KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 337
CRIV 52 COM 337
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
woensdag
mercredi
22-10-2008
22-10-2008
Voormiddag
Matin
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a+Vl.Pro
socialistische partij anders + VlaamsProgressieven
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer David Clarinval aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
voortgang van de dossiers met betrekking tot de
energie-efficiëntie in de overheidssector en de
Lente van het Leefmilieu" (nr. 7487)
1
Question de M. David Clarinval au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'avancement des
dossiers concernant l'efficacité énergétique dans
le
secteur
public
et
le
Printemps
de
l'environnement" (n° 7487)
1
Sprekers: David Clarinval, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: David Clarinval, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Hans Bonte aan de minister
van Klimaat en Energie over "het akkoord van de
regering met de stookoliedistributeurs" (nr. 7618)
3
Question de M. Hans Bonte au ministre du Climat
et de l'Énergie sur "l'accord conclu par le
gouvernement avec les distributeurs de mazout"
(n° 7618)
3
Sprekers: Hans Bonte, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Hans Bonte, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van mevrouw Karine Lalieux aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
etikettering van levensmiddelen" (nr. 7669)
6
Question de Mme Karine Lalieux au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'étiquetage des
denrées alimentaires" (n° 7669)
6
Sprekers: Karine Lalieux, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Karine Lalieux, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Samengevoegde vragen van
8
Questions jointes de
8
- mevrouw Dalila Douifi aan de minister van
Klimaat en Energie over "de pistes in de pers voor
de bijdrage van 250 miljoen euro van de
elektriciteitsproducenten" (nr. 7888)
8
- Mme Dalila Douifi au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les pistes relatives à la contribution
de
250 millions
d'euros
des
producteurs
d'électricité dont fait état la presse" (n° 7888)
8
- de heer Peter Logghe aan de minister van
Klimaat en Energie over "de bijdrage van 250
miljoen euro van de elektriciteitsproducenten"
(nr. 7903)
8
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la contribution de 250 millions
d'euros des producteurs d'électricité" (n° 7903)
9
- de heer Dirk Vijnck aan de minister van Klimaat
en Energie over "de bijdragen van de
elektriciteitsproducenten aan de begrotingen 2008
en 2009" (nr. 7965)
8
- M. Dirk Vijnck au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les contributions des producteurs
d'électricité aux budgets 2008 et 2009" (n° 7965)
9
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "het leeghalen van het
Synatom-fonds" (nr. 7860)
8
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'opération qui consiste à vider le
fonds Synatom" (n° 7860)
9
- de heer Philippe Henry aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën en
Institutionele Hervormingen over "de belasting op
de afgeschreven centrales" (nr. 8023)
8
- M. Philippe Henry au vice-premier ministre et
ministre des Finances et des Réformes
institutionnelles sur "la taxe sur les centrales
amorties" (n° 8023)
9
- de heer Bruno Tobback aan de minister van
Klimaat en Energie over "de pistes in de pers voor
de bijdrage van 250 miljoen euro van de
elektriciteitsproducenten" (nr. 8063)
8
- M. Bruno Tobback au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "les pistes relatives à la contribution
de
250 millions
d'euros
des
producteurs
d'électricité dont fait état la presse" (n° 8063)
9
Sprekers: Bruno Tobback, Peter Logghe,
Dirk Vijnck, Philippe Henry, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Bruno Tobback, Peter Logghe,
Dirk Vijnck, Philippe Henry, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Jenne De Potter aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
beveiliging van de ondergrondse pijpleidingen"
(nr. 7767)
15
Question de M. Jenne De Potter au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la sécurisation des
conduites souterraines" (n° 7767)
15
Sprekers: Jenne De Potter, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Jenne De Potter, Paul Magnette,
ministre du Climat et de l'Énergie
Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
Belgische
plannen
voor
een
offshore
windmolenpark" (nr. 7738)
16
Question de M. Jean-Jacques Flahaux au ministre
du Climat et de l'Énergie sur "le projet de parc
éolien off-shore belge" (n° 7738)
16
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Sprekers: Jean-Jacques Flahaux, Paul
Magnette, minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Jean-Jacques Flahaux, Paul
Magnette, ministre du Climat et de l'Énergie
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
WOENSDAG
22
OKTOBER
2008
Voormiddag
______
du
MERCREDI
22
OCTOBRE
2008
Matin
______
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 12.00 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door de heer Bart Laeremans.
Le développement des questions et interpellations commence à 12.00 heures. La réunion est présidée par
M. Bart Laeremans.
De voorzitter: Collega's, wij hebben een drukke agenda. Nogal wat leden moeten van de ene commissie
naar de andere. Wij zullen proberen om de volgorde zoveel mogelijk te handhaven.
01 Question de M. David Clarinval au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'avancement des
dossiers concernant l'efficacité énergétique dans le secteur public et le Printemps de
l'environnement" (n° 7487)</b>
01 Vraag van de heer David Clarinval aan de minister van Klimaat en Energie over "de voortgang van
de dossiers met betrekking tot de energie-efficiëntie in de overheidssector en de Lente van het
Leefmilieu" (nr. 7487)
01.01 David Clarinval (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, ma question est relativement simple.
Dans l'accord gouvernemental, il est écrit que "le gouvernement
lancera un vaste plan destiné à améliorer l'efficacité énergétique dans
le secteur public (les bâtiments, les véhicules, les marchés publics,
les déplacements fonctionnels).
Cet engagement est un objectif louable quand on sait que notre pays
s'est engagé dans divers traités internationaux. Je n'en dirai pas plus.
Par ailleurs, le Printemps de l'environnement, processus que vous
avez initié et au cours duquel divers débats ont été organisés autour
de thèmes tels que le climat, l'énergie, la consommation durable,
l'environnement, la mobilité, a également fait couler beaucoup
d'encre.
Monsieur le ministre, mes questions sont dès lors les suivantes.
Où en est-on dans ces deux vastes programmes?
01.01 David Clarinval (MR): Het
regeerakkoord bepaalt dat een
grootschalig
plan
voor
het
verbeteren
van
de
energie-
efficiëntie in de overheidssector
zal worden gelanceerd. De Lente
van het leefmilieu heeft trouwens
ook al heel wat inkt doen vloeien.
Hoe ver staat men met die twee
omvangrijke programma's? Wat
heeft u concreet gedaan met het
oog op het opzetten van het
omvangrijke
plan
uit
het
regeerakkoord? Hoe ver is de
tenuitvoerlegging van de tijdens de
Lente
van
het
leefmilieu
geformuleerde
voorstellen
gevorderd?
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
Qu'avez-vous fait concrètement en vue de mettre sur pied le vaste
plan prévu dans l'accord du gouvernement?
Où en est la mise en oeuvre des propositions formulées lors du
Printemps de l'environnement?
01.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur le président, chers
collègues, l'accord du gouvernement et le Printemps de
l'environnement ont en effet tous les deux souligné l'importance du
rôle d'exemple des pouvoirs publics en matière d'efficacité
énergétique et ce, pour trois raisons.
Premièrement, les pouvoirs publics peuvent entraîner le marché, voire
le modifier. Deuxièmement, ses actions sont susceptibles à moyen
terme de diminuer la facture de fonctionnement de l'État et,
troisièmement, les administrations doivent montrer l'exemple.
Pour atteindre ces objectifs, le gouvernement travaille en matière de
mobilité sur quatre orientations: la modification des habitudes des
déplacements par le télétravail, le "carsharing", etc., l'établissement
de plans de déplacement, la promotion du vélo et le développement
d'une politique d'achat de véhicules moins polluants.
J'ai pris plusieurs initiatives en ce sens.
1. Les ministres du gouvernement et les administrations doivent
moins polluer avec leurs voitures en réduisant au maximum leurs
émissions et, en 2012, les véhicules des ministères ne dépasseront
plus 130 grammes en termes d'émission.
2. J'ai demandé à ce que le personnel de mon administration prenne
le train et plus l'avion pour des distances de moins de 300 kilomètres.
3. Le SPF Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et
Environnement développe deux pôles d'intermodalités à la gare du
Nord et à la gare du Midi.
4. Le même SPF propose déjà des possibilités de télétravail, de
même que le SPF Emploi et le SPF PME.
Pour les autres mesures, je vous invite à interroger mes collègues
Inge Vervotte et Étienne Schouppe.
En matière d'énergie, nous travaillons sur trois axes: la diminution de
la consommation d'énergie des bâtiments fédéraux via le
renforcement de Fedesco, l'achat d'énergies renouvelables et la mise
en oeuvre de la méthode du bilan de carbone.
Via un nouveau contrat de gestion, j'ai pris l'initiative de proposer un
système budgétaire qui permet à Fedesco de s'engager à investir lui-
même le financement de prêts, à hauteur portée aujourd'hui à
150 millions d'euros.
L'État finance le remboursement de ces prêts à hauteur de la
diminution de la facture d'énergie. Par conséquent, Fedesco peut
jouer pleinement son rôle de tiers investisseur.
S'agissant de la possibilité de signer un contrat global pour la
01.02 Minister Paul Magnette:
Het regeerakkoord en de Lente
van het leefmilieu hebben alle
twee
het
belang
van
de
voorbeeldfunctie van de overheid
inzake
energie-efficiëntie
onderstreept.
Er
werden
verscheidene initiatieven genomen
inzake mobiliteit. Bijvoorbeeld, in
2012 zal de uitstoot van de
voertuigen van de ministeries nog
slechts 130 g bedragen, en er zijn
verschillende FOD's die telewerk
aanmoedigen. Inzake energie
werken we op drie fronten: de
vermindering
van
de
energieconsumptie in de federale
gebouwen via de versterking van
Fedesco,
de
aankoop
van
vernieuwbare energie en de
invoering van de methode van de
koolstofbalans.
