KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 469
CRIV 52 COM 469
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
B
UITENLANDSE
B
ETREKKINGEN
C
OMMISSION DES
R
ELATIONS EXTERIEURES
woensdag
mercredi
18-02-2009
18-02-2009
Namiddag
Après-midi
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a
socialistische partij anders
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
steun aan een draineringsproject in Zuid-
Marokko" (nr. 9616)
1
Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de
la Coopération au développement sur "l'aide à un
projet de drainage dans le sud du Maroc"
(n° 9616)
1
Sprekers: Wouter De Vriendt, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Wouter De Vriendt, Charles
Michel
, ministre de la Coopération au
développement
Samengevoegde vragen van
2
Questions jointes de
2
- de heer Georges Dallemagne aan de minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"zijn
ontmoeting met de heer Kabila en het effect
hiervan
op
de
Belgische
samenwerking"
(nr. 10111)
2
- M. Georges Dallemagne au ministre de la
Coopération au développement sur "sa rencontre
avec M. Kabila et l'impact pour la coopération
belge" (n° 10111)
2
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"de
normalisering van de betrekkingen tussen België
en Congo" (nr. 10487)
2
- M. Xavier Baeselen au ministre de la
Coopération
au
développement
sur
"la
normalisation des relations Belgique-Congo"
(n° 10487)
2
- de heer Georges Dallemagne aan de minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"de
hervatting van de samenwerking met Congo"
(nr. 11175)
2
- M. Georges Dallemagne au ministre de la
Coopération au développement sur "la reprise de
la coopération avec le Congo" (n° 11175)
2
Sprekers: Georges Dallemagne, Xavier
Baeselen, Charles Michel
, minister van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Georges Dallemagne, Xavier
Baeselen, Charles Michel
, ministre de la
Coopération au développement
Vraag van de heer André Flahaut aan de minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
over
"het
taalonevenwicht
bij
de
directe
bilaterale
samenwerking" (nr. 11039)
6
Question de M. André Flahaut au ministre de la
Coopération
au
développement
sur
"le
déséquilibre linguistique au sein de la coopération
bilatérale directe" (n° 11039)
6
Sprekers: André Flahaut, Charles Michel,
minister van Ontwikkelingssamenwerking, Jan
Jambon
, voorzitter van de N-VA-fractie
Orateurs: André Flahaut, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement,
Jan Jambon
, président du groupe N-VA
Vraag van de heer Jan Jambon aan de minister
van Ontwikkelingssamenwerking over "de steun
aan Congo en Rwanda" (nr. 9644)
10
Question de M. Jan Jambon au ministre de la
Coopération au développement sur "l'aide au
Congo et au Rwanda" (n° 9644)
10
Sprekers: Jan Jambon, voorzitter van de N-
VA-fractie, Charles Michel, minister van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Jan Jambon, président du groupe
N-VA, Charles Michel, ministre de la
Coopération au développement
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over
"het rapport van de EU-missie over het verloop
van
de
verkiezingen
in
Rwanda
in
september 2008" (nr. 11034)
12
Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre
de la Coopération au développement sur "le
rapport de la mission de l'UE relatif au
déroulement des élections tenues au Rwanda en
septembre 2008" (n° 11034)
12
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Charles
Michel
, ministre de la Coopération au
développement
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over
"het Belgisch Overlevingsfonds" (nr. 10225)
15
Question de Mme Martine De Maght au ministre
de la Coopération au développement sur "le
Fonds belge de survie" (n° 10225)
15
Sprekers: Martine De Maght, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Martine De Maght, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
toekenning van algemene begrotingssteun en
schendingen van de mensenrechten" (nr. 10338)
17
Question de Mme Martine De Maght au ministre
de la Coopération au développement sur "l'octroi
d'une aide budgétaire globale et les violations des
droits de l'homme" (n° 10338)
17
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Sprekers: Martine De Maght, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Martine De Maght, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
campagne
van
de
ngo
Vredeseilanden"
(nr. 10389)
19
Question de Mme Martine De Maght au ministre
de la Coopération au développement sur "la
campagne de l'ONG Vredeseilanden" (n° 10389)
19
Sprekers: Martine De Maght, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Martine De Maght, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
publicatie van evaluatierapporten van ngo's"
(nr. 10326)
21
Question de Mme Martine De Maght au ministre
de la Coopération au développement sur "la
publication des rapports d'évaluation d'ONG"
(n° 10326)
21
Sprekers: Martine De Maght, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Martine De Maght, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
evaluaties van de actieplannen van de ngo's" (nr.
11235)
23
Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de
la Coopération au développement sur "l'évaluation
des plans d'action des ONG" (n° 11235)
23
Sprekers: Hilde Vautmans, Charles Michel,
minister van Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Hilde Vautmans, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
veroordeling van negen Senegalese homo's"
(nr. 10018)
25
Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de
la Coopération au développement sur "la
condamnation de neuf homosexuels sénégalais"
(n° 10018)
25
Sprekers: Hilde Vautmans, Charles Michel,
minister van Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Hilde Vautmans, Charles Michel,
ministre de la Coopération au développement
Vraag van de heer Georges Dallemagne aan de
minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
acties met het oog op de instandhouding en
bescherming van de primaire bossen" (nr. 11174)
28
Question de M. Georges Dallemagne au ministre
de la Coopération au développement sur "les
actions en vue de préserver et protéger les forêts
primaires" (n° 11174)
27
Sprekers: Georges Dallemagne, Charles
Michel
,
minister
van
Ontwikkelingssamenwerking
Orateurs: Georges Dallemagne, Charles
Michel
, ministre de la Coopération au
développement
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE
BUITENLANDSE BETREKKINGEN
COMMISSION DES RELATIONS
EXTERIEURES
van
WOENSDAG
18
FEBRUARI
2009
Namiddag
______
du
MERCREDI
18
FEVRIER
2009
Après-midi
______
De vergadering wordt geopend om 14.43 uur en voorgezeten door mevrouw Hilde Vautmans.
La séance est ouverte à 14.43 heures et présidée par Mme Hilde Vautmans.
01 Vraag van de heer Wouter De Vriendt aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
steun aan een draineringsproject in Zuid-Marokko" (nr. 9616)
01 Question de M. Wouter De Vriendt au ministre de la Coopération au développement sur "l'aide à un
projet de drainage dans le sud du Maroc" (n° 9616)</b>
01.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, op 26 oktober 2008 meldden verschillende
media dat vice-eerste minister Didier Reynders een financiële steun
van 6,5 miljoen euro aan Marokko had beloofd. België zou met
voornoemde steun een draineringproject in het zuiden van Marokko
financieren.
Marokko is een van de achttien partnerlanden van de Belgische
ontwikkelingssamenwerking. In voornoemde hoedanigheid kan dat
land binnen het raam van de ODA jaarlijks op gemiddeld 10 miljoen
euro steun rekenen. In 2005 werd voor drainering en sanering ook al
eens 5 miljoen extra op het budget van de ODA-hulp ingeschreven.
Het is ons echter niet duidelijk of voormelde 6,5 miljoen euro extra
over al dan niet vier jaar wordt gespreid. Evenmin is het duidelijk van
welke begrotingslijn het bewuste bedrag komt.
Een ander, gevoelig en delicaat punt is de plaats van het
draineringproject in kwestie. Het gaat om het zuiden van Marokko.
Voor het overige werd de bestemming nogal vaag gehouden. Dat zou
erop kunnen wijzen dat de bestemming binnen het territorium van de
Westelijke Sahara ligt. Indien dat het geval zou zijn, zou de Belgische
investering tegen bepaalde internationale wetgevingen indruisen. Ik
denk in dat verband aan de VN-resolutie 1514. Mochten wij een
dergelijk project in de Westelijke Sahara ondersteunen, zou dat ook
betekenen dat ons land de bezetting van de Westelijke Sahara door
Marokko impliciet steunt.
Ik had dan ook graag twee vragen aan de minister gesteld.
Ten eerste, hoe zal de investering in het draineringproject op de
begroting van het departement Ontwikkelingssamenwerking worden
ingeschreven? Valt de bedoelde steun binnen het kader van de ODA-
hulp? Zo ja, over welke periode zal voornoemde steun worden
ingeschreven? Werd de beslissing in kwestie binnen het kernkabinet
overlegd? Het is immers vreemd dat net minister Reynders met de
bewuste beslissing uitpakt.
01.01 Wouter De Vriendt (Ecolo-
Groen!): Les médias ont annoncé
le 26 octobre 2008 que le ministre
Reynders a promis une aide
financière de 6,5 millions d'euros
pour un projet de drainage dans le
sud du Maroc. Ce pays étant l'un
des dix-huit pays partenaires de la
Belgique, il peut déjà compter
annuellement sur une aide de
10 millions d'euros en matière de
coopération au développement. En
2005, un montant supplémentaire
de 5 millions avait déjà été
budgété pour le drainage et
l'assainissement.
Dans l'intervalle, on reste vague
quant à la localisation précise du
projet, ce qui peut donner à
penser qu'il se situe dans le
Sahara
occidental.
Le
cas
échéant, cet investissement belge
serait notamment contraire à la
résolution de l'ONU 1514 et
représenterait un soutien implicite
de notre pays à l'occupation du
Sahara occidental par le Maroc.
Comment cet investissement sera-
t-il imputé au budget de la
Coopération au développement?
Relève-t-il de l'Aide publique au
développement (APD)? Sur quelle
période l'aide est-elle inscrite?
Une concertation a-t-elle eu lieu à
ce sujet au sein du cabinet
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
Ten tweede, wat is de precieze locatie van het draineringproject in
Zuid-Marokko? Valt voornoemde locatie binnen de grenzen van de
Westelijke Sahara? Mocht zulks het geval zijn, bent u dan bereid om
de toekenning van de steun aan het project te herevalueren?
restreint ? Quelle est la localisation
précise du projet de drainage? Le
ministre est-il prêt à réévaluer
l'octroi de l'aide s'il s'avère que le
projet se situe dans le Sahara
occidental?
01.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, collega, ik
bevestig dat er tijdens een onderhoud tussen de vicepremier en zijn
Marokkaanse collega sprake is geweest van een verhoging van het
budget van het project Assainissement des Villes de Tinghir et Zafora
van 8 tot 14,5 miljoen euro.
In oktober 2008 heb ik in overleg met onze Marokkaanse partners
beslist tot deze verhoging die past in het kader van het indicatief
samenwerkingsprogramma dat in Marokko werd ondertekend voor de
periode 2006-2009. Natuurlijk gaat het om ODA. Deze uitgave werd
vastgelegd op het budget 2008, maar zal worden uitgegeven in de
loop van de realisatie van het project.
Tot slot: Tinghir en Zafora bevinden zich niet op het grondgebied van
de Westelijke Sahara.
01.02 Charles Michel, ministre:
Lors
d'un
entretien
entre
M. Reynders et son collègue
marocain, il a effectivement été
question d'une augmentation de 8
à 14,5 millions d'euros du budget
pour le projet Assainissement des
Villes de Tinghir et Zafora. Cette
augmentation s'inscrit dans le
cadre du programme indicatif de
coopération 2006-2009.
Il
s'agit
évidemment
d'aide
publique au développement. Cette
dépense a été engagée au budget
2008 mais ne sera allouée que
lors de la réalisation du projet.
Tinghir et Zafora ne sont pas
situées dans le Sahara occidental.
01.03 Wouter De Vriendt (Ecolo-Groen!): Ik dank de minister voor
zijn antwoord.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Questions jointes de
- M. Georges Dallemagne au ministre de la Coopération au développement sur "sa rencontre avec M.
Kabila et l'impact pour la coopération belge" (n° 10111)
- M. Xavier Baeselen au ministre de la Coopération au développement sur "la normalisation des
relations Belgique-Congo" (n° 10487)
- M. Georges Dallemagne au ministre de la Coopération au développement sur "la reprise de la
coopération avec le Congo" (n° 11175)
02 Samengevoegde vragen van
- de heer Georges Dallemagne aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "zijn ontmoeting
met de heer Kabila en het effect hiervan op de Belgische samenwerking" (nr. 10111)
- de heer Xavier Baeselen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de normalisering
van de betrekkingen tussen België en Congo" (nr. 10487)
- de heer Georges Dallemagne aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de hervatting
van de samenwerking met Congo" (nr. 11175)
02.01 Georges Dallemagne (cdH): (Intervention hors micro)
Mes trois questions sont simples, monsieur le ministre.
D'abord, quel aura été l'impact de l'interruption des relations
diplomatiques sur les projets de coopération? Certains projets ont-ils
été interrompus? Des populations ont-elles été affectées?
Quel est votre bilan de cette crise sur la coopération et, surtout, sur la
population congolaise?
02.01
Georges
Dallemagne
(cdH): Welke gevolgen heeft de
onderbreking van de diplomatieke
betrekkingen gehad voor de
ontwikkelingsprojecten? Hoe schat
u de gevolgen van die crisis in, op
de
eerste
plaats
voor
de
Congolese bevolking?
Hoe verloopt de hervatting van de
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
Ensuite, comment la relance évolue-t-elle, notamment de la
commission mixte? Comment, où, quand, avec qui, selon quel
programme cette commission mixte aura-t-elle lieu? Il m'intéresse de
savoir si tout cela reprend forme.
Enfin, une question plus compliquée: il s'agit du fait de prendre en
compte l'évolution de la situation au Congo dans notre coopération.
En effet, la situation socio-économique s'est passablement détériorée
depuis quelques mois, car la paupérisation des populations s'est
accentuée, notamment au Katanga, comme aussi à Kinshasa, et la
situation politique continue à être très volatile, vu les
mécontentements de l'Assemblée nationale congolaise quant à la
situation dans l'Est et à la présence de troupes rwandaises.
Tous ces éléments ne méritent-ils pas que nous réfléchissions à
l'impact de notre coopération, à sa force, à son ampleur et à ses
priorités? Loin de moi l'idée de diminuer ses interventions; au
contraire, il faut en faire davantage dans certains domaines qui
deviennent prioritaires.
betrekkingen, met name wat de
gemengde commissie betreft?
Hoe, waar, wanneer, met wie,
volgens welk programma zal die
gemengde
commissie
bijeenkomen?
In ons ontwikkelingsbeleid moeten
we rekening houden met de
evolutie van de toestand in Congo.
De sociaaleconomische toestand
gaat er al maandenlang sterk op
achteruit,
en
de
bevolking
verpaupert er steeds meer (in het
bijzonder in Katanga en in
Kinshasa).De politieke situatie blijft
hoogst onzeker, gelet op de
onvrede
van
de
Congolese
Nationale Assemblee met de
toestand in Oost-Congo en de
aanwezigheid
van
Rwandese
troepen.
Al die gegevenheden moeten ons
aansporen ons te bezinnen over
onze ontwikkelingssamenwerking
en welke impact, omvang en
prioriteiten ze moet hebben.
02.02 Xavier Baeselen (MR): Madame la présidente, ma question
est identique à celle de M. Dallemagne. Je souhaite entendre la
réponse du ministre.
02.02 Xavier Baeselen (MR): Mijn
vraag heeft dezelfde strekking als
die van de heer Dallemagne.
02.03 Charles Michel, ministre: Chers collègues, je voudrais réagir
aux différents points qui ont été évoqués. Le premier concerne les
effets sur le terrain de la rupture des relations belgo-congolaises ou
en tout cas des difficultés de ces derniers mois. À propos du canal
indirect et du canal multilatéral, il y a très peu d'impacts ou des
impacts négligeables.
C'est différent dans le cas de la coopération gouvernementale, en
particulier pour les conventions qui ont été signées avant avril 2008.
Nous avons rencontré des problèmes pour la prolongation des
conventions pour certaines interventions en cours ou pour les
augmentations de budgets nécessaires à certaines interventions.
Les procédures d'agrément par les autorités congolaises des
assistants techniques internationaux proposés par notre pays dans le
cadre de la mise en oeuvre d'un certain nombre de projets ont
également pris du retard. Cette procédure d'agrément est encore en
cours pour certains de ces assistants techniques, ce qui a pour
conséquence de retarder le démarrage d'interventions, malgré
l'identification dles projets.
Le retard pris concerne essentiellement les nouveaux projets de la
programmation pour la période 2008-2009. Étant donné que le comité
des partenaires ne s'est plus réuni depuis avril 2008, les programmes
formulés en 2008 n'ont pu être validés ni engagés en 2008. De plus,
02.03 Minister Charles Michel:
De eerste vraag betreft de
praktische gevolgen van de breuk
in
de
Belgisch-Congolese
betrekkingen
en
van
de
strubbelingen van de jongste
maanden. Wat de indirecte en de
multilaterale
samenwerking
betreft, blijven de gevolgen zeer
beperkt.
