KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 334
CRIV 52 COM 334
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
dinsdag
mardi
21-10-2008
21-10-2008
Voormiddag
Matin
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V
Christen-Democratisch en Vlaams
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
N-VA
Nieuw-Vlaamse Alliantie
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a+Vl.Pro
socialistische partij anders + VlaamsProgressieven
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van mevrouw Colette Burgeon aan de
minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de door de Europese Commissie
aangekondigde toekomstige maximumprijs van
11 eurocent voor een internationaal sms-bericht"
(nr. 7473)
1
Question de Mme Colette Burgeon au ministre
pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'annonce
par la Commission européenne d'un futur prix
maximum de 11 centimes d'euros par sms
international" (n° 7473)
1
Sprekers: Colette Burgeon, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Colette Burgeon, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
lijst van in België verleende softwareoctrooien"
(nr. 7472)
3
Question de Mme Zoé Genot au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "la liste des
brevets logiciels délivrés en Belgique" (n° 7472)
3
Sprekers:
Zoé
Genot,
Vincent
Van
Quickenborne, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen, Hans Bonte
Orateurs:
Zoé
Genot,
Vincent
Van
Quickenborne, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification, Hans Bonte
Samengevoegde vragen van de
6
Questions jointes de
6
- heer Peter Logghe aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de stand
van zaken in het Citibankdossier" (nr. 7823)
6
- M. Peter Logghe au ministre pour l'Entreprise et
la Simplification sur "l'état d'avancement du
dossier de Citibank" (n° 7823)
6
- de heer Hans Bonte aan de minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen over "de stand
van zaken in het onderzoek naar Citibank"
(nr. 7973)
6
- M. Hans Bonte au ministre pour l'Entreprise et la
Simplification sur "l'état d'avancement de
l'enquête sur Citibank" (n° 7973)
6
Sprekers: Peter Logghe, Hans Bonte,
Vincent Van Quickenborne
, minister voor
Ondernemen en Vereenvoudigen
Orateurs: Peter Logghe, Hans Bonte,
Vincent Van Quickenborne
, ministre pour
l'Entreprise et la Simplification
Vraag van de heer Jenne De Potter aan de
minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "de omzetting van de richtlijn 2006/46/EG
aangaande de buitenbalansoperaties" (nr. 7656)
12
Question de M. Jenne De Potter au ministre pour
l'Entreprise
et
la
Simplification
sur
"la
transposition de la directive 2006/46/CE en ce qui
concerne les opérations hors bilan" (n° 7656)
12
Sprekers: Jenne De Potter, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Jenne De Potter, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
prijzen van mediamateriaal in België en
omringende landen" (nr. 7589)
14
Question de M. Peter Logghe au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "les prix des
supports multimédia en Belgique et dans les pays
voisins" (n° 7589)
14
Sprekers: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
verhoging van de tarieven van Mastercard"
(nr. 7676)
16
Question de M. Peter Logghe au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "l'augmentation
des tarifs de Mastercard" (n° 7676)
16
Sprekers: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
invoeren van een verplichting tot vermelden van
producentenprijzen
op
consumptiegoederen"
(nr. 7716)
17
Question de M. Roel Deseyn au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "l'instauration
de l'obligation d'indiquer les prix à la production
sur les biens de consommation" (n° 7716)
17
Sprekers: Roel Deseyn, Vincent Van
Orateurs: Roel Deseyn, Vincent Van
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Quickenborne, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Quickenborne, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de
minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen
over "het aantal wanbetalers in de Centrale voor
Kredieten aan Particulieren" (nr. 7787)
20
Question de Mme Katrien Partyka au ministre
pour l'Entreprise et la Simplification sur "le
nombre de mauvais payeurs répertoriés à la
Centrale des Crédits aux Particuliers" (n° 7787)
20
Sprekers: Katrien Partyka, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Katrien Partyka, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
papierwerk bij aannemers" (nr. 7982)
22
Question de M. Peter Logghe au ministre pour
l'Entreprise et la Simplification sur "les formalités
administratives imposées aux entrepreneurs"
(n° 7982)
22
Sprekers: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen
Orateurs: Peter Logghe, Vincent Van
Quickenborne
, ministre pour l'Entreprise et la
Simplification
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
DINSDAG
21
OKTOBER
2008
Voormiddag
______
du
MARDI
21
OCTOBRE
2008
Matin
______
Le développement des questions et interpellations commence à 12.22 heures. La réunion est présidée par
Mme Kattrin Jadin.
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 12.22 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door mevrouw Kattrin Jadin.
La présidente: En attendant l'arrivée de Mme Genot, nous passons à la question de Mme Burgeon.
01 Question de Mme Colette Burgeon au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'annonce
par la Commission européenne d'un futur prix maximum de 11 centimes d'euros par sms
international" (n° 7473)</b>
01 Vraag van mevrouw Colette Burgeon aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over
"de door de Europese Commissie aangekondigde toekomstige maximumprijs van 11 eurocent voor
een internationaal sms-bericht" (nr. 7473)
01.01 Colette Burgeon (PS): Madame la présidente, monsieur le
ministre, la Commission européenne entend imposer dès le 1
er
juillet
2009 une réduction annoncée de 60% du prix moyen des sms
envoyés lors d'un séjour dans un autre pays membre de l'Union
européenne, via un prix maximal de 0,11 euro hors TVA contre un
prix moyen de 0,29 euro aujourd'hui dans l'Union.
Monsieur le ministre, si je me réjouis de voir le dynamisme de la
Commission européenne pour imposer des prix plafonds et entrer de
ce fait dans une logique du contrôle des prix, je regrette néanmoins
que ces bonnes résolutions ne se retrouvent pas pour des biens de
première nécessité ou, en matière de télécom, pour insérer l'accès au
haut débit internet dans le service universel télécom.
Pour en revenir à l'annonce de la Commission, c'est évidemment une
mesure positive pour les consommateurs, particulièrement en
Belgique où la facturation de textos envoyés de l'étranger est
anormalement élevée. Néanmoins, cette annonce me paraît
également surprenante dans la mesure où le prix plafonné exigé par
la Commission européenne rendra, dans certains cas, les sms
envoyés de l'étranger moins cher que les sms nationaux. Car, à
l'exception des nombreux packs ou abonnements spéciaux des
01.01 Colette Burgeon (PS): De
Europese Commissie wil vanaf 1
juli 2009 een maximumprijs
invoeren van 0,11 euro (zonder
btw) per sms-bericht dat tussen de
lidstaten van de Europese Unie
wordt
verstuurd,
terwijl
de
gemiddelde prijs vandaag 29
eurocent bedraagt.
Hoewel ik blij ben met de
prijscontrole door de Commissie,
vind ik het jammer dat deze goede
voornemens zich niet uitstrekken
tot maatregelen om de toegang tot
het breedbandinternet in de
universele dienstverlening inzake
telecom in te passen.
Deze
aankondiging
is
ook
verrassend omdat sms-berichten
die vanuit het buitenland worden
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
opérateurs présents sur notre territoire, le prix pour un sms national
varie en effet entre 0,12 et 0,15 euro.
Mes questions, monsieur le ministre, outre votre réaction face à cette
décision européenne, se rapportent donc à cette situation
hypothétique pour le moins étrange qui consisterait à payer moins
cher un service international qu'un service national.
En résumé, quelle est votre réaction face à cette annonce et à la
situation que je viens de vous énoncer?
Quelles mesures comptez-vous prendre afin d'accompagner cette
décision européenne d'une décision portant sur les tarifs nationaux?
Enfin, comptez-vous plaider auprès de la Commission européenne
afin que l'internet haut débit soit à l'avenir inclus dans le pack
télecom?
verzonden
door
deze
geplafonneerde prijs in bepaalde
gevallen goedkoper zullen zijn dan
binnenlandse sms-berichten.
Wat is uw reactie op deze situatie?
Welke maatregelen zal u treffen
om deze Europese beslissing te
flankeren met een beslissing
betreffende de nationale tarieven?
Zal u bij de Europese Commissie
pleiten voor maatregelen om het
breedbandinternet in de toekomst
in het telecompakket in te
bedden?
01.02 Vincent Van Quickenborne, ministre: Madame la présidente,
cette question porte sur une proposition de la Commission du
23 septembre 2008 relative au prix de roaming pour les sms
internationaux, proposition que j'ai soutenue. Elle sera discutée par le
parlement et le Conseil qui évalueront certainement le niveau de prix
adéquat pour l'envoi et la réception de sms d'un État membre à
l'autre.
Je suppose que le prix final qui sera établi tiendra compte de la
rentabilité des investissements des opérateurs ainsi que de l'intérêt
des consommateurs européens. Je suis donc favorable à l'imposition
d'un prix maximum pour les sms internationaux. Ce marché particulier
est non concurrentiel de par sa nature. Aucun utilisateur final ne
choisira son abonnement sur la base des tarifs sms internationaux,
car la plupart des clients - sauf exception - prêteront beaucoup plus
attention aux prix plus fréquemment pratiqués, relatifs aux appels et
sms nationaux.
Par ailleurs, il n'est pas impossible que ce prix final incite les
opérateurs à revoir les prix qu'ils pratiquent à l'égard des
consommateurs nationaux.
Le cadre réglementaire national des télécommunications privilégie en
principe la réglementation des marchés de gros pour faire baisser les
prix sur les marchés de détail. Donc, ni l'IBPT ni le ministre
responsable ne sont compétents pour instituer dans le cadre
européen un prix maximum pour les sms nationaux sauf si l'IBPT
démontre que les prix appliqués sont excessifs pour le client.
Les prix que vous citez ne me semblent pas être ceux qui sont
actuellement appliqués sur le marché, car il y a tellement de
promotions en permanence que les utilisateurs pour lesquels les prix
des sms nationaux sont importants payeront nettement moins que les
12 ou 15 cents que vous citez.
S'agissant du haut débit, je puis vous informer que son inclusion dans
le service universel, comme il a été prévu dans l'accord
gouvernemental, fera l'objet d'un débat dans les mois à venir, vu que
la présidence française a inscrit cette question à l'agenda.
01.02 Minister Vincent Van
Quickenborne: Het gaat om een
voorstel van de Commissie van 23
september 2008 betreffende de
roamingprijs voor internationale
sms-berichten, dat ik gesteund
heb. Het zal worden besproken
door het Parlement en de Raad,
die zeker een raming zullen
maken van de passende prijsvork.
Ik ben voorstander van een
maximumprijs voor internationale
sms-berichten.
Die bijzondere
markt is door de eigenlijke aard
ervan
niet
concurrentieel:
behoudens uitzondering, kiest de
eindgebruiker zijn abonnement op
basis van de nationale tarieven.
Overigens is het niet onmogelijk
dat die eindprijs de operatoren
ertoe aanzet de prijzen die ze
hanteren
voor
de
nationale
verbruikers, te herzien.
Het BIPT en de verantwoordelijke
minister zijn geen van beiden
bevoegd om in het Europees
kader een maximumprijs in te
voeren voor de nationale sms-
berichten, behalve indien het BIPT
aantoont dat de gehanteerde
prijzen overdreven zijn.
De prijzen die u vermeldt, lijken
niet de huidige marktprijzen te zijn
want er zijn doorlopend zoveel
promoties dat de gebruikers
aanzienlijk minder zullen betalen.
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
Gelet op het feit dat het Franse
voorzitterschap het punt op de
agenda geplaatst heeft, wordt aan
de
breedband
de
komende
maanden een debat gewijd om uit
te maken of dat al dan niet
behoort
tot
de
universele
dienstverlening.
01.03 Colette Burgeon (PS): Monsieur le ministre, je vous remercie
pour vos réponses. Pour le Parlement européen, vous avez parlé d'un
certain temps de cheminement. Pouvez-vous nous dire plus ou moins
quand nous pouvons espérer obtenir un accord et une décision
fermes en ce domaine?
01.03 Colette Burgeon (PS):
Wanneer mogen we een duidelijke
beslissing van het Europees
Parlement verwachten?
01.04 Vincent Van Quickenborne, ministre: L'ambition de la
commissaire Reding, responsable de ce dossier, est que des
décisions soient prises, par le Conseil et par le Parlement, avant les
élections européennes. Elle est très ferme à ce sujet. Et vous avez
raison d'insister. En outre, la Belgique a toujours apporté son soutien
aux propositions de Mme Reding.
01.04 Minister Vincent Van
Quickenborne:
Commissaris
Reding wil dat de beslissingen
door de Raad en het Parlement
voor de Europese verkiezingen
worden genomen. Ze is heel
besluitvaardig.