Ik heb het initiatief genomen om
een begrotingssysteem voor te
stellen waarbij Fedesco zich ertoe
kan verbinden zelf te investeren in
de financiering van een lening voor
150 miljoen euro.
De
Staat
financiert
de
terugbetaling van die leningen
voor het bedrag waarmee de
energiefactuur wordt verminderd.
Daardoor kan Fedesco ten volle
zijn rol van derde-investeerder
spelen.
Een
technische
studiegroep zal de mogelijkheid
bekijken
om
een
globaal
groenestroomcontract af te sluiten
en
zal
het streefpercentage
vastleggen. Tot slot zal de
koolstofbalansmethode
worden
toegepast in alle openbare en
privébedrijven.
Door
de
aankoop
van
milieuvriendelijke, ethische en
maatschappelijk
verantwoorde
goederen en diensten werkt de
administratie mee aan een beleid
voor duurzame ontwikkeling. Ik zal
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
fourniture d'électricité verte, un groupe technique va être créé par la
Régie des Bâtiments et étudiera la question afin de fixer le
pourcentage d'énergie verte à atteindre progressivement. Pour plus
de détails, je vous invite à interroger le ministre des Finances, qui est
en charge de la Régie.
Enfin, le bilan carbone va être appliqué au sein des entreprises
publiques et privées. C'est l'étape préalable à toute initiative intégrée
visant à réduire l'empreinte de CO
2
. Vous connaissez la méthodologie
qui a été conçue et validée par l'Agence française pour la maîtrise de
l'énergie.
En ce qui concerne les marchés publics, vous savez qu'en achetant
des biens et des services écologiques, éthiques et socialement
responsables, l'administration participe à une politique de
développement durable qui influencera à plus long terme les modes
de production et de consommation afin de les rendre plus durables.
Ces achats publics représentent 12,7% du PNB. Il s'agit donc d'un
atout important. Je soumettrai un plan d'achats publics durables à la
consultation dans les prochains jours, de sorte que le gouvernement
puisse l'approuver durant le premier trimestre 2009.
En parallèle, l'administration fédérale du Développement durable met
à jour le Guide des achats durables pour janvier 2009 afin de
proposer des modèles de cahiers des charges par produit et de
faciliter la tâche de tout pouvoir public intéressé.
een
plan
voor
duurzame
overheidsopdrachten
ter
raadpleging voorleggen zodat de
regering het in het eerste kwartaal
van
2009
kan
goedkeuren.
Daarnaast zal de administratie
tegen januari 2009 de Gids voor
duurzame aankopen updaten.
01.03 David Clarinval (MR): Monsieur le ministre, je vous remercie
de votre réponse complète. Je suis satisfait de voir toutes les
mesures qui sont prises à travers le plan d'efficacité. Cependant, je
n'ai pas perçu les différences entre les dispositions émanant du plan
et celles qui proviennent du Printemps de l'environnement. Il ne s'agit
pas de deux programmes, mais bien d'un seul?
01.03 David Clarinval (MR): Ik
zie niet in waarin de bepalingen uit
het plan verschillen van die van de
Lente van het Leefmilieu. Betreft
het
hier
inderdaad
één
programma?
01.04 Paul Magnette, ministre: Nous n'avons pas élaboré deux
programmes. Notre but est de développer une action publique
cohérente. Certains sujets qui préexistaient au Printemps de
l'environnement ont été amplifiés, tandis que d'autres sont nouveaux.
Mais ils sont réunis dans une même action.
01.04 Minister Paul Magnette:
Bepaalde
thema's
die
al
bestonden vóór de Lente van het
Leefmilieu zijn verder ontwikkeld,
terwijl andere nieuw zijn. Het
betreft echter een en dezelfde
actie.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
02 Vraag van de heer Hans Bonte aan de minister van Klimaat en Energie over "het akkoord van de
regering met de stookoliedistributeurs" (nr. 7618)
02 Question de M. Hans Bonte au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'accord conclu par le
gouvernement avec les distributeurs de mazout" (n° 7618)</b>
02.01 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister, eerst en
vooral bied ik mijn excuses aan, omdat ik er vorige week niet was op
het moment dat deze vraag op de agenda stond. Ik was op dat
moment net bezig vragen te stellen aan een collega van u.
Het voordeel daarvan, mijnheer de minister, is dat wij er wat nuttige
actuele informatie aan kunnen toevoegen. Die actuele informatie is
dat zeker in Vlaanderen - ik heb minder zicht op wat er in Brussel en
02.01 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro):
Le ministre a conclu un accord
avec le secteur du mazout
autorisant le paiement échelonné
des factures de mazout, pour
autant que deux conditions soient
remplies: il faut que la commande
atteigne au moins 1 000 litres et
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
Wallonië gebeurt tal van organisaties en ook tal van OCMW's in
actie geschoten zijn ter verdediging van hun klanten, de kleine
gebruikers van stookolie. Overal zijn solidariteitsacties gestart ook
door OCMW's, die probeerden door groepsaankopen de prijs te
drukken.
Tot mijn genoegen heb ik dat ook kunnen doen in mijn stad, met als
gevolg dat er meer dan 14% op de factuur bespaard kon worden. Dat
is een gigantisch verschil voor mensen die elke euro moeten
omdraaien. Ik geef een voorbeeld. Wanneer men 1.500 liter stookolie
bestelt, bespaart men 156 euro op de factuur, wat niet niks is.
Tegen die achtergrond wil ik mijn vragen stellen over het akkoord dat
u hebt gesloten met de stookoliesector. Ik meen dat wij een groot
probleem hebben door dat akkoord, in die zin dat het akkoord voorziet
in de mogelijkheid tot gespreide betaling bij de stookolieleverancier,
maar dat daar een aantal voorwaarden aan gekoppeld is met
bijzonder perverse effecten.
Een eerste voorwaarde is dat het moet gaan om een aankoop van
minstens 1.000 liter stookolie. Daaronder kan men geen beroep doen
op gespreide betaling. Nu kan ik u wel verzekeren dat vele gezinnen
misschien 75%, wanneer men alle groepsaankopen in Vlaanderen
bekijkt minder dan 2.000 liter bestellen. In mijn stad gaat het in de
helft van de gevallen om gezinnen die minder dan 1.000 liter
bestellen. Dit betekent dat zij hoe dan ook geen beroep kunnen doen
op het akkoord dat u hebt gesloten om een gespreide betaling te
verkrijgen.
Wat volgens mij nog veel perverser is in uw akkoord, is dat er een
regel is dat een gespreide betaling bij een stookolieleverancier alleen
kan op voorwaarde dat men zich voor ten minste 2 jaar bindt.
Nogal wat gezinnen komen bij mij aankloppen om te zeggen dat zij
zeer graag zouden deelnemen aan de solidaire aankoop, maar nood
hebben aan de gespreide betaling. Zij staan dus voor de
verscheurende keuze: een lagere kostprijs en dusdanig deelnemen
aan die solidariteitsactie, dan wel een gespreide betaling en twee jaar
bij dezelfde leverancier moeten blijven. De zwakste groepen in mijn
stad dat zal elders niet anders zijn , zijn eigenlijk uitgesloten van de
solidariteitsacties inzake stookolie, waarvan ik u heb aangegeven
welk financieel rendement daaruit kan voortvloeien.
Het koninklijk besluit dat u hebt uitgevaardigd, is een document
waarvoor ik in de commissie voor de Sociale Zaken, wanneer we het
over arbeidswetgeving zouden hebben, bijna bovenop mijn bank zou
staan. Uw koninklijk besluit houdt namelijk in dat men minstens twee
jaar bij dezelfde leverancier moet blijven. Echter, wie op de
vervaldatum na twee jaar niet opzegt, komt terecht in een contract
voor onbepaalde duur. Een contract voor onbepaalde duur bij een
stookolieleverancier! U moet toch zeer goed beseffen ik vermoed
dat u dat beseft dat het akkoord zich vooral richt tot de lagere
inkomensgroepen, tot de zwakkere groepen in onze samenleving. Het
feit dat zij vooral nood hebben aan de gespreide betaling, wijst er
effectief op dat het gaat om de laagste inkomensgroepen. Nu hoef ik
u geen profiel te maken van de betrokken gezinnen. Het zijn gezinnen
die zeer dikwijls niet goed inzien wanneer zij een opzeg moeten doen.
Anders gezegd, u jaagt hen in een contract voor onbepaalde duur bij
que le client se lie pour minimum
deux ans au même fournisseur.
Ces conditions ont pour effet
pervers
que
de
nombreux
ménages doivent à présent faire
un choix: soit participer à un achat
groupé,
système
notamment
organisé par certains CPAS afin
de faire baisser les prix, ou opter
pour le paiement échelonné,
auquel cas ils se lient pour deux
ans au même fournisseur. De
plus, si le client ne résilie le contrat
à
temps,
celui-ci
se
mue
automatiquement en contrat à
durée indéterminée.
Quel est l'avis du ministre sur les
achats groupés? Les CPAS
peuvent-ils
y
participer?
Le
ministre est-il disposé à revoir
l'accord passé avec le secteur du
mazout?
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
een stookolieleverancier, wat natuurlijk die zwakke gezinnen voor een
stuk de speelbal maakt van die stookolieleverancier.
Mijnheer de minister, ten eerste, bent u van oordeel dat de
groepsaankopen een goede zaak zijn? Kunnen ook OCMW's, in alle
duidelijkheid, daaraan deelnemen? Dat laatste wordt nogal betwist.
Ten tweede, bent u bereid ik wil u in elk geval aanmoedigen om uw
bereidheid te tonen om dat akkoord, dat met de beste bedoelingen
werd gesloten, toch grondig te herzien?
02.02 Paul Magnette, ministre: On peut toujours revoir tous les
accords pour les rendre plus efficaces. Le but était de faire en sorte
que ceux-ci fonctionnent puisque très peu de fournisseurs faisaient
usage jusqu'ici de ce système.
