KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 604
CRIV 52 COM 604
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
L
ANDSVERDEDIGING
C
OMMISSION DE LA
D
EFENSE NATIONALE
woensdag
mercredi
24-06-2009
24-06-2009
Voormiddag
Matin
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de
minister
van
Landsverdediging
over
"burgerslachtoffers bij een luchtaanval door de
NAVO" (nr. 13403)
1
Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de
la Défense sur "les victimes civiles d'une attaque
aérienne de l'OTAN" (n° 13403)
1
Sprekers: Wouter De Vriendt, Pieter De
Crem, minister van Landsverdediging
Orateurs: Wouter De Vriendt, Pieter De
Crem, ministre de la Défense
Interpellatie van de heer Patrick De Groote tot de
minister
van
Landsverdediging
over
"het
discrimineren bij het rekruteren van militairen op
basis van het medische dossier" (nr. 333)
2
Interpellation de M. Patrick De Groote au ministre
de la Défense sur "l'existence de discriminations
basées sur le dossier médical lors du recrutement
de militaires" (n° 333)
3
Sprekers: Patrick De Groote, Pieter De
Crem, minister van Landsverdediging
Orateurs: Patrick De Groote, Pieter De
Crem, ministre de la Défense
Moties
6
Motions
6
Vraag van mevrouw Brigitte Wiaux aan de
minister van Landsverdediging over "het mandaat
van
de
NAVO-operatie
'Allied
Protector'"
(nr. 13628)
7
Question de Mme Brigitte Wiaux au ministre de la
Défense sur "le mandat de l'opération 'Allied
Protector' de l'OTAN" (n° 13628)
7
Sprekers: Brigitte Wiaux, Pieter De Crem,
minister van Landsverdediging
Orateurs: Brigitte Wiaux, Pieter De Crem,
ministre de la Défense
Vraag van de heer David Clarinval aan de
minister
van
Landsverdediging
over
"de
overbrenging van het stoffelijk overschot van
generaal Deffontaine naar België" (nr. 13693)
8
Question de M. David Clarinval au ministre de la
Défense sur "le rapatriement en Belgique du
corps du général Deffontaine" (n° 13693)
8
Sprekers: David Clarinval, Pieter De Crem,
minister van Landsverdediging
Orateurs: David Clarinval, Pieter De Crem,
ministre de la Défense
Samengevoegde vragen van
9
Questions jointes de
9
- de heer Bruno Stevenheydens aan de minister
van Landsverdediging over "de terugtrekking van
troepen uit Kosovo" (nr. 13697)
9
- M. Bruno Stevenheydens au ministre de la
Défense sur "le retrait de troupes du Kosovo"
(n° 13697)
9
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van
Landsverdediging over "de geleidelijke afbouw
van de KFOR-manschappen" (nr. 13791)
9
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense
sur "la réduction progressive des effectifs de la
KFOR" (n° 13791)
9
Sprekers: Bruno Stevenheydens, Brigitte
Wiaux, Pieter De Crem, minister van
Landsverdediging
Orateurs: Bruno Stevenheydens, Brigitte
Wiaux, Pieter De Crem, ministre de la
Défense
Samengevoegde vragen van
11
Questions jointes de
11
- de heer Bruno Stevenheydens aan de minister
van Landsverdediging over "de deelname van
Belgische
militairen
aan
gevechten
in
Afghanistan" (nr. 13702)
11
- M. Bruno Stevenheydens au ministre de la
Défense sur "la participation de militaires belges à
des combats en Afghanistan" (n° 13702)
11
- de heer Dirk Van der Maelen aan de minister
van Landsverdediging over "een vuurgevecht in
Afghanistan" (nr. 13703)
11
- M. Dirk Van der Maelen au ministre de la
Défense sur "une fusillade en Afghanistan"
(n° 13703)
11
- de heer Patrick De Groote aan de minister van
Landsverdediging over "de recente aanval op
Belgische militairen in Afghanistan" (nr. 13710)
11
- M. Patrick De Groote au ministre de la Défense
sur "la récente attaque contre des militaires
belges en Afghanistan" (n° 13710)
11
- de heer Wouter De Vriendt aan de minister van
Landsverdediging over "de Belgische patrouilles
in Afghanistan" (nr. 13714)
11
- M. Wouter De Vriendt au ministre de la Défense
sur "les patrouilles belges en Afghanistan"
(n° 13714)
11
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van
Landsverdediging over "de aanval op Belgische
militairen in Afghanistan" (nr. 13727)
11
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la Défense
sur "l'attaque de militaires belges en Afghanistan"
(n° 13727)
11
- de heer Gerald Kindermans aan de minister van
Landsverdediging over "het recente incident
waarbij Belgische troepen zouden betrokken zijn
11
- M. Gerald Kindermans au ministre de la Défense
sur "l'incident récent dans lequel des troupes
belges seraient impliquées en Afghanistan"
12
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
in Afghanistan" (nr. 13739)
(n° 13739)
- de heer André Flahaut aan de minister van
Landsverdediging over "de aanval van de taliban
op Belgische militairen in Afghanistan" (nr. 13784)
11
- M. André Flahaut au ministre de la Défense sur
"les attaques de talibans contre les militaires
belges en Afghanistan" (n° 13784)
12
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van
Landsverdediging over "Belgische militairen die in
Afghanistan in een hinderlaag zijn gevallen"
(nr. 13792)
11
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense
sur "des troupes belges prises dans une
embuscade en Afghanistan" (n° 13792)
12
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van
Landsverdediging over "de recente NAVO-
vergadering
van
de
ministers
van
Landsverdediging en de initiatieven die ten
aanzien van Afghanistan werden genomen"
(nr. 13895)
11
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense
sur "la réunion récente des ministres de la
Défense de l'OTAN et les initiatives prises au
sujet de l'Afghanistan" (n° 13895)
12
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van
Landsverdediging over "de procedures voor het
inlichten van de families van militairen in geval
van incidenten tijdens een operatie" (nr. 13896)
11
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense
sur "les procédures d'information des familles de
militaires en cas d'incident sur un théâtre
d'opérations" (n° 13896)
12
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van
Landsverdediging over "communicatieproblemen
tijdens buitenlandse zendingen" (nr. 13900)
11
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la Défense
sur "les problèmes de communication pendant les
missions menées à l'étranger" (n° 13900)
12
Sprekers: Bruno Stevenheydens, Dirk Van
der Maelen, Patrick De Groote, Wouter De
Vriendt, Hilde Vautmans, Pieter De Crem,
minister
van
Landsverdediging, Gerald
Kindermans, André Flahaut, Brigitte Wiaux
Orateurs: Bruno Stevenheydens, Dirk Van
der Maelen, Patrick De Groote, Wouter De
Vriendt, Hilde Vautmans, Pieter De Crem,
ministre de la Défense, Gerald Kindermans,
André Flahaut, Brigitte Wiaux
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE
LANDSVERDEDIGING
COMMISSION DE LA DÉFENSE
NATIONALE
van
WOENSDAG
24
JUNI
2009
Voormiddag
______
du
MERCREDI
24
JUIN
2009
Matin
______
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 11.00 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door de heer Ludwig Vandenhove.
Le développement des questions et interpellations commence à 11.00 heures. La réunion est présidée par
M. Ludwig Vandenhove.
De voorzitter: Vraag nr. 13066 van mevrouw Galant is uitgesteld.
01 Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Landsverdediging over
"burgerslachtoffers bij een luchtaanval door de NAVO" (nr. 13403)
01 Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de la Défense sur "les victimes civiles d'une attaque
01.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, op 19 mei zijn er burgerslachtoffers gevallen bij
een luchtaanval in Afghanistan door de NAVO in Nawa in de provincie
Helmand. Uit het ISAF-persbericht blijkt dat ISAF-soldaten onder vuur
kwamen en daarbij Close Air Support vroegen. Gezien de locatie is
het zeer waarschijnlijk dat het support-vliegtuig uit Kandahar kwam. In
Kandahar roteren de aanwezige gevechtsvliegtuigen om paraat te
staan voor dergelijke Close Air Supportmissies. In Kandahar zijn,
zoals u weet, behalve Belgische ook Amerikaanse, Franse, Britse en
Nederlandse gevechtsvliegtuigen gestationeerd.
Mijnheer de minister, ik heb hierover volgende vragen.
Ten eerste, over hoeveel burgerslachtoffers is sprake?
Ten tweede, waren er Belgische vliegtuigen of Belgische militairen bij
dit incident betrokken?
Ten derde, gezien het hoge risico op burgerslachtoffers bij
luchtaanvallen, de duidelijke strategie van de opstandelingen om
Afghaanse burgers te gebruiken als menselijke schilden en de
negatieve impact van luchtaanvallen op de steun van de Afghaanse
bevolking voor de ISAF-operatie, vindt u dat de NAVO-strategie met
betrekking tot luchtsteun in vraag moet worden gesteld?
Ten vierde, welke bijkomende maatregelen kunnen er op korte,
middellange en lange termijn worden genomen om enerzijds te
voorkomen dat Afghaanse burgers het slachtoffer worden van
luchtaanvallen en anderzijds om te voorkomen dat zij als menselijk
schild worden gebruikt?
Ten slotte, in hoeverre is de Amerikaanse strategie van counter-
01.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Le 19 mai, un raid aérien
de l'Otan en Afghanistan a fait un
certain nombre de victimes civiles.
Combien de victimes civiles ont-
elles été à déplorer? Des militaires
ou des avions belges ont-ils été
impliqués dans cette bavure? Ne
conviendrait-il pas de remettre en
question la stratégie otanienne en
matière d'appui aérien? Quelles
dispositions pourraient être prises
pour éviter qu'il y ait d'autres
victimes civiles parmi la population
afghane? Dans quelle mesure
l'Otan n'a-t-elle pas adopté la
stratégie américaine dite de
counterinsurgency, qui repose sur
le recours à l'aviation?
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
insurgency per vliegtuig overgenomen door de NAVO?
01.02 Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, collega's, de
richtlijnen met betrekking tot de inzet van de luchtmiddelen die de
NAVO onafhankelijk van de eigen strategie van de deelnemende
landen uitvaardigt, zijn zeer duidelijk. Ik heb dat reeds verschillende
keren in deze commissie kunnen benadrukken. Alles moet in het werk
worden gesteld om burgerslachtoffers te vermijden.
Samen met het gebruik van zeer precieze wapens zijn de rules of
engagement, ROE, die door de Belgische piloten worden toegepast
om te bepalen of het gebruik van geweld gerechtvaardigd en legaal is,
het instrument dat de NAVO aanwendt om burgerslachtoffers te
vermijden.
Daarnaast zijn het concept voor de inzet, de voorbereiding en het
professionalisme van de Belgische piloten de beste garantie voor een
correcte inschatting van elke situatie op de grond die een
tussenkomst vergt. Nogmaals, dit gebeurt steeds in navolging van de
rules of engagement.
Men mag niet vergeten dat de tussenkomsten van onze piloten in de
eerste plaats dienen of tot doel hebben de mensen die op de grond
zijn ingezet, te beschermen. Dat is de eerste taak. Tot op heden
hebben onze piloten op dit vlak uitstekend hun taak vervuld.
Met betrekking tot de resultaten van een dergelijke tussenkomst,
zowel de herkomst van de ingezette vliegtuigen als het
uitvoeringsverslag ervan zijn een tussenkomst die hoort onder
geclassificeerde informatie.
01.02 Pieter De Crem, ministre:
Pour éviter les victimes civiles,
l'Otan utilise des armes d'une très
grande précision et applique des
règles d'engagement très strictes,
règles qui déterminent si le
recours à la violence est justifié et
légal. De plus, les pilotes belges
sont excellemment préparés à
évaluer
correctement
toute
situation
au
sol
en
cours
d'intervention. La finalité première
des interventions de nos pilotes
est la protection des personnels
mobilisés au sol. La provenance
des avions utilisés de même que
le rapport d'exécution et les
résultats de l'intervention sont des
informations classifiées.
01.03 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister, ik
leer uit uw antwoord dat u de huidige strategie eigenlijke niet in vraag
stelt, hoewel we kunnen vaststellen dat 2009 een zeer slecht jaar
dreigt te worden niet alleen op het vlak van burgerslachtoffers maar
ook op het vlak van slachtoffers, aanslagen en gewelddadige
incidenten in het algemeen. Dit doet de nodige vragen rijzen over het
succes van de strategie zoals ze vandaag wordt gehanteerd. Ik stel
nogmaals vast dat u dit niet in vraag stelt en de uitgezette lijn gewoon
verder blijft volgen, terwijl de feiten op het terrein toch de nood
bewijzen aan een zekere visie, reflectie en een andere, bredere
strategie. Dat debat hebben wij hier al herhaaldelijk gevoerd.
Ik vind het ook onterecht dat u informatie weigert te geven over het
specifieke incident en of daar Belgische vliegtuigen bij betrokken
waren. De beslissing om Belgische F-16's uit te sturen is een
beslissing die door de publieke opinie moet worden gedragen. Ik kan
mij voorstellen dat de publieke opinie zich zorgen maakt indien zou
blijken dat Belgische vliegtuigen herhaaldelijk/af en toe/incidenteel
burgerslachtoffers zouden maken. Dat is een element dat in het debat
moet worden gebracht. Door uw antwoord verhindert u dit zodat het
debat niet op een ordelijke manier kan worden gevoerd.
01.03 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Le ministre ne remet
donc pas en question la stratégie
actuelle quoique le nombre de
victimes civiles montre clairement
qu'il
est
indispensable
de
consacrer une réflexion aux
interventions des pilotes belges,
de concevoir autrement ces
interventions et d'appliquer, les
concernant, une stratégie plus
globale.
Notre
inquiétude
concernant le fait que des F16 font
souvent ou parfois des victimes
civiles est légitime mais le ministre
empêche ce débat en se référant
au fait que certaines informations
sont classifiées.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Interpellatie van de heer Patrick De Groote tot de minister van Landsverdediging over "het
discrimineren bij het rekruteren van militairen op basis van het medische dossier" (nr. 333)
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
02 Interpellation de M. Patrick De Groote au ministre de la Défense sur "l'existence de discriminations
basées sur le dossier médical lors du recrutement de militaires" (n° 333)b>
02.01 Patrick De Groote (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, collega's, ik wil het vandaag kort hebben over iets wat ik als
symbolisch ervaar. Ik ben getroffen door het verhaal van een jonge
man die zich wil inzetten bij het leger en daarbij met wettelijke
belemmeringen wordt geconfronteerd.
Recent zou zich een kandidaat-rekruut bij Defensie hebben
aangemeld die op basis van zijn medisch verleden zou zijn
geweigerd. De persoon in kwestie is 18 jaar. Ondanks zijn jeugdige
leeftijd heeft hij al een hele strijd tegen kanker geleverd.
Niettegenstaande het feit dat hij deze strijd al twee jaar heeft
overwonnen, krijgt hij opnieuw een zware tegenslag te verwerken.
Men kan kanker overwinnen, maar blijkbaar botst men dan op
vooroordelen en discriminatie en die kan men blijkbaar niet
overwinnen.
Wat kreeg deze persoon te horen? "Wij kunnen u niet aanwerven. De
periode sinds het overwinnen van uw kanker beslaat slechts twee
jaar. Wij kunnen alleen mensen aanwerven met een kankervrije
periode van vijf jaar. Kom binnen drie jaar eens terug."
Ik noem dit een symbooldossier omdat dit aantoont hoe de Staat in de
plaats van het goede voorbeeld te geven en de waarden, principes en
rechten van de mens te verdedigen, deze allemaal overboord gooit.
Dat is jammer. Ik krijg hierbij een gevoel van discriminatie en
uitsluiting. Hier wordt een jongen geweigerd op basis van zijn medisch
verleden.
Ik weet dat men in het leger aan een medisch onderzoek en fysieke
proeven wordt onderworpen. Dit is niet uniek. Het bestaat ook in
andere sectoren. Ik denk aan de politie. Ik vernam dat dit soms ook in
het onderwijs en bij de NMBS gebeurt.
Hier gaat het echter niet om de fysieke conditie, de medische
toestand of de huidige staat van gezondheid. Deze jongen wordt
geweigerd op basis van zijn medisch verleden, weliswaar het recente
verleden, namelijk zijn conditie van twee jaar geleden.
Ik weet dat men in de medische wereld een periode van vijf jaar
hanteert om personen volledig kankervrij te verklaren. Ik ben geen
dokter, maar ik begrijp wel het nut van die termijn. Het is een termijn
waarbij een patiënt een bepaald risico loopt om te hervallen. Bij de
ene kanker is dat risico hoger dan bij de andere kanker. Dit is dus
zeer arbitrair. De herstelde patiënt wordt in die periode best van nabij
gevolgd. Dat betekent dus dat hij regelmatig, halfjaarlijks of jaarlijks,
op controle gaat. Wie de medische preventie hoog in het vaandel
draagt, zal deze periode vanuit het voorzorgsprincipe eerder lang dan
kort houden.
Voor mij is dit een vorm van de schending van de privacy. Kan het
zomaar dat een werkgever het medisch verleden van een sollicitant
opvraagt, zelfs als dit ter sprake komt door een eventuele slip of the
tongue?
Volgens mij gaat hier de opportuniteit verloren. Wij hebben een leger,
maar dan een leger van werklozen. Nu is er iemand die met volle
overtuiging voor het leger kiest en het leger weigert hem.
02.01 Patrick De Groote (N-VA):
Un candidat-militaire âgé de 18
ans aurait été récemment refusé
par la Défense en raison de ses
antécédents médicaux. L'intéressé
a survécu à un cancer il y a deux
ans mais la Défense lui a fait
comprendre qu'elle ne recrutait
que des candidats guéris de leur
cancer depuis au moins cinq ans.
Je considère que ce dossier est
emblématique dans la mesure où
il illustre la manière dont l'État
bafoue les valeurs, les principes et
les droits humains. Nous sommes
en présence ici de discrimination
et d'exclusion.
Je sais que les candidats-militaires
doivent subir un examen médical
et passer des épreuves physiques.
L'armée n'est d'ailleurs pas le seul
secteur où un tel examen et de
telles épreuves sont imposés aux
nouvelles recrues. Je comprends
également l'utilité de ce délai de
rémission de cinq ans durant
lequel le cancéreux risque de faire
une récidive et doit donc être suivi.
Cependant, dans ce cas de figure,
ce délai est de nature à nuire aux
perspectives
d'avenir
de
l'intéressé puisque le candidat
refusé a choisi d'embrasser la
carrière militaire, animé d'une
conviction à toute épreuve.
J'estime que c'est là une forme de
violation de la vie privée. Un
employeur peut-il chercher à
prendre
connaissance
des
antécédents
médicaux
d'un
candidat?
L'armée craint que les dépenses
générées par l'engagement de ces
personnes se révèlent inutiles par
la suite. Il conviendrait dès lors de
mettre sur pied une nouvelle
caisse de sécurité sociale et de
percevoir auprès des employeurs
de nouvelles primes d'assurance
en vue de verser aux personnes
qui viennent de vaincre un cancer
une
sorte
de
revenu
de
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
Het leger geeft aan de maatschappij het signaal dat het liever niet het
risico loopt om iemand aan te werven want het zouden wel eens
allemaal verloren kosten kunnen zijn. Dit wil zeggen dat wij
momenteel een soort nieuwe socialezekerheidskas zullen moeten
oprichten, mijnheer de minister, en een nieuwe verzekeringspremie
aan de werkgevers zullen moeten vragen die moet voorzien in een
soort vervangingsloon voor de vijf jaar nadat personen hun kanker
hebben overwonnen. Het is een soort overbrugging.
Misschien is het cynisch en ik zal proberen af te ronden, maar terwijl
het leger misschien vreest voor de fysieke conditie heeft men in de
sportwereld juist voorbeelden. De grootste pleitbezorgers zijn vaak ex-
kankerpatiënten. Ik denk aan een Lance Armstrong of een Maarten
van der Weyden die acute leukemie had en drie jaar later in een
recordtijd het IJsselmeer overzwom. Ik denk ook nog aan
marathonschaatser Miel Rozendaal. Ik denk dat u mijn punt hebt
begrepen en dat ik geen details meer hoef te geven.
Ik kom dan bij mijn vragen.
Ten eerste, wordt de kandidaat bevraagt over zijn medisch verleden?
Hoe? Gebeurt dit enkel bij de testen betreffende de medische
geschiktheid?
Ten tweede, is een kandidaat-rekruut verplicht om zijn medisch
verleden aan te geven?
Ten derde, kan de medische geschiktheid worden gelijkgesteld aan
het kankervrij verklaren?
Ten
vierde,
is
dit
niet
in
strijd
met
de
Belgische
antidiscriminatiewetten?
Ik dank u alvast voor uw antwoord, mijnheer de minister.
remplacement durant cinq ans.
L'armée justifie cette attitude par
ses préoccupations en matière de
condition physique des recrues,
alors même que les sportifs les
plus en vue sont souvent d'ex-
patients cancéreux. Pensons à
Lance Armstrong ou à Maarten
van der Weyden.
Comment
le
candidat
est-il
interrogé sur son passé médical?
Est-il tenu de détailler son passé
médical? L'aptitude médicale peut-
elle être assimilée à l'absence
totale de cancer chez une
personne? Ces méthodes ne sont-
elles pas contraires aux lois
belges tendant à lutter contre les
discriminations?
02.02 Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
De Groote, u weet dat de rekruteringsvoorwaarden worden bepaald in
de wet van 27 maart 2003 die betrekking heeft op de werving van
militairen, het statuut van militaire muzikanten en tot wijziging van
verschillende wetten van toepassing op het personeel van
Landsverdediging. Het KB van 11 september 2003 betreffende de
werving van militairen bepaalt de medische selectiecriteria waaraan
de sollicitanten dienen te voldoen. Ik denk dat we het daarover nu
hebben.
Om de medische geschiktheid van een sollicitant te kunnen toetsen
aan deze selectiecriteria wordt de sollicitant onder andere bevraagd
over zijn medisch verleden aan de hand van een medische
vragenlijst. Dit is niet enkel en alleen het geval binnen Defensie. Die
bevraging vindt plaats tijdens de testen betreffende de medische
geschiktheid. Er wordt ook opgemerkt dat het medisch dossier strikt
persoonlijk is en dat het onderworpen is aan het medisch geheim. Het
wordt dus niet meegedeeld aan andere mensen binnen Defensie. Het
wordt ook niet meegedeeld aan andere sollicitaties binnen de
privésector.