01.05 Colette Burgeon (PS): Monsieur le ministre, j'espère que les
opérateurs feront de même quant aux appels nationaux. Je vous
remercie.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Question de Mme Zoé Genot au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la liste des
brevets logiciels délivrés en Belgique" (n° 7472)</b>
02 Vraag van mevrouw Zoé Genot aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de lijst
van in België verleende softwareoctrooien" (nr. 7472)
02.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Madame la présidente, monsieur
le ministre, je suis contente d'avoir un ministre jeune et libéral pour
traiter de ce dossier. On sait que vous vous intéressez aux nouvelles
technologies. Or souvent vos prédécesseurs ont eu du mal à cerner
les enjeux du brevetage.
Quel est l'enjeu en matière de brevetage des logiciels? On peut
breveter tout et n'importe quoi. Par exemple, certaines firmes ont
breveté l'achat en un click. Ainsi, toute autre entreprise voulant utiliser
ce processus peut être attaquée par l'entreprise qui l'a breveté. Il en
est de même pour la petite barre de téléchargement qui permet de
voir le volume téléchargé. Toute personne qui l'utilise peut être
attaquée par la personne qui l'a breveté.
On se rend compte de l'existence d'une incertitude juridique et
financière, particulièrement pour les petites entreprises. En effet, les
entreprises plus importantes se rachètent les brevets, elles les
marchandent, elles se les échangent. Bref, elles se débrouillent très
bien! Il n'en va pas de même pour les petites ­ et donc celles qui
nous intéressent principalement; celles qui sont en Belgique.
On a vu dans le début des années 2000, l'Office européen des
02.01 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
Men kan om het even wat
octrooieren. Dat leidt tot fnanciële
en rechtsonzekerheid, in het
bijzonder voor kleine onder-
nemingen. Bij het begin van de
jaren 2000, heeft het Europees
Octrooibureau zich zonder enig
politiek mandaat gewaagd aan het
octrooieren van software. Kan u
me de lijst bezorgen van de
verleende softwareoctrooien of
van de software waarvoor een
octrooiaanvraag werd ingediend?
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
brevets, sans aucun mandat politique, s'avancer dans cette voie. Par
conséquent, le brevetage des logiciels est, dans les faits, apparu.
Le 24 septembre dernier, c'était la Journée mondiale contre les
brevets logiciels. Monsieur le ministre, afin de connaître la situation
exacte en Belgique, pouvez-vous me fournir la liste des brevets
logiciels délivrés ou en attente de l'être?
02.02 Vincent Van Quickenborne, ministre: Madame la présidente,
chère collègue, les brevets sont délivrés en Europe pour toute
invention, dans tous les domaines technologiques, à condition qu'elle
soit nouvelle, qu'elle implique une activité inventive et qu'elle soit
susceptible d'applications industrielles.
Ce principe est posé à l'article 52 de la Convention sur le brevet
européen et se trouve également à l'article 2 de la loi belge sur les
brevets d'inventions.
Le droit européen des brevets place les programmes d'ordinateurs en
tant que tels parmi les éléments non brevetables. L'article 52 §2 de la
Convention sur le brevet européen prévoit en effet que les
programmes d'ordinateurs ne sont pas considérés comme des
inventions au sens de l'article 51. Toutefois, la Convention précise, en
son article 52 §3, que le paragraphe 2 n'exclut la brevetabilité des
éléments qu'il énumère que dans la mesure où la demande de brevet
européen ou le brevet européen concernent un de ces éléments
considérés en tant que tels.
Au niveau international, l'accord sur les aspects de droit de propriété
intellectuelle qui touchent au commerce (accord sur les ADPIC),
négocié sous les auspices de l'Organisation mondiale du commerce,
ne contient aucune exclusion de la brevetabilité visant les inventions
mises en oeuvre par ordinateur. La loi du 28 mars 1984 contient un
régime identique à celui de la Convention sur le brevet européen dont
son article 3 exclut de la brevetabilité les programmes d'ordinateurs
en tant que tels.
Ceci ne signifie pas que les inventions mises en oeuvre par ordinateur
ne sont pas aptes à recevoir la protection par brevet. Ces inventions
sont brevetables sous certaines conditions. La pratique de l'Office
européen des brevets en matière de délivrance de brevets pour des
inventions mises en oeuvre par ordinateur s'inscrit dans le cadre de la
jurisprudence que ses chambres de recours ont développée depuis
de nombreuses années au sujet de l'invention brevetable.
Selon cette jurisprudence, une invention comportant des
caractéristiques fonctionnelles mises en oeuvre par un logiciel est
brevetable si elle apporte une contribution technique inventive à l'état
de la technique.
En d'autres termes, il est possible d'obtenir une protection par brevet
dès lors que le programme d'ordinateur produit des effets techniques
autrement que par le simple fonctionnement de ce programme ou
résout un problème technique, quel que soit le champ d'application de
cette invention.
Une invention portant sur un procédé technique dont la mise en
oeuvre requiert l'intervention d'un programme d'ordinateur est
02.02 Minister Vincent Van
Quickenborne: In Europa worden
softwareoctrooien verleend voor
elke uitvinding, op alle gebieden
van de technologie, mits ze nieuw
is, op uitvinderswerkzaamheid
berust en geschikt is voor indus-
triële toepassingen. In computers
geïmplementeerde
uitvindingen
zijn octrooieerbaar onder bepaalde
voorwaarden. Volgens de recht-
spraak
moet
het
computer-
programma andere technische
effecten voortbrengen dan door de
loutere werking van dat pro-
gramma of moet het een technisch
probleem oplossen. Een uitvinding
die betrekking heeft op een
technisch procedé waarvan de
uitvoering
een
computer-
programma vereist, is octrooieer-
baar zodra de software een
technische bijdrage levert aan de
uitvinding en daar niet als
dusdanig
van
kan
worden
losgekoppeld.
Ik heb mijn administratie gevraagd
me een lijst te bezorgen van de
octrooien en octrooiaanvragen
voor software voor de jaren 2001
tot 2007. De Dienst voor de
Intellectuele Eigendom heeft drie
verschillende lijsten van octrooien
opgesteld: octrooien die verleend
worden met toepassing van de
Belgische procedure, met toepas-
sing van de Europese procedure
met aanwijzing van België of met
toepassing van de internationale
procedure.
Die lijsten worden u via de
commissiesecretaris ter beschik-
king gesteld. De informatie die
men uit die lijsten kan halen, moet
echter met de nodige omzichtig-
heid behandeld worden, omdat de
octrooiaanvragen die de jongste
jaren werden ingediend, nog niet
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
brevetable dès le moment où le logiciel apporte une contribution
technique à l'invention et qu'il ne peut en être séparé en tant que tel.
J'ai demandé à mon administration de me fournir une liste des
brevets et des demandes de brevets liés à des logiciels pour les
années 2001 à 2007. L'Office de la propriété intellectuelle a dressé
trois listes distinctes de brevets selon qu'ils sont délivrés en
application de la procédure belge, de la procédure européenne avec
désignation de la Belgique ou de la procédure internationale.
Les procédures, européenne et internationale, peuvent aboutir à la
délivrance de brevets belges à la condition que leurs titulaires les
valident en Belgique en acquittant les taxes de maintien prévues par
la réglementation belge. Ces listes sont transmises au secrétaire de la
commission afin de vous être communiquées. Elles ont été établies
par une recherche dans les bases de données en utilisant les
classifications internationales de brevets. Les classes qui ont été
retenues sont certaines sous-classes de la classe G-06 (calcul,
comptage). L'identification de ces sous-classes est mentionnée dans
la liste citée plus haut. Plus de 3.000 brevets et demandes de brevets
ont été identifiés.
J'attire toutefois votre attention sur le fait que les éléments
d'information qui peuvent être retirés de la consultation de ces listes
sont à prendre avec certaines réserves, pour deux raisons
essentiellement. D'une part, certaines demandes de brevet déposées
au cours de ces dernières années n'ont pas encore fait l'objet d'une
classification précise. D'autre part, la classe G-06 peut contenir des
brevets et des demandes de brevets ne concernant pas les inventions
mises en oeuvre par ordinateur. En d'autres termes, le critère lié au
choix de la classe G-06 est le plus fiable mais il pourrait se montrer
trop général et n'est certainement pas exhaustif.
Pour obtenir un état des lieux précis des inventions liées aux logiciels
et protégées en Belgique, il faudrait examiner chaque dossier un par
un, analysant les revendications de chaque invention, et étendre la
recherche à d'autres classes. Ce travail prendrait plusieurs semaines
sinon plusieurs mois. Il ne peut être réalisé dans le cadre de la
présente réponse.
En conclusion, je n'ai nullement l'intention de supprimer l'exclusion de
la brevetabilité des programmes d'ordinateur ou l'élargissement des
conditions de brevetabilité. Le droit d'auteur doit rester le droit
intellectuel adéquat pour protéger le software.
nauwkeurig
geclassificeerd
konden worden, en er kunnen
octrooien en octrooiaanvragen
tussen zitten die geen betrekking
hebben op in computers geïmple-
menteerde uitvindingen. Om een
nauwkeurige stand van zaken te
bekomen met betrekking tot
softwaregebonden uitvindingen die
in België beschermd zijn, zou elk
dossier apart moeten onderzocht
worden.
Tot slot ben ik geenszins van plan
om
computerprogramma's
octrooieerbaar te maken of de
octrooieerbaarheidsvoorwaarden
uit te breiden. Het auteursrecht
moet het geschikte intellectuele
recht blijven om software te
beschermen.
02.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!): Je suis contente de prendre
connaissance de la philosophie du ministre dans ce dossier mais, sur
le terrain, il est très difficile de faire la part des choses entre ce qui
implique des conséquences techniques et ce qui n'en implique pas.
L'Office européen des brevets a malheureusement développé une
jurisprudence de brevetabilité des logiciels sur lequel il a
manifestement du mal à revenir. Nous examinerons la liste.
Pour que nous n'ayons pas des mois de recherche à accomplir, il
serait intéressant d'établir de nouvelles catégories plus fines
permettant d'identifier le type du brevet. Nous examinerons la liste
que vous nous transmettrez.
02.03 Zoé Genot (Ecolo-Groen!):
Het verheugt me dat de minister
me zijn zienswijze in dit dossier wil
toelichten, maar in de praktijk is
het
erg
moeilijk
om
een
onderscheid te maken tussen wat
technische gevolgen heeft en wat
niet. Het Europees Octrooibureau
heeft
jammer
genoeg
een
rechtspraak over de octrooieer-
baarheid van software ontwikkeld,
waarop het blijkbaar niet graag
terugkomt.
Opdat
ons
een
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
maandenlange
zoektocht
zou
bespaard
worden,
zou
het
interessant zijn om nieuwe en
fijnere categorieën op te stellen
voor de identificatie van het type
octrooi. We zullen de lijst die u ons
zal laten bezorgen, nader bekijken.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: De volgende vraag op de agenda is de vraag van de heer Logghe over de prijzen van
mediamateriaal in België en in de ons omringende landen.
02.04 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro): Mevrouw de voorzitter, ik wil een
voorstel formuleren. Ik heb gepolst bij de collega's. Mijn galante
collega's gaan ermee akkoord om eerst de vragen over Citibank aan
bod te laten komen.
De voorzitter: Dat is geen probleem. Dan zullen wij eerst die vragen behandelen.
03 Samengevoegde vragen van de
- heer Peter Logghe aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de stand van zaken
in het Citibankdossier" (nr. 7823)
- de heer Hans Bonte aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de stand van zaken
in het onderzoek naar Citibank" (nr. 7973)
03 Questions jointes de
- M. Peter Logghe au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'état d'avancement du dossier
de Citibank" (n° 7823)<br>- M. Hans Bonte au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'état d'avancement de l'enquête
sur Citibank" (n° 7973)</b>
03.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, de voorgeschiedenis en de zaken zoals zij in de
afgelopen week aan het evolueren waren, kennen we ondertussen
natuurlijk, dank zij de interventies van collega Bonte in de plenaire
vergadering van vorige week.
Heel kort, Citibank stelde aan haar klanten een belegging voor die zij
als risicoloos omschreef. Nadien, bij het lezen van de kleine lettertjes,
bleek het te gaan om een kapitaalsgarantie door een Amerikaanse
bank, Lehmann Brothers, die we ondertussen allemaal kennen en
waarvan we weten wat ermee gebeurd is. De vragen rezen of de
klanten niet misleid werden door de publiciteit van de bank en wat u,
als minister, of de regering, daaraan konden doen.
Ondertussen zijn we een maand later. Graag zou ik de huidige stand
van zaken willen kennen. Hoever staat het met het onderzoek? Ik lees
in een aantal kranten dat er een onderzoek gevoerd wordt door de
economische inspectie. Ik hoop dat het ondertussen al afgesloten is.
Indien niet, dan verneem ik dat van u.
U hebt ook gesprekken gevoerd met Citibank in verband met de
kapitaalsgarantie, zoals die werd gevraagd en gekregen door Fortis,
Ethias en Swiss Life. Er zou nog geen garantie gegeven zijn.