Comme une autre question a été posée sur le sujet CPAS, j'y
reviendrai plus tard.
Cela dit, le but de l'échelonnement des paiements, c'est de faire que
cela marche. Et pour cela, il faut que les fournisseurs jouent le jeu.
Or, parmi ces fournisseurs, il y a de très grandes firmes qui ont des
moyens financiers considérables mais aussi de tout petits
fournisseurs qui ont un camion et qui font de petites livraisons, et qui
n'ont pas l'assise financière ou les moyens logistiques pour se
permettre d'attendre le paiement mensuel.
C'est pour cela que dans cet accord dont je vais vous livrer le contenu
dans un instant pour répondre à votre question, il y a aussi des
garanties pour les petits fournisseurs. Si on n'en donne qu'aux clients,
le système ne fonctionnera pas parce qu'aucun fournisseur ne voudra
y participer.
02.02 Minister Paul Magnette:
Alle
akkoorden
zijn
voor
verbetering
vatbaar.
Deze
akkoorden moesten echter effect
sorteren
omdat
zeer
weinig
leveranciers tot nu toe van dit
systeem gebruik maakten.
Aangezien er ook een andere
vraag gesteld werd over de
OCMW's, zal ik hier later op
terugkomen.
In het bereikte akkoord met de stookoliedistributeurs staan enkele
aanpassingen ter optimalisatie van het al bestaande systeem inzake
de gespreide betaling van 2006. Het akkoord is niet bindend voor de
distributeurs, maar voorziet er wel in dat zij die zich registreren bij de
algemene directie Energie van de FOD Economie de minimale
voorwaarden bij een contract van een gespreide betaling moeten
naleven. De consument kan zich dus beschermen door te kiezen voor
een geregistreerde handelaar, die moet voldoen aan de minimale
voorwaarden die de overheid oplegt voor contracten van gespreide
betalingen.
De verschillen met de vorige overeenkomst zijn de volgende. Ten
eerste, de duur van de overeenkomst wordt aangepast naar een
overeenkomst van bepaalde duur van maximaal 24 maanden. Ten
tweede, de minimumgegevens voor de opstelling van het contract
worden vastgelegd in het KB. Ten derde, er wordt een eenmalige
verbrekingsvergoeding van 75 euro opgelegd, die alleen geldig is in
de eerste 24 maanden. Ten vierde, het betaald voorschot door de
consument bij de eerste levering bedraagt minstens 50%. Ten vijfde,
de minimumhoeveelheid van de eerste levering bedraagt 1.000 liter.
Voor tanks met een inhoud kleiner dan 1.200 liter kan een levering
van minstens 900 liter echter niet worden geweigerd.
De klant kan de overeenkomst van bepaalde duur te allen tijde via
een aangetekend schrijven opzeggen. Indien de overeenkomst in de
L'accord
conclu
avec
les
distributeurs de mazout optimalise
le système du paiement étalé. Cet
accord n'est pas contraignant mais
les distributeurs qui s'enregistrent
auprès de la Direction générale
Énergie doivent respecter les
conditions
minimales.
Le
consommateur peut donc se
protéger
en
choisissant
un
commerçant agréé.
L'accord
adapté
relatif
au
paiement étalé dispose que le
contrat est d'application maximum
24 mois, que les données
minimales relatives à la rédaction
d'un contrat sont fixées par arrêté
royal, que l'indemnité de rupture
unique de 75 euros est imposée
lors des 24 premiers mois, qu'une
avance d'au moins 50% doit être
versée et que la première livraison
doit être de 1.000 litres minimum,
sauf pour les citernes dont la
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
eerste 24 maanden door een van de partijen wordt opgezegd, is die
partij een eenmalige verbrekingsvergoeding verschuldigd van
maximaal 75 euro. In alle daaropvolgende maanden kan geen
vergoeding meer worden geëist. De opzegtermijn bedraagt in die
gevallen een maand.
contenance est inférieure à 1.200
litres; pour celles-ci, une livraison
de minimum 900 litres ne peut être
refusée. Si le contrat est résilié au
cours des 24 premiers mois, la
partie qui a demandé la résiliation
doit verser une indemnité de
maximum 75 euros. Ensuite, plus
aucune indemnité de rupture n'est
applicable et le délai de résiliation
est d'un mois.
02.03 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de minister, ik noteer dat
u geen uitspraak doet over de mate waarin OCMW's of andere
verenigingen het recht hebben om groepsaankopen voor stookolie te
organiseren. U maakt de vergelijking tussen een regeling van 2006 en
2008. Ik nodig u vanmiddag uit voor een debat over het armoedeplan
met de heer Delizée. Dan zult u zien dat er tussen 2006 en 2008 al
een en ander is veranderd, zeker op het vlak van de facturen van
consumenten en zeker ook op het vlak van de moeilijkheden die
consumenten hebben om hun energiefactuur nog te betalen.
Los daarvan, sta mij toch toe u te zeggen dat u de kleine lettertjes van
het KB moet lezen. U zegt dat het hier om een contract van maximaal
24 maanden gaat. Als ik het KB goed gelezen heb, begrijp ik dat als
men na 24 maanden geen vooropzeg doet, men een contract van
onbepaalde duur aan zijn been heeft. Dat is hier geen contract van
maximaal 24 maanden. Het is dat wat mij op de tafel zou doen
springen, als wij iets gelijkaardigs in het arbeidsrecht zouden willen
invoeren.
U moet eens duidelijk maken wat het nu is. Vervalt het contract na
vierentwintig maanden? U spreekt van een contract van maximaal
vierentwintig maanden. Betekent het dat er de vijfentwintigste maand
geen contract meer is? Ik herhaal mijn vraag. Wat gebeurt er met
degenen die niet vooropzeggen met aangetekende brief en dan ook
een boete van 75 euro moeten betalen? Ik wil weten of er daarover
duidelijkheid bestaat in het koninklijk besluit.
Ten slotte, ik betreur het ook dat u zich niet uitspreekt over de mate
waarin de collectieve aankopen al dan niet worden geboycot. Dat
ervaar ik immers in Vilvoorde, onder mijn neus. Eigenlijk is uw
koninklijk besluit een boycot voor de laagste inkomensgroepen, de
kleinste bestellers van de solidariteitsacties, die volop aan het lopen
zijn. Bent u zich daarvan bewust? Bent u al dan niet voorstander van
dergelijke solidaire aankopen?
02.03 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro):
Le ministre reste silencieux sur le
droit des CPAS d'organiser des
achats de mazout groupés. Depuis
l'adoption de la réglementation de
2006, la situation a déjà fortement
changé en ce qui concerne les
factures et les difficultés de
paiement. L'arrêté royal dispose
toutefois que ceux qui ne résilient
pas le contrat après 24 mois,
obtiennent automatiquement un
contrat à durée indéterminée. Il ne
s'agit donc nullement d'un contrat
de 24 mois maximum. Le ministre
devrait préciser cet aspect.
Je déplore que le ministre ne
s'exprime pas sur le boycottage
des achats collectifs. Se rend-il
compte que son arrêté royal est
défavorable aux catégories de
revenus les plus faibles, aux plus
petits clients et aux achats
collectifs?
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
03 Question de Mme Karine Lalieux au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'étiquetage des denrées
03 Vraag van mevrouw Karine Lalieux aan de minister van Klimaat en Energie over "de etikettering
van levensmiddelen" (nr. 7669)
03.01 Karine Lalieux (PS): Monsieur le président, monsieur le
ministre, une étude du CRIOC sur les premiers prix et l'étiquetage
nutritionnel conclut qu'une information complète à destination du
03.01 Karine Lalieux (PS): Uit
een studie van het OIVO blijkt dat
een volledige etikettering verplicht
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
consommateur devrait être obligatoire pour tous les produits premiers
prix et les produits des distributeurs. Or, ce sont souvent ces produits
qui en comportent le moins. Il conviendrait de mentionner notamment
la provenance, le mode de conservation, la présence d'OGM, etc.
Certes, aujourd'hui, la provenance est limitée à une adresse lacunaire
de la société distributrice. On ignore où le produit a été fabriqué et
emballé, et le consommateur ne peut disposer de cette information.
Pour une consommation responsable, les consommateurs désirant
savoir si tel produit a effectué deux allers-retours en avion, ce qui a
généré une forte consommation en CO
2
, doivent pouvoir accéder à
l'information.
Une réglementation européenne vise à harmoniser les règles
concernant l'étiquetage qui rendront obligatoire la mention claire et
lisible des informations nutritives essentielles.
Monsieur le ministre, cette réglementation européenne est-elle plus
contraignante que nos lois actuelles? Comment comptez-vous vous
positionner par rapport à ces demandes de clarté dans l'étiquetage?
zou
moeten zijn
voor alle
etenswaren. Het is echter vaak bij
de
goedkope
producten
en
producten van het huismerk van
de distributeur dat die het minst te
vinden is.
Vandaag
blijft
de
herkomstvermelding beperkt tot
een onvolledig adres van de
distributeur. Europese regelgeving
beoogt de harmonisering van de
etiketteringsregels
volgens
dewelke verplicht zal worden dat
belangrijke informatie over de
voedingswaarde
duidelijk
en
leesbaar wordt vermeld. Is deze
regelgeving dwingender dan onze
huidige wetten? Hoe staat u
tegenover
deze
vraag
naar
duidelijke etikettering?
03.02 Paul Magnette, ministre: Madame Lalieux, comme vous l'avez
rappelé, le lieu d'origine ou de provenance d'une denrée alimentaire
doit être mentionné conformément à la directive européenne 2000/13
concernant l'étiquetage des denrées alimentaires.
