KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 151
CRIV 52 COM 151
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR HET
B
EDRIJFSLEVEN
,
HET
W
ETENSCHAPSBELEID
,
HET
O
NDERWIJS
,
DE
N
ATIONALE WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE
I
NSTELLINGEN
,
DE
M
IDDENSTAND
EN DE
L
ANDBOUW
C
OMMISSION DE L
'E
CONOMIE
,
DE LA
P
OLITIQUE
SCIENTIFIQUE
,
DE L
'E
DUCATION
,
DES
I
NSTITUTIONS SCIENTIFIQUES ET CULTURELLES
NATIONALES
,
DES
C
LASSES MOYENNES ET DE
L
'A
GRICULTURE
dinsdag
mardi
08-04-2008
08-04-2008
Namiddag
Après-midi
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V - N-VA
Christen-Democratisch en Vlaams Nieuw-Vlaamse Alliantie
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a-spirit
Socialistische Partij Anders Sociaal progressief internationaal, regionalistisch integraal democratisch toekomstgericht
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes :
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Samengevoegde vragen van
1
Questions jointes de
1
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van
Klimaat en Energie over "de ondersteuning door
de federale regering van het MYRRHA-project van
het SCK" (nr. 4070)
1
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "le soutien apporté par le
gouvernement fédéral au projet Myrrha du CEN"
(n° 4070)
1
- mevrouw
Tinne Van der Straeten
aan
de
minister van Klimaat en Energie over "het
MYRRHA-project" (nr. 4348)
1
- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "le projet Myrrha"
(n° 4348)
1
Sprekers: Flor Van Noppen, Tinne Van der
Straeten, Paul Magnette, minister van
Klimaat en Energie, Jenne De Potter
Orateurs: Flor Van Noppen, Tinne Van der
Straeten, Paul Magnette, ministre du Climat
et l'Énergie , Jenne De Potter
Samengevoegde vragen van
5
Questions jointes de
5
- de heer Jean-Luc Crucke aan de minister van
Klimaat en Energie over "de kernuitstap"
(nr. 4109)
5
- M. Jean-Luc Crucke au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la sortie du nucléaire" (n° 4109)
5
- de heer Denis Ducarme aan de minister van
Klimaat en Energie over "het regeerakkoord met
betrekking tot het voortzetten van de productie
van kernenergie in België en de verklaringen van
minister Magnette over ditzelfde onderwerp"
(nr. 4298)
5
- M. Denis Ducarme au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "l'accord gouvernemental relatif à la
question de la prolongation de l'énergie nucléaire
en Belgique et aux déclarations du ministre
Magnette concernant cette même question"
(n° 4298)
5
- de heer Bart Laeremans aan de minister van
Klimaat
en
Energie
over
"de
kernuitstap" (nr. 4360)
5
- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de
l'Énergie sur "la sortie du nucléaire" (n° 4360)
5
Sprekers: Jean-Luc Crucke, Denis Ducarme,
Bart Laeremans, Paul Magnette, minister
van Klimaat en Energie
Orateurs: Jean-Luc Crucke, Denis Ducarme,
Bart Laeremans, Paul Magnette, ministre du
Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Jenne De Potter aan de
minister van Klimaat en Energie over "de uniforme
energiefactuur" (nr. 4106)
11
Question de M. Jenne De Potter au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "l'uniformisation de la
facture énergétique" (n° 4106)
11
Sprekers: Jenne De Potter, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Jenne De Potter, Paul Magnette,
ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister
van Klimaat en Energie over "de veiligheid van
brandblusapparaten" (nr. 4141)
13
Question de M. Michel Doomst au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "la sécurité des
extincteurs" (n° 4141)
13
Sprekers: Michel Doomst, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Michel Doomst, Paul Magnette,
ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister
van Klimaat en Energie over "de groene energie"
(nr. 4240)
14
Question de M. Michel Doomst au ministre du
Climat
et
de
l'Énergie
sur
"l'énergie
verte" (n° 4240)
14
Sprekers: Michel Doomst, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Michel Doomst, Paul Magnette,
ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Jean-Marc Nollet aan de
minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "een onderdeel van de
regeringsverklaring
in
verband
met
het
wetenschappelijk onderzoek" (nr. 4189)
16
Question de M. Jean-Marc Nollet à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "un élément de la
déclaration de politique gouvernementale en
rapport avec la recherche" (n° 4189)
16
Sprekers: Jean-Marc Nollet, voorzitter van de
Ecolo-Groen!-fractie, Paul Magnette, minister
van Klimaat en Energie
Orateurs: Jean-Marc Nollet, président du
groupe Ecolo-Groen!, Paul Magnette, ministre
du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Jenne De Potter aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
collectieve consumentenakkoorden" (nr. 4277)
19
Question de M. Jenne De Potter au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les accords collectifs
de la consommation" (n° 4277)
19
Sprekers: Jenne De Potter, Paul Magnette,
Orateurs: Jenne De Potter, Paul Magnette,
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
minister van Klimaat en Energie
ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan
de minister van Klimaat en Energie over "de
organisatie van Isotopolis Café" (nr. 4347)
20
Question de Mme Tinne Van der Straeten au
ministre du Climat et de l'Energie sur
"l'organisation d'Isotopolis Café" (n° 4347)
20
Sprekers: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette, minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Tinne Van der Straeten, Paul
Magnette, ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Bart Laeremans aan de
minister van Klimaat en Energie over "de
piekinvoer van buitenlandse stroom" (nr. 4338)
23
Question de M. Bart Laeremans au ministre du
Climat et de l'Énergie sur "les records
d'importation d'électricité" (n° 4338)
23
Sprekers: Bart Laeremans, Paul Magnette,
minister van Klimaat en Energie
Orateurs: Bart Laeremans, Paul Magnette,
ministre du Climat et l'Énergie
Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de
minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de nieuwe hervorming
van het GLB" (nr. 4011)
25
Question de M. Jean-Luc Crucke à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la nouvelle réforme de
la PAC" (n° 4011)
25
Sprekers:
Jean-Luc
Crucke,
Sabine
Laruelle, minister van KMO, Zelfstandigen,
Landbouw en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Jean-Luc Crucke, Sabine Laruelle,
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique
Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister
van
KMO,
Zelfstandigen,
Landbouw
en
Wetenschapsbeleid over "de verzekeringsplicht
van de actoren in de bouwsector" (nr. 4055)
28
Question de M. Michel Doomst à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "l'obligation d'assurance
pour les acteurs du secteur de la construction"
(n° 4055)
28
Sprekers: Michel Doomst, Sabine Laruelle,
minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Michel Doomst, Sabine Laruelle,
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique
Vraag van de heer Flor Van Noppen aan de
minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de ondersteuning door
de federale regering van het MYRRHA-project van
het SCK" (nr. 4071)
29
Question de M. Flor Van Noppen à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "le soutien apporté par le
gouvernement fédéral au projet Myrrha du CEN"
(n° 4071)
29
Sprekers: Sabine Laruelle, minister van KMO,
Zelfstandigen,
Landbouw
en
Wetenschapsbeleid, Flor Van Noppen
Orateurs: Sabine Laruelle, ministre des PME,
des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique, Flor Van Noppen
Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister
van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid
over
"de
vermogensafsplitsing
onroerend
goed
bij
zelfstandigen" (nr. 4105)
31
Question de M. Peter Logghe à la ministre des
PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la scission du
patrimoine immobilier pour les travailleurs
indépendants" (n° 4105)
31
Sprekers: Peter Logghe, Sabine Laruelle,
minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw
en Wetenschapsbeleid
Orateurs: Peter Logghe, Sabine Laruelle,
ministre des PME, des Indépendants, de
l'Agriculture et de la Politique scientifique
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR HET
BEDRIJFSLEVEN, HET
WETENSCHAPSBELEID, HET
ONDERWIJS, DE NATIONALE
WETENSCHAPPELIJKE EN
CULTURELE INSTELLINGEN, DE
MIDDENSTAND EN DE
LANDBOUW
COMMISSION DE L'ECONOMIE,
DE LA POLITIQUE SCIENTIFIQUE,
DE L'EDUCATION, DES
INSTITUTIONS SCIENTIFIQUES
ET CULTURELLES NATIONALES,
DES CLASSES MOYENNES ET DE
L'AGRICULTURE
van
DINSDAG
8
APRIL
2008
Namiddag
______
du
MARDI
8
AVRIL
2008
Après-midi
______
De behandeling van de vragen en interpellaties vangt aan om 15.08 uur. De vergadering wordt voorgezeten
door de heer Bart Laeremans.
Le développement des questions et interpellations commence à 15.08 heures. La réunion est présidée par
M. Bart Laeremans.
01 Samengevoegde vragen van
- de heer Flor Van Noppen aan de minister van Klimaat en Energie over "de ondersteuning door de
federale regering van het MYRRHA-project van het SCK" (nr. 4070)
- mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "het MYRRHA-project"
(nr. 4348)
01 Questions jointes de
- M. Flor Van Noppen au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le soutien apporté par le
gouvernement fédéral au projet Myrrha du CEN" (n° 4070)<br>- Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Énergie sur "le projet Myrrha" (n° 4348)</b>
01.01 Flor Van Noppen (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, zoals
u weet doet het Studiecentrum voor Kernenergie, het SCK, met het
MYRRHA-project al enkele jaren onderzoek naar kernreactoren van
de vierde generatie. Deze nieuwe technologie oogt veelbelovend. Zo
verwacht men dat de reactoren van de vierde generatie een
rendement hebben dat 50 keer hoger ligt dan dat van de huidige
reactoren. Dit zou meteen een oplossing zijn voor het steeds
schaarser wordende uranium.
Daarnaast en dit is misschien wel de belangrijkste troef zou in de
toekomst het afvalprobleem kunnen worden beperkt. Door middel van
transmutatie kan het huidige radioactieve uranium namelijk worden
omgezet in laag radioactief afval. Het afval van deze nieuwe reactoren
moet dan ook maar enkele honderden jaren bewaard worden in plaats
van enkele honderdduizenden jaren zoals dat nu het geval is. Op
deze manier wil men van kernenergie een duurzame energiebron
maken.
Het onderzoek in het kader van het MYRRHA-project is reeds
vergevorderd en de testfase is bijna aangebroken. Vanaf volgend jaar
wil het SCK dan ook beginnen met de bouw van een testreactor op
01.01 Flor Van Noppen (CD&V -
N-VA): Avec son projet Myrrha, le
CEN mène depuis quelques
années des recherches sur les
réacteurs
nucléaires
de
la
quatrième génération, dont on
peut penser qu'ils auront un
rendement
cinquante
fois
supérieur à celui des réacteurs
actuels. Voilà qui constituerait une
solution immédiate à la pénurie
d'uranium.
Cela pourrait, par la même
occasion, limiter également le
problème des déchets. Via le
processus
de
transmutation,
l'uranium radioactif pourrait être
converti en déchets faiblement
radioactifs, ne devant plus être
conservés que quelques centaines
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
kleine schaal. Deze reactor zou operationeel moeten zijn tegen 2016.
Het SCK raamt de kosten voor de bouw op ongeveer 900 miljoen
euro. Reeds verschillende internationale partners hebben zich bereid
verklaard om dit mee te financieren. Toch is ook de financiële steun
van de federale overheid noodzakelijk.
België krijgt op deze manier de kans om een van de meest
toonaangevende studiecentra voor kernenergie in de wereld te
ondersteunen in zijn baanbrekend onderzoek. Het onderzoek van het
SCK is namelijk niet alleen van belang voor de Kempen, Vlaanderen
en België maar zelfs voor de toekomst van de kernenergie in de hele
wereld. In het regeerakkoord lees ik dat de regering het onderzoek
van het SCK naar een vermindering van de halveringstijd van
kernafval zal ondersteunen. Dit stemt mij uiteraard tevreden. Toch
heb ik nog een aantal vragen.
Wat is het standpunt van de regering met betrekking tot de verdere
financiële ondersteuning van het MYRRHA-project door de federale
regering? Als u in het regeerakkoord zegt dat u het onderzoek van het
SCK naar de vermindering van de halveringstijd zult ondersteunen,
betekent dit dan dat de regering mee de bouw van de testreactor in
het kader van dit project wil financieren?
d'années. L'objectif est de faire de
l'énergie nucléaire une source
d'énergie renouvelable.
Les recherches sont déjà bien
avancées et l'on s'achemine vers
la phase de test. Le CEN souhaite
construire un réacteur de test qui
devrait
être
opérationnel
à
l'horizon 2016. Les coûts de
construction sont estimés à 900
millions d'euros. À cet égard, il
sera également nécessaire de
bénéficier du soutien des autorités
fédérales.
Ces recherches revêtent une
grande importance pour l'avenir de
l'énergie nucléaire dans le monde
entier. L'accord de gouvernement
prévoit
un
soutien
du
gouvernement aux recherches
visant la réduction de la durée de
vie des déchets radioactifs.
Quel est le point de vue du
gouvernement quant au maintien
du soutien financier au projet
Myrrha? Le gouvernement a-t-il
l'intention
de
contribuer
au
financement de la construction
d'un réacteur de test?
01.02 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
voorzitter, ik heb inderdaad een aanvullende vraag over MYRRHA.
Aanvankelijk werd MYRRHA altijd voorgesteld als een onderzoek
naar de transmutatie van afval, maar steeds meer, en vooral de
laatste tijd, wordt MYRRHA uitdrukkelijk voorgesteld als zijnde
onderzoek naar de ontwikkeling van de vierde generatie
kernreactoren. Wij konden dat lezen in Nucleaire Actualiteit, het
tijdschrift van de sector, maar ook toen wij in deze commissie
hoorzittingen hadden, waarin onder meer professor Abderrahim
aanwezig was, stond op de agenda uitdrukkelijk MYRRHA, vierde
generatie kernreactoren. Ook toen wij zelf op bezoek geweest zijn in
het SCK werd MYRRHA voorgesteld als de ontwikkeling van de
vierde generatie kernreactoren.
Het is een publiek geheim dat een aantal partijen en politici erop
aandringt dat het SCK dat project zou binnenhalen, zoals de Vlaamse
minister-president Kris Peeters, die in De Standaard letterlijk heeft
gezegd: "Ik hoop dat MYRRHA naar Mol komt". Dan is er natuurlijk
nog de frase in het regeerakkoord, waarnaar ook collega Van Noppen
heeft verwezen, die kan worden geïnterpreteerd als een vingerwijzing,
tussen de lijnen misschien, naar MYRRHA.
Het SCK zelf rekent op een federale participatie voor een derde van
de totale kosten. Als wij gaan kijken naar die totale kosten, dan stellen
01.02 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): À l'origine, le
projet Myrrha avait été présenté
comme
une
étude
sur
la
transmutation des déchets, alors
que ces derniers temps, on en
parle de plus en plus comme
d'une étude sur le développement
de réacteurs nucléaires de la
quatrième génération.
Un certain nombre de partis et
d'hommes
et
de
femmes
politiques veulent que ce projet
soit confié au CEN. Une phrase
figurant
dans
l'accord
de
gouvernement
peut
être
interprétée comme une référence
à ce projet.
Le CEN table sur une participation
fédérale à hauteur d'un tiers des
coûts, lesquels ont été estimés, en
1999, à 100 millions d'euros. Au
moment du départ de M. Deleuze,
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
wij vast dat er sprake is van verschillende bedragen. In 1999, bij het
aantreden van Olivier Deleuze als staatssecretaris, werden de totale
kosten geschat op 100 miljoen euro. Toen de heer Deleuze vertrok,
was het bedrag opgelopen tot 400 miljoen euro. Bij het bezoek aan
het SCK op 14 maart 2008 was er sprake van 700 miljoen euro. In
een nota van het SCK "Opportuniteiten van een Europese
experimentele onderzoeksinstallatie in het Studiecentrum voor
Kernenergie" was er sprake van 850 miljoen euro. Collega
Van Noppen spreekt over 900 miljoen euro. In elk geval lopen die
schattingen uit elkaar. Ze nemen ook toe naarmate de jaren volgen.
Mijnheer de minister, mijn eerste vraag is dezelfde als die van collega
Van Noppen. Is de zin in het regeerakkoord waarin wordt verwezen
naar de steun voor het SCK en het IRE en de internationale
programma's die een vermindering van de halveringstijd van het
nucleaire afval beogen, net zoals het onderzoek inzake medische
isotopen, een verwijzing naar het MYRRHA-project?
Bent u als minister van oordeel dat een participatie in MYRRHA in
overeenstemming is met de statuten van het SCK? Sinds een tiental
jaren staat de ontwikkeling van de kerninstallaties namelijk niet meer
uitdrukkelijk in de statuten van het SCK vermeld.
Kunt u een overzicht geven van de financiële middelen die tot nu toe
door het SCK werden aangewend voor MYRRHA? Kunt u ook
aangeven of die middelen kwamen uit de federale dotatie aan het
SCK, dan wel uit de contractwerking van het SCK?
Bent u van oordeel dat er overheidsmiddelen kunnen worden
aangewend voor MYRRHA of dient het SCK, als zij willen participeren
aan het MYRRHA-project en daarin geld willen stoppen, daarvoor de
middelen te halen uit de contractwerking?
Af en toe wordt er gerefereerd aan een te sluiten
beheersovereenkomst met het SCK. Kunt u mij zeggen wat hierin de
stand van zaken is? Zal MYRRHA daarin al dan niet vermeld staan?
à l'époque secrétaire d'État à
lÉnergie, ce montant atteignait
déjà 400 millions. Lors de la visite
rendue au CEN le 14 mars
dernier, il a été question de 700
millions. Enfin, une note du CEN
fait état de 850 millions, tandis que
M. Van Noppen parle de 900
millions d'euros.
La phrase contenue dans l'accord
de gouvernement évoquant un
soutien au CEN et à l'IRE, en ce y
compris
les
programmes
internationaux visant à réduire la
durée de vie des déchets
nucléaires ainsi que la recherche
en matière d'isotopes médicaux,
est-elle une référence au projet
Myrrha?
Le ministre estime-t-il qu'une
participation
à
Myrrha
est
conforme aux statuts du CEN,
lesquels ne mentionnent plus
explicitement le développement
d'installations nucléaires?
Quels moyens le CEN a-t-il mis en
oeuvre jusqu'à présent dans le
cadre du projet Myrrha? Ces
moyens étaient-ils issus de la
dotation fédérale ou de contrats
passés par le CEN avec des
tiers ? Des fonds publics peuvent-
ils être affectés au projet Myrrha?
Qu'en est-il du contrat de gestion
avec le CEN? Y sera-t-il fait
mention du projet Myrrha?
01.03 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, MYRRHA is op
zichzelf geen reactor van de vierde generatie, maar een
bestralingsinstallatie die als vervanger moet dienen voor de huidige
BR2-reactor. Daardoor kan het huidige onderzoek worden voortgezet,
alsook de productie van radio-isotopen voor de nucleaire
geneeskunde. Tevens kan de installatie dienen voor verschillende
andere doeleinden, waarbij onder meer de studie van transmutatie
van hoogactief radioactief afval, waarbij de langlevende radio-
isotopen worden omgezet in kortlevende en de ontwikkeling van
vernieuwde materialen, zowel structuurmaterialen als nieuwe soorten
brandstoffen voor de reactoren van de vierde generatie.
De planning van MYRRHA is als volgt. Het detailontwerp samen met
de ontwikkeling en de beproeving van de meest vernieuwende
componenten in de periode 2009-2011, het opstellen van de
technische specificaties, het lanceren van de offerteaanvragen en
toekennen van de fabricatiecontracten in de periode 2012-2013, de
01.03 Paul Magnette, ministre:
Myrrha n'est pas un réacteur de la
quatrième génération, mais une
installation d'irradiation appelée à
remplacer le réacteur BR2 actuel
pour continuer à permettre l'étude
et la production de radio-isotopes
destinés à la médecine nucléaire.
Cette installation pourra aussi être
utilisée dans la recherche sur la
transmutation
des
déchets
hautement radioactifs.
Le projet détaillé sera élaboré et la
majorité
des
composants
novateurs développés entre 2009
et 2011. En 2012 et 2013, on
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
vergunningsactiviteiten met het oog op het bekomen van de
bouwvergunning tegen einde 2013, de bouw van de componenten en
de realisatie der gebouwen in de periode 2014-2016, de montage van
de componenten in 2017, de indienststelling op geleidelijk hogere
vermogens in de periode 2018-2019 en de werking op vol vermogen
in 2020.
De kostprijs van het MYRRHA-project, onzekerheden inbegrepen,
wordt geraamd op ongeveer 735 miljoen euro. Dit is natuurlijk een
zeer grote investering, die alleen kan worden gedragen met Europese
en
zelfs
internationale
financiële
tussenkomsten.
Deze
tussenkomsten kunnen alleen bekomen worden als de Belgische
federale regering ook voor een aanzienlijk deel tussenkomt in de
investeringskost. Er wordt aangenomen dat deze tussenkomst
ongeveer een derde moet bedragen, gespreid over een tiental jaren.
U kunt wel begrijpen dat een dergelijke tussenkomst een zware
belasting is voor de begroting van de Belgische Staat. Een beslissing
voor een dergelijke tussenkomst kan niet lichtzinnig worden genomen.
Zij moet worden voorafgegaan door een grondig onderzoek, waarin
alle aspecten van het project worden bekeken. Gelet op de verklaring
in het regeerakkoord, lijkt het mij aangewezen dat een dergelijk
onderzoek zo spoedig mogelijk wordt georganiseerd. Daarna kan dan
een dossier aan de regering worden voorgelegd om een beslissing te
nemen.
définira
les
spécifications
techniques, on rédigera les offres
et on attribuera les contrats de
fabrication. Le permis de bâtir sera
accordé d'ici fin 2013. Entre 2014
et 2016, il sera procédé à la
construction des composants et
des bâtiments. En 2017, les
composants seront assemblés. En
2018 et 2019, les capacités seront
progressivement augmentées et
d'ici 2020, l'installation devrait
tourner à plein rendement.
Le prix de revient de cette
installation est estimé à environ
735
millions
d'euros.
Cet
investissement ne sera possible
que grâce à un soutien européen
et international auquel cas le
gouvernement
belge
devra
également prendre en charge une
part
importante
des
investissements, plus précisément
un tiers environ, réparti sur une
période d'une dizaine d'années. La
décision en la matière doit encore
être mûrement réfléchie. Ensuite,
un dossier pourra être soumis au
gouvernement.
01.04 Flor Van Noppen (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik
denk dat u ook heeft begrepen dat we niet naïef moeten zijn en dat
we zonder kernenergie niet verder kunnen om de prijs van de
elektriciteit te betalen.
01.04 Flor Van Noppen (CD&V -
N-VA): Ne soyons pas naïfs. Sans
énergie
nucléaire,
nous
ne
pourrons pas maintenir des prix
énergétiques abordables. Et je
pense que le ministre l'a bien
compris.
01.05 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
ik ben een beetje gefrappeerd door uw antwoord, vooral over het feit
dat u niet hebt geantwoord op een aantal toch wel pertinente vragen,
of dat u van oordeel bent dat, als het MYRRHA-project naar het SCK
in Mol komt, dat dit in overeenstemming is met de statuten van het
SCK. Ik ben van mening het gaat wel degelijk over de ontwikkeling
van een nieuwe kerninstallatie dat er kan worden gediscussieerd of
dit wel degelijk in overeenstemming is met de statuten van het SCK.
Uit het feit dat u daar niet op antwoordt, leid ik af dat het voor u
misschien een ongemakkelijk antwoord is, dat u daarop niet wenst te
antwoorden, dat het onduidelijk is.
U verdedigt MYRRHA nogal vanuit een onderzoeksoogpunt en als
vervanging van de BR2. Ik wil er toch wel op wijzen dat de BR2 altijd
zeer zwaar gewogen heeft op de begroting van het SCK. Ook binnen
het SCK worden hierover een aantal kritische opmerkingen gemaakt.
U zegt MYRRHA nodig te hebben voor de medische radio-isotopen.
Voor de ontwikkeling van medische radio-isotopen heeft men een
01.05 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Je m'étonne de
cette réponse, notamment parce
que le ministre élude certaines
questions pertinentes, telles que
celle de savoir si le projet Myrrha
est conforme aux statuts du CEN.
Selon le ministre, Myrrha est
nécessaire tant pour mener des
activités de recherche que pour
remplacer le BR2, alors que ce
dernier a toujours lourdement
grevé le budget du CEN. Myrrha
serait également utile en ce qui
concerne
les
radio-isotopes
médicaux, une application qui ne
nécessite qu'un réacteur d'un demi
à un mégawatt alors que la
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
kernreactor nodig van een half tot 1 megawatt. MYRRHA zal
50 megawatt zijn, dus 50 keer te groot. Het is eigenlijk een klontje
boter doorzagen met een elektrische zaag.
Ik denk niet dat het de juiste argumentatie is om te verdedigen dat
MYRRHA naar Mol zou moeten komen. Collega Van Noppen, ik ben
ook een grote verdediger van het SCK in de Kempen. Ik denk dat het
SCK een toonaangevend instituut is op het vlak van nucleair
onderzoek. Misschien is het wel een opdracht of kan het wel een
toekomstplan zijn voor het SCK om te onderzoeken hoe medio-
isotopen kunnen worden gemaakt zonder kernreactor. Dan kan het
SCK iets afleveren waar we werkelijk vooraanstaand zijn voor het
nucleair onderzoek.
Over MYRRHA heb ik mijn twijfels. Ik wacht uw onderzoek af, het
zoveelste onderzoek, zo spoedig mogelijk, vage bewoordingen... Ik
denk dat wij daar dan nog de tijd zullen voor hebben om daar op terug
te komen.
production de Myrrha s'élèvera à
50 mégawatts.
Je défends également le CEN, un
institut de premier plan au niveau
de la recherche nucléaire. À
l'avenir, il pourrait toutefois se
pencher sur la possibilité de
produire des isotopes médicaux
sans recourir à un réacteur
nucléaire.
Je ne reviendrai pas sur le sujet
avant la publication des résultats
de cette énième étude, mais je
reste très sceptique concernant
Myrrha.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Eigenlijk komt punt 10, de vragen van de heren Crucke en Ducarme en van mezelf in
aansluiting bij wat er nu werd gezegd, omdat die ook betrekking hebben op de studie over de kernuitstap en
dergelijke meer. Mijnheer De Potter, heeft u nadien nog vragen? Ik geloof het wel. U hebt vraag
11quinquies over de collectieve consumentenakkoorden? En u hebt ook vraag 9 over de uniforme energie.
U hebt er dus twee. Enig bezwaar dat wij punt 10 eerst behandelen en dan uw vragen?
01.07 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Doet u maar.
De voorzitter: Dan geef ik nu het woord aan de heer Crucke voor zijn vraag over de kernuitstap.
02 Questions jointes de
- M. Jean-Luc Crucke au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la sortie du nucléaire" (n° 4109)<br>- M. Denis Ducarme au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'accord gouvernemental relatif à la
question de la prolongation de l'énergie nucléaire en Belgique et aux déclarations du ministre
Magnette concernant cette même question" (n° 4298)<br>- M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la sortie du nucléaire" (n° 4360)</b>
02 Samengevoegde vragen van
- de heer Jean-Luc Crucke aan de minister van Klimaat en Energie over "de kernuitstap" (nr. 4109)
- de heer Denis Ducarme aan de minister van Klimaat en Energie over "het regeerakkoord met
betrekking tot het voortzetten van de productie van kernenergie in België en de verklaringen van
minister Magnette over ditzelfde onderwerp" (nr. 4298)
- de heer Bart Laeremans aan de minister van Klimaat en Energie over "de kernuitstap" (nr. 4360)
02.01 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le ministre, je voudrais
revenir sur votre récente déclaration. Sur le fond, elle me satisfait,
mais elle m'étonne un peu en comparaison d'autres déclarations que
j'avais entendues voici quelques mois. La sortie du nucléaire est
toujours fixée entre 2015 et 2025. Toutefois, il est incontestable que
plusieurs experts ont précisé qu'il nous serait difficile de nous passer
aussi facilement de cette source d'énergie. C'est pourquoi le
gouvernement orange bleu avait programmé une prolongation de
quelques années. Certains membres de votre famille politique ont
néanmoins crié au loup à l'idée que ce délai puisse être reculé.
C'est en pensant à ces réactions que j'ai été rassuré par votre prise
de position. Cependant, ce revirement me semble extrêmement
02.01 Jean-Luc Crucke (MR):
Inhoudelijk stemmen uw recente
uitspraken mij tot tevredenheid, al
verwonderen ze me wel enigszins
als ik ze vergelijk met andere
verklaringen. De sluiting van de
kerncentrales is nog altijd gepland
tussen
2015
en
2025.
Verscheidene
experts
stellen
evenwel dat het moeilijk zal
worden om zonder kernenergie in
onze
energiebehoeften
te
voorzien. Daarom had oranje-
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
rapide. J'allais ajouter: "il n'y a que les imbéciles qui ne changent pas
d'avis". Reste que certains aspects de cette question n'ont pas encore
trouvé de solution; je pense ainsi au traitement des déchets. De plus,
il convient de tenir compte de certains besoins en alimentation.
Je rappelle que, dans votre entretien donné à "Humo", vous dites qu'il
serait insensé de nous priver d'une alimentation provenant d'ici au
profit d'une autre qui serait fournie par l'étranger. Sur le plan éthique,
on les remet à égalité.
Ensuite, comme M. Nollet l'a rappelé lors du débat ayant suivi la
déclaration gouvernementale, vous paraissez remettre en cause la
qualité des expertises relatives à ce dossier. Vous êtes vous-même
scientifique et universitaire; vous connaissez donc bien ce milieu.
Pourtant, vous avez déclaré dans "Humo": "Er moeten onafhankelijke
wetenschappers aan het werk worden gezet. Dus zullen we wellicht in
het buitenland moeten gaan zoeken." Estimez-vous que ceux qui ont
émis certaines idées à ce propos ne sont pas assez reconnus pour se
le permettre? Pensez-vous que le monde universitaire belge ne
dispose pas de personnes suffisamment compétentes et
indépendantes, au point qu'il faudrait confier à l'extérieur de telles
études? En quoi les éléments dont nous disposons sont-ils
insuffisants?
Je ne dis pas qu'il ne faut pas le faire. Mais je voudrais savoir
pourquoi le ministre a changé d'avis.
blauw beslist de centrales enkele
jaren langer open te houden, maar
daar kwam reactie op in uw
politieke familie.
Uit uw stellingname blijkt echter
dat u fluks uw kazak gekeerd
heeft. In het weekblad "Humo"
zegt u dat het onzinnig zou zijn om
afstand
te
doen
van
een
energiebron bij ons en energie in
het buitenland aan te kopen.
Voorts lijkt u de expertises over dit
dossier ter discussie te stellen.
Vindt u dat mensen die bepaalde
ideeën gespuid hebben in dat
verband,
niet
geloofwaardig
genoeg zijn? Meent u dat er in ons
land geen mensen zijn die
onderlegd
en
onafhankelijk
genoeg zijn? In welk opzicht zijn
de
gegevens
waarover
we
beschikken, ontoereikend?
Waarom is de minister van mening
veranderd?
Présidente: Karine Lalieux.
Voorzitter: Karine Lalieux.
02.02 Denis Ducarme (MR): M. Crucke et moi-même avons eu la
même idée à la lecture des propos du ministre. Nous avons déjà eu
l'occasion de débattre de ce dossier au préalable. Cependant, je
souhaiterais obtenir quelques précisions quant à ces déclarations
dans les médias flamands, qui ne me semblent pas correspondre à
ce que j'avais compris dans un premier temps. Il me semble en effet
que vous aviez déclaré auparavant souhaiter rester dans le cadre de
la loi de 2003.
Pourriez-vous également détailler la partie de l'accord de
gouvernement qui porte sur la volonté de commander une nouvelle
étude? Sera-t-il encore faire appel à un certain nombre
d'académiques et de scientifiques? Nous n'avons jamais assez
d'informations sur un dossier aussi important que celui-là, mais
pouvez-vous nous expliquer pourquoi cette étude supplémentaire est
nécessaire?
02.02 Denis Ducarme (MR): Ik
zou enige toelichting willen krijgen
over uw uitspraken. U heeft
immers eerder verklaard dat u
binnen het bestek van de wet van
2003 wenste te blijven.
Waar in het regeerakkoord is er
sprake van het voornemen om een
nieuwe
studie
te
bestellen?
Waarom is zo een studie nodig?
02.03 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter, ik
ben er ten zeerste over verheugd dat er eindelijk wat beweging komt
in het dossier van de nucleaire uitstap. Daarjuist hebben wij van
collega Van Noppen heel interessante uiteenzettingen over MYRRHA
gehoord. Wij hebben dat inderdaad met de commissie bezocht en er
heel wat geleerd. Er waren ook interventies door MR-collega's. Ik
weet echter dat er ook bij andere partijen van de meerderheid zeer
heldere standpunten bestaan over de problematiek van kernenergie.
Onze commissie heeft de voorbije maanden heel wat hoorzittingen
gehouden over de energieproblematiek: vijf dagen hoorzittingen en
vier bