
recupereren?
Ten tweede, klopt het dat Deco Tours geen vergunning heeft in
België? Kan er tegen Deco Tours worden opgetreden door de
Belgische overheid?
Ten derde, Mobile Media Marketing zou zijn gevestigd in het Verenigd
Koninkrijk of in Duitsland, dat is nogal vaag. Een aantal jaren geleden
werd de internationale samenwerking tegen consumentenbedrog
uitgebreid. Hoe werken de verschillende diensten in dit concrete
dossier samen? Gaat die samenwerking verder dan loutere
informatie-uitwisseling en waarschuwingen tussen de verschillende
landen? Wordt er ook concreet opgetreden door de economische
controlediensten?
Ten vierde, zijn er precedenten bekend van andere aanbieders van
gratis vakanties? Kan daartegen voldoende krachtig worden
opgetreden?
09.01 Sofie Staelraeve (Open
Vld): Le SPF Economie met en
garde contre les agissements de
la société Mobile Media Marketing
qui propose un voyage gratuit en
Turquie, moyennant paiement
préalable d'une somme de 98
euros. Deko Tours qui proposerait
le voyage par l'intermédiaire de
Mobile
Media
Marketing
ne
dispose pas, semble-t-il, de la
licence
nécessaire
pour
commercialiser
des
voyages
organisés en Belgique.
Combien de personnes ont déjà
été contactées et combien parmi
elles ont versé les 98 euros?
Pourront-elles
récupérer
cette
somme? Est-il exact que Deko
Tours ne dispose pas de licence?
Où
en
est
la
coopération
internationale en matière de lutte
contre
les
arnaques à
la
consommation? Existe-t-il d'autres
dossiers concernant des vacances
`gratuites'?
Est-il
possible
d'intervenir avec suffisamment
d'efficacité?
09.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mevrouw
Staelraeve, het precies aantal Belgen, door Mobile Media Marketing
gecontacteerd, is nog steeds onbekend. De algemene directie
09.02 Paul Magnette, ministre:
Nous ignorons encore le nombre
exact de Belges approchés par
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
Controle en Bemiddeling werd snel gewaarschuwd door de
consumentenverenigingen, die zelf in een korte tijdspanne talrijke van
consumenten uitgaande aanvragen om informatie hadden gekregen.
Dat liet toe meteen te veronderstellen dat een aanzienlijk aantal
mensen was opgebeld en dat die praktijk bij voorkomend geval veel
gedupeerden kon maken wanneer die waren ingegaan op dat
aanbod, dat te mooi is om waar te zijn.
Degenen die er toch de dupe van zijn geweest, kunnen een klacht
indienen bij de algemene directie Controle en Bemiddeling, door het
invullen van het formulier, beschikbaar op de website van de
FOD Economie.
Mijn diensten hebben tegen de aan die praktijk schuldige
dienstverleners al een pro justitia opgesteld, dat zij naar het parket
van Antwerpen hebben verzonden. Eventuele nieuwe klachten zullen
ook ter kennis van de procureur des Konings kunnen worden
gebracht om aan het dossier te worden toegevoegd, opdat de
gedupeerden
zich
burgerlijke
partij
kunnen
stellen
en
schadevergoeding kunnen eisen.
Aangezien het dossier nu in handen is van de Antwerpse gerechtelijke
overheid, mogen de specifieke gegevens van het onderzoek niet
worden onthuld. De modus operandi die door de dienstverleners werd
gebruikt, is goed bekend en is te vergelijken met die voor de valse
loterijen, bijvoorbeeld, waarbij de hoop op winst wordt gewekt tegen
betaling vooraf van dossierkosten. Het feit dat het zogenaamd
gewonnen lot in casu een reis is, is slechts een variant van die modus
operandi.
De aan de laakbare praktijk schuldige vennootschap bestaat meestal
niet, zodat de feiten als oplichting te kwalificeren zijn, een inbreuk die
valt onder de materiële bevoegdheid van de politiediensten. In dit
geval heeft de kwestieuze vennootschap bestaan, zodat de feiten
aanzien kunnen worden als oneerlijke handelspraktijken.
Overigens rechtvaardigen mijn diensten hun territoriale bevoegdheid
op de identificatie van een tussenpersoon in België.
Mobile Media Marketing. Les
associations de consommateurs
ont averti la direction générale
Contrôle
et
Médiation
probablement sur la base de
multiples déclarations faites par
des consommateurs.
Si des personnes ont été dupées,
elles peuvent introduire une plainte
auprès de la direction générale en
complétant un formulaire sur le
site internet. Mes services ont déjà
transmis une série de procès-
verbaux au parquet d'Anvers. De
nouvelles plaintes peuvent être
jointes au dossier.
Le dossier se trouvant entre les
mains des autorités judiciaires
anversoises,
les
données
spécifiques
de
l'enquête
ne
peuvent être dévoilées.
Le modus operandi utilisé est très
connu. Dans le cas qui nous
occupe, la société coupable des
faits existe réellement et les faits
peuvent dès lors être qualifiés de
pratiques commerciales déloyales.
Mes services sont territorialement
compétents puisqu'il existe un
intermédiaire en Belgique.
09.03 Sofie Staelraeve (Open Vld): Mijnheer de minister, de zaak is
dus eigenlijk aan het licht gekomen door klachten bij een of meerdere
consumentenorganisaties. Kunt u zeggen om welke organisatie of
organisaties het gaat?