L'omission de cette mention serait susceptible d'induire le
consommateur en erreur sur l'origine ou la provenance réelle de la
denrée alimentaire. Si celle-ci requiert des conditions particulières de
conservation, celles-ci doivent également être indiquées sur
l'étiquette. Les moyens et les méthodes autorisés de conservation
font partie d'une réglementation séparée dans laquelle sont reprises,
le cas échéant, les instructions de l'étiquetage. Conformément à cette
directive, une denrée alimentaire qui a été traitée par rayonnement
ionisant doit porter une des mentions spécifiques suivantes: "Traité
par rayonnement ionisant" ou "Traité par ionisation".
Toute denrée alimentaire composée entièrement ou partiellement
d'OGM, produite avec des OGM ou contenant des ingrédients
produits avec des OGM doit porter dans son étiquetage le statut
d'OGM. Les règles de l'étiquetage OGM des aliments se trouvent
dans les articles 12 à 14 du Règlement européen 1829/2003.
Toutefois, en cas d'une présence imprévue ou techniquement
inévitable d'OGM en dessous d'un seuil de 0,9%, l'aliment ne doit pas
être étiqueté comme OGM.
La proposition de la Commission européenne vise en premier lieu à
regrouper les instructions horizontales sur l'étiquetage dans un seul
règlement en vue d'une harmonisation et d'une simplification de la
réglementation sans toutefois réduire l'information fournie aux
consommateurs.
En étendant le champ d'application de l'étiquetage vers l'information
sur les aliments, la réglementation couvre maintenant une gamme
plus étendue de canaux d'information au sujet des aliments
qu'auparavant. Dans le nouveau règlement, certaines instructions
sont plus précises. Ainsi, l'étiquetage nutritionnel jadis facultatif
03.02 Minister Paul Magnette:
De
herkomst
van
een
levensmiddel moet conform de
Europese richtlijn 2000/13 worden
vermeld. Indien deze niet wordt
vermeld, kan er bij de consument
verwarring ontstaan over de ware
herkomst van een levensmiddel.
Als
het
onder
specifieke
voorwaarden
moet
worden
bewaard, moeten deze op het
etiket
worden
vermeld.
Overeenkomstig de richtlijn moet
een met ioniserende straling
behandeld levensmiddel voorzien
zijn van een van de specifieke
vermeldingen
Elk levensmiddel dat uit GGO's
werd vervaardigd of GGO's bevat
moet voorzien van een GGO-
indicator. In het geval van een
onverwachte
of
technisch
onvermijdelijke aanwezigheid van
een
GGO
onder
de
drempelwaarde van 0,9%, moet
het levensmiddel niet als GGO
geëtiketteerd worden.
Met haar voorstel wil de Europese
Commissie eerst de horizontale
instructies voor etikettering tot één
enkel reglement herleiden met het
oog
op
harmonisering
en
vereenvoudiging.
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
devient obligatoire.
Je partage l'idée selon laquelle un étiquetage complet devrait être
obligatoire pour tous les aliments. S'agissant d'un règlement
européen directement applicable, pour lequel les États membres n'ont
pas de possibilité de renforcer les règles, il va de soi que la Belgique
doit se positionner en avant-garde d'une législation la plus efficace et
la plus complète en la matière.
Door het toepassingsgebied van
etikettering uit te breiden naar het
verstrekken van informatie over
voedingswaren,
omvat
de
regelgeving een breder gamma
van
informatiekanalen
over
voeding. In het nieuwe reglement
zijn bepaalde instructies preciezer.
Ook ik meen dat een volledige
etikettering verplicht zou moeten
zijn
voor
voedingswaren.
Aangezien het om een Europese
verordening gaat, spreekt het
vanzelf dat ons land het voortouw
moet nemen om een zo volledig
mogelijke wetgeving uit te werken.
03.03 Karine Lalieux (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie.
J'avais posé la question concernant les modes de conservation à
votre collègue Mme Laruelle puisque les contrôles du SPF Économie
sont de moins en moins nombreux, et ont été très peu nombreux par
rapport à la politique d'étiquetage et de conservation. Elle m'a dit
qu'elle allait renforcer les contrôles pour 2009. Je pense qu'il y a là
d'énormes lacunes.
Je crois que si on veut un consommateur responsable, il faut délivrer
une bonne information. Il est très difficile de lire les étiquettes et, dans
le même temps, certains produits comportent des substances peu
recommandables pour la santé. Il faudrait essayer de travailler en ce
sens avec vos collègues afin que le consommateur soit responsable
au niveau de l'étiquette.
03.03 Karine Lalieux (PS): Ik
had de vraag betreffende de
bewaringswijzen aan mevrouw
Laruelle
gericht,
omdat
de
controles van de FOD Economie
steeds schaarser worden en er op
dat vlak enorme tekortkomingen
bestaan.
Mevrouw
Laruelle
antwoordde me dat ze de
controles
in
2009
zou
verscherpen.
Een
verantwoordelijke consument kan
niet
zonder
een
gedegen
informatie. Het is echter niet zo
gemakkelijk om de etiketten te
lezen en bovendien bevatten
sommige
producten
weinig
aanbevelingswaardige stoffen. Het
lijkt me interessant om op dat
denkspoor voort te gaan.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Samengevoegde vragen van
- mevrouw Dalila Douifi aan de minister van Klimaat en Energie over "de pistes in de pers voor de
bijdrage van 250 miljoen euro van de elektriciteitsproducenten" (nr. 7888)
- de heer Peter Logghe aan de minister van Klimaat en Energie over "de bijdrage van 250 miljoen euro
van de elektriciteitsproducenten" (nr. 7903)
- de heer Dirk Vijnck aan de minister van Klimaat en Energie over "de bijdragen van de
elektriciteitsproducenten aan de begrotingen 2008 en 2009" (nr. 7965)
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "het leeghalen van het
Synatom-fonds" (nr. 7860)
- de heer Philippe Henry aan de vice-eerste minister en minister van Financiën en Institutionele
Hervormingen over "de belasting op de afgeschreven centrales" (nr. 8023)
- de heer Bruno Tobback aan de minister van Klimaat en Energie over "de pistes in de pers voor de
bijdrage van 250 miljoen euro van de elektriciteitsproducenten" (nr. 8063)
04 Questions jointes de
- Mme Dalila Douifi au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les pistes relatives à la contribution de
250 millions d'euros des producteurs d'électricité dont fait état la presse" (n° 7888)</b>
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
- M. Peter Logghe au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la contribution de 250 millions d'euros des
producteurs d'électricité" (n° 7903)<br>- M. Dirk Vijnck au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les contributions des producteurs
d'électricité aux budgets 2008 et 2009" (n° 7965)<br>- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'opération qui consiste à vider le
fonds Synatom" (n° 7860)<br>- M. Philippe Henry au vice-premier ministre et ministre des Finances et des Réformes institutionnelles
sur "la taxe sur les centrales amorties" (n° 8023)<br>- M. Bruno Tobback au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les pistes relatives à la contribution de
250 millions d'euros des producteurs d'électricité dont fait état la presse" (n° 8063)</b>
04.01 Bruno Tobback (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter, de
formulering van de vraag is inmiddels een beetje achterhaald, gezien
de evolutie in deze aangelegenheid. De grond van de zaak is echter
uiteraard niet veranderd. De vraag blijft dus actueel.
Deze vraag was gebaseerd op een artikel uit De Tijd. Ondertussen is
er ook de verklaring van de regering met wat meer duidelijkheid
geweest. Voornoemde verklaring roept echter evenveel vragen op.
De fameuze bijdrage van 250 miljoen euro, waarover wij in de
commissie en in de rest van de Kamer nu al een heel jaar
discussiëren, zou nu via de omweg van Synatom worden
binnengehaald. Ze zou ook toch voor één jaar worden bestendigd
en tot 500 miljoen euro worden verhoogd. Over de langere termijn
wordt nog niet gesproken.
Daarmee zijn mijn eerste twee vragen beantwoord.
Mijnheer de minister, concreet blijft evengoed de volgende vraag. Ik
heb begrepen dat de producenten al tegen de regeringsbeslissing in
beroep zijn gegaan en hebben aangekondigd alle pistes te zullen
uitputten om de bijdrage niet te moeten betalen. In de veronderstelling
echter dat u voornoemde 250 miljoen euro ontvangt en het
Synatomfonds dus voor 250 miljoen euro in 2008 en voor 500 miljoen
euro in 2009 kan melken, hoe kunt u dan garanderen dat voornoemd
fonds vervolgens opnieuw wordt aangevuld?
Sowieso is immers al duidelijk dat de verplichtingen van het
Synatomfonds, namelijk bijdragen aan de ontmanteling van de
kerncentrales, immens veel geld zullen kosten. De voornoemde 250
en 500 miljoen euro zullen dus meer dan nodig zijn, tenzij u bij deze
meteen ook de geruchten kunt bevestigen dat de huidige regering de
beslissing van de uitstap onmiddellijk zal terugschroeven, wat een
antwoord op mijn volgende vraag zou zijn.
Ten tweede, wij hebben hier al dikwijls naar voren gebracht dat de
genoemde 250 miljoen euro een bijdrage in de vorm van een soort
windfall profit tax moet zijn. Ze zou echter ook de garantie moeten
inhouden dat het bedrag in kwestie door de elektriciteitsproducenten
niet aan de consument zal worden doorgerekend.
U begrijpt dat door de aankondiging dat de bijdrage in 2009
500 miljoen euro zal zijn, de vraag niet minder actueel is geworden.
Ze is vooral niet minder actueel, omdat Synatom op dit ogenblik
sowieso al via de elektriciteitsprijs wordt gevuld.
Indien met andere woorden de regering de beslissing heeft genomen
04.01
Bruno
Tobback
(sp.a+Vl.Pro):
La
fameuse
contribution
de
250 millions
d'euros
des
producteurs
d'électricité
serait
désormais
récoltée par le biais de Synatom,
elle serait maintenue pendant un
an et, en 2009, elle serait portée à
500 millions d'euros.
Le ministre peut-il garantir que le
fonds Synatom sera réalimenté?