Mijnheer de minister, daarom heb ik de volgende concrete vragen
voor u.
03.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): L'on sait que Citibank
avait proposé à ces clients un
placement
qualifié
de
`sans
risque', mais dont la garantie de
capital était assurée par Lehman
Brothers. La question se pose de
savoir si les clients n'ont pas été
induits en erreur par la publicité de
la banque et si le ministre ou le
gouvernement peuvent agir en la
matière.
Quel est l'état d'avancement de
l'enquête? Le tribunal s'est-il déjà
prononcé quant au caractère
abusif de la publicité? Quelles
sanctions
pourraient
être
imposées? De quelle manière
entend-on éviter à bref délai ce
type de publicité trompeuse? Il est
clair que le contrôle a failli. Ne
conviendrait-il pas dès lors de
doter les organismes de contrôle
d'une indépendance totale?
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
Hoever staat het onderzoek?
Heeft de rechtbank zich al uitgesproken over het misleidend karakter
van de publiciteit van Citibank? Zo ja, welke sancties kunnen dan
worden opgelegd?
Welke maatregelen op korte termijn menen u en de regering te
moeten nemen om dergelijke misleidende publiciteit in de toekomst te
vermijden?
Komt hier niet onvermijdelijk de gebrekkige controle door allerlei
controlerende organisaties te berde? Wordt het niet dringend tijd om
die organisaties totaal onafhankelijk te maken?
03.02 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro): Mevrouw de voorzitter, ik wil eerst
de collega's bedanken voor het feit dat ik de gelegenheid krijg voor
mijn beurt te spreken. Ik wil mij ook aansluiten bij de vragen die de
collega gesteld heeft.
Er zijn een paar zaken, mijnheer de minister, die ik eraan wens toe te
voegen. De vragen die al gesteld zijn en die ik ook had ingediend, zal
ik niet herhalen.
Mijn eerste vraag betreft de precieze onderzoeksopdracht die u op 25
september hebt gegeven: aan wie, aan welke instantie? Ik herinner u
eraan dat u de belofte gedaan hebt, in de plenaire discussie, mij
daarover te informeren. Die informatie zal allicht nog onderweg zijn. In
elk geval heb ik nog niets ontvangen. Ik ben echt wel benieuwd,
omdat het belangrijk is in het licht van de vragen die onze collega
gesteld heeft, met name het voorwerp van het onderzoek te kennen
en te vernemen wie in staat is dat onderzoek op een goede manier uit
te voeren.
Mijn tweede vraag is een vraag naar cijfers. Hoeveel klachten zijn er
nu in behandeling bij de Economische Inspectie? Wat is de werkwijze
ter zake? Tegen wanneer kunnen wij conclusies verwachten?
Wanneer zullen de gedupeerden eventueel hun centen terugzien?
Ik wil toch even opmerken dat wanneer ik u vraag tegen wanneer wij
die conclusies kunnen verwachten, ik u telkens wanneer u een
uitspraak doet over Citibank hoor zeggen binnen twee of drie weken.
Ik zou graag het tijdsperspectief kennen.
U spreekt in de media over 4.000 gedupeerden. Over welk
beleggingsproduct hebben wij het dan? U weet dat Citibank heel wat
producten van Lehman Brothers op de markt heeft gebracht. Het
eigenaardige is dat Citibank ook nieuwe producten op de markt heeft
gebracht, zelfs op het moment dat Lehman Brothers aangaf dat de
bank zo goed als kapot was. Als u spreekt over 4.000 gedupeerden,
waar komt dat cijfer vandaan en over welk beleggingsproduct gaat het
dan precies?
Mijn derde en voorlaatste vraag is een vraag naar de samenhang
tussen het onderzoek waarvoor u bevoegd bent via uw departement
en het onderzoek waar minister Reynders naar verwees, dat door de
CBFA zou worden uitgevoerd. Zijn er al conclusies of resultaten of
aanduidingen die bevestigen wat u meent te zien?
03.02 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro):
J'aimerais encore vous poser
quelques questions.
Quelle mission de recherche
précise le ministre a-t-il donnée le
25
septembre?
En
séance
plénière, le ministre s'était engagé
à me fournir des informations sur
le sujet mais je n'ai encore rien
reçu.
Combien de plaintes l'Inspection
économique traite-t-elle? Quelle
méthode de travail utilise-t-on?
D'ici à quand disposera-t-on des
conclusions? Quand les victimes
récupèreront-elles leur argent, le
cas échéant?
Dans les médias, le ministre a cité
le chiffre de quatre mille victimes.
De quel produit d'investissement
s'agit-il en l'occurrence? Citibank a
mis de nouveaux produits sur le
marché alors même que Lehman
Brothers indiquait que la banque
était quasi à l'agonie. Comment
aboutit-on au chiffre de quatre
mille victimes?
Quel est le lien entre l'enquête du
ministre et celle de la CBFA?
Dispose-t-on déjà de conclusions?
Il y a eu une citation en justice au
mois de juin mais à mon grand
étonnement, le ministre a annoncé
qu'un accord à l'amiable avait été
conclu. À ma connaissance,
l'affaire doit encore être jugée.
Qu'en est-il de cet accord à
l'amiable?
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
Voor mijn vierde en laatste vraag wil ik nog eens terugkomen op de
discussie die wij tijdens de plenaire vergadering hebben gehad.
Mijnheer de minister, in juni is er een dagvaarding geweest, onder
meer op basis van het dossier van de Economische Inspectie. Het
was helemaal nieuw voor mij toen ik u vorige week hoorde zeggen dat
er een minnelijke schikking was getroffen.
Bij mijn weten moet die rechtzaak nog plaatsvinden en is er geen
sprake van een minnelijke schikking in dat dossier. Het is een dossier
dat vooral gaat over misbruiken die door uw inspectie zijn vastgesteld
over de manier waarop consumentenkredieten aan de man, de vrouw,
de jonge man en de zwarte vrouw worden gebracht.
Ik had graag geweten of er daar nu effectief een minnelijke schikking
gebeurd is of niet.
03.03 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
collega's, ik zal proberen om zo precies mogelijk te antwoorden op de
precieze vragen. Concreet gaat het over het onderzoek dat loopt
sinds 25 september en wat dat precies inhoudt.
De bevoegde instantie is de algemene directie Controle en
Bemiddeling, de inspectiedienst, bij de FOD Economie. Deze dienst is
bevoegd voor de toepassing van de wet op de handelspraktijken,
artikel 94 en volgende betreffende misleidende reclame.
Het gaat over de verschillende beleggingsproducten die werden
gewaarborgd door Lehman Brothers Holding, een Nederlandse
vennootschap. Met andere woorden, ze zijn ingeschreven in
Nederland. In België worden die producten onder andere door
Citibank verdeeld. Ik zeg onder andere omdat ik ook gevraagd heb
aan mijn inspectie om na te gaan welke andere organisaties en
instellingen die producten hebben verdeeld.
Hetgeen wij doen is nagaan of, op het ogenblik dat het product wordt
verkocht aan consumenten, de regels met betrekking tot reclame
werden gerespecteerd. Wij nemen onze tijd daarvoor. Mijnheer Bonte,
gisteren waren er reeds 112 klachten binnengekomen bij de
inspectiedienst en elke dag komen er vele klachten bij. Ik heb ook
gevraagd aan mijn inspectiedienst om aan de hand van verschillende
verhoren, en niet op basis van één verhaal, het dossier te stofferen,
zodanig dat wij sterk staan. Ik krijg ook iedere dag opmerkingen en ik
krijg de indruk dat men wel degelijk niet voorzichtig genoeg is
geweest bij de verkoop van die producten.
Het gaat over drie perioden. Er is de periode die zich situeert vanaf de
verkoop tot en met einde 2007. Dat was een witte periode, waarin er
nog geen knipperlichten waren. Er is de periode januari tot
september. Dat was een grijze periode. Er waren toen reeds
knipperlichten met betrekking tot de betaling en liquiditeitsproblemen.
Dan was er, evident, de zwarte periode, vanaf het faillissement zelf
van Lehman Brothers Holding in Nederland.
Met andere woorden, ik wil precies weten op welk moment welk
product nog werd verkocht en wat de technieken zijn geweest die de
banken of bankinstellingen hebben gebruikt.
03.03
Vincent
Van
Quickenborne,
ministre:
L'enquête est en cours depuis le
25 septembre.
La
direction
générale Contrôle et Médiation du
SPF Économie est compétente en
la matière. L'affaire concerne les
différents produits de placement
garantis par Lehman Brothers
Holding, une société néerlandaise.
Ces produits ont été enregistrés
aux Pays-Bas. En Belgique, ces
produits
sont
notamment
distribués par Citibank. Mon
inspection se charge de vérifier
quelles autres organisations ont
distribué ces produits.
Nous vérifions si au moment de la
vente, les règles applicables en
matière de publicité ont été
respectées. Hier, 112 plaintes
étaient déjà parvenues au service
d'inspection et de nombreuses
plaintes viennent chaque jour
grossir
ce
chiffre.
L'objectif
consiste à ce que le service
constitue un dossier solide sur la
base de plusieurs auditions. J'ai le
sentiment qu'on a effectivement
manqué de prudence lors de la
vente de ces produits.
La période qui s'est terminée fin
2007 était une période sans
clignotants. La période de janvier à
septembre 2008 a constitué une
période grise: il y avait alors déjà
des clignotants en ce qui concerne
le paiement et les problèmes de
liquidité. La période noire court
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
Mijnheer Logghe, men spreekt over kleine lettertjes. Ik wil weten of
men op het ogenblik van de verkoop van die producten de mensen
daarop wel degelijk heeft gewezen. In de informatiefiche staat,
bijvoorbeeld, uitdrukkelijk vermeld dat er bij faillissement sprake van
kan zijn dat de kapitaalsgarantie niet wordt gegarandeerd. Hebben de
mensen die informatiefiche op dat ogenblik gezien? Hebben ze die
informatiefiche ondertekend? Is daarnaar verwezen in het gesprek?
Mijnheer Bonte, het is geen kwestie van maanden, maar van enkele
weken om informatie in te winnen. Ik wil wel met een ijzersterk dossier
voor de dag komen. Wij winnen nu informatie in en proberen zoveel
mogelijk gedupeerden te horen over wat zij hebben meegemaakt.
Wat het onderzoek zelf betreft, is er vorige week inderdaad een
verhoor geweest door mijn inspectiedienst, van de mensen van
Citibank in Brussel en België, om na te gaan welke publiciteit men
heeft gevoerd. U weet dat de publiciteit moet worden voorgelegd aan
de CBFA vooraleer ze mag circuleren. Beantwoordt de gebruikte
publiciteit aan hetgeen men individueel in bankkantoren heeft
gebruikt? Hoe heeft men de mensen geïnformeerd? Welke brieven
heeft men verstuurd? Er zijn indicaties dat zij niet volledig
overeenstemmen en dat bepaalde kantoren eigenhandig brieven
hebben opgesteld die niet lijken overeen te stemmen met wat er
algemeen was afgesproken. Als dat eenmaal bekend is, zullen wij een
beslissing nemen.
Wat zijn dan de opties die we kunnen nemen?
Er zijn twee opties. Er is een optie voor de toekomst. Daarbij kunnen
wij eventueel via een vordering tot staking voor de rechtbank van
koophandel,
beslissen
om
bij
de
vaststelling
dat
publiciteitscampagnes in dezelfde richting gaan ­ weliswaar voor
andere producten, maar het gaat over de toekomst ­ maatregelen te
nemen. Het moet dan ook worden gedefinieerd ten opzichte van
welke producten dat het geval is.
Ten tweede, wat het verleden betreft, als wij mensen willen vergoed
zien, kunnen wij dat met de huidige wetgeving alleen doen via
burgerlijke partijstelling. Burgerlijke partijstelling kan pas op het
ogenblik dat er een strafklacht is bij het parket en dat het parket de
zaak aanhangig maakt voor de strafrechter. Met het oog daarop
bereiden wij ons dossier op een uiterst diligente manier voor.
Het betreft dus alle producten die werden gegarandeerd door Lehman
Brothers Holding. Wat de precieze bedragen betreft, zegt mijn
inspectie dat vele klachten uiterst onvolledig zijn. Er wordt niet altijd
vermeld over welk product of welk bedrag het gaat.
Dat proberen wij nu te definiëren aan de hand van de ondervragingen
waarnaar ik verwezen heb.
Wat de CBFA betreft, weet ik dat de CBFA contact heeft gelegd is
met Citibank. Ik wil u vragen om daarover minister Reynders te
ondervragen. Ik ben niet verantwoordelijk voor de CBFA.