Voor
de
gouvernementele
samenwerking liggen de zaken
anders, in het bijzonder wat de
overeenkomsten die voor april
2008 werden gesloten, betreft. Zo
bleek het niet voor de hand te
liggen sommige overeenkomsten
te verlengen of de nodige
bijkomende middelen vrij te
maken. Ook de erkenning door de
Congolese autoriteiten van de
technische
assistenten
liep
vertraging
op,
zodat
de
hulpverlening pas later op gang
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
la programmation pour 2009 qui devait être formulée depuis le mois
de juillet 2008 n'a pas pu être discutée avec les autorités congolaises.
Il y a un impact en termes de retard à la fois pour des projets qui
étaient censés être engagés en 2008 et pour les projets qui devaient
démarrer leur processus administratif à partir de 2009. Un exemple
concret pour lequel une difficulté s'est posée en termes de
prolongation, c'est le projet que nous portons dans le secteur de la
maladie du sommeil, qui est extrêmement lourde en termes d'impact
mortel au Congo.
Nous avons réussi, par une décision en Conseil des ministres, à
trouver des solutions techniques pour prolonger ce projet malgré
l'absence de réunion du comité des partenaires, étant entendu que
nous devrons obtenir un accord de ce comité pour valider cette
prolongation. À défaut, on n'aurait pas pu continuer à payer les
opérateurs de ce projet, qui aurait dû être interrompu alors qu'il
constitue une lutte effective contre cette maladie.
Vous demandez ensuite si la normalisation des relations permettra la
reprise des projets, de quelle manière et dans quel délai. On en
revient à la réunion du comité des partenaires qui doit intervenir
quand nous recevrons une invitation des autorités congolaises.
Depuis le mois de juillet 2008, j'ai manifesté mon souhait que se
tienne cette réunion. Chacun a compris que dans le processus de
normalisation, plusieurs points devaient faire l'objet d'une définition
méthodologique. Il y a l'agrément de l'ambassadeur, et c'est chose
faite comme vous l'avez évoqué. Du reste, il a présenté ses lettres de
créance le 12 février, il y a quelques jours, au président Kabila et il a
eu ses premiers entretiens consécutifs à sa prise de fonction.
Notre ambassadeur a le mandat d'évoquer avec les représentants
des autorités congolaises la manière de s'accorder sur les deux
autres questions de cette normalisation pour lesquelles le processus
est enclenché: la question du consulat et celle de la réunion du comité
des partenaires et sa préparation. J'ai été en contact téléphonique la
semaine dernière avec mon homologue congolais à ce sujet et il m'a
fait part de sa volonté que cette réunion ait lieu rapidement.
Vous demandez enfin quand, avec qui et où se passera la
commission mixte et quel est le programme envisagé. Je distingue
bien comité des partenaires et commission mixte, laquelle doit se
tenir en principe en 2010. Cependant, dans mon esprit, nous aurons
des conversations à l'occasion du comité des partenaires, soit
formellement soit en parallèle. Cela abonde dans votre sens: elles
serviront à déterminer comment réorienter la manière de coopérer
avec les Congolais.
Il y a deux thèses en la matière: certains disent qu'il faut aller au bout
du programme défini et démarrer éventuellement autre chose après la
commission mixte en 2010, alors que d'autres envisagent d'anticiper
cette commission mixte afin de ne pas attendre cette date pour
démarrer un processus de décision en termes de réorientation des
moyens, vu les évolutions rapides dans le pays et particulièrement les
conséquences de la crise économique et financière dont vous parliez.
Je ne me suis pas encore forgé d'opinion bien arrêtée; je souhaite
entendre auparavant la position formelle des autorités congolaises sur
la question, une question qui sera posée dans les semaines, au plus
kon komen.
De vertraging betreft de nieuwe
projecten in het kader van de
programmatie voor 2008-2009.
Aangezien
het
comité
des
partenaires sinds april 2008 niet
meer is bijeengekomen, konden
de programma's voor 2008 niet
worden bekrachtigd en vastgelegd
en kon de programmatie voor
2009 niet worden besproken.
Ik geef u het concrete voorbeeld
van het project met betrekking tot
slaapziekte, een ziekte die in
Congo fel verspreid is. We zijn er
binnen
de
Ministerraad
in
geslaagd technische oplossingen
uit te dokteren om dit project te
kunnen voortzetten. Zo niet, dan
hadden we de operatoren niet
kunnen betalen en had het project
moeten worden onderbroken.
U vraagt of de projecten hervat
kunnen worden nu de relaties
genormaliseerd zijn. Het `comité
des partenaires' zal vergaderen
zodra de Congolezen ons een
uitnodiging sturen. Al sinds juli
2008 wens ik dat die vergadering
zou
plaatsvinden.
In
het
normalisatieproces
moet
een
aantal punten methodologisch
gedefinieerd
worden.
De
ambassadeur, die op 12 februari
zijn geloofsbrieven aan president
Kabila overhandigd heeft, moet
met de Congolese gezagsdragers
de twee andere punten van die
normalisatie
bespreken:
het
consulaat en de vergadering van
het `comité des partenaires'. Ik
heb
daarover
telefonische
contacten
gehad
met
mijn
Congolese evenknie.
Volgens de planning zou de
gemengde commissie in 2010
samenkomen, maar in het `comité
des partenaires' zullen we overleg
plegen om uit te maken hoe we
met Congolezen overleggen. Er
zijn twee stellingen: sommigen
zeggen
dat
het
programma
afgewerkt moet worden en dat
vervolgens, na 2010, met iets
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
tard dans les mois qui viennent.
Enfin, la situation économique et financière pose effectivement des
difficultés majeures sur le plan macroéconomique. Il existe des
initiatives de la Banque mondiale avec laquelle nous sommes en
relation qui visent précisément à mobiliser les bailleurs de fonds
traditionnels du Congo pour qu'ils puissent adapter dans les prochains
mois leur manière de coopérer avec ce pays ­ il faudra prendre des
décisions rapidement ­ et agir à travers un mécanisme, un fonds logé
au sein de la Banque mondiale, pour réagir de manière rapide et
immédiate aux conséquences déjà visibles au Congo de la crise qui
frappe durement, compte tenu de la situation, entre autres dans le
secteur minier.
anders begonnen moet worden;
anderen overwegen het gebruik
van de middelen bij te sturen. Ik
wil
het
standpunt
van
de
Congolese overheid kennen, in de
komende weken of maanden.
Door
de
economische
en
financiële situatie zijn er inderdaad
grote
macro-economische
problemen. De Wereldbank heeft
initiatieven genomen om de
geldschieters van Congo tot
handelen aan te zetten en om snel
een antwoord te kunnen bieden op
de gevolgen van de crisis, onder
meer in de mijnsector.
02.04 Georges Dallemagne (cdH): Je remercie le ministre pour
l'ensemble de ces informations.
Il confirme que cette crise n'est pas sans conséquence pour la
population congolaise ­ on le savait. Je sais que c'est difficile en
réponse à une question orale mais peut-être serait-il possible
d'obtenir des indications plus précises sur tel ou tel projet qui aurait
été affecté. Peut-être reviendrai-je sur cette interrogation sous la
forme d'une question écrite.
Par ailleurs, comme vous, monsieur le ministre, j'espère que les
choses iront maintenant bon train et que nous pourrons redémarrer
ces projets très rapidement car ils sont attendus par la population
congolaise. Même sur le plan politique, il est utile de donner le signal
espéré.
Enfin, en ce qui concerne le mode de coopération, il est vrai que je n'y
ai pas fait référence explicitement dans ma question écrite mais il y a
aussi tous les nouveaux modes de coopération. Notre partenaire
congolais avait épinglé la manière dont on devait à l'avenir réfléchir à
notre coopération. Ces questions sont importantes en termes
d'efficacité et de visibilité de l'impact de cette coopération.
02.04
Georges
Dallemagne
(cdH): Die crisis heeft ook
gevolgen voor de Congolese
bevolking. Kunt u nader toelichten
welke projecten getroffen zijn?
Ik hoop dat we heel snel opnieuw
met die projecten zullen kunnen
starten want de bevolking wacht
erop. Ook op politiek vlak moet het
verwachte
signaal
worden
gegeven.
Wat de wijze van samenwerking
betreft, ten slotte, had onze
Congolese
gesprekspartner
gewezen op de manier waarop
daarover in de toekomst moest
worden nagedacht.
02.05 Xavier Baeselen (MR): Je me réjouis que sur le plan
multilatéral ou indirect, il n'y ait pas eu de répercussions majeures sur
les projets de coopération au développement. C'est plus
particulièrement la coopération bilatérale et gouvernementale qui en a
souffert et ce, malgré les efforts que vous avez consentis pour plaider
en faveur de la continuation des projets dans un contexte de relations
diplomatiques difficiles. On ne peut que constater le blocage qui a eu
lieu. Espérons que les lenteurs administratives, les procédures et
autres ne seront pas de nature à retarder trop le développement et la
poursuite des projets.
Si vous me le permettez, j'ai une question complémentaire à vous
poser. Quand vous parlez des montants budgétaires pour 2008, cela
signifie-t-il que les montants prévus qui n'ont pu être engagés sont
perdus ou peuvent-ils être reportés de manière à ce que les montants
globaux initialement affectés à la coopération en faveur du Congo
soient engagés? Je ne sais pas si vous êtes en mesure de répondre
02.05 Xavier Baeselen (MR): Ik
ben tevreden dat er geen
onrechtstreekse
of
onrechtstreekse gevolgen zijn. De
bilaterale en gouvernementele
samenwerking
heeft
eronder
geleden, ondanks de moeite die u
zich gaf om de projecten in een
moeilijke context toch te laten
doorgaan. We kunnen enkel
constateren dat die samenwerking
is vastgelopen.
Betekent wat u zegt over het
budget voor 2008, dat de niet-
aangewende middelen verloren
zijn, of kunnen ze worden
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
déjà à cette question.
overgeheveld?
02.06 Charles Michel, ministre: C'est une question importante qui
devra être réglée dans les tout prochains mois.
Nous nous sommes engagés dans la coopération bilatérale sur la
période courant jusqu'en 2010 avec une enveloppe sur une base
pluriannuelle. La programmation prévue pour 2008 n'a pas pu être
totalement engagée. Cela signifie qu'il y aura un débat au sein du
gouvernement pour voir si l'on autorise un engagement supérieur et si
l'on déroge ainsi au seuil d'engagement pour faire en sorte que l'on
honore nos engagements sur toute la période.
En revanche, il va de soi que les crédits prévus au budget 2008 de la
coopération bilatérale ont été totalement exécutés puisque j'ai opéré
des glissements vers d'autres pays qui étaient en mesure, eux,
d'absorber de manière anticipative les crédits de 2009.
02.06 Minister Charles Michel:
We zijn meerjarenverbintenissen
aangegaan tot in 2010. De voor
2008 geplande programmatie kon
niet volledig worden uitgevoerd.
De regering zal in overleg
uitmaken of er een hoger bedrag
kan worden vastgelegd, teneinde
te voldoen aan de verbintenissen
over de volledige periode.
De middelen op de begroting 2008
voor
bilaterale
samenwerking
werden
wel
aangewend,
aangezien
ik
kredieten
heb
doorgeschoven
naar
andere
landen die de middelen voor 2009
vervroegd konden gebruiken.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03 Question de M. André Flahaut au ministre de la Coopération au développement sur "le déséquilibre
linguistique au sein de la coopération bilatérale directe" (n° 11039)
03 Vraag van de heer André Flahaut aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "het
taalonevenwicht bij de directe bilaterale samenwerking" (nr. 11039)
03.01 André Flahaut (PS): Madame la présidente, après avoir
discuté des grands projets, je vais m'occuper de la "cuisine". En effet,
pour mener tous les projets, il faut pouvoir compter sur des
administrations et des services.
Monsieur le ministre, vous représentez le gouvernement fédéral au
sein de la Coopération technique belge (la CTB). Vous en constituez
l'assemblée générale puisque, dans cette SA de droit public à finalité
sociale, l'État belge dispose de la totalité du capital. Un contrôle direct
est donc exercé sur cet organisme public.
Au sein de la direction de la CTB, nous constatons un déséquilibre
linguistique flagrant. En effet, le comité de direction est composé de
cinq directeurs dont quatre sont néerlandophones et un francophone.
De plus, parmi ces directeurs, celui qui préside le comité de direction
est néerlandophone.
Par ailleurs, si on prend en considération le management moyen,
c'est-à-dire le rang directement inférieur au comité de direction, on
peut constater que celui-ci est composé de trois chefs de service tous
néerlandophones. Le management supérieur et moyen de la CTB est
donc composé de huit personnes: sept néerlandophones et un seul
francophone. Il s'agit là ­ vous en conviendrez ­ d'un déséquilibre
plus que profond que l'on a rarement coutume de rencontrer dans les
institutions fédérales. En tout cas, s'il arrive que le déséquilibre se
produise dans l'autre sens, on le fait remarquer très rapidement et
c'est relaté dans tous les journaux au nord du pays.
En outre, pour coordonner au mieux la gestion de la coopération
03.01 André Flahaut (PS):
Mijnheer de minister, u vormt de
algemene vergadering van de
Belgische Technische Coöperatie
(BTC). In deze NV van publiek
recht met sociaal oogmerk heeft
de Belgische Staat immers het
volledige kapitaal in handen.
Bij de leiding van de BTC stellen
we een flagrant taalonevenwicht
vast: vier van de vijf directeurs én
de voorzitter van het directiecomité
zijn Nederlandstalig.
Op het niveau meteen onder dat
van het directiecomité, bij het
middenmanagement, zijn de drie
diensthoofden
allen
Nederlandstalig.
Wanneer het onevenwicht zich
ooit in de andere richting voordoet,
blijft een reactie niet lang uit en
staat het in alle Vlaamse kranten.
In
het
gemeenschappelijke
beheerscomité van BTC en DGOS
is
de
toestand,
met
zes
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
bilatérale directe, les comités de gestion communs CTB-DGCD se
réunissent régulièrement. Ces comités sont composés de trois
représentants néerlandophones du comité de direction de la CTB, de
trois représentants dont deux néerlandophones et un francophone de
la DGCD et de votre chef de cabinet adjoint qui est néerlandophone.
Les comités de gestion communs sont donc, eux-aussi, extrêmement
déséquilibrés puisque l'on y compte six néerlandophones et un seul
francophone.
Face à un tel déséquilibre, il me semble opportun de poser certaines
questions.
La coopération est encore fédérale. Idéalement, il faudrait y intégrer
les différentes sensibilités culturelles et linguistiques du pays.
Comment peut-on justifier un tel déséquilibre dans les organes de
direction, créé sans doute au fil du temps?
Compte tenu des dispositions légales qui ont institué la CTB, à savoir
la loi du 21 décembre 1998 et les arrêtés, celle-ci doit-elle disposer
d'un cadre linguistique? Si oui, le comité de direction actuel est-il
conforme à ce cadre? Dans la négative, pour quelle raison?
Si non, pensez-vous qu'il serait utile de proposer un tel cadre pour
déterminer plus clairement l'équilibre linguistique dans cette maison?
Les fonctions de direction au sein du comité de direction de la CTB
sont des mandats de management de six ans. Le mandat de chacun
de ces cinq directeurs, membres du comité de direction, correspond-il
bien à un mandat de management? Chacun des directeurs a-t-il suivi
exactement la même procédure de sélection? Sinon pourquoi est-ce
justifié légalement? Quelles sont les mesures prises dans le cadre de
cette procédure de sélection des directeurs qui permette de prendre
en compte la dimension d'équilibre linguistique?
L'article 26 de cette loi stipule que le conseil d'administration de la
CTB nomme le comité de direction sur proposition du délégué à la
gestion journalière. Dans la mesure où la CTB ne dispose pas
actuellement d'un tel délégué, qui a pris la responsabilité de proposer
la composition actuelle du comité de direction? Cette procédure est-
elle légale?
Enfin, quels signaux allez-vous adresser au conseil d'administration
de la CTB pour l'inviter à résorber ce déséquilibre?
Nederlandstaligen en één enkele
Franstalige, vergelijkbaar.
Aangezien
Ontwikkelingssamenwerking nog
een federale materie is, zou met
de verschillende culturele en
taalkundige gevoeligheden van het
land rekening moeten worden
gehouden.