De sollicitant is natuurlijk verplicht om zijn medisch verleden aan te
02.02 Pieter De Crem, ministre:
Le médecin soumet aux candidats
un
questionnaire
sur
leurs
antécédents médicaux en vue de
déterminer leur aptitude médicale
sur la base des critères de
sélection. Cet examen a lieu
durant les tests. Le dossier
médical est strictement personnel
et est soumis au secret médical.
Le candidat est évidemment tenu
de détailler ses antécédents
médicaux de façon à permettre au
médecin de rendre une évaluation
correcte.
Toute personne qui omet de
communiquer cette information ou
fait une fausse déclaration est
exclue. Cette procédure est
identique à celle appliquée dans le
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
geven om de onderzoekende geneesheer toe te laten een sluitende
medische evaluatie te maken over de medische geschiktheid van de
sollicitant en dit om de functie van militair te kunnen uitoefenen.
De sollicitant die deze informatie niet meedeelt wordt bijgevolg
uitgesloten. Deze procedure is niet anders dan die in de privésector
en ook niet anders dan die in de andere ambtenarijen. Ook in het
geval van valse verklaring wordt de sollicitant uitgesloten of wordt zijn
of haar indienstneming of wederindienstneming indien de valse
verklaring pas na de inlijving aan het licht zou komen van
ambtswege verbroken. Dit gebeurt niet alleen met de ziektebeelden
waarover u hebt gesproken.
Defensie rekruteert ook behandelde en genezen verklaarde
kankerpatiënten in zoverre gedurende de laatste vijf jaar geen herval
werd vastgesteld. Deze periode van vijf jaar wordt algemeen
beschouwd als een termijn waarna een grote kans op genezing
bestaat. Hoewel ik er begrip voor kan opbrengen dat na een soms
lange behandel- en herstelperiode het opgenomen worden in de
arbeidswereld, het weze in de privésector, het weze in de ambtenarij,
het weze bij defensie, belangrijk is, toch is de regelgeving betreffende
de medische selectie bij defensie niet in strijd met de Belgische
antidiscriminatiewet.
Artikel 7 van de wet van 10 mei 2007 bepaalt immers dat ter
bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie er een direct
onderscheid zoals op basis van de gezondheidstoestand kan worden
toegelaten indien dit onderscheid objectief gerechtvaardigd wordt door
een legitiem doel en de hiervoor gebruikte middelen passend en
noodzakelijk zijn.
Daarnaast bepaalt artikel 4 van de wet van 4 augustus 1996
betreffende het welzijn van de werknemers bij uitvoering van hun
werk onder meer dat de Koning bijzondere maatregelen kan
vaststellen om rekening te houden met de specifieke toestand van de
krijgsmacht. De verschillende reglementaire teksten betreffende de
medische selectie voldoen aan al deze wettelijke voorwaarden.
Tot daar mijn antwoord op de interpellatie van collega De Groote, ik
heb echter zelf aangehaald en ben er zelf al mee geconfronteerd, niet
alleen binnen Defensie maar ook op andere niveaus, hoezeer dit
criterium van vijf jaar arbitrair kan lijken. Het is echter een algemeen
geldend criterium.
secteur privé ou dans d'autres
administrations publiques.
La Défense recrute également des
patients cancéreux traités et
guéris pour autant qu'aucune
rechute n'ait été constatée au
cours des cinq dernières années.
La période de cinq ans est
généralement considérée comme
un délai à l'issue duquel les
chances
de
guérison
sont
grandes.
La réglementation en matière de
sélection médicale de la Défense
n'est pas contraire à la loi belge
interdisant les discriminations, loi
qui stipule qu'une distinction peut
être établie sur la base de l'état de
santé. La loi sur le bien-être des
travailleurs lors de l'exécution de
leur travail stipule par ailleurs que
le Roi peut arrêter des mesures
spéciales pour tenir compte de la
situation particulière des forces
armées. Les différents textes
réglementaires
relatifs
à
la
sélection
médicale
respectent
l'ensemble de ces conditions
légales.
Ce critère de cinq ans peut
sembler arbitraire, mais c'est un
critère généralement appliqué.
02.03 Patrick De Groote (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik dank u voor uw antwoord.
Ik heb niet gezegd dat het leger andere medische selectiecriteria
hanteert dan de gebruikelijke. Ik heb zelfs gesteld dat dit zeker niet
uniek is en dat het ook in andere sectoren bestaat.
Ik twijfel ook niet aan de wettelijkheid, maar volgens mij moet het toch
mogelijk zijn om die periode van vijf jaar in de wetgeving aan te
passen. Wat moet men anders doen in die aanloopperiode?
We hebben hier trouwens te maken met heel gemotiveerde mensen
die dan te horen krijgen dat ze drie jaar moeten wachten tot ze aan
die vijf jaar geraken. Ik neem als voorbeeld de sportwereld, waar
02.03 Patrick De Groote (N-VA):
Il est vrai que cette situation existe
non seulement au sein de la
Défense, mais également dans de
nombreux autres secteurs. Voilà
pourquoi j'estime que la législation
relative à la période de cinq ans
doit être revue. La Défense peut
donner l'exemple en ne tenant pas
compte du passé médical d'un
candidat lors du recrutement, pour
que d'anciens patients cancéreux
puissent concourir aussi.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
mensen zich na twee jaar manifesteren op sportief vlak. Men kan dit
ook in de privésector en in het leger, maar men krijgt daartoe de kans
niet omdat men wettelijk vasthoudt aan de bestaande vijf jaar. Ik wou
dit met mijn uiteenzetting aanklagen omdat ik dat ongehoord vind.
U hebt gelijk wanneer u zegt dat dit niet alleen het geval is bij
Defensie. Er zijn heel wat sectoren waar dit ook het geval is. Om dat
wat meer onder de aandacht te brengen, dien ik een motie in.
Iemand moet het goede voorbeeld geven en misschien kan Defensie
dat doen. Misschien kan bij de rekrutering van kandidaat-militairen
geen rekening worden gehouden met het medisch verleden, in die zin
dat de kandidaat-militairen na een medische behandeling van kanker
geen periode van vijf jaar moeten overbruggen zoals dat in de
medische wereld gebruikelijk is vooraleer ze kankervrij worden
verklaard.
Ik vind dit jammer voor mensen die gemotiveerd zijn en ik hoop dat dit
misschien de aanzet vormt voor uw departement om stappen te
zetten zodat die mensen gelijke kansen krijgen.
02.04 Minister Pieter De Crem: Collega De Groote, ik neem dit
bijzonder ter harte. Er moet volgens mij een algemene aanpak zijn
van mensen die van kanker genezen verklaard zijn.
Deze problematiek rijst ook in afgeleide vormen van het
maatschappelijk functioneren, niet in het minst in het geval van het
verkrijgen van bijvoorbeeld een hospitalisatieverzekering of het zich
laten verzekeren voor extra medische risico's. Ik deel uw
bekommernis volledig.
02.04 Pieter De Crem, ministre:
Je partage entièrement cette
préoccupation
et
j'estime
également
qu'une
nouvelle
approche à l'égard des patients
cancéreux qui ont été déclarés
guéris s'impose.
Moties
Motions
Tot besluit van deze bespreking werden volgende moties ingediend.
En conclusion de cette discussion les motions suivantes ont été déposées.
Een motie van aanbeveling werd ingediend door de heer Patrick De Groote en luidt als volgt:
"De Kamer,
gehoord de interpellatie van de heer Patrick De Groote
en het antwoord van de minister van Landsverdediging,
vraagt de minister van Landsverdediging
- om bij de rekrutering van kandidaat-militairen geen rekening te houden met het medisch verleden in die
zin dat de kandidaat-militair na een medische behandeling van kanker geen vijf jaar durende periode moet
overbruggen, zoals in de medische wereld gebruikelijk is vooraleer iemand volledig "kankervrij" wordt
verklaard, en om de kandidaat-militair aldus medisch geschikt te verklaren wanneer hij de fysieke proeven
doorstaat;
- om onverwijld de voor deze reden afgewezen kandidaat-militairen opnieuw in aanmerking te nemen."
Une motion de recommandation a été déposée par M. Patrick De Groote et est libellée comme suit:
"La Chambre,
ayant entendu l'interpellation de M. Patrick De Groote
et la réponse du ministre de la Défense,
demande au ministre de la Défense
- de ne pas tenir compte, dans le cadre du recrutement de candidats-militaires, des antécédents médicaux
de ces derniers en ce sens qu'après avoir subi un traitement médical anticancéreux, un candidat-militaire
ne devrait plus passer par une période de rémission de cinq ans, comme il est d'usage dans le monde
médical, avant d'être déclaré complètement guéri de son cancer et, partant, avant d'être déclaré
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
médicalement apte s'il réussit les épreuves d'aptitude physique;
- de prendre de nouveau en considération, sans tarder, les candidats-militaires dont la candidature n'a pas
été retenue pour ce motif."
Een eenvoudige motie werd ingediend door de dames Ingrid Claes, Nathalie Muylle en Brigitte Wiaux en
door de heren André Flahaut, Gerald Kindermans, en Geert Versnick.
Une motion pure et simple a été déposée par Mmes Ingrid Claes, Nathalie Muylle et Brigitte Wiaux et par
MM. André Flahaut, Gerald Kindermans et Geert Versnick.
Over de moties zal later worden gestemd. De bespreking is gesloten.
Le vote sur les motions aura lieu ultérieurement. La discussion est close.
03 Question de Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense sur "le mandat de l'opération 'Allied
03 Vraag van mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van Landsverdediging over "het mandaat van
de NAVO-operatie 'Allied Protector'" (nr. 13628)
03.01 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le ministre, le Conseil des
ministres du 5 juin dernier a décidé d'augmenter la durée
d'engagement d'un officier belge qui participe à l'opération anti-
piraterie menée par l'OTAN au large de la Corne de l'Afrique,
l'opération "Allied Protector". Certaines informations ont fait état d'un
nouveau mandat qui aurait été confié à l'opération par le Conseil de
l'Atlantique Nord.
Comme souvent, l'accès aux décisions de l'OTAN s'avère compliqué,
les choses restent donc peu claires. Monsieur le ministre, pouvez-
vous m'indiquer si l'OTAN a effectivement adapté le mandat de cette
opération? Si oui, dans quel sens, et cela a-t-il des répercussions sur
la mission qu'effectue actuellement notre officier?
03.01 Brigitte Wiaux (cdH): Op 5
juni heeft de ministerraad de
opdracht
verlengd
van
de
Belgische officier die meewerkt
aan de operatie tegen de piraterij
in de wateren voor de Hoorn van
Afrika. Heeft de NAVO het
mandaat
van
die
operatie
gewijzigd?
03.02 Pieter De Crem, ministre: Chère collègue, le mandat de
l'opération "Allied protector" a effectivement été élargi à la date du
15 mai 2009 sur décision du Conseil de l'Atlantique Nord, le NAC.
Cette décision vise à autoriser l'escadre de l'OTAN, déployée au large
de la Corne de l'Afrique, à mener des actions plus efficaces dans le
cadre de la lutte contre la piraterie. Ces actions comprennent
l'interception des déroutements d'embarcations suspectes, la capture
et la détention de personnes soupçonnées d'actes de piraterie et la
mise en place d'équipes de protection à bord d'un navire marchand.
Outre ces nouvelles tâches, la zone d'opération de l'escadre a
également été élargie, afin d'y inclure toutes les zones d'activité des
pirates. Ce changement de mandat n'a aucune répercussion sur la
mission de l'officier belge participant à cette opération en tant que
chef d'état-major du quartier général embarqué.
03.02 Minister Pieter De Crem:
Het mandaat van de operatie
Allied Protector werd inderdaad
verruimd bij een besluit van 15 mei
van de Noord-Atlantische Raad.
Dat besluit machtigt het eskader
tot
het
onderscheppen
van
verdachte boten, het oppakken
van piraterijverdachten, en het
inzetten van teams voor de
bescherming van koopvaardij-
schepen, waardoor het eskader
doeltreffender
zal
kunnen
optreden. Het gebied waarbinnen
wordt geopereerd werd eveneens
ruimer afgebakend. Voor de
opdracht van de Belgische officier
heeft die mandaatswijziging geen
gevolgen.
03.03 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour ces informations.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
04 Question de M. David Clarinval au ministre de la Défense sur "le rapatriement en Belgique du corps
04 Vraag van de heer David Clarinval aan de minister van Landsverdediging over "de overbrenging
van het stoffelijk overschot van generaal Deffontaine naar België" (nr. 13693)
04.01 David Clarinval (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, depuis bientôt 69 ans, la famille du lieutenant-général
Georges Deffontaine, connu comme étant le dernier défenseur de
Namur en mai 1940, attend le rapatriement du corps de son aïeul
décédé dans un camp polonais en septembre 1940. Diverses
démarches ont déjà été entreprises par le passé mais aucune n'a
abouti. Le général Deffontaine avait pourtant émis la volonté d'être
inhumé en Belgique, dans le caveau familial liégeois.
La première tentative de rapatriement du corps a été menée après la
guerre par la veuve du général Deffontaine, sans succès. Des
contacts encourageants existaient pourtant à l'époque avec le
ministère de l'Intérieur où une cellule fut mise en place pour permettre
le retour des soldats belges enterrés en zone russe. Tous les essais
de rapatriement du corps du général Deffontaine ont échoué par le
fait que la commune de Sorau (aujourd'hui ary) où se trouvait la
dépouille se situait en Pologne, derrière le Rideau de Fer, au sud-est
de Berlin.
La chute du Rideau de Fer, puis l'entrée de la Pologne dans l'Union
européenne en 2004 ont redonné espoir à la famille du général mais
rien n'a pu être conclu jusqu'à présent. En 2007, grâce à la
collaboration des autorités polonaises, la tombe du général
Deffontaine a été identifiée dans un cimetière désaffecté. En 2008,
plusieurs courriers auraient été adressés au ministre de la Défense.
Le chef de la maison militaire du Roi et les commandants militaires
des provinces de Namur et de Liège ont également été informés du
dossier mais ce dernier semble être resté lettre morte.
Aujourd'hui, de nouvelles voix s'élèvent afin de faire bouger les
choses. En effet, avec l'accord de la famille du défunt, l'historien
namurois Jacques Vandenbroucke et André Scaillet ont lancé un
appel aux médias dans l'espoir d'accélérer l'avancement de ce
dossier. J'ai personnellement été ému par cette histoire et je crois qu'il
est important, à l'heure où disparaissent les derniers témoins de la
Seconde Guerre mondiale, de prendre en charge le plus rapidement
possible le rapatriement de la dépouille du général.
Monsieur le ministre, avez-vous pris connaissance de ce dossier?
Que comptez-vous faire? Quelles suites comptez-vous lui donner?
Pouvez-vous me confirmer que vous mettrez tout en oeuvre pour
rendre aux siens le corps du général Deffontaine?
04.01 David Clarinval (MR):
Sinds 69 jaar wacht de familie van
luitenant-generaal
Georges
Deffontaine, die in 1940 als laatste
standhield in Namen, op de
repatriëring van het stoffelijk
overschot van haar voorvader, die
in september 1940 in Polen
sneuvelde. Alle pogingen tot
repatriëring
bleven
zonder
resultaat omdat het lichaam
begraven was in het toenmalige
Sorau, in Polen, achter het IJzeren
Gordijn, ten zuidoosten van Berlijn.
In 2004 kreeg de familie, met de
toetreding van Polen tot de
Europese Unie, nieuwe hoop. In
2007 werd vastgesteld dat de
generaal begraven was op een
verlaten kerkhof in Polen. In 2008
zouden
in
dit
verband
verschillende brieven zijn gericht
aan
de
minister
van
Landsverdediging. Het hoofd van
het Militair Huis van de Koning en
de militaire commandanten van de
provincies Namen en Luik werden
eveneens op de hoogte gebracht
van dit dossier, waarin evenwel
geen enkele vooruitgang zou zijn
geboekt.
Met de instemming van de familie
doen de Naamse historicus
Jacques Vandenbroucke en de
heer André Scaillet nu een oproep
in de media, in de hoop eindelijk
schot in de zaak te zetten. Een en
ander heeft me persoonlijk diep
geroerd. Het is belangrijk dat het
stoffelijk
overschot
zo
snel
mogelijk wordt gerepatrieerd.
Hebt u kennis genomen van dit
dossier? Wat bent u van plan?
Welk gevolg zal u eraan geven?
Kunt u bevestigen dat u alles in
het werk stelt om het stoffelijk
overschot van de generaal aan zijn
naasten terug te bezorgen?
04.02 Pieter De Crem, ministre: Monsieur le président, monsieur
Clarinval, j'ai effectivement pris connaissance du dossier et des
04.02 Minister Pieter De Crem:
Uit het dossier blijkt dat generaal
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
recherches effectuées par l'historien Jacques Vandenbroucke. De
celles-ci, il apparaît que le lieutenant-général Deffontaine avait
souhaité être inhumé à proximité du camp de Tibor en Pologne, non
loin de ses camarades de captivité. Son dernier souhait avait été
respecté par les autorités allemandes.
J'ai également été informé du souhait de la famille du lieutenant-
général Deffontaine de rapatrier son corps en Belgique. L'article 4 de
l'arrêté royal du 21 janvier 1956 réglementant l'intervention de l'État
en matière de transfert et de rapatriement des corps des victimes de
la guerre 40-45 dispose que, dans l'éventualité où les corps sont
inhumés soit hors d'Europe, soit en Allemagne ou dans un pays
d'Europe non limitrophe de la Belgique, ils sont rapatriés par les soins
de l'État.
Les spécialistes de mon département, conjointement avec l'Institut
des vétérans, l'Institut national des invalides de guerre, anciens
combattants et victimes de guerre, étudient actuellement, dans le
cadre du souvenir de la mémoire, l'opportunité et la faisabilité de ce
rapatriement et ce, en concertation avec les autorités locales de la
région où le lieutenant-général Deffontaine repose en Pologne.
Deffontaine in de nabijheid van het
Poolse kamp Tibor begraven wilde
worden, dicht bij zijn gevangen-
genomen kameraden. Zijn laatste
wens werd ingewilligd. Ik werd
tevens op de hoogte gebracht van
het verzoek van zijn nabestaanden
om zijn stoffelijk overschot naar
België te repatriëren. Artikel 4 van
het koninklijk besluit van 21 januari
1956 bepaalt dat, indien de
lichamen zijn begraven hetzij
buiten Europa, hetzij in Duitsland
of in een Europees land dat niet
aan België grenst, ze door
toedoen van de Staat worden
gerepatrieerd.
Samen met het Instituut voor
Veteranen bestuderen de specia-
listen van mijn departement de
haalbaarheid van die repatriëring,
in
overleg
met
de
lokale
autoriteiten van de regio waar
luitenant-generaal Deffontaine is
begraven.
04.03 David Clarinval (MR): Monsieur le ministre, certes, le dernier
souhait du lieutenant-général était de rester auprès de ses hommes,
puisqu'il est décédé en captivité. Par contre, la famille souhaite bien
sûr le rapatrier ici.
J'ai bon espoir que les spécialistes qui se penchent actuellement sur
le dossier pourront rapidement trouver une solution. Le rapatriement
de ce corps doit être marqué symboliquement. Ce geste honorerait la
Défense et notre État!
04.03 David Clarinval (MR): Ik
heb
goede
hoop
dat
de
specialisten die zich met dit
dossier bezighouden, weldra een
oplossing zullen aandragen. De
repatriëring van dit stoffelijk
overschot zou het departement
Landsverdediging en onze Staat
tot eer strekken!
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Samengevoegde vragen van
- de heer Bruno Stevenheydens aan de minister van Landsverdediging over "de terugtrekking van
troepen uit Kosovo" (nr. 13697)
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van Landsverdediging over "de geleidelijke afbouw van de
KFOR-manschappen" (nr. 13791)
05 Questions jointes de
- M. Bruno Stevenheydens au ministre de la Défense sur "le retrait de troupes du Kosovo" (n° 13697)
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense sur "la réduction progressive des effectifs de la KFOR"
(n° 13791)
05.01 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de
voorzitter, mijnheer de minister, de ministers van Defensie van de
NAVO-lidstaten zijn overeengekomen om in een periode van één tot
twee jaar de troepen in Kosovo geleidelijk terug te trekken en af te
slanken tot een afschrikkingsmacht. Momenteel zijn er nog ongeveer
14.000 militairen aanwezig. In eerste instantie zou men het aantal
afslanken tot 10.000 manschappen en in tweede instantie, volgens de
berichten die ik daarover heb gelezen, tot 2.300 manschappen.
05.01 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Les ministres de
la Défense des États membres de
l'OTAN se sont entendus sur un
retrait progressif des troupes du
Kosovo dans un délai d'un à deux
ans. L'effectif actuel de 14.000
hommes serait réduit à une force
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
Het Belgisch leger is daar met ongeveer 200 manschappen aanwezig.
Mijnheer de minister, kunt u meedelen welke gevolgen die beslissing
heeft voor de aanwezigheid van onze troepen in Kosovo? Zal een
afschrikkingsmacht van 2.300 manschappen volstaan?
de dissuasion comptant seulement
2.300 militaires. Ce nombre
suffira-t-il? Quelles conséquences
cette décision aura-t-elle pour les
deux cents militaires belges
stationnés au Kosovo?
05.02 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, les ministres de la Défense de l'OTAN ont décidé ce 11 juin
de réduire graduellement les effectifs de la force présente au Kosovo,
pour autant que l'amélioration des conditions de sécurité se confirme.
Une première étape serait de ramener les effectifs de 14.000 à
environ 10.000 hommes d'ici janvier 2010.
Monsieur le ministre, sait-on déjà si tous les militaires belges
participant à la KFOR sont concernés par ce premier retrait ou
seulement certains d'entre eux?
Dans le cas contraire, quand une décision sera-t-elle prise à ce sujet?
Quels seront les critères pour déterminer les troupes appelées à
rentrer au pays?
05.02 Brigitte Wiaux (cdH): De
ministers van Landsverdediging
van de NAVO-landen hebben op
11
juni
beslist
het
aantal
manschappen
in
Kosovo
te
verminderen indien de verbetering
van de veiligheid aanhoudt. In een
eerste stadium zou de getalsterkte
van 14.000 tot 10.000 militairen
worden
teruggebracht
tegen
januari 2010.
Zullen er tijdens die fase Belgische
KFOR-manschappen
worden
teruggetrokken? Wanneer zal er
daarover worden beslist? Op
grond van welke criteria zal
worden
uitgemaakt
welke
manschappen huiswaarts mogen
keren?
05.03 Pieter De Crem, ministre: Monsieur le président, chers
collègues, lors du sommet de l'OTAN du 11 juin, un consensus a été
atteint pour faire évoluer la KFOR vers une présence de dissuasion,
"a deterrent presence", comme proposé par le comité militaire.