Wat de publiciteit betreft, heb ik vrijdag nog een onderhoud gehad
met de bank- en verzekeringssector. Men heeft mij beloofd dat er
opnieuw instructies zullen worden gegeven aan de verschillende
depuis la faillite de Lehman
Brothers Holding aux Pays-Bas. Je
souhaite déterminer quel produit a
encore été vendu à quel moment
et selon quelles techniques.
Il faut vérifier si les vendeurs ont
fourni des informations suffisantes
concernant les produits. On peut
lire dans la fiche d'information que
la garantie du capital peut être
remise en cause en cas de faillite.
A-t-on
suffisamment
attiré
l'attention des clients sur cette
clause?
J'entends que cette enquête soit
bouclée
d'ici
à
quelques
semaines. Nous nous efforçons
actuellement
d'obtenir
des
personnes lésées un maximum
d'informations.
La
semaine
dernière, mon service d'inspection
a entendu des responsables de
Citibank à propos de la publicité
qui a été faite en la matière. Toute
publicité doit être soumise à la
CBFA. Nous cherchons également
à déterminer si cette publicité
correspond à la manière dont les
clients ont été informés par les
bureaux, ces derniers ayant
parfois envoyé des courriers de
leur propre initiative.
À l'issue de l'enquête, nous
pourrions saisir le tribunal de
commerce pour exiger que des
mesures soient prises à l'avenir
lors de la mise sur pied de telles
campagnes de publicité. La
législation actuelle ne nous permet
d'indemniser les clients lésés que
par le biais d'une constitution de
partie civile, ce qui n'est possible
que lorsque le parquet ouvre un
dossier auprès du juge pénal.
Nous nous préparons d'ores et
déjà à ce cas de figure.
Les
plaintes concernant
les
produits qui étaient garantis par
Lehman Brothers sont souvent
incomplètes;
nous
nous
employons actuellement à y
adjoindre
les
éléments
manquants.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
leden van die organisaties met betrekking tot reclame teneinde
correcte, eerlijke en transparante reclame te voeren. Onze wetgeving
is goed. Wij hebben een strenge wetgeving betreffende misleidende
reclame. Die wetgeving moet ook worden gerespecteerd, zeker in
tijden waarin een financiële crisis voelbaar is bij de mensen.
Mijnheer Bonte, wat het dossier bij het parket te Brussel betreft, uit de
geruchten die ik gehoord heb, blijkt dat er een dading getroffen zou
zijn en dat het parket te Brussel daartoe overgegaan zou zijn. Om een
exact antwoord daarop te krijgen, uiteraard met respect voor de
confidentialiteit van de procedure die daar lopende is, raad ik u aan
om daarover de minister van Justitie te ondervragen, aangezien dit
niet tot mijn bevoegdheid behoort.
La CBFA a également eu des
contacts avec Citibank mais cette
compétence appartient à M.
Reynders.
Vendredi j'ai rencontré le secteur
des banques et assurances, qui
s'est engagé à rediffuser des
instructions
relatives
à
une
publicité correcte, honnête et
transparente. La législation est
sévère en ce qui concerne la
publicité mensongère mais elle
doit bien entendu être appliquée
également.
J'ai appris que le parquet de
Bruxelles a procédé à une
transaction. Je conseille à M.
Bonte d'interroger le ministre de la
Justice à ce sujet.
03.04 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik noteer ­ tenzij ik
het verkeerd begrepen heb ­ dat uw dossier nog niet helemaal
afgewerkt is. Het siert u dat u er een ijzersterk dossier wilt van maken,
maar het zal toch ooit eens afgesloten moeten worden, en voor de
benadeelden wel liefst zo vlug mogelijk.
Ik deel inderdaad uw overtuiging dat, hoe groot of hoe klein de letters
ook zijn, dit niet onmiddellijk een rol speelt. Ik merk echter dat het er
voor de benadeelde partijen niet al te goed uitziet, als ik u bezig hoor.
Ik vraag mij af of men niet als volgt zou kunnen redeneren. Als men in
de periode waarin de knipperlichten al brandden die producten nog
heeft verkocht, dan moet de verantwoordelijkheid van Citibank zelf
toch kunnen worden aangetoond. Als men niet in die trant redeneert,
dan zie ik inderdaad niet in op welke basis men Citibank
verantwoordelijk zou kunnen stellen. Ik hoop voor de klanten dat het
goed afloopt, maar ik vrees ervoor, zoals het er nu naar uitziet. Ik zal
het dossier verder opvolgen.
03.04 Peter Logghe (Vlaams
Belang): L'enquête n'est donc pas
encore terminée. Je comprends
que le ministre veut mener une
enquête approfondie mais les
personnes lésées veulent bien sûr
voir
des
résultats
le
plus
rapidement possible. Je crains que
les choses ne soient pas positives
pour elles.
Citibank ne peut-elle pas être
jugée responsable étant donné
qu'elle a continué à vendre les
produits qui étaient garantis par
Lehman Brothers, alors qu'il s'est
avéré clairement que la banque
d'affaires américaine était en
difficulté?
Je continuerai à suivre ce dossier.
03.05 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro): Mevrouw de voorzitter, ik wil tijdens
mijn repliek op een paar zaken wijzen.
Mijnheer de minister, ik dank u eerst en vooral voor uw antwoorden. Ik
wil beginnen met een van uw laatste bedenkingen.
Over uw bewering dat wij een goede wetgeving hebben, valt te
discussiëren. In elk geval hebben wij zowel op Belgisch niveau alsook
op Europees niveau een strikte regelgeving. Het gaat in dat verband
om de MiFID-regels, die sinds 1 januari 2007 van toepassing zijn. Zij
bepalen precies wat een bank kan doen. Voornoemde regels zijn er.
Over de vraag of ze al dan niet goed zijn, kan worden gediscussieerd.
Zij bestaan echter.
03.05 Hans Bonte (sp.a+Vl.Pro):
Le ministre affirme que nous
disposons d'une bonne législation.
À
l'échelon
européen,
la
réglementation MiFID stipule les
dispositions précises à observer
par les banques depuis le 1
er
janvier 2007. La législation existe
mais est-elle bonne ou mauvaise?
Le respect de la réglementation
pose toutefois un réel problème.
Les plaintes introduites auprès de
l'Inspection économique en sont la
preuve. Le secteur dispose-t-il de
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
Het is overduidelijk dat wij wel een probleem van regelhandhaving
hebben. Daarom zijn er al die klachten bij de Economische Inspectie.
De vraag die in dat verband rijst is of een overheid of een sector
voldoende gewapend is om de misbruiken en overtredingen op een
efficiënte manier aan te pakken. Daarover heb ik mijn twijfels. De
indicaties die ik, de economische inspectie en andere diensten
hebben, geven immers aan dat wij een manifest probleem inzake
ordehandhaving hebben.
Ten tweede, mijnheer de minister, u vergist zich, wanneer u zegt dat
de CBFA de bevoegdheid heeft om voorafgaand publiciteit- en
reclamecampagnes in te kijken. Het volstaat om het verslag van de
hoorzitting in de Kamer met de heer Servais erop na te lezen. U zal
daarin letterlijk lezen dat het tot zijn grote frustraties behoort dat hij
zulks nu net niet kan doen. De CBFA heeft dus niet de bevoegdheid
en de opdracht om voorafgaand reclamecampagnes te bekijken.
Ten derde, wat de CBFA wel doet, is bij manier van spreken een
visum plaatsen op de financiële en beleggingsproducten die aan het
publiek worden aangeboden.
Daardoor begrijp ik absoluut uw indeling in periodes niet. U hebt het
met name over een witte periode vóór eind 2007 en een grijze periode
tot en met september 2008, terwijl Lehman Brothers op 6 juni 2008
via haar website en via communicatie zelf aangeeft dat zij
fundamentele economische en financiële problemen heeft. Zij moet
na een periode van koersdalingen over het hele voorjaar van 2008,
die ook in onze media weerklank kreeg, op 6 juni 2008 nog eens
toegeven dat zij 2,9 miljard dollar nodig heeft.
De reactie van de andere banken is dat het met Lehman Brothers
heel slecht gaat en zij wel eens de volgende Amerikaanse bank zou
kunnen zijn.
Waar zitten de knipperlichten dan? Moet de CBFA op dat moment
geen knipperlichtsignaal geven? Heeft zij voornoemd signaal
gegeven? Dat is uiteraard een vraag die in de lucht blijft hangen.
Een laatste punt dat ik wil aanhalen, hoewel ik nog heel veel zaken
zou kunnen vertellen, is de vraag waar het genoemde aantal van
4.000 gedupeerden vandaan komt. Dat is een vraag die u niet hebt
beantwoordt. U vertelt aan de media dat er ongeveer 4.000
gedupeerden zijn.
Ik weet niet vanwaar dat cijfer komt. Is dat een raming van de
inspectiediensten of heeft de CBFA onderzocht hoeveel van dergelijke
producten werden verkocht? In elk geval blijft het een vogel in de
lucht.
Ik stel vast dat er een coördinatieprobleem is binnen de regering. U
vraagt een parlementslid om twee andere regeringsleden te
ondervragen over hetzelfde dossier. Dit is nogmaals een bewijs dat er
weinig overleg wordt gepleegd.
Ik zal mijn vraag stellen en zal wellicht opnieuw te horen krijgen dat ik
zeur en doorboom. De regering verplicht mij echter om vrijwel alle
politieke partijen die erin vertegenwoordigd zijn te ondervragen.
moyens suffisants pour lutter
contre les abus?
Au cours de l'audition avec M.
Servais de la CBFA, il est
clairement apparu que cette
commission n'a pas la possibilité
de consulter au préalable les
campagnes de publicité. C'est par
contre la CBFA qui donne
l'autorisation de proposer des
produits
financiers
et
de
placement au public.
Le 6 juin 2008, les informations
communiquées
par
Lehman
Brothers ont clairement révélé que
des problèmes fondamentaux se
posaient. À la suite des chutes
constantes des cours boursiers au
cours du printemps 2008, la
banque a bien dû admettre qu'elle
avait
besoin
de
capitaux
supplémentaires.
La
CBFA
n'aurait-elle alors pas dû tirer la
sonnette d'alarme?
Le ministre annonce par médias
interposés qu'il y aurait quatre
mille dupés. Mais s'agit-il d'une
estimation des services d'inspec-
tion ou une extrapolation à partir
du nombre de produits vendus?
Cette affaire montre clairement
que la concertation est insuffisante
au sein du gouvernement. En
nous renvoyant à ses collègues de
la Justice et des Finances, le
ministre en fournit une démons-
tration supplémentaire. Je les
interrogerai mais je suppose
qu'alors, d'aucuns me repro-
cheront encore de parler de
Citibank. Le manque de concer-
tation au sein du gouvernement
m'y contraint toutefois.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Aan de orde is vraag nr. 7589 van de heer Logghe.
03.06 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter, met
uw goedvinden zou ik de volgende vraag willen laten stellen door de
heer De Potter. Hij heeft ons voorgelaten, nu zouden wij hem graag
voorlaten, want hij heeft nog een afspraak.
04 Vraag van de heer Jenne De Potter aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
omzetting van de richtlijn 2006/46/EG aangaande de buitenbalansoperaties" (nr. 7656)
04 Question de M. Jenne De Potter au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "la
transposition de la directive 2006/46/CE en ce qui concerne les opérations hors bilan" (n° 7656)</b>
04.01 Jenne De Potter (CD&V): Bedankt, collega's, de collegialiteit
in deze commissie is werkelijk ontroerend.
Mijnheer de minister, de overname van ABN-AMRO door Fortis was
in de Fortis-crisis een belangrijk item, ook naar aanleiding van de
discussie of het wel of niet juist was dat Fortis bij de overname van
ABN-AMRO een investeringsfonds van 18 miljard euro buiten de
balans en het jaarverslag zou hebben gehouden.
Dergelijke buitenbalansoperaties zijn niet ongevaarlijk, daar beleggers
op die manier een deel van de risico's niet kunnen inschatten.
Uiteindelijk bleek er in dit concreet geval op dat punt niets aan de
hand en is er wel degelijk gerapporteerd. Toch heeft de Europese
Unie reeds in 2003 een actieplan aangenomen waarin maatregelen
worden aangekondigd tot modernisering van het vennootschapsrecht
en tot verbetering van de corporate governance in de Europese Unie.
Dat resulteerde in richtlijn 2006/46/EG, die onder andere de
buitenbalansoperaties regelt.
Buiten de balans vallende regelingen kunnen voor een vennootschap
risico's en voordelen meebrengen die van belang zijn voor de
beoordeling van de financiële positie van de vennootschap of de
groep. Dergelijke regelingen houden bijvoorbeeld verband met de
oprichting of het gebruik van een of meer speciaal opgerichte
entiteiten of offshore-activiteiten die bedoeld zijn om op economische,
juridische, fiscale of boekhoudkundige doelstellingen in te spelen.