Hoe
rechtvaardigt
u
deze
wanverhouding?
Voorzien de wettelijke bepalingen
die aan de BTC ten grondslag
liggen in een taalkader?
Zo neen, denkt u dat het nuttig zou
zijn er een voor te stellen?
Beantwoordt het mandaat van elk
van de directeurs wel degelijk aan
een managementfunctie? Heeft
elke
directeur
dezelfde
selectieprocedure doorlopen?
Artikel 26 bepaalt dat de raad van
bestuur
van
de
BTC
het
directiecomité
benoemt
op
voorstel van de afgevaardigde van
het dagelijks bestuur. De BTC
beschikt momenteel niet over zo
een afgevaardigde, wie heeft dan
de
huidige
samenstelling
voorgesteld?
Hoe zult u het de raad van bestuur
van de BTC duidelijk maken dat hij
dat
onevenwicht
moeten
wegwerken?
03.02 Charles Michel, ministre: Je répondrai d'abord à la première
question concernant la composition du comité de direction de la CTB
et le "management moyen", composé de trois chefs de service. Cette
approche, que je comprends, doit être nuancée par rapport à la
description que vous en faites. Quand on parle du management
moyen, il s'agit d'une catégorie salariale. Pour gérer les
180 collaborateurs du siège, il est entendu qu'il y a davantage que
trois chefs de service qui sont impliqués dans ces fonctions de
gestion.
Si l'on prend en compte l'ensemble des personnes qui gèrent
effectivement un service, ce groupe compte actuellement seize
03.02 Minister Charles Michel:
Uw beschrijving verdient enige
nuancering. Wanneer men het
heeft over `middenmanagement',
gaat het om een looncategorie.
Voor het beheer van de 180
medewerkers van de zetel zijn er
zestien personen, en geen drie!
Van die zestien personen plus de
vijf leden van het directiecomité ­
dus 21 personen alles bij elkaar ­
zijn
tien
medewerkers
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
personnes, auxquelles il faut ajouter les cinq membres du comité de
direction, ce qui fait un total de 21 personnes. La répartition
linguistique dans ce groupe est la suivante: dix collaborateurs
néerlandophones et onze collaborateurs francophones. Au
31 janvier 2009, la CTB comptait 184 collaborateurs au siège, dont
99 francophones et 85 néerlandophones.
En ce qui concerne le cadre linguistique, la CTB ne dispose pas d'un
tel cadre. La tâche principale de la CTB consiste en l'exécution des
programmes de coopération au développement pour le compte de
l'État belge. Elle est présente dans vingt pays. Le travail réalisé par la
grande majorité du personnel de la CTB, tant au siège que sur le
terrain, est destiné aux autorités de ces pays et à leurs ressortissants.
Par conséquent, on attend de ce personnel qu'il puisse d'abord
s'exprimer dans les langues utilisées dans les pays partenaires. Les
langues en question sont l'espagnol, l'anglais et le français.
La CTB poursuit actuellement la discussion avec la commission
permanente du contrôle linguistique afin de trouver une formule
adéquate qui ne puisse pas entraver la réalisation de son objet social.
Je suis favorable à ce que l'on puisse définir des règles qui s'orientent
à tout le moins vers la logique d'un cadre linguistique.
En réponse à votre troisième question sur la façon dont les quatre
directeurs de la CTB, membres du comité de direction, sont engagés,
je peux répondre que leur engagement a été fait conformément à
l'article 26 de la loi du 21 décembre 1998 pour un terme renouvelable
de six ans. Le directeur présidant le comité de direction a, quant à lui,
été engagé dans le cadre d'un contrat à durée indéterminée.
Chacune des personnes visées ci-dessus a, à l'époque, été nommée
par le conseil d'administration selon les procédures de recrutement
que le conseil a estimé opportun de suivre au moment où les
différents postes ont été déclarés vacants. Les cinq directeurs ont
passé un assessment externe dans le cadre des procédures de
sélection à la CTB. Je confirme donc que ce ne sont pas exactement
les mêmes procédures qui ont été appliquées pour le recrutement des
directeurs en question. Cette prérogative trouve, d'un point de vue
juridique, sa source dans l'article 26, §1 de la loi qui porte création de
la CTB, qui prévoit que le conseil d'administration nomme et révoque
à la majorité absolue, sur proposition du délégué à la gestion
journalière, les membres du comité de direction pour un terme
renouvelable de six ans.
Je ne pense pas qu'il soit judicieux de connaître ce déséquilibre au
niveau du comité de direction et des cinq membres du personnel
concernés. Je souhaite qu'à l'avenir, cette situation puisse être
corrigée. L'article 23, §1 de la loi du 21 décembre 1998 portant la
création de la CTB prévoit que le conseil d'administration a le pouvoir
d'accomplir tous les actes nécessaires ou utiles à la réalisation de son
objet social. En 2004, après avoir examiné la situation, à la suite du
départ du délégué à la gestion journalière, le conseil d'administration
a estimé plus opportun de nommer un président du comité de
direction.
Sur la base de l'article 23 de la loi du 21 décembre 1998 portant la
création de la CTB et l'article 25, §3 des statuts de la coopération
technique belge et la décision du conseil d'administration du
Nederlandstalig en elf Franstalig.
Op 31 januari 2009 telde de BTC
184 medewerkers op de zetel,
waarvan 99 Franstaligen en 85
Nederlandstaligen.
Bij de BTC is er geen taalkader.
Het werk dat de grote meerderheid
van het personeel van de BTC
verricht, is bestemd voor de
overheden en voor de onderdanen
van de twintig landen waar de
samenwerkingsprogramma's
worden uitgevoerd. Het personeel
moet zich in de eerste plaats
kunnen uitdrukken in de in die
landen gebruikte talen.
De BTC zet momenteel de
bespreking
met
de
vaste
commissie voor taaltoezicht voort
teneinde een geschikte formule te
vinden die de realisatie van haar
doel niet in de weg staat. Ik ben
voorstander van regels in de zin
van de logica van een taalkader.
De vier directeurs van de BTC
werden in dienst genomen voor
een hernieuwbare termijn van zes
jaar.
De
directeur
die
het
directiecomité voorzit, werd in het
kader van een contract van
onbepaalde duur aangeworven.
De voornoemde personen werden
indertijd allemaal benoemd door
de
raad
van
bestuur,
overeenkomstig
de
wervingsprocedures die bij het
open
verklaren
van
de
betrekkingen door de raad werden
gekozen. De vijf directeurs werden
aan
een
externe
assessmentprocedure
onderworpen,
die
voor
elke
kandidaat anders was. Artikel 26,
§ 1, van de wet tot oprichting van
de BTC bepaalt dat de raad van
bestuur
de
leden van het
directiecomité
mits
volstrekte
meerderheid, op voordracht van
de verantwoordelijke voor het
dagelijks
beheer,
voor
een
hernieuwbare termijn van zes jaar
benoemt en ontslaat.
Ik denk niet dat het verantwoord is
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
23 avril 2001 qui porte sur le principe des quatre yeux et de la double
signature, un mandat spécial a été donné, le 5 juillet 2004, par le
conseil d'administration au président du comité de direction afin qu'il
puisse valablement engager la CTB.
Enfin, en réponse à votre dernière question, nous comptons prendre
contact avec le conseil d'administration pour trouver une solution en
ce qui concerne l'emploi des langues à la CTB. Je souhaite
naturellement que cette solution n'entrave pas la recherche d'une
coopération bilatérale directe aussi efficace que possible. Je souhaite
aussi le respect des équilibres prévus dans notre pays, ce également
à la CTB.
om
in
de
toekomst
dat
onevenwicht op het niveau van het
directiecomité en de vijf betrokken
personeelsleden in stand te
houden. Volgens artikel 23, § 1,
van de wet van 21 december 1998
tot oprichting van de BTC is de
raad van bestuur bevoegd om alle
handelingen te verrichten die
nodig of nuttig zijn voor de
verwezenlijking
van
het
maatschappelijk doel van de BTC.
Naar aanleiding van het vertrek
van de verantwoordelijke voor het
dagelijks beheer in 2004 vond de
raad van bestuur het nuttiger om
een
voorzitter
van
het
directiecomité aan te stellen.
Op 5 juli 2004 kreeg de voorzitter
van
het
directiecomité
een
bijzonder mandaat opdat hij de
BTC geldig zou kunnen verbinden.
We zijn van plan contact op te
nemen met de raad van bestuur
om een oplossing te vinden met
betrekking tot het gebruik van de
talen bij de BTC, maar ik wil dat
die oplossing de organisatie van
een zo efficiënt mogelijke directe
bilaterale samenwerking niet in de
weg staat. Ik wens bovendien dat
de BTC het evenwicht dat in ons
land geldt, zou naleven.
03.03 André Flahaut (PS): Madame la présidente, je prends acte de
la réponse du ministre et des engagements pris. Je relirai
attentivement votre texte.
Sans vouloir polémiquer, il est clair qu'il y a là un instrument qui
fonctionne de façon un peu empirique, sans respecter toutes les lois
que l'on impose en d'autres endroits. Dans la réponse que vous
formulez - c'est une technique connue qui est utilisée dans les
différents cabinets ministériels pour formuler une réponse -, vous
globalisez la problématique, même s'il y a un problème à un niveau
de pouvoir, afin de démontrer que dans l'ensemble, il n'y a pas de
déséquilibre.
Effectivement, au niveau du département de la Défense, je montrais
qu'il y avait un équilibre global, mais certains de nos amis flamands
mettaient en évidence qu'à tel niveau, il y avait un déséquilibre, etc.
Ce qui m'intéresse, c'est que la loi soit respectée par tout le monde et
à tous les niveaux. Si on dit que la CTB doit tendre vers une
application qui est la même que dans les autres administrations, il faut
faire en sorte que l'équilibre linguistique soit respectueux de ce qui est
indiqué par la Commission permanente de contrôle linguistique, c'est-
03.03 André Flahaut (PS): In uw
antwoord veralgemeent u de
problematiek om aan te tonen dat
er over het geheel genomen geen
onevenwicht is.
Ik liet zien dat er op het
departement
Defensie
een
algemeen evenwicht was, maar
sommige Vlamingen wezen erop
dat er op een bepaald niveau een
onevenwicht was.
Als de BTC zich moet voegen naar
een soortgelijke toepassing als in
de andere besturen, moet ervoor
gezorgd
worden
dat
het
taalevenwicht overeenstemt met
de voorschriften van de Vaste
Commissie voor Taaltoezicht, met
andere woorden een evenwicht op
de onderscheiden hiërarchische
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
à-dire un équilibre aux différents niveaux de la hiérarchie, ainsi qu'un
équilibre plus global.
J'entends bien que vous me dites que les langues sont importantes
pour ce que l'on fait à l'extérieur. Je suis tout à fait d'accord avec
vous; le problème, c'est que les officiers et les sous-officiers doivent
connaître l'anglais parce qu'on utilise beaucoup cette langue à
l'étranger, mais il faut quand même un équilibre linguistique dans les
différents départements. Ce n'est pas parce qu'on travaille à l'étranger
qu'il ne faut pas respecter les lois internes.
J'espère que l'on va régulariser la situation très rapidement. Les
moyens sont importants, le choix des projets est important. Et c'est en
se laissant distraire par des solutions qui se prolongent que l'on finit
par constater à un certain moment qu'il y a un grave problème parce
qu'il y a beaucoup plus de néerlandophones que de francophones
dans la Coopération extérieure belge; ce que je ne peux pas
accepter.
niveaus alsmede een algemeen
evenwicht.
Ik hoop dat de situatie zo spoedig
mogelijk
zal
worden
geregulariseerd.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
03.04 Jan Jambon (N-VA): Mevrouw de voorzitter, als de minister
dat goed vindt, wens ik vraag nummer 9804 over het aantal
onbetaalde facturen in een schriftelijke vraag om te zetten, zodanig
dat ik het schriftelijk antwoord mee kan nemen.
De voorzitter: Goed.
04 Vraag van de heer Jan Jambon aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de steun
aan Congo en Rwanda" (nr. 9644)
04 Question de M. Jan Jambon au ministre de la Coopération au développement sur "l'aide au Congo
et au Rwanda" (n° 9644)</b>
04.01 Jan Jambon (N-VA): Mijnheer de minister, op 11 december
besloot de Nederlandse minister van Ontwikkelingssamenwerking, de
heer Koenders, om voorlopig geen begrotingssteun meer te geven
aan Rwanda. Dat besluit kwam er naar aanleiding van de
bekendmaking van de uitkomsten van het recent VN-rapport over de
schendingen van het wapenembargo tegen de Democratische
Republiek Congo. Volgens de VN bestaat er en ik citeer "gerede
twijfel over de betrokkenheid van zowel de Congolese als de
Rwandese regering bij de rebellenbewegingen die elkaar bevechten in
Oost-Congo".
Mijnheer de minister, kunt u mij meedelen hoeveel ontwikkelingssteun
België aan Congo en Rwanda heeft verleend tijdens de vijf
voorgaande jaren en in 2008? Hoeveel steun is er uitgetrokken voor
de volgende jaren?
Kunt u mij ook meedelen of er Belgisch geld gaat naar de begroting
van Congo of Rwanda of naar Congolese of Rwandese
overheidsinstanties?
Indien het antwoord op die vraag positief is, bent u dan van plan om
het Nederlandse voorbeeld te volgen om de steun aan Congo en
Rwanda op te schorten? Moedigt u andere landen eventueel aan om
het Nederlands voorbeeld te volgen?
04.01 Jan Jambon (N-VA): Le 11
décembre, le ministre néerlandais
de
la
coopération
au
développement
a
décidé
d'interrompre
momentanément
l'aide budgétaire au Rwanda après
la publication d'un rapport de
l'ONU. Les gouvernements tant
congolais que rwandais seraient
impliqués dans les combats qui
ont éclaté entre rebelles dans l'Est
du Congo.
Quel est le montant de l'aide au
développement accordée par la
Belgique au Congo au cours des
cinq dernières années et en 2008?
Quelle sera l'évolution de ces
aides au cours des années à
venir? Injecte-t-on des capitaux
belges dans le budget ou dans des
organismes publics de ces pays?
Notre pays va-t-il dès lors
suspendre ces aides et demander
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
à d'autres États de faire de
même?
04.02 Minister Charles Michel: (...) Dat ligt rond de 700.000 miljoen
euro. Ik zal u de cijfers op papier geven. Voor Rwanda stel ik
hetzelfde voor.
De steun aan de Democratische Republiek Congo voor de komende
vijf jaar kan moeilijk worden ingeschat, vermits het huidige indicatieve
samenwerkingsprogramma in 2010 afloopt.
Wat
Rwanda
betreft,
bedraagt
het
indicatief
samenwerkingsprogramma 35 miljoen euro per jaar voor de
periode 2007-2010. Op kruissnelheid zou de hulp aan Rwanda in de
komende jaren circa 45 miljoen euro per jaar bedragen.
Wat de Democratische Republiek Congo aangaat, gebeuren al de
uitgaven van de gouvernementele samenwerking in de Regie. Dat
betekent
dat
de
Belgische
reglementering
inzake
de
overheidsopdrachten
van
toepassing
is.
De
Belgische
ontwikkelingssamenwerking is wel degelijk actief op het vlak van de
capaciteitsversterking van de Congolese overheidsinstanties, maar
zonder dat er een directe transfer van budgetten gaat naar die
instellingen.
Wat Rwanda betreft, wordt er naast het systeem van de Regie ook
gebruikgemaakt van het systeem van het medebeheer, waarbij er
gezamenlijk toezicht wordt gehouden op de aanwending van de
fondsen door de Belgische ontwikkelingssamenwerking aan het
eindpartnerland.
Aan Rwanda wordt ook sectorale begrotingshulp toegekend op het
vlak van onderwijs en gezondheidszorg. Hierbij wordt voor de
uitvoering van de hulpprogramma's gebruikgemaakt van de nationale
systemen van het partnerland en worden systemen qua controle en
monitoring ingebouwd voor de daadwerkelijke opvolging van het
gebruik van de toegestane budgetten.
Voor de RDC rijst deze vraag dus niet. Voor Rwanda wens ik uw
aandacht te richten op het feit dat Nederland alleen de algemene
begrotingshulp aan Rwanda tijdelijk heeft opgeschort. De andere
vormen van ontwikkelingshulp blijven doorlopen, inclusief de sectorale
begrotingshulp.
