KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 552
CRIV 52 COM 552
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
B
UITENLANDSE
B
ETREKKINGEN
C
OMMISSION DES
R
ELATIONS EXTERIEURES
woensdag
mercredi
06-05-2009
06-05-2009
Namiddag
Après-midi
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Samengevoegde vragen van
1
Questions jointes de
1
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"de
criminalisering van homoseksualiteit in Burundi"
(nr. 12223)
1
- M. Xavier Baeselen au ministre de la
Coopération
au
développement
sur
"la
criminalisation de l'homosexualité au Burundi"
(n° 12223)
1
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"de
criminalisering van homoseksualiteit in Burundi"
(nr. 12254)
1
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la
Coopération
au
développement
sur
"la
criminalisation de l'homosexualité au Burundi"
(n° 12254)
1
- de heer Bruno Tuybens aan de minister van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"de
criminalisering van homoseksualiteit in Burundi"
(nr. 13083)
1
- M. Bruno Tuybens au ministre de la Coopération
au développement sur "la criminalisation de
l'homosexualité au Burundi" (n° 13083)
1
Sprekers: Xavier Baeselen, Bruno Tuybens,
Hilde Vautmans, Charles Michel, minister
van Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Xavier Baeselen, Bruno Tuybens,
Hilde Vautmans, Charles Michel, ministre de
la Coopération au développement
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
civiele steun met betrekking tot Afghanistan"
(nr. 12494)
5
Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre
de la Coopération au développement sur "l'aide
civile fournie à l'Afghanistan" (n° 12494)
5
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel, ministre de la Coopération au
développement
Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
laattijdige betaling van facturen" (nr. 12506)
6
Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de
la Coopération au développement sur "le
paiement tardif de factures" (n° 12506)
6
Sprekers: Wouter De Vriendt, Charles
Michel,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Wouter De Vriendt, Charles
Michel, ministre de la Coopération au
développement
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
inspanningen in de strijd tegen aids/HIV+"
(nr. 12492)
8
Question de Mme Martine De Maght au ministre
de la Coopération au développement sur "les
efforts déployés dans le cadre de la lutte contre le
sida/HIV+" (n° 12492)
8
Sprekers: Martine De Maght, Charles
Michel,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Martine De Maght, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
hulp aan DR Congo" (nr. 12832)
11
Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre
de la Coopération au développement sur "l'aide à
la République démocratique du Congo" (n°
12832)
11
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel, ministre de la Coopération au
développement
Vraag van de heer Xavier Baeselen aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
situatie van holebi's en transseksuelen in de
partnerlanden
van
de
Belgische
ontwikkelingssamenwerking" (nr. 13079)
13
Question de M. Xavier Baeselen au ministre de la
Coopération au développement sur "la situation
des personnes LGBT dans les pays partenaires
de la coopération au développement belge"
(n° 13079)
13
Sprekers: Xavier Baeselen, Charles Michel,
minister van Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Xavier Baeselen, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
opvolging van de Internationale Conferentie over
Bevolking en Ontwikkeling" (nr. 12422)
15
Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de
la Coopération au développement sur "le suivi de
la Conférence Internationale sur la Population et
le Développement" (n° 12422)
15
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Sprekers: Hilde Vautmans, Charles Michel,
minister van Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Hilde Vautmans, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE
BUITENLANDSE BETREKKINGEN
COMMISSION DES RELATIONS
EXTÉRIEURES
van
WOENSDAG
6
MEI
2009
Namiddag
______
du
MERCREDI
6
MAI
2009
Après-midi
______
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 15.52 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door mevrouw Hilde Vautmans.
Le développement des questions et interpellations commence à 15.52 heures. La réunion est présidée par
Mme Hilde Vautmans.
01 Questions jointes de
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Coopération au développement sur "la criminalisation de
l'homosexualité au Burundi" (n° 12223)
- Mme Hilde Vautmans au ministre de la Coopération au développement sur "la criminalisation de
l'homosexualité au Burundi" (n° 12254)
- M. Bruno Tuybens au ministre de la Coopération au développement sur "la criminalisation de
l'homosexualité au Burundi" (n° 13083)
01 Samengevoegde vragen van
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de criminalisering
van homoseksualiteit in Burundi" (nr. 12223)
- mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de criminalisering
van homoseksualiteit in Burundi" (nr. 12254)
- de heer Bruno Tuybens aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de criminalisering
van homoseksualiteit in Burundi" (nr. 13083)
01.01 Xavier Baeselen (MR): Monsieur le ministre, nous rejoignons
ici aussi un des aspects évoqués dans le rapport sur la situation des
droits de l'homme dans les pays partenaires. La question de la
discrimination sur base de l'orientation sexuelle fait partie des
différents critères qui sont analysés dans les rapports pour chacun
des pays partenaires, sauf certains. J'ai d'ailleurs une autre question
parlementaire sur ce sujet.
La situation au Burundi m'inquiète particulièrement. Lors d'une
question parlementaire posée par des collègues au ministre des
Affaires étrangères, il y a une semaine à peu près, ce dernier s'est lui-
même montré préoccupé par la situation au Burundi. Si nos
informations sont exactes, le Burundi a effectivement promulgué la loi
qui pénalise les rapports homosexuels, dans le cadre d'une réforme
plus générale qui présente des avancées en d'autres matières.
Vous avez fait des déclarations à la presse à propos de cette situation
au Burundi. Le ministre des Affaires étrangères se montre lui aussi
préoccupé.
Par quels moyens peut-on agir? Nous pouvons bien sûr utiliser la
pression dans les contacts bilatéraux avec ce pays. Mais que faire si
nous ne sommes pas entendus? Si les appels de la communauté
internationale non plus ne sont pas entendus, jusqu'où êtes-vous prêt
01.01 Xavier Baeselen (MR):
Een van de criteria die worden
geanalyseerd in het verslag
betreffende de situatie van de
mensenrechten in de partner-
landen is de discriminatie op grond
van seksuele geaardheid.
Ik maak me zorgen over de
toestand
in
Burundi.
Naar
aanleiding van een parlementaire
vraag die vorige week aan de
minister van Buitenlandse Zaken
werd gesteld, gaf deze eveneens
uiting aan zijn ongerustheid. Als de
informatie
waarover
we
beschikken juist is, heeft Burundi
een wet uitgevaardigd die homo-
seksuele betrekkingen strafbaar
stelt, en dit in het kader van een
algemene hervorming die op
andere vlakken een vooruitgang
betekent.
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
à aller dans le cadre de cette question qui me semble fondamentale.
Notre pays a oeuvré à l'ONU en faveur d'une déclaration sur la
dépénalisation et la décriminalisation de l'homosexualité. L'Union
européenne joue d'ailleurs, avec la France, un rôle important à cet
égard.
Quels sont les moyens de pression possibles? Jusqu'où êtes-vous
prêt à aller pour que le Burundi revienne sur cette décision
inacceptable?
We kunnen druk uitoefenen in
onze bilaterale contacten met dat
land. Maar als we niet worden
gehoord, hoe ver wil u dan gaan in
deze fundamentele kwestie? Ik wil
eraan herinneren dat ons land bij
de UNO heeft geijverd voor een
verklaring
over
de
niet-
strafbaarstelling
van
homoseksualiteit.
De voorzitter: Mijnheer Tuybens, u krijgt het woord.
01.02 Bruno Tuybens (sp.a): (...)
De voorzitter: Ik laat u voorgaan.
01.03 Bruno Tuybens (sp.a): Dat moet u niet doen.
Mijnheer de minister, de Burundese autoriteiten stopten
homoseksualiteit dan toch in het nieuwe strafrecht. Collega Baeselen
heeft dat al aangegeven. President Pierre Nkurunziza, die
homoseksualiteit als een vloek beschouwt, zette naar verluidt zijn
handtekening onder de omstreden wetgeving. Artikel 567 uit de
ondertekende wet zou bepalen dat burgers voor homoseksuele
relaties tussen volwassenen tot twee jaar cel kunnen krijgen.
De criminalisering van homoseksualiteit is zonder twijfel een
schending van de fundamentele mensenrechten en strookt niet met
de bepalingen van het Internationaal Verdrag voor Burgerlijke en
Politieke Rechten, dat Burundi ratificeerde.
Ook in Oeganda is er momenteel veel beroering over
homoseksualiteit. Vorig jaar werden drie homorechtenactivisten
gearresteerd in dat land tijdens een hiv/aidsconferentie in Kampala.
Een Oegandese homorechtenorganisatie had toen het belang
onderstreept van preventiecampagnes in de homogemeenschap.
Christelijke en islamitische leiders laten zich in Oeganda opmerken
door allerlei acties en uitspraken die erop mikken homoseksualiteit
"uit te roeien". Daardoor is er veel angst onder de plaatselijke holebi's.
Bovendien roepen Senegalese media op om homo's aan te vallen. De
oproepen komen er na de vrijlating, vorige week, van negen mannen
die van homoseksualiteit werden beschuldigd. De negen mannen
waren op 19 december opgepakt na anonieme klachten over hun
seksueel gedrag. In Senegal is homoseksualiteit ook illegaal.