09.03 Sofie Staelraeve (Open
Vld): L'affaire a été révélée à la
suite de plaintes introduites auprès
d'organisations de consomma-
teurs. Lesquelles précisément?
09.04 Minister Paul Magnette: Neen. Ik zal dat navragen.
09.05 Sofie Staelraeve (Open Vld): Mijnheer de minister, waarom
werd de klacht ingediend specifiek bij het parket te Antwerpen? Uit
alles wat ik erover heb gelezen, bleek het veeleer om Duitsland en
Groot-Brittannië te gaan. Blijkbaar zou er een indicatie zijn.
09.05 Sofie Staelraeve (Open
Vld): Pourquoi les plaintes ont-
elles été transmises au parquet
d'Anvers?
09.06 Minister Paul Magnette: Enkele van de gedupeerden zouden
Antwerpenaars zijn.
09.06 Paul Magnette, ministre: Je
vous
communiquerai
ces
informations ultérieurement.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
10 Vraag van de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de extra
heffingen opgelegd aan de energiesector" (nr. 14038)
10 Question de M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les redevances
supplémentaires imposées au secteur énergétique" (n° 14038)
10.01 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, de begroting voor 2009 bevat twee heffingen die aan de
energiesector worden opgelegd.
Ten eerste, 250 miljoen om de monopoliewinsten van de
kernexploitanten uit te zuiveren.
Ten tweede, u wil nog eens 250 miljoen innen voor de oprichting van
een begrotingsfonds in het raam van publiekprivate samenwerking,
om investeringen te doen op het vlak van energie.
De heffing op de energiewinsten werd reeds in 2008 voor de eerste
keer geïnd via het Synatomfonds. In maart van dit jaar stapte
Electrabel naar het Grondwettelijk Hof om deze belasting aan te
vechten en het geld te recupereren. Volgens Electrabel is deze
maatregel discriminerend en buiten proportie. Ook SPE-Luminus, een
andere kernexploitant, zou naar het Grondwettelijk Hof zijn gestapt. Ik
heb daarover de volgende vragen.
Bent u op de hoogte van de stappen die SPE-Luminus heeft
ondernomen? Wat is uw reactie daarop? Bent u van plan om in 2009
250 miljoen te innen voor het uitzuiveren van monopoliewinsten, zelfs
wanneer het Grondwettelijk Hof daarover nog geen uitspraak heeft
gedaan?
Hebt u reeds overleg gehad met de kernexploitanten over deze
heffing? Zo ja, wat is er uit de bus gekomen? Hebt u die andere 250
miljoen, in het raam van een begrotingsfonds, reeds geïnd? Op een
mondelinge vraag van mij antwoordde u reeds dat dit in 2009 zou
gebeuren.
Hebt u reeds overleg gehad met de sector? Weet u welke projecten
aanspraak zullen kunnen maken op dit fonds? Vindt u een dergelijke
heffing een structurele manier om de gebrekkige Iiberalisering van
onze energiemarkt op te vangen of zijn dit slechts lapmiddeltjes om
onze begroting op te smukken?
10.01 Flor Van Noppen (N-VA):
Le budget 2009 inclut deux
prélèvements
supplémentaires
imposés au secteur énergétique.
Le
premier
prélèvement
de
250 millions
d'euros
vise
à
écrémer
les
bénéfices
monopolistiques des exploitants
nucléaires.
Le
deuxième
prélèvement,
de
250 millions
d'euros également, servira à la
création d'un fonds budgétaire
chargé d'investir dans le domaine
énergétique au sens large.
Electrabel a déjà saisi la Cour
constitutionnelle
précédemment
pour
contester
le
premier
prélèvement et SPE-Luminus lui
emboîte le pas.
Le ministre est-il au courant?
Attendra-t-il le jugement avant de
procéder aux prélèvements en
2009? Ce prélèvement a-t-il déjà
fait l'objet d'une concertation avec
les exploitants nucléaires? L'autre
prélèvement a-t-il déjà été perçu?
Ce prélèvement a-t-il déjà fait
l'objet d'une concertation? Le
ministre sait-il déjà quels projets
pourront donner lieu à des
investissements de ce fonds?
Le ministre estime-t-il que ces
prélèvements
constituent
un
moyen structurel de remédier au
financement inadéquat du marché
de l'énergie ou s'agit-il d'astuces
visant à colmater la brèche dans le
budget?
De voorzitter: U hebt dus nu vraag 14038, en niet vraag 13964, gesteld?
10.02 Flor Van Noppen (N-VA): Inderdaad, vraag 13964 werd in de
plenaire vergadering behandeld.
10.03 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van
Noppen, uiteraard kan ik SPE-Luminus net als andere operatoren niet
verhinderen om de wet aan te vechten bij het Grondwettelijk Hof of
enige andere rechtsinstantie. Ik ben van mening dat de wettelijke
bepalingen in de programmawet van 22 december 2008 duidelijk
genoeg zijn. De Belgische Staat zal haar conclusies ter verdediging
10.03 Paul Magnette, ministre: Je
ne
peux
empêcher
aucun
opérateur de saisir la Cour
constitutionnelle. L'État préparera
sa défense sur la base des
dispositions légales pertinentes.
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
dan ook in die zin voorbereiden.
Die 250 miljoen euro is ingeschreven in de begroting van 2009, zoals
reeds vorig jaar werd beslist. Dit zal dan ook worden geïnd,
rekeninghoudend met alle juridische en feitelijke elementen die op het
ogenblik van de uitwerking gekend zullen zijn.