Zelfs al zou ik daartoe geneigd zijn, kan ik het Nederlandse voorbeeld
niet volgen omdat voor de Belgische ontwikkelingshulp de situatie zich
niet voordoet vermits ons land nooit algemene begrotingshulp heeft
toegekend aan Rwanda.
In verband met het opschorten van hulp vanwege politieke
overwegingen geef ik de voorkeur aan een multilaterale aanpak
boven unilaterale acties. In de Cotonou-akkoorden tussen de EU en
de ACS-landen is daartoe trouwens een procedure vastgelegd. De
procedure begint met een dialoog over politieke pijnpunten. Dat is
artikel 8 van het protocol. Alleen indien die dialoog niet conclusief is,
kunnen hulpsancties worden overwogen. Dat is de toepassing van
artikel 96.
04.02 Charles Michel, ministre:
Les données statistiques relatives
aux aides accordées au Congo et
au Rwanda par notre pays au
cours des cinq dernières années
ne sont pas encore complètes. Je
transmettrai ces chiffres par écrit à
M. Jambon. Les aides que nous
octroierons au Congo à l'avenir ne
peuvent encore être estimées
étant donné que le programme de
coopération expire en 2010. Le
programme de coopération 2007-
2010 avec le Rwanda prévoit une
aide de 35 à 45 millions d'euros
par an.
La réglementation relative aux
marchés publics s'applique à
toutes les dépenses réalisées
dans le cadre de la coopération
gouvernementale avec le Congo.
Nous collaborons au renforcement
des organismes publics congolais
sans leur octroyer d'aides directes.
La même réglementation est
observée en ce qui concerne le
Rwanda. À cela s'ajoute le
système
de
cogestion,
qui
consiste à effectuer un contrôle
commun des fonds que nous
mettons à la disposition de ce
pays. Nous octroyons également
une aide budgétaire sectorielle
pour l'enseignement et les soins
de santé, tout en surveillant
l'affectation de ces budgets au
moyen d'un système de contrôle.
Les Pays-Bas n'ont suspendu
temporairement
que
l'aide
budgétaire générale allouée au
Rwanda, les autres formes d'aide
au développement ­ en ce
compris
l'aide
budgétaire
sectorielle ­ étant poursuivies. La
Belgique n'a quant à elle jamais
accordé au Rwanda une aide
budgétaire générale. En outre, je
préfère
une
approche
multilatérale. Les accords de
Cotonou passés entre l'Union
européenne et les pays ACP
prévoient une procédure de
suspension de l'aide, procédure
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
qui commence par un dialogue
portant sur les écueils politiques.
04.03 Jan Jambon (N-VA): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, in principe volg ik u. U zegt dat u de voorkeur geeft aan het
multilaterale, maar multilateraal staat vaak gelijk met een langer
proces om tot akkoorden en actie te komen. Het Nederlandse
voorbeeld is een korte shocktherapie die de aandacht op het
probleem vestigt. Het ene sluit het andere niet uit. Men kan proberen
om een shock toe te dienen en toch tot multilaterale akkoorden te
komen. Het ene sluit het andere niet uit.
04.03 Jan Jambon (N-VA): Je
comprends tout à fait que le
ministre préfère une approche
multilatérale
mais,
dans
de
nombreuses
situations,
cette
option requiert plus de temps pour
que
les
choses
bougent.
L'approche néerlandaise est une
thérapie de choc qui consiste à
pointer directement du doigt les
problèmes.
Cette
approche
semble porter ses fruits et n'exclut
pas que des accords multilatéraux
puissent être conclus ensuite.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Mevrouw De Maght, we hebben de heer Van der Maelen opgeroepen om zijn vraag te
komen stellen aangezien we u nog niet zagen. Hij moet echter terug naar de commissie voor Financiën.
Mag hij voorgaan?
Mijnheer Van der Maelen, uw vragen nrs. 10752 en 10753 worden omgezet in schriftelijke vragen.
05 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "het
rapport van de EU-missie over het verloop van de verkiezingen in Rwanda in september 2008"
(nr. 11034)
05 Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre de la Coopération au développement sur "le
rapport de la mission de l'UE relatif au déroulement des élections tenues au Rwanda en
septembre 2008" (n° 11034)
05.01 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mevrouw de voorzitter, ik wil
vooreerst collega De Maght bedanken.
Mijnheer de minister, op 26 januari heeft de EU-missie voor de
waarneming van de verkiezingen in Rwanda van september 2008
haar finaal rapport gepresenteerd in Kigali. Dat rapport concludeert
onder andere dat in 76 procent van de geobserveerde
verkiezingsstations de stembussen niet waren verzegeld, dat in
73 procent het bovenste slot van de stembussen niet was verzegeld
na het stemmen en dat het consolidatieproces in 63,9 procent van de
gevallen gebrekkig tot zeer gebrekkig werd uitgevoerd.
Ik zou u graag enkele vragen voorleggen. Ten eerste, hebt u kennis
genomen van het finaal rapport van de EU electoral observation
mission over het verloop van de verkiezingen in Rwanda in
september 2008 dat pas ­ toch wel opmerkelijk ­ op 26 januari 2009
werd gepresenteerd in Kigali?
Ten tweede, hebt u kennis genomen van de weblog van professor
Philippe Reyntjens, specialist in Afrikaans recht en politiek, van
zaterdag 31 januari 2009 met de titel "Rwanda: A fake report on fake
elections"?
Ten derde, bent u bereid de vertegenwoordigers van de EU te vragen
05.01 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Le 26 janvier, la mission
d'observation UE des élections
rwandaises de septembre 2008 a
présenté son rapport final dans
lequel il est mentionné entre
autres que lors de ce scrutin, de
très nombreuses urnes n'ont pas
été scellées au terme des
opérations de vote.
Le ministre est-il informé de
l'existence
de
ce
rapport?
Pourquoi a-t-il été publié si
tardivement et pourquoi a-t-il été
l'objet de si peu d'attention? Le
ministre est-il également informé
de l'existence du weblog du
professeur Reyntjens où celui-ci
affirme que plusieurs observateurs
de l'Union européenne ont eu
connaissance du fait que le Front
Patriotique Rwandais (FPR) a
manipulé les résultats provisoires
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
waarom dit rapport zo laat werd gepubliceerd en met zo'n laag
mediaprofiel? Bent u bereid de Kamer te informeren over het
antwoord?
Ten vierde, professor Reyntjens claimt dat verschillende
verkiezingswaarnemers van de EU-missie op de hoogte waren van
het feit dat de voorlopige uitslag van 98,3 procent ­ weliswaar
gebaseerd op een sample van 24,96 procent van het totaal aantal
stemmen ­ door het Rwanda Patriotic Front te stalinistisch werd
bevonden en om die reden eigenhandig werd omgewisseld naar
78,6 procent voor het RPF, 13,13 procent voor PSD en 7,5 procent
voor het PL? Dit is niet opgenomen in het finale EU-missierapport
maar er zijn toch aanwijzingen dat daar iets van aan is. Is de minister
bereid om uit te zoeken of het waar is wat professor Reyntjens
beweert? Wat vindt de minister van deze gang van zaken? Indien het
waar blijkt te zijn, is de minister dan bereid deze onverkwikkelijke
gang van zaken onmiddellijk aan de orde te stellen bij de EU-collega's
zodat het frauduleuze handelen van de regeringspartij RPF
waarheidsgetrouw wordt geregistreerd?
Ten slotte, is de minister het met mij eens dat het frauduleuze
handelen van de regeringspartij en dus ook van de Rwandese
regering actie vraagt van de Belgische regering en andere donoren?
Welke concrete stappen wil u hieromtrent ondernemen?
de façon à paraître plus crédible?
Le ministre examinera-t-il ce
point? Le fera-t-il inscrire à l'ordre
du jour des réunions européennes
auxquelles il participe? Tous ces
éléments influent-ils sur le soutien
que nous dispensons au Rwanda?
05.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, zoals mijn
collega van Buitenlandse Zaken, minister Karel De Gucht, heb ik eind
januari 2009 kennis kunnen nemen van het eindrapport van de EU-
waarnemersmissie die in september 2008 de Rwandese verkiezingen
heeft waargenomen, onder leiding van de Brit Michael Cashman. De
commentaren van professor Filip Reyntjens op diens blog zijn mij
natuurlijk ook bekend.
Dit eindrapport is meer dan vier maanden na de verkiezingen
verschenen. Dat is inderdaad bijzonder lang. De redenen voor de
vertraging zijn volgens de waarnemers de volgende. Er zijn lange
interne discussies geweest over de thema's die het rapport diende
aan te kaarten. Eind vorig jaar waren er tal van diplomatieke
turbulenties tussen Rwanda en Europa na de aanhouding van Rose
Kabuye door Duitsland, de protocolchef van president Kagame. Dat
heeft ook voor vertraging gezorgd. Voorts had de heer Cashman ook
andere verplichtingen in het kader van de EU-ACP-relaties. De
vertaling naar het Frans heeft eveneens voor extra vertraging
gezorgd. Ik ben de mening toegedaan dat die antwoorden niet
bevredigend zijn.
Het eindrapport onderstreept de problemen die de EU-waarnemers
misschien hebben vastgesteld. Sta mij toe een paar daarvan te
citeren.
05.02 Charles Michel, ministre:
Fin janvier, le ministre De Gucht et
moi-même
avons
pris
connaissance du rapport final de
la mission d'observation de l'UE.
Je suis également informé de
l'existence
du
weblog
du
professeur Reyntjens. Ce rapport
a effectivement été publié très
tardivement. À en croire les
observateurs, cette
publication
très tardive est due aux longues
discussions en interne consacrées
aux thèmes abordés dans le
rapport,
aux
turbulences
diplomatiques provoquées par
l'arrestation de Rose Kabuye par
l'Allemagne, à d'autres obligations
incombant au président de la
mission et à la traduction du
rapport en français. Je juge
personnellement ces explications
insuffisantes.
Les problèmes suivants ont été
constatés dans le rapport final.
"Par conséquent, la consolidation des résultats a été globalement
menée de façon non transparente". Ou encore, "le taux officiel de
participation (98,13%) est anormalement élevé".
Er is melding gemaakt van het feit
dat de resultaten in globo op een
niet-transparante
manier
geconsolideerd zijn of dat de
officiële
participatiegraad
ongewoon hoog is.
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
De akkoorden tussen de EU en de ACP-landen, waaronder Rwanda,
voorzien in een procedure om deze soort van problemen te
bespreken, met name de politieke dialoog omtrent deze problematiek.
Het is dus aan het EU-voorzitterschap om een mandaat te bekomen
om deze gang van zaken te bespreken met de Rwandese partner. Op
het moment dat de donoren nieuwe Rwandese aanvragen krijgen om
de presidentiële verkiezing van 2010 te financieren, is het van belang
dat de conclusies van dit rapport nader worden besproken of
bekeken, in het bijzonder op Europees niveau, om hieruit de nodige
lessen te trekken.
Une procédure a été établie dans
le cadre des accords conclus entre
l'Union européenne et les pays
ACP, afin de discuter de ces
problèmes dans le cadre d'un
dialogue. Il appartient à la
présidence de l'Union européenne
d'obtenir un mandat pour nouer ce
dialogue avec le Rwanda. Lorsque
le Rwanda introduit des nouvelles
demandes de financement pour
les élections présidentielles de
2010 auprès des pays donateurs,
ce rapport doit être examiné au
niveau européen.
05.03 Dirk Van der Maelen (sp.a): Mevrouw de voorzitter, ik stel
vast dat dit inderdaad identiek woord per woord hetzelfde antwoord is
dat werd gegeven door de minister van Buitenlandse Zaken,
vertegenwoordigd door zijn staatssecretaris. Ik ga dus ook dezelfde
repliek geven.
Mijnheer de minister, ik vind persoonlijk dat voor Rwanda dat toch een
concentratieland van België is waar wij heel veel hulp aan geven,
deze soort van gedragingen onaanvaardbaar is. Ik denk dat er tussen
oppositie en meerderheid eensgezindheid is over het feit dat respect
voor basisregels in een democratie ­ verkiezingen zijn toch een
basisprincipe van een democratie ­ bij het organiseren van
verkiezingen het minste is wat men mag verwachten van de landen
aan wie wij zo'n belangrijke steun geven.
Ik stel vast dat België zich verschuilt achter het Europees
voorzitterschap dat in het kader van de ACS-akkoorden die
problematiek ter sprake moet brengen. Ik vrees dat een aantal landen
dit zal weigeren: wij weten dat een aantal landen onvoorwaardelijk
achter het regime in Kigali staat en dat er dus niks van in huis komt. Ik
verwacht wel dat België het been stijf houdt en dat wij geen steun
verlenen als wij geen garanties hebben dat de presidentsverkiezingen
voor 2010 in Rwanda op correcte wijze verlopen.
Tot slot en aansluitend op de vraag van collega Jambon. Het recente
verleden heeft ons geleerd dat het regime in Rwanda alleen harde
taal begrijpt. Kijk naar Nederland, kijk naar Zweden en wat die hebben
gezegd. Wij hebben dan ook moeten vaststellen dat van een weinig
coöperatieve houding inzake Oost-Congo dit land, nadat het deze
soort van signalen heeft gevoeld, een meer coöperatieve houding is
gaan aannemen. Ik wil dus ook een pleidooi houden om onze
klassieke Belgische diplomatie ten aanzien van Rwanda te laten
overgaan van een honingzoete behandeling van het regime naar een
iets scherpere opstelling van België en dit land wijzen, zelfs buiten het
ACS-kader, op het feit dat wij verwachten dat verkiezingen op een
correcte wijze verlopen in dat land.
05.03 Dirk Van der Maelen
(sp.a): Cette réponse est identique
à celle fournie par M. De Gucht. Je
peux donc également formuler la
même réplique.
Notre pays octroie une aide
considérable au Rwanda. J'estime
dès lors que nous pouvons au
moins attendre de ce pays qu'il
respecte les règles de base de la
démocratie.
La Belgique
se
retranche derrière la présidence
européenne qui doit mettre le
problème sur la table. Plusieurs
pays
soutiennent
toutefois
inconditionnellement le régime à
Kigali. Je n'en attends donc pas
grand chose. J'espère que notre
pays
sera
intransigeant
et
demandera des garanties pour un
déroulement correct des élections
en 2010. Il est apparu par le passé
que le régime rwandais ne
comprend
que
les
discours
musclés. Je plaide dès lors pour
que notre pays durcisse sa
position.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "het
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
Belgisch Overlevingsfonds" (nr. 10225)
06 Question de Mme Martine De Maght au ministre de la Coopération au développement sur "le Fonds
belge de survie" (n° 10225)
06.01 Martine De Maght (LDD): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, ik verwijs naar de tussentijdse evaluatie van het Belgisch
Overlevingsfonds, uitgevoerd door ADE. In dat rapport wordt, in
weliswaar bedekte termen ­ zoals gebruikelijk is in dergelijke
rapporten ­ verwezen naar een incongruentie tussen de
doelstellingen van het Fonds en de nieuwe richting die u, mijnheer de
minister, inzake ontwikkelingssamenwerking uitgaat.
Meer bepaald lezen we dat het Belgisch Overlevingsfonds de meest
aangepaste modaliteiten moet vinden om de bovenstaande
doelstellingen, in casu budgethulp, in de nieuwe internationale context
te behalen. De studie geeft dus impliciet een incongruentie aan
tussen beide. Het Belgisch Overlevingsfonds probeert via specifieke
projecten in bepaalde landen de voedselzekerheid van de meest
kwetsbaren te verdedigen. Herinner u, mijnheer de minister, dat wij
wel degelijk vragende partij zijn om projectmatig te gaan werken. Per
definitie is er dus een crowding-outproces tussen directe
begrotingssteun en projectfinanciering, waarvoor wij pleiten en dat
hier als onderwerp van debat kan worden aangehaald, zodat wij
binnen de vandaag geldende regels voor ontwikkelingssamenwerking
toch zouden kunnen overwegen om op een andere manier te gaan
werken dan met directe begrotingssteun.
Nochtans worden vandaag, ongeacht eventuele specifieke projecten,
begrotingsmiddelen ter beschikking gesteld op basis van de goodwill
van de minister.
In dat verband heb ik de volgende vragen.
Hoe bekijkt u die incongruentie, mijnheer de minister? Bent u meer
bepaald van oordeel dat de doelstellingen van het Belgisch
Overlevingsfonds moeten worden herbekeken in het raam van de
toenemende steun voor budgethulp?