In Zimbabwe, waar president Mugabe homoseksuelen "erger dan
varkens en honden" vindt, kunnen homo's zelfs voor het tonen van
affectie worden vervolgd. Volgens Mugabe is homoseksualiteit een
uiting van Westerse decadentie.
Die criminalisering wakkert de homofobie bij de Afrikaanse bevolking
aan en bemoeilijkt het bereiken van mannelijke homoseksuelen voor
hiv/aidspreventie.
Mijnheer de minister, mijn vragen zijn de volgende.
01.03 Bruno Tuybens (sp.a): Au
Burundi, l'homosexualité relève
désormais du droit pénal. Les
personnes qui se livrent à des
pratiques homosexuelles encourent
deux années d'emprisonnement.
Une atmosphère manifestement
de plus en plus hostile à
l'homosexualité règne également
dans d'autres pays d'Afrique, tels
que l'Ouganda, le Sénégal et le
Zimbabwe. Cette criminalisation
attise davantage encore l'homo-
phobie au sein de la population et
complique l'approche des homo-
sexuels dans le cadre de la lutte
contre le sida et la contamination
par le virus VIH.
La Belgique dénoncera-t-elle la
décision
des
autorités
burundaises? Y rattachera-t-elle,
le cas échéant, des conséquences
au niveau de notre coopération au
développement avec ce pays?
Notre pays oeuvrera-t-il, dans un
cadre européen ou non, pour le
respect
des
droits
des
homosexuels en Afrique?
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
Ten eerste, wat zal de Belgische regering doen om de criminalisering
van homoseksualiteit in Burundi aan te klagen? Welke gevolgen heeft
de beslissing van president Nkurunziza op de relaties tussen Burundi
en ons land? Welke gevolgen heeft die beslissing eventueel op de
ontwikkelingssamenwerking tussen beide landen?
Ten tweede, gezien de kwalijke evolutie inzake de vervolging van
homoseksualiteit in veel Afrikaanse landen, welke stappen zal ons
land, al dan niet in EU-verband, zetten opdat, eventueel via de
inspanningen op het vlak van ontwikkelingssamenwerking, de rechten
van de homoseksuelen in het Afrikaans continent gevrijwaard blijven?
01.04 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, ik kan niet
meer tellen hoeveel debatten wij over Burundi hebben gevoerd in het
Parlement. Wij hebben al met u gedachtewisselingen gehad, met de
minister van Buitenlandse Zaken, met de staatsecretaris, en nu
opnieuw met u. Wij hebben ook een Burundese delegatie ontvangen.
Volgende week, meen ik, zullen wij weer iemand uit Burundi
ontvangen die verslag komt uitbrengen over de actuele situatie inzake
de vervolging of de bedreiging van, en allerhande andere negatieve
toestanden inzake, homoseksuelen. Ik moet u zeggen dat ik echt
bezorgd ben over de evolutie. Zelfs in België. Ik meen dat het niet
langer dan van gisteren geleden is dat in de kranten stond dat er een
onderzoek in België is gevoerd waaruit blijkt dat de tolerantie van de
jeugd inzake seksuele geaardheid de negatieve kant opgaat.
In Afrika is het helaas nog veel erger. U weet dat ik er een
pleitbezorger van ben dat wij op een gegeven moment moeten durven
stellen dat ontwikkelingssamenwerking gekoppeld wordt aan
voorwaarden. Wij moeten een en ander toch durven zeggen wanneer
wij hun justitieapparaat helpen opbouwen. Wanneer men zulke
beslissingen neemt als in Burundi vandaag, moeten wij durven
zeggen: dit kan eigenlijk niet door de beugel.
Vandaar heel kort de volgende vragen, al kan ik er uren over praten,
maar ik meen dat dit niet de bedoeling is. Ik wil eerder uw visie horen.
Ten eerste, welke houding neemt u nu aan tegenover Burundi? Het
negatieve verdict is gevallen. Het artikel staat in hun strafwetboek. Ik
had even de hoop dat het de goede kant uitging, maar helaas, de
negativisten hebben het gehaald. Kortom: welke stappen onderneemt
u? Ik wil echt een concreet antwoord hebben. Met wie belt u? Wat
doet onze ambassade? Wat doet onze attaché bij de Belgische
Technische Coöperatie?
Ten tweede, wat doet u tegenover andere landen? Het gaat echt de
slechte kant uit. Niet alleen in Afrika maar ook hier in België en in
Europa. Midden mei is er weer de Internationale Dag tegen
Homofobie. Wij zullen weer parades in Brussel zien met mooi
versierde wagens, met dans en met mooie pamfletten. Maar als wij
niets doen, baat dat allemaal niet. Kortom: hoe gaat u daarmee om
tegenover andere landen?
Dat zijn mijn concrete vragen. Ziet u het nog positief in? Kunt u mij
overtuigen iets minder negatief te zijn?
01.04 Hilde Vautmans (Open
Vld): Même chez nous on observe
un recul progressif de la tolérance
des jeunes face à certaines
orientations sexuelles mais la
situation est encore nettement
plus grave en Afrique. J'estime
que nous devons subordonner au
respect de certaines conditions les
mesures
de coopération au
développement prises au bénéfice
du Burundi.
Quelles démarches concrètes le
ministre va-t-il entreprendre pour
s'opposer au nouvel article qui a
été inséré dans le code pénal
burundais?
Quel
rôle
notre
ambassade et notre attaché à la
Coopération
Technique
Belge
vont-ils jouer dans ce dossier?
Quelles initiatives le ministre va-t-il
prendre à l'égard d'autres pays qui
empruntent la même voie?
01.05 Charles Michel, ministre: Madame la présidente, chers 01.05 Minister Charles Michel:
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
collègues, nous avons suivi depuis un certain nombre de mois
l'évolution du processus de décision par rapport à cela. Pour ce qui
me concerne, et comme c'est le cas pour certains parlementaires et
membres du gouvernement, j'ai eu de très nombreux contacts
politiques tant et si bien que nous avons pensé que nous réussirions à
les convaincre de ne pas prendre cette décision.
J'ai eu des entretiens avec le président du Sénat, avec l'ancien
président Pierre Buyoya, actuellement sénateur, avec les premier et
deuxième vice-présidents. J'ai même eu un contact, j'y reviendrai,
avec le président Nkurunziza sur cette question.
Lors de ma dernière mission officielle au Burundi à la fin du mois de
février, à Bujumbura, nous avons systématiquement évoqué cette
question et plaidé pour que ce vote, qui irait dans le sens de la
criminalisation de l'homosexualité, n'intervienne pas. Lors de mon
discours public à l'ambassade, en présence de l'ensemble de la
presse belge et burundaise, j'ai explicitement plaidé en faveur d'un
code pénal burundais qui ne criminaliserait pas l'homosexualité.
Quelques jours avant la promulgation par le président Nkurunziza du
texte voté au Parlement, j'ai eu un contact téléphonique personnel
avec lui pour tenter un dernier plaidoyer en faveur d'une non-
promulgation du texte. Je constate que le texte a été promulgué en
date du 22 avril.
La question des moyens concrets que nous pouvons envisager,
évoquée par le collègue Baeselen et par Mme la présidente, me
paraît très pertinente.
Premièrement, le dialogue politique n'est pas rompu. Nous
maintenons ce dialogue et nous ne considérons pas que cette
question est réglée.
Deuxièmement, la stratégie que je défends et que j'essaie de mettre
en oeuvre est la suivante. Nous avons programmé une concertation
informelle avant la fin de ce mois, en marge du prochain Conseil
européen, avec mes collègues de pays européens qui jouent un rôle
relativement important au Burundi en termes de coopération au
développement. Je pense aux Pays-Bas, à la France, à la Grande-
Bretagne et à l'Allemagne. La volonté est de se concerter pour
envisager une réaction qui serait coordonnée. Je pense qu'il faut
éviter que les pays européens présents au niveau de la coopération
au Burundi parlent d'une voix discordante ou même placent le curseur
à un niveau différent sur cette question.
Je n'écarte aucune hypothèse, y compris le recours éventuel à la
sanction dans le cadre de la politique de la coopération au
développement. Mais je ne souhaite pas envisager cette sanction
sans une concertation au niveau de l'Union européenne.
Ik
heb
net
als
bepaalde
parlements- en regeringsleden
zeer veel contacten gehad; we
dachten dan ook dat we erin
zouden slagen onze gespreks-
partners ervan te overtuigen om
die beslissing niet te nemen.
Tijdens mijn laatste officiële missie
naar Burundi in februari hebben
we ervoor gepleit dat er geen
stemming over een strafbaar-
stelling van homoseksualiteit zou
plaatsvinden. Enkele dagen vóór
president Nkurunziza de in het
Parlement goedgekeurde tekst
zou afkondigen, heb ik met hem
contact gehad om een laatste keer
te pleiten tegen de afkondiging van
de wet. Ik stel vast dat de wet op
22 april werd afgekondigd.
De vraag welke concrete middelen
we in overweging kunnen nemen,
lijkt me zeer relevant.