Après une présence de huit ans au Kosovo, le moment est en effet
venu de transmettre la responsabilité du maintien de la paix de façon
coordonnée et progressive.
05.03 Minister Pieter De Crem:
Op de NAVO-top van 11 juni werd
een consensus bereikt om de
KFOR om te turnen tot een
afschrikkingsmacht. Na acht jaar
van
NAVO-inspanningen
in
Kosovo is het tijd om de
verantwoordelijkheid
voor
de
vredeshandhaving op geleidelijke
en gecoördineerde wijze over te
dragen.
Die beslissing heeft natuurlijk een weerslag op de Belgische
deelname aan de KFOR. In uitvoering daarvan gaat de Defensiestaf
momenteel na welke de meest optimale manier is waarop de
Belgische effectieven die aanwezig zijn in Kosovo, gradueel kunnen
worden gereduceerd.
Er zal daaromtrent meer duidelijkheid ontstaan na contact met
Frankrijk, het land waarmee ons land samenwerkt in de noordelijke
regio van Kosovo en onder wiens koepel wij eigenlijk actief zijn. Een
specifiek dossier zal worden voorgelegd aan de Ministerraad in de
best mogelijke termijnen.
Ons contingent bedraagt nu ongeveer tweehonderd aanwezigen. De
regering heeft beslist om dat contingent aan te houden tot eind 2009.
Een proportionele verlaging zal, mijns inziens, pas kunnen op het
moment dat de Fransen ook zouden beslissen om hun aanwezigheid
proportioneel te verlagen.
Cette décision a évidemment des
conséquences sur la participation
belge à la KFOR. L'état-major de
la Défense examine actuellement
la
possibilité
de
réduire
progressivement notre présence
au Kosovo. Cet aspect sera
précisé après concertation avec la
France, puisque nous sommes
présents sous commandement de
ce pays dans le nord du Kosovo.
Un dossier sera soumis au Conseil
des ministres le plus rapidement
possible.
Le gouvernement a décidé de
maintenir le contingent belge, de
deux cents hommes, jusque fin
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
Op 13 juli brengt de commissie op mijn uitnodiging een bezoek aan
Kosovo, waar wij onze troepen ter plaatse zullen kunnen bezoeken en
een evaluatie van de werkzaamheden zullen kunnen maken.
Ik wil nogmaals benadrukken dat het werk dat onze militairen ter
plaatse uitvoeren, bijzonder hoog wordt ingeschat en een essentiële
rol speelt in het stabilisatieproces in Kosovo, zeker in de etnisch
geladen regio van Mitrovica, die zich echt op de etnische frontlijn
tussen Kosovo en Servië bevindt.
2009. Il ne pourra être réduit à due
proportion que si la France prend
une décision dans le même sens.
La commission se rendra au
Kosovo le 13 juillet : elle pourra y
évaluer les activités de nos
militaires. Ces derniers jouent un
rôle
fondamental
dans
le
processus de stabilisation à
Mitrovica, la ligne de front ethnique
entre le Kosovo et la Serbie.
05.04 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de
voorzitter, ik dank de minister voor zijn antwoord.
05.05 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour vos réponses. Je reviendrai vous interroger en fonction de
l'évolution de la situation.
05.05 Brigitte Wiaux (cdH): Ik
dank u. Ik zal u opnieuw
ondervragen afhankelijk van de
evolutie van de toestand.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Samengevoegde vragen van
- de heer Bruno Stevenheydens aan de minister van Landsverdediging over "de deelname van
Belgische militairen aan gevechten in Afghanistan" (nr. 13702)
- de heer Dirk Van der Maelen aan de minister van Landsverdediging over "een vuurgevecht in
Afghanistan" (nr. 13703)
- de heer Patrick De Groote aan de minister van Landsverdediging over "de recente aanval op
Belgische militairen in Afghanistan" (nr. 13710)
- de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Landsverdediging over "de Belgische patrouilles in
Afghanistan" (nr. 13714)
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Landsverdediging over "de aanval op Belgische
militairen in Afghanistan" (nr. 13727)
- de heer Gerald Kindermans aan de minister van Landsverdediging over "het recente incident waarbij
Belgische troepen zouden betrokken zijn in Afghanistan" (nr. 13739)
- de heer André Flahaut aan de minister van Landsverdediging over "de aanval van de taliban op
Belgische militairen in Afghanistan" (nr. 13784)
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van Landsverdediging over "Belgische militairen die in
Afghanistan in een hinderlaag zijn gevallen" (nr. 13792)
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van Landsverdediging over "de recente NAVO-vergadering
van de ministers van Landsverdediging en de initiatieven die ten aanzien van Afghanistan werden
genomen" (nr. 13895)
- mevrouw Brigitte Wiaux aan de minister van Landsverdediging over "de procedures voor het
inlichten van de families van militairen in geval van incidenten tijdens een operatie" (nr. 13896)
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Landsverdediging over "communicatieproblemen
tijdens buitenlandse zendingen" (nr. 13900)
06 Questions jointes de
- M. Bruno Stevenheydens au ministre de la Défense sur "la participation de militaires belges à des
combats en Afghanistan" (n° 13702)
- M. Dirk Van der Maelen au ministre de la Défense sur "une fusillade en Afghanistan" (n° 13703)
- M. Patrick De Groote au ministre de la Défense sur "la récente attaque contre des militaires belges en
Afghanistan" (n° 13710)
- M. Wouter De Vriendt au ministre de la Défense sur "les patrouilles belges en Afghanistan" (n° 13714)
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la Défense sur "l'attaque de militaires belges en Afghanistan"
(n° 13727)
- M. Gerald Kindermans au ministre de la Défense sur "l'incident récent dans lequel des troupes
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
belges seraient impliquées en Afghanistan" (n° 13739)
- M. André Flahaut au ministre de la Défense sur "les attaques de talibans contre les militaires belges
en Afghanistan" (n° 13784)
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense sur "des troupes belges prises dans une embuscade
en Afghanistan" (n° 13792)
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense sur "la réunion récente des ministres de la Défense de
l'OTAN et les initiatives prises au sujet de l'Afghanistan" (n° 13895)
- Mme Brigitte Wiaux au ministre de la Défense sur "les procédures d'information des familles de
militaires en cas d'incident sur un théâtre d'opérations" (n° 13896)
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la Défense sur "les problèmes de communication pendant les
missions menées à l'étranger" (n° 13900)
06.01 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de
minister, de inzet van onze militairen als instructeurs in het noorden
van Afghanistan heeft ondertussen een voorgeschiedenis van een
half jaar. Een half jaar geleden was ik geen lid van de commissie
belast met de opvolging van de buitenlandse zendingen. Ik beroep mij
dus op de informatie die in deze openbare commissie en in
persberichten werd gegeven. Ik wil die informatie samenvatten in drie
punten.
Ten eerste, ik herinner mij uw citaat, dat nogal vaak in de pers is
opgedoken: "Onze militairen worden niet naar het gevaarlijke zuiden
gestuurd." Vandaag stellen wij vast dat het noorden even gevaarlijk is.
Ik stel ook vast dat minister De Gucht ik wil niet enkel u vermelden
eind december duidelijk zei, nadat er onenigheid was binnen de
regering en dat hij bijkomende garanties had gekregen dat onze
soldaten niet zouden worden ingezet in oorlogsoperaties. Hetgeen
momenteel gebeurt, namelijk het begeleiden van een Afghaans
bataljon op een terrein waar gevechten plaatsvinden, kan men dat
nog altijd geen oorlogsoperatie noemen?
Ten tweede, onze militairen zouden geen zelfstandige patrouilles
uitvoeren. Velen van ons zijn leken. Wij zijn niet allemaal zo'n
specialist als u, mijnheer de minister, of wij hebben, beter gezegd, niet
zoveel informatie uit de eerste hand. Bij de bevolking ontstaat
hierdoor de perceptie dat geen patrouilles uitvoeren ook betekent dat
men niet in de tweede linie deelneemt aan patrouilles van een
bataljon dat men begeleidt.
Ten derde, onze militairen zouden niet deelnemen aan de gevechten.
Ik heb het verslag bij van de plenaire vergadering van de Kamer van
23 april, waarin minister Van Rompuy zei, ik citeer: "Het OMLT voert
in geen geval offensieve acties uit. In tegenstelling tot wat in de pers
te lezen staat, nemen onze militairen niet deel aan de gevechten."
Ook al begeleidt men een Afghaans bataljon op het terrein, als men in
een gevecht komt, kan men dan nog altijd zeggen dat onze soldaten
niet deelnemen aan de gevechten?
Mijnheer de minister, volgens mij zijn dat allemaal zaken die aantonen
dat de communicatie niet doorzichtig is. Ik neem het woord leugens
zeker niet in de mond, maar er is wel een gebrek aan duidelijke en
transparante informatie voor de bevolking.
Ik heb de volgende vragen.
U hebt in een gesloten vergadering al melding gemaakt van de
deelname van Belgische militairen aan gevechten in de voorbije
06.01 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Au cours des six
derniers
mois,
il
a
été
abondamment
question
des
militaires belges qui travaillent en
tant qu'instructeurs dans le nord
de l'Afghanistan.
Le ministre a souvent répété que
les militaires ne sont pas envoyés
dans le sud, mais le nord est
aujourd'hui tout aussi dangereux.
Le ministre De Gucht a déclaré fin
décembre qu'il avait obtenu des
garanties supplémentaires quant à
la non-participation de nos soldats
à des opérations de guerre.
L'accompagnement d'un bataillon
afghan sur un terrain où des
combats ont lieu ne constitue-t-il
pas une opération de guerre?
Les informations selon lesquelles
nos militaires n'effectueraient pas
de patrouilles indépendantes ne
sont pas claires pour tout le
monde. La population en déduit
que nos militaires ne participent
pas non plus, en deuxième ligne,
aux patrouilles d'un bataillon
qu'elles accompagnent.
Lors de la séance plénière de la
Chambre du 23 avril, le premier
ministre Van Rompuy a déclaré
que nos militaires ne participaient
pas à des combats. Mais peut-on
continuer
à
maintenir
cette
assertion lorsque le bataillon
accompagné se retrouve mêlé à
un combat?
Tout cela démontre que la
communication
n'est
pas
transparente et que la population
ne dispose pas d'informations
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
anderhalve week. Ik stel vast dat die melding afwijkt van hetgeen in
de pers te lezen was. Dat komt voor een stuk ook door de
communicatie, waarover ik het daarjuist had. Is het niet mogelijk om,
net zoals in Nederland, wekelijks de incidenten mee te delen waarbij
onze militairen in Afghanistan betrokken zijn geweest, om op die
manier verkeerde communicatie onmogelijk te maken?
Ten slotte heb ik nog een vraag waarop wij vorige week nog geen
antwoord hebben gekregen, omdat wij de vraag zouden bewaren voor
deze vergadering. Is het correct dat de families van de militairen niet
onmiddellijk op de hoogte werden gebracht om onrust te vermijden?
Kunt u daarop eens een klaar en duidelijk antwoord geven? Zijn er
nog andere voorbeelden waarbij er niet of niet onmiddellijk wordt
gecommuniceerd naar de familieleden om zogenaamde onrust te
vermijden? Men weet goed dat de normale vormen van
communicatie, via telefoon en internet, van de militairen een eigen
leven gaan leiden. Ik heb de woordvoerster van Landsverdediging op
tv klaar en duidelijk horen zeggen dat zij in eerste instantie niet met de
familieleden hebben gecommuniceerd om hen niet ongerust te
maken. Die miscommunicatie is gebeurd. Kunt u daarover het een en
ander zeggen?
claires et transparentes.
Les informations publiées dans la
presse ne correspondent pas aux
déclarations faites par le ministre à
huis clos à propos de la
participation de militaires belges à
des combats. Ne pourrait-on,
comme
aux
Pays-Bas,
communiquer chaque semaine les
incidents dans lesquels des
militaires ont été impliqués en
Afghanistan pour éviter ainsi toute
communication erronée?
Est-il exact, comme l'a déclaré
une porte-parole de la Défense
dans une interview télévisée, que
les familles des militaires n'ont pas
immédiatement
été informées
pour éviter toute agitation? Y a-t-il
eu
d'autres
cas
de
figure
similaires?
06.02 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, ik wil het vandaag over twee punten hebben. Ten eerste,
communicatie en ten tweede, het debat ten gronde.
Ten eerste, ik vraag al anderhalf jaar dat wij een debat ten gronde
zouden voeren over onze versterkte aanwezigheid in Afghanistan.
België is het enige land waar nog nooit een plenair debat werd gewijd
aan de activiteiten die het eigen land ontplooit in Afghanistan.
De lijst van personen die daarop aandringen wordt alsmaar langer.
Vandaag las ik in De Standaard dat Thomas Renard van Egmont, het
Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen en Tanguy Struye
de Swielande van de Koninklijke Militaire School, van mening zijn dat
er dringend nood is aan een debat over de strategische belangen in
Afghanistan.
Collega's, gisteren zijn drie Duitse soldaten gesneuveld in Kunduz.
Alvorens dit met Belgen gebeurt, is het volgens mij in het belang van
de Belgische politiek dat wij het debat ter zake ten gronde voeren. Ik
heb vernomen dat de Belgische militairen na het jongste
schietincident in Kunduz de compound niet meer mogen verlaten en
dat daar een evaluatie bezig is. Ik stel voor die evaluatie niet alleen
aan de militairen over te laten, maar ook op politiek vlak onze
verantwoordelijkheid op te nemen. Wat mij betreft, moet dat debat ten
gronde nog voor het zomerreces worden gevoerd, en als dat niet kan,
dan zo snel mogelijk in september. Wij moeten evalueren wat onze
belangen ter plekke zijn. Moeten wij daar blijven, ja of nee? De
meerderheid zal daarover beslissen. Dat was mijn eerste punt.
Ten tweede, wat betreft de communicatie. Op 6 oktober 2008 en op
26 december 2008 heeft de minister van Landsverdediging gezegd
dat de Belgen niet meegaan op het terrein. Collega Stevenheydens
heeft verwezen naar de verklaring van de eerste minister van april van
dit jaar. Wij hebben er toen lang over gediscussieerd, maar ik wil even
06.02 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Depuis un an et demi, je
demande un débat de fond sur
notre présence renforcée en
Afghanistan. La Belgique est le
seul pays à n'avoir encore jamais
consacré un débat en séance
plénière à ce sujet. La liste des
personnes et institutions qui
insistent pour que ce débat ait lieu,
s'allonge de jour en jour. Même
l'Institut
royal
des
relations
internationales et l'École royale
militaire le demandent.
Trois soldats allemands sont
morts hier à Kunduz. Cette
discussion doit avoir lieu avant que
des Belges ne subissent le même
sort. Il me revient que nos
militaires ne quittent plus le
compound depuis le dernier
incident de tir à Kunduz et que
celui-ci fait l'objet d'une évaluation.
Je suggère de ne pas mener
l'enquête qu'au niveau militaire et
de
prendre
également
nos
responsabilités
au
niveau
politique. Nous devons débattre
dans les meilleurs délais de notre
rôle et de nos intérêts en
Afghanistan et décider si nous
devons y rester ou nous en retirer.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
herhalen dat men het Parlement toen niet de volle waarheid heeft
verteld.
Dan kwam de tweede fase, toen bleek dat onze militairen wel
meegaan op het terrein. Toen zei men dat de Belgen weliswaar in de
tweede lijn zitten.
Collega's, de informatie stroomt binnen. Ik heb hier een foto van
Belgische militairen die Afghaanse troepen vergezellen. Ik wil die foto
straks aan de collega's tonen. Op die foto merkt men niets van de
vijfhonderd meter waarvan sprake; onze militairen lopen twintig meter
achter de Afghaanse troepen. Er is ook de verklaring van Joseph
Henrotin in Le Soir, die zegt dat het bullshit is wat er wordt verteld
over die eerste linie en die tweede linie, enzovoort.
Collega's, de waarheid is dat door de Afghaanse troepen te
vergezellen, de Belgen betrokken worden in gevechten. Het is mijn
stellige overtuiging dat wij hier te maken hebben met sluipende
besluitvorming van de minister en van het militaire apparaat, via de
omweg van de militaire instructeurs die mee hun pupillen op het
terrein begeleiden. Tussen haakjes, dit is ook het verhaal dat het
ministerie van Defensie in de Verenigde Staten de Amerikaanse
publieke opinie jarenlang heeft voorgehouden over de oorlog in
Vietnam. Dit is een gekende "truc" van defensie, van militairen die er
echt willen invliegen. Die instructeurs zijn het omweggetje dat zij
maken. Dat is er aan het gebeuren.
Ten tweede, ook het achterhouden van informatie. Ik heb de minister
al verscheidene keren mondeling en schriftelijk gevraagd hoeveel
sorties van onze F-16's er zijn geweest, of ze hebben geschoten, of
ze hebben gebombardeerd, maar daarover krijgt men geen
informatie. Dankzij de pers weten wij iets over de schietincidenten.
Nieuwe informatie bereikt mij en leert mij dat er gewonden zijn
gevallen, dat er Belgische militairen zijn geraakt door kogels. Ik vraag
de minister of dat juist is. Men spreekt van een militair die werd
geraakt in de schouder, van een andere die werd geraakt in de enkel
en van nog anderen geraakt in het been. Als dit juist is, is het spijtig
dat we dit via via moeten vernemen. Als dit niet juist is, dan kan
dergelijke informatie alleen worden rondgestrooid wegens de
gebrekkige communicatie die de minister van Landsverdediging erop
nahoudt.
Ik maak mij geen illusies dat de minister naar mij luistert, maar ik zou
al degenen die begaan zijn met onze militairen en met defensie, de
volgende eenvoudige raad willen geven: doe zoals Nederland.
Nederland heeft veel meer ervaring dan wij in Afghanistan en weet
hoe men met de eigen publieke opinie en het parlement moet
communiceren. Men tikt gewoon "Defensie Nederland" op Google in
en men komt terecht op een site waar men "Periodiek overzicht
Afghanistan" kan aanklikken. Ik heb het overzicht van Defensie van
vorige week bij mij. Daarin wordt melding gemaakt van allerlei
schietincidenten, van wagens die op een bom rijden, van niet-
gewonden, lichtgewonden enzovoort. Dat soort van informatie is in
Nederland voor iedereen beschikbaar.
Alleen met deze minister van Landsverdediging in België is dat niet
het geval. Hij licht het Parlement niet alleen verkeerd voor, maar
houdt ook informatie achter, waarvan het in andere landen de
En outre, la communication des
informations
relatives
à
l'Afghanistan laisse à désirer. Les
6 octobre et 26 décembre 2008, le
ministre de la Défense a répondu
que les Belges n'accompagnent
pas les militaires sur le terrain, ce
qui s'avère aujourd'hui inexact. Ils
accompagnent les militaires sur le
terrain
mais
seulement
"en
deuxième ligne". Je vous remettrai
tout à l'heure une photo où l'on
peut voir que nos militaires suivent
les troupes afghanes à moins de
20 mètres. Première et deuxième
lignes sont donc des notions
fantaisistes.
En accompagnant les troupes
afghanes,
les
Belges
sont
impliqués dans les combats. Il
s'agit là de décisions prises à la
dérobée. Le ministre et l'appareil
militaire passent par l'intermédiaire
des instructeurs militaires pour
participer à l'action. C'est un
stratagème
connu, également
appliqué par les États-Unis au
Vietnam. De plus, il y a de la
rétention
d'informations.
Mes
questions sur les interventions de
nos F-16 restent sans réponse,
mais grâce à la presse, nous
sommes cependant informés des
incidents de tir. J'ai reçu de
nouvelles
informations:
des
militaires belges ont été blessés.
Si cette information est avérée, il
est
dommage
de
devoir
l'apprendre
par
des
voies
détournées. Si c'est faux, ce type
d'information ne peut circuler
qu'en
l'absence
d'une
communication officielle correcte
du ministre.
Les
Pays-Bas
ont
plus
d'expérience
que
nous
en
Afghanistan et savent comment
organiser la communication avec
le Parlement et l'opinion publique.
Un
`aperçu
périodique
Afghanistan' est accessible à tous
sur l'internet, mentionnant divers
incidents et leurs conséquences.
Une telle méthode ne semble
manifestement pas être possible
avec notre ministre de la Défense.
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
evidentie zelve is dat ze wordt bekendgemaakt.
Aansluitend op wat uw voorganger, André Flahaut, heeft gevraagd,
zou ik u willen verzoeken, mijnheer de minister, om orde te brengen in
uw communicatie. De verhalen waarnaar ik daarstraks verwees,
komen niet van Dirk Van der Maelen, maar van mensen uit het
militaire apparaat, die dat soort van verhalen vertellen. Dat is niet
goed. U alleen bent daarvoor verantwoordelijk.
Il communique des informations
erronées au Parlement et omet
d'en transmettre d'autres qui
seraient diffusées sans hésitation
dans d'autres pays. Je prie le
ministre d'oeuvrer enfin à une
meilleure communication.
06.03 Patrick De Groote (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, collega's, ik denk dat onze aanwezigheid in Afghanistan als
doel heeft mee te werken aan de wederopbouw van het land en de
opleiding van het Afghaanse leger te organiseren. Wij hebben uit het
toenemend aantal incidenten kunnen vaststellen dat hebt u duidelijk
verklaard in een aantal mededelingen dat er een verhoogde
onveiligheidssituatie is.
Daarnaast weten wij dat OMLT-opdrachten niet zonder risico zijn. Dat
is altijd zo geweest. Sommige collega's stellen dat blijkbaar nog altijd
ter discussie of zijn daarvan niet goed op de hoogte, wat mij een paar
keer heeft geërgerd. Het moet voor ons een opsteker zijn dat een
aantal incidenten heeft aangetoond dat onze mensen zeer goed zijn
opgeleid en dat zij het hoofd koel houden in bepaalde gevaarlijke
situaties.
Wij hebben een paar vergaderingen achter gesloten deuren
gehouden. Ik meen dat wij toen voldoende uitleg over onder andere
de rules of engagement hebben gekregen. Binnenkort worden onze
troepen daar afgelost. Mijnheer de minister, collega's, we kunnen
alleen maar streven naar de optimalisering van de veiligheid van onze
militairen.
Ik zal niet terugkomen op zaken die al zijn verteld. Ik heb voorgaande
keer al verklaard dat wij de acties steunen. Wij pleiten echter ook voor
transparantie, zoals ik vorige keer al zei.
Ik heb enkele, korte vragen. Hoe ziet u de communicatie in de
toekomst?
Is er volgens u een strategiewijziging van de NAVO in Afghanistan op
komst?