Over de middelen, ingeschreven in de begroting 2009, is geen overleg
geweest met de kernexploitanten, noch met andere spelers uit de
energiesector.
Zoals reeds is gezegd, is het de bedoeling dat de andere 250 miljoen
euro wordt gestort in een begrotingsfonds met als doel investeringen
en uitgaven op het vlak van het energiedomein te financieren.
Budgettairtechnisch is er reeds een organiek begrotingsfonds in de
uitgavenbegroting 2009 gecreëerd, met name binnen het bestuur
Energie van de FOD Economie. Zoals dit geldt voor elk
begrotingsfonds, zullen eerst de nodige ontvangsten voor het bedrag
van 250 miljoen euro worden geïnd, alvorens de investeringen of
uitgaven kunnen gebeuren.
Zoals voorzien bij de begrotingsopmaak situeert de timing hiervoor
zich in de loop van 2009 en zal aan dit begrotingsfonds normaliter een
wettelijke
basis
worden
gegeven
in
een
eerstvolgende
programmawet.
Het antwoord luidt ontkennend, maar ik sta open voor eender welk
overleg voor zover ze passen binnen de doelstelling die door de
regering is vooropgesteld, namelijk, ik citeer "resoluut werk maken
van de concurrentie in de productie en dus lagere prijzen waarbij
monopoliewinsten worden uitgezuiverd.
In de afspraak die binnen de regering werd gemaakt, staat ter zake
dat het begrotingsfonds zal dienen voor investeringen en uitgaven in
het energiedomein in de brede zin, waaronder maatregelen die
passen in de federale bevoegdheden op het vlak van
energiebesparing, onder meer in het kader van een publiekprivate
samenwerking.
Om er zeker van te zijn dat dit fonds zo efficiënt mogelijk is, zal de
Ministerraad beslissen welke investeringen en uitgaven voorrang
moeten krijgen na grondig onderzoek.
Deze heffing is een van de maatregelen die nodig is om de
liberalisering van de energiemarkt te versnellen en dient geenszins
voor begrotingsdoeleinden, aangezien de ontvangsten zullen dienen
om structurele investeringen en uitgaven te financieren.
Le montant de 250 millions
d'euros est inscrit au budget et
sera perçu. Aucune concertation
n'a eu lieu à ce sujet avec les
exploitants nucléaires.
Les autres 250 millions d'euros
seront versés dans un fonds
budgétaire qui sera doté d'une
base légale dans la prochaine loi-
programme. Cette taxe n'a pas
non
plus
fait
l'objet d'une
concertation mais elle s'inscrit
dans le cadre des objectifs du
gouvernement visant à introduire
la concurrence dans la production.
Les moyens du fonds seront
destinés aux mesures d'économie
d'énergie
et
les
mesures
prioritaires seront définies après
un examen approfondi.
La taxe est une mesure qui
s'inscrit
dans
le cadre
de
l'accélération de la libéralisation du
marché énergétique. Il n'y a aucun
objectif budgétaire, parce que
l'argent
servira
aux
investissements structurels et aux
dépenses.
10.04 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik dank u voor uw uitgebreid antwoord.
Persoonlijk noem ik deze inningen een chantage op de exploitanten
en wil ik erop aandringen om een wettelijk kader uit te bouwen om
heffingen te regelen om de liberalisering in de energiesector verdere
kansen te geven.
10.04 Flor Van Noppen (N-VA): À
mon estime, ces redevances
constituent une forme de chantage
à l'égard des exploitants. Je
préconise d'élaborer un cadre
légal pour donner une chance
réelle à la libéralisation.
Het incident is gesloten.
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
L'incident est clos.
11 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "windenergie"
(nr. 14055)
11 Question de M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'énergie éolienne"
11.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, u kent mijn voorkeur voor windenergie en mijn
affiniteit met deze nieuwe alternatieve energiesector. De aanleiding
voor mijn vraag is een bericht dat ik in Trends las. In dat bericht werd
gemeld dat de Amerikaanse overheid massaal zal inzetten op
alternatieve energie. Er is een stimulusplan en er zijn nog andere
plannen. Wat opvalt, is dat het inzake alternatieve energie vooral over
windenergie gaat. De Amerikaanse overheid en Obama zetten dus
massaal in op windenergie.
De Global Wind Energy Council meldt dat de globale
elektriciteitsproductie via windenergie de komende jaren met
ongeveer 22 procent zou moeten stijgen, vooral dan de productie via
offshorewindparken. Tezelfdertijd zijn er echter indicaties dat vooral
de financiering van de offshorewindparken het grote struikelblok is. C-
Power heeft, u weet dat, de bouw van 24 nieuwe molens moeten
verdagen tot het einde van het jaar, wegens de financiële
problematiek.
Ik heb de volgende vragen.
Hoe staat u tegenover het idee om de elektriciteitsproductie via
windenergie in de komende jaren met 22 procent te laten stijgen? Is
dat een haalbare kaart voor België? Is dat realistisch? Onderschrijft u
de stelling dat vooral de financiering van de projecten het grote
struikelblok vormt voor de uitbouw van nieuwe offshoreparken?
Neemt de regering op korte termijn maatregelen om bijstand te
verlenen om de financiering gemakkelijker rond te krijgen? Wat de
toekomst betreft, als alle projecten lopen zoals ze zouden moeten
lopen en alle concessies zouden lopen zoals ze zouden moeten lopen
en gepland zijn, hoeveel offshorewindparken zouden dan tegen 2015
in België operationeel zijn?