En effet, le démantèlement des
centrales nucléaires coûtera très
cher à ce fonds, à moins que le
gouvernement ne veuille renoncer
tout de suite à la sortie du
nucléaire. Pour nous, il faut
considérer
ces
250
millions
d'euros comme une sorte de
"windfall profit tax" et ce montant
ne peut pas être facturé aux
consommateurs. Dans le cadre
des décisions de la CREG à
propos des fameux contrats, les
producteurs
se
seraient
empressés
de
consentir
au
paiement des 250 millions d'euros
si, en échange, ils pouvaient
s'assurer d'obtenir 900 millions
d'euros.
Electrabel mettra-t-il un terme à
toutes les procédures intentées
contre
la
décision
gouvernementale en question si
nous adoptons le projet de loi dont
notre
commission
vient
de
débattre?
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
om de elektriciteitsprijzen in ons land in 2008 met 250 miljoen euro en
in 2009 met 500 miljoen euro te verhogen, hoeven wij geen discussie
te houden over in hoeverre zulks schadelijk is voor de consument. Of
hebt u een andere manier gevonden om te garanderen dat
voornoemde middelen wel degelijk uit de windfall profits van de
elektriciteitsproducenten zullen komen en dat de bijdragen niet aan de
consument zullen worden doorgerekend?
Mijn slotvraag stond niet in mijn oorspronkelijke vraag. In de
commissie en daarbuiten werd echter heel vaak de link gelegd met
ons vorige debat, namelijk over de beslissingen van de CREG
aangaande de fameuze contracten en de bijdrage van 250 miljoen
euro. In dat verband werd het ene als de prijs voor het andere
beschouwd. De producenten zouden hebben gezegd dat de 250
miljoen euro met plezier zou worden betaald, indien zij 900 miljoen
euro kreeg.
Moet ik nu begrijpen dat, indien wij het wetsontwerp dat wij daarnet
hebben besproken, over een paar weken goedkeuren, Electrabel dan
alle procedures tegen voornoemde regeringsbeslissing zal intrekken
of hebt u ook die garantie niet?
04.02 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, collega Tobback heeft natuurlijk al heel wat gras
voor de voeten weggemaaid. Mijn vraag is ondertussen ook al een
paar weken oud en de toestand is ondertussen heel wat veranderd.
Wat ik niet begrijp en wat men algemeen niet begrijpt, denk ik, is dat
al maanden wordt volgehouden dat er een overeenkomst was met de
energiesector in verband met deze bijdrage. Als men nu leest dat
Electrabel inderdaad voorbehoud aantekent en naar de rechtbank zal
stappen om die bijdragebetaling tegen te houden, vraag ik mij toch af
welke afspraken er al gemaakt waren.
Mijnheer de minister, hoe zit dat nu eigenlijk? Is er al een procedure
voor de rechtbank gestart? Als ik uw uitspraken in de discussies van
een aantal weken geleden nog eens nalees, begrijp ik daaruit dat er
alleen nog discussie kon bestaan over het al dan niet recurrent
karakter van de bijdrage. Nu trekt GDF-Suez het bedrag zelf al in
twijfel. Een van de opmerkingen van GDF-Suez was dat het bedrag
buiten proportie zou zijn. Ik dacht nochtans dat de deal rond was.
Als de deal rond is, is er toch een akkoord over de prijs? Als er geen
akkoord is over de prijs, wat voor overeenkomst is dat dan? Wat zult
u doen om het bedrag sowieso te innen? Quid met de zogenaamde
recurrente bijdragen in de toekomst?
Wij slepen deze vragen elke week, elke maand met ons mee. Steeds
opnieuw stellen wij dezelfde vragen. Steeds opnieuw krijgen wij
dezelfde antwoorden. Als men dan leest wat Electrabel zegt, dan
blijven die vragen natuurlijk bestaan.
04.02 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Pendant des mois, le
gouvernement a prétendu qu'il
avait conclu un accord avec le
secteur énergétique au sujet d'une
contribution
de
250 millions
d'euros. Or Electrabel porte
aujourd'hui l'affaire devant les
tribunaux
afin
d'obtenir
la
suspension de la réglementation
aux termes de laquelle elle est
tenue de verser cette contribution.
Aujourd'hui, je m'interroge donc
sur la nature réelle de cet accord.
Cette procédure judiciaire est-elle
déjà entamée?
Il y a quelques semaines, le
ministre a laissé entendre que le
débat ne portait plus aujourd'hui
que sur la question de savoir si
cette
contribution
d'Electrabel
serait ponctuelle ou structurelle.
Aujourd'hui, GDF-Suez va jusqu'à
mettre en doute le montant lui-
même. Comment peut-on parler
d'accord dans ce cas? Comment
le ministre fera-t-il en sorte qu'il
soit bien procédé à la perception
de cette somme?
04.03 Dirk Vijnck (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, de twee collega's voor mij hebben alles al bijna verteld. Ik zal
er nog een paar zaken bij vermelden.
In de vorige commissievergadering hebben we gesproken over die
04.03 Dirk Vijnck (LDD): Je me
rallie aux précédents auteurs de
questions. Le ministre a-t-il des
garanties quant au paiement de
ces 250 millions d'euros par les
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
vrijwillige bijdrage van 250 miljoen. Dat lukt blijkbaar niet met de
elektriciteitsboeren.
Over welke garantie kan de minister beschikken? Zal die 250 miljoen
worden teruggestort aan Synatom? Hoe hoger de straf voor het niet
betalen door de energiesector, hoe meer de sector gestimuleerd zou
worden om de bijdrage effectief te storten. Waarom ligt de strafmaat
in geval van niet betaling niet hoger dan 2% van de winst van de
kernproducenten, gezien de uitspraak van de minister dat er geen
geheim akkoord bestaat inzake een dwangmaatregel?
Kan ik hier wat meer uitleg over krijgen?
Electrabel heeft reeds aangekondigd dat het wetsontwerp te zullen
aanvechten dat de regering ter zake zal voorleggen en het te zullen
laten vernietigen door het Grondwettelijk Hof. Welke argumenten zult
u indien nodig gebruiken, mijnheer de minister, om te weerleggen dat
die belastingen discrimineren?
Er staan 250 miljoen in de begroting voor dit jaar, 500 miljoen in de
begroting voor volgend jaar. Kunnen die echt niet doorgerekend
worden aan de consument? Welke maatregelen worden er genomen
om ervoor te zorgen dat de garantie 100% waterdicht is?
Bent u bereid de onderhandelingen over de bijdrage van de
energiesector aan de begroting voor 2009 en de geplande uitstap uit
de kernenergie te herzien? Is een echte mottenballentaks mogelijk,
zoals in Nederland? Daar wordt een duidelijk contract opgesteld met
de energiesector. Hoe zit het met het eenmalig karakter van de
maatregel? Dat kwam reeds in vorige commissievergaderingen aan
bod maar u gaf tot zover niet veel antwoorden.
Net als voor de begroting voor 2008 rekent de regering erop dat de
energiesector de begroting voor 2009 zal spijzen. Wat zijn de plannen
op lange termijn? Wil u jaar na jaar onderhandelen of desnoods
dwangmaatregelen gebruiken, of verkiest u in plaats daarvan de
knopen door te hakken en eindelijk op lange termijn zekerheid inzake
de energiesector te verschaffen?
producteurs d'électricité? Cette
somme sera-t-elle reversée dans
le Fonds Synatom ? Pourquoi, en
cas de non-paiement, le taux de la
peine n'est-il pas supérieur à 2%
des profits engendrés par la
production d'énergie nucléaire?
Electrabel a annoncé son intention
d'attaquer le projet de loi devant la
Cour constitutionnelle. Comment
le ministre s'y prendra-t-il pour
réfuter l'allégation selon laquelle
cette contribution aurait un effet
discriminatoire?
Quelles
dispositions
adoptera-t-il
pour
garantir que cette contribution ne
soit pas répercutée sur les
consommateurs?
Fera-t-il
procéder à un aménagement
budgétaire? Reconsidérera-t-il la
sortie du nucléaire? Instaurera-t-il
une taxe naphtaline? Qu'en est-il
du caractère ponctuel de cette
contribution? Cette contribution
devra-t-elle être l'objet d'une
négociation avec le secteur tous
les ans? Le ministre appliquera-t-
il des mesures coercitives?
04.04 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, il est vrai
que plusieurs questions évoquées ici ont déjà été abordées lors de la
discussion de la déclaration gouvernementale. Néanmoins, plusieurs
questions posées par mes collègues restent sans réponse et je serais
intéressé par vous entendre à nouveau, d'autant plus que ce dossier
continue à être évoqué régulièrement. Pour ma part, j'avais adressé
une question au ministre Reynders qui portait surtout sur des aspects
fiscaux et qui vous a été transférée. Je vous la poserai donc.
La question porte sur un aspect qui ne me semble pas avoir été
évoqué: quelle est l'implication fiscale du choix du Fonds Synatom
comme moyen technique de prélèvement? Je n'ai toujours pas
compris le choix du gouvernement de s'orienter vers ce fonds plutôt
que d'instaurer simplement une taxe directe. Vous avez répondu à
des questions précédentes qu'il s'agissait d'une recette non fiscale.
J'aurais donc voulu entendre une explication à ce sujet, pour
comprendre ce que cela signifie du point de vue de Suez et du point
de vue de l'État belge en termes de fiscalité, ce que cela entraînait en
termes de montants.
04.04 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Verscheidene van de hier
ter sprake gebrachte vragen
kwamen al aan bod tijdens de
discussie
over
de
beleidsverklaring, maar sommige
vragen bleven onbeantwoord, met
name de volgende: wat is de
fiscale impact van de keuze voor
het Synatom-fonds als technisch
heffingsmiddel? Waarom heeft de
regering geopteerd voor dat fonds
in plaats van gewoon een directe
belasting in te voeren? U heeft
geantwoord dat het om een niet-
fiscale
ontvangst
gaat.