Hoe evalueert u de evolutie van de veiligheidstoestand in Afghanistan
en in de grensstreek met Pakistan op langere termijn?
06.03 Patrick De Groote (N-VA):
Par
notre
présence
en
Afghanistan, nous oeuvrons à la
reconstruction du pays et à
l'organisation de l'armée afghane.
Le nombre croissant d'incidents
révèle toutefois une dégradation
de la sécurité. Les missions de
l'OMLT ne sont jamais sans
risques. Je suis agacé par le fait
que certains collègues mettent
cela en question ou ne soient pas
bien au courant. Cedi dit, nos
militaires sont bien formés.
Lors des auditions à huis clos,
nous avons eu des explications
suffisantes à propos, notamment,
des rules of engagement. Une
relève des troupes sur le terrain
est prévue sous peu. La seule
chose que nous pouvons faire,
c'est tenter d'optimiser la sécurité
de nos militaires. Nous soutenons
les actions menées et plaidons
également pour la transparence.
Que compte faire le ministre à
l'avenir
en
matière
de
communication? Une modification
de la stratégie de l'OTAN en
Afghanistan est-elle à l'ordre du
jour? Comment le ministre évalue-
t-il à plus long terme l'évolution de
la sécurité dans ce pays et dans la
zone frontalière avec le Pakistan?
06.04 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister, ik wil
vier punten aanhalen. Het zijn vier verwijten die ik u maak en waarvan
ik hoop dat u in de nabije toekomst ter zake voor enige beterschap zal
zorgen.
Het is al aangehaald door de vorige sprekers, door heel wat collega's
en door heel wat mensen in de media. Wij kunnen spreken van een
op zijn minst heel verwarrende communicatie van uwentwege over
wat de Belgische militairen in OMLT in de regio Kunduz precies doen.
U hebt de voorbije maanden een aantal keer uitspraken gedaan. U
hebt onder andere verklaard dat de Belgische militairen binnen OMLT
06.04 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): J'ai quatre griefs à l'égard
du ministre et j'espère qu'il
améliorera la situation sur ces
quatre points en particulier.
Tout d'abord, la communication du
ministre concernant les tâches des
militaires belges au sein de
l'OMLT dans la région de Kunduz
a, à tout le moins, semé la
confusion. Contrairement à ce que
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
niet aan militaire acties van het Afghaanse leger zouden deelnemen.
Toen bleek dat zulks wel het geval was, hebt u opgemerkt dat hun
acties in tweede linie gebeuren. Naar aanleiding van de recente
incidenten moet u echter samen met ons vaststellen dat uw bewering
niet langer vol te houden is.
Mijnheer de minister, de feiten tonen duidelijk aan ik spreek ter zake
niet alleen over dat ene incident dat uitgebreid in de pers is gekomen,
maar ook over andere incidenten tijdens de voorbije weken dat de
Belgen effectief met het Afghaanse leger mee op patrouille gaan.
Dat kunnen we de facto vaststellen, wat dus in tegenspraak is met
wat u de voorbije maanden telkens hebt beweerd. Er is geen
onderscheid tussen een eerste en een tweede linie, wanneer blijkt dat
de Belgen herhaaldelijk worden beschoten, wanneer zij in acties
worden verwikkeld en wanneer zij samen met het Afghaanse leger
aan bijvoorbeeld huiszoekingen deelnemen. Het onderscheid tussen
een eerste en een tweede lijn is op het terrein niet realistisch en niet
houdbaar.
Wij komen aldus tot de essentie van het probleem, namelijk het feit
dat u niet alleen de publieke opinie en het Parlement, maar ook de
families van de militairen niet duidelijk zegt waarop het staat.
Wij weten onvoldoende wat onze Belgische militairen in Afghanistan
uitvoeren.
Ten tweede, er is bij de families een enorme ongerustheid ontstaan
door uw gebrekkige communicatie, omdat die families samen met ons
moeten vaststellen dat hun militairen in Afghanistan andere missies
uitvoeren dan dewelke u ons telkens hebt voorgehouden. U draagt
daarin een zeer grote verantwoordelijkheid.
U bent op het departement gekomen met enkele beloften en het
engagement om het beter te doen dan uw voorganger. Mijnheer de
minister, als blijkt dat u ten aanzien van de families van de militairen
niet de nodige correctheid aan de dag kan leggen en hun niet vertelt
waarmee onze militairen in Afghanistan precies bezig zijn, laat u hier
een grove steek vallen.
Ten derde, er is niet alleen een verwarrende en gebrekkige
communicatie, er is ook een fundamenteel gebrek aan informatie over
bijvoorbeeld de bombardementen waarbij Belgische F-16's worden
betrokken en over het aantal burgerslachtoffers in deze. Opnieuw,
mijnheer de minister, het Parlement en de publieke opinie zijn op de
hoogte van het Belgische engagement in Afghanistan. Wij hebben
recht op informatie over de mate waarin Belgische F-16's voor
burgerslachtoffers zorgen, informatie die in andere landen veel
frequenter en uitgebreider wordt verstrekt. U heeft een fundamenteel
probleem met openheid ten opzichte van het Parlement in de eerste
plaats, maar ook breder, ten opzichte van de publieke opinie en de
families van onze militairen.
Ik dring er bij u om op uw kabinet na te denken over een methode
voor meer en betere informatieverstrekking aan het Parlement. Dat
kan deels in gesloten commissie, omdat niet alle informatie kan
worden vrijgegeven, deels in het openbaar, omdat veel informatie wel
kan worden vrijgegeven en besproken. Het gaat tenslotte om een
le ministre a prétendu à maintes
reprises, les Belges participent
tout simplement aux actions de
l'armée afghane. Le ministre ne dit
pas à l'opinion publique, ni au
Parlement et aux familles des
militaires,
ce
qu'il
en
est
exactement.
Ensuite,
le
ministre
est
responsable de l'inquiétude des
familles des militaires. Celles-ci
constatent comme nous, en effet,
que leurs proches exécutent en
Afghanistan
des
missions
différentes de celles que le
ministre décrit.
Troisièmement, je reproche au
ministre de ne pas communiquer
suffisamment
à
propos
des
bombardements auxquels les F-16
participent et du nombre de
victimes
causées
par
ces
bombardements. La transparence
à l'égard du Parlement, de la
population et des familles des
militaires ne semble pas être
chose évidente pour le ministre.
J'insiste pour que l'on améliore la
communication, que ce soit dans
le
cadre
de
réunions
de
commission à huis clos ou
publiques.
L'engagement
discutable de notre armée est un
fait public et le grand public a donc
le droit d'être informé.
Enfin, je reproche au ministre un
manque de vision dans le débat
relatif à l'Afghanistan. Certains de
ses collègues étrangers formulent
des
réserves
concernant
la
stratégie mise en oeuvre. Ici,
personne n'en dit mot alors qu'il
est pourtant évident qu'on se
fourvoie.
J'attends de mon gouvernement
qu'il consacre au sein de ce
Parlement mais également dans
les cénacles internationaux une
réflexion à d'autres solutions que
celles
qui
sont
appliquées
aujourd'hui. L'année 2009 risque
en effet d'être très mauvaise en ce
qui concerne le nombre de
victimes civiles et de heurts, et
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
publiek engagement van het Belgisch leger, dat ter discussie staat en
waarover het publiek recht heeft op veel meer informatie.
Ten vierde, ik verwijt u een fundamenteel gebrek aan visie in het
globale Afghanistandebat. Ik hoor uw collega's in het buitenland wel
degelijk een aantal dingen zeggen over de gevoerde strategie.
Ik hoor evenmin uw collega's in de Belgische regering daarover. Wij
kunnen nochtans vaststellen dat het met de huidige strategie niet de
goede richting uitgaat. Ik mag toch hopen en verwachten van mijn
Belgische regering dat zij de reflectie aangaat, dat zij een aantal
nieuwe pistes op tafel legt in het Parlement, alsook in internationale
organen. Ik hoor u daarover niet. Uw verantwoordelijkheid, mijnheer
de minister, is ook op dat punt toch wel zeer groot. Bekijken wij de
werkelijkheid op het terrein, dan wordt 2009 een zeer slecht jaar op
het
vlak
van
burgerslachtoffers,
incidenten,
toenemende
onveiligheid... De urgentie om na te denken over een brede strategie
is er, maar ik stel vast dat u daarover blijkbaar van mening verschilt.
Ik wil u toch heel duidelijk vragen wat uw visie is omtrent de huidige,
gevoerde strategie. Bent u niet van oordeel dat wij naar een bredere
strategie moeten gaan? Wat zijn uw gedachten daaromtrent? Wat is
uw mening? Wat is uw standpunt? Ik vraag u toch om hier op een
bepaalde manier het inhoudelijke debat aan te gaan, want in het
verleden is dat veel te weinig gebeurd.
l'insécurité grandissante. Il est
donc urgent d'envisager une
stratégie
globale
mais
à
l'évidence, le ministre n'est pas
disposé à engager ce débat de
fond.
Le ministre n'estime-t-il pas de
notre devoir d'envisager une
stratégie
globale?
Comment
évalue-t-il la stratégie mise en
oeuvre jusqu'ici?
De voorzitter: Mevrouw Vautmans, ik stel voor dat u ook vraag nr. 19 op de agenda koppelt aan deze
vraag.
06.05 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, er zijn al
heel veel vragen gesteld.
Laat ik beginnen met te zeggen dat wij vorige week donderdag van de
minister een stap-voor-stap-briefing van de situatie tot op die dag
hebben gekregen achter gesloten deuren. Ondertussen zien wij dat er
zich opnieuw incidenten voordoen. Wij weten allemaal dat het
vroegere veilige noorden ondertussen allang niet meer zo veilig is.
Alle collega's hebben daarop gewezen.
Mijnheer de minister, u hebt vorige week gezegd dat u twee
commandanten ter plaatse heeft gestuurd om de situatie te bekijken.
Ik neem aan dat zij u ondertussen een briefing hebben gegeven. Kunt
u ons inlichten over hun bevindingen? Hoe gebeurt het overleg nu?
Wat mij natuurlijk vooral interesseert, is of er overleg plaatsvindt met
de Europese partners die bij ons op het terrein zijn? Duitsland heeft
gisteren helaas een paar militairen verloren. Hebben jullie overleg
gepleegd? Gebeurt dat van minister tot minister of ter plaatse? Ik
denk dat het belangrijk is dat wij als deelnemende Europese lidstaat
regelmatig overleg plegen met de andere bondgenoten die bij ons op
het terrein zijn.
Ik
had
het
bericht
gekregen
dat
er
vooral
ernstige
coördinatieproblemen zouden bestaan tussen de OMLT's enerzijds en
het Amerikaanse en Afghaanse leger anderzijds. Klopt dat? Er
hebben mij daarover geruchten bereikt. Ook andere lidstaten zouden
klagen over problemen ter zake.
Zijn onze troepen, na de incidenten van vorige week en het incident
06.05 Hilde Vautmans (Open
Vld): La semaine passée, le
ministre nous a exposé l'évolution
chronologique de la situation, à
huis clos. Mais entre-temps, de
nouveaux heurts se produisent.
Nous savons tous que le nord de
l'Afghanistan, qui était autrefois
sécurisé, n'est plus sécurisé
depuis longtemps.
À
quelles
conclusions
sont
parvenus les deux commandants
que le ministre a dépêchés sur
place? Comment se déroule la
concertation, actuellement? La
Belgique se concerte-t-elle avec
ses
partenaires
européens
présents, comme elle, sur le
terrain? S'agit-il d'une concertation
de ministre à ministre, ou est-ce
une concertation qui a lieu sur le
terrain? Il importe qu'en tant
qu'États
membres
parties
prenantes de cette opération
afghane, nous nous concertions à
intervalles réguliers.
Est-il exact que des problèmes de
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
van deze week, operationeel gebleven of is er een fase ingeluid
waarin zij niet actief zijn geweest? Dat zou mij eigenlijk heel erg hard
interesseren.
Tot slot, geven die commandanten ter plaatse ook feedback over de
voldoende uitrusting, munitie, bewapening? Heeft ter zake een
evaluatie plaats? Moeten wij bijkomende dingen naar de troepen
sturen?
Dat zijn vragen over de situatie op het terrein, want ik neem aan dat
wij morgen in de commissie Opvolging buitenlandse zendingen,
misschien wel een update zullen krijgen.
Ten tweede, morgen komen wij samen om 9.30 uur. Op de agenda is
enkel een bespreking van het reglement van orde voorzien. Ik dacht,
maar wilde afwachten, dat er misschien bijkomende gegevens zijn
waarover wij morgen moeten spreken.
coordination graves entre, d'une
part, les OMLT et, d'autre part, les
armées américaine et afghane se
posent? Nos soldats sont-ils
restés opérationnels après les
heurts ou sont-ils demeurés
inactifs pendant un certain laps de
temps?
Le ministre reçoit-il aussi de ces
commandants dépêchés sur place
un feed-back concernant l'équipe-
ment, les munitions et l'arme-
ment? Une évaluation a-t-elle lieu?
Devons-nous leur envoyer des
choses supplémentaires?
Je présume que le ministre nous
dressera demain, en commission
chargée du suivi des missions à
l'étranger, un tableau actualisé de
la situation.
06.06 Minister Pieter De Crem: Collega Delpérée werd verwittigd om
een commissie te houden volgende week, zoals wij min of meer
hadden afgesproken, over de voortgangsrapportage.
06.07 Hilde Vautmans (Open Vld): Volgende week?
06.08 Minister Pieter De Crem: Ja.
06.09 Hilde Vautmans (Open Vld): Dus niet deze week?
06.10 Minister Pieter De Crem: Neen, want deze week is hij niet in
het land.
06.11 Hilde Vautmans (Open Vld): Deze week is de commissie
samengeroepen over het reglement van orde, morgenochtend om
9.30 uur.
De voorzitter: Dat is correct.
06.12 Hilde Vautmans (Open Vld): Nu wij het toch over die
commissie hebben, wil ik even zeggen wat voor Open Vld toch wel
heel belangrijk is. Wanneer wij dat reglement van orde zullen
behandelen, morgen of volgende week, dan denk ik dat het essentieel
is ik wil dat hier publiek benadrukken dat erin staat wanneer die
commissie samenkomt. Volgens mij vraagt iedereen naar een raam,
zoals in Nederland, waarin duidelijk bepaald wordt in welke stappen
die commissie hoe dan ook moet samenkomen.
Uiteraard kan de commissie steeds samenkomen wanneer de leden
daarom vragen of wanneer de minister daarom verzoekt.
Maar ik zou daar een aantal krachtlijnen willen vastleggen die voor mij
essentieel zijn. Ik denk dan ten eerste aan het uitsturen van de
troepen; ten tweede, de aflossing van de troepen; ten derde,
natuurlijk, bij grote incidenten. Dat lijken mij drie standaardpunten
06.12 Hilde Vautmans (Open
Vld): À l'ordre du jour de cette
commission est en effet inscrite
une discussion consacrée à son
règlement d'ordre intérieur. Nous
obtiendrons
peut-être
des
informations supplémentaires à
cette occasion. Pour l'Open Vld, il
importe de préciser dans ce
règlement quand la commission
sera appelée à se réunir. Il est
évident que la commission peut
toujours se réunir quand ses
membres en font la demande ou
quand le ministre en exprime le
souhait. Il me semble que la
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
waarbij wij niet moeten zeuren om samen te komen, maar waarbij de
commissie automatisch samenkomt.
Wij hebben ook de rules of engagement mogen inkijken. Ik zou willen
dat dit ook in het reglement van orde komt, zodat we die steeds
mogen inzien.
Vorige week hebt u gezegd dat wij de verslagen van de
inlichtingendiensten mochten komen inkijken. Tot nu toe heb ik nog
geen bericht gehad waar wij die verslagen van de inlichtingendiensten
mogen gaan inkijken. Graag had ik van u vernomen waar wij die
verslagen over de veiligheidssituatie kunnen inkijken.
Tot slot kom ik bij mijn vraag over de communicatie, die de voorzitter
aan mijn vraag heeft toegevoegd. Verschillende collega's hebben
vandaag al gezegd dat er vooral een probleem is van communicatie
van u als minister tegenover de buitenwereld.
Ik wil echter een ander punt aanhalen, namelijk: hoe zit het met de
communicatie tussen onze militairen ten velde en het thuisfront?
Iedereen weet dat dit essentieel is. Hoe meer berichten wij hier krijgen
over incidenten, hoe groter de nood zal zijn van man, vrouw of
kinderen om contact op te nemen met de militair die is uitgestuurd.
Mijnheer de minister, vandaar heb ik de volgende vraag.
Ten eerste, hoeveel pc's staan er eigenlijk in Afghanistan ter
beschikking van onze militairen? Men zegt mij dat het er vier of vijf
zouden zijn, wat zou neerkomen op één pc per vijftien militairen. Dat
lijkt mij een beetje weinig. Graag verneem ik van u of er
mogelijkheden zijn om in meer communicatiemiddelen te voorzien.
Ten tweede, hebt u eens geëvalueerd hoelang de post onderweg is?
Ik hoor daar altijd over klagen, ik zeg dat rechtuit. Natuurlijk, als men
moet wachten op een brief duurt het altijd te lang voor hij ter plaatse
is. Ik neem aan dat u daar wel inspanningen voor doet maar ik wil van
u vernemen of dat werd geëvalueerd.
Ten derde, wanneer is de eerstvolgende familiedag gepland? Het is
belangrijk dat we aandacht besteden aan het samenbrengen van de
families. Ze moeten live in contact kunnen komen met de mensen op
het terrein.
commission devrait se réunir
automatiquement lorsqu'il s'agit
d'envoyer ou de relever des
troupes, ou lorsque des heurts
sérieux se sont produits.
J'aimerais également que les
règles
d'engagement
soient
définies dans ce règlement.
Quand pourrons-nous prendre
connaissance des rapports des
services de renseignements? Le
ministre a déclaré la semaine
passée que nous serions autorisés
à les consulter mais jusqu'à
maintenant, je n'ai reçu aucun
communiqué allant dans ce sens.
Comment
s'organisent
les
communications
entre
nos
militaires et leurs familles? Plus
les informations sur des incidents
se multiplient, plus les familles ont
besoin de pouvoir contacter les
militaires. C'est essentiel.
Combien de pc sont à disposition
de nos militaires en Afghanistan?
Un pc pour quinze militaires
comme cela semble être le cas
actuellement me semble peu. Est-
il
possible
d'augmenter
les
moyens de communication? Le
ministre a-t-il déjà vérifié les délais
pour l'acheminement du courrier?
Quand
est
programmée
la
prochaine journée des familles?
06.13 Gerald Kindermans (CD&V): Mijnheer de minister, ik zal
beginnen met het laatste punt waarover mevrouw Vautmans het had,
namelijk de gemengde commissie. Wij gaan akkoord met de vraag
om op regelmatige basis bijeen te komen. Dit moet structureel worden
opgevat. Het is nooit de bedoeling geweest om daar te moeten zeuren
maar er zijn wat opstartproblemen geweest, vooral tussen Kamer en
Senaat. Misschien hebben de ego's daar gespeeld. Wanneer we
vragen dat die geheime commissie op regelmatige basis samenkomt,
dan moet dat niet alleen gelden voor informatie die uit Afghanistan
komt. Dat moet eveneens gelden voor het dossier van de piraterij in
Somalië waar minister De Gucht ook bij betrokken is. We wachten
ook al een tijdje op een briefing over die materie.
Ik heb het gevoel dat collega De Vriendt de vraagstelling soms
misbruikt niet zozeer om een vraag te stellen als om een statement te
06.13 Gerald Kindermans
(CD&V):
Nous
répondons
favorablement à la demande de
réunions plus fréquentes de la
commission mixte et il faut une
approche plus structurelle en la
matière. La commission secrète
doit non seulement se réunir
régulièrement
pour
les
informations
en
provenance
d'Afghanistan, mais également
pour les actes de piraterie commis
en Somalie. Cela fait également
un certain temps que nous
attendons un briefing sur ce
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
geven, een exposé te houden en zelf aan standpuntbepaling te doen.
Het heeft eigenlijk niets meer met een vraag te maken maar gewoon
met het klassiek rondje modder gooien. Ik had gehoopt dat de leden
van de oppositie, de heren Van der Maelen en De Vriendt, zich wat
bescheidener zouden opstellen ingevolge de vingerwijzing die ze
duidelijk hebben gekregen vanwege de families en de vakbonden. Ik
heb toch enorm zware beschuldigingen gelezen van de vakbonden
over de onverantwoordelijke uitspraken die door de oppositie zijn
gedaan in de voorbije dagen. De heer Van der Maelen heeft een het
beetje begrepen. Hij heeft intussen het geweer wat van schouder
veranderd.
dossier.
Notre collègue De Vriendt a
parfois tendance à abuser des
questions pour faire passer sa
propre vision des choses. J'avais
espéré davantage de réserve de
sa part ainsi que de notre collègue
Van der Maelen après leur mise
en cause par les familles et les
organisations syndicales. M. Van
der Maelen semble avoir compris
le message, mais M. De Vriendt
semble
tellement
convaincu
d'avoir raison qu'il reste aveugle et
sourd à tout le reste. Il ne faut pas
manquer de toupet pour invoquer
les inquiétudes suscitées dans les
familles
alors
qu'on
est
personnellement responsable de
cette situation.
(...): ...
06.14 Gerald Kindermans (CD&V): Ik heb u ook niet onderbroken.
Ik denk dat ik nog heel wat moet spreken om uw tijd hier vol te praten.
Ik weet dat het pijn doet wanneer men dat zegt. In uw plaats zou ik mij
wat bescheidener hebben opgesteld. Blijkbaar bent u echter zo
overtuigd van het grote gelijk dat u dat niet wil of kan horen. Als u dan
het lef hebt om te zeggen dat er grote ongerustheid bij de families is
ontstaan terwijl u daar zelf in de eerste plaats verantwoordelijk voor
bent... Mijn vraag aan de minister luidt trouwens wat de impact is op
het personeel, op onze manschappen en op hun familieleden,
ingevolge de onverantwoordelijke reacties in de media.
Ik ben het absoluut niet eens met het feit dat er een onterechte
communicatie door de minister zou gebeuren. Inderdaad zou het
beter zijn mochten wij naar een Nederlands systeem evolueren, maar
dat vereist natuurlijk ook verantwoorde politici in de commissie die het
systeem niet misbruiken.