Ten eerste zetten we de dialoog
voort en beschouwen we deze
aangelegenheid niet als afgedaan.
Ten tweede is er, met het oog op
een gecoördineerde reactie, in de
marge
van
de
volgende
bijeenkomst van de Europese
Raad een overleg gepland met
mijn ambtgenoten van de landen
die in Burundi actief zijn op het
stuk
van
ontwikkelingssamenwerking.
Ik hou alle mogelijkheden open,
met inbegrip van sancties in het
kader van het ontwikkelingsbeleid,
maar dan wel mits overleg op het
niveau van de Europese Unie.
01.06 Xavier Baeselen (MR): Madame la présidente, je suis
pleinement satisfait de la réponse du ministre. Je pense que c'est la
bonne manière d'agir. Il faut mettre la pression tout en espérant que
nous ne devrons pas en arriver aux sanctions.
01.06 Xavier Baeselen (MR): Dat
is de juiste aanpak.
01.07 Bruno Tuybens (sp.a): Mijnheer de minister, ik dank u voor
de inspanningen die u reeds hebt ondernomen. Ik hoop dat de
01.07 Bruno Tuybens (sp.a):
J'espère
que
les
contacts
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
informele contacten worden voortgezet. Ik denk dat de informele
kanalen ter zake zeer belangrijk zijn.
Ik maak mij wel de volgende bedenking. Wanneer een land het
universeel verdrag voor burgerlijke en politieke rechten heeft
geratificeerd, kan op het internationale forum dan geen enkel
sanctionerend mechanisme worden ingeroepen om Burundi tot betere
gedachten te laten komen? Het is uiteraard niet vanzelfsprekend
landen te sanctioneren, maar er moet toch eens grondig worden
nagedacht over wat de internationale gemeenschap ter zake kan
doen.
Bovendien zegt u dat u met uw collega's van de Europese Unie wenst
te overleggen vooraleer stappen te zetten op het vlak van
ontwikkelingssamenwerking. Persoonlijk ben ik er geen voorstander
van dat de bewoners van landen die het moeilijk hebben, het
slachtoffer zouden worden van de politiek van hun politieke leiders.
Die link wil ik in ieder geval niet leggen, maar het kan desgevallend
wel als een bijkomend diplomatiek drukkingsmiddel worden gebruikt.
Ermee dreigen dat de ontwikkelingssamenwerking zou kunnen
worden stopgezet, laat ik aan uw interpretatie over. Ik hoop in ieder
geval dat de Belgische regering, niet alleen uzelf maar ook uw
collega's, in de internationale fora deze problematiek zeker niet laat
liggen.
informels pourront se poursuivre. Il
est dommage qu'aucune forme de
sanction n'existe à l'échelon
international pour ramener le
Burundi à la raison. Les menaces
d'interruption de la coopération au
développement
affectent
davantage la population que les
dirigeants qui se fourvoient.
01.08 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, ik dank u
ook alvast voor uw inspanning, helaas zonder resultaat. Wij hebben
allemaal ons best gedaan, alle collega's hier, uzelf en de andere
ministers. Het kwaad blijft evenwel voortduren.
U hebt gelijk het internationaal te willen aanpakken en te coördineren.
Dat is de beste weg. Maar als dat niet lukt, moeten wij toch naar hier
terugkeren en nadenken over wat wij moeten doen. Wij mogen dit niet
zomaar laten gebeuren. Dit is voor mij veel te slecht. Wij hebben onze
stem luid genoeg laten horen. Men wist goed genoeg wat men deed.
Men kan niet blijven roepen, en wanneer de andere niet wil horen,
doen alsof er niets gebeurt.
Dat is natuurlijk mijn visie, maar ik reken erop dat de internationale
gemeenschap verstandig genoeg is om samen actie te ondernemen,
want dat is natuurlijk de beste manier. Ik wens u daar heel veel
succes mee en ik hoop dat, wanneer er iets beweegt, u ons als
eersten zult inlichten.
01.08 Hilde Vautmans (Open
Vld): Le ministre a raison de
préconiser
une
approche
internationale
du
problème.
J'espère sincèrement que la
communauté internationale sera
suffisamment raisonnable pour
agir.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
civiele steun met betrekking tot Afghanistan" (nr. 12494)
02 Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre de la Coopération au développement sur "l'aide
02.01 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer
de minister, op 1 april 2009 heeft het kernkabinet beslist om extra
militairen en extra F-16's naar Afghanistan te sturen. Er werd toen
medegedeeld dat er ook in meer ontwikkelingssteun zou worden
voorzien. Over voornoemde steun heb ik echter, zelfs tot op vandaag,
nog geen volledige duidelijkheid.
02.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Le 1
er
avril 2009, le cabinet
restreint a décidé d'envoyer
davantage de militaires et de F-16
en Afghanistan. En revanche,
nous ne disposons guère encore
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
Mijnheer de minister, welke extra ontwikkelingssteun zal België aan
Afghanistan geven?
Hoe groot is het budget dat ter zake wordt uitgetrokken? Uit welk
budget komt het bedoelde bedrag?
Kunt u mij een inzicht geven in de totale bestemming van het aan de
genoemde hulp toegekende bedrag?
d'informations
sur
l'aide
au
développement promise. Quel
montant sera affecté à cette aide
et de quel budget proviendra-t-il?
Quelle sera la destination concrète
de ces fonds?
02.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, op 3 april
2009 beslist de Ministerraad om de inspanningen van België in
Afghanistan zowel op militair als op civiel vlak te versterken.
De bijdrage aan civiele projecten, die tot in 2008 jaarlijks 6 miljoen
euro bedroeg, zal voor 2009 en 2010 tot 12 miljoen euro per jaar
worden verhoogd. Van de genoemde bijdrage van 12 miljoen euro zal
7,5 miljoen uit het budget van Ontwikkelingssamenwerking en
4,5 miljoen uit het budget van Buitenlandse Zaken komen.
Inzake ontwikkelingssamenwerking is gepland om de volgende
programma's te steunen. Er zal, ten eerste, 2 miljoen euro worden
uitgetrokken voor het Afghanistan Reconstruction Trust Fund van de
Wereldbank. Er zal, ten tweede, 2 miljoen euro worden besteed aan
voedselhulp via het Wereldvoedselprogramma. Er zal, ten derde,
1 miljoen euro worden uitgetrokken voor het programma van UNDP
ter ondersteuning van de presidentiële en provinciale verkiezingen in
2009. Er zal, ten vierde, 500.000 euro worden besteed aan de
voortzetting van een lopend project van de Aga Khan Foundation
inzake geïntegreerde plattelandsontwikkeling. De resterende
2 miljoen euro moet ik investeren in de onderwijssectoren die mij voor
de toekomst van Afghanistan essentieel lijken.
Mijn diensten bestuderen op dit moment de mogelijkheid om een
programma van Unicef te ondersteunen. Het programma in kwestie
heeft als voordeel dat bijzondere aandacht naar de gelijkheid tussen
man en vrouw gaat.
02.02 Charles Michel, ministre:
La contribution annuelle à des
projets civils s'est élevée à 6
millions d'euros jusqu'en 2008.
Cette aide sera doublée en 2009
et 2010, 7,5 millions provenant du
budget de la Coopération au
Développement et 4,5 millions, du
budget des Affaires étrangères.
Deux millions d'euros seront
débloqués
pour
l'Afghanistan
Reconstruction Trust Fund de la
Banque mondiale. Une même
somme sera affectée à l'aide
alimentaire par le biais du
Programme alimentaire mondial.
Un million d'euros sera injecté
dans le PNUD en vue d'apporter
un
appui
aux
élections
présidentielles et provinciales de
2009. Un montant de 500.000
euros sera également offert à un
projet de l'Aga Khan Foundation
relatif au développement rural
intégré. Enfin, j'investirai 2 millions
d'euros dans les secteurs de
l'enseignement,
et
mon
administration étudie la possibilité
de
soutenir
également
un
programme de l'Unicef concernant
l'égalité entre hommes et femmes.
02.03 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mijnheer de minister, ik dank u
voor het antwoord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03 Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
laattijdige betaling van facturen" (nr. 12506)
03 Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de la Coopération au développement sur "le
03.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister, dat
facturen niet tijdig worden betaald door de federale overheid is een
oud zeer. Het gaat niet alleen om levering van goederen maar ook om
diensten geleverd door deskundigen en dergelijke meer. Ik heb deze
vraag vorig jaar ook al gesteld. Ik wil ze nu opnieuw stellen in de hoop
03.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Ma question s'inscrit dans
le cadre d'un dossier que nous
avons déjà évoqué l'an dernier.
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
een positieve evolutie vast te stellen.
Mijnheer de minister, ik had u graag enkele vragen gesteld. Ten
eerste, hoeveel bedroeg de totale som van de openstaande facturen
bij
de
FOD Buitenlandse
Zaken,
bevoegdheid
Ontwikkelingssamenwerking op 31 december 2008? Hoeveel op
31 januari 2009?
Ten tweede, hoeveel facturen werden te laat betaald door de
FOD Buitenlandse Zaken, bevoegdheid Ontwikkelingssamenwerking
in de periode januari 2008 tot januari 2009? Wat was de gemiddelde
duur van de overschrijding van de betaaldatum?