Wat
betekent dat vanuit het standpunt
van Suez en de Belgische staat in
termen van fiscaliteit en om welke
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
bedragen gaat het?
04.05 Paul Magnette, ministre: Monsieur le président, messieurs les
députés, un certain nombre de questions que vous m'adressez
seraient à adresser plutôt à Suez; je n'y répondrai donc pas.
J'apprends comme vous, par la presse, l'attitude que prend le groupe
et comment il entend contester un certain nombre de ces décisions.
Je n'ai évidemment pas à me prononcer sur les motivations de telles
attitudes: c'est à eux qu'il faut vous adresser.
Pour le reste, vous m'interrogez sur l'accord. Or, par définition, si un
projet de loi propose un prélèvement obligatoire, c'est bien qu'il n'y a
pas d'accord. Donc tout ce qui tourne autour de la notion d'accord ne
doit pas figurer ici.
Le projet de loi approuvé en première lecture par le gouvernement
prévoit que 250 millions d'euros seront payés par Synatom; ils seront
remboursés à cette société endéans les deux semaines. Le fonds de
provisions ne perdra ainsi pas de moyens et des provisions nucléaires
resteront garanties tant en ce qui concerne leur dimension que leur
disponibilité. Le projet de loi réglant ce paiement ainsi que son
remboursement par les producteurs est soumis pour avis au Conseil
d'État et sera sous peu introduit à la Chambre. Ainsi qu'il a été décidé
par le conclave budgétaire, le paiement de ces 250 millions d'euros
devient en outre récurrent.
04.05 Minister Paul Magnette:
Heel wat van uw vragen zouden
eigenlijk aan Suez moeten worden
gesteld. Ik heb, net als u, via de
pers vernomen welk standpunt de
groep inneemt en hoe hij bepaalde
beslissingen wil aanvechten. Het is
niet aan mij om me over de
achterliggende motieven uit te
spreken.
Voor het overige stelt u vragen
over het akkoord. Het wetsontwerp
voorziet echter in een verplichte
heffing, wat betekent dat er geen
akkoord bestaat.
Het wetsontwerp dat in eerste
lezing door de regering werd
goedgekeurd, bepaalt dat 250
miljoen euro zal worden betaald
door Synatom; dat bedrag zal
binnen twee weken aan het bedrijf
worden terugbetaald. Zodoende
verliest het fonds voor de nucleaire
voorzieningen geen middelen en
blijven deze gewaarborgd. Het
wetsontwerp
betreffende
de
betaling én de terugbetaling werd
voor advies aan de Raad van
State
voorgelegd
en
wordt
binnenkort bij de Kamer ingediend.
Zoals
tijdens
het
begrotingsconclaaf werd beslist,
wordt de betaling van het bedrag
van 250 miljoen euro overigens
recurrent.
Over de bestemming van het geld zal ook door de Ministerraad
worden beslist, maar het wetsontwerp voorziet erin dat dit geld
inzonderheid zal dienen om investeringen en uitgaven in de
energiesector te financieren.
Indien geen betaling is gebeurd binnen de in de wet vastgelegde
termijn, zal niet alleen een nalatigheidsinterest worden opgelegd,
maar ook een geldboete van maximum 2% van het omzetcijfer, en
niet van de winst.
In het wetsontwerp staat duidelijk dat kernexploitanten en elke andere
vennootschap hun individuele bijdrageplicht op generlei wijze mogen
doorrekenen of verhalen, rechtstreeks of onrechtstreeks, op andere
ondernemingen of op de eindafnemer. Bovendien zullen de
controlebevoegdheden van de CREG worden versterkt door in de
mogelijkheid te voorzien sommige personeelsleden de hoedanigheid
van officier van de gerechtelijke politie te geven, zodat ze ook ter
plaatse opsporingen en vaststellingen kunnen doen.
Le Conseil des ministres décidera
également de l'affectation des
moyens. Le projet de loi prévoit
que ces moyens ne peuvent en
aucun cas être affectés au
financement de dépenses dans le
secteur de l'énergie.
Si les paiements ne sont pas
effectués à temps, une amende de
2 pour cent maximum du chiffre
d'affaires pourra être réclamée,
outre les intérêts moratoires.
Le projet dispose que les
exploitants d'énergie nucléaire ne
pourront
répercuter
leur
contribution
sur
d'autres
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
entreprises ou utilisateurs finaux.
Les compétences en matière de
contrôle de la CREG seront
renforcées du fait de l'octroi, à
certains de ses membres du
personnel, de la qualité d'officier
de police judiciaire.
Évidemment, je ne puis empêcher Electrabel ou d'autres exploitants
nucléaires de contester la loi auprès de la Cour constitutionnelle ou
une quelconque autre instance judiciaire.
Pour les 250.000.000 euros supplémentaires qui ont été décidés en
conclave budgétaire, je puis vous informer que mon intention est de
créer un fonds budgétaire en vue de renforcer les investissements
dans le domaine de l'économie d'énergie, notamment à travers un
partenariat public-privé. Ce fonds sera alimenté par une contribution
de 250.000.000 euros en provenance du secteur de l'énergie. Afin de
s'assurer de l'efficience de ce fonds, le gouvernement vérifiera durant
les mois à venir quels investissements devront être prioritaires.
Quant au choix du véhicule Synatom, il permet une rentrée non
fiscale et favorise l'établissement d'une clef de répartition entre les
producteurs. Par ailleurs, pour les aspects fiscaux, je vous renvoie à
M. Reynders, le ministre des Finances.
S'agissant enfin du mix énergétique idéal pour la Belgique, j'attends
les conclusions de la commission d'experts qui mènera une enquête
indépendante devant permettre au gouvernement de prendre une
décision à cet égard respectant les trois principes de la sécurité
d'approvisionnement, de la compétitivité des entreprises y compris
le niveau de prix -, et le respect de nos objectifs climatiques et
environnementaux. Ces experts ont été sélectionnés et seront
désignés dans quelques jours par le gouvernement. Un rapport
provisoire devrait être disponible au cours du premier semestre 2009.
Uiteraard kan ik Electrabel of een
ander
kernexploitant
niet
verhinderen
protest
aan
te
tekenen bij het Grondwettelijk Hof
of
een
andere
gerechtelijke
instantie.
Voor de 250 miljoen euro extra
waarover in het begrotingsconclaaf
beslist werd, ben ik van plan om
een begrotingsfonds op te richten
als
ruggensteun
voor
de
investeringen in het domein van
energiebesparing, met name via
een publiek-privé partnerschap.
Het fonds zal 250 miljoen krijgen
afkomstig uit de energiesector. De
regering zal in de komende
maanden
nagaan
welke
investeringen prioriteit moeten
krijgen.
Door voor Synatom te kiezen
wordt een niet-fiscale ontvangst
mogelijk en krijgen we een betere
verdeelsleutel
tussen
de
producenten. Wat de fiscale
aspecten betreft, moet ik u
doorverwijzen naar de minister van
Financiën.
Wat de ideale "mix" voor België
betreft, wacht ik de conclusies af
van
de
commissie
van
deskundigen die een onafhankelijk
onderzoek zal voeren dat de
regering in staat moet stellen om
een beslissing te nemen waarbij
drie principes, namelijk bevoor-
radingszekerheid,
competitiviteit
van de bedrijven en respect voor
onze
klimaat-
en
milieudoelstellingen
worden
nageleefd. Die deskundigen
worden over enkele dagen door de
regering
aangewezen.
Een
voorlopig rapport zou in het eerste
semester van 2009 klaar moeten
zijn.
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
04.06 Bruno Tobback (sp.a+Vl.Pro): Mijnheer de voorzitter, ik zal
het kort houden.
Mijnheer de minister, ik noteer uw uitleg. Ik stel vast, puur qua opinie,
dat de hele omweg via Synatom en de hele constructie die u daarrond
hebt moeten maken, op zich een flauw afkooksel is van het principe
van een windfall profit tax zoals die echt hoort, namelijk een belasting
op buitengewone winsten die men louter en alleen ontvangt dankzij
het feit dat de overheid een aantal beslissingen neemt die goed
uitkomen voor een bepaald bedrijf. Door die omweg, om allerlei
redenen, gaat hoe dan ook heel dat karakter verloren. U zult dan ook
nooit verder kunnen gaan dan die 250 of die 500 miljoen, terwijl het
geweten is dat, met name bij de nucleaire producenten en bij de
grootste nucleaire producent in het bijzonder , die buitengewone
winsten enorm veel hoger liggen.
Inzake de risico's van het leeghalen van Synatom, in het geval met
succes de bijstorting wordt betwist, stel ik voor dat we die discussie
voeren op het moment dat het definitieve wetsontwerp daarover in de
Kamer ligt. Tegen dan wil ik in ieder geval ook wel de nodige
duidelijkheid hebben over de redenen, ook de fiscale redenen, die
daar achter zitten. U maakt er zich makkelijk van af door te zeggen
dat de minister van Financiën het maar moet weten. Ik neem aan dat
u als bevoegd minister geen beslissingen hebt genomen zonder te
weten waar het over gaat. Ik ben tenminste zo vriendelijk om ervan uit
te gaan dat u dat niet hebt gedaan. Indien het effectief klopt dat de
reden daarvoor is dat de bijdragen die via Synatom worden gestort,
aftrekbaar zijn als kosten, dan weten we hier allemaal dat u hier
eigenlijk naar huis bent gekomen met 125 miljoen, die naar alle
waarschijnlijkheid door u, door mij en door alle andere mensen die
hun elektriciteitsrekening betalen, ook nog eens extra, erbovenop,
zullen bijgedragen worden in dat fonds. Dan hebt u, met andere
woorden, niets verdiend. Ik stel voor dat we die discussie voeren op
het ogenblik dat er wel degelijk antwoorden zijn op de vragen naar de
redenen van die constructie en het fiscaal statuut van al die bijdragen.