U moet goed onthouden dat er momenteel 19 doden in Nederland te
betreuren zijn. Ik heb nooit dergelijke, walgelijke reacties gehoord
zoals deze die ik vorige week in België heb gehoord. Men zegt: "De
minister wacht tot de eerste Belgische soldaat is gesneuveld." Dat is
een Parlement onwaardig en zegt veel over de stijl en de tactiek van
de politici die woorden in de mond nemen als open debat,
transparantie en respect voor de democratie, terwijl men zich eigenlijk
bezondigt aan het pure platte populisme en politieke spelletjes.
Het open debat dat men vraagt, kan slechts gedijen wanneer men het
nodige respect voor elkaars mening aan de dag legt en wanneer men
niet eerst een standpunt inneemt. Het is een beetje hypocriet om hier
vandaag een sereen debat te vragen, wanneer men vorige week
reeds alle registers heeft opengetrokken.
06.14 Gerald Kindermans
(CD&V): Je ne suis pas du tout
d'avis
que
le
ministre
ne
communique pas correctement.
Une évolution vers le système
néerlandais serait effectivement
souhaitable, mais à la condition
qu'on
ait
des
politiciens
responsables en commission, qui
n`abusent pas du système. À ce
jour, on dénombre dix-neuf morts
néerlandais, mais je n'ai jamais
entendu de réactions indigestes
comme celles entendues en
Belgique la semaine dernière. Des
déclarations selon lesquelles le
ministre attendrait que le premier
soldat belge perde la vie en disent
long sur la tactique populiste et
triviale de politiciens qui, par
ailleurs, ne cessent de parler de
débat ouvert, de transparence et
de respect de la démocratie. Un
débat ouvert n'est possible que
dans le respect de l'opinion
d'autrui et en l'absence de tout
parti pris. Je ne suis prêt à mener
un nouveau débat qu'à ces
conditions.
Le changement de point de vue
évoqué par M. De Vriendt
concerne l'adaptation des règles
d'engagement par le commandant
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
de l'armée américaine sur place,
compte tenu du nombre de
victimes civiles. Le président
Obama vient de désigner un
commandant habitué aux combats
difficiles et investi d'une mission
claire, ce qui, en combinaison
avec les adaptations, témoigne
indéniablement d'une toute autre
approche.
06.15 Dirk Van der Maelen (sp.a): (...)
06.16 Gerald Kindermans (CD&V): Wij hebben een paar weken
geleden in de commissie een debat gevoerd met ministers De Gucht
en De Crem. Zelfs de eerste minister is daarover ondervraagd. Ik wil
met u gerust nog eens een debat voeren, maar het heeft niet veel zin
om een debat te voeren met mensen die niet met een open vizier
praten, die een vooraf ingenomen agenda hebben en die ieder
incident op het terrein aangrijpen om een politiek spelletje te spelen
op de kap van de militairen en hun familie.
U hebt het over een wijziging van het standpunt, mijnheer De Vriendt.
Ik denk dat u zich beter zou moeten informeren. Als u de media erop
naleest, zult u zien dat de bevelhebber van het Amerikaans leger ter
plaatse, ingevolge het incident dat zoveel burgerslachtoffers
veroorzaakte, een koerswijziging heeft ingezet en de rules of
engagement heeft aangepast. Ik citeer generaal McCrystal: "Airpower
contains the seed of our own destruction if we do not use it
responsibly."
Generaal McCrystal heeft daar nu de leiding. Hij is door Obama
aangesteld. Toevallig is hij geen zachtaardig type, want hij komt van
de Special Forces. De Amerikaanse regering heeft daar dus iemand
gezet die gewend is met een zware strijd om te gaan. Hij heeft een
duidelijke missie, een duidelijke boodschap. Er zijn ook aanpassingen
gebeurd. U moet niet doen alsof men geen lessen trekt uit de fouten
die op het terrein zijn gebeurd. Er is momenteel duidelijk een heel
andere aanpak.
Wat onze militairen in Afghanistan betreft, vind ik het ongepast om
telkens opnieuw wanneer er zich een incident voordoet, onze
aanwezigheid daar in vraag te stellen. Onze regering, gesteund door
een meerderheid in dit Parlement, heeft beslist daaraan deel te
nemen. Het is logisch dat wanneer men een bepaald dossier
voorbereidt en men via de OMLT een bepaalde werkwijze vooropstelt,
het op het terrein soms anders kan uitdraaien.
Het is een beetje plat om een foto te laten zien. Men weet niet eens
waar die foto is genomen. Men kan die ook van het internet plukken.
Mijnheer Van der Maelen, het valt mij op dat u altijd veel informatie
hebt, maar nog nooit hebt gezegd wat uw bronnen zijn.
Men komt u altijd vanalles vertellen, mij komt men zo'n onzin niet
vertellen. U bent blijkbaar heel ontvankelijk voor dit soort onzin. U
moet zich wat kritisch opstellen en niet zomaar alles geloven wat men
u vertelt of wat u zich graag laat vertellen.
06.16 Gerald Kindermans
(CD&V): Je trouve déplacé de
remettre en cause la présence de
nos militaires en Afghanistan à
chaque incident. Il s'agit d'une
décision
prise
par
le
gouvernement et appuyée par une
majorité parlementaire. Il est
logique qu'une méthode de travail
fixée à l'avance ne donne pas, sur
le terrain, les résultats attendus. Et
je trouve assez facile d'exhiber
une
photo.
D'où
vient-elle
précisément?
Mon collègue, M. Van der Maelen,
est manifestement toujours au
courant de choses qui me sont
inconnues, mais il ferait bien de se
montrer un peu plus critique.
Quand le ministre dit qu'il n'y a pas
de blessés, je le crois. Si le
ministre diffusait des informations
fausses, les syndicats dénonce-
raient le fait immédiatement. De
son côté, M. Van der Maelen
prend tout ça pour de l'argent
comptant, ce que je trouve
inacceptable.
Le ministre peut-il me dire quel est
l'impact des réactions publiées
dans les médias belges à la suite
des déclarations de membres de
notre
commission
et
du
Parlement? En ce qui concerne la
communication et le respect des
militaires sur le terrain, le CD&V
se rallie d'ailleurs aux déclarations
des porte-parole des syndicats de
l'armée (CGPM et CGSP).
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
Ik heb soms de indruk dat u op zoek gaat naar informatie. U beweert
dat ze in het been of de enkel zijn geschoten. Als de minister zegt dat
er geen gekwetsten zijn, dan ga ik ervan uit dat er niemand in de
enkel werd geschoten. Als de minister zou beweren dat er geen
gewonden zijn en als dat niet waar zou blijken, dan zouden de
vakbonden onmiddellijk reageren en zeggen dat de minister liegt
omdat er wel gewonden waren. U neemt dat allemaal aan alsof daarin
een waarheid zou kunnen zitten. Ik vind dat niet kunnen.
Mijnheer de minister, ik wil van u vernemen wat de impact op de
houding is van de reacties die in de Belgische media verschijnen
ingevolge de uitspraken van leden van onze commissie en van ons
Parlement.
Wat de communicatie en het respect voor de militairen op het terrein
betreft, sluit CD&V zich trouwens aan bij de uitspraken van de
woordvoerders van de legervakbonden ACMP en ACOD.
06.17 André Flahaut (PS): Monsieur le président, monsieur le
ministre, je puis comprendre que M. Kindermans, qui n'a pas vécu les
deux précédentes législatures, s'émeuve quelque peu du climat
régnant entre la majorité et l'opposition; moi, il ne m'émeut
absolument pas. Les péripéties des années précédentes, avec le chef
de groupe de son parti à l'époque, étaient beaucoup plus virulentes,
beaucoup moins fondées, moins étayées, nettement plus gratuites.
Ceux qui y ont assisté peuvent en attester s'ils sont honnêtes.
En ce qui concerne le ministre, je dirais qu'il n'y a pas de honte à dire
qu'on s'est trompé. Il n'y a pas de honte à revenir sur une décision
prise après évaluation de la situation. Il y a surtout une grandeur, pour
un responsable politique, d'assumer ce que font les gens qui
travaillent pour lui.
Monsieur le ministre, c'est la raison pour laquelle je poserai
clairement la question: est-il exact que la ligne politique du
département de la Défense, aujourd'hui, en termes de communication
sur les opérations militaires extérieures, est d'affirmer que, tant qu'il
n'y a pas de blessé, tant qu'il n'y a pas de mort, on ne communique
pas pour ne pas inquiéter les familles?
Si telle est la ligne décidée, elle doit être assumée par tout le monde.
Si telle est la ligne décidée, à mon sens, elle n'est pas bonne: elle a
l'effet radicalement inverse compte tenu de la transparence de notre
système puisque tout finit toujours par se savoir. Elle a eu pour effet
d'inquiéter réellement les familles. Voilà qui vous a obligé à un
exercice de rétablissement par triple salto arrière, que vous n'avez
certainement pas réussi!
Donc, est-ce bien la ligne définie: sans blessé ni mort, on ne dit rien
afin de ne pas inquiéter? Si c'est la ligne, c'est une erreur, à mon avis.
Peut-être reverrez-vous cette ligne en fonction de ce que vous vivez
pour l'instant. De fait, depuis l'introduction de ma question, ce ne sont
pas deux incidents ni trois incidents qui ont eu lieu, mais bien quatre,
dont le dernier hier.
Je ne vous accuse pas de ne pas avoir dit la vérité. Je crois
simplement que, dans votre première intervention, en raison de votre
méconnaissance du dossier, vous n'avez pas été suffisamment
06.17 André Flahaut (PS): Klopt
het dat het huidige communicatie-
beleid van Landsverdediging met
betrekking tot de operaties in het
buitenland inhoudt dat zolang er
geen dode of gewonde valt, er niet
gecommuniceerd wordt om de
familieleden
niet
nodeloos
ongerust te maken? Als men
inderdaad die lijn aanhoudt, zal dat
volgens mij een averechts effect
hebben, aangezien men in ons
systeem uiteindelijk toch alles te
weten komt. Misschien zal u die
benadering herzien, aangezien er
sinds ik mijn vraag heb ingediend
vier incidenten zijn geweest,
waarvan het laatste van gisteren
dateert.
Ik beschuldig u er niet van de
waarheid niet te hebben gezegd.
Wel denk ik dat u, bij gebrek aan
voldoende
dossierkennis,
onvoldoende
duidelijk
bent
geweest. Ik heb er steeds op
gewezen dat het, in het kader van
de OMLT's (Operational Mentor
and Liaison Teams), zou gebeuren
dat
onze
instructeurs
de
manschappen in opleiding op het
terrein zouden begeleiden. Er
werd echter een fout begaan toen
gezegd werd dat ze niet zouden
deelnemen
aan
operaties!
Vandaag is dat wel duidelijk! Men
had van meet af aan duidelijk
moeten zeggen dat ze aan
operaties
zouden
deelnemen,
zodat het risico correct kon
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
précis. Personnellement, j'ai toujours dit que les OMLT impliquaient
que nos troupes accompagneraient les gens sur le terrain à l'un ou
l'autre moment de l'opération. Les instructeurs, à un certain moment,
accompagnent leurs élèves. Ils sont à leurs côtés lors des opérations.
Voilà d'où vient l'erreur! D'avoir dit qu'ils ne seraient pas en patrouille
et qu'ils ne participeraient pas à l'opération. On le constate
aujourd'hui!
J'emprunterai une image à une personne qui m'en a parlé ce matin.
C'est comme si vous disiez que les personnes qui sont dans un
même avion ne sont pas responsables de ce qui se passe, parce
qu'elles ne sont pas dans le poste de pilotage! Mais si! Elles sont
dans le même avion, dans les mêmes patrouilles, dans les mêmes
opérations. Il n'y a pas de honte à dire cela! Il fallait le dire clairement
dès le début pour mesurer correctement le risque que nous prenions.
De la sorte, toute une série de problèmes et d'interprétations ne
seraient pas en vigueur aujourd'hui et il n'y aurait pas un malaise.
En ce qui concerne les commissions spéciales, les suivis, je vous ai
dit ce que j'en pensais tout à l'heure. Je m'interroge sur leur utilité
réelle. En effet, avant de se rendre en commission, on sait ce qui s'est
passé. Il est superflu de parcourir la presse par la suite, car les
articles ne font jamais que confirmer ce que nous savions déjà. Ou
des communiqués mentionnent le type de matériel, le nombre de
personnes, le type d'armement, etc. C'est même dangereux pour
ceux qui sont en opération. J'ai même demandé de condamner de la
façon la plus expresse qui soit la publication, dans certains journaux
de syndicats, comme "Action et liberté", d'articles au sujet du type
d'armement dont nos "special forces" étaient dotées. Évidemment,
personne ne se rend au combat en affichant en grand sur son
camion: "Voilà l'armement dont je dispose"! Personne ne fait cela!
Que s'est-il passé ces derniers jours encore? Nous en aurons sans
doute les explications, demain, en commission de Suivi des
opérations militaires. Je demande qu'elle se tienne réellement, non
seulement pour observer le règlement d'ordre intérieur, mais aussi
pour parler d'autre chose: le Liban, le Kosovo, etc. Effectivement,
c'est toujours au coup par coup que l'information nous est livrée. Par
conséquent, il faut parler de tout! Il faut tout nous dire! Ainsi aurons-
nous peut-être ce débat plus ouvert auquel nous aspirons!
Par ailleurs, tout comme Mme Vautmans, je vous demande si les
actions OMLT en Afghanistan sont aujourd'hui suspendues? Si oui,
quand la décision a-t-elle été prise? Si cette décision a été prise avant
la réunion de la commission de Suivi des opérations militaires,
pourquoi n'en avoir pas parlé à cette occasion? En effet, il s'agirait là
aussi d'un oubli malheureux. Vous auriez pu nous en informer; cela
nous aurait évité de l'apprendre en lisant la presse ou par le biais
d'indiscrétions.
Monsieur le ministre, je vous demande de faire preuve de modestie
dans votre approche, d'être clair et solidaire avec votre personnel. En
effet, j'ai eu l'occasion d'apprendre à connaître les porte-parole de la
Défense et je sais très bien qu'ils travaillent de manière régulière,
correctement et qu'ils n'ont pas l'habitude de tenir des propos ne
correspondant pas à la réalité ou contraires à l'avis du ministre. Vous
m'avez d'ailleurs suffisamment fait de reproches à ce sujet.
worden ingeschat. Indien dat was
gebeurd, zou de het onbehagen
vandaag niet zo groot zijn
geweest.
Ik heb vragen bij het nut van de
bijzondere commissies en de
follow-ups. Vóór de commissie-
vergadering begint, weten we al
wat er is gebeurd. Nadien
bevestigt de pers wat we al wisten.
Die
persartikelen
houden
bovendien een gevaar in voor de
mensen die deelnemen aan de
operaties. Ik heb zelfs gevraagd
dat de publicatie van bepaalde
artikelen over de bewapening van
onze Special Forces Group in
sommige vakbondskranten zou
worden veroordeeld. Niemand
kondigt
aan
over
welke
wapenrusting hij beschikt wanneer
hij ten strijde trekt!
Morgen komt er wellicht meer
duidelijkheid in de commissie
belast met de opvolging van de
buitenlandse zendingen. Ik vraag
met aandrang dat die commissie
effectief zou bijeenkomen, want de
informatie bereikt ons steeds
slechts mondjesmaat. We moeten
volledige informatie krijgen! Zo
komt er misschien eindelijk dat
open debat dat we al zo lang
vragen!
Zijn de OMLT-activiteiten in
Afghanistan
overigens
nu
opgeschort? Zo ja, indien die
beslissing genomen werd vóór de
vergadering van de opvolgings-
commissie
voor
de militaire
operaties, waarom heeft u het er
dan bij die gelegenheid niet over
gehad? Ik vraag dat u uw
personeel duidelijkheid verschaft
en dat u zich solidair verklaart met
de militairen. De woordvoerders
van Landsverdediging vervullen
hun taak immers naar behoren en
het is hun gewoonte niet om
verklaringen af te leggen die
strijdig zijn met de werkelijkheid of
met de mening van de minister.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
06.18 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, la presse a fait état de différents incidents qui se sont
produits en Afghanistan. Je pense ici aux 30 militaires belges qui sont
tombés dans un guet-apens, il y a quelques jours et à l'incident dans
lequel sont impliqués quatre Belges dans la région de Kunduz.
Toujours est-il que des incidents se produisent donc de manière
fréquente et cela laisse à penser que la situation sécuritaire ne
s'améliore pas.
Monsieur le ministre, pouvez-vous me donner des précisions quant à
ces différents incidents?
Cela dit, monsieur le ministre, je ne souhaite nullement répéter des
propos que j'ai déjà tenus en commission de la Défense ou en
commission du Suivi des opérations militaires, mais je voudrais vous
interroger, à l'occasion de mes questions 13895 et 13896 inscrites à
notre ordre du jour, sur les procédures d'information des familles de
militaires en cas d'incident sur le théâtre d'une opération. En effet, les
incidents récents dans lesquels sont impliqués des militaires belges
ont révélé un certain flottement si vous me permettez l'expression ,
en termes de communication entre la Défense et les familles des
militaires concernés. Il me semble essentiel que cette communication
puisse se dérouler dans des conditions qui assurent la transparence
de l'information, la sérénité des familles et la sécurité de nos soldats
en mission à l'étranger.
Monsieur le ministre, pouvez-vous nous donner des informations
détaillées quant aux procédures en vigueur en matière de
communication et d'information des familles en cas d'incident au
cours d'une opération et, en particulier, à l'occasion des différents
incidents qui ont eu lieu en Afghanistan?
En ce qui concerne mon autre question, les ministres de la Défense
de l'OTAN se sont réunis ces 11 et 12 juin. Différentes initiatives
relatives à l'Afghanistan auraient été prises, notamment la réforme du
commandement de l'ISAF et l'envoi d'AWACS en vue de contribuer
au contrôle aérien.
Je souhaite tout d'abord rappeler que les efforts militaires en
Afghanistan ne peuvent pas être séparés du volet civil en matière de
reconstruction, de gouvernance et de développement. S'agissant des
opérations armées, il faut également rappeler que quels que soient
les ajustements stratégiques ou structurels que l'on adopte,
l'ensemble de ces opérations doit rester strictement dans le cadre du
respect des droits de l'homme et du droit international humanitaire.
Monsieur le ministre, je souhaiterais vous poser une question précise
sur une décision qui aurait été prise lors de la réunion du 11 ou du
12 juin dernier, à savoir la mise sur pied d'une mission d'entraînement
des forces de sécurité afghanes. Quel sera exactement le mandat de
cette nouvelle mission? Couvrira-t-elle la formation tant de l'armée
que de la police nationale afghane?
Si elle couvre la formation de la police, comment cette mission
coordonnera-t-elle son activité avec celle de la mission EUPOL de
l'Union européenne qui a, me semble-t-il, le même objet?
Enfin, comment tout cela s'articulera-t-il avec le projet évoqué par le
06.18 Brigitte Wiaux (cdH): In
Afghanistan hebben er diverse
incidenten plaatsgevonden. Enkele
dagen
geleden
zijn
dertig
Belgische
militairen
in
een
hinderlaag gelopen. In de regio
rond Kunduz raakten vier Belgen
bij een ander incident betrokken.
Die herhaalde incidenten wijzen
erop dat de veiligheidstoestand er
niet op verbetert. Kan u me die
incidenten nader toelichten?
Ik zou u ook willen ondervragen
over de procedures die gevolgd
worden om de familieleden van
militairen op de hoogte brengen,
als er zich incidenten in het
operatiegebied voordoen. Uit de
recente incidenten blijkt immers
dat de communicatie tussen
Landsverdediging en de betrokken
families soms mank loopt.
De
ministers
van
Landsverdediging van de NAVO
zijn op 11 en 12 juni jongstleden
bijeengekomen. Er zouden diverse
initiatieven zijn genomen met
betrekking tot Afghanistan. Ik wil
eraan herinneren dat de militaire
inspanningen in Afghanistan niet
los kunnen worden gezien van het
civiele aspect voor wat de
heropbouw, het bestuur en de
ontwikkeling
betreft.
Bij
alle
gewapende operaties moeten de
mensenrechten
en
het
internationaal humanitair recht
bovendien strikt worden nageleefd.
Tijdens de vergadering van 11 of
12 juni werd er naar verluidt beslist
een trainingsmissie
voor de
Afghaanse veiligheidsmacht op te
starten. Onder welk mandaat zal
die nieuwe missie plaatsvinden?
Zal
de
opleiding
van
het
Afghaanse leger en de Afghaanse
nationale politie daarin vervat zijn?
Indien ook de politieopleiding deel
uitmaakt van die missie, hoe zal
een en ander dan aansluiten bij de
EUPOL-missie van de Europese
Unie? Hoe zal dit alles samengaan
met de plannen die vorige week
door de Europese Raad naar
voren werden geschoven om de
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
Conseil européen de la semaine passée de déployer la force de
gendarmerie européenne en Afghanistan?
European Gendarmerie Force in
Afghanistan in te zetten?
06.19 Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, collega's, ik
zal op alle vragen die zijn gesteld een algemeen antwoord geven en
zodoende een round-up maken.
Zoals vele collega's weten, hebben zich op 9 en 15 juni incidenten
voorgedaan waarbij militairen van het Belgische Operational Mentor
and Liaison Team betrokken waren. Tijdens de uitvoering van een
begeleidingsopdracht van een Afghaanse eenheid heeft zich toen een
gewapend treffen met tegenstanders voorgedaan. Het Belgische
detachement liep hierbij enkel lichte materiële schade op.
Op 10 juni hebben Belgische militairen van het OMLT tevens een
Afghaanse eenheid begeleid, zoals binnen de opdracht van het OMLT
past, die als een snelle interventiemacht tussenbeide is gekomen
nadat een andere Afghaanse eenheid, gecoacht door een Hongaarse
OMLT onder vuur werd genomen. Hier werd geen enkele schade
vastgesteld. Alle details van de omstandigheden waarin deze
evenementen hebben plaatsgevonden heb ik op 18 juni, achter
gesloten deuren, bijzonder uitgebreid uiteengezet voor de commissie
belast met de opvolging van de buitenlandse zendingen.
Ook de evolutie van de veiligheidssituatie in het gebied zal ik voort
blijven uitleggen voor dat forum, volledig binnen het mandaat dat die
commissie heeft gekregen, en ook in overeenstemming met de
mededelingverhoudingen
tussen
de
commissies
voor
de
Landsverdediging van de Kamer, de commissie voor de Buitenlandse
Betrekkingen van de Senaat en de commissie belast met de
opvolging van de buitenlandse zendingen.
De eerste vaststelling die wij kunnen maken uit de informatie is, zoals
wij van bij de aanvang hebben aangehouden, dat het Belgische
personeel bijzonder goed getraind is, bijzonder goed uitgerust is en
bijzonder goed gemotiveerd is.