Ten derde, welk totaal bedrag vertegenwoordigen de facturen die te
laat werden betaald?
Ten vierde, hoe lang moest een leverancier gemiddeld wachten in de
periode van januari 2008 tot januari 2009 opdat facturen werden
betaald?
Ten vijfde, wat waren de meerkosten voor de FOD Buitenlandse
Zaken, bevoegdheid Ontwikkelingssamenwerking als gevolg van de
laattijdige betaling van facturen, boetebedingen, intresten enzovoort?
Ten zesde, zijn leveranciers al overgegaan tot gerechtelijke
invordering van niet-betwiste facturen? Zo ja, voor welke bedragen?
Zijn er eventueel reeds vonnissen geveld in het nadeel van de
Belgische Staat over facturen onder de bevoegdheid van de
FOD Buitenlandse Zaken, bevoegdheid Ontwikkelingssamenwerking?
Ten zevende, welke waren de oorzaken van eventuele laattijdige
betalingen?
Tot slot, welke maatregelen treft u om ervoor te zorgen dat er een
einde wordt gemaakt aan deze laattijdige betalingen?
À combien s'élevait le montant
total des factures impayées au
département de la Coopération au
Développement respectivement au
31 décembre 2008 et au 31 janvier
2009? Combien de factures ont
été payées tardivement entre
janvier 2008 et janvier 2009?
Quelle a été la durée moyenne de
dépassement de la date limite de
paiement? À quel montant total
s'élèvent les factures payées
tardivement? Quel a été pour les
fournisseurs le délai d'attente
moyen en matière de paiements
entre janvier 2008 et janvier 2009?
À combien s'est élevé le surcoût
découlant des paiements tardifs
pour
la
Coopération
au
Développement Des fournisseurs
ont-ils déjà entrepris des actions
en justice et des jugements ont-ils
déjà été prononcés en la matière?
Quelles sont les causes des
paiements tardifs?
03.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, mijnheer
De Vriendt, ik heb drie beschouwingen als antwoord op de
verschillende vragen.
Ten eerste, er is geen betalingsachterstand van de facturen van 2008
en wel om de volgende redenen: het ankerprincipe werd niet meer
toegepast in 2008, waardoor achterstanden zoals geregistreerd in de
voorgaande jaren werden vermeld. Daardoor zijn de uitgaven in 2008
hoger dan in 2006 en 2007.
Ten tweede, ons huidig informaticasysteem laat niet toe om dergelijke
informatie weer te geven. Vanaf 2010 zal FEDCOM geïmplementeerd
zijn. Met dit informaticasysteem zal het wel mogelijk zijn. Voor 2008
was er geen overschrijding van de gemiddelde betalingsduur.
Ten slotte, er waren dus geen meerkosten.
03.02 Charles Michel, ministre:
Pour les factures de 2008, il y n'y a
pas de retard de paiement. Le
principe de l'ancre n'a plus été
appliqué, si bien que les dépenses
pour l'année 2008 sont plus
élevées que celles de 2006 et
2007. Le système informatique
actuel de la Coopération au
développement ne permet pas de
fournir
les
informations
demandées par M. De Vriendt,
mais cela changera à partir de
2010 avec le lancement de
FEDCOM.
Pour l'année 2008, il n'y a pas eu
de dépassement du délai moyen
de paiement. Il n'est dès lors pas
question
d'éventuels
coûts
supplémentaires.
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
03.03 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor de duidelijkheid. In die zin is er
toch een verbetering ten opzichte van vorig jaar. Ik lees in het verslag
dat inzake uw bevoegdheid ontwikkelingssamenwerking eind 2007
ongeveer 19 miljoen euro niet kon worden geordonnanceerd, waarvan
3 miljoen euro betrekking had op facturen in de strikte betekenis van
het woord.
Omwille van de evolutie van het ankerprincipe meen ik dat we naar
een positieve ontwikkeling ter zake evolueren.
Ik had uw collega De Gucht een gelijkaardige vraag gesteld. Hij
antwoordde mij dat de testfase van het voorziene informaticasysteem
dat zou toelaten om een meer gedetailleerd overzicht te krijgen inzake
betalingen van facturen er eerder zou zijn en dat systeem dus wellicht
eerder operationeel zou kunnen zijn dan tot voor kort werd
aangenomen.
Dat is positief. Duidelijkheid omtrent betalingen van facturen in de
meest gedetailleerde zin is immers absoluut nodig en past in een
concept van goed bestuur.
03.03 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Il y a clairement une
amélioration par rapport à l'année
passée.
Le ministre De Gucht a déclaré
que le système FEDCOM serait
sans doute opérationnel un peu
plus tôt que prévu.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
inspanningen in de strijd tegen aids/HIV+" (nr. 12492)
04 Question de Mme Martine De Maght au ministre de la Coopération au développement sur "les
efforts déployés dans le cadre de la lutte contre le sida/HIV+" (n° 12492)
04.01 Martine De Maght (LDD): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, in juni 2008 werd een VN-top georganiseerd in New York
waarbij het voortgangsrapport van UNAIDS werd voorgesteld. Eén
van de conclusies was dat er wereldwijd meer middelen moesten
worden vrijgemaakt in de strijd tegen aids/ hiv.
Van 3 tot 9 augustus 2008 vond in Mexico de Internationale
Aidsconferentie plaats. Ook hier werd hoopvol naar de toekomst
gekeken met de toch zeer duidelijke boodschap dat er nu moest
gehandeld worden in de strijd tegen aids/ hiv.
Financiële middelen zorgden voor een daling van het aantal
sterfgevallen ten gevolge van aids/ hiv. De beschikbaarheid van
medicatie zoals aidsremmers is een zeer positieve zaak. Toch blijft
het aantal besmettingen angstwekkend stijgen. Migratiebewegingen
maken dit tot een internationale problematiek. Dit is dus niet alleen
een probleem in België.
Er blijft nood aan een preventiebeleid. Het is ruim onvoldoende te
trachten de veroorzaakte schade te beperken of te verhelpen via de
zogenaamde damage control. Er moet worden opgetreden alvorens
de schade, de aidsbesmetting, wordt overgedragen.
Een Belgische aidsambassadeur, die was er vroeger maar nu niet
meer, zou anticiperend op deze problematiek kunnen doorwegen, ook
op de internationale en nationale besluitvorming, in samenwerking
met bestaande ngo's en andere partners in de strijd tegen seksuele
en reproductieve gezondheid zoals malaria, tbc enzovoort.
04.01 Martine De Maght (LDD):
Lors du sommet de l'ONU qui s'est
tenu en juin 2008 à New York
comme lors de la conférence
internationale sur le sida organisée
en août 2008 au Mexique, le
message était qu'il convient d'agir
maintenant dans le cadre de la
lutte contre le sida et qu'il faut y
consacrer davantage de moyens
au niveau mondial.
Quel est le point de vue du
gouvernement à l'égard de la
problématique internationale du
sida? Pourquoi n'y a-t-il plus
d'ambassadeur belge pour la lutte
contre le sida? La Belgique
exerce-t-elle
une
quelconque
influence
sur
le
processus
décisionnel
international
en
matière de santé sexuelle et
reproductive?
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
Mijnheer de minister, wat is het standpunt van de regering met
betrekking tot de internationale aidsproblematiek? Waarom heeft
België vandaag geen aidsambassadeur meer? Heeft België impact op
de internationale besluitvorming rond seksuele en reproductieve
gezondheid? Wat met de geloofwaardigheid van België in de strijd
tegen seksuele en reproductieve gezondheid?
04.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, ten eerste,
eind maart 2006 heeft de Ministerraad de beleidsnota over de
Belgische bijdrage aan de wereldwijde strijd tegen aids goedgekeurd.
Deze nota sluit aan bij diverse internationale verbintenissen en
verklaringen
zoals
bijvoorbeeld
de
Millenniumontwikkelingsdoelstellingen.
Het accent werd gelegd op het belang van het ondersteunen van het
nationaal gezondheidsbeleid in ontwikkelingslanden en op het waken
over de integratie van de strijd tegen aids, zowel in de
basisgezondheidszorg als in het onderwijs- en vormingprogramma's.
Onderwijs evenals de bevordering van preventiemiddelen en de
sensibilisering van risicogedrag is natuurlijk een belangrijk aspect van
preventie, dat een van de hoekstenen van de strijd tegen aids blijft.
Ten tweede, waarom heeft België geen aidsambassadeur meer? De
functie van aidsambassadeur werd in het leven geroepen op een
moment dat de sensibilisering en mobilisering van de internationale
gemeenschap voor de aidsproblematiek een belangrijke uitdaging
was. Vandaag staat deze problematiek ook op de internationale
agenda. De functie van aidsambassadeur kan daarom niet meer op
dezelfde manier worden ingevuld.