04.06
Bruno
Tobback
(sp.a+Vl.Pro): Tout le détour par
Synatom
est
une
mouture
édulcorée d'une véritable "windfall
profit tax". Par ailleurs, cette
construction ne permet pas de
dépasser les 250 ou 500 millions
d'euros, alors que les bénéfices
extraordinaires des producteurs
nucléaires sont beaucoup plus
élevés.
En ce qui concerne le pillage du
fonds Synatom et les motifs qui le
sous-tendent, je propose que nous
en discutions lorsque le projet de
loi définitif sera examiné. Le
ministre reporte la responsabilité
sur le ministre des Finances. Si les
250 millions d'euros peuvent être
déduits comme frais, tout le
monde devra encore en supporter
les conséquences sur sa facture
d'électricité.
04.07 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter, ik
dank de minister voor zijn antwoord. Nu hebben we toch al op een
aantal vragen een antwoord gekregen. Er blijven natuurlijk wel
evenveel vragen openstaan als vroeger. Er komen er trouwens steeds
bij.
Ik deel de bezorgdheid van collega Tobback over de Synatom-zaak
en ik wil dat dan ook blijven opvolgen.
In elk geval noteer ik dat er geen akkoord was met de sector
aangaande de bijdrage van 250 miljoen euro.
Voorts noteer ik dat de bijdrage van 500 miljoen euro recurrent is. Het
wordt afwachten hoe de sector daarop zal reageren.
Ook vraag ik me af hoe de sector zal reageren als de betaling niet
door de sector gebeurt binnen die bepaalde termijn, aangezien er dan
een boete wordt opgelegd. Ik ben eens benieuwd hoe dat allemaal zal
verlopen.
Ik houd in elk geval de vinger aan de pols. Dat is beloofd.
04.07 Peter Logghe (Vlaams
Belang):
Je
suis
également
préoccupé par la construction
réalisée par le biais du fonds
Synatom et je continuerai à suivre
ce dossier. Aucun accord n'a en
tout cas été conclu avec le secteur
sur la contribution. La contribution
de 500 millions d'euros est
structurelle. Nous attendrons de
voir comment le secteur réagira.
Et que fera le secteur si une
amende est imposée en cas de
paiement tardif?
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
04.08 Dirk Vijnck (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik sluit mij volledig aan bij de vorige sprekers, de heer
Logghe en de heer Tobback. Wij zullen binnenkort nog een grondig
debat voeren over het wetsontwerp dat er gaat komen.
04.08 Dirk Vijnck (LDD): Je
rejoins les orateurs précédents.
Nous aurons très prochainement
l'occasion de débattre en détail de
ce projet de loi.
04.09 Philippe Henry (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je reste
fort sur ma faim, étant donné le caractère très précis de ma question.
Elle ne vous était pas adressée, mais j'ignore pourquoi c'est vous qui
y avez répondu. En l'occurrence, je l'avais adressée à M. Reynders.
Il m'est difficile de croire qu'il vous soit impossible de me répondre au
moins sur le principe, quand bien même vous ne pourriez me donner
de chiffres précis. Sauf erreur de ma part, c'est bien vous qui avez
négocié cette contribution. Dès lors, je ne comprends pas comment
vous êtes incapable de nous dire, à propos de vos négociations avec
Suez, s'il y a une implication fiscale. Autrement dit, ces 250.000.000
seront-ils nets pour l'État belge ou cela sera-t-il nettement moins que
cela? Si vous ne pouvez me donner des chiffres précis, soit; je
poserai la question à M. Reynders. Mais vous devriez quand même
pouvoir me répondre sur le principe.
04.09 Philippe Henry (Ecolo-
Groen!): Ik had een erg precieze
vraag gesteld. Uw antwoord
volstaat dan ook niet.
Tenzij ik me vergis, heeft u de
onderhandelingen
over
die
bijdrage zelf gevoerd. U zou dus
met
betrekking
tot
uw
onderhandelingen
met
Suez
moeten kunnen zeggen of er een
fiscale weerslag is. Gaat het om
250 miljoen euro netto voor de
Belgische Staat? Als u me geen
precieze cijfers kan geven, zal ik
de vraag aan minister Reynders
stellen. Maar u zou me toch een
antwoord moeten kunnen geven
over het principe.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
05 Vraag van de heer Jenne De Potter aan de minister van Klimaat en Energie over "de beveiliging van
de ondergrondse pijpleidingen" (nr. 7767)
05 Question de M. Jenne De Potter au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la sécurisation des
05.01 Jenne De Potter (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, u heeft uitvoerig geantwoord op mijn schriftelijke vraag over
een betere beveiliging van ondergrondse pijpleidingen. U verwees
daarbij naar de reglementering, de KLIM en KLIP-website, de
meldingsplicht bij werken boven die pijpleidingen; waarvoor mijn dank.
Toch moeten wij vaststellen dat er ondanks de bestaande
maatregelen nog steeds ongevallen gebeuren en vaak met zware
gevolgen. Volgens mij zijn echt trefzekere middelen om die
ongevallen te voorkomen de zogenaamd nieuwe elektronische
monitoringsmethodes. Hierbij worden glasvezelkabels boven de
pijpleidingen gelegd zodat over een lange afstand kan worden
geregistreerd wat er gebeurt in de buurt van zo'n pijpleiding. De
gegevens worden vervolgens geanalyseerd op een scherm.
Deze methodes zitten niet langer in een experimentele fase maar zijn
mede dankzij doorgedreven gespecialiseerde ontwikkelingen in België
operationeel en inzetbaar, en daardoor uitermate geschikt voor
ondergrondse hoofdtransportleidingen. Deze bewaking zou de
naleving van het door u geciteerde wettelijke kader kunnen
controleren en bijgevolg voorkomen dat onwetende of nalatige derden
werken uitvoeren in de buurt van leidingen, wat toch de belangrijkste
oorzaak is van beschadigingen zoals u terecht heeft geantwoord.
Bovendien hebben de beheerders van deze hoofdtransportleiding in
05.01 Jenne De Potter (CD&V):
Je constate qu'en dépit des
mesures existantes, des accidents
dus à la sécurisation déficiente
des
conduites
souterraines
continuent de se produire. Ces
accidents pourraient en grande
partie être évités par de nouvelles
méthodes
de
monitorage
électronique,
pouvant
être
concrètement mises en oeuvre et
devenir opérationnelles grâce aux
développements
spécialisés
conçus en Belgique, en particulier
pour les conduites principales
souterraines d'acheminement.
La ministre est-elle au courant des
évolutions
récentes
de
ces
méthodes de monitorage? Ces
évolutions sont-elles suivies de
près? Quel est le point de vue de
la ministre relativement à ces
développements?
Incitera-t-elle
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
hun budgetten posten voorzien voor de financiering van de
beveiliging, onder andere monitoring.
Mijn vragen aan de minister zijn de volgende. Bent u op de hoogte
van deze recente evoluties in die monitoringmethodes? Volgen u en
de bevoegde administratie de ontwikkeling op de voet? Wat is uw
visie inzake die recente ontwikkelingen? Bent u eventueel bereid om
de beheerders aan te zetten om de voorziene financiële middelen
effectief aan te wenden om die beveiliging met een elektronische
monitoring te laten gebeuren?
les
gestionnaires
de
ces
canalisations
à
affecter
les
moyens qu'ils ont prévu de
dégager à des mesures de
sécurisation
assorties
d'un
monitorage électronique?
05.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mijnheer De
Potter, het onderzoek naar nieuwe monitoringmethodes, naast de
klassieke zoals voertuigpatrouille en helikopterpatrouille, wordt van
nabij opgevolgd ook in Europees verband. Deze nieuwe methodes
zitten momenteel nog in een experimenteel stadium.
Momenteel lijken de huidige genomen maatregelen voldoende dankzij
de samenwerking van mijn administratie, Fetrapi en Elia met de
netbeheerders om cartografieën en leidinginformatie op te stellen en
deze ter beschikking te stellen van de crisiscellen en
noodplanningdiensten.
Het
lijkt
dat
er
voldoende
voorzorgsmaatregelen genomen zijn.
In de toekomst kan er eventueel gekeken worden of de efficiëntie van
het bestaande kader verbeterd kan worden. Het lijkt logisch dat de
voorziene middelen effectief door de bevoegde instanties zullen
aangewend worden voor de daartoe voorziene bestemming. Mijn
administratie voorziet tevens in de opvolging, binnen haar
bevoegdheden, van de ontwikkelingen van de monitoringmethodes.
05.02 Paul Magnette, ministre:
L'expérimentation de nouvelles
méthodes de monitorage est
suivie de près. Pour le moment,
toutefois, ces méthodes se situent
encore à un stade expérimental.
Les
mesures
de
précaution
actuelles
me
paraissent
suffisantes
pour
garantir
la
sécurité. À l'avenir, on peut
examiner l'opportunité d'améliorer
le système. Le cas échéant, les
instances compétentes utiliseront
les moyens prévus pour assurer le
financement nécessaire.
05.03 Jenne De Potter (CD&V): Mijnheer de voorzitter, mijnheer de
minister, ik dank u voor uw antwoord dat mij echter niet helemaal
tevredenstelt.
U zegt dat die methodes nog in een experimentele fase zijn. Wat ik
ervan heb begrepen, is dat ze al perfect operationeel zijn. Ik weet dat
er heel wat inspanningen worden geleverd, onder andere de
reglementering en de KLIM en KLIP-website. Dat zijn heel nuttige
stappen die volgens mij echter niet 100% sluitend zijn.
Ik nodig u daarom uit om de ontwikkelingen op dat gebied verder te
blijven volgen en uw administratie daaromtrent aan het werk te zetten.