06.19 Pieter De Crem, ministre:
Les 9 et 15 juin, des incidents se
sont produits lors de l'exécution
d'une mission d'accompagnement
d'une unité afghane par des
soldats de l'Operational Mentor
and Liaison Team belge (OMLT).
Lors
de
ces
incidents,
le
détachement belge a subi de
légers dégâts matériels. Le 10
juin, des militaires belges ont
accompagné
une
force
d'intervention rapide de l'armée
afghane qui était venue au
secours d'une autre unité, formée
par une OMLT hongroise. Ils n'ont
pas subi de dommages. J'ai déjà
amplement commenté, le 18 juin
dernier, à huit clos devant la
commission de suivi des missions
à l'étranger tous les détails de ces
incidents. Je continuerai à fournir,
au sein de cette commission, des
informations sur l'évolution de la
situation en matière de sécurité en
Afghanistan, conformément à la
mission de cette commission et
aux accords en matière de
communication conclus entre cette
commission et la commission de
la Défense nationale de la
Chambre et celle des Relations
extérieures du Sénat.
Nous pouvons conclure de ces
incidents
que
la
délégation
militaire belge a bénéficié d'une
excellente préparation, qu'elle est
parfaitement équipée et qu'elle est
en outre très motivée.
Non seulement la réaction de nos hommes fut très professionnelle,
mais leur présence a également permis par le travail de coaching
des unités afghanes d'orienter la riposte et de prendre le dessus sur
les opposants, et ceci en concordance avec les décisions
gouvernementales et les règles d'engagement. Les familles des
militaires sont immédiatement prévenues en cas d'incident grave
impliquant des morts ou des blessés. Dans les autres cas, il n'y a pas
lieu de lancer cette procédure immédiate.
Les militaires impliqués dans les incidents relatés précédemment ont
pu communiquer directement avec leurs familles à leur retour dans
leur cantonnement.
De reactie van onze manschappen
was erg professioneel en dankzij
hun aanwezigheid kon er een
gerichte
tegenaanval
worden
uitgevoerd en konden de belagers
uiteindelijk worden teruggedreven,
overeenkomstig de beslissingen
van de regering en de rules of
engagement.
Als er doden of gewonden vallen,
worden de familieleden van de
militairen onmiddellijk verwittigd. In
de andere gevallen wordt die
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
procedure
niet
onmiddellijk
toegepast. In dit geval hebben de
militairen bij de terugkeer in hun
kamp met hun families kunnen
communiceren.
De sociale contacten met het thuisfront tijdens de operationele
opdrachten zijn een voortdurende zorg van Landsverdediging. Voor
ieder operatietoneel streven wij ernaar om een cybercafé in werking te
stellen, dat uitgerust is met een telefoontoestel en een computer per
twintig personen en dat toelaat om telefonische gesprekken te houden
met de familie in België voor een gemiddelde potentiële beltijd van
drie uur per persoon en per week, e-mails uit te wisselen en internet
te raadplegen a rato van ongeveer drie uur per persoon en per week.
Daarnaast heeft elk personeelslid het recht om met eigen middelen,
vooral dan gsm, maar sommigen ook pc, sociale communicatie uit te
voeren. Er bestaat geen scrambling in de communicatie, wat voor
andere landen wel het geval is. Iedere militair is dus bij machte om op
het even welk moment tijdens zijn verblijf communicatie met het
thuisfront op gang te brengen.
De OMLT in Afghanistan heeft een getalsterkte van negenenzestig
personen. Naast de OMLT zijn er nog eens vijfentwintig Belgische
militairen ingezet in het provincial reconstruction team. In totaal is ter
plaatse, conform de regel van een telefoontoestel en een computer
per twintig personen, in vijf telefoons en vijf computers voorzien. Op
zeer regelmatige tijdstippen wordt aan het lokale commando
gevraagd om een evaluatie in alle domeinen, inclusief de
communicatie, op te maken. Wanneer uit deze evaluaties blijkt dat
een bijsturing nodig is, worden de nodige acties ondernomen om de
gemelde tekortkomingen te verhelpen. In het geval van de hierboven
beschreven eenoptwintigregel werden tot op heden geen klachten of
aanvragen tot aanpassing overgemaakt.
La Défense consacre beaucoup
d'attention aux contacts sociaux
avec les proches lors des missions
opérationnelles. Par le biais de
notre cybercafé, où un téléphone
et un ordinateur sont prévus par
vingt personnes, nous veillons à
ce que chaque homme présent
sur le terrain puisse téléphoner
trois heures par semaine et
correspondre
par
courriels
également durant trois heures. En
outre,
chaque
membre
du
personnel peut correspondre à
tout moment avec ses proches
avec son propre gsm ou pc.
Étant donné que 69 OMLT sont
présentes en Afghanistan, un
chiffre auquel il convient d'ajouter
25 militaires belges faisant partie
d'une
équipe
provinciale de
reconstruction,
le
personnel
dispose sur place de cinq
ordinateurs et de cinq téléphones.
Le commandement local doit en
outre procéder régulièrement à
une évaluation dans tous les
domaines, y compris au niveau de
la communication. S'il apparaît à
cette occasion que la situation doit
être améliorée, nous intervenons
pour résoudre les problèmes qui
seraient apparus. La règle de un
sur vingt n'a encore entraîné
aucune plainte. Personne n'a
demandé
d'adapter
cette
proportion.
Les nations membres de l'OTAN ou les partenaires qui souhaitent
collaborer au développement de l'armée nationale afghane ANA -,
le font par le biais d'accords bilatéraux. Certaines nations participent
ainsi financièrement au travers de l'ANA Trust Fund, d'autres
participent aux programmes de formation de l'armée afghane avec les
OMLT.
Le développement de la police nationale afghane ANP -, est
considéré par la FIAS comme crucial dans le cadre de la stratégie de
sortie, vu ses capacités de contrôle du territoire afghan et de
stabilisation du pays. Les efforts sont répartis entre la CSTCA
(Combined Security Transmission Command Afghanistan), sous
De
NAVO-lidstaten
of
de
partnerlanden die wensen mee te
werken aan de opbouw van het
Afghaanse nationale leger (ANA),
doen dat door middel van
bilaterale akkoorden. Sommige
landen doneren aan het ANA Trust
Fund, andere dragen bij aan de
opleidingsprogramma's voor het
Afghaanse leger.
De versterking van de Afghaanse
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
commandement américain, la mission de police de l'Union
européenne en Afghanistan (EUPOL) et les contributions bilatérales
conduites dans le cadre des "provincial reconstruction teams".
La finalité de la Nature Training Mission in Afghanistan (NTMA) qui
doit dépendre directement du quartier général de la FIAS, est la
coordination du développement et de la mise en oeuvre des forces
nationales de sécurité afghanes (ANSF), c'est-à-dire une combinaison
de l'ANA et de l'ANP, avec le plan de campagne de la FIAS sous
l'égide d'un organisme OTAN unique.
Le domaine d'action de la NTMA reprend entre autres la supervision
des OMLT, la formation académique et continuée de l'ANA et le
développement de l'ANP.
nationale politie (ANP) is van
cruciaal
belang
voor
de
exitstrategie. De inspanningen
worden
verdeeld
over
de
Combined Security Transmission
Command - Afghanistan (CSTC-A,
onder Amerikaans bevel), de
politieopleidingsmissie van de EU
(EUPOL)
en
de
bilaterale
bijdragen in het kader van de
provincial reconstruction teams.
De NATO Training Mission -
Afghanistan (NTMA) is gericht op
het uitbouwen en inzetten van de
Afghaanse nationale veiligheids-
troepen (ANSF), die het ANA en
de ANP omvatten.
Ik wil nu graag het verslag voorlezen dat mij werd toegestuurd en
dateert van 17 juni. Het werd opgemaakt door de luitenant-
psycholoog, de zogenaamde RMO, van het commando Afghanistan.
Hij is een raadgever mentale weerbaarheid in operaties, un conseiller
en opérationnalité mentale.
"Ik had vroeger al een bezoek gepland aan de PRT Kunduz en OMLT,
maar dit werd uitgesteld naar aanleiding van een nieuw bezoek van
de federale politie op Khwaja, de luchthaven te Kabul. Omwille van
het beperkte aantal vluchten tussen Kabul en Kunduz kom ik toevallig
aan de dag na het incident van 15 juni 2009. Tijdens mijn kort bezoek
peil ik zo goed en zo kwaad mogelijk naar de ideeën en de emoties
die leven bij de OMLT. Het is duidelijk dat de compagnie op een zeer
zorgvuldige manier is samengesteld, zodat er een sterke
groepscohesie leeft. De gedreven en professionele houding van
elkeen is uitermate opvallend. Bij iedereen leeft een zeer positief
gevoel over het verloop van de zending.
Voor diegenen die er bijna een opdracht van zes maanden op zitten
hebben, is de variatie uitstekend geweest: de voorbereiding in Kabul,
de tocht van Kabul naar Kunduz, de periode in Kunduz. Ook al geven
de meesten aan dat zes maanden noodzakelijk is voor de
operationaliteit van deze opdracht, toch menen zij dat het familiaal
gezien niet ideaal is om alle opdrachten te verlengen tot zes
maanden. Daarnaast vragen sommigen zich ook af of het haalbaar is
om gedurende zes maanden geconfronteerd te worden met
gebeurtenissen zoals zij die de voorbije week hebben ervaren.
Het is niet evident gebleken om altijd samen te werken met het ANA.
Naast de culturele verschillen vraagt het tijd om geloofwaardigheid op
te bouwen en het vertrouwen van de Afghaanse militairen te winnen.
Door de recente gebeurtenissen hebben zij nu volop het gevoel dat de
ANA's overtuigd zijn van onze professionaliteit. Het feit dat de Belgen
constant met hen meegaan op het terrein, in tegenstelling tot vorige
naties, waarvan de OMLT in hun voertuigen bleven, levert veel
respect op. Tijdens de samenwerking van de voorbije maanden is er
alsmaar een nauwer contact ontstaan tussen de Belgische OMLT en
de ANA.
Le lendemain de l'incident, le
lieutenant-psychologue
du
commando Afghanistan est arrivé
à Kundunz pour sonder la situation
émotionnelle de l'OMLT. Dans son
rapport du 17 juin, il conclut que la
composition de la compagnie est
totalement adéquate et que la
cohésion du groupe y est dès lors
solide. La mission est perçue
positivement par l'ensemble des
membres. Même si, pour des
raisons d'opérationnalité, ils jugent
un séjour de six mois nécessaire,
ils considèrent d'un point de vue
familial que la prolongation de
toutes les missions à six mois
n'est pas idéale.
Les récents événements ont
convaincu l'Afghan National Army
(ANA) du professionnalisme des
troupes belges. Contrairement aux
autres
nations,
les
Belges
accompagnent
toujours
les
militaires afghans sur le terrain et
suscitent ainsi un énorme respect.
Le détachement souhaite terminer
la mission en beauté et tient à
continuer
à
soutenir
les
compagnies afghanes. Interdire
aux Belges de se rendre sur le
terrain équivaudrait à donner un
signal
négatif
à
l'ANA
et
constituerait
également
une
énorme
déception
pour
les
militaires du 3e bataillon de
paracommandos.
Cette
interdiction serait perçue comme
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
Het detachement wil duidelijk graag de zending op een mooie manier
afwerken en de Afghaanse compagnies blijven steunen tot de
overname met de Ardeense Jagers is afgerond. Indien de Belgen niet
meer op het terrein zouden mogen gaan, dan zou dit een zeer
negatief signaal zijn naar de ANA toe, maar vooral een zeer grote
ontgoocheling voor de mensen van het Derde Para.
Het is van cruciaal belang dat de niet-aflatende inzet van de OMLT
hier op zijn minst wordt erkend. Doordat hun acties in de pers zijn
gekomen, is die erkenning er al voor een stuk. De waardering volgt
hopelijk later. Indien men er nu voor zou kiezen om hen hun werk niet
meer te laten doen, zou dit door hen ervaren worden als een gebrek
aan appreciatie en een miskenning van hun competenties." Was
getekend: de luitenant-psycholoog, (...), de consulent, op
17 juni 2009.
Ik las dat voor om aan te tonen hoe men de temperatuur ter plaatse
meet. En het is toch verschillend wanneer men op 7.500 kilometer
afstand enige beschouwingen maakt.
Mijnheer de voorzitter, ik stel voor dat de collega's die deel uitmaken
van de commissie opvolging buitenlandse operaties, nogmaals het
vertrouwelijk verslag lezen dat is ingediend bij de griffie van die
commissie. Ik stel vast dat slechts twee van de leden zich tot nu toe
de moeite hebben getroost om dat vertrouwelijk verslag te gaan
lezen. Komt daar geen verandering in, dan stel ik voorzitter Delpérée
voor om over te gaan tot de voorlezing van het verslag. Zo zal men
beseffen in welke mate en binnen welke contouren de aanwezigheid
op het terrein van OMLT werd vastgelegd, en dit in volledige
overeenstemming met de regeringsbeslissing.
Collega Van der Maelen, ik antwoord niet op onwaarheden.
Contrevérités zijn de slechtste en minst betrouwbare strategie om in
dergelijke dossiers te hanteren. Dat helpt zelfs u niet vooruit. Ook in
het dossier van onze militaire aanwezigheid in Afghanistan komt de
waarheid altijd naar boven. U spreekt over Kunduz en het PRT. Ik stel
een acute aanval van amnesie vast. Wanneer is de opdracht om deel
te nemen aan de ontmijningsmissie PRT in Kunduz genomen? In
2005, door een regering waarvan uw partij deel uitmaakte, zonder dat
er ooit een parlementair debat aan is voorafgegaan, zonder dat er ooit
een parlementair debat is op gevolgd. Uw partij stemde vanuit de
meerderheid voor de opdracht waarin we gisteren zijn
tussengekomen, waarvan ik de uitvoering in het kader van de loyaliteit
volledig steun.
Ik herhaal: PRT is geen OMLT. Ik laat in het midden welke opdracht u
als het meest risicovol beschouwt.
PRT is hoofdzakelijk de ontmijning van wegbermbommen onder de
Duitse koepel, zoals beslist in 2005. OMLT kadert volledig in de
exitstrategie van Afghanistan, de strategie die door de 42 ISAF-landen
naar voren is geschoven, en past in de CIMIC-operatie, een militaire
aanwezigheid die het terrein moet vrijmaken om de burgerlijke
wederopstanding en wederopbouw in Afghanistan mogelijk te maken,
waarbij naast de politie wij doen ter zake geen opdrachten het
Afghaanse leger een belangrijke rol speelt.
Wij doen zulks niet alleen. De missie van een OMLT is echter klaar en
un manque de considération et
une méconnaissance de leurs
compétences. Voilà pour la teneur
du
rapport
du
lieutenant-
psychologue.
Seuls deux membres de la
commission chargée du suivi des
missions à l'étranger se sont
jusqu'à présent donné la peine de
lire le rapport confidentiel déposé
au greffe. Si cela ne change pas,
je propose que le président
Delpérée donne lecture du rapport
pour que chacun prenne la
mesure
des
contours
dans
lesquels la présence de l'OMLT
sur le terrain a été définie, et ce en
parfaite concordance avec la
décision du gouvernement.
Je
ne
réagirai
pas
aux
contrevérités. La décision de
participer à la mission de
déminage PRT à Kunduz date de
2005 et a été prise par un
gouvernement où siégeait le parti
de M. Van der Maelen, sans aucun
débat parlementaire. PRT n'est
pas
synonyme
d'OMLT.
La
mission PRT consiste essentielle-
ment au déminage des bombes
placées en bord de route, sous le
commandement
allemand.
L'OMLT cadre pleinement dans la
stratégie de sortie d'Afghanistan
avancée par les 42 pays de la
FIAS, ainsi que dans l'opération
CIMIC.
La mission d'une OMLT est
clairement définie, et celle dont il
est question ici a été présentée
très clairement à la Chambre et au
Sénat. Si j'explique à nouveau en
quoi consiste cette mission, tous
les mensonges que l'on raconte à
son sujet éclateront au grand jour.
Les positions restent toujours les
mêmes, tant celle des partisans
que celle des opposants. Les
opposants se basent sur leur souci
du bien-être de nos soldats pour
dire qu'ils sont contre la présence
de la FIAS en Afghanistan et qu'ils
ne comprennent pas ce que nous
y faisons.
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
duidelijk vastgelegd.
Ik heb de bewuste missie naar aanleiding van de regeringsbeslissing
heel duidelijk in de commissie buitenlandse operaties van Kamer en
Senaat vastgelegd. Indien men koppig aan zijn mening wil
vasthouden en geen kennis van het verslag in kwestie wil nemen, zal
ik zelf vragen om nogmaals mede te delen in welke mate wij ter
plaatse operationeel zijn. U zult merken dat alle onwaarheden die ter
zake worden verteld, als een kaartenhuisje in elkaar zullen zakken.
Nederland zit in een ander operatietoneel en op een andere wijze, met
uitzondering van de gemeenschappelijke actie die wij in Kandahar
ondernemen. Nederland bevindt zich in wat het regional command
South in Uruzgan wordt genoemd.
De uiteenzettingen blijven altijd dezelfde, zowel van zij die vóór de
operaties zijn en die erg bekommerd zijn als van zij die tegen de
operaties zijn. Ik beweer niet dat laatstgenoemden niet om het welzijn
van onze soldaten bekommerd zouden zijn. Zij gebruiken hun
bekommernis echter als een voorwendsel om één zaak te willen
bevestigen, met name dat zij tegen de operatie en tegen de
aanwezigheid van ISAF in Afghanistan zijn. Zij willen ook bevestigen
dat zij geen geloofwaardigheid hechten aan wat wij ginds doen.
De
verantwoordelijkheid
voor
het
voorgaande
heeft
de
regeringsmeerderheid, die uit vijf partijen bestaat, met name
Open Vld, PS, cdH, MR en CD&V, genomen. Voornoemde partijen
zijn minstens even hard bekommerd om het welzijn van de militairen
en om de wijze waarop en de omstandigheden waarin zij worden
ingezet. Dat u ter zake een waardeoordeel maakt, kan De Crem geen
barst schelen. Dat u uw oordeel echter op de kap van de militairen
maakt, is ik herhaal het misplaatst en van een laag allooi. Ik zal
ook niet stoppen dat te herhalen.
Nogmaals, ik zie dat de syndicale vertegenwoordigers aanwezig zijn.
Zij hebben naar aanleiding van een aantal uitspraken die zijn gedaan
door de partijen die de regeringsbeslissing niet assumeren, bijna
geschokt gereageerd, zoals ik ook heb gereageerd, toen de eerste
uiteenzettingen er zijn gekomen. Zij hebben waardig, maar met
ingehouden woede gereageerd op de onwaarheden die zijn verteld.
Mijnheer De Vriendt, ik kan er u nogmaals op wijzen, maar ik heb
gehoord dat partijgenoten van u het ook hebben opgemerkt. Uw
meest recente mediaoptreden naar aanleiding van het incident dat
zich in Kunduz heeft voltrokken, was heel pijnlijk, niet voor de operatie
zelf maar wel voor uzelf. Het was misplaatst.
Ik stel nogmaals vast dat er misbruik wordt gemaakt van het
parlementaire spreekrecht door in een openbare vergadering dezelfde
dossiers aan te halen die ook in de besloten vergadering worden
aangehaald. Ik zal dat uitentreure herhalen.
Iemand kan voor of tegen het vehikel van de commissie buitenlandse
opdrachten zijn. Ik stel evenwel vast dat een meerderheid van de
parlementsleden vóór voornoemd vehikel is. Ik stel ook vast dat de
commissie naar behoren werkt, nu zij en bonne et due forme is
samengesteld. Ik durf u met de hand op het hart zeggen dat geen
enkele, parlementaire commissie in de ons omringende landen op
La majorité gouvernementale a
pris la responsabilité d'assumer
cette mission. Les cinq partis
concernés sont au moins aussi
soucieux du bien-être de nos
soldats que les autres. On peut
bien sûr toujours émettre un
jugement de valeur sur la mission,
mais pas sur le dos des militaires.
Ceux qui le font se rendent
méprisables.
Les délégués syndicaux ont été
aussi scandalisés que moi par les
mensonges qui ont été diffusés.
L'intervention de M. De Vriendt à
la suite de l'incident à Kunduz était
pénible et déplacée. Certains
abusent du droit de s'exprimer des
parlementaire pour évoquer, lors
d'une
réunion
publique,
les
mêmes dossiers que ceux qui sont
évoqués lors de la réunion à huis
clos.
On peut être pour ou contre l'outil
que constitue la commission de
suivi des missions à l'étranger,
mais la majorité du Parlement y
est favorable. Cette commission
fonctionne
bien,
et
aucune
commission
dans
les
pays
environnants n'est informée aussi
ponctuellement et de manière
aussi structurée que la nôtre.
J'entends bien poursuivre dans
cette voie, mais je prends mes
distances vis-à-vis de toute la
désinformation, voulue ou on, à
propos de ce dossier.
L'opinion publique connaît depuis
longtemps ceux qui s'opposent à
l'opération, mais elle ne les
soutient absolument pas.
La communication est critiquée,
mais je vous renvoie à un article
publié dans la presse dans lequel
deux partenaires de militaires
déclarent qu'elles ont des contacts
presque permanents avec leur
compagnon
en
Afghanistan,
qu'elles
sont
parfaitement
informées de la situation sur place
et qu'elles sont choquées par la
désinformation
qui
sème
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
een dergelijke, punctuele en gestructureerde manier wordt
geïnformeerd als dat met voornoemde commissie gebeurt. Ik zal mijn
engagement houden om zulks ook in de verdere toekomst te doen. Ik
neem echter vanaf vandaag afstand van alle desinformatie en gewilde
desinformatie die in het dossier wordt gegeven.
Trouwens, u sprak over de publieke opinie. De publieke opinie heeft
de houding van degenen die tegen de operatie zijn reeds lang door en
steunt hen helemaal niet.
Ik wil nog iets zeggen over het communicatiegebeuren. Ik weet niet of
u het artikel in de krant hebt gelezen van twee vrouwelijke partners op
het thuisfront. Zij hebben gezegd dat de communicatie met de plaats
van militaire aanwezigheid, in casu Afghanistan, heel goed verloopt,
dat zij vrijwel in permanent contact zijn met hun partner die in militaire
opdracht is, dat zij voldoende en volledig geïnformeerd zijn en dat zij
gechoqueerd waren door het feit dat er door desinformatie nodeloos
onrust werd gezaaid. Ik vind dat dit mag worden gezegd.