Binnen DGOS en mijn kabinet werden trouwens further points
aangeduid die deze problematiek moeten opvolgen en moeten waken
over een goede uitvoering van het Belgische beleid ter zake. De
aanstelling van dergelijke verantwoordelijken binnen de administratie
zelf maakt volgens mij een betere integratie van de aidsproblematiek
in het geheel van de projecten en programma's mogelijk. De
coherentie van onze interventies met die van andere actoren wordt
verzekerd door regelmatige contacten tussen de further points en de
andere donoren die actief zijn in deze sector, alsook via hun
deelname aan de raad van bestuur van de internationale organisaties.
Er wordt regelmatig verslag uitgebracht bij mij zodat ik erop kan
toezien dat overwogen beslissingen overeenkomen met de gewenste
politieke keuzes.
Ik kom tot de derde vraag. De opvolging en de implementatie van de
beleidsnota "Belgische ontwikkelingssamenwerking op het gebied van
seksuele en reproductieve gezondheid en rechten" maakt deel uit van
de algemene gezondheidspolitiek van de Belgische samenwerking en
geniet in die zin onze bijzondere aandacht. Wij zijn ervan overtuigd
dat de versterking van het gezondheidssysteem in het algemeen en
de basisgezondheidszorg in het bijzonder, de beste garantie is op een
betere gezondheid voor iedereen. Het is in de eerste plaats tijdens de
politieke dialoog met onze prioritaire partnerlanden dat wij het recht op
universele toegang tot reproductieve gezondheidszorg aankaarten.
Gezondheidszorg en impliciet reproductieve gezondheidszorg
behoren in meer dan de helft van onze partnerlanden tot onze
prioritaire hulpsectoren. Dit laat ons toe om op een structurele en
04.02 Charles Michel, ministre:
Le Conseil des ministres a
approuvé fin mars la note politique
relative à la contribution belge à la
lutte mondiale contre le sida, qui
met l'accent sur le soutien à la
politique de santé nationale dans
les pays en voie de dévelop-
pement, ainsi que sur l'intégration
de la lutte contre le sida dans le
cadre des soins de santé de base,
de
l'enseignement
et
des
programmes de formation.
La fonction d'ambassadeur "sida"
a
été
créée
lorsque
la
sensibilisation et la mobilisation de
la communauté internationale au
problème du sida constituait un
défi
majeur.
Aujourd'hui,
le
problème figure clairement à
l'ordre du jour de la communauté
internationale. La fonction ne peut
donc plus être exercée de la
même manière.
Des responsables ont d'ailleurs
été désignés à la DGCD et à mon
cabinet pour assurer le suivi de
cette question et pour veiller à la
bonne exécution de la politique
belge en la matière. Ainsi, une
meilleure intégration des projets
devient
possible.
Ces
responsables
se
concertent
régulièrement avec les donateurs
du secteur et avec les conseils
d'administration
d'organisations
internationales et, ensuite, ils me
font rapport.
L'observation de la note de
politique en question s'intègre
dans la politique de santé globale
de la coopération belge. C'est en
consolidant le système des soins
de santé et les soins de santé de
base qu'on garantit le mieux
l'amélioration de la santé pour
tous.
Nous
maintenons
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
institutionele manier deze problematiek op de agenda van onze
partnerlanden te plaatsen en te houden. Deze dialoog laat ook toe om
de resultaten van concrete projecten op het terrein op te tillen tot een
nationaal en zelfs internationaal niveau.
In het kader van de multilaterale samenwerking vertaalt de Belgische
steun aan de ontwikkeling op het vlak van seksuele en reproductieve
rechten zich in een jaarlijkse financiële bijdrage van DGOS aan drie
partnerorganisaties die op verschillende manieren actief zijn in dit
domein. Ten eerste, de UNFPA, ten tweede, de OMS de
Wereldgezondheidsorganisatie en, ten derde, UNAIDS en het
Global Fund to Fight Aids, Tuberculosis and Malaria. Sinds 2009 heeft
België zijn steun aan de algemene werkingsmiddelen van de
multilaterale partnerorganisaties versterkt teneinde de flexibiliteit, de
voorspelbaarheid en de doeltreffendheid van de acties van deze
organisaties op het terrein te doen toenemen. België onderhoudt met
deze organisaties traditioneel een goed samenwerkingsverband en
maakt deel uit van de belangrijkste donorlanden. In termen van
financiering van de algemene werkingsmiddelen neemt ons land
inderdaad de tiende tot vijftiende positie in.
Het engagement van België voor de verbetering van de seksuele en
reproductieve gezondheidsrechten blijkt eveneens uit de financiële
middelen die België besteedt aan de verbetering van de seksuele en
reproductieve gezondheid. Voor zover de cijfers van onze door de
OESO erkende ODA-hulp voor 2008 reeds bekend zijn, zien wij dat
het specifieke budget voor seksuele en reproductieve gezondheid en
rechten ongeveer een kwart vertegenwoordigt van het totale budget
besteed aan de gezondheid. Die sectoren vertegenwoordigden in
2008 ongeveer 8 procent van onze totale ODA-inspanningen.
structurellement cette question à
l'ordre
du
jour
des
pays
partenaires.
L'aide belge se concrétise par une
contribution financière de la DGCD
à l'UNFPA, à l'OMS et au Global
Fund to Fight Aids, Tuberculosis
and Malaria. Depuis 2009, la
Belgique a renforcé son aide aux
moyens généraux de fonction-
nement
des
organisations
partenaires
multilatérales.
En
termes de financement, notre pays
occupe la dixième à la quinzième
place.
L'engagement souscrit par la
Belgique dans ce domaine est en
outre attesté par les ressources
financières qu'elle consacre à
l'amélioration de la santé sexuelle
et reproductive et qui représentent
un quart du budget total alloué à la
santé. En 2008, ces secteurs
représentaient à peu près 8% de
nos efforts ODA.
04.03 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de minister, ik dank u voor
uw antwoord. In antwoorden op andere vragen daarover had u ook al
aangegeven dat wij wel degelijk inspanningen leveren. Het probleem
dat ik vandaag met mijn vraag naar voren wou brengen, is dat wij een
stijging zien van het aantal aidsgevallen, ook in België. Het is
misschien niet aantoonbaar, maar waarschijnlijk is er een link met
migratie. In andere landen schat men wel het belang in van een
aidsambassadeur. Ik heb uit uw toelichting begrepen dat u in feite de
aidsambassadeur bent, die gedelegeerde opdrachten geeft naar
mensen van de administratie. Zij houden u op de hoogte van de
acties die worden ondernomen in de strijd tegen aids.
Het financiële aspect is zeer belangrijk. Daarmee kunt u inderdaad de
nodige ondersteuning geven, maar er moeten ook acties op volgen.
Dat geldt ook binnenlands, wat minister Onkelinx betreft. Die acties
werden ook al toegelicht. Ik heb daarop een reactie kunnen geven.
Het financiële aspect is een zaak, maar mijn grote bezorgdheid zijn de
acties als dusdanig en het coördineren van de acties. Wereldwijd blijft
er namelijk een stijging optreden van het aantal aids-hiv-gevallen. In
het kader daarvan organiseren wij, terecht, via de Parlementsleden
voor Millenniumdoelstellingen, samen met Sensoa, een actie in
verband met moedersterfte. Dat geeft duidelijk aan dat die
problematiek niet is opgelost. Er blijven problemen. Wij hebben daarin
wel degelijk een verantwoordelijkheid.
04.03 Martine De Maght (LDD) :
Je constate que le ministre
endosse
de
facto
un
rôle
d'ambassadeur pour la lutte contre
le sida, en collaboration avec
l'administration. En outre, l'aspect
financier est un élément positif
mais il importe de coordonner les
actions. À l'échelon mondial, le
nombre de cas de sida/VIH
continue en effet de croître.
Het incident is gesloten.
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
L'incident est clos.
05 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
hulp aan DR Congo" (nr. 12832)
05 Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre de la Coopération au développement sur "l'aide à
la République démocratique du Congo" (n° 12832)
05.01 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mevrouw de voorzitter, mijnheer
de minister, ik heb mijn vraag ingediend op een ogenblik dat het bij
mij en de publieke opinie niet bekend was dat het Partnercomité zou
samenkomen. Inmiddels is dat gebeurd en ik werk dus mijn vraag om.
Ten eerste, hoeveel bedraagt het gedeelte van de bilaterale
ontwikkelingshulp dat u sinds de bevriezing van de relaties met Congo
in april 2008 niet hebt kunnen toewijzen?
Ten tweede, ik heb in de krant gelezen dat er zes
samenwerkingsakkoorden werden gesloten. Kunt u daarover wat
meer informatie geven?
Voorts heb ik een specifiek punt. Ik heb vastgesteld dat u een copy
paste hebt gedaan van een initiatief van collega De Decker inzake
schoolhandboeken. Ik stel u dezelfde vraag. Op zichzelf is dat een
goed initiatief. Wat ik betreur, is dat die boeken in Frankrijk en
Canada zijn gedrukt.
Ik wil geen pleidooi houden om die boeken in België te drukken, zoals
u misschien zult verwachten, maar ik had uw ex-collega De Decker
toen ook gevraagd of het niet veel verstandiger was geweest om die
boeken in Congo te laten drukken. Dan had u ten minste de garantie
dat er overeenstemming was met de leefwereld van de jongeren
aldaar en had u bovendien de plaatselijke economie gesteund.