Bent u van oordeel dat de huidige manier van toekennen van
begrotingsmiddelen moet worden aangepast en specifiek projectmatig
dient te worden aangepakt, zoals ik daarjuist heb bepleit?
Hoe wordt verantwoord dat er voor beide middelenstromen een
andere manier van werken wordt gehanteerd, terwijl per definitie de
opzet en de fundamentele doelstellingen van beide dezelfde zijn?
06.01 Martine De Maght (LDD):
Le
rapport
d'évaluation
intermédiaire du Fonds belge de
survie
laisse
sous-entendre
l'existence
d'une
discordance
entre les objectifs du Fonds et la
nouvelle orientation prise par le
ministre de la coopération au
développement. Le Fonds belge
de survie s'efforce, par le biais de
projets spécifiques dans certains
pays,
d'assurer
la
sécurité
alimentaire des groupes les plus
vulnérables. En même temps, des
aides budgétaires directes sont
fournies selon le bon vouloir du
ministre.
Le ministre constate-t-il, comme
nous, ce manque de cohérence?
Le Fonds belge de survie doit-il
modifier son approche ou l'aide
budgétaire doit-elle être réorientée
et davantage axée sur les projets?
Fondamentalement,
les
deux
approches visent le même objectif.
Il
conviendrait
dès
lors
d'harmoniser
davantage
la
manière de travailler.
06.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, mevrouw
De Maght, u vraagt of ik voorstander ben van budgethulp in de
context van het Belgisch Overlevingsfonds en suggereert dat er een
incongruentie is tussen mijn mening inzake begrotingssteun en mijn
beleid ten aanzien van het Belgisch Overlevingsfonds.
Ten eerste, het klopt dat de Belgische ontwikkelingssamenwerking in
de lijn van de Verklaring van Parijs en de Accra Agenda voor Actie
steeds vaker financiële hulp toekent die rechtstreeks naar de
nationale begroting van het partnerland gaat. Deze begrotingshulp
geeft
de
regering
van
het
partnerland
een
grotere
beleidsverantwoordelijkheid
in
het
zelf
bepalen
van
de
06.02 Charles Michel, ministre: Il
est exact que la coopération au
développement belge octroie de
plus en plus souvent une aide
financière qui est directement
inscrite au budget national du pays
partenaire. Cette aide budgétaire
responsabilise
davantage
le
gouvernement du pays partenaire.
C'est sur la base de cette
philosophie que je souhaiterais
vérifier comment le FBS peut
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
ontwikkelingsprioriteiten.
Ten tweede, vanuit die filosofie heb ik in de context van de lopende
debatten over een nieuwe wet over het Belgisch Overlevingsfonds
ook voorgesteld dat wordt onderzocht hoe het BOF de gebruikelijke
projectbenadering kan aanvullen met andere hulpmodaliteiten. Dit
voorstel werd gecommuniceerd aan de werkgroep van het Belgisch
Overlevingsfonds.
Ten derde, de gevraagde denkoefening werd gemaakt. Het
uitgangspunt hierbij was dat er geen tegenstelling bestaat tussen de
verschillende hulpmodaliteiten. Voor elke situatie moet de juiste keuze
worden gemaakt en er moet worden gestreefd naar complementariteit
tussen de diverse hulpkanalen.
Uit de discussies bleek dat een projectbenadering voor het Belgisch
Overlevingsfonds het meest aangewezen hulpkanaal blijft. De missie
van het BOF bestaat erin om armoede te bestrijden bij de kwetsbare
groepen in de allerarmste regio's. Algemene begrotingshulp riskeert
aan hun noden voorbij te gaan. Deze redenering wordt expliciet
onderschreven in het evaluatierapport van het BOF.
Dat evaluatierapport stipt ook aan dat een projectbenadering haar
relevantie houdt indien de projecten gericht zijn op de versterking van
de institutionele capaciteiten van lokale publieke of private
organisaties. Een dergelijke institutionele versterking is precies een
kernactiviteit van de BOF-projecten.
Ten vierde, terwijl op een doordachte manier wordt gekozen voor een
projectbenadering, streeft het BOF op verschillende fronten naar
effectievere hulpverlening zoals beoogd in de Verklaring van Parijs en
de Accra Agenda voor Actie. Er zijn onder meer groeiende
inspanningen voor afstemming op nationale strategieën, voor
complementariteit met inspanning van andere donoren, voor
institutionele capaciteitsopbouw.
Er is dus geen incongruentie tussen mijn beleid ten voordele van een
meer
kwalitatieve,
effectieve
en
efficiënte
Belgische
ontwikkelingssamenwerking en de projectbenadering die wordt
gehanteerd door het BOF, wel integendeel.
compléter
l'approche
projet
traditionnelle
par
d'autres
modalités d'aide. Les différents
canaux d'aide doivent avant tout
être complémentaires.
Il ressort des discussions que
l'approche projet reste le canal
d'aide le plus indiqué pour le
Fonds belge de survie. La mission
du FBS consiste à combattre la
pauvreté auprès des groupes
vulnérables dans les régions les
plus pauvres. Une aide budgétaire
générale risque de méconnaître
ces
besoins.
Le
rapport
d'évaluation indique par ailleurs
que l'approche projet est d'autant
plus pertinente que les projets
sont destinés au renforcement des
capacités institutionnelles locales.
Il n'y a donc pas d'incohérence
entre ma politique d'amélioration
de
la
coopération
au
développement
et
l'approche
projet du FBS, bien au contraire.
06.03 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik dank u voor uw antwoord.
Het creëert in elk geval de illusie dat er een incongruentie is
aangezien u, zoals u net zelf hebt gesteld, vandaag werkt op basis
van directe begrotingssteun, terwijl het BOF projectmatig werkt.
Ik hoop dat u mij zult tegenspreken, maar ik begrijp uit uw toelichting
dat u het debat met de parlementsleden niet wilt aangaan om te
bekijken of erover kan worden gedebatteerd of het niet zinvol zou zijn
om
de
budgetten
die
ter
beschikking
zijn
voor
ontwikkelingssamenwerking projectmatig te verstrekken in plaats van
de grote sommen ter beschikking te stellen zonder dat u daarop de
controle hebt die u bij een projectmatige aanpak wel hebt. Dat is dan
echter al het debat, en dat zal ik vandaag niet voeren.
Ik had graag van u vernomen of u ervoor open staat dat debat ten
06.03 Martine De Maght (LDD):
Après avoir entendu la réponse
ministérielle, je reste sur une
impression de discordance, le
ministre travaillant sur la base
d'une aide budgétaire directe et le
FBS menant une action planifiée.
J'ai aussi le sentiment que le
ministre ne veut pas engager le
débat avec les parlementaires.
Toutefois, lorsqu'un ministre met
de grosses sommes d'argent à
disposition, il est normal que le
parlement puisse exercer un
contrôle
sur
cette
dépense
substantielle. C'est précisément
en cela qu'une approche planifiée
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
gronde aan te gaan.
est
avantageuse.
Quand
débatterons-nous enfin de ces
questions?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
07 Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
toekenning van algemene begrotingssteun en schendingen van de mensenrechten" (nr. 10338)
07 Question de Mme Martine De Maght au ministre de la Coopération au développement sur "l'octroi
d'une aide budgétaire globale et les violations des droits de l'homme" (n° 10338)
07.01 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, op 9 en 10 april werd in Brussel de tweede gemengde
commissie tussen België en Mozambique gehouden. Tijdens deze
tweedaagse werd onder meer beslist om 12 miljoen directe
budgetsteun aan Mozambique te verlenen. Deze vorm van Belgische
steun past in de algemene beleidsvisie van de minister. Toch zijn niet
alle waarnemers overtuigd van de effectiviteit van deze vorm van
ontwikkelingssamenwerking. Dat is opnieuw hetzelfde verhaal.
De Inspectie Ontwikkelingssamenwerking en Beleidsevaluatie bepleit
een grote terughoudendheid bij het verlenen van een algemene
begrotingssteun bij de schending van mensenrechten. De Belgische
ontwikkelingssamenwerking is specifiek gericht op de regio van de
Grote Meren, landen, zoals de DRC, die volgens kritische rapporten
van de VN niet altijd de mensenrechten respecteren.
Zal de minister bij de toekenning van begrotingssteun, zoals het
verslag van IOB aangeeft, rekening houden met het feit of de landen
al dan niet de mensenrechten respecteren?
07.01 Martine De Maght (LDD):
Lors de la deuxième réunion de la
commission
mixte
entre
la
Belgique et le Mozambique, il a
été décidé d'octroyer 12 millions
d'aide budgétaire directe au
Mozambique.
Cette
décision
s'inscrit dans le cadre de la
politique générale du ministre.
Chacun n'est pas convaincu de
l'efficacité de cette forme de
coopération au développement.
L'Inspection de la Coopération au
développement et de l'Évaluation
de la politique préconise une
grande réserve dans l'octroi d'une
aide budgétaire générale aux pays
où le respect des droits de
l'homme ne figure pas au rang des
priorités. Notre coopération au
développement est principalement
axée sur les pays de la région des
Grands Lacs qui, selon les
rapports critiques des Nations
Unies, ne respectent pas toujours
les droits de l'homme.
Le ministre tiendra-t-il compte, lors
de l'octroi d'une aide budgétaire,
du respect des droits de l'homme
par les pays concernés?
07.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, mevrouw De
Maght, in mijn beleid ga ik er inderdaad van uit dat het aandeel van de
begrotingshulp de volgende jaren zal stijgen. In de lijn van de
verklaring van Parijs heeft de begrotingshulp immers een aantal
voordelen.
Ten eerste wordt de hulp volledig ingeschreven in het beleid van het
partnerland en dus wordt de verantwoordelijkheid en het ownership
van de overheid aangemoedigd.
Ten tweede maakt begrotingshulp gebruik van de nationale
begrotingssystemen en staat de overheid dus onder druk om het
eigen beheer te verbeteren.
07.02 Charles Michel, ministre:
Je suppose en effet que la part de
l'aide budgétaire augmentera dans
les prochaines années. L'aide
budgétaire présente effectivement
des avantages qui s'inscrivent
dans la droite ligne de la
Déclaration de Paris, ce qui ne
signifie toutefois pas qu'il faille la
généraliser. C'est pourquoi j'ai
prévu des limites. Un équilibre
entre les différents instruments de
coopération est recherché dans
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
Dit betekent echter niet dat de begrotingshulp moet worden
veralgemeend. In mijn beleid heb ik twee beperkingen ingebouwd.
Ten eerste komen niet alle landen voor deze modaliteiten in
aanmerking. De landenprogramma's moeten aan een aantal
voorwaarden beantwoorden.
Ten tweede stel ik voorop dat in de totale enveloppe die de Belgische
ontwikkelingssamenwerking voor een partnerland uittrekt dat de
begrotingshulp nooit meer dan 50 procent van het totale budget mag
bedragen. Ik heb het dan wel over de bilaterale samenwerking.
In elk land wordt gezocht naar een evenwicht tussen de verschillende
instrumenten van samenwerking.
De derde beleidskeuze die ik heb gemaakt is dat België zich
hoofdzakelijk gaat toeleggen op sectorale begrotingshulp. België is
een donor met veel technische ervaring in sectoren. Met deze kennis
kunnen we een waardevolle bijdrage leveren aan de beleidsdialoog op
sectoraal niveau. België zal dan ook slechts uitzonderlijk algemene
begrotingshulp vrijmaken. Op dit moment is Mozambique het enige
land waar dat gebeurt.
De criteria die momenteel worden gebruikt om na te gaan of een
partnerland in aanmerking komt voor begrotingshulp zijn de volgende.
Ten eerste, kan er worden samengewerkt met andere donors? De
Belgische ontwikkelingssamenwerking zal nooit als enige in een
programma van begrotingshulp stappen.
Ten tweede, heeft het land een gezond macro-economisch beleid?
De beoordeling daarvan is gebaseerd op de IMF-rapportering over de
partnerlanden.
Ten derde, voldoet het land aan minimale kwaliteitsvereisten op het
vlak van het beheer van de overheidssector. Om dat te beoordelen
wordt vooral gebruikgemaakt van twee soorten studies: de CPIA of
Country Performance and Institutional Assessment van de
Wereldbank en de PEFA, the Public Expenditure and Financial
Accountability Studies.
Dat is een gedetailleerde diagnose van alle stappen in het beheer van
een begroting.
Een vierde voorwaarde, een vierde punt, is de vraag of er voldoende
vertrouwen is tussen de donors en de partneroverheid om een
constructieve dialoog over het beleid in een sector te kunnen voeren.
Welnu, begrotingshulp is maar mogelijk indien een overheid geregeld
rapporteert over programma's, die programma's geregeld evalueert,
en dat over al die verslagen met de donors geregeld wordt overlegd.
De kwaliteit van de rechtsstaat is dus zeer zeker een van de
voorwaarden die wordt geëvalueerd om te beslissen of een land in
aanmerking komt voor begrotingshulp.
Ten slotte, het respect voor de mensenrechten is overigens een
belangrijk onderdeel van de relaties met al onze partnerlanden, en dat
niet alleen in het raam van dossiers voor begrotingshulp. Ik rapporteer
chaque pays.
La Belgique se concentrera
principalement
sur
l'aide
budgétaire
sectorielle.
Notre
expérience technique pourra ainsi
être exploitée au maximum. L'aide
budgétaire générale ne sera
octroyée que dans des cas
exceptionnels. Pour l'heure, le
Mozambique est le seul pays à
bénéficier d'une telle aide.
Les critères utilisés pour vérifier si
un pays partenaire entre en ligne
de compte pour une aide
budgétaire sont les suivants. Une
coopération avec d'autres pays
donateurs est-elle possible? Le
pays mène-t-il une politique
macroéconomique
saine?
Répond-il aux exigences de
qualité minimales en matière de
gestion du secteur public?
L'aide budgétaire n'est possible
que si les autorités publient
régulièrement des rapports sur les
programmes, qu'elles les évaluent
régulièrement et qu'elles se
concertent régulièrement avec les
donateurs. La qualité de l'État de
droit est donc très certainement
l'un des critères qui permet de
décider si un pays entre en ligne
de compte pour l'aide budgétaire.
Le respect des droits de l'homme
est un élément important des
relations avec tous nos pays
partenaires. Chaque année, je
publie également un rapport sur la
situation des droits de l'homme
dans chacun des pays partenaires
de
la
coopération
bilatérale
directe. En outre, la Belgique est
activement associée au dialogue
politique dans le cadre de la
convention de Cotonou. En vertu
de l'article 8 de cette convention,
l'UE se concerte régulièrement
avec chaque pays partenaire,
notamment sur les droits de
l'homme.
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
jaarlijks trouwens over de mensenrechtensituaties in elk van de
partnerlanden van de directe bilaterale samenwerking.
Bovendien is België actief betrokken bij de politieke dialoog in het
raam van de Cotonou-conventie. In navolging van artikel 8 van die
conventie, heeft de EU in elk partnerland geregeld overleg, onder
meer over het respect voor mensenrechten.
07.03 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de minister, ik heb met
zeer veel aandacht naar uw toelichting geluisterd en ik ben zeer blij
dat u bij de toewijzing van de begrotingssteun zeker ook oog hebt
voor de mensenrechten. Uw antwoord voldoet mij.
07.03 Martine De Maght (LDD):
Je me réjouis de constater que
dans le cadre de l'attribution d'une
aide budgétaire, on n'oublie pas la
question des droits de l'homme.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
campagne van de ngo Vredeseilanden" (nr. 10389)
08 Question de Mme Martine De Maght au ministre de la Coopération au développement sur "la
campagne de l'ONG Vredeseilanden" (n° 10389)
08.01 Martine De Maght (LDD): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, deze vraag is ondertussen reeds een beetje gedateerd, want
ik verwees op 22 januari naar vorige week, maar het is ondertussen
reeds langer dan een week geleden. Toen vond de driedaagse
campagne van Vredeseilanden plaats. Dit is een ngo die heel wat
federale subsidies ontvangt.
Merkwaardig is de keuze van Vredeseilanden dit jaar voor Nicaragua.
Nochtans heeft deze sandinistische regering ervoor gezorgd dat de
verkiezingen einde 2008 niet reglementair verliepen. De hoge
kiesraad sloot twee oppositiepartijen uit van deelname aan de
verkiezingen. Internationale en nationale waarnemers kregen niet de
kans het verloop van de verkiezingen te volgen. Nederland heeft
hiervoor een zeer concrete maatregel genomen, namelijk het
stopzetten van de financiële steun aan dit land.