Collega Kindermans, ik ga volledig akkoord met uw analyse van hoe
we in het Parlement omgaan met de informatie. Er zijn maar twee
mogelijkheden. Ofwel is er een commissie die volgens het Reglement
werkt en dat is die opvolgingscommissie, ofwel heeft die commissie
geen zin.
Ik kan maar een zaak zeggen. Omwille van de veiligheid van onze
troepen, en collega Flahaut heeft ernaar verwezen, kan ik niet zeggen
wat we doen, wanneer we het doen, in welke opdracht en waarover
het gaat. Dat kan niet in een commissie zoals deze. Dit is iets anders
dan het hebben over de kwaliteit van de lucht die men meet.
Dit is een gevaarlijke opdracht. Dat werd nooit ontkend. We zitten in
een gebied met gewapende conflicten en waar de incidenten
proportioneel toenemen. Dit werd nooit ontkend. Dat was zelfs een
grond van rechtvaardiging om meer en betere inspanningen te
leveren in Afghanistan.
Wanneer collega Stevenheydens zegt dat er meer incidenten zijn in
het noorden van Afghanistan, heeft dat te maken met het feit dat er
een proportionele toename van incidenten is over het hele Afghaanse
grondgebied, wat heel wat laterale gevolgen heeft.
Ik heb het daarover gehad in de commissie. Ik herhaal ze nogmaals:
de voorbereiding van de verkiezingen en de problematiek van het
einde van de papaveroogst en de verwerking ervan en de
communicatiekanalen over de weg die ontstaan. Er zal nog een
bijkomende factor zijn, met name het begin en het einde van de
ramadan. Het internationaal kader voorziet dat de druk kan toenemen.
Wat de informatie betreft, ga ik niet polemiseren. Tussen 1999 en
2007 zat ik als oppositielid in de commissie voor de
Landsverdediging. Ik heb het engagement van onze Belgische
troepen in het buitenland nooit in twijfel getrokken. Ik heb de
competentie van onze militairen in de leiding, in de staf, nooit in twijfel
getrokken. Ik heb zelfs de regeringsbeslissingen die men nam nooit in
twijfel getrokken. Ik heb nooit interventies gehouden over de
activiteiten van onze PRT in Kunduz. Ik heb nooit betogen gehouden
die de toenmalige regering en zelfs de toenmalige minister in een
inutilement l'inquiétude.
Il n'existe que deux options en ce
qui concerne la commission de
suivi :
soit
elle
travaille
conformément au Règlement ; soit
elle ne travaille pas. Pour
préserver la sécurité de nos
troupes, il m'est impossible de
communiquer la totalité des
informations à la commission
ordinaire. Il s'agit en effet d'une
mission dangereuse.
Si
les
incidents
sont
plus
nombreux dans le nord de
l'Afghanistan, c'est parce qu'il y a
proportionnellement
davantage
d'incidents dans l'ensemble du
pays avec une multitude de
conséquences
indirectes.
La
préparation des élections, la fin de
la récolte du pavot, les nouvelles
voies de communication par la
route et le ramadan accroissent la
pression.
À propos de l'information, je ne
vais pas me lancer dans une
polémique.
J'ai
siégé
dans
l'opposition de 1999 à 2007 mais
jamais je n'ai mis en doute
l'engagement ou la compétence
de nos troupes à l'étranger, ni
même
les
décisions
du
gouvernement. Jamais je n'ai
reproché au ministre de la
Défense ou au gouvernement de
ne pas protéger suffisamment nos
militaires.
Mes
considérations
étaient d'ordre politique. On peut
être partisan d'une mesure ou s'y
opposer,
mais
certains
agissements sont déplacés. Il est
inacceptable de mettre en péril la
présence
physique
de
nos
militaires parce qu'on réprouve
une opération du point de vue
idéologique.
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
positie
zouden
kunnen
brengen
alsof
zij
onvoldoende
verantwoordelijkheid zouden nemen voor de bescherming van onze
militairen. Dat heb ik nooit gedaan. Ik maakte politieke afwegingen.
Ik heb dat ook gedaan voor onze aanwezigheid in de UNIFIL-operatie
in Beirut of in Kunduz, maar er zijn zaken die men niet doet, of men
nu behoort tot de meerderheid of tot de oppositie. Men kan voor of
tegen een maatregel zijn. Dat is het spel. Ik ben goed geplaatst om te
weten hoe het spel in elkaar zit en welke rol iedereen moet spelen.
Dat men willens nillens, omdat men ideologisch tegen een operatie is,
de fysieke militaire aanwezigheid in gevaar brengt, is voor mij
onaanvaardbaar.
Cher collègue Flahaut, en ce qui concerne la question que vous avez
posée, j'y ai fait référence dans la présentation que j'ai donnée en
commission du Suivi des opérations militaires à huis clos. J'avais
proposé, en concertation avec le gouvernement, la suspension des
missions FIAS en attendant les résultats de l'évaluation par l'équipe
envoyée, à mon initiative, par le chef d'état-major des forces armées
belges. Entre-temps, l'enquête a été menée et j'ai pris connaissance
des constatations et recommandations. Je les communiquerai
prochainement sur simple demande aux membres de la commission
du Suivi.
Il est clair que la participation de notre OMLT sur le terrain se fait sous
le commandement de la FIAS comme convenu.
Wat uw vraag betreft, heb ik
ernaar
verwezen
in
mijn
uiteenzetting
tijdens
de
vergadering met gesloten deuren
van de Commissie belast met de
opvolging van de buitenlandse
zendingen. In overleg met de
regering had ik voorgesteld dat er
geen ISAF-missie meer zou
worden georganiseerd totdat het
ter plaatse gestuurde team zijn
evaluatie
had
voltooid.
Ondertussen is dat onderzoek
afgerond en heb ik kennis
genomen van de vaststellingen en
aanbevelingen.
Ik
zal
ze
binnenkort op verzoek in de
opvolgingscommissie meedelen.
Ons OMLT dat in het veld
aanwezig is, staat zoals
overeengekomen onder bevel
van de ISAF.
Mijnheer de voorzitter, tot daar het antwoord op de vragen ik meen
dat er geen interpellaties bij waren die ik heb gekregen.
De voorzitter: Het zijn inderdaad allemaal vragen.
06.20 Minister Pieter De Crem: Mijnheer de voorzitter, ik wil wel nog
het volgende zeggen. Het is de 25
ste
of de 26
ste
keer, sedert de
beslissing van 1 februari 2008, dat wij in de Kamer een debat kunnen,
willen en mogen voeren over Afghanistan. Ik wil dat dus ook vandaag
duidelijk maken, voor eens en voor altijd, voor wie zegt dat er in het
Parlement geen debat zou zijn.
Het is echter niet juist te stellen dat de communicatie in een debat,
omdat die communicatie sommige mensen niet bevalt, daarom
slechte of onjuiste communicatie zou zijn. Voor iedereen die ooit
communicatiewetenschappen heeft gestudeerd, waartoe ik mezelf
niet reken, is dat toch een van de eerste regels.
06.20 Pieter De Crem, ministre:
Depuis la décision du 1
er
février
2008, nous nous sommes déjà
entretenus 25 fois de la situation
en
Afghanistan.
Un
débat
parlementaire est donc bel et bien
possible. Il se peut que je
fournisse des informations qui ne
plaisent pas à tous, mais cela ne
signifie pas pour autant que la
communication soit inexacte.
06.21 Bruno Stevenheydens (Vlaams Belang): Mijnheer de
minister, bedankt voor uw antwoord.
06.21 Bruno Stevenheydens
(Vlaams Belang): Ce n'est pas
parce que nous critiquons la
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
U spreekt net over kritiek op de operaties ter plaatse. Het is niet
omdat we zeer kritisch zijn over de communicatie, dat wij daarom de
operatie tot in de details in twijfel trekken.
U verwijst nogal vaak naar die commissie achter gesloten deuren. Ik
meen dat een commissie achter gesloten deuren de informatie moet
geven die, als die in de openbaarheid zou komen, de operaties op het
terrein zou kunnen schaden. Maar wanneer dat niet het geval is,
wanneer de commissie achter gesloten deuren duidelijk bedoeld is
om informatie te geven die de operaties in een ruim verband plaatsen,
dan moeten zulke zaken zeker in openbaarheid worden gegeven. U
mag dan niet te vlug het argument aanhalen dat die zaken achter
gesloten deuren werden besproken.
Immers, het gaat er hem niet enkel over deze commissie te
informeren. Het gaat hem er ook over de publieke opinie, de
bevolking te informeren. En dan nog meen ik maar ik wil niet in
herhaling vallen dat in december, januari en februari de acties van
de OMLT en hetgeen men op termijn kon verwachten, door u niet
goed gekaderd waren. Dat had veel beter gekund. Een betere
omkadering had heel veel onduidelijkheid kunnen wegnemen, en dan
hadden wij vandaag niet over de communicatie moeten discussiëren,
maar meer over de operatie in Afghanistan zelf.
U zegt dat de verkiezingen als een kantelmoment worden beschouwd.
De papaveroogsten, dat is iets waarvan ik het spijtig zou vinden als er
nog veel oogsten zouden komen. Maar we moeten daar reëel in zijn:
dat zijn zaken die zich zullen blijven herhalen. Ik vind het dus spijtig
dat we, zoals u eigenlijk wil zeggen, elk jaar met een opleving van
geweld te maken zullen hebben als dat daartoe als oorzaak wordt
beschouwd.
U beschouwt de verkiezingen als een kantelmoment, en ik hoop dat
dit inderdaad het geval zal zijn en dat onze aanwezigheid daar
doorslaggevende resultaten zal hebben. Wij staan namelijk achter de
oorspronkelijke doelstellingen van onze aanwezigheid daar. Doch, als
na de verkiezingen blijkt dat er geen doorslaggevende resultaten
zouden zijn, dan is ook het moment aangebroken om eens kritisch te
bediscussiëren wat onze verdere houding zal zijn in het conflict met
Afghanistan.
Over een zaak heb ik u weinig of geen informatie horen geven,
namelijk de communicatie vanuit Defensie, van de woordvoerster van
Defensie, die zei dat de families van militairen niet direct op de hoogte
zouden worden gebracht om onrust te vermijden. Ik heb u daarstraks
duidelijk gevraagd waarom, en of er nog andere voorbeelden zijn van
vergelijkbare voorvallen waarbij op die manier werd gereageerd.
communication que nous mettons
pour autant en cause l'ensemble
de l'opération. Le huis clos est
destiné
aux
informations
susceptibles
de
nuire
aux
opérations si elles étaient rendues
publiques. Toutefois, si l'on fournit
dans une commission à huis clos
des informations qui placent
simplement les opérations dans un
contexte général, ces informations
doivent être rendues publiques car
la population a également le droit
d'en disposer.
Le ministre n'a pas suffisamment
situé les actions de l'Operational
Mentoring and Liaison Team. Un
meilleur cadrage aurait permis de
lever de nombreuses incertitudes
et nous aurait permis aujourd'hui
de parler de l'opération en
Afghanistan proprement dite et
non de communication.
Nous devons être réalistes: nous
serons confrontés chaque année à
une résurgence de la violence
dans ce pays. Le ministre
considère les élections comme un
moment charnière. J'espère qu'il a
raison, mais s'il s'avère après les
élections que notre présence ne
débouche sur aucun résultat
probant, nous devrons discuter de
manière critique de l'attitude future
à adopter dans le cadre du conflit
afghan.
Le ministre n'a rien dit à propos
des déclarations de la porte-parole
de la Défense selon lesquelles les
familles de militaires n'auraient
pas été informées immédiatement
pour éviter toute agitation.
06.22 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, ik herhaal nogmaals. U zegt dat u er gerust in bent dat u
de brede steun hebt van de publieke opinie. Dat is mogelijk. Ik weet
het niet. Wat ik echter niet begrijp, is hoe u hierin gesteund door de
meerderheidspartijen de beslissingen die sinds 1 februari 2008 zijn
genomen, niet durft te onderwerpen aan een stemming van alle
150 parlementsleden.
Mijnheer Kindermans, de beslissing over de OMLT's is niet verder
gekomen dan een commissievergadering van Defensie achter
06.22 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Le ministre prétend qu'il
bénéficie d'un large soutien auprès
de la population. Je ne mets pas
en doute ses propos, mais je ne
comprends pas qu'il n'ose pas
soumettre les décisions prises le
1
er
février 2008 au vote des 150
députés. La décision relative aux
OMLT n'a jamais dépassé le stade
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
gesloten deuren. Die beslissing is nog nooit plenair besproken.
Ik assumeer, mijnheer de minister, de beslissingen die door mijn partij
zijn genomen toen wij in de meerderheid zaten. Het gaat hier dan over
beslissingen inzake Kabul, de luchthaven en de ontmijning in het
noorden, de PRT's. Sinds 1 februari en tot op vandaag zijn daar wel
een paar zeer belangrijke beslissingen genomen die samengevat
betekenen dat wij offensief deelnemen aan de operatie via F-16's die
bombarderen en schieten.
Mijnheer de minister, ik volg volledig collega Flahaut als hij zegt dat
indien u van bij de start geen twijfel had laten bestaan over het feit dat
onze Belgische militairen samen met de Afghanen op het terrein
zouden gaan, wij al die debatten en discussies niet hadden moeten
voeren. Dan was er een keer een discussie over gevoerd.
d'une réunion à huis clos de la
commission
de
la
Défense
nationale, alors même que la
réalité prouve dans l'intervalle que
nous participons de manière active
aux
opérations
menées
en
Afghanistan avec nos F-16 qui
procèdent à des bombardements
et des tirs. Initialement, vous avez
déclaré avec le ministre des
Affaires étrangères que nos
militaires ne seraient déployés que
dans le cadre des OMLT et qu'ils
n'accompagneraient
pas
les
militaires afghans sur les théâtres
d'opérations.
06.23 Minister Pieter De Crem (...).
06.24 Dirk Van der Maelen (sp.a): Ik neem het verslag, mijnheer de
minister. Ik heb hier het verslag van 6 oktober 2008, getiteld "De
deelname van Belgische militairen aan de operatie in Afghanistan.
Gedachtewisseling met de ministers van Buitenlandse Zaken en
Landsverdediging". Op pagina 19 van dat verslag...
06.25 Minister Pieter De Crem: Mijnheer Van der Maelen, once and
for all...
06.26 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de minister, ik heb u
ook niet onderbroken.
06.27 Minister Pieter De Crem: Eens en voor altijd: op 30 december
is er een vergadering geweest...
06.28 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de minister, ik heb u
ook niet onderbroken.
Ik lees voor: "De minister van Buitenlandse Zaken preciseert tot slot
dat er bijkomende Belgische militairen in het noorden van Afghanistan
zullen worden ingezet in het kader van de OMLT's en dat zij niet
samen met Afghaanse militairen zullen optreden."
Minister van Landsverdediging De Crem sluit zich aan bij de
antwoorden van de minister van Buitenlandse Zaken". Waarmee
bewezen is, mijnheer de minister, dat u in deze Kamer iedereen
bewust hebt misleid. U zegt in de Kamer het ene en u doet op het
terrein het andere.
06.28 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Je dois conclure que le
ministre ne respecte pas sur le
terrain les engagements pris à la
Chambre.
06.29 Minister Pieter De Crem: (...)
06.30 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de minister, ik weet
beter wat er in mijn partij omgaat dan u.
Ik wijs de aanwezige collega's van de meerderheid erop dat sinds 1
februari het aantal militairen dat we in Afghanistan hebben,
verdubbeld is, dat wij een vierde van de vliegtuigen leveren in de
ISAF-operatie en dat de kostprijs op jaarbasis oploopt tot om en bij
twee miljard Belgische frank. Collega's, als dat geen plenair debat
06.30 Dirk Van der Maelen
(sp.a): En conséquence, les
militaires belges participent au
péril de leur vie à une opération
militaire parfaitement inutile et qui
ne pourra jamais atteindre son
objectif.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
waardig is. Als een meerderheid of een minister zo bang is van een
plenair debat dat men alles doet om dat af te houden, dan is mijn
conclusie dat er iets niet juist is.
Ik rond af. Mijnheer de minister en andere collega's, ik zou willen dat
u ermee stopt het verhaal te brengen alsof wij twijfelen aan de inzet
en de competentie van onze militairen. Kijkt u er mijn verklaringen op
na, nog nooit heb ik daarover iets gezegd. Ik heb het grootste respect
voor wat die mensen doen.
Ik heb echter een probleem met u, mijnheer de minister. U hebt de
politieke leiding van die operatie ginder. We hebben inderdaad een
verschil van mening. Mijn probleem is dat hoe langer hoe meer
mensen van oordeel zijn dat het probleem in Afghanistan niet kan
worden opgelost via meer militaire inzet. Ik vind het een
onverantwoord risico dat wij Belgische militairen, die goed zijn
opgeleid en die hopelijk over al het nodige militair materieel
beschikken, met risico voor hun leven laten deelnemen aan een
militaire operatie in Afghanistan die zinloos is en nooit het doel kan
bereiken. Dat is het verschil van mening tussen u, mijnheer de
minister, en mij.
Nogmaals, ik betreur uw politieke lafheid om met de oppositie geen
plenair debat in de Kamer te durven aangaan, over onze nationale
belangen en over de zin en de onzin van de operatie.
J'éprouve le plus grand respect
pour le travail de nos militaires sur
place, mais je déplore le manque
de courage politique dont fait
montre le ministre en n'osant pas
soumettre à un débat en plénière
la question du sens d'une
opération militaire.
06.31 Patrick De Groote (N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, er zijn de pro's en de contra's, zoals gewoonlijk.
Ik steun de minister in die zin dat ik ook vind en dat is in onze partij
duidelijk aan bod gekomen dat de kritiek van bepaalde collega's
soms erover was. Wij kregen vaak de indruk dat de discussie niet
ging over wat was gebeurd in Afghanistan, maar veeleer over of wij al
dan niet nog wel een leger nodig hadden.
De mensen van het Derde Para pleiten voor het afwerken van hun
missie. Wij hebben die operatie altijd gesteund en wij zullen dat
blijven doen.
Mijnheer Van der Maelen, u hebt het al verschillende keren gezegd, ik
citeer uit een van uw vorige tussenkomsten: "Het is een zinloze
oorlog, een oorlog die wij niet kunnen winnen en daarom moeten wij
uit Afghanistan vertrekken". Ik vraag mij dan af waarom uw partij nog
aan de Vlaamse verkiezingen heeft meegedaan. De sp.a had die ook
niet kunnen winnen. Dat is een redenering die niet opgaat.
Alle gekheid op een stokje, ik hoop dat u mij dat niet kwalijk neemt.
Wij hebben steeds een genuanceerd standpunt ingenomen. Wij
hebben de operatie altijd gesteund. Wij hebben altijd voor
transparantie gepleit. Die is er niet altijd geweest, maar ik denk dat wij
in de gesloten vergaderingen toch voldoende informatie hebben
gekregen. Wij hebben steeds respect en bewondering getoond voor
de opleiding van onze militairen en vooral voor het werk ter plaatse,
en voor de verantwoordelijkheid en de professionaliteit die men daar
aan de dag legde.
Men kan ons niet verwijten dat wij politieke spelletjes hebben
06.31 Patrick De Groote (N-VA):
Il y a du pour et du contre mais je
soutiens en tout état de cause le
ministre dans la mesure où les
critiques de certains collègues
étaient parfois exagérées. La
discussion ne portait ainsi en fait
plus sur la situation en Afghanistan
mais sur la question de savoir si
nous avions encore besoin d'une
armée. Nous continuons en tout
état
de
cause
à
soutenir
l'opération. Le raisonnement tenu
par M. Van der Maelen selon
lequel
nous
devons
quitter
l'Afghanistan dans la mesure où il
s'agit d'une guerre qui n'a pas de
sens et que nous ne pouvons pas
gagner ne tient pas la route. Nous
avons pour notre part toujours
soutenu l'opération mais en
plaidant en même temps pour la
transparence. Même si cette
transparence a parfois fait défaut,
nous avons toujours reçu des
informations suffisantes lors des
réunions à huis clos. Le sens des
responsabilités et le profession-
nalisme de nos militaires sur place
sont
remarquables.
Nous
continuons à soutenir la mission
tout en continuant également à en
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
gespeeld. Wij blijven de doelstellingen van de missie steunen, maar
wij zullen ook de resultaten ervan blijven evalueren.
évaluer les résultats.
06.32 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor het antwoord. Ik wil ook uw
woordvoerder de heer Kindermans bedanken voor zijn antwoorden op
mijn vragen.
Mijnheer de minister, u hebt in uw antwoorden gekozen voor de vlucht
vooruit. Het is met de moed der wanhoop dat u hier hebt
gechargeerd. U hebt gechargeerd ten aanzien van de oppositie die
tegen uw beleid is, maar u hebt de bal totaal misgeslagen. U bent
begonnen met zaken die zelfs niet aan bod zijn gekomen, zoals PRT's
en OMLT's.
U hebt het halve verwijt aan ons gemaakt dat wij niet zouden willen
dat de OMLT op het terrein zou gaan. Dat is allemaal niet het punt. U
kreeg daarnet zelfs kritiek van een partij die u meestal steunt. Dat is
veelbetekenend.
Ik denk dat wij ook de commentaren in de pers hebben gelezen. U
zakt door de mand omdat in allerlei verslagen, ook in een openbaar
verslag dat hier werd geciteerd en dat u hebt proberen te verhinderen
door de heer Van der Maelen te onderbreken, duidelijk zwart op wit
staat dat u, dat kunt u niet ontkennen, wat de Belgen nu doen in
Kunduz toen hebt ontkend. U hebt blijk gegeven van verkeerde
informatie en misleiding. Dat is het probleem.
Het gaat er niet over of wij die operatie verder willen zetten of niet.
06.32 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Le ministre choisit la fuite
en avant en insistant sur le fait que
l'opposition est contre sa politique.
Le fait que le ministre nous
reproche de ne pas vouloir que les
OMLT aillent sur le terrain n'est
pas ce qu'il y a de plus important.
Il s'agit surtout du fait que le
ministre refuse de dire exactement
ce que font nos militaires sur
place. Il a donné des informations
erronées et trompeuses.
Il ne s'agit pas de savoir si nous
voulons poursuivre cette opération
ou non.
06.33 Minister Pieter De Crem: Jawel.
06.34 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Neen, mijnheer de
minister, iedereen kan het zien: het gaat om de kloof tussen wat u
hebt beweerd de afgelopen maanden en wat zich op het terrein heeft
afgespeeld. Gelieve mij niet te onderbreken, mijnheer de minister, ik
heb dat daarnet ook niet gedaan. Ik merk dat u telkens probeert te
onderbreken als het moeilijk wordt voor u.