Ten slotte, hebt u aan de hervatting van de hulp voorwaarden
verbonden op het vlak van democratisch bestuur en mensenrechten?
U weet dat uw collega in de federale regering Karel De Gucht daarvan
een zaak had gemaakt, wat heeft geleid tot de institutionele crisis
tussen Congo en België.
Ik ben echt benieuwd of die crisis een veranderde houding van het
ministerie van Ontwikkelingssamenwerking heeft teweeggebracht en
of er al of niet bepaalde garanties bekomen zijn vanwege de
Congolese partners dat het in de toekomst beter zal gaan op het vlak
van mensenrechten en democratisch bestuur.
Het recente verleden in Congo, met de troebelen inzake de
vervanging van de voorzitter en het bureau van het parlement een
van de weinige instellingen die uit het democratische transitieproces
naar voren is gekomen en waarvan alle waarnemers zeiden dat het
goed
functioneerde en
het
feit
dat
een
aantal
mensenrechtenorganisaties die had geprotesteerd tegen hetgeen
gebeurde in het parlement, nogal hardhandig werden aangepakt door
de veiligheidspolitie in Congo, hebben ons geleerd daarbij een aantal
vraagtekens te plaatsen. Dat zijn wat mij betreft toch wel
onrustwekkende tekenen.
Hebt u garanties gekregen dat het regime in Congo zich op het vlak
van democratie en respect voor de mensenrechten zich beter zal
05.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Quel est le montant de la
partie de l'aide bilatérale au
développement qui n'a pas été
octroyée depuis le gel des
relations avec la République
démocratique du Congo? Le
ministre pourrait-il fournir des
informations
supplémentaires
concernant les six accords de
coopération qui auraient été
conclus?
Le ministre a faite sienne une
initiative de l'ancien ministre De
Decker en matière de livres
scolaires. Il s'agit d'une bonne
initiative en soi mais je regrette
que les livres soient imprimés en
France et au Canada. Ne serait-il
pas
préférable
qu'ils
soient
imprimés au Congo, de sorte qu'il
puisse être garanti que le contenu
corresponde au mode de vie de la
jeunesse locale et que l'économie
locale soit soutenue?
Des conditions dans le domaine
des droits de l'homme et de la
gestion démocratique ont-elles été
liées à la reprise de l'aide? La
crise entre la Belgique et le Congo
a-t-elle modifié la situation? Le
président du bureau du parlement
a récemment encore été remplacé
au Congo et les organisations de
défense des droits de l'homme qui
ont dénoncé les faits ont été
durement pris à partie, ce qui est
inquiétant.
Disposez-vous
de
garanties
que
la
situation
s'améliorera à l'avenir?
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
gedragen dan het de jongste weken heeft gedaan?
05.02 Minister Charles Michel: De bevriezing van de Belgo-
Congolese relaties sinds april 2008 heeft een belangrijke impact
gehad op het programma 2008. Tijdens het eerste jaar van het
educatief samenwerkingsprogramma werd slechts twaalf miljoen euro
uitgegeven op een voorzien totaal bedrag van 65 miljoen euro. Voor
het overige konden de activiteiten van de Belgische samenwerking
worden voortgezet. Het bijzondere partnercomité vond uiteindelijk
plaats eind april in Kinshasa. Met dit partnercomité werd de
opgelopen vertraging in het programma 2008 ingehaald via de
ondertekening van zes bijzondere overeenkomsten voor een
totaalbedrag van 43 miljoen euro en briefuitwisselingen voor de
verlenging van programma's voor een bedrag van 1,2 miljoen euro.
Daarbovenop staat het budget voor de beurzen en microprojecten op
2,6 miljoen euro. Er werd ook een akkoord bereikt voor het
programma 2009 voor een bedrag van 70 miljoen euro. Ik neem
enkele details onder de loep: de elektrificatie van Kisangani, de
vorming van onderwijzers voor het gebruik van nieuwe
schoolhandboeken,
steun
voor
de
verbetering
van
de
landbouwproductie enzovoort.
Met deze beslissingen zal België haar engagement tegenover de
DRC voor de eerste twee jaar van het ISP nakomen. Met mijn collega
Raymond Tshibanda kwamen wij overeen om te anticiperen op de
voorbereiding
van
het
volgende
educatieve
samenwerkingsprogramma dat ingaat op 1 januari 2010 door
bijzondere aandacht te hebben voor de doeltreffendheid van de hulp
en de concentratie. Het bijzondere partnercomité was ook een stap in
de richting van een consolidatie van de normalisering van de relatie
tussen ons land en de DRC.
Bovendien was dit partnercomité de ideale gelegenheid om
verschillende zaken aangaande de doeltreffendheid van onze hulp in
de DRC te bespreken. In een gemeenschappelijke verklaring met de
Congolese minister van Internationale en Regionale Samenwerking
kwamen wij tot een overeenkomst inzake de onderliggende principes
van de Belgo-Congolese samenwerking, met name een engagement
in de strijd tegen de corruptie en voor een goed bestuur. Dat kwam
expliciet terug in de gemengde verklaring van beide ministers.
Ik heb al meermaals herhaald dat de ontwikkelingshulp gepaard gaat
met een intense beleidsdialoog met onze partnerlanden, zo ook voor
de DRC. De bevordering van een goed bestuur, van de strijd tegen de
corruptie en van de rechtsstaat maken onmiskenbaar deel uit van die
dialoog.
Een laatste element over de boeken. Deze actie was de tweede fase
van een project dat in 2007 werd gelanceerd.
05.02 Charles Michel, ministre:
Le gel des relations belgo-
congolaises depuis avril 2008 a eu
une incidence majeure. Si l'on
considère le programme de
coopération en matière éducative,
12 millions seulement sur une
enveloppe totale de 65 millions ont
été dépensés. Les autres activités
ont pu être poursuivies. Le Comité
Spécial des Partenaires s'est réuni
fin avril à Kinshasa. Lors de cette
réunion, il a été convenu que le
retard accumulé serait comblé par
le biais de six accords spéciaux
pour un montant de 43 millions
d'euros
et
d'échanges
de
correspondance en vue de la
prolongation de programmes pour
un montant de 1,2 million d'euros.
Le budget des bourses et des
microprojets a été fixé à 2,6
millions
d'euros.
Pour
le
programme 2009, 70 millions
d'euros seront réservés et cette
somme sera destinée entre autres
à l'électrification de Kisangani, à la
formation d'enseignants, à l'achat
de nouveaux manuels scolaires et
à l'amélioration de la production
agricole.
Avec ces décisions, la Belgique
respectera son engagement vis-à-
vis de la RDC pour les deux
premières années du programme
de coopération éducative. Le
Comité Spécial des Partenaires a
constitué un pas sur la voie de la
normalisation des relations entre
notre pays et la RDC, et il nous a
fourni l'occasion d'aborder avec
nos partenaires congolais la
question de l'efficacité de notre
aide à la RDC. La déclaration
commune des deux ministres a
reflété
clairement
les
engagements souscrits dans le
domaine de la lutte contre la
corruption et en matière de bonne
administration.
Une action axée sur la diffusion de
livres constituera la seconde
phase d'un projet lancé en 2007.
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
05.03 Dirk Van der Maelen (sp.a): Ik kijk met belangstelling uit naar
de beloofde bijkomende en gedetailleerde informatie.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Question de M. Xavier Baeselen au ministre de la Coopération au développement sur "la situation
des personnes LGBT dans les pays partenaires de la coopération au développement belge" (n° 13079)
06 Vraag van de heer Xavier Baeselen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
situatie
van
holebi's
en
transseksuelen
in
de
partnerlanden
van
de
Belgische
ontwikkelingssamenwerking" (nr. 13079)
06.01 Xavier Baeselen (MR): Madame la présidente, monsieur le
secrétaire d'État, j'aurais pu aborder cette question lors du débat
relatif au rapport sur la situation des droits de l'homme dans les pays
partenaires.
J'ai parcouru le rapport précité et plus particulièrement les points qui
abordent cette question. On y fait état de la discrimination des
personnes en raison de leur orientation sexuelle. Cependant, j'ai pu
constater que, pour certains pays, aucune information n'est donnée à
ce sujet. Je voudrais donc savoir pourquoi.
Peut-être pourrait-on standardiser davantage les rapports des
différents attachés de la coopération à l'étranger en la matière. Cela
permettrait d'avoir, à l'avenir, une information spécifique concernant
cette question via une rubrique particulière pour chaque pays.
Monsieur le secrétaire d'État, pouvez-vous me fournir des
informations concernant les pays qui ne sont pas mentionnés dans le
rapport sur la situation des droits de l'homme et au sujet desquels
nous n'avons pas de renseignements quant au sujet qui me
préoccupe aujourd'hui?