11.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Une étude du Global
Wind Energy Council révèle que la
production mondiale d'énergie
éolienne devrait progresser de
22% au cours de prochaines
années. La question est de savoir
si la Belgique peut également
atteindre de chiffre, compte tenu
du financement laborieux des
parcs éoliens offshore dans notre
pays.
Le ministre pense-t-il que la
Belgique peut atteindre ces 22%?
Partage-t-il l'opinion selon laquelle
le principal obstacle réside dans le
financement? Le gouvernement
prend-il des mesures pour y
remédier? Si l'ensemble des
projets est réalisé, combien de
parcs éoliens offshore la Belgique
compterait-elle en 2015 en mer du
Nord?
11.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Logghe, rekening houdend met het aantal en de kwaliteit van de
projecten van toekenning van domeinconcessies, behoud ik ondanks
de huidige financiële crisis de hoop dat de gehele zone die thans
bestemd is voor de domeinconcessies van offshore windkracht in de
Noordzee operationeel zal zijn in 2020, met een geïnstalleerde
capaciteit van min of meer 2.000 megawatt.
Bepaalde projecten steunen immers op complexe financiële
constructies waarin de banksector een belangrijke rol speelt. Andere
daarentegen zijn eerder gericht op het ruimer gebruik van eigen
fondsen.
Het steunsysteem voor de offshore elektriciteitsproductie en het feit
dat deze steun wordt gewaarborgd door de Staat gedurende een
periode van 20 jaar zou de financiële middens moeten geruststellen.
Het feit dat de eerste windmolens met succes werden geïnstalleerd,
wijst er eveneens op dat het technisch risico kan worden beheerst.
11.02 Paul Magnette, ministre:
Nous espérons que toute la zone
destinée
aux
concessions
domaniales pour la production
d'énergie éolienne offshore en mer
du Nord sera opérationnelle en
2020, avec une capacité de plus
ou moins 2000 MW. Certains
projets reposent sur des montages
financiers complexes, d'autres
sont plutôt axés sur une utilisation
plus large de fonds propres. Le
système d'aide à la production
d'électricité offshore et le fait que
cette aide soit garantie pendant
vingt ans par l'État devraient
rassurer les milieux financiers.
L'installation
des
premières
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
Er wordt niet overwogen om het wettelijk steunkader voor offshore
windenergie te wijzigen. De stabiliteit van dit kader is de beste
garantie op zich.
Indien alle concessies zouden worden verleend voor de drie
overblijvende zones, naast de vier reeds vergunde zones, dan zouden
er zeven windparken in constructie zijn. In 2015 zou men ervan
kunnen uitgaan dat de helft van de totale capaciteit zou zijn
geïnstalleerd, wat min of meer 1.000 megawatt zou kunnen bedragen.
éoliennes prouve en outre que le
risque
technique
peut
être
maîtrisé.
Le cadre légal dans lequel s'inscrit
l'aide à la production d'énergie
offshore ne sera pas modifié. Si
toutes les concessions sont
octroyées pour les trois zones
restantes, sept parcs à éoliennes
devraient être construits. En 2015,
la moitié de la capacité totale sera
installée.
11.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor uw uitgebreid en cijfermatig
onderbouwd antwoord.
Ik maak daaruit op dat de helft van de parken zou moeten bezet zijn
tegen 2015, dat het niet gaat over de technische risico's, die volgens
u beheersbaar zijn, en dat er ingewikkelde financiële structuren
moeten worden opgezet.
Ik wil het optimisme echter wat temperen. Vooraleer Seapower het
eerste windpark in België heeft rond gekregen, is daar een vrij lange
periode overgegaan. Voor de volgende zal de termijn inderdaad wel
korter kunnen zijn. Ik hoop dat 2015 en 2020 inderdaad realistische
termijnen zijn.
11.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang): La moitié des parcs
devrait donc être occupée d'ici à
2015, les risques techniques sont
maîtrisables et des structures
financières complexes devront
être échafaudées.
J'espère que 2015 et 2020 se
révéleront être des délais réalistes.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
Voorzitter: Peter Logghe.
Président: Peter Logghe.
12 Samengevoegde vragen van
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de studie naar de ideale
energiemix in België" (nr. 14077)
- de heer Bart Laeremans aan de minister van Klimaat en Energie over "de studie naar de ideale
energiemix in België" (nr. 14078)
- mevrouw Karine Lalieux aan de minister van Klimaat en Energie over "het rapport over de toekomst
van ons land op het vlak van energie" (nr. 14098)
12 Questions jointes de
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'étude relative au mix énergétique
idéal en Belgique" (n° 14077)
- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'étude relative au mix énergétique idéal
en Belgique" (n° 14078)
- Mme Karine Lalieux au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le rapport sur le futur énergétique du
pays" (n° 14098)
12.01 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, het rapport over de ideale energiemix in België is er. U blijft
echter uitstel vragen. Ik vernam in de pers dat u bijkomend
cijfermateriaal heeft gevraagd om te zien of alles in orde is.
Wat zijn de voorlopige conclusies van de GEMIX?
Wat is volgens de GEMIX momenteel de ideale energiemix?
12.01 Flor Van Noppen (N-VA):
Le rapport sur le mix énergétique
optimal en Belgique existe, mais le
ministre ne cesse de demander
des délais et, entre autres, des
données
chiffrées
supplémentaires.