Zoals u terecht zegt, denk ik ook dat in de toekomst heil kan worden
verwacht van die nieuwe methodes om de veiligheid van de leidingen
te garanderen.
05.03 Jenne De Potter (CD&V):
Selon mes informations, ces
nouvelles méthodes sont déjà
pleinement opérationnelles. En
outre, le système actuel n'est pas
sûr à 100%. J'invite dès lors le
ministre à suivre de près les
développements
dans
ce
domaine.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Question de M. Jean-Jacques Flahaux au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le projet de parc
06 Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de minister van Klimaat en Energie over "de
Belgische plannen voor een offshore windmolenpark" (nr. 7738)
06.01 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le président,
monsieur le ministre, une première plate-forme d'éoliennes off-shore
06.01 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Een eerste offshoreplatform
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
est en cours d'installation dans les eaux territoriales françaises et
belges. Nos voisins développent tous un programme ambitieux
d'éoliennes off-shore: la Grande-Bretagne, les Pays-Bas, l'Allemagne,
le Danemark, etc. Chez nous, une première étape est en cours de
réalisation sur la côte belge.
Monsieur le ministre, pourriez-vous nous informer sur l'état
d'avancement de ce projet, même si vous m'en avez déjà parlé après
le dépôt de ma question, lors de notre rencontre à Braine-le-Comte le
8 octobre 2008?
À quelle étape de réalisation se trouve-t-on dans ce programme?
Rencontre-t-il des difficultés? Lesquelles? De quelle capacité de
production en kWh est-il projeté?
Greenpeace a mené une étude détaillée soulignant la forte plus-value
qu'il y aurait à mettre en réseau les programmes éoliens off-shore de
tous les pays riverains de la mer du Nord. Ce projet a-t-il votre aval?
J'imagine que oui! Pouvez-vous nous indiquer si des contacts ont déjà
été pris? Des négociations se sont-elles initiées en vue de cette
liaison?
Pouvez-vous nous confirmer les retombées en termes positifs de
continuité et de maintien de capacité en kWh annoncées par
Greenpeace? Quel est l'acteur belge qui met en oeuvre ce
programme de liaison? Quelle influence cela va-t-il avoir en
pourcentage de production énergétique belge en général, en
pourcentage de production énergétique verte belge en particulier?
Enfin, quel sera le prix du kWh produit? Quel impact aura-t-il sur le
coût global du kWh?
voor het windmolenpark is in
aanbouw in de Franse en
Belgische territoriale wateren. Al
onze buurlanden ontwikkelen een
ambitieus programma voor de
bouw
van
dergelijke
offshorewindmolens.
Hoe
ver
staan die plannen? Stuit men op
moeilijkheden in dat verband?
Welke? Wat is de geplande
productiecapaciteit uitgedrukt in
kWh?
Greenpeace heeft een studie
verricht waarin de meerwaarde
onderstreept
wordt
die
gerealiseerd zou worden wanneer
de Noordzeelanden hun geplande
offshorewindmolenparken in de
Noordzee met elkaar zouden
verbinden.
Kan
zoiets
uw
goedkeuring wegdragen? Werden
er reeds contacten dienaangaande
gelegd?
Bevestigt u de door Greenpeace
bekendgemaakte gevolgen met
betrekking tot de continuïteit en
het behoud van de capaciteit in
kWh? Wie in België staat in voor
de tenuitvoerlegging van dat
project met het oog op een
onderling
verbonden
offshorestroomnet
in
de
Noordzee? Welke invloed gaat
zulks hebben op het percentage
van de Belgische energieproductie
in het algemeen, en in het
bijzonder op het percentage van
groene energieproductie?
Wat zal ten slotte de prijs zijn van
het geproduceerde kWh? Welke
impact zal die hebben op de
globale kostprijs van het kWh?
06.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur Flahaux, les bases de
notre politique off-shore ont été dessinées, comme vous le savez, lors
de l'élaboration du plan de gestion durable de la mer du Nord en
janvier 2004. Elles ont notamment été concrétisées par l'arrêté royal
du 17 mai 2004 qui délimite une zone de 200 km
2
destinée à
l'implantation d'éoliennes, située entre environ 20 et 55 km de la côte
face à Zeebrugge.
Les ambitions de ce plan étaient la construction de 1.700 à
2.000 MWh installés, ce qui correspond à une production de 5,3 à 6,4
TWh/an, soit entre 5 et 6,5% de la future consommation belge
d'électricité ou encore près de 2.000 millions de tonnes de CO
2
06.02 Minister Paul Magnette:
De
krijtlijnen
van
ons
offshorebeleid werden uitgetekend
tijdens de uitwerking van het plan
voor duurzaam beheer van de
Noordzee in januari 2004 en
kregen concreet gestalte in het
koninklijk besluit van 17 mei 2004
dat een zone van 200 km
2
afbakent voor de bouw van
windmolens. De zone ligt tussen
20 en 55 km van de kust voor
22/10/2008
CRIV 52
COM 337
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
évitées.
Ces bases ont entièrement été confirmées et précisées lors du
Printemps de l'environnement. D'une part, le gouvernement a bien
entendu réaffirmé son soutien à la mise en place de projets jusqu'à
2.000 MWh et, d'autre part, il a surtout commandé une étude
préalable au développement de l'off-shore pour des puissances au-
delà de 2.000 MWh.
Cette étude se fera dans le cadre des objectifs européens en matière
d'énergies renouvelables à l'horizon 2020. De nouveaux projets font
actuellement l'objet d'une procédure d'examen auprès de la CREG.
Les premières décisions seront vraisemblablement prises durant le
premier semestre 2009. Il n'est cependant pas certain que chacun
obtiendra une concession domaniale. Il n'est donc pas certain non
plus que la zone d'implantation soit rapidement attribuée à des
concessionnaires à l'issue de l'examen des différents dossiers en
cours.
La récente étude de Greenpeace que vous citez a retenu toute mon
attention. Il s'avère en effet nécessaire, vu le nombre de parcs éoliens
qui seront installés, de réfléchir à une rationalisation de leur
raccordement terrestre, par exemple via l'implantation d'une plate-
forme en mer. Ces réflexions sont conduites depuis un certain temps
par mon administration et mon cabinet. Le gestionnaire du réseau de
transport Élia participe aussi aux discussions relatives à
l'établissement du réseau marin dit "Supergrid" et aux initiatives
similaires. L'implication dans les projets internationaux de
développement de parcs éoliens off-shore, d'interconnexion et de
développement du réseau est une priorité pour le gouvernement
fédéral.
J'apporterai bien entendu mon soutien aux organismes impliqués
dans les projets européens et l'administration sera chargée de suivre
les projets menés par les pays voisins. Elle examinera s'il est utile
d'associer la Politique scientifique fédérale à cet égard.
Comme l'a indiqué Greenpeace, un tel réseau regroupant différents
parcs permettrait effectivement d'en stabiliser ou d'en lisser la
production globale, certains parcs fonctionnant plus et compensant
ceux qui fonctionnent moins.
L'impact de l'off-shore sur les prix finaux sera déterminé dans le cadre
de l'étude que je commanderai, étude préalable au développement de
l'off-shore pour des puissances au-delà de 2.000 mégawatts.
Zeebrugge.
Met dat plan wilde men eenheden
bouwen met een geïnstalleerde
capaciteit van 1.700 tot 2.000
MW/u, hetzij een productie van 5,3
tot 6,4 terawatt per jaar. Dat stemt
overeen met 5 à 6,5 procent van
het
toekomstig
Belgisch
elektriciteitsverbruik,
of
met
ongeveer 2.000 miljoen ton CO
2
die op die manier niet wordt
uitgestoten.
Die krijtlijnen werden bevestigd
tijdens
de
Lente
van
het
Leefmilieu. De regering heeft
nogmaals haar steun bevestigd
aan de tenuitvoerlegging van
projecten tot 2.000 mW/u en heeft
een studie besteld die voorafgaat
aan
de
ontwikkeling
van
offshorewindmolenparken voor de
productie van een nog groter
vermogen.
Deze studie zal verricht worden in
het kader van de Europese
doelstellingen
inzake
hernieuwbare energie tegen 2020.
De CREG onderzoekt nieuwe
projecten
en
de
eerste
beslissingen
zullen
genomen
worden in 2009.
Ik heb de studie van Greenpeace
aandachtig gelezen. Gezien het
grote aantal windparken dat wordt
gebouwd, moet er inderdaad
nagedacht
worden
over
het
rationaliseren van de aansluiting
ervan
op
het
vasteland,
bijvoorbeeld via een zeeplatform.
De netbeheerder Elia neemt ook
deel aan de besprekingen over de
aanleg van een netwerk op zee,
het
"Supergrid",
en
aan
gelijkaardige
initiatieven.
De
medewerking
aan
de
internationale projecten voor de
bouw
van
offshorewindmolenparken,
de
onderlinge verbinding ervan en de
ontwikkeling van het net wordt
door de regering als een prioriteit
aangemerkt. Ik zal de instellingen
die aan Europese projecten
meewerken,
steunen
en
de
CRIV 52
COM 337
22/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
administratie zal de opdracht
krijgen de projecten van de
buurlanden nauwgezet te volgen.
Ze zal onderzoeken of het nuttig is
om
het
federale
wetenschapsbeleid
erbij
te
betrekken.
Een netwerk van verschillende
parken zou de volledige productie
kunnen stabiliseren of nivelleren,
want sommige parken zouden
meer produceren en de lagere
productie van andere kunnen
compenseren.
De
impact
van
de
offshoreproductie
op
de
uiteindelijke prijs zal bepaald
worden op basis van de studie die
ik zal bestellen voordat de
offshoreparken die goed zijn voor
meer
dan
2.000
megawatt
vermogen zullen worden gebouwd.
06.03 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le ministre, je vous
remercie.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
La réunion publique de commission est levée à 12.47 heures.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 12.47 uur.