Concrete voorbeelden zijn: risico's en winstdelingregelingen, of
verplichtingen
die
voortvloeien
uit
overeenkomsten
als
schuldfactoring, gecombineerde koop en terugkoop, take or pay-
regelingen, operationele leasing, outsourcing, en dergelijke. Het is
dan ook van het grootste belang dat beleggers concreet geïnformeerd
worden over die operaties om de risico's en de financiële positie van
de vennootschap correct te kunnen inschatten.
De richtlijn bepaalt overigens dat deze informatie moet worden
opgenomen in de toelichting bij de jaarrekening. Die richtlijn moest
omgezet zijn op uiterlijk 5 september 2008, maar dat is tot nu toe niet
gebeurd.
Mijn vragen aan u, mijnheer de minister, zijn dan ook de volgende. Is
de regeling inzake buitenbalansoperaties, zoals voorzien in de
richtlijn, van toepassing op banken en financiële instellingen? Wat is
04.01 Jenne De Potter (CD&V):
La directive 2006/46/CE règle les
transactions
hors
bilan
et
détermine quelles informations
doivent figurer dans l'annexe aux
comptes annuels, afin que les
investisseurs
puissent
mieux
évaluer les risques éventuels. La
directive devait être transposée
pour le 5 septembre 2008 mais ne
l'a pas encore été à ce jour.
La directive s'applique-t-elle aux
banques et aux établissements
financiers?
en
est
la
transposition de la directive? À
quoi est dû le retard? Quand le
projet de loi sera-t-il disponible? Le
ministre connaît-il les lignes de
force éventuelles de ce projet?
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
de stand van zaken wat de omzetting van de richtlijn betreft?
Waaraan is de eventuele vertraging te wijten? Tegen wanneer kunnen
wij het wetsontwerp in de Kamer verwachten? Hebt u al zicht op de
mogelijke krachtlijnen van het ontwerp?
04.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
collega, vooreerst moet worden gezegd dat bij beursgenoteerde
holdings International Finance Reporting Standards moeten worden
toegepast bij de opstelling van de geconsolideerde jaarrekening.
Wat de enkelvoudige of statutaire jaarrekening betreft, deze wordt
opgesteld conform het Belgische boekhoudrecht. Daarbij moet
worden opgemerkt dat in het Belgische boekhoudrecht al van oudsher
in de toelichting bij de jaarrekening de niet in de balans opgenomen
rechten en verplichtingen dienen te worden vermeld, conform artikel
91, XVII van het koninklijk besluit. België kent dus reeds lang deze
traditie.
De omzetting van de richtlijn vergt een aanpassing van zowel het
Wetboek van vennootschappen en het uitvoeringsbesluit bij dit
Wetboek. De aanpassing van het Wetboek van vennootschappen
behoort tot de bevoegdheid van collega Vandeurzen en wordt door
hem voorbereid.
Wat het uitvoeringsbesluit betreft, kan ik melden dat er volop wordt
gewerkt aan een ontwerptekst. De vertraging is in belangrijke mate te
wijten aan de hersamenstelling van de commissie voor de
Boekhoudkundige Normen. Ingevolge de langdurige regeringsvorming
van vorig jaar heeft het een tijd geduurd alvorens deze commissie
opnieuw operationeel was. Momenteel is deze commissie
operationeel onder een nieuwe voorzitter. Daardoor heeft de reeds
gestarte studie vertraging opgelopen en zal ze binnenkort worden
gefinaliseerd. De nieuwe bepalingen zullen evenwel vermoedelijk van
toepassing zijn op de boekjaren die starten vanaf 1 september 2008.
Op die manier zal worden tegemoetgekomen aan wat Europa vraagt.
Artikel 40 van de richtlijn betreffende de geconsolideerde
jaarrekeningen van banken en andere financiële instellingen bepaalt
dat artikel 43, lid 1 van de vierde richtlijn ook van toepassing is voor
de kredietinstellingen. Bijgevolg zal de wijziging inzake regeling buiten
balans ook van toepassing zijn op de genoemde instellingen.
04.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Pour
l'établissement
des
comptes
annuels consolidés, les holdings
cotés en bourse doivent appliquer
les
"International
Finance
Reporting
Standards".
Les
comptes annuels simples ou
statutaires sont rédigés conformé-
ment au droit comptable belge et
le commentaire doit donc depuis
toujours comporter des informa-
tions sur les transactions hors
bilan.
La transposition de la directive
requiert l'adaptation du Code des
sociétés, que M. Vandeurzen
prépare actuellement; un arrêté
d'exécution est également en
préparation. Les retards sont
essentiellement dus aux lenteurs
qui ont présidé à la formation du
gouvernement. C'est en raison de
cette lenteur que la nouvelle
Commission
des
normes
comptables, dont le président est
nouveau
lui
aussi,
n'est
opérationnelle qu'aujourd'hui. Les
nouvelles dispositions s'applique-
ront néanmoins aux exercices
comptables qui débutent en
septembre 2008.
La directive s'applique également
aux établissements de crédit.
04.03 Jenne De Potter (CD&V): Ik dank de minister voor zijn
antwoord. Mijn vraag was natuurlijk ingegeven door het feit dat wij met
een crisis kampen waarbij soms een aantal problemen naar boven
komt in verband met de boekhouding. Ik begrijp nu dat er in België
geen enkel probleem was met de buitenbalansoperaties. Blijkbaar
was in Nederland daarover wel discussie.
Ik begrijp dat de hersamenstelling van de commissie voor de
Boekhoudkundige Normen enige tijd in beslag heeft genomen. Ik kan
alleen maar hopen dat wij binnenkort, liefst zo snel mogelijk, een
omzetting van die richtlijn zien. Ik weet dat minister Vandeurzen daar
volop mee bezig is. Dat is de reden waarom ik deze vraag over het
tweede luik van de omzetting aan u wou stellen.
04.03 Jenne De Potter (CD&V):
Je note qu'aucun problème ne se
pose en Belgique en ce qui
concerne les transactions hors
bilan et que la directive sera
transposée le plus rapidement
possible.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
05 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
prijzen van mediamateriaal in België en omringende landen" (nr. 7589)
05 Question de M. Peter Logghe au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "les prix des
supports multimédia en Belgique et dans les pays voisins" (n° 7589)</b>
05.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de minister, uit
allerlei verhalen die ons ter ore komen blijkt telkens weer dat de
prijzen van mediamateriaal tussen de buurlanden enorm blijven
verschillen. Er is het verhaal van de Belgische consument die in
Nederland bijvoorbeeld een honderdtal lege cd's en dvd's kocht voor
23,95 euro. In België ging op dat moment in een grootwarenhuis een
promotie door waarbij dezelfde hoeveelheid 105 euro kostte. Dat was
dan nog een promotie. Toen deze Belgische consument in Nederland
wou bestellen werd hem door de Nederlandse firma bericht: "Helaas
mogen wij wegens wettelijke bepalingen geen cd en dvd media meer
versturen naar eindgebruikers in België". Naar het schijnt zou
hetzelfde verhaal zich voordoen voor Luxemburg.
Ik heb een aantal concrete vragen. Hebt u een reactie op hetgeen
zich voordoet? Zijn dit en analoge verhalen niet compleet in
tegenspraak met het vrij verkeer van goederen en diensten dat ons
toch was beloofd? Hoe komt het dat de prijzen voor dezelfde waren in
bijvoorbeeld Nederland zoveel lager zijn? Ik hoop dit van u te
vernemen maar volgens bepaalde berichten zou dit iets te maken
hebben met auteursrechten. Ik kan het mij niet indenken maar ik wil
het u toch even vragen. Mijnheer de minister, welke maatregelen
denkt u te nemen om dergelijke toch vrij kafkaiaanse toestanden in de
toekomst op te lossen?
05.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Des écarts de prix
énormes subsistent en ce qui
concerne les supports multimédia.
C'est ainsi que les cd et les dvd
sont beaucoup moins chers aux
Pays-Bas. Le problème, c'est
qu'ils ne peuvent être vendus à
des utilisateurs finals belges.
N'est-ce pas contraire à la libre
circulation des biens et des
services? Comment se peut-il que
les prix pratiqués chez nos voisins
du nord soient si bas? Est-ce lié
aux droits d'auteur?
05.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mijnheer Logghe, sinds
de vrijmaking van de prijzen in 1993 en na het openstellen van de
Europese eenheidsmarkt blijven nog enkel de sectoren waar de
concurrentie niet optimaal kan spelen onderworpen aan de
prijscontrole, onder meer de sectoren van waterdistributie,
teledistributie, afvalverwerking en sectoren met een uitgesproken
sociale dimensie alsook de sectoren van de geneesmiddelen voor
menselijk gebruik, de implantaten en de rusthuizen. De tarieven
toegepast door bedrijven voor cd's en dvd's zijn niet onderworpen aan
de prijscontrole en zijn derhalve volledig vrij.
Het vrij verkeer van goederen is een van de basiswetten van de
interne markt op grond van het EG-verdrag, artikelen 28 tot 30. Onder
de jurisprudentie van het Hof van Justitie is het de lidstaten verboden
de in- of uitvoer naar en uit andere lidstaten te beperken, tenzij om
objectieve redenen van algemeen belang. Ik denk hierbij aan
volksgezondheid, veiligheid en dergelijke meer. De beperkingen
moeten dan ook in verhouding staan tot de doelstellingen. Uit de
regels van het EG-verdrag en de jurisprudentie van het Hof volgt dat
legaal in andere lidstaten geproduceerde en/of in de handel gebrachte
goederen in alle andere lidstaten legaal in de handel mogen worden
gebracht tenzij zulks niet is toegestaan om objectieve en evenredige
redenen van algemeen belang.
Als nationale voorschriften het vrij verkeer van goederen in de
Europese Unie belemmeren wordt bedrijven het recht ontnomen hun
producten te verkopen, neemt de concurrentie op de nationale
markten af en hebben de consumenten minder keuzemogelijkheden
05.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Les tarifs
des cd et des dvd ne sont pas
soumis au contrôle des prix et sont
dès lors totalement libres. Il n'est
pas permis de limiter l'importation
ou l'exportation vers d'autres États
membres, hormis pour des raisons
objectives d'utilité publique.
Tant
aux
Pays-Bas
qu'en
Belgique, une taxe visant à
rémunérer les droits d'auteur est
prélevée sur les cd et dvd vierges
à titre de compensation au
bénéfice des auteurs des oeuvres
reproduites à des fins privées. En
Belgique, c'est la société de
gestion de droits Ovibel qui perçoit
cette rémunération. Il n'est pas
exclu que dans le cas évoqué,
aucune rémunération ne soit
acquittée, ni aux Pays-Bas ni en
Belgique. Je conseille donc à
l'auteur de la question de
communiquer à Ovibel le nom de
l'entreprise néerlandaise concer-
née. Il n'est pas rare que les
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
en dreigen ze dus meer te moeten betalen.
Op lege cd's en dvd's wordt zowel in Nederland als in België een
auteursrechtelijke vergoeding geheven. Dit is een vergoeding ter
compensatie van de reproductie voor eigen gebruik, zoals voorzien in
artikel 55 van de auteurswet. Bij ons wordt dat geïnd door de
beheersvennootschap Ovibel. De tarieven zijn vastgelegd in het KB
van 1996.
Voor lege cd's en dvd's is de vergoeding in Nederland en België de
volgende. Ik geef u straks een kopie van het antwoord zodat u het
kunt nalezen. Voor een audio-cd is het 0,23 euro per uur. In
Nederland is het 0,42 euro per uur. Voor een data-cd is het 0,12 euro
per eenheid en in Nederland 0,14 euro. Voor een dvd is het in België
0,59 euro en in Nederland 0,60 euro. Voor een dvd+rw is het 0,59
euro in België en 0,40 euro in Nederland.
In het door u gegeven voorbeeld van een pakket van 100 cd's
verkocht in Nederland aan 23,95 euro komt de eenheidsprijs voor een
cd dus neer op 0,23 euro. Zoals hiervoor gesteld is de vergoeding
voor een privékopie in Nederland voor een audio-cd 0,42 euro en 0,14
euro voor een cd-rw data. De kans is dus groot dat in het door u
gegeven voorbeeld de auteursrechtelijke vergoeding voor een
privékopie noch in België noch in Nederland werd betaald.
Hetzelfde geldt voor een pakket van lege dvd's. In het door u gegeven
voorbeeld zou de stukprijs per dvd 0,23 euro zijn. Het bedrag van de
vergoeding voor een privékopie ligt in Nederland echter tussen 0,40
euro en 0,60 euro, afhankelijk van het type dvd.
De naleving van de betaling van de auteursrechtelijke vergoeding
voor een privékopie wordt, zoals gezegd, in België gecontroleerd door
Ovibel. Het zou daarom nuttig en wenselijk zijn dat u de naam, als u
die mag geven, van de betrokken Nederlandse firma wilt doorgeven
aan Ovibel om een contact tussen de Belgische controle-instanties en
de Nederlandse collega's te kunnen opzetten.