Ik denk dat collega Flahaut daarnet de vinger op de wonde heeft
gelegd. Hij had het over de essentie, over de kloof tussen de feiten op
het terrein en uw communicatie. Ik heb naar aanleiding van de
incidenten drie telefoons gekregen van familie van militairen die mij
hebben gezegd dat zij niet wisten dat hun familie rechtstreeks het
terrein op ging, samen met Afghaanse patrouilles, om offensieve
militaire acties te ondernemen. Dat is wat drie families mij hebben
gezegd. Zij zijn ongerust, mijnheer de minister, niet omwille van de
reactie van de oppositie, maar omwille van uw verkeerde informatie.
U hebt gezorgd voor verwarring, u hebt gezorgd voor ongerustheid.
U spreekt over de bijzondere commissie voor opvolging van
buitenlandse operaties. Ik zal de voorzitter van de Kamer het voorstel
doen om het verslag openbaar te maken. U speelt hier blufpoker. U
neemt de vlucht vooruit, terwijl openbare verslagen en verslagen van
een commissie achter gesloten deuren telkens maar opnieuw
bewijzen, mijnheer de minister, dat u verkeerde informatie hebt
gegeven. Degene die de werking van de bijzondere commissie uitholt
bent u, door verkeerde informatie te geven in de schoot van zelfs een
06.34 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Il s'agit de la différence
entre ce que le ministre a affirmé
au cours de ces derniers mois et
ce qu'il s'est réellement passé sur
le terrain. Tout à l'heure, notre
collègue Flahaut a mis le doigt là
où ça fait mal en faisant référence
au fossé qui sépare les faits
survenus sur le terrain et la
manière
dont
le
ministre
communique à leur sujet.
Il est ressorti de conversations
téléphoniques avec des proches
de nos militaires qu'ils ignoraient
qu'ils mèneraient des opérations
militaires
offensives
en
collaboration avec des patrouilles
afghanes. Les familles de nos
soldats sont inquiètes, non en
raison
de
la
réaction
de
l'opposition mais parce que le
ministre diffuse des informations
erronées qui sèment la confusion.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
commissie achter gesloten deuren.
Tot slot rond ik af. U hebt gezegd dat er geen vragen werden gesteld,
enkel politieke statements gemaakt die we al lang kennen. Er zijn
vragen gesteld over onder andere de communicatie van uw
woordvoerster waarop u geen antwoord hebt gegeven. Ik heb een
vraag gesteld over uw visie op de Afghanistanstrategie waarop u geen
antwoord hebt gegeven. U ontwijkt het debat over de strategie die
vandaag aan het mislukken is en over een strategie die misschien wel
tot succes kan leiden. U ontwijkt het debat omdat u zelf geen
antwoorden hebt, omdat u zelf blijkbaar niet bekommerd bent om het
succes van deze operatie. Ik kan niet anders dan deze conclusie
trekken. U doet gewoon voort. U zet zich op de lijn van het sturen van
meer troepen zonder zich af te vragen of dat nog nuttig is.
U verwijt ons dat wij niet bekommerd zouden zijn om het welzijn van
de militairen. Ook ik wens dat hier formeel te ontkennen. Ik vraag mij
af in hoeverre u kunt blijven volhouden onze Belgische militairen in te
zetten in een strategie die aan het mislukken is. Gelieve daar toch
eens over na te denken.
Tous les comptes rendus publics
et les comptes rendus de la
commission qui s'est tenue à huis
clos font apparaître que le ministre
a
diffusé
des
informations
erronées. De ce fait, il vide lui-
même de sa substance la
commission spéciale chargée du
suivi des missions à l'étranger.
Le ministre dit à tort que, comme à
l'accoutumée, d'aucuns ont fait
connaître des prises de position
politiques
connues
depuis
longtemps. Mais il n'a pas répondu
à une question concernant les
méthodes de communication de
sa porte-parole ni à ma question
concernant sa conception de la
stratégie suivie en Afghanistan. Il
élude tout débat
relatif à sa stratégie, une stratégie
qui est en train d'échouer, et à une
autre stratégie qui, elle, pourrait
réussir. Par conséquent, je ne
peux qu'en conclure que la
réussite de cette opération n'est
pas une de ses préoccupations
majeures. Et je n'accepte pas qu'il
nous reproche de ne pas nous
soucier du bien-être des militaires.
Il devrait plutôt se demander s'il
est vraiment opportun de suivre de
façon
jusqu'au-boutiste
une
stratégie
qui
est
en
train
d'échouer.
06.35 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, ik betreur het een beetje dat wij steeds opnieuw moeten
terugkomen op het feit van wat u toen zou hebben gezegd, wat
daarvan aan is. Op een gegeven moment hebt u in een exposé het
aanbod gedaan om het zelf openbaar te maken, om dat bewuste
verslag van december zelf voor te lezen.
Ik zou eigenlijk willen ingaan op uw aanbod. Dan zijn wij voor eens en
voor altijd van dat debat af. U zegt dat slechts twee leden het zijn
gaan inkijken. Ik durf gerust zeggen dat ik een van die twee ben. Ik
heb getekend en gedateerd wanneer ik het ben gaan inkijken, omdat
ik geen discussie daarover wilde. Ik ben het gaan inkijken op het
moment dat het debat in de media hoog opliep. Toen ben ik de
verslagen gaan inkijken. Ik heb trouwens het verslag gelezen. Dat ligt
in de Kamer en dat ligt in de Senaat. Ik ben op beide locaties
geweest. Ik heb op beide locaties gehandtekend. Dat debat moet wij
echter achter ons laten.
Uw aanbod daar is goed. U moet maar bekijken met de voorzitter van
de commissie hoe u dat doet, waar u dat doet. In dat verslag staat
echter niets vertrouwelijks. Maak dat gewoon openbaar, dan is dat
06.35 Hilde Vautmans (Open
Vld): Je déplore qu'il faille
systématiquement revenir sur ce
qu'aurait exactement déclaré le
ministre. A un moment, le ministre
a proposé de rendre le rapport
public en en donnant lecture. Je
voudrais accepter son offre. J'ai lu
le rapport qui a été déposé à la
Chambre et au Sénat. Il ne
contient
aucun
élément
confidentiel et peut dès lors être
publié sans problème. Cela nous
permettra enfin de passer à
l'essentiel du dossier.
Le ministre a lu le rapport du
Conseiller Opérations Mentales
(COM) sur place. J'ai relevé qu'il
insistait sur le maintien des
militaires sur place. Les missions
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
37
debat achter de rug, dan kunnen wij ten minste over de kern van de
zaak spreken.
Ten tweede, u hebt het verslag voorgelezen van de RMO die ter
plaatse is gegaan. Hetgeen mij daar opviel is dat hij in dat verslag dat
u voorlas nogal sterk de klemtoon legde en zei dat men ze moet
blijven laten op het terrein gaan. U bent daarop twee of drie keer
teruggekomen in dat verslag van die RMO.
Ik heb de vraag gesteld en ook collega Flahaut heeft de vraag
gesteld. Is er op gegeven moment een opschorting geweest van de
begeleidingsopdrachten? Is er op gegeven moment een opschorting
geweest? Er zijn incidenten geweest. U hebt die uitvoerig toegelicht
achter gesloten deuren. Hebt u nadien voor enige tijd beslist dat men
gedurende dat aantal uren even niet op het terrein ging gaan, om het
te evalueren? Verwijst die RMO daarnaar? Of hoe moet ik dat
begrijpen?
Ten derde, ik heb gezegd dat ik geruchten had over die
coördinatieproblemen. U hebt neen geknikt, maar u bent er niet
verder op ingegaan. Ik neem aan dat het neenknikken wil zeggen dat
u geen weet hebt van die communicatie of coördinatie, problemen
tussen de OMLT enerzijds en de PRT's anderzijds, de Afghaanse en
Amerikaanse troepen.
Ik heb ook gevraagd of er een verslag is van die twee mensen die wij
ter plaatse hebben gestuurd. Krijgen wij dat dan morgen te zien? Ik
neem aan dat wij dat niet kunnen openbaar maken. Ik vraag dat ook
niet, maar ik vraag wel dat, als er een verslag is, wij dat kunnen
inkijken,
evenzeer
als
de
verslagen
van
de
militaire
inlichtingendiensten. U hebt vorige week gezegd dat wij die mogen
komen inkijken. Ik heb geen contact opgenomen met uw kabinet,
maar ik neem aan dat wij wachten op een bericht waar, wanneer en
met welke modaliteiten wij die verslagen mogen gaan inkijken.
Uiteraard zullen wij morgen het debat wel hebben over de werking
van de commissie. Ik hoop dat de leden mijn voorstel tot
kaderschetsen binnen dat reglement zullen volgen.
d'accompagnement ont-elles été
un moment suspendues? Que
faut-il comprendre?
Le ministre a fait non de la tête
lorsque je l'ai interrogé sur les
rumeurs concernant les problèmes
de coordination. Je suppose dès
lors qu'il n'a pas connaissance de
problèmes dans ce domaine.
Existe-t-il un rapport des deux
personnes
que
nous
avons
dépêchées sur place? Pouvons-
nous les consulter demain ainsi
que les rapports des services de
renseignements
militaires? Je
suppose qu'ils ne peuvent être
publiés. Quand et comment
pourrons-nous
consulter
ces
documents?
Nous débattrons demain du
fonctionnement de la commission.
J'espère que les membres se
rallieront à ma proposition relative
au règlement.
06.36 Gerald Kindermans (CD&V): Mijnheer de minister, ik dank u
voor uw antwoord. Inderdaad, de uitdagingen in Afghanistan blijven
enorm. Het verzet van de taliban is erg taai en nog lang niet
gebroken. De gewone bevolking op het platteland zit vaak tussen
hamer en aambeeld. De corruptie tiert welig en legt een hypotheek op
de opbouw van het land, op de justitie en op de politiediensten, die er
voorlopig onvoldoende in slagen het vertrouwen van de bevolking te
winnen.
Het is precies in het kader van de exitstrategie dat wij het leger en de
politie helpen opleiden in Afghanistan. Dat er garantie zou zijn op
succes is absoluut niet het geval. De vraag is of dat een voldoende
reden is om de deelname aan de operatie af te blazen en zo de
solidariteit tussen de Europese partners op te zeggen.
Wij menen dat wij de hernieuwde aanpak van president Obama
moeten ondersteunen en dat wij de Afghaanse bevolking zeker niet
aan haar lot kunnen overlaten.
06.36 Gerald Kindermans
(CD&V): Les défis en Afghanistan
restent effectivement de taille,
compte tenu de la résistance
farouche des talibans, de la
population rurale qui est prise
dans un étau et de la corruption à
grande échelle qui entrave le
développement du pays et le bon
fonctionnement de la justice et de
la police. Nous apportons notre
soutien à la formation de l'armée
et de la police en Afghanistan,
dans le cadre précisément de la
stratégie de sortie. Nous estimons
que nous devons soutenir la
nouvelle approche du président
Obama et que nous ne pouvons
pas abandonner la population
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
38
Ik heb uit het betoog van de heer De Vriendt begrepen dat hij volhardt
in de boosheid en dat hij met veel losse weetjes maar weinig logica
een mengelmoes maakt waarmee hij alleen zichzelf in moeilijkheden
brengt.
afghane à son sort. M. De Vriendt
continue apparemment à adopter
un point de vue sur la base
d'informations incohérentes.
06.37 André Flahaut (PS): Monsieur le président, monsieur le
ministre, en décembre, quand on a décidé des OMLT, dans mon
esprit, il était clair que les militaires belges allaient accompagner les
personnes sur le terrain. Était-ce clair pour tout le monde? Je l'ignore.
Cela a-t-il été dit clairement et acté dans des rapports? Il faut tirer
cela au clair et il faut que les rapports soient rendus publics.
Autrement, on n'aboutira jamais à rien dans nos discussions. Donc,
pas de problème pour moi.
Par ailleurs, le conseiller en opérations à l'avis duquel vous vous
ralliez a dit que nos hommes sont allés sur le terrain et qu'il faut
pouvoir continuer à le faire pour ne pas provoquer de frustration de
part et d'autre. Il encourage à poursuivre ce que nous avons toujours
réalisé. C'est la preuve que cela a été fait. Peut-être l'ignorions-nous,
peut-être n'avons-nous pas prévu ce genre de choses mais il y a une
part de vérité là-dedans.
Pour les OMLT qui ont fait l'objet des premiers incidents, on doit la
survie de nos hommes à la qualité de leur entraînement. Il faudra
maintenir cette qualité. Vous l'avez dit vous aussi, d'ailleurs. Par
contre, des incidents ont lieu aujourd'hui dans le PRT. À Kunduz, les
militaires belges étaient avec des Allemands. Ces derniers sont
tombés dans une embuscade. L'incident vient du fait qu'on
accompagnait non pas des Afghans mais des Allemands. Il faut aussi
se poser des questions à ce sujet. Ces opérations ont-elles été
suspendues? Si vous avez décidé d'une suspension dans l'attente du
rapport de vos officiers, c'est une excellente décision; vous auriez pu
le dire ouvertement et même le communiquer à l'extérieur. On aurait
pu le dire car cela n'était connu de personne.
Quand il faut dire les choses, on ne le fait pas et quand il ne le faut
pas, on les dit! Quelque chose ne va pas dans la communication!
En tout cas, c'est une bonne décision. Je suppose que vos officiers
sont rentrés et qu'ils ont fait rapport. Cela veut donc dire, si je
comprends bien, que vous allez réexaminer le dispositif du point de
vue des effectifs, de l'encadrement et du matériel, que vous aurez
peut-être la sagesse de postposer certaines décisions quant au PRT
dont on envisage toujours de prendre la direction ou qu'on ne se
montrera pas aussi volontaire d'augmenter notre participation aux
OMLT.
Ensuite, il faut aussi réaffirmer et réorienter le mécanisme compte
tenu de la proximité des élections afghanes. C'est une question que je
pose; nous aurons l'occasion de revenir sur le sujet sans doute
demain, mais les questions sont déjà posées aujourd'hui.
Le débat sur la prolongation des opérations de quatre à six mois est
plus général; il a déjà eu lieu il y a très longtemps. Cette prolongation
en opérations extérieures ne me semble pas opportune surtout dans
un contexte aussi hostile.
Monsieur le ministre, il s'agit surtout de ne pas minimiser les risques.
06.37 André Flahaut (PS): Toen
in december werd beslist dat ons
land zou deelnemen aan de
OMLT's, was het voor mij duidelijk
dat de Belgische militairen de
manschappen op het terrein
zouden begeleiden. Werd dat ook
duidelijk gezegd en staat het in de
rapporten? De inhoud van die
rapporten
moet
worden
gepubliceerd. Zoniet leiden deze
discussies tot niets. De officier
operationeel raadgever, met wie u
het eens bent, heeft overigens
gezegd dat onze manschappen op
het terrein zijn geweest en dat ze
dat moeten kunnen blijven doen.
Toen de eerste incidenten met de
OMLT's zich voordeden, was het
dankzij hun training dat onze
manschappen konden overleven.
Die kwaliteit moet behouden
blijven. Er deden zich echter ook
incidenten voor met het PRT
(Provincial Reconstruction Team).
Het incident in Konduz was te
wijten aan het feit dat onze
troepen geen Afghanen, maar
Duitsers begeleidden. Werden die
operaties opgeschort? Zo ja, dan
is dat een zeer goede beslissing,
die u echter wel had kunnen
aankondigen. Dat zou, indien ik
het goed begrijp, betekenen, dat u
de troepensterkte, de omkadering
en het materieel opnieuw gaat
bekijken,
dat
u
bepaalde
beslissingen met betrekking tot het
PRT wellicht uitstelt en dat eerst
zal worden nagedacht voor onze
deelname aan de OMLT's wordt
opgevoerd.
Voorts dient er rekening te worden
gehouden met de naderende
verkiezingen in Afghanistan.
De verlenging van de operaties
met vier tot zes maanden lijkt me
niet opportuun in zulke vijandige
omstandigheden. Men moet de
risico's vooral niet wegwuiven.
CRIV 52
COM 604
24/06/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
39
Il fallait dès le début annoncer qu'il s'agissait d'une opération à risque
connu. Il faut parfois vous protéger contre vous-même, monsieur le
ministre, et contre votre enthousiasme à la proactivité dans l'envoi de
troupes afin de montrer les capacités de la Belgique, d'indiquer la
différence et notre envie d'être présent où l'on se bat. Tant pis:
advienne que pourra! C'est pourquoi il faut vous protéger contre vous-
même.
Cependant, à un moment, en ce qui concerne la communication, j'ai
bien entendu que les règles en vigueur seraient qu'il faut apprécier
l'incident grave selon la présence de blessés ou de morts; sans
blessé ou mort, on ne communique pas. C'est bien ce que j'ai
entendu à l'extérieur et c'est ce que vous avez qualifié de déplorable
dans la commission de Suivi des opérations militaires. Or, si j'entends
bien ce qu'a dit la porte-parole le rapport en fait foi , c'est
exactement ce que vous avez lu aujourd'hui, qui correspondait à la
règle en vigueur en termes de communication sur les incidents.
Pas de blessé, pas de mort, donc on ne communique pas pour ne
pas inquiéter. Parce qu'elle a dit cela en commission de Suivi des
opérations militaires, vous avez qualifié cette communication de
"déplorable". Mais, monsieur le ministre, c'est votre communication
puisqu'elle correspond à la directive donnée par l'état-major.
C'est simple: c'est dit comme ça et tournons la page, mais améliorons
les choses! Je suis demandeur aussi de sortir le rapport sur cette
réunion. J'ai horreur de l'injustice. Pour rétablir la justice et l'honneur
de quelqu'un, je suis prêt à aller jusqu'au bout. Je l'ai fait et l'ai
démontré en d'autres domaines. Je n'accepte pas que vous ne
preniez pas vos responsabilités!
Votre communication "Pas de blessé, pas de mort, le département
assume" n'est pas une bonne communication. Il faut être proactif, il
faut rassurer les familles, il faut éviter que les gens ne s'inquiètent vu
la distance. Vous avez les moyens de le faire. Peut-être que vous
commencez à le faire, mais alors changez les directives. Surtout
n'accusez pas les gens qui appliquent la loi de ne pas faire
correctement leur métier! Il faut changer le mécanisme de
communication.
Je voudrais encore préciser qu'en ce qui concerne la mise en oeuvre
des équipes de reconstruction provinciale à Kunduz, comme pour
toutes les autres opérations menées en Afghanistan et ailleurs, à une
époque on organisait des débats au parlement. De plus, avant que la
décision du gouvernement ne soit confirmée, il y avait une demande
automatique à la commission de Suivi des opérations militaires pour
que s'installe une communication. J'en veux pour preuve que c'est ce
que le premier ministre vous a dit de faire avant une réunion à
l'OTAN. En effet, il nous a expliqué que des décisions allaient sans
doute être prises lors du sommet de l'OTAN mais qu'elles ne seraient
confirmées au niveau du gouvernement qu'après avoir informé
complètement la commission de Suivi des opérations militaires. Le
premier ministre lui-même s'inscrit dans la ligne suivie par son
prédécesseur en ce qui concerne les opérations militaires.
Monsieur le ministre, il est vrai qu'il faut donner des réponses rapides
et que nous avons envie de faire avancer les choses mais vous devez
essayer de le faire en bonne intelligence et en bonne transparence
Er zijn geen gewonden of doden
gevallen, dus wordt er niets
meegedeeld om geen onrust te
zaaien. De woordvoerster zei dit in
de commissie belast met de
opvolging van de buitenlandse
zendingen en u bestempelde die
communicatie
als
betreurens-
waardig.
Die
wijze
van
communiceren strookt evenwel
met de richtlijn die de staf had
gegeven. Dit is geen goede
communicatiestrategie.
De
familieleden moeten gerustgesteld
worden. U bent daar wellicht al
mee begonnen, maar dan moet u
de richtlijnen ook wijzigen! En
beschuldig de mensen die de
regels volgen er niet van dat ze
hun werk niet goed doen!
In het verleden werden er in het
Parlement debatten georganiseerd
over de oprichting, in Kunduz, van
teams belast met de heropbouw
van de provincie. Vóór de
bevestiging van de regerings-
beslissing werd er automatisch
aan de opvolgingscommissie voor
de militaire operaties gevraagd
daarover te communiceren. Vóór
een NAVO-vergadering heeft de
eerste
minister
u
gevraagd
hetzelfde te doen. Wat de militaire
operaties betreft, zit hij dus op één
lijn met zijn voorganger. Het klopt
dat men snel moet kunnen
reageren, maar u moet dat doen in
goede verstandhouding en in alle
openheid met het Parlement,
zonder
daarbij
uw
verantwoordelijkheden uit de weg
te gaan.
24/06/2009
CRIV 52
COM 604
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
40
avec le parlement, en assumant vos responsabilités sans culpabiliser
les gens qui travaillent pour vous.
06.38 Brigitte Wiaux (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, je retiens de ce débat que ce qui nous importe, c'est la
sécurité de nos hommes sur place et que les informations
communiquées aux familles soient correctes.
Nos militaires ont fait preuve de beaucoup de professionnalisme, de
courage et de sang-froid. À cet égard, ils méritent d'être félicités.
06.38 Brigitte Wiaux (cdH): Voor
ons is het dus belangrijk dat de
veiligheid van onze jongens
gewaarborgd is en dat de
voorlichting van de familieleden
correct verloopt. Onze militairen
hebben blijk gegeven van een
groot professionalisme en van veel
moed. Ze verdienen dus alle lof.
06.39 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de voorzitter, ik heb
geen antwoord gekregen op de vraag van mevrouw Vautmans en
mezelf of er inderdaad opdracht is gegeven aan de militairen om
gedurende een aantal dagen (...) (zonder micro)
06.39 Dirk Van der Maelen
(sp.a): A-t-on, oui ou non, donné
l'ordre aux militaires de ne plus
quitter le campement tant que
l'incident n'aurait pas fait l'objet
d'une évaluation? Mme Vautmans
aussi a vainement posé cette
question.
06.40 Minister Pieter De Crem: Ik zal op die vraag en over een aantal
andere zaken antwoorden geven in de vergadering van de commissie
belast met de opvolging van de buitenlandse zendingen in plaats van
alles aan de taliban te gaan vertellen.
06.40 Pieter De Crem, ministre:
Pour plus de confidentialité, je
répondrai à cette question au sein
de la commission chargée du suivi
des missions à l'étranger. Il me
paraît plus prudent de choisir cette
voie plutôt que de tout dévoiler aux
talibans.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 13.07 uur.
La réunion publique de commission est levée à 13.07 heures.