Mijnheer de minister, graag had ik van u dan ook het volgende
vernomen.
Zal er vanwege de Belgische regering een signaal worden gegeven
dat dit initiatief niet wordt ondersteund?
Hoe kan u controle uitoefenen op de ngo's opdat ze landen
ondersteunen die de mensenrechten respecteren en alle handelingen
democratisch verlopen? Het antwoord over de mensenrechten heb ik
daarnet gekregen.
Wanneer zullen de evaluatierapporten in het kader van de
openbaarheid van bestuur ter beschikking worden gesteld van de
parlementsleden?
Bent u bereid de discussie aan te gaan met de parlementsleden om
een projectmatige federale subsidie toe te kennen aan de ngo's? Dit
moet de controle van de bestemming van de subsidies toelaten en
leidt tot een efficiënter beleid.
08.01 Martine De Maght (LDD):
Cette année, l'ONG Iles de Paix a
choisi le Nicaragua pour sa
campagne annuelle. Fin 2008, le
gouvernement sandiniste avait
cependant
empêché
le
déroulement normal des élections.
Pour cette raison, les Pays-Bas
sont allés jusqu'à suspendre leur
aide financière à ce pays.
Le gouvernement belge va-t-il leur
emboîter le pas? Comment veiller
à ce que les ONG soutiennent des
pays respectueux des droits de
l'homme et de la démocratie?
Comment contrôle-t-on par ailleurs
la transparence des opérations
des
ONG?
Quand
les
parlementaires recevront-ils les
rapports d'évaluation des ONG
prévus dans le cadre de la
publicité de l'administration? Le
ministre est-il prêt à attribuer des
subsides fédéraux aux ONG sur la
base de projets? L'affectation des
subsides
serait
ainsi
mieux
contrôlée.
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
08.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, de keuze van
de campagnethema's valt onder de autonomie van de ngo's. De
administratie geeft advies op grond van meer algemene criteria, zoals
bijvoorbeeld de relevantie voor de ontwikkeling, coherentie enzovoort.
De keuze van de ngo Vredeseilanden om haar informatie- en
fondsenwervingscampagne te richten op een bepaald land, in casu
Nicaragua, valt onder haar verantwoordelijkheid.
De keuze om alleen die landen waar de mensenrechten worden
gerespecteerd en waarvan de regering getuigt van respect voor de
democratie te ondersteunen, is betwistbaar. De versterking via
Belgische ngo's van de burgermaatschappij van landen waarvan de
regering geen respect heeft voor de mensenrechten en de democratie
kan net een gunstig effect hebben, door druk uit te oefenen in de
gewenste zin. Over het algemeen ondersteunen de ngo's geen landen
maar de burgermaatschappij in ruime zin.
Voor uw vraag over de publicatie van de evaluatierapporten van de
ngo's verwijs ik naar mijn antwoord op uw vraag over dat onderwerp.
De huidige wetgeving stelt ngo's die genieten van een programma-
erkenning in staat om programma's voor een periode van drie jaar in
te dienen. Daartoe moeten zij een screening ondergaan waarbij ze
worden geëvalueerd op basis van verschillende aspecten, waaronder
hun systeem van interne controle.
De driejarige programma's zijn gericht op verschillende, specifieke,
coherente doelstellingen en houden vaak talrijke acties in, in
verschillende
landen,
alsook
acties
op
het
vlak
van
ontwikkelingseducaties in België.
Die aanpak heeft verschillende voordelen, namelijk een strategie op
lange termijn, grotere projecten, een betere coherentie tussen de
acties, administratieve en financiële opvolging, enzovoort.
Bovendien is deze aanpak gericht op een betere overeenstemming
met de nieuwe hulpparadigma's van de internationale samenwerking
betreffende de doeltreffendheid van de officiële ontwikkelingshulp en
de administratieve en financiële vereenvoudiging die absoluut
noodzakelijk is opdat de ngo's en hun lokale partners, alsook de
administratie hun rol naar behoren kunnen vervullen.
De andere ngo's die geen programma-erkenning genieten, mogen
projecten indienen met een looptijd van maximum twee jaar, die zich
richten op een specifieke doelstelling. De controle op de bestemming
van de publieke fondsen verloopt op gelijkaardige wijze. De
benadering "project" lijkt mij niet meer zekerheid te bieden dan de
benadering "programma" met betrekking tot de controle op de
bestemming van de Belgische publieke fondsen en hun doeltreffende
aanwending.
08.02 Charles Michel, ministre:
Les ONG décident en parfaite
autonomie des thèmes de leurs
campagnes.
L'avis
de
l'administration ne repose que sur
des critères plus généraux tels
que
la
pertinence pour
le
développement, la cohérence, etc.
Le choix de l'ONG Iles de Paix
d'axer sa campagne sur le
Nicaragua relève de sa seule
responsabilité.
Il est difficile de n'aider que les
pays respectant les droits de
l'homme et la démocratie. Dans
des pays où la situation est loin
d'être idéale, le soutien apporté à
la société civile peut précisément
faire avancer les droits de
l'homme et la démocratie.
Les
ONG
bénéficiant
d'un
agrément de leurs programmes
peuvent
introduire
des
programmes pour une période de
trois ans. Pour obtenir cet
agrément, elles doivent subir une
enquête
approfondie,
incluant
également une analyse minutieuse
de leur système de contrôle
interne.
Les programmes triennaux ont
l'avantage de permettre une
stratégie à plus long terme ainsi
qu'une meilleure cohérence entre
les actions. Ils sont par ailleurs
conformes aux nouveaux mots
clés
de
la
coopération
internationale:
efficacité
et
simplification administrative et
financière.
Les ONG qui ne bénéficient pas
de
l'agrément
«programmes»
peuvent introduire des projets
d'une durée maximale de deux
ans et axés sur un objectif
spécifique.
Le
contrôle
de
l'utilisation des fonds publics
s'effectue toutefois de façon
similaire.
08.03 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de minister, u had mij
daarnet helemaal overtuigd dat u in uw beleid heel veel oog hebt voor
mensenrechten. Toch bevestigt u nu, dat als u federale steun aan
ngo's geeft die programma's indienen voor drie jaar, u de
08.03 Martine De Maght (LDD): Il
y a quelques minutes à peine, le
ministre m'avait convaincu que les
droits de l'homme occupaient une
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
verantwoordelijkheid niet wenst te nemen voor het project waaraan ze
het federale geld willen besteden. Het kan voor u dus wel dat via die
ngo's landen worden ondersteund die zich niet houden aan de
afspraken die u voor uzelf wel hanteert om rechtstreekse subsidies te
geven.
Ik betreur dat zeer, want u had mij daarnet bijna overtuigd. Nu spreekt
u zichzelf tegen. Ik vind dat zeer jammer. Op die manier kunnen wij
inderdaad geen controle hebben op wat binnen die drie jaar met de
federale overheidssteun gebeurt.
large place dans sa politique. Mais
à présent, il fait supporter aux
ONG l'entière responsabilité de
l'utilisation des deniers publics. Ce
faisant, il soutient peut-être des
pays qui ne satisfont pas aux
critères de l'aide directe. Je trouve
cela dommage.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van mevrouw Martine De Maght aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
publicatie van evaluatierapporten van ngo's" (nr. 10326)
09 Question de Mme Martine De Maght au ministre de la Coopération au développement sur "la
publication des rapports d'évaluation d'ONG" (n° 10326)
09.01 Martine De Maght (LDD): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, de huidige techniek staat voor niets. Wij mochten als bij een
heel groot toeval een niet zo positieve e-mail ontvangen.
Ik weet niet of het nuttig is dat ik hier lezing geef van de e-mail. Ik wil
dat met veel plezier doen, maar ik wil anders ook gewoon zeggen
waarover het gaat. Het betreft een mail van de directeur van
Coprogram,
een
vzw
die
zich
bezighoudt
met
ontwikkelingssamenwerking.
Zij hebben een mail onderschept die vanuit Do(n)ordacht circuleerde.
Daarin wordt bevestigd dat door collega Vautmans zaken worden
opgepikt die zij zou vertalen in mondelinge vragen aan de minister. Er
wordt in de mail expliciet gevraagd wat ze daarmee moeten doen en
hoe mevrouw Vautmans moet worden aangepakt.
Mijnheer de minister, er wordt ook een aantal feiten aangehaald. Het
meest frappante vond ik dat er contacten zijn geweest met uw
kabinet. Daaruit mag een aantal conclusies worden getrokken.
Ik heb enkele vragen. Als u dat wenst, kan ik lezing geven van de e-
mail. Mijnheer de minister, hebt u weet van de mail van de heer
Cottenie? Werd die al of niet verstuurd? Indien dit het geval is, stel ik
ernstige vragen bij deze manier van werken. In de e-mail wordt
immers een collega-parlementslid en tevens voorzitter van deze
commissie op een onverholen manier aangepakt. Ik vind de manier
waarop dit hier naar voren wordt gebracht niet correct.
Ten gronde wens ik een duidelijk standpunt inzake de
evaluatierapporten over de ngo's. Wanneer mogen we deze
verwachten? Indien u deze niet wil overhandigen aan het Parlement,
zoals de mail laat uitschijnen, kunt u dat bevestigen?
09.01 Martine De Maght (LDD):
Do(n)ordacht, une asbl active
dans le domaine de la coopération
au développement, a intercepté un
courrier
électronique
de
M.
Cottenie,
le
directeur
de
Copogram, la fédération flamande
des
ONG,
qui
demandait
explicitement quelle attitude il
convenait d'adopter à l'égard de
Mme Vautmans concernant une
question orale qu'elle se proposait
de poser. Il semble qu'il y ait
également eu des contacts à ce
sujet avec le cabinet du ministre.
Le ministre a-t-il connaissance de
ce
courrier
électronique?
Comment
explique-t-il
cette
attitude, que je juge incorrecte?
Que
pense-t-il des
rapports
d'évaluation sur les ONG? Est-il
exact qu'il ne souhaite pas
communiquer ces documents au
Parlement, ainsi qu'il est dit dans
le courrier électronique?
09.02 Minister Charles Michel: Mevrouw de voorzitter, mevrouw
De Maght, ik wil erop wijzen dat de afzender van de e-mail die u mij
ter kennis heeft gebracht deze e-mail niet aan mij heeft gericht en mij
deze ook niet in kopie heeft bezorgd.
Ik kan de inhoud ervan, de identiteit van de afzender noch de
09.02 Charles Michel, ministre:
Je n'ai jamais reçu ce courrier
électronique
qui
m'a
été
communiqué par Mme De Maght.
Je ne puis dès lors pas vérifier
l'identité de l'expéditeur ni celle du
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
ontvanger dus niet voor echt verklaren. Ik kan mij bijgevolg niet
uitspreken over de inhoud ervan.
Uw tweede vraag betreft de documenten die werden opgevraagd door
mevrouw Vautmans. Ik wil eerst en vooral verduidelijken dat het niet
gaat om evaluatierapporten, maar om ex-postbeoordelingsrapporten
van actieplannen voor de komende jaren. De actieplannen ingediend
door ngo's werden door verschillende personen van mijn
administratie, alsook door een of meer onafhankelijke experts gelezen
en becommentarieerd op grond van precieze criteria.
Die commentaren werden samengevat in de beoordelingsfiches en
vormen zo een eerste advies van de administratie. Vervolgens
werden de fiches naar de ngo's gestuurd als basis voor een discussie
met de ngo's. Tijdens die vergadering hebben de ngo's de
mogelijkheid om bijkomende informatie te geven en kunnen nieuwe
vragen worden gesteld. Een pv met de overeenkomsten en
geschilpunten wordt ondertekend. Het is na deze ganse procedure dat
de administratie een voorstel doet. De beoordelingsfiche is dus een
van de documenten die worden gebruikt door de administratie om de
dossiers van ngo's te beoordelen. Het is geen samenvatting van het
geheel van de beoordelingsprocedure noch van de conclusies ervan.
Als u kennis wil nemen van ex post evaluaties van de projecten van
ngo's en van de resultaten die dank zij de cofinanciering werden
gerealiseerd nodig ik u uit om een database beschikbaar op het
internet te raadplegen. Ik zal u de referenties geven. Hier vindt u de
evaluaties per organisatie op datum, per land, op sleutelwoord
enzovoort. Er is dus 100 procent transparantie wat dat betreft.
Ten vierde, wat het ter beschikking stellen van de beoordelingsfiche
van de administratie aan het Parlement betreft bevestigt mijn
juridische dienst dat deze documenten ondernemingsgegevens
bevatten beschermd door artikel 6, §1, van de wet van 11 juli 1994
betreffende de openbaarheid van bestuur. Ze kunnen dus volgens de
juridische dienst slechts worden bezorgd als elke ngo daarvoor
toestemming geeft.
Daarom heb ik op 19 januari 2009 een brief gestuurd naar de
9 betrokken ngo's om hun toestemming te vragen om de gevraagde
documenten aan de volksvertegenwoordigers te bezorgen. Ik heb
twee dagen geleden van de koepelorganisatie, niet van de ngo's zelf,
een negatief antwoord ontvangen. Ik kan u dus gelet op de wet op de
openbaarheid van bestuur en vooral op de interpretatie van deze wet
door mijn juridische dienst deze gegevens niet bezorgen. Ik
onderzoek nu met mijn diensten hoe dit verder moet.
destinataire, ni me prononcer au
sujet de ce document.
Les documents demandés par
Mme Vautmans ne sont pas les
rapports d'évaluation mais les
rapports d'appréciation ex post
relatifs à des plans d'actions pour
les années à venir. Les plans
d'action des ONG sont évalués
par mon administration et par des
experts indépendants sur la base
de critères précis. Ces évaluations
sont synthétisées sous la forme de
fiches qui constituent un premier
avis pour l'administration. Ces
fiches servent ensuite de base aux
discussions avec les ONG qui
peuvent poser des questions ou
fournir
des
informations
complémentaires. Enfin, un PV
comportant des accords et des
points de discussion est signé. A
l'issue
de
cette
procédure,
l'administration se prononce sur
les dossiers des ONG et ces
évaluations sont publiées sur
l'internet.
Les fiches d'appréciation de
l'administration contiennent des
données d'entreprise protégées et
ne peuvent être communiquées
qu'après approbation de l'ONG. Le
19 janvier 2009, j'ai demandé
cette autorisation dans une lettre
adressée
au
neuf
ONG
concernées. J'ai reçu il y a deux
jours une réponse négative de
l'organisation faîtière. J'examine à
présent avec mes services les
démarches à entreprendre.
09.03 Martine De Maght (LDD): Mijnheer de minister, ik herinner mij
dat ik toen ik hier nieuw was ook om evaluatierapporten heb
gevraagd. Ik was toen zeer opgetogen dat u toezegde dat die ter
beschikking zouden worden gesteld. Vandaag worden wij blijkbaar
met een probleem geconfronteerd en is het niet mogelijk om dat af te
dwingen. Zij moeten hun toestemming geven. U mag zeker op onze
steun rekenen indien er wijzigingen moeten worden aangebracht aan
de vigerende wetgeving om mogelijk te maken dat wij inzage kunnen
krijgen van de stukken die nodig zijn om een correcte beoordeling te
maken. Daarvoor dus zeker en vast mijn dank.
U hebt bij het begin van uw toelichting gezegd dat u geen weet had
09.03 Martine De Maght (LDD):
Le ministre m'avait promis par le
passé
que
les
rapports
d'évaluation
seraient
mis
à
disposition.
Or,
il
apparaît
aujourd'hui que ce n'est pas
possible d'un point de vue
juridique. Nous soutiendrons le
ministre s'il entend modifier la
législation, afin que nous puissions
tout
de
même
prendre
connaissance des documents en
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
van de e-mail zoals die werd geciteerd. Daarin wordt echter iemand
van uw kabinet genoemd die naar het schijnt zeer specifiek zou
hebben gezegd dat u niet bereid was om de betrokken ngo's te gaan
forceren om die informatie ter beschikking te stellen. U ontkent dat nu,
waarvoor mijn dank. We zijn dus in blijde verwachting.
Président: Georges Dallemagne.
Voorzitter: Georges Dallemagne.
question.
Dans le courrier électronique, il est
question d'un membre du cabinet
du ministre qui aurait affirmé que
le ministre n'était pas disposé à
forcer les ONG à mettre cette
information à disposition. Le
ministre réfute à présent ceci.