Het probleem doet zich echter vaak voor bij buitenlandse webshops,
die de Belgische wetgeving betreffende auteursrechten niet
respecteren. Volgens artikel 3 van het koninklijk besluit uit 1996 is de
vergoeding voor privékopie verschuldigd vanaf het ogenblik van het in
omloop brengen van de cd's en dvd's op de Belgische markt.
Artikel 55 van de auteurswet bepaalt dat de vergoeding moet gestort
worden door de fabrikanten, de invoerders en de intracommunautaire
aankopers van apparaten gebruikt voor privéreproductie. Wanneer
een buitenlandse webshop dus lege cd's en dvd's verkoopt die
bestemd zijn voor de privéreproductie bij eindverbruikers in België,
wordt hij beschouwd als invoerder of intracommunautair aankoper.
Het bedrijf moet dus deze verkoop aangeven bij Ovibel en de
vergoeding voor privékopie betalen, of zou die moeten betalen.
In dit kader heeft Ovibel recent een vordering tot staking op basis van
een inbreuk op artikel 55 van de wet van 1994 ingediend tegen
bepaalde buitenlandse webshops. Misschien is er daarom enige
reactie in Nederland. Met deze vordering tot staking streeft Ovibel
ernaar om bij de verdeling van cd's en dvd's op de Belgische markt de
wet betreffende het toezicht te laten naleven.
boutiques internet étrangères ne
respectent pas non plus la
législation belge relative aux droits
d'auteur, ce qui a amené Ovibel à
intenter une action en justice. La
réaction de l'entreprise néerlan-
daise citée par M. Logghe est
peut-être liée à cette action.
La vente de cd et de dvd par des
sociétés néerlandaises à des
consommateurs finals belges n'est
donc nullement interdite, pour
autant que la rémunération au titre
des droits d'auteur soit payée.
Une commission d'avis composée
de représentants des ayants droit
comme des débiteurs se penche
sur une évaluation des tarifs. À
l'automne, nous pourrons consa-
crer un débat en commission aux
droits d'auteur.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
De verkoop van cd's en dvd's door Nederlandse vennootschappen
aan eindgebruikers op de Belgische markt is dus geenszins verboden,
zolang de vergoeding voor privékopie wordt betaald.
Tot slot kan ik u melden dat met artikel 11 van het KB van 1996 een
adviescommissie werd opgericht met de vertegenwoordigers van
rechthebbenden en debiteurs. Deze commissie brengt advies uit
inzake de te hanteren tarieven voor de vergoeding van privékopie. De
commissie is al drie keer samengekomen ten einde de tarieven te
evalueren en ons toe te laten in het najaar in de commissie een debat
te hebben over de auteursrechten.
Tot daar een volledig antwoord op uw vraag.
05.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter, een
heel korte repliek want het antwoord van de minister was inderdaad
zeer volledig. Het plaatst het verhaal toch in het groter wettelijk kader.
Ik zit toch wat in tweestrijd of ik inderdaad de klant en de naam van de
firma in kwestie kan blootgeven. Ik zal in elk geval eens polsen hoe
dat zit, om dat toch wat verder te kunnen uitspitten.
Ik neem er nota van dat tegen bepaalde Nederlandse webshops een
vordering tot staking is ingesteld. Ik kijk met u uit naar de discussie
over auteursrechten op het einde van dit jaar.
05.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Je vais vérifier si je peux
vous transmettre le nom de la
firme néerlandaise concernée et
j'attends avec impatience la
discussion sur la question des
droits d'auteur.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
06 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "de
verhoging van de tarieven van Mastercard" (nr. 7676)
06 Question de M. Peter Logghe au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'augmentation
des tarifs de Mastercard" (n° 7676)</b>
06.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, er bestaat een tendens in Europa om alles wat
met communicatie te maken heeft, goedkoop te maken. Er bestaat
ook een sterke tendens om elektronisch bankieren te promoten, wat
kostenbesparend is voor de banken. Dat is zeker in deze barre tijden
toch mooi meegenomen voor de banken, denk ik. Juist nu kondigt
Mastercard aan dat het zijn tarieven voor handelaars zal verhogen en
nog geen klein beetje; in bepaalde gevallen zou men de prijzen
verdubbelen of verviervoudigen. FEDIS, de overkoepelende federatie
van de distributiesector, en Unizo hebben verbaasd en
verontwaardigd gereageerd.
Mijnheer de minister, hebt u kennis van deze vrij drastische verhoging
bij Mastercard, in elk geval voor de handelaars?
Hebt u kennis van de reden voor deze prijsverhoging?
Volgens Unizo zouden de nieuwe tarieven in strijd zijn met de
Europese regelgeving. Weet u waarop die bewering is gebaseerd?
Klopt die bewering?
Is er overleg geweest met de sector? Zijn er resultaten te melden?
06.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): La société de cartes de
crédit Mastercard revoit fortement
à la hausse les tarifs facturés aux
commerçants. Fedis et Unizo ont
déjà fait part de leur indignation à
ce sujet.
Quels sont les motifs de ce
relèvement des tarifs? Cette
augmentation est-elle conforme à
la réglementation européenne? Le
secteur a-t-il été consulté au préa-
lable? Cette hausse s'explique-t-
elle par la position de monopole
acquise par Mastercard?
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
In hoeverre heeft Mastercard een monopolie op het elektronisch
betaalverkeer in ons land, mijnheer de minister? Is het mogelijk dat
juist die monopolievorming de oorzaak is van de tariefverhoging?
06.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
collega, ik kan u bevestigen dat ik inderdaad op de hoogte ben van de
berichten waarnaar u verwijst. Het is ook belangrijk om erop te wijzen
dat de prijsverhoging niet alleen geldt voor ons land, maar voor een
hele reeks Europese landen. Mijn beleidscel heeft hierover contact
gehad met de verschillende betrokken sectoren, in samenspraak met
de Algemene Directie Mededinging.
De Algemene Directie Mededinging bespreekt het probleem ook met
de Europese Commissie omdat het blijkbaar de hele Europese Unie
aangaat.
U kunt er in elk geval op rekenen dat dit onderwerp is meegenomen in
een vooralsnog informeel lopend onderzoek van de Algemene
Directie Mededinging met betrekking tot monopolievorming. Dat
onderzoek zal onder meer uitwijzen hoe het staat met de
monopolievorming in deze sector en het eventuele verband met de
tariefverhoging.
Uw punt is dus terecht. Het is een Europees probleem. We proberen
er ook in België iets aan te doen. Ik hoop binnenkort met resultaten op
dat vlak naar buiten te komen. Het is een relevante vraag. Op het
ogenblik dat wij voor elektronisch betaalverkeer kiezen, is het ook een
relevant probleem. De strijd tegen monopolievorming die wij in andere
sectoren voeren, zullen we dus eventueel ook in deze sector
aangaan.
06.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Je suis
au courant de ce relèvement des
tarifs. Mastercard a adapté ceux-ci
dans
de
nombreux
pays
européens. Ma cellule stratégique
a eu des contacts à ce sujet avec
tous les secteurs concernés. La
Direction
générale
de
la
concurrence
a
soulevé
le
problème auprès des instances
européennes et effectue elle-
même une enquête informelle
quant à une éventuelle constitution
de monopole.
06.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter, ik heb
daaraan niets toe te voegen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
07 Vraag van de heer Roel Deseyn aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
invoeren van een verplichting tot vermelden van producentenprijzen op consumptiegoederen"
(nr. 7716)
07 Question de M. Roel Deseyn au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "l'instauration de
l'obligation d'indiquer les prix à la production sur les biens de consommation" (n° 7716)</b>
07.01 Roel Deseyn (CD&V): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, zoals vele vragen en discussies kan deze vraag ook
opgehangen worden aan het actueel klimaat inzake koopkracht en de
financiële crisis. Ze is op de eerste plaats ingegeven door de vraag
naar meer transparantie en meer voorlichting voor de consument
vanuit de duurzaamheidsgedachte, zeker als het gaat over niet
algemene consumptiegoederen maar specifiek de voedingsmiddelen,
wat toch in de basisaankoop van een modaal huishouden vervat zit.
Het is belangrijk om de consument aan te geven hoe de prijzen zijn
samengesteld. Het gaat niet om een of andere dirigistische
staatsinterventie hoe prijzen moeten worden samengesteld, maar
voor bepaalde voedingsproducten als verse groenten of fruit zou het
niet onlogisch zijn er wat meer voorlichting over te geven. Dat zou ook
betekenen dat er een zeker zicht is op de distributie en de
07.01 Roel Deseyn (CD&V): En
France et en Italie, il est question
de mentionner les prix à la
production sur l'emballage des
produits
vendus
dans
les
magasins et les supermarchés.
Chez nous, le litre de lait est
produit
pour
environ
27
eurocentimes et se vend à un euro
et demi. La mention du prix à la
production sur l'emballage permet
au consommateur de mieux suivre
l'évolution des prix.
Le
ministre
suit-il
les
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
transportketen die deze producten moeten afleggen. De consument
kan dan ook zijn gedrag, al dan niet in de richting van duurzaamheid,
bijsturen.
Dit idee komt niet zomaar uit de lucht vallen. In Italië en Frankrijk is er
een politieke discussie daarover bezig. Men kwam tot het voorstel en
de verplichting om producentenprijzen te vermelden op de verpakking
van de producten in winkel of warenhuis. Men zou dan bijvoorbeeld
zien dat producenten van de lokale markt maar een derde of een
vierde krijgen van de eindprijs in de distributie. Een sprekend
voorbeeld als melk wordt hier geproduceerd voor ongeveer 27 cent en
verkocht voor anderhalve euro. Zo kan de consument daar inzicht in
krijgen en de evolutie van de prijzen zien.
In het kader van duurzaamheid en bewust consumeren zou deze
transparantie wel aan de orde zijn, zonder dat dit de marktwerking
moet verstoren of zonder dat daaraan een prijzenpolitiek,
maximumprijzen, maximumdrempels of maximumverhoudingsratio's
worden gekoppeld. Daarover gaat het niet in de eerste plaats, wel
over dat de mensen kunnen zien wat hun ecologische voetafdruk is.
Misschien komt er een zeker respect voor lokale en
seizoensgebonden producten.
Volgt u wat er in Italië en Frankrijk daaromtrent gebeurt? Een en
ander kadert best in een Europese aanpak. Ziet u daar meteen heil
in? Zal de regering zich actief engageren in de Europese dialoog
daarover? Kunt u misschien uw visie en argumentatie daarover
communiceren? Zou u eventueel zelf actief stappen zetten om op
termijn tot dergelijk systeem voor bepaalde producten te komen, in
het kader van meer consumentenbewustzijn?
Voorziet u, in uw hoedanigheid van minister voor Ondernemen en
Vereenvoudigen, in andere maatregelen in deze richting? Op welke
termijn ziet u dit alles?
développements à ce sujet en
France et en Italie? Souhaite-t-il
une approche concertée au niveau
européen? Quelles démarches
compte-t-il entreprendre en la
matière et dans quel délai?
07.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
collega, ik heb kennis genomen van het Italiaans initiatief. De
discussie die in Frankrijk wordt gevoerd, was mijn specialisten ook
bekend, maar ik ben toch een andere mening toegedaan.
Ik meen dat de verantwoordelijkheid om te waken over een correcte
prijsvorming van de consumptiegoederen, in de eerste plaats bij de
overheid ligt. Dat is niet de verantwoordelijkheid van de consument.
De consument moet vandaag immers al heel wat informatie
verwerken bij de te koop aanbieding van producten, onder meer op
het vlak van de prijzen. U weet dat wij in ons land de verplichting
hebben om de totaalprijs van een product op de verpakking en
desgevallend de prijs per meeteenheid te vermelden. Daarnaast
moeten de gegevens over de samenstellende delen van die prijs
worden vermeld. Dat maakt dat de verplichtingen voor de kleinhandel
alleen maar zwaarder en onoverzichtelijker worden zonder dat deze
elementen van aard zijn om de keuze van de consument te vergroten.
Een maatregel waarbij we producentenprijzen zouden moeten
vermeld zien op producten valt niet te rijmen met het prijsbeleid dat
wordt gevoerd en dat, op enkele uitzonderingen na, de fabrikanten de
vrijheid verleent om zelf hun prijzen en winstmarges te bepalen.
Producentenprijzen evolueren voortdurend en een verplichte
07.02
Vincent
Van
Quickenborne,
ministre:
Je
connais les initiatives prises à
l'étranger mais je considère qu'il
incombe
avant
tout
au
gouvernement de veiller à ce que
la formation des prix soit correcte.
En Belgique, il est obligatoire de
mentionner sur les emballages le
prix total des produits et, le cas
échéant, le prix par unité de
mesure. De plus, les données
relatives aux composantes du prix
doivent aussi être indiquées.
Il serait impossible de combiner
une mesure obligeant à mention-
ner les prix des producteurs et la
politique qui est menée en matière
de prix. À quelques exceptions
près, cette politique laisse aux
fabricants la liberté de fixer eux-
mêmes leurs prix et leurs marges
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
vermelding van de meest recente prijs op de verpakking van een
product in de winkel is praktisch onhaalbaar en zou kunnen leiden tot
nog minder transparantie voor de consument.
Tevens schrijft een dergelijke aanpak zich niet in in de zienswijze die
de Europese commissie vertolkt in het voorstel van richtlijn over de
consumentenovereenkomsten. In het genoemde voorstel is onder
meer voorzien welke prijsinformatie de professionelen voor de
verkoop aan consumenten moeten verstrekken. Zoals op andere
vlakken wordt er meer en meer overgegaan tot maximale
harmonisatie. Dit laat de lidstaten niet meer toe eigen aanvullende
klemtonen te leggen.
De correcte en transparante werking van de markt vormt voor de
consument de beste waarborg om te kunnen genieten van eerlijke
prijzen. Zoals ik net heb geantwoord aan een collega, behoren het
voeren
van
een
krachtig
mededingingsbeleid en
sterke
concurrentieorganen tot mijn prioriteiten. De acties van de
mededingingsautoriteiten in sectoren als telecom, chemie, bakkers,
industriële maalderijen, rijscholen, zoetwaren en betaalinstellingen
tonen aan dat ook op dit terrein wordt gewerkt.
U hebt een vraag gesteld over de flankerende maatregelen. Dat is
een belangrijk instrument en dat brengt mij tot uw vraag over
producentenprijzen. De producentenprijzen zijn wel relevant voor onze
analyse en observatie van de prijsvorming. U hebt een punt. De vraag
is echter of de consument die moet controleren of de overheid. De
overheid heeft daar een belangrijke taak. We hebben het vanochtend,
in de algemene bespreking, een eerste keer gehad over het
prijsobservatorium dat wordt opgericht binnen het Instituut voor de
Nationale Rekeningen. Dat prijsobservatorium zal op een ogenblik
van prijsanalyse moeten vaststellen wat de prijsvorming is geweest
vanaf de productie tot de verkoop van een product. De
producentenprijs is een element in die hele keten.
Het is belangrijk dat bij de analyse die producenten worden
geobjectiveerd en gecontroleerd, zodat we kunnen nagaan, bij de
analyse van een bepaald product en de prijs ervan, of de regels zijn
gerespecteerd, met andere woorden, of er geen sprake is van
monopolie, van misbruik van machtspositie of van manifeste
misbruiken. Daarvoor zijn de producentenprijzen belangrijk en we
zullen die ook goed kunnen gebruiken. De vraag rijst of dat de taak is
van de consument, dan wel van de overheid. Volgens mij is het de
taak van de overheid en niet zozeer van de consument.
Vergeet ook niet dat ik tevens minister ben voor Vereenvoudiging. Als
ik dat zou opleggen aan de winkeliers, en zeker aan de
kleinhandelaars, dan zou dat een zeer zware administratieve last zijn
voor hen. We hebben in de vorige periode nog maar beslist om voor
bepaalde winkeliers de verplichtingen, in samenspraak met
consumentenorganisaties, ook Test Aankoop, wat te versoepelen; als
ik mij niet vergis gaat het om winkels onder een oppervlakte van 150
vierkante meter. Als we nu bijkomende verplichtingen zouden
opleggen inzake informatie die voor de consument niet zo relevant is,
maar wel voor de overheid, dan zou dat volgens mij een te zware
administratieve last zijn die niet meteen opweegt tegen het voordeel
dat wij mogelijkerwijze met die publicatie zouden kunnen bekomen.
bénéficiaires. De plus, les prix des
producteurs évoluent en perma-
nence. La mention obligatoire du
prix le plus récent sur l'emballage
du produit proposé à la vente est
irréalisable dans la pratique et
pourrait se traduire par une
moindre transparence pour le
consommateur. De même, cette
approche ne coïncide pas avec la
vision
développée
dans
la
proposition
européenne
de
directive sur les accords de
consommation. La tendance est,
de
plus
en
plus,
à
une
harmonisation maximum. De ce
fait, les États membres n'ont plus
l'occasion de poser leurs propres
accents complémentaires.
Pour
le
consommateur,
le
fonctionnement
correct
et
transparent du marché constitue la
meilleure garantie qu'il peut
compter sur des prix justes. Une
politique
énergique
et
des
organismes forts en matière de
concurrence, telles sont mes
priorités. Les prix des producteurs
sont pertinents, par contre, au
regard de notre analyse et de
l'observation de la formation des
prix. Les pouvoirs publics ont un
rôle important à jouer dans ce
domaine. Un observatoire des prix
sera créé au sein de l'Institut des
comptes nationaux.
Les prix à la production peuvent
être utilisés avantageusement afin
de
détecter
l'existence
de
monopoles, d'abus de position
dominante ou d'autres abus
manifestes.
Je suis également ministre de la
Simplification. Imposer cela aux
commerçants, et surtout aux petits
commerçants, constituerait une
lourde charge administrative qui
pourrait apparaître déséquilibrée
par rapport aux avantages qu'une
telle mesure procurerait. Il s'agit
en outre d'informations plus utiles
pour les pouvoirs publics que pour
le consommateur lui-même.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
07.03 Roel Deseyn (CD&V): Mevrouw de voorzitter, ik vind het
antwoord van de minister wel interessant wanneer hij ook sterk de
nadruk legt op de rol van de overheid en de rol van het toekomstig
prijsobservatorium. Wel rijst de vraag welke macht dat observatorium
zal hebben. Wanneer een onrechtmatige of disproportionele
verhouding
wordt
vastgesteld
tussen
producentenprijs
en
consumentenprijs, zal er dan ook een mogelijkheid zijn tot interventie?
Het is duidelijk dat we die discussie vandaag niet zullen afronden.
Ook inzake duurzaamheid, leefmilieu, CO
2
-discussie, is die zaak
uiterst relevant.
Ik stel zeker niet de winstmarges op zich ter discussie, zoals die
vandaag bestaan. Dat zal ook voorwerp uitmaken van onderzoek. Het
is duidelijk dat dergelijke ideeën ook maar beperkt toepasbaar zullen
zijn voor een aantal basisproducten, waar bijvoorbeeld de veilingprijs
in rekening genomen kan worden.
Er kan ook op een andere manier gecommuniceerd worden. Men kan
bijvoorbeeld zeggen, zonder rechtstreeks over consumentenprijs te
spreken, dat een product x aantal kilometers heeft afgelegd.
Dergelijke ideeën dragen allemaal bij tot meer transparantie.
Wanneer tegen de consument wordt gezegd dat de voedselprijzen
zijn gestegen, kan hij zelf een en ander duiden of zich een opinie
vormen, bijvoorbeeld over de vraag of hij voedsel wil kopen met die
bepaalde prijssamenstelling. Het gaat trouwens niet altijd over de
eindprijs. Soms is men bereid om iets meer te betalen, wanneer men
bijvoorbeeld ziet dat men recht doet aan een producent die het
moeilijk heeft op de lokale markt, zoals bijvoorbeeld kleinere boeren
of andere productie-eenheden.
In die zin denk ik dat het een bijdrage is tot de discussie. We zullen
die niet in alle finesses afronden. Het zou wel goed zijn, mocht dat
worden meegenomen, of voor een beperkte reeks van producten, dat
er ook een bepaalde voorlichting gebeurt in het kader van het
prijzenbeleid. Dat hoeft misschien niet meteen in de winkels, maar het
kan ook via overheidspublicaties. Ik denk dat dat bewuster
consumeren in de hand zou kunnen werken.
07.03 Roel Deseyn (CD&V): Le
ministre met fortement l'accent sur
le rôle des pouvoirs publics et du
futur observatoire. La question est
de savoir si cet observatoire aura
réellement le pouvoir d'intervenir.
Cette discussion est encore à
mener.
Il convient également de vérifier
s'il serait également opportun
d'examiner
la
question
des
marges bénéficiaires. Les idées
émises
sont
uniquement
applicables à un certain nombre
de produits de base.
On pourrait également envisager
une communication différente, par
exemple à propos de la formation
du prix d'un produit, avec
notamment
une
composante
"distance parcourue". Le prix final
n'est pas toujours le seul critère; le
producteur peut également jouer
un rôle dans les choix posés par
les consommateurs.
Nous ne pourrons pas clôturer ce
débat aujourd'hui. Je pense que la
communication
avec
les
consommateurs à propos de la
politique des prix, par exemple par
le biais de publications officielles,
est une question qui a sa place
dans cette discussion.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van mevrouw Katrien Partyka aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over
"het aantal wanbetalers in de Centrale voor Kredieten aan Particulieren" (nr. 7787)
08 Question de Mme Katrien Partyka au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "le nombre
de mauvais payeurs répertoriés à la Centrale des Crédits aux Particuliers" (n° 7787)</b>
08.01 Katrien Partyka (CD&V): Mevrouw de voorzitter, mijnheer de
minister, een van de manieren om de vinger aan de pols te houden bij
het doorsijpelen van de kredietcrisis naar de reële economie, is het
aantal wanbetalingen. De vorige stand van zaken dateert van 30 juni.
De volgende stand van zaken krijgen wij normaal gezien op 31
december. Is het mogelijk om een tussentijdse stand van zaken te
geven, zodat wij de evolutie sinds eind juni kunnen bekijken?
Daarbij aansluitend merk ik nog op dat uw collega Magnette inzake de
preventie
gewag
gemaakt
heeft
van
een
nationale
preventiecampagne, door het Fonds ter bestrijding van de overmatige
08.01 Katrien Partyka (CD&V):
Le dernier état des lieux relatif aux
mauvais payeurs remonte déjà au
30 juin dernier et le prochain est
attendu pour le 31 décembre. Le
ministre peut-il nous brosser un
tableau de la manière dont se
présente
la
situation
dans
l'intervalle?
Le Fonds de traitement du
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
schuldenlast. Hij heeft ook gezegd dat hij wacht op uw fiat. Ik vraag
mij af of preventie geen gemeenschapsbevoegdheid is. Wat denkt u
daarvan?
Surendettement veut semble-t-il
organiser une campagne de
prévention
nationale
dont
l'autorisation relèverait du ministre
pour l'Entreprise. Ne s'agit-il pas là
d'une
compétence
communautaire?
08.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
collega, ik heb een tabel met exacte cijfers. Ik zal hem u straks ook
bezorgen. In de periode van 30 juni 2008 tot 30 september 2008 zien
wij een toename met 0,5% in het aantal personen dat geregistreerd is.
Op 30 juni waren het er 4.761.157 en op 30 september 4.787.262.
Wat het aantal personen met minstens één betalingsachterstand
betreft, merken we een toename, maar kleiner dan de stijging van het
aantal geregistreerde personen, namelijk met 0,06%, van 340.066
personen tot 340.280 personen.
Wat de contracten betreft, is er een toename, namelijk 1,17% meer
contracten op drie maanden tijd, van 7.742.983 naar 7.833.920 op
30 september. Het aantal achterstallige contracten is gedaald met
0,07%. Er zijn 349 contracten minder, van 491.009 achterstallige
contracten naar 490.660.
Los van de cijfers, die zijn wat ze zijn, heb ik, zoals ik daarnet ook al
gezegd in antwoord op een vraag van de heren Logghe en Bonte,
vrijdag de sector bij mij gehad, zowel de bank- als de
verzekeringssector, om hen te wijzen op hun plichten om op een
correcte en transparante manier te communiceren met hun klanten.
Het is immers mijn overtuiging dat, op een ogenblik dat er zich een
crisis voordoet, het belang van de klant moet worden vooropgesteld,
door het verstrekken van correcte en objectieve informatie. Men moet
in woord en daad blijk geven van ethisch gedrag.
Ik zal er ook nauwlettend op toezien. Ik heb mijn inspectiedienst
gevraagd om in de komende dagen en weken meer dan ooit
aandacht te geven aan de manier waarop de reclame wordt gevoerd
met betrekking tot dat soort van producten.
Op uw tweede vraag met betrekking tot de preventiecampagne ­ die
los staat van uw schriftelijke vraag ­ kan ik u antwoorden dat ik
uiteraard voorstander ben van een preventiecampagne. Ik wil er u op
wijzen dat ook de sector het initiatief genegen is. Daarom vind het een
beetje onzinnig dat een overheid een preventiecampagne zou
opstarten en twee weken later een totaal andere campagne wordt
opgestart. Dat zou nogal wat verwarring creëren. Ik ben er dus
voorstander van om die twee campagnes op een of andere manier...
Beide ministers zijn betrokken omdat het fameuze akkoord dat is
gesloten tussen mevrouw Laruelle, de heer Magnette en ikzelf
voorziet in een gezamenlijke, gecoördineerde actie die duidelijk is
voor de consument en ook rekening houdt met hetgeen er in de wet
staat, met name dat men de mensen wijst op de eventuele gevaren
van kredieten en de risico's die daaraan verbonden zijn. Als daarover
een akkoord kan worden gevonden, zal die campagne kunnen
starten.
08.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Durant la
période comprise entre le 30 juin
et le 30 septembre 2008, on a
relevé une augmentation du
nombre de personnes enre-
gistrées de l'ordre de 0,5%. On
recense actuellement 4.787.262
mauvais payeurs. L'accroissement
du nombre de personnes ayant au
minimum un arriéré de paiement
s'élève à 0,06%. Durant la même
période, le nombre de contrats
s'est inscrit en hausse de 1,17%,
arrivant à un total de 7.833.920
unités. Le nombre de contrats
défaillants s'élève actuellement à
490.660 unités, soit une baisse de
0,07%.
Il est important que les clients
reçoivent à tout moment des
informations
correctes
et
objectives de la part du secteur
des banques et des assurances.
Mon service d'inspection va
surveiller étroitement la publicité
vantant certains produits.
Sur le plan des campagnes de
prévention, que le secteur appelle
d'ailleurs de ses voeux, il convient
d'éviter toute équivoque. Il est
indiqué,
dans
l'intérêt
du
consommateur, que l'État mène
une action coordonnée en la
matière.
08.03 Katrien Partyka (CD&V): Ik dank de minister voor het 08.03 Katrien Partyka (CD&V):
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
antwoord.
Reclame is één zaak, maar men loopt altijd achter de feiten aan.
Hetzelfde gebeurde met de Argenta-polissen waar eveneens een
probleem is gerezen inzake de reclame. Daar komen dan individuele
klachten op, maar altijd post factum. Het kwaad is dan al geschied. Ik
meen dat er nood is aan wetgevend werk om sommige zaken iets
dwingender te maken. Het is natuurlijk altijd positief als de sector zelf
stappen onderneemt. Dat zal ik niet tegenspreken.
Inzake de preventiecampagne vraag ik mij af wat de Gewesten gaan
doen. Vlaams minister Vanackere heeft afgekondigd dat hij een
campagne gaat voeren. Is het niet nodig een gecoördineerde actie op
te zetten inzake preventie? Schuldbemiddeling is trouwens een
regionale aangelegenheid.
Au moment où les plaintes
affluent, le mal est évidemment
déjà fait. Il conviendrait peut-être
de
prendre
des
initiatives
législatives pour obtenir davantage
du secteur.
En ce qui concerne la prévention,
il importe d'avoir une démarche
coordonnée.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over "het
papierwerk bij aannemers" (nr. 7982)
09 Question de M. Peter Logghe au ministre pour l'Entreprise et la Simplification sur "les formalités
administratives imposées aux entrepreneurs" (n° 7982)</b>
09.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, dit is ongetwijfeld een detailkwestie, maar ik heb
een vraag over het papierwerk bij aannemers. U bent een beetje de
witte kruisvaarder als het gaat om vereenvoudiging van allerlei
overbodige en dubbele documenten. U vindt dat er heel wat kan
worden geschrapt. U zult het met mij eens zijn dat aannemers,
loodgieters enzovoort die bij particulieren werken moeten uitvoeren,
nog altijd te veel papierwerk hebben. Zij moeten bij elke factuur een
document laten invullen waarin wordt gevraagd of het om een woning
ouder of jonger dan vijf jaar gaat. Dat uiteraard in het licht van de toe
te passen btw.
Mijnheer de minister, zou het niet eenvoudiger zijn om een centraal
register aan te leggen waarin alle woningen zijn opgenomen en
waarbij men met een eenvoudige zoekfunctie onmiddellijk weet of het
betrokken onroerend goed waar men werken uitvoert ouder of jonger
dan vijf jaar is? Zou men trouwens de algemene regel niet beter
omdraaien en er gewoon van uitgaan dat daar waar werken worden
uitgevoerd het in principe gaat om woningen ouder dan vijf jaar, en
dat de uitzonderingen de papiermolen moeten doorlopen?
Ten derde, mijnheer de minister, bereidt u voor de sector van de
bouwnijverheid ontwerpen of voorstellen voor om de papierlast te
doen afnemen? Hebt u voorstellen op dat vlak? Zo ja, op welke
termijn denkt u ze rond te kunnen hebben?
09.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Les entrepreneurs qui
effectuent des travaux auprès de
particuliers continuent à être
confrontés à de nombreuses
formalités administratives. Pour
chaque facture, ils sont contraints
de faire remplir un document
attestant
que
l'habitation
concernée date de plus ou de
moins de cinq ans.
Ne serait-il pas opportun d'établir
un registre central de l'ensemble
des habitations en Belgique pour
attester immédiatement de la date
de construction? Ou bien pourrait-
on supposer systématiquement
que les habitations qui font l'objet
de travaux ont plus de cinq ans, de
sorte
que
les
formalités
administratives
ne
soient
nécessaires
que
pour
les
exceptions?
Le ministre nourrit-il des projets
concrets en vue de réduire les
tracasseries administratives dans
le secteur de la construction?
09.02 Minister Vincent Van Quickenborne: Mevrouw de voorzitter,
mijnheer Logghe, over de vraag of de formaliteit die u beschrijft,
inderdaad gangbaar is, bestaat discussie. Ik heb op het korte
tijdsbestek dat mij werd toegemeten, informatie ter zake ingewonnen.
09.02
Vincent
Van
Quickenborne, ministre: Quant à
savoir si l'obligation administrative
évoquée par M. Logghe est
CRIV 52
COM 334
21/10/2008
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
Indien bedoelde formaliteit echter gangbaar is, deel ik in mijn
hoedanigheid van minister uw bekommernis.
Ik hoor ­ dat is te verifiëren ­ dat in bepaalde gevallen aannemers
zich tevreden stellen met het op de factuur vermelden van de
ouderdom van de woning. Indien dat het geval is, is dat vrij licht.
Er moet worden geverifieerd of voornoemde praktijk al dan niet kan
worden veralgemeend.
Ten tweede, ten gronde moet de gegevensuitwisseling tussen
verschillende instellingen het mogelijk maken om de formaliteit in
kwestie af te schaffen. Heel concreet gaat het dan om het kadaster,
dat de gegevens over de woning en de ouderdom van de woning
bevat. Eenvoudige verificatie door de btw bij het kadaster zou moeten
toelaten om na te gaan of mensen inderdaad terecht van de 6% btw-
regeling ­ in plaats van de 21% btw-regeling ­ gebruik hebben
gemaakt.
Ik stel het volgende voor. Ik wil die discussie zeker niet afschuiven. Ik
heb intussen ook reeds contact gehad met mijn collega van
Financiën. Ik stel voor dat u vanwege het belang van de zaak die
vraag ook eens voorlegt aan hem en de suggestie doet en vraagt
waarom de btw niet bij de controle kan, in plaats van allerlei papieren
in te winnen. Voor de btw lijkt het mij immers ook veel beter en veel
efficiënter een databank te raadplegen dan allerlei papieren te moeten
nalezen. Mijnheer Logghe, laten wij eerlijk zijn, wij weten nog steeds
niet of hetgeen de mensen zeggen op papier ook overeenkomt met
de realiteit.
De controle kan efficiënter en kan ook sneller gebeuren. Dat
vermindert ook de papierlast en voor de consument en voor de
aannemer, waarover u terecht bezorgd bent.
Uw tweede vraag was wat de vereenvoudigingen zijn die ik wil doen.
Er zijn er een aantal geweest in het verleden. Met betrekking tot de
overheidsopdrachten, waarvan aannemers vaak gebruikmaken, is de
circulaire van 23 april 2007 belangrijk. In die circulaire hebben wij
gesteld dat administratieve attesten die gevraagd worden om deel te
nemen aan een overheidsopdracht alleen kunnen worden gevraagd
aan de uiteindelijke winnaar van de opdracht, en dit voor zover ze niet
elektronisch kunnen worden geconsulteerd.
Iemand die deelneemt aan zo'n opdracht, een aannemer, moet
gewoon een verklaring van eer afleggen waarin hij verklaart dat hij
conform de wetgeving is, punt aan de lijn. Alleen de winnaar moet
additionele informatie leveren, op papier tenzij het elektronisch
bestaat. Bijvoorbeeld op het vlak van RSZ-schulden en
jaarrekeningen bestaat de consultatie reeds elektronisch.
Tenslotte hebben wij ook een vereenvoudiging en de modernisering
van de vestigingswet in de bouwsector ingevoerd, met instemming
van de bouwsector. Daar is het werk gedaan.
Wat gaan wij doen in de toekomst?
Ten eerste, meen ik dat het van belang is dat wij de registratie van
aannemers, die verband houdt met de 6%-regeling, kunnen
courante, ce n'est pas clair. Il nous
revient
que
bon
nombre
d'entrepreneurs se bornent à
mentionner l'âge de la maison sur
la facture. Peut-être cette pratique
pourrait-elle être généralisée.
L'âge de chaque maison est
consigné
dans
le
cadastre.
L'administration de la TVA peut
très aisément vérifier si des
travaux effectués à une habitation
doivent être facturés à 6% ou à
21%.
J'ai déjà pris contact avec le
ministre des Finances. Peut-être
M. Logghe devrait-il l'interroger
également et lui soumettre la
suggestion de contrôler la TVA par
le biais d'une base de données
plutôt que de contraindre les
entrepreneurs à remettre toutes
sortes de documents, dont nous
ignorons tout de même s'ils
correspondent à la réalité. Le
contrôle doit en effet être plus
efficace et la paperasserie doit
être réduite.
Conformément à la directive du 23
avril
2007,
les
attestations
administratives requises pour les
marchés publics ne doivent plus
être demandées qu'à l'entre-
preneur qui emporte le marché, et
non plus à tous les candidats et
ce, pour autant qu'ils ne puissent
pas être consultés électronique-
ment. Nous avons également
simplifié la loi d'établissement
dans le secteur de la construction.
Je nourris l'ambition de simplifier
l'enregistrement et l'agrément des
entrepreneurs. Cet objectif est
clairement expliqué dans le plan
d'action pour les PME approuvé
par le gouvernement.
21/10/2008
CRIV 52
COM 334
KAMER
-3
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2008
2009
CHAMBRE
-3
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
vereenvoudigen en in overeenstemming kunnen brengen met het vrij
verkeer van diensten. Het is de fameuze dienstenrichtlijn die dat
bepaalt. Wij werden daarvoor trouwens veroordeeld, omdat wij niet
conform de wetgeving werkten.
Ten tweede, willen wij, mijnheer Logghe, de vereenvoudiging van de
erkenning van aannemers. U weet dat om deel te nemen aan
overheidsopdrachten er een indeling in klassen bestaat. Die
erkenningsprocedure voor aannemers zullen wij vereenvoudigen.
In het KMO-actieplan dat is goedgekeurd door de regering en
waarnaar ook verwezen wordt in de regeerverklaring van vorige week
dinsdag, wordt het volgende gezegd: "De erkenningsprocedure van
aannemers moet worden vereenvoudigd. In het kader van de
administratieve vereenvoudiging zal deze procedure worden herzien,
rekening houdend, opnieuw, met de principes die zijn opgenomen in
de dienstenrichtlijn. De aannemer die wenst in te schrijven voor
publieke aanbestedingen moet aantonen dat hij erkend is om geldig te
kunnen meedingen. De aanvraag tot erkenning wordt ingediend bij de
commissie Erkenning van aannemers, die afhangt van de FOD
Economie, die de erkenning in voorkomend geval aflevert. Het bewijs
van aanbesteding moet vereenvoudigd worden en de vereiste
bewijsstukken moeten worden beperkt voor alle informatie die de
overheid al heeft. Het aantal bestaande categorieën zal ook worden
verminderd."
Ziedaar, mijnheer Logghe, het antwoord op uw vraag.
09.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Ik heb daar eigenlijk weinig
aan toe te voegen. Ik zal de vraag nog eens stellen aan de minister
van Financiën om te kijken wat daar uit de bus kan komen. Er blijft
nog heel wat werk te doen, mijnheer de minister, als ik het zo allemaal
zie en hoor. Ik zal u regelmatig ondervragen over de stand van zaken.
Als ik nog van die interessante dingen heb, geef ik ze u door.
09.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang): Je réinterrogerai le
ministre des Finances à ce
propos. Il y a encore beaucoup de
pain sur la planche et j'interrogerai
régulièrement le ministre à ce
sujet.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 13.35 uur.
La réunion publique de commission est levée à 13.35 heures.