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
Welke rol speelt kernenergie in deze?
Over welke punten heeft u extra cijfermateriaal gevraagd?
Quelles sont les conclusions
provisoires de Gemix? Quel est,
selon Gemix, le mix énergétique
optimal? Quel rôle est réservé à
l'énergie nucléaire?
À propos de quels aspects le
ministre
a-t-il
demandé
des
données
chiffrées
supplémentaires?
12.02 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, ik
betreur dat u pas gisterenavond de moed heeft gevonden om deze
studie aan het secretariaat van de commissie te bezorgen. Ik had dit
liever veel eerder gezien zodat ik mijn vragen beter kon voorbereiden.
Ik heb slechts een half uur tijd gehad om deze studie diagonaal door
te nemen.
Ik stel vast dat deze studie erg verbleekt bij de studies die we tot nu
toe onder ogen kregen. De studie 2030 van professor D'Haeseleer
was bijvoorbeeld een monumentaal werk. Dit document telt amper 38
bladzijden met op het eerste gezicht vrij weinig nieuwe elementen.
Het is een opsomming van bestaande studies die tegenover elkaar
worden geplaatst, een synoptische tabel zoals we die in het Parlement
al een paar keer hebben gezien. Men weegt een aantal voor- en
nadelen af maar de echte keuzes worden aan de politici overgelaten.
Deze studie stelt heel erg teleur. Ze diende enkel, zoals wij bij
aanvang al aangaven, om tijd te winnen en ervoor te zorgen dat de
regering en de meerderheid niet voor de regionale verkiezingen van
2009 moesten beslissen. U zegt in de krant dat er pas tegen eind
2009 moet worden beslist. U wil dus opnieuw een half jaar winnen.
Klopt het dat u nog eens extra cijfermateriaal hebt opgevraagd en dat
zulks pas in september ter beschikking zal zijn? Waarop slaat dit
cijfermateriaal?
Ik vind deze studie heel beknopt. Ze telt slechts 38 pagina's. Betreft
het een samenvatting?
Welke conclusies trekt u zelf uit deze studie?
12.02 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Il est regrettable que
l'étude en question n'ait été
transmise qu'hier soir à notre
commission. Je n'ai disposé que
d'une demi-heure pour la parcourir
rapidement.
Cette étude ne fait pas le poids par
rapport à celles qui nous ont été
communiquées jusqu'ici, comme
l'imposante étude Énergie 2030 du
Pr D'Haeseleer. Ce document
compte 38 pages à peine et
comporte assez peu d'éléments
nouveaux à première vue. C'est
un
inventaire
des
études
existantes et un bilan des
avantages et des inconvénients
mais les vrais choix sont laissés
aux responsables politiques.
Cette étude avait pour unique
objectif de gagner du temps pour
permettre au gouvernement et à la
majorité de reporter toute décision
jusqu'après
les
élections
régionales de 2009. Aujourd'hui, le
ministre indique de surcroît que la
décision ne devra intervenir qu'à la
fin de 2009.
Est-il exact que le ministre a
demandé
des
chiffres
supplémentaires, qui ne seront
disponibles qu'en septembre? Sur
quoi portent ces chiffres? S'agit-il
en l'occurrence d'une étude
complète ou d'une synthèse?
Quelles conclusions le ministre lui-
même tire-t-il de cette étude?
12.03 Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, le rapport sur le
futur énergétique du pays vous a été transmis le 30 juin. Les
parlementaires, quant à eux, l'ont reçu ce 1
er
juillet. Cela démontre
l'efficacité en la matière et que l'on ne cache rien. Mes questions
avaient été déposées avant le dépôt de ce rapport, lequel est
12.03 Karine Lalieux (PS): Het
voorlopige
rapport
over
de
toekomst
van
de
energievoorziening in ons land
werd u op 30 juni bezorgd; de
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
provisoire, si l'on en croit la première page du document. Dans ce
cas, cela signifie qu'il est incomplet. C'est ce qu'on avait dit, hier, lors
du débat.
Dès lors, quand disposerons-nous du rapport définitif? Dans quel
délai faut-il s'attendre à connaître les conclusions définitives du
groupe d'experts? Ce rapport sera-t-il soumis à d'autres instances
régulières au niveau belge, c'est-à-dire au Bureau du Plan, par
exemple, au Conseil du développement durable ou à votre
administration, qui remettra ou non une note sur le rapport pour aider
à la prise de décisions. Par ailleurs, je voudrais vous entendre sur le
rapport et ses conclusions. Je suppose que la rentrée verra la mise
sur pied d'un grand débat après la réception du rapport définitif.
parlementsleden kregen het op 1
juli, vandaag dus. Wanneer
mogen we het definitieve rapport
verwachten? Zal dat rapport aan
andere
Belgische
overheidsinstanties
worden
voorgelegd? Ik zou ook willen
vernemen wat u van het rapport en
de conclusies vindt.
12.04 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, dames en
heren, het tussentijds verslag met betrekking tot de ideale energiemix
werd mij gisteren, dinsdag 30 juni, door de deskundigen van de
GEMIX-groep officieel voorgesteld. Ik heb verduidelijkt dat dit verslag
aansluitend aan de voorzitters van Kamer en Senaat werd bezorgd.