J'espère que nous pourrons tout
de même en fin de compte
disposer de ces informations.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
10 Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
evaluaties van de actieplannen van de ngo's" (nr. 11235)
10 Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de la Coopération au développement sur
"l'évaluation des plans d'action des ONG" (n° 11235)
10.01 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de minister, u hebt al
voor een stuk geantwoord op mijn vragen, maar ik heb toch een
aantal bijkomende vragen. Mevrouw De Maght, ik dank u omdat u het
voor mij hebt opgenomen in uw vraag. Het is inderdaad niet leuk om
op die manier genoemd te worden in een e-mail.
Mijnheer de minister, wat is mijn bekommernis?
Ten eerste, transparantie over de wijze waarop het overheidsgeld
wordt toebedeeld, zowel in de directe bilaterale, als in de indirecte, als
in de multilaterale hulp. Hier gaat het over de indirecte hulp.
Ten tweede, wat is de efficiëntie van onze hulp? Hoe gaan de ngo's
met de hen toebedeelde middelen om?
Dat zijn twee verschillende zaken waarvoor ik bekommerd ben. Om
het eerste aspect, overheidsgeld dat naar de ngo's gaat, te kunnen
beoordelen, heb ik natuurlijk inzage nodig in de wijze waarop de ngo's
worden beoordeeld. Ik heb met hen discussies gevoerd. Ik beticht
niemand van iets. Ik weet heel goed dat dit heel secuur gebeurt en dat
de meeste ngo's, de administratie en uw kabinet daarmee heel
zorgvuldig omgaan. Wanneer de ngo een actieplan binnenbrengt om
aan geld te geraken, dan wordt dat beoordeeld. Het gaat over die
beoordeling. Het gaat dus eigenlijk helemaal niet over de evaluatie
van de werkzaamheden van een ngo, maar het gaat erom te kunnen
kijken hoe een ngo nu overheidsgeld krijgt.
Dat is eigenlijk een evaluatie ex ante, niet ex post, want de ngo moet
eigenlijk nog beginnen. Ik weet niet wanneer ik daarover voor de
eerste keer een vraag heb gesteld, maar ik meen dat het zeker langer
dan een jaar geleden is. U hebt toen gezegd dat er inderdaad
ondernemingsgegevens inzitten. U zegt dat ook nu weer. Zij willen
eigenlijk niet dat wij het bekendmaken, maar ik deel uw bekommernis.
Wat is mijn bekommernis? Wil ik die evaluaties per se lezen? Ik meen
dat door de evaluaties niet bekend te maken de indruk wordt gewekt
dat er iets fout is. Ik ben net een aanhanger van
ontwikkelingssamenwerking.
Ik
pleit
voor
meer
10.01 Hilde Vautmans (Open
Vld): J'aimerais poser quelques
questions supplémentaires. Ce
courrier électronique m'a aussi
étonnée. S'agissant de l'utilisation
des deniers publics, je suis très
attachée
à
la transparence.
J'aimerais aussi savoir si les ONG
utilisent à bon escient leurs
moyens financiers. Loin de moi
l'idée d'accuser qui que ce soit et
je sais que la majorité des ONG,
l'administration et le cabinet du
ministre ne font pas n'importe quoi
avec ces ressources, tant s'en
faut. Chaque plan d'action des
ONG est l'objet d'une évaluation
préalable et c'est sur ce point que
porte
ma
demande
de
consultation, pas sur l'évaluation
ultérieure des activités des ONG.
Ma première question dans ce
sens remonte à plus d'un an déjà.
Le ministre répond à présent que
les données d'entreprise qui
figurent dans ces évaluations sont
classifiées. Toutefois, leur non-
publication
donne
à
penser
qu'elles ne sont pas à l'abri de
toute critique. Je prône moi-même
un
accroissement
de
la
coopération au développement et
une augmentation des budgets qui
y sont alloués. Je veux pouvoir
démontrer que tout a été fait dans
les règles de l'art. Le site
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
ontwikkelingssamenwerking. Ik pleit voor een verhoging van de
budgetten. Ik wil dus niet dat de indruk ontstaat dat er slecht werk
wordt geleverd. Ik wil namelijk dat men door de bekendmaking ervan
toont dat alles goed loopt. Door het niet bekend te maken, is er
sowieso een zweem dat er iets fout is. Dat wil ik vermijden.
Zij staan het nu niet toe. U zegt dat u zult kijken hoe het verder moet.
Mijnheer de minister, u hebt de website niet genoemd, maar ik hoop
dat het over dezelfde website gaat, namelijk www.ngo-openboek.be.
Ik ben daarop ook wel eens gaan kijken. Men ziet daarop inderdaad
heel wat zaken staan, maar ik denk dat wij beter de communicatie in
de hand houden en openbaar maken. Ik hoop dat u een inspanning
zult doen om het Belgische publiek te informeren. Vergeet niet dat er
een financiële crisis aan de gang is. Er is een groot debat gaande
over overheidsgeld. Er zal ook druk komen van de publieke opinie op
de middelen die naar ontwikkelingssamenwerking gaan. Wij moeten
ons daarvan bewust zijn en wij moeten ons daarvoor behoeden. Ik
ben een pleitbezorger voor de verhoging van het budget. U mag dat
gerust weten.
Het tweede punt van mijn bekommernis is de manier waarop zij
daarmee omgaan. Wat is de efficiëntie? Vroeger stond er in de
wetgeving dat zij 1 procent moesten gebruiken voor de evaluatie van
een project. Dat is er ondertussen uit. Hoe gaan wij de ngo's ertoe
aanzetten om hun acties zelf kritisch te evalueren? Wat is er gebeurd
met de aanbevelingen uit de vroeger gemaakte zelfevaluaties van de
ngo's? Welke lessen werden er daaruit getrokken?
www.ong-livreouvert.be comporte
effectivement
quantité
d'informations
mais,
à
mon
estime, il est préférable de
communiquer ouvertement et de
tout divulguer. La crise financière
risque d'obérer le budget de la
coopération au développement et
nous serons dès lors appelés à
devoir nous justifier.
Jadis, la loi prévoyait que les ONG
devaient consacrer à l'évaluation
des projets 1 % des montants
octroyés. Depuis, cette législation
a été abrogée. Comment allons-
nous inciter les ONG à soumettre
elles-mêmes leurs actions à une
évaluation critique? Quelle suite a
été
réservée
à
ces
auto-
évaluations dans le passé? Des
enseignements en ont-ils été
tirés?
10.02 Minister Charles Michel: Mijnheer de voorzitter, ik vermeld nog
enkele bijkomende elementen.
Ik deel de wil van de spreker om tot meer transparantie te komen. Het
gaat om publiek geld en de prijs-kwaliteitverhouding is zeer belangrijk
in mijn beleid, dat weet u. Daarom heb ik enkele weken na het
aantreden van de nieuwe regering het initiatief genomen tot meer
transparantie te komen via de publicatie op internet van alle financiële
beslissingen inzake ontwikkelingssamenwerking.
U trok mijn aandacht op de problematiek van deze rapporten. Ik heb
onmiddellijk geantwoord dat ik beschikbaar was om de rapporten aan
het Parlement te geven. Ik ben natuurlijk ­ dat is mijn
verantwoordelijkheid ­ met mijn juridische diensten nagegaan wat
mogelijk was. Het gaat immers formeel niet om definitieve
administratieve documenten, en er is natuurlijk een wetgeving die ik
moet respecteren. Ik stel vast dat de interpretatie ­ dat is belangrijk ­
van de wet door mijn juridische diensten luidt dat de toestemming van
de ngo's daarvoor noodzakelijk zou zijn.
Ik ben de juridische diensten van mijn administratie gevolgd en ik heb
het initiatief genomen, begin dit jaar, om aan die negen ngo's
toestemming te vragen. Ik kan vandaag alleen vaststellen dat de
koepel twee dagen geleden heeft verklaard dat de ngo's niet akkoord
gingen met mijn voorstel de rapporten te publiceren of ze zelfs ter
beschikking te stellen van het Parlement.
Ik zal zeer concreet in de loop van de volgende dagen of weken met
mijn administratie verder nagaan, desgevallend met de hulp van
extern juridisch advies, hoe het mogelijk is tot meer transparantie te
10.02 Charles Michel, ministre:
Je plaide également en faveur
d'une plus grande transparence,
car il s'agit de l'argent du
contribuable.
J'accorde
aussi
beaucoup d'importance à un bon
rapport qualité-prix. C'est pourquoi
j'ai commencé à publier sur
l'internet,
quelques
semaines
après l'installation du nouveau
gouvernement,
toutes
les
décisions financières en matière
de coopération au développement.
J'ai
répondu,
immédiatement
après que Mme Vautmans m'avait
interrogé pour la première fois,
que j'étais disposé à transmettre
tous les rapports au Parlement. Je
dois évidemment respecter la
législation. Selon l'interprétation
des services juridiques, l'accord
des ONG est indispensable. C'est
pourquoi j'ai demandé l'accord des
neuf ONG. L'organisation faîtière
m'a fait savoir, il y a deux jours,
que les ONG n'avaient pas
marqué leur accord. Je vais à,
présent
demander
un
avis
juridique et examiner comment
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
komen.
Ik deel ook de indruk dat er een reticentie bestaat om deze rapporten
aan het Parlement te geven. Dat geeft natuurlijk de indruk dat er iets
vreemds aan de hand is. Dat is volgens mij geen goede zaak.
Nog een bijkomend element is dat ik enkele maanden geleden het
initiatief heb genomen om een overleg met de ngo's te lanceren, om
te komen tot een pact tussen de ngo's en de overheid. In die context
zijn enkele belangrijke vergaderingen met de ngo's gepland voor de
volgende dagen en weken. Ik ben van plan deze zaak op de dagorde
te zetten bij de onderhandelingen over het ontwerp van pact.
nous
pouvons
malgré
tout
augmenter la transparence. J'ai à
présent également l'impression
que les ONG sont réticentes à
transmettre
les
rapports
au
Parlement et qu'il y aurait donc un
problème,
ce
qui
n'est
évidemment pas une bonne
chose.
Il y a quelques mois, j'ai pris
l'initiative de demander aux ONG
de conclure un pacte avec les
autorités publiques. Ces réunions
auront lieu dans les jours et
semaines à venir et il y sera
question du problème de la
transparence.
10.03 Hilde Vautmans (Open Vld): (...).
Mijnheer de minister, ik dank u voor uw omstandige antwoord. Ik
steun u in uw actie en ik hoop dat u de ngo's ervan kunt overtuigen
om ten minste het Parlement inzage te geven.
Ik heb niet de tijd om alle websites na te gaan en te lezen wat erop is
gepubliceerd. Ik zou echter wel graag mijn job van parlementslid goed
willen doen.
Het tweede deel van mijn vraag was of u een zicht had op wat de
ngo's zelf aan evaluaties besteden. Vroeger stond in de wet dat de
ngo's 1 procent van het toegekende budget zelf aan evaluaties
moeten besteden. Het gaat over de efficiëntie en de effectiviteit van
de hulp.
Mijnheer de minister, hebt u een zicht op wat er met voornoemde
evaluaties gebeurt?
10.03 Hilde Vautmans (Open
Vld): Je soutiens le ministre dans
son
action.
J'espère
qu'il
parviendra au moins à convaincre
les ONG de permettre au
Parlement d'avoir un droit de
regard.
Auparavant, la loi précisait que les
ONG devaient consacrer elles-
mêmes 1% du budget attribué aux
évaluations. Il est question ici de
l'efficacité de l'aide. Qu'advient-il
de ces évaluations?
10.04 Minister Charles Michel: Het aspect van de evaluaties is een
van de elementen die bij de onderhandelingen over het pact zullen
worden besproken. In dat opzicht zullen wij aandacht hebben voor de
gebeurtenissen ter zake tijdens de voorbije maanden en jaren.
Ik ben natuurlijk bereid om meer precieze informatie aan het
Parlement te geven. Vandaag heb ik ter zake echter geen
gedetailleerd rapport over het verleden.
10.04 Charles Michel, ministre:
Le problème sera abordé dans le
cadre des négociations sur le
pacte. Je suis bien évidemment
disposé à communiquer des
informations plus précises au
Parlement, mais je ne dispose pas
aujourd'hui d'un rapport détaillé
sur le passé.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
11 Vraag van mevrouw Hilde Vautmans aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
veroordeling van negen Senegalese homo's" (nr. 10018)
11 Question de Mme Hilde Vautmans au ministre de la Coopération au développement sur "la
condamnation de neuf homosexuels sénégalais" (n° 10018)
11.01 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, het gaat over een zaak die mij heel erg bekommert, met
11.01 Hilde Vautmans (Open
Vld): J'ai été prise d'inquiétude en
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
name het respect voor het gender, het respect voor homo's en
lesbiennes wereldwijd. In België zijn wij al een hele stap gevorderd,
maar het is onze taak erover te waken dat hun rechten ook
internationaal worden gewaardeerd.
Ik was heel erg bekommerd toen ik vernam dat negen Senegalezen in
januari zijn veroordeeld tot een celstraf van acht jaar wegens het
stellen van tegennatuurlijke daden. De maximale straf daarvoor is
normaal in Senegal maar vijf jaar, maar de rechter heeft er vier jaar
bovenop gedaan omdat zij lid zouden zijn van een criminele bende.
Die criminele bende was een homo-organisatie die aan AIDS-
preventie doet.
Het is zeer opmerkelijk dat de openbare aanklager maar vijf jaar
vroeg en dat de rechter er vier jaar bovenop deed. De Senegalese
mensenrechtenorganisaties stellen dat de rechter dat vooral heeft
gedaan om te tonen dat hij moreel het juiste deed en dat hij vooral
zou handelen onder sociale druk. Het Senegalese strafrecht voorziet
helemaal niet in een verbod op homoseksualiteit, enkel in een
clausule die tegennatuurlijke daden verbiedt.
Mijnheer de minister, ik heb een tijdje geleden met u een debat gehad
in de plenaire vergadering over hoe wij moeten omgaan met
concentratielanden en respect voor de mensenrechten. Senegal is
een partnerland voor onze ontwikkelingssamenwerking. Hetzelfde
geldt voor Burundi. Ik weet niet of ik de vraag aan u heb gesteld, maar
alleszins wel aan minister De Gucht. In Burundi is een nieuw
strafwetboek ingevoerd en daarin stelt men homoseksualiteit als act
wel degelijk strafbaar. Ik ben zelf naar de ambassadeur van Burundi
gestapt om mijn protest kenbaar te maken en hem proberen te
overtuigen. Dat is natuurlijk een heel moeilijke zaak. Ik heb niet de
kans gehad met de ambassadeur van Senegal te praten over de
veroordeling van die negen Senegalezen.
Mijn vragen zijn heel duidelijk. Bent u op de hoogte van de beslissing
van de Senegalese rechter?
Hoe zal België reageren tegen deze ongunstige evolutie voor de
homogemeenschap in twee van onze partnerlanden, Senegal en
Burundi?
In het algemeen, zult u acties ondernemen om die negatieve trend
tegen homo's in Afrikaanse landen, die zich toch wel manifesteert, te
doen keren, specifiek met betrekking tot de partnerlanden?
Mijnheer de minister, ik weet dat het een heel moeilijke opdracht is. Ik
probeer het zelf op het terrein en ik loop heel vaak met mijn hoofd
tegen een heel harde muur van onbegrip. Wat ik van u vraag, is een
heel moeilijke opdracht, maar ik vind het een eervolle taak ze te
behartigen.
apprenant que neuf homosexuels
sénégalais avaient été condamnés
en
janvier
à
huit
années
d'emprisonnement, soit la peine
"normale" de cinq ans pour avoir
commis des actes antinaturels et
quatre années supplémentaires
pour avoir fait partie d'une bande
criminelle qui était en réalité une
organisation d'homosexuels dont
la vocation est d'oeuvrer à la
prévention
du
Sida.
Une
organisation de défense des droits
de l'homme pense que le juge
veut
montrer
qu'il
agit
correctement mais qu'il est l'objet
de pressions sociales. Le droit
pénal sénégalais interdit tout acte
contraire à la nature mais pas
l'homosexualité en soi. Le Sénégal
est un pays partenaire dans le
cadre de notre coopération au
développement, tout comme le
Burundi, où l'homosexualité a
également été rendue punissable
tout récemment. J'ai protesté
auprès de l'ambassadeur du
Burundi.
Le ministre a-t-il connaissance de
la décision du juge sénégalais?
Comment réagira-t-il à l'évolution
négative observée dans les pays
partenaires de la Belgique que
sont le Sénégal et le Burundi?