06.01 Xavier Baeselen (MR): Het
rapport betreffende de situatie van
de mensenrechten in de partner-
landen
maakt
gewag
van
discriminatie van personen op
grond
van
hun
seksuele
geaardheid. Voor sommige landen
wordt daar echter geen verdere
informatie over verstrekt. Waarom
niet? Kan het rapport van de
attachés
voor
ontwikkelings-
samenwerking niet meer worden
gestandaardiseerd? Mijnheer de
minister, kan u de situatie
toelichten in de landen waarover
we geen informatie kregen?
06.02 Charles Michel, ministre: Madame la présidente, cher
collègue, je voudrais d'abord préciser que les rapports dont question
doivent, selon moi, être constamment améliorés. Par conséquent, ce
type de question parlementaire peut contribuer à donner des
indications complémentaires aux postes afin d'uniformiser davantage
la manière dont les rapports sont présentés. Cela avait déjà fait l'objet
d'un constat l'année passée Je crois d'ailleurs pouvoir dire qu'un effort
important a déjà été fourni dans le sens d'une uniformisation mais,
sans doute, peut-on encore progresser en la matière.
Cela dit, je dispose de quelques éléments supplémentaires qui ne
figurent pas dans le rapport. Ainsi, au Congo, l'homosexualité n'est
pas criminalisée. Le Code pénal n'en fait pas mention. En revanche, il
existe des articles qui ont trait aux crimes contre les moeurs et contre
la vie familiale. La Constitution ne mentionne pas la non-
discrimination sur base de l'orientation sexuelle.
Le Mali est un pays où les nombreux groupes ethniques et religieux
se côtoient dans le respect de leurs différences, ce qui contribue
certainement à un climat de tolérance. Il n'y a pas de forme de
discrimination visible par rapport à l'homosexualité bien qu'elle soit,
comme dans la majorité des pays d'Afrique, socialement et
culturellement réprouvée.
06.02 Minister Charles Michel:
Het rapport dient voortdurend te
worden verbeterd en dit soort
parlementaire vragen kan daartoe
bijdragen. Zo werden er reeds
stappen gedaan in de richting van
een uniformering.
Ik beschik over enkele gegevens
die niet in het rapport staan. Zo is
homoseksualiteit niet strafbaar in
Congo. Het strafwetboek maakt er
geen melding van. Wel zijn er
artikelen die betrekking hebben op
misdaden tegen de zeden en het
gezinsleven. De grondwet bevat
geen bepalingen over de niet-
discriminatie op grond van de
seksuele geaardheid.
In Mali is er geen zichtbare
discriminatie
op
grond
van
homoseksualiteit,
maar
homoseksualiteit wordt er wel
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
Le Niger ne criminalise pas l'homosexualité. Selon nos informations, il
semble que cette question ne constitue pas un réel sujet de
préoccupation de l'État et de la société civile.
L'Ouganda garantit les droits des minorités ethniques, mais non des
minorités sexuelles. En vertu de l'article 145 du Code pénal, sous le
chapitre "Offences against morality", l'homosexualité est illégale. En
dépit des actions des activistes de la LGBT, la légalisation de
l'homosexualité apparaît peu probable à brève échéance. Cette
disposition n'est toutefois pas utilisée, semble-t-il, de manière
répressive.
Actuellement, les territoires palestiniens n'ont pas de législation
propre. Dans les faits, on constate une certaine tolérance tant que
l'homosexualité ne s'exprime pas de manière publique.
Au Rwanda, les rapports homosexuels n'ont jamais été pénalisés.
Cependant, on constate que l'homosexualité est plutôt taboue et
généralement réprouvée. En 2007, à l'occasion de la révision
générale du Code pénal, il a été question de criminaliser
l'homosexualité mais ce débat n'a pas abouti.
Le Vietnam n'a pas de législation ni de politique spécifique en la
matière.
Deuxième élément, dans les instructions aux ambassades, il y a un
chapitre relatif aux droits des minorités et à la lutte contre toutes les
formes de discrimination dans lequel il est demandé de rendre
compte de toute forme de discrimination sur la base du sexe, de la
race, de l'origine ethnique, de la religion, des convictions, d'un
handicap, de l'âge ou de l'orientation sexuelle.
Des rapports circonstanciés nous parviennent uniquement pour les
pays où cette question fait débat, que cela soit dans le cadre du cas
individuel ou à travers des modifications envisagées de la législation,
comme c'est le cas au Burundi. Nous en parlions voici quelques
instants.
Troisième élément, la Belgique suit cette question avec attention dans
le cadre de mécanismes internationaux ad hoc, notamment à travers
les Nations unies.
Avec nos pays partenaires, nous entretenons un dialogue politique
soutenu, y compris sur la question des droits de l'homme et de la
gouvernance. À plusieurs reprises, la question de l'homosexualité a
été soulevée ces derniers mois et encore très récemment, lors de
différents contacts avec les autorités burundaises.
afgekeurd.
In
Niger
is
homoseksualiteit niet strafbaar. De
overheid en het maatschappelijk
middenveld liggen er blijkbaar niet
wakker van. In Uganda is
homoseksualiteit illegaal maar ze
wordt niet bestraft.
De Palestijnse gebieden hebben
momenteel geen eigen wetgeving,
maar homoseksualiteit wordt er
gedoogd zolang ze niet openlijk
wordt getoond. In Rwanda is
homoseksualiteit nooit strafbaar
gesteld maar er rust wel een taboe
op en ze wordt afgekeurd.
Vietnam heeft geen wetgeving of
specifiek beleid ter zake.
In
de
richtlijnen
aan
de
ambassades
wordt
gevraagd
verslag uit te brengen over alle
vormen van discriminatie, ook op
grond
van
de
seksuele
geaardheid. We ontvangen enkel
omstandige rapporten over landen
waar die kwestie aan de orde is.
België volgt deze aangelegenheid
met aandacht in het kader van de
internationale
ad-
hocmechanismen, met name bij
de Verenigde Naties. Voorts
voeren we een aanhoudende
politieke
dialoog
met
onze
partnerlanden,
ook
over
de
kwestie van de mensenrechten.
06.03 Xavier Baeselen (MR): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour votre réponse très complète.
Il est vrai que le rapport dans sa deuxième version s'améliore. Il serait
peut-être intéressant d'avoir une rubrique systématique sur cette
question pour chaque pays partenaire.
06.03 Xavier Baeselen (MR): Ik
bedank u voor uw volledige
antwoord. Hoewel het rapport
inderdaad reeds verbeterd is, ware
het
toch
interessant
een
systematische rubriek aan dit
onderwerp te wijden.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
07 Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
opvolging van de Internationale Conferentie over Bevolking en Ontwikkeling" (nr. 12422)
07 Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de la Coopération au développement sur "le suivi de
la Conférence Internationale sur la Population et le Développement" (n° 12422)
07.01 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, wij weten
allemaal dat de internationale conferentie over bevolking en
ontwikeling in 1994 heeft plaatsgevonden en dat in september van dat
jaar 179 landen dat is toch heel wat een actieprogramma hebben
aangenomen over 20 jaar. Daarin wordt heel duidelijk gezegd dat
seksuele en reproductieve gezondheidszorg en rechten noodzakelijke
voorwaarden zijn voor ontwikkeling.
Meer bepaald wil het actieprogramma dat iedere vrouw en iedere man
toegang heeft tot die gezondheidszorg. Gezinsplanning behoort daar
ook toe. Seksuele gezondheidszorg speelt ook een rol in de strijd
tegen aids en tegen moedersterfte.
Vandaar dat de universele toegang tot seksuele gezondheidszorg in
2000 werd opgenomen in de vijfde Millenniumdoelstelling. Wij hebben
het er vandaag al kort over gehad. Het lijkt erop dat net die
Millenniumdoelstelling het verst afblijft van het doel dat de
internationale gemeenschap in 2000 overeenkwam. Het blijkt dus
nodig om zowel in de ontwikkelingslanden als in de donorlanden de
druk op de regering op te voeren om het tij te keren.
In september 2009 zal het actieprogramma 15 jaar oud zijn. Er rest
dus helaas niet meer zoveel tijd. Vandaar mijn vragen.
Ten eerste, hoever staat het concreet met de opvolging en de
implementatie
van
de
beleidsnota
inzake
de
Belgische
ontwikkelingssamenwerking op het gebied van seksuele en
reproductieve gezondheidszorg en rechten? U weet dat bij uw
voorganger collega Inga Verhaert en ikzelf ervoor hebben gezorgd dat
die beleidsnota er kwam. Wanneer ik op het terrein kom, merk ik
echter bij een aantal van onze coöperanten en bij een aantal van onze
ontwikkelingsattachés dat die beleidsnota een beetje dode letter blijft.
Zij zeggen: eigenlijk kennen wij die niet zo goed. Ofwel is dat toevallig
zo bij de mensen die ik heb gezien, ofwel schort er toch iets.
Ten tweede, op welke manier en met welke instrumenten ondersteunt
onze ontwikkelingssamenwerking de partnerlanden in het garanderen
van de universele toegang tot de seksuele en reproductieve
gezondheidszorg? Wat met onze inspanningen om ongeplande
zwangerschappen en onveilige abortussen te voorkomen?
Ten derde, hoeveel procent van de totale inspanning voor
ontwikkelingssamenwerking erkend door de OESO weliswaar
wordt besteed aan het verbeteren van de seksuele en reproductieve
gezondheidszorg en rechten? Mijnheer de minister, ik dank u voor uw
antwoord.
07.01 Hilde Vautmans (Open
Vld): En septembre 1994, à
l'occasion de la Conférence
internationale sur la Population et
le Développement (CIPD), 179
pays ont adopté un programme
d'action pour les vingt prochaines
années. Il soulignait que les droits
sexuels et reproductifs ainsi que
les soins de santé qui y sont
associés
constituent
des
conditions
indispensables
au
développement. En 2000, l'accès
universel aux soins de santé
sexuelle
était
également
le
cinquième Objectif du Millénaire.
Le prédécesseur du ministre avait
rédigé une note politique sur la
coopération belge au dévelop-
pement dans ce domaine. Où en
est actuellement sa mise en
oeuvre concrète? J'ai le sentiment
que pour de nombreux travailleurs
de la coopération et attachés de
défense, cette note est restée
lettre morte.
Quel est le soutien apporté par la
politique
belge
aux
efforts
déployés par les pays partenaires
pour garantir un accès général aux
soins de santé sexuelle?
Quelle
part
ces
efforts
représentent-ils dans le domaine
des soins de santé sexuelle et
reproductive par rapport à la
totalité de nos dépenses en
matière
de
coopération
au
développement officielle?
07.02 Minister Charles Michel: De opvolging en de implementatie
van de beleidsnota "De Belgische ontwikkelingssamenwerking op het
gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en rechten" maakt
deel uit van de algemene gezondheidspolitiek van de Belgische
samenwerking en geniet in die zin onze bijzondere aandacht.
07.02 Charles Michel, ministre:
Le suivi et la mise en oeuvre de la
note de politique "La coopération
belge au développement dans le
domaine de la santé et des droits
06/05/2009
CRIV 52
COM 552
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
De versterking van het gezondheidssysteem in het algemeen, en de
basisgezondheidszorg in het bijzonder, is de beste garantie voor een
betere gezondheid voor iedereen. In de geografische, financiële en
culturele ontoegankelijkheid tot gezondheidszorg ligt immers de
hoofdoorzaak van moeder- en kindersterfte. België zal de
partnerlanden blijven bijstaan in hun streven naar een algemene
toegang tot kwaliteitsvolle zorg en naar de integratie van seksuele en
reproductieve gezondheid in de algemene gezondheidszorg.
Wat uw tweede vraag betreft, het is in de eerste plaats in het kader
van de politieke dialoog met de partnerlanden dat het recht op
universele toegang tot de reproductieve gezondheidszorg wordt
aangekaart. Gezondheidzorg, en dus reproductieve gezondheidszorg,
behoort in meer dan de helft van onze partnerlanden tot de prioritaire
hulpsectoren. Dit laat ons toe om op een structurele en institutionele
manier deze problematiek op de agenda van onze partnerlanden te
zetten en te houden.
Wat de indirecte samenwerking betreft, is België via een twintigtal
erkende Belgische medische ngo's bijzonder actief in de
gezondheidssector, maar ook hier blijven wij streven naar een
doelmatige en coherente actie op het terrein. Een van de middelen
daartoe is de financiering van beleidsvoorbereidend en toegepast
wetenschappelijk onderzoek van de Vlaamse en de Franstalige
universiteiten en wetenschappelijke instellingen.
Twee instituten spelen hierbij een bijzondere rol: het Instituut voor
Tropische Geneeskunde in Antwerpen en het International Centre for
Reproductive Health aan de Gentse Universiteit. In het kader van de
multilaterale samenwerking vertaalt de Belgische steun aan de
ontwikkeling op het vlak van de seksuele en reproductieve rechten
zich in de jaarlijkse financiële bijdrage van DGOS aan drie
partnerorganisaties die op verschillende manieren actief zijn in dit
domein. Ten eerste, het Bevolkingsfonds van de Verenigde Naties.
Ten tweede, de Wereldgezondheidsorganisatie en, meer bepaald, via
de thematiek "Health System and Trinity Health". Ten derde, UNAIDS.
Ik zou ook het Global Fund AIDS, Tuberculosis and Malaria moeten
citeren.
Sinds 2009 heeft België zijn steun aan de algemene
werkingsmiddelen van de multilaterale partnerorganisaties versterkt,
teneinde de flexibiliteit, de voorspelbaarheid en de doeltreffendheid
van de acties van onze organisaties op het terrein te doen toenemen.
België onderhoudt met deze organisaties traditioneel een goed
samenwerkingsverband en maakt deel uit van de belangrijkste
donorlanden. In termen van financiering van de algemene
werkingsmiddelen neemt ons land inderdaad de tiende tot de
vijftiende plaats in.
De voorkoming van ongewenste zwangerschappen en onveilige
abortussen, is een kwestie van preventief werk en dus van
toegankelijkheid van gezondheids- en andere sociale diensten. De
versterking van de basisgezondheidsdiensten en de verbetering van
toegang tot kwaliteitsvolle zorg is de allereerste prioriteit, ook voor de
problematiek, en dat is nu precies waar onze samenwerking zich op
toespitst.
sexuels et reproductifs" font partie
de la politique générale de santé
de la coopération belge au
développement. Le renforcement
du système de santé et des soins
de santé de base constitue la
meilleure garantie d'une meilleure
santé pour tous, y compris pour
les mères et les enfants.
Dans un premier temps, la
question du droit à l'accès
universel aux soins de santé
reproductifs est abordée dans le
cadre du dialogue politique avec
les pays partenaires. Ceci permet
de maintenir structurellement cette
problématique à l'ordre du jour des
pays partenaires.
La Belgique est particulièrement
active dans le secteur de la santé
par le biais d'une vingtaine d'ONG
médicales agréées, mais ici aussi,
nous visons une action efficace et
cohérente sur le terrain. C'est la
raison
pour
laquelle
nous
finançons également la recherche
scientifique
appliquée
et
préparatoire de la politique menée
dans les universités flamandes et
francophones.
L'Institut
de
médecine tropicale à Anvers et
l'International
Centre
for
Reproductive Health à Gand sont
les principaux acteurs belges dans
ce domaine. L'aide belge se traduit
par une contribution financière
annuelle au Fonds des Nations
unies pour la population, à
l'Organisation mondiale de la
santé et à l'ONUSIDA. Depuis
2009, la Belgique a accru son
soutien financier aux organisations
partenaires multilatérales, si bien
que notre pays se situe à présent
entre la dixième et la quinzième
place au classement des pays
donateurs.
La prévention des grossesses non
désirées et des avortements
dangereux est une question
d'accès aux équipements de santé
et autres dispositifs sociaux. Notre
coopération veut dès lors se
concentrer essentiellement sur
l'amélioration
de
cette
CRIV 52
COM 552
06/05/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
Ten derde, voor zover de cijfers van de door de OESO erkende ODA
voor 2008 bekend zijn, kan ik u zeggen dat het specifiek budget voor
seksuele en reproductieve gezondheid en rechten ongeveer een
kwart vertegenwoordigt van het totaal budget voor gezondheidszorg.
Die sector vertegenwoordigde in 2008 ongeveer 8 procent van onze
ODA-inspanning.
Met mijn excuses, omdat een deel van dit antwoord hetzelfde is als op
de vorige vraag.
accessibilité.
Le budget de la santé sexuelle et
reproductive représente environ 25
pour cent du budget total des
soins de santé et ce secteur
absorbe quant à lui près de 8 pour
cent de l'ensemble de nos efforts
de coopération au développement
officielle.
07.03 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, ik denk
echt wel dat de opvolging belangrijk is. Ik denk dat u wel inspanningen
levert, maar het is nooit genoeg, natuurlijk. In dat opzicht doe ik
moeilijk en zal ik u altijd blijven vragen om meer te doen. Dat kan ik
niet verhelpen. Ik vind dat een heel belangrijk thema. Ik weet dat u
inspanningen levert, maar ik zal u toch, om de zoveel maanden,
vragen om meer te doen. Voor mij zijn vrouwenrechten namelijk echt
wel een van mijn belangrijkste thema's hier. Ik zal dus blijven pleiten
voor die seksuele en reproductieve gezondheid.
Ik wil u echt vragen dat is een inspanning die niets kost of u een
rappel van die beleidsnota kunt sturen naar onze Defensie-attachés.
Ik denk echt dat sommigen hem niet kennen. Zo'n rappel kost geen
geld en is per e-mail gemakkelijk te versturen, zodat zij terug iets
meer worden gesensibiliseerd. Het is altijd goed om mensen
waakzaam te maken voor belangrijke thema's.
07.03 Hilde Vautmans (Open
Vld): Le ministre pourrait peut-être
envoyer un rappel de la note
politique à tous nos attachés de
défense.
07.04 Minister Charles Michel: We zullen dat doen.
07.04 Charles Michel, ministre:
Je ne manquerai pas de le faire.
07.05 Hilde Vautmans (Open Vld): Dank u wel.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.42 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.42 heures.