Meerdere lessen kunnen nu al uit dit eerste verslag worden
getrokken. De innovatie van de aanpak van de deskundigen is de
volgende. Voortaan wordt de energiekwestie benaderd vanuit de
vraag en niet meer vanuit het aanbod. Deze aanpak leidt de
deskundigen tot het besluit dat een voluntaristische en normerende
benadering noodzakelijk zal zijn om de onvolkomenheden van de
marktmechanismen te verhelpen en de evolutie van de vraag naar
boven toe geleidelijk aan te begrenzen. Zij benadrukken dat een
dergelijke keuze de steun van alle beleidsniveaus zal vereisen en wel
op basis van hun institutionele bevoegdheden.
12.04 Paul Magnette, ministre:
Les experts du groupe Gemix
m'ont officiellement présenté le
rapport intermédiaire sur le mix
énergétique idéal hier, mardi 30
juin. Ce rapport a ensuite été
remis aux présidents de la
Chambre et du Sénat.
L'approche
de
la
question
énergétique se fait désormais
sous l'angle de la demande et non
plus sous celui de l'offre. Les
experts concluent qu'il faut une
approche volontariste et normative
pour restreindre la demande
croissante. Ils insistent sur la
nécessité de soutenir ce choix à
tous les niveaux de pouvoir.
Le second enseignement de ce rapport a trait à la rente nucléaire.
Selon les experts, les centrales nucléaires belges ont été construites
dans un environnement de marché réglementé, avec un appui
important des autorités publiques. Ces unités sont caractérisées par
des coûts d'investissement très élevés par rapport à des coûts de
fonctionnement faibles.
Par ailleurs, la libéralisation des marchés de l'électricité s'est produite
à un moment où le parc des centrales nucléaires était déjà largement
amorti. Elle a également modifié la formation des prix de l'électricité.
Dès lors, s'est produite une différence entre le prix de marché, issu de
l'équilibre offre-demande souvent déterminé par les unités au charbon
et au gaz naturel, au coût de fonctionnement élevé, et le coût faible
supporté par les opérateurs disposant d'unités nucléaires largement
amorties. Ces dernières sont en effet indépendantes des prix des
combustibles fossiles.
Aussi, du fait des interconnexions européennes et de l'impossibilité
pour plusieurs pays de construire de nouvelles unités nucléaires, les
opérateurs nucléaires historiques bénéficient-ils d'une "rente de
rareté", qui correspond à la différence entre le prix du marché
européen et le coût complet du nucléaire historique.
De tweede lering die we uit dat
rapport kunnen trekken, heeft
betrekking op de nucleaire rente.
Volgens de deskundigen werden
de
Belgische
kerncentrales
gebouwd in het kader van een
gereglementeerde
markt
met
aanzienlijke
overheidssteun.
Kenmerkend voor die centrales
zijn
de
zeer
hoge
investeringskosten in verhouding
tot de geringe werkingskosten. De
elektriciteitsmarkten
werden
bovendien geliberaliseerd toen de
kerncentrales
al
grotendeels
waren
afgeschreven.
De
vrijmaking
heeft
ook
de
prijsvorming beïnvloed.
De
historische
nucleaire
operatoren
genieten
een
zeldzaamheidsrente,
die
overeenstemt met het verschil
tussen de Europese marktprijs en
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
Les experts soulignent également que cette question relève de
l'équité intergénérationnelle, "le changement fondamental apporté par
l'adoption de mécanismes de marché ayant pour effet collatéral
d'empêcher que la génération actuelle de consommateurs bénéficie
de l'effort consenti par la génération précédente pour financer la
construction des unités en place".
Ils suggèrent différentes pistes pour capter cette rente au profit des
consommateurs et identifient diverses possibilités de recours à celle-
ci par les autorités publiques, telles que le financement de subsides
aux énergies renouvelables, le financement des efforts en termes
d'efficacité énergétique, le financement des obligations de service
public, la réorganisation du marché en permettant aux concurrents
d'accéder au nucléaire historique sur la base d'un prix régulé à fixer
par une instance indépendante ou encore une taxe au profit du
budget de l'État.
de totale kosten van de historische
kernenergie.
De deskundigen stellen een aantal
mogelijkheden voor om die rente
aan te wenden ten voordele van
de consumenten, alsook een
aantal mogelijkheden voor de
overheid om er gebruik van te
maken.
Met betrekking tot elektriciteit vestigen de deskundigen de aandacht
op het probleem van het aanzetten tot investeren in toptechnologisch
productiecapaciteiten die verbonden zijn aan de vrijmaking van de
markt. Zij beschouwen het topbeheer in feite als een openbare
dienstverlening. Bijgevolg is het de TMB die in deze
toptechnologische middelen zou moeten investeren.
Met betrekking tot de hernieuwbare energievormen bevestigt het
verslag de studie van het Planbureau, dat aangaf dat de aan België
door Europa toegewezen doelstellingen in het raam van het pakket
klimaat en energie inzake hernieuwbare energie te verwezenlijken zijn
binnen een kostendoeltreffendheidsverhouding. De verwezenlijking
van deze doelstellingen is onafhankelijk van de rest van de
energiemix.
En ce qui concerne l'électricité, les
experts soulignent les problèmes
liés aux investissements dans une
capacité de production faisant
appel à des technologies de pointe
et liée à la libéralisation du
marché. Selon les experts, il
appartient au gestionnaire du
réseau de transport d'investir dans
ces technologies de pointe.
S'agissant des formes d'énergies
renouvelables, le rapport confirme
les résultats de l'étude réalisée par
le Bureau du Plan. Selon cette
étude, les objectifs fixés par
l'Europe en matière d'énergies
renouvelables sont conciliables
avec le principe de l'efficacité des
coûts et sont indépendants du
reste du mix énergétique.
En ce qui concerne le pétrole, eu égard à l'évolution des besoins du
secteur des transports, la consommation devrait plutôt tendre à une
stabilisation jusqu'en 2030. La part relative du charbon dans la
consommation intérieure brute finale pourrait rester plus ou moins
constante à l'horizon 2020. Le futur du charbon au-delà dépend
étroitement du déploiement de la filière de capture et de stockage de
carbone, laquelle paraît technologiquement très improbable à
l'horizon 2020. Quant au gaz, les experts concluent que l'évolution
des besoins en gaz naturel est fortement influencée par le futur de la
filière nucléaire, sans toutefois que se produise une ruée vers ce
combustible étant donné l'objectif à atteindre en matière d'énergies
renouvelables.
Wat het aardolieverbruik betreft,
zou ment tegen 2030 veeleer naar
een stabilisatie moeten streven.
De toekomst van steenkool na
2020 hangt af van de ontwikkeling
van de technieken voor het
opvangen en opslaan van koolstof.
Wat gas betreft, komen de experts
tot de bevinding dat evolutie van
de behoeften in hoge mate
beïnvloed wordt door de toekomst
van de kernenergie. Er is echter
geen rush op die brandstof, omdat
men de doelstelling op het stuk
van hernieuwbare energie moet
halen.
Ten slotte blijven de deskundigen bij het vooruitzicht om uit de
kernenergie te stappen en weerhouden zij niet de optie van de bouw
En fin de compte, les experts s'en
tiennent à la perspective de
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
van een nieuwe eenheid, hetgeen "niet in de lijn zou liggen van de
doelstellingen om een evenwichtige energiemix samen te stellen".
Bovendien zouden er tal van onzekerheden zijn met betrekking tot de
werkelijke operationele kost van deze nieuwegeneratiereactoren.
Met betrekking tot de bestaande installaties onderzoeken de
deskundigen drie uitstapkalenders: het uitstappen vanaf 2015
overeenkomstig de kalender die bij wet is voorzien, het uitstellen van
de kalender met 20 jaar voor alle centrales of een uitstel van de
kalender met 10 jaar voor de drie oudste centrales en met 20 jaar
voor de recentste eenheden.
l'abandon du nucléaire. Il subsiste
d'ailleurs de très nombreuses
incertitudes en ce qui concerne les
coûts opérationnels réels de la
nouvelle génération de réacteurs.
En
ce
qui
concerne
les
installations existantes, les experts
examinent trois calendriers de
sortie: une sortie à partir de 2015
conformément au calendrier légal,
un report de 20 ans du calendrier
prévu pour toutes les centrales,
ou, enfin, un report de 10 ans pour
les trois plus vieilles centrales et
de 20 ans pour les unités les plus
récentes.
Conformément aux prescrits de l'arrêté royal du 28 novembre 2008,
j'ai transmis le rapport des experts au Conseil fédéral du
Développement durable et au Conseil central de l'Économie, au sein
desquels il fera l'objet d'un débat avec les experts du GEMIX. La date
butoir pour la remise du rapport final, à l'issue de ces débats, est le
15 octobre 2009.
Par ailleurs, en écho à l'appel des experts en faveur d'une
coopération étroite entre l'ensemble des niveaux de pouvoir, pour la
maîtrise de la demande énergétique, j'ai également fait part de mon
intention de prendre contact avec mes homologues régionaux, dès
que les gouvernements régionaux seront formés en vue de concevoir
un pacte belge sur l'efficacité énergétique.
Le débat sur ce rapport aura donc bien lieu dans la société civile tout
au long de l'été. Nous aurons l'occasion d'y revenir ici dès la rentrée
parlementaire.
Ik heb het deskundigenverslag
bezorgd aan de Federale Raad
voor Duurzame Ontwikkeling en
aan de Centrale Raad voor het
Bedrijfsleven. De einddatum voor
de indiening van het eindverslag is
15 oktober 2009. Ik heb ook mijn
voornemen bekend gemaakt om
contact op te nemen met mijn
ambtgenoten van de Gewesten.
12.05 Flor Van Noppen (N-VA): Mijnheer de minister, ik zal nu niet
reageren, want ik vermoed dat wij daarover in de commissie nog veel
discussies zullen voeren.
12.05 Flor Van Noppen (N-VA):
Je présume que nous aurons
encore de nombreux débats sur
cette question.
12.06 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Wat de heer Van Noppen
net zegt, kan ik alleen maar hopen, maar het is zeker niet
gegarandeerd voor de vakantie, terwijl na de vakantie het water
misschien voorbij de molen is. Gisteren hebben wij al gedebatteerd
over de vraag of er voor de vakantie nog een discussie zou
plaatsvinden, maar dat is nog helemaal niet uitgemaakt.
Mijnheer de minister, ik heb nog een concrete vraag. Het gaat om een
Franstalig document. Is er ook een Nederlandstalig document op
komst of gemaakt, of is er een vertaling van dat document in de
maak?
12.06 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Il y a déjà eu un débat
hier pour déterminer si un débat
devait encore se tenir avant les
vacances, mais la question n'a
pas été tranchée.
Existe-t-il aussi une version du
document en néerlandais ou la
traduction est-elle en cours?
12.07 Paul Magnette, ministre: Vous recevrez bien entendu la
traduction en néerlandais dans les meilleurs délais.
12.08 Bart Laeremans (Vlaams Belang): "Dans les meilleurs délais",
wil dat zeggen: eerstdaags?
01/07/2009
CRIV 52
COM 610
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
12.09 Paul Magnette, ministre: Je l'ai reçu du groupe d'experts,
lequel avait bien entendu pour mission de le rédiger dans les deux
langues. Ils ont terminé le 30 juin. Comme ils ont collaboré avec un
groupe
d'experts
internationaux,
qui
comportait
plusieurs
francophones, ils ont travaillé en langue française et m'ont remis le
rapport en français. Mais nous travaillons à une traduction qui vous
sera remise dans les meilleurs délais.
12.09 Minister Paul Magnette: Ik
heb het van de groep deskundigen
ontvangen. Zij hadden de opdracht
gekregen om het in de twee talen
op te stellen. Ze hebben hun werk
op 30 juni afgerond. Doordat ze
met een groep van internationale
deskundigen samenwerkten die
verscheidene Franstaligen telde,
hebben ze mij het verslag in het
Frans overhandigd. Maar we
werken aan een vertaling die u zo
snel mogelijk zal worden bezorgd.
12.10 Bart Laeremans (Vlaams Belang): U denkt dat dit eerstdaags
beschikbaar zal zijn. Wij zullen dit opvolgen.
Wat de datum betreft, zegt u dat u het onmiddellijk aan ons heeft
bezorgd. U beschikt echter over buitengewone, magische gaven,
mijnheer de minister, want in Le Soir van 27 juni geeft u al een hele
commentaar op dat rapport. Eigenlijk had u het rapport dus al enkele
dagen voordien. Ik vind het jammer dat wij het pas enkele minuten
vóór de bespreking in handen krijgen. Dat is te laat en daardoor
kunnen wij maar gedeeltelijk reageren.
U zegt in het interview ook dat het een Copernicaanse omwenteling is
omdat men nu uitgaat van de vraag. Ik wil dat toch relativeren want
ook de studie 2030 gaat uit van de beheersing van de vraag. Ook
daar wordt dit al heel duidelijk vooropgesteld. Ik betreur ten zeerste
dat u in de opdracht niet in de eventualiteit van nieuwe kerncentrales
van de vierde generaties voorziet. U bekijkt het hele
kernenergieverhaal als een uitdovend verhaal, alleen wordt het
uitdoven misschien met 10 tot 20 jaar opgeschoven. U ziet eigenlijk
alles in functie van de rente en wat het nog kan opbrengen. Voor het
overige is kernenergie volgens u voorbijgestreefd. Er kunnen
nochtans heel veel nieuwe mogelijkheden worden aangeboord met
kernenergie. Men is met het MIRA-project in de Kempen daar volop
mee bezig. Wij weten dat daarover nog een studie loopt. Ik hoop dat
dit onderzoek vanuit Parijs zo snel mogelijk bij ons zal raken. Ik denk
dat dit vóór eind juli zal zijn.
Ik heb nog een laatste vraag, mijnheer de minister. U sprak over
15 oktober. Het was mij niet duidelijk wat er tegen 15 oktober zal
worden beslist.
12.10 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Le ministre pense donc
que cette traduction néerlandaise
sera disponible prochainement.
Nous y serons attentifs. Il ajoute
qu'il nous a envoyé cette étude
immédiatement mais, dans Le Soir
du 27 juin, il commentait déjà ce
rapport en long et en large, ce qui
veut dire qu'il était déjà en
possession de ce rapport depuis
quelques jours.
En outre, le ministre qualifie de
novateur le fait de prendre la
demande comme point de départ
de la réflexion mais l'étude 2030
partait également de la maîtrise de
la demande. Je regrette que cette
étude ne prévoie pas de nouvelles
centrales
nucléaires
de
la
quatrième génération et que le
ministre
considère
l'énergie
nucléaire comme obsolète. En ce
moment même, le projet MIRA, en
Campine, est pourtant en train
d'explorer
de
nouveaux
gisements. Nous espérons que le
travail de recherche accompli à
Paris nous parviendra avant la fin
juillet.
Finalement, nous ne savons pas
encore clairement ce qui sera
décidé d'ici au 15 octobre.
12.11 Paul Magnette, ministre: Le rapport final. L'arrêté royal
prévoyait un rapport préliminaire pour le 30 juin ainsi qu'une
consultation avec le Conseil fédéral du Développement durable et le
Conseil central de l'Économie pendant trois mois. Entre le
30 septembre et le 15 octobre, le groupe d'experts corrigera et
complètera éventuellement son rapport en vue de le remettre au
gouvernement le 15 octobre.
12.11 Minister Paul Magnette: De
groep deskundigen zal zijn verslag
eventueel aanvullen en verbeteren
en het de regering op 15 oktober
bezorgen.
CRIV 52
COM 610
01/07/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
12.12 Bart Laeremans (Vlaams Belang): De finale beslissingen die
daaruit moeten voortkomen, zijn er dan voor het einde van 2009?
12.12 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Les décisions définitives
seront donc prises pour la fin de
2009.
12.13 Minister Paul Magnette: Ja.
12.13 Paul Magnette, ministre:
C'est bien cela.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 11.16 uur.
La réunion publique de commission est levée à 11.16 heures.