Entreprendra-t-il des démarches
pour influer sur l'attitude négative
envers les homosexuels dans les
pays d'Afrique?
11.02 Minister Charles Michel: Mijnheer de voorzitter, de beslissing
van de Senegalese rechter om negen Senegalezen voor het stellen
van "tegennatuurlijke daden" te veroordelen, is mij bekend en
verontrust mij zeer. De strafbaarstelling van homoseksualiteit is een
schending van de fundamentele rechten en vrijheden en is
onaanvaardbaar.
11.02 Charles Michel, ministre:
La décision de ce juge ne m'est
pas inconnue et je la trouve
extrêmement
préoccupante.
L'incrimination de l'homosexualité
est constitutive d'une violation des
libertés fondamentales et, en ce
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
Voor het antwoord op uw tweede vraag verwijs ik naar het antwoord
van mijn collega Karel De Gucht, waarover u het ook had, De EU-
demarche bij de Senegalese autoriteiten, waarover mijn collega Karel
De Gucht in antwoord op uw vraag heeft gesproken, vond op
19 januari 2009 plaats. De trojka heeft haar ontsteltenis en
ongerustheid uitgedrukt. Er werd op de internationale verplichtingen
inzake mensenrechten en non-discriminatie gewezen.
België zal dergelijke demarches in de toekomst natuurlijk blijven
ondersteunen.
Ik volg de mensenrechtensituatie in de partnerlanden aandachtig op.
Onze posten brengen regelmatig verslag uit over het respect voor de
mensenrechten in onze partnerlanden, onder meer over de
discriminatie van homoseksuelen.
De Belgische ontwikkelingssamenwerking heeft in haar acties een
bijzondere aandacht voor de bestrijding van elke vorm van
discriminatie en dus ook over de discriminatie op grond van seksuele
geaardheid.
Het is uiteraard een moeilijk onderwerp, dat in een aantal landen op
sterke tegenstand botst. Samen met onze Europese partners zullen
wij echter onze inspanningen op dat vlak voortzetten. Ook zal ik niet
nalaten het thema in kwestie aan te kaarten tijdens de komende,
gemengde commissie eind 2009 tussen België en Senegal.
sens, elle est inacceptable. Je
voudrais faire référence à la
réponse du ministre De Gucht
évoquant déjà une démarche de
l'Union européenne auprès des
autorités sénégalaises le 19
janvier 2009, démarche consistant
à
exprimer
la
consternation
européenne et à rappeler à Dakar
ses obligations internationales en
matière de respect des droits de
l'homme et de non-discrimination.
À l'avenir, notre pays continuera à
apporter son soutien à ce type de
démarches.
Je suis attentif à la situation des
droits de l'homme dans les pays
partenaires de la Belgique et je
reçois à intervalles réguliers des
rapports sur les droits de l'homme
et la discrimination dont sont en
particulier
victimes
les
homosexuels. La coopération au
développement belge prête une
attention toute particulière à la
lutte contre les discriminations.
Dans un certain nombre de pays,
nous nous heurtons à des
résistances. En concertation avec
nos partenaires européens, nous
poursuivrons
nos
efforts.
J'aborderai ce thème dans le
cadre de la commission mixte
belgo-sénégalaise fin 2009.
11.03 Hilde Vautmans (Open Vld): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, ik dank u voor het zetten van de nodige stappen in de
strijd voor het doen respecteren van de mensenrechten, vooral ten
aanzien van de homo's en de lesbiennes in Afrika. Zij hebben het erg
moeilijk en verdienen absoluut onze steun.
Ik wens de minister dus heel veel succes. Ik hoop dat hij het thema in
de gemengde commissie op een goede manier ter sprake kan
brengen.
11.03 Hilde Vautmans (Open
Vld): Je remercie le ministre pour
les démarches qu'il a entreprises
afin de faire respecter les droits de
l'homme, surtout en ce qui
concerne
les
gays
et
les
lesbiennes d'Afrique étant donné
que
leur
situation
est
particulièrement précaire. J'espère
qu'il aura l'occasion d'aborder
fructueusement ce thème lors de
la réunion de la commission mixte.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
Présidente: Hilde Vautmans.
Voorzitter: Hilde Vautmans
12 Question de M. Georges Dallemagne au ministre de la Coopération au développement sur "les
actions en vue de préserver et protéger les forêts primaires" (n° 11174)
12 Vraag van de heer Georges Dallemagne aan de minister van Ontwikkelingssamenwerking over "de
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
acties met het oog op de instandhouding en bescherming van de primaire bossen" (nr. 11174)
12.01 Georges Dallemagne (cdH): Madame la présidente, monsieur
le ministre, vous aurez remarqué qu'à plusieurs reprises, j'ai exprimé
ma préoccupation et l'intérêt que je porte à la protection et à la
préservation des forêts primaires. J'aurais souhaité faire un premier
bilan et savoir où vous en êtes par rapport à cette question.
Je rappelle que ces forêts sont des réservoirs uniques de biodiversité,
les poumons précieux de notre atmosphère ainsi qu'un patrimoine
irremplaçable. Il nous faut agir rapidement! Une série de conférences
internationales nous l'ont encore montré récemment. Avec elles, les
peuples qu'elles abritent disparaîtraient, notamment en Amérique
latine.
Monsieur le ministre, je sais que ceci fait partie de vos préoccupations
et j'aurais souhaité faire un premier tour d'horizon des initiatives en
cours ou prévues. Dans quelle mesure avez-vous pris en compte
certains nouveaux mécanismes qui existent et qui sont à la
disposition de la coopération internationale, entre autres ceux
développés à Bali? Quelles sont les initiatives en chantier ou celles
qui verront prochainement le jour?
12.01
Georges
Dallemagne
(cdH): Ik had graag een eerste
stand van zaken willen opmaken
met
betrekking
tot
de
instandhouding van de primaire
bossen. Zij zijn van essentieel
belang voor het behoud van de
biodiversiteit, zij vormen de longen
van onze atmosfeer, ze zijn een
onvervangbaar natuurlijk erfgoed
en ze vormen de woonplaats van
sommige volkeren.
Welke initiatieven werden al
genomen of zijn er nog gepland?
Hield u rekening met de nieuwe
mechanismen, onder meer met de
mechanismen
die
op
de
klimaatconferentie
van
Bali
werden ontwikkeld?
12.02 Charles Michel, ministre: Madame la présidente, monsieur
Dallemagne, vous l'avez évoqué, la protection et la préservation des
forêts ainsi que la gestion durable du patrimoine fait effectivement
partie des priorités de la coopération belge, en raison d'un triple
intérêt que je tiens à répéter ici: l'importance majeure de cette
ressource naturelle pour les pays d'Afrique centrale, la protection de
la biodiversité et l'impact de la déforestation sur le changement
climatique. La déforestation contribue à environ 20% des émissions
de gaz à effets de serre et est donc, à ce titre, la troisième source
après le secteur énergétique et le secteur industriel.
Vous savez par ailleurs que, quelques mois après ma prise de
fonction, j'ai sollicité le professeur van Ypersele à rédiger un rapport
sur la question de la coopération au développement durable qui
épingle l'importance de continuer et même d'amplifier les projets dans
ce secteur.
En RDC, nous avons participé à la mise en place d'un fonds commun
multibailleurs pour la bonne gouvernance forestière. Il s'agit d'une
initiative conjointe au départ de la Commission européenne, de la
Belgique et de la France, à laquelle se sont joints d'autres bailleurs de
fonds dont la Banque mondiale qui gère le fonds en question. La mise
en oeuvre concrète du fonds devrait se concrétiser dans le courant de
l'année 2009. J'ai eu dernièrement des conversations avec les
représentants de la Banque mondiale pour faire en sorte que les
quelques retards enregistrés ces derniers mois dans la mise en place
du fonds puissent être résorbés. Certaines difficultés tendent
aujourd'hui à être corrigées.
Il y a eu une difficulté, qui semble se résorber pour le moment.
Deuxième élément, toujours en RDC: la mise en place d'une
expertise FLEGD (Forest Law Enforcement, Governance and Trade)
où l'application des réglementations forestières de gouvernance et
d'échanges commerciaux constitue la réponse européenne à la
12.02 Minister Charles Michel:
De
bescherming
en
de
instandhouding van de bossen en
het duurzame beheer van het
natuurlijk erfgoed behoren tot de
prioriteiten van de Belgische
Ontwikkelingssamenwerking,
wegens het belang van deze
natuurlijke rijkdom voor de landen
van Centraal-Afrika, de noodzaak
de biodiversiteit te beschermen en
de invloed van de ontbossing op
de klimaatverandering. Het rapport
dat ik aan professor van Ypersele
de Strihou heb gevraagd inzake
duurzame
ontwikkelingssamenwerking wijst
nadrukkelijk op het belang van de
projecten in die sector.
In de DRC werkten we mee aan
de oprichting van een multi-donor
trust fund
voor het bosbeheer, dat
in de loop van 2009 zijn beslag
zou moeten krijgen.
Eveneens in de DRC heeft Europa
op het probleem van de onwettige
kap en handel in hout gereageerd
met het plan FLEGT betreffende
de wetshandhaving, governance
en handel in de bosbouw. België
zou de begeleiding van het project
en de aanwerving van experts
financieren, via het Belgisch-
CRIV 52
COM 469
18/02/2009
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
problématique des coupes de bois illégales et au commerce illégal de
bois. Cette initiative est très importante à nos yeux car elle doit
permettre, dans le cadre d'un accord de partenariat volontaire avec
l'Union européenne, de tenter de réguler progressivement
l'approvisionnement de l'Union européenne en bois légalement coupé
à partir des concessions forestières.
En réponse à l'invitation de la Commission européenne et à la
demande formelle de la RDC, la Belgique financerait le pilotage dans
ce domaine et le recrutement des expertises par l'intermédiaire du
Fonds d'expertise belgo-congolais qui est géré par la CTB. Tel est le
projet que l'on étudie pour l'instant.
Je peux décrire rapidement un certain nombre de projets concrets:
- financement d'une école régionale pour l'aménagement intégré des
forêts tropicales par l'UNESCO;
- financement des aires protégées, toujours par le biais de l'UNESCO;
- programme d'appui à la conservation de la biodiversité sur les sites
inscrits au patrimoine mondial de l'humanité;
- projet de développement et de mise en oeuvre de la foresterie
communautaire via la FAO;
- projet d'appui à la mise en place d'un modèle pratique de gestion
durable des ressources naturelles.
Je vous remettrai cette partie de la réponse par écrit, qui vous fournira
le détail budgétaire afférent à chaque projet. Tout cela représente un
budget fixé provisoirement de 4 millions d'euros pour la RDC, étant
entendu qu'un certain nombre de choses devront encore être
précisées à l'avenir en termes de décisions budgétaires.
J'en viens maintenant au Rwanda. Un programme de reforestation est
en cours, pour lequel un budget de 3 millions d'euros est prévu. Ce
programme contribuera à maîtriser la dégradation quantitative et
qualitative des ressources forestières et ainsi assurer les besoins du
Rwanda en produits forestiers.
En Bolivie, un programme d'utilisation intégral, y compris la
transformation et la commercialisation, des ressources forestières de
la région subtropicale de Cochabamba Chapare est en exécution pour
un montant de 3,72 millions d'euros. Le programme est mis en
oeuvre, pour la partie bolivienne, par l'intercommunale de la région
d'El Chapare, assurant une plus grande implication des bénéficiaires
par ce biais. Pendant la dernière commission mixte, au mois
d'avril 2008 à Bruxelles, un financement complémentaire a été
accordé pour la consolidation éventuelle des actions de cette
intervention. Le montant a été estimé à 2 milllions d'euros
supplémentaires. Ce n'est pas encore inscrit au procès-verbal
puisque la partie bolivienne doit encore nous préciser la manière de
mettre en oeuvre le budget en question.
Pour ce qui concerne l'actualité en 2009, dans la convention-cadre
des Nations unies sur les changements climatiques et les
négociations sur le régime post-2012 en matière de lutte contre le
changement climatique, la problématique de la déforestation sera
naturellement au coeur des débats, notamment le financement du
mécanisme RED. En effet, le protocole de Kyoto n'avait pu
s'intéresser que partiellement à la question des forêts et il est crucial,
selon nous, que la lutte contre la déforestation et les opportunités
Congolees Expertisefonds dat
beheerd wordt door de Belgische
technische samenwerking.
Ik zal enkele concrete projecten
aanhalen: de financiering van
beschermde
gebieden,
een
ondersteuningsprogramma om de
biodiversiteit te vrijwaren en een
steunproject om een model in te
voeren van duurzame ontwikkeling
van de natuurlijke rijkdommen. Ik
zal u het gedetailleerde budget
schriftelijk bezorgen. Voor de DRC
is voorlopig in een budget van vier
miljoen euro voorzien.
In
Rwanda
loopt
een
herbebossingsprogramma,
waarvoor een krediet van drie
miljoen euro uitgetrokken is.
In Bolivia wordt er werk gemaakt
van een programma voor het
integraal
gebruik
van
de
boshulpbronnen
van
Cochabamba, in Chapare. Daar is
een bedrag van 3,72 miljoen euro
mee gemoeid. Er werd een
bijkomende financiering voor een
geraamd bedrag van twee miljoen
euro toegekend voor de eventuele
consolidatie van die acties.
De ontbossing zal centraal staan
in de debatten in het kader van het
Raamverdrag van de Verenigde
Naties inzake klimaatverandering
en van de onderhandelingen over
de periode na 2012. Het is van
cruciaal belang dat de strijd tegen
de
ontbossing
en
de
opportuniteiten in die sector voor
de ontwikkelingslanden zouden
worden ingebed in de regeling
inzake de klimaatverandering.
De besprekingen met het oog op
de
voorbereiding
van
het
standpunt dat de Europese Unie in
Kopenhagen
zal
verdedigen,
inzonderheid met betrekking tot
het
financieel
aspect,
zijn
begonnen. Dat punt staat op de
agenda van de volgende Europese
Raad.
18/02/2009
CRIV 52
COM 469
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
dans ce secteur pour les pays en développement, puissent être
davantage intégrées dans le futur régime sur le changement
climatique.
Les discussions en vue de préparer la position de l'Union européenne
à Copenhague, en particulier le volet financier, ont débuté et ce point
est d'ores et déjà inscrit à l'agenda du prochain Conseil européen qui
aura lieu au mois de mars.
12.03 Georges Dallemagne (cdH): Monsieur le ministre, je vous
remercie d'avoir fait ce rapide tour d'horizon.
Je vois que progressivement nous nous impliquons de plus en plus
dans des projets non seulement de gestion de forêt mais aussi de
déforestation.
Comme vous, j'avais été frappé, lorsque nous étions passé au Congo,
par le fait que certains projets existaient mais à une échelle trop
petite. Il est très important d'essayer d'avoir un impact réel sur la
déforestation.
En faisant un rapide calcul, on est à 13 millions d'euros de projet. Ce
n'est pas mal mais cela ne représente finalement que 1% de la
coopération.
12.03
Georges
Dallemagne
(cdH): Ik juich onze deelname aan
projecten voor bosbeheer en voor
de strijd tegen de ontbossing toe.
Dat bedrag van circa dertien
miljoen euro is echter maar goed
voor 1 procent van de begroting
voor ontwikkelingssamenwerking.
12.04 Charles Michel, ministre: Il s'agit de coopération bilatérale.
12.04 Minister Charles Michel:
Het
gaat
om
bilaterale
samenwerking.
12.05 Georges Dallemagne (cdH): Il faudrait effectivement voir ce
qui existe dans la coopération multilatérale et indirecte.
Je compte en tout cas vraiment sur votre vigilance pour saisir ces
années qu'il nous reste pour essayer d'éviter que les forêts
d'Amazonie, du Congo, etc. disparaissent. C'est l'un des tout grands
enjeux de la coopération. En matière de climat et de biodiversité,
nous avons peu de temps devant nous. Je compte donc sur votre
attention de tous les instants.
12.05
Georges
Dallemagne
(cdH): Er zou moeten worden
nagegaan wat er bestaat op het
stuk van de multilaterale en
indirecte samenwerking.
Wat
het
klimaat
en
de
biodiversiteit betreft, is het kort
dag.
Ik
reken
op
uw
waakzaamheid om te trachten te
beletten dat er primaire bossen
verdwijnen. Dat is een belangrijke
uitdaging in het kader van de
ontwikkelingssamenwerking.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.15 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.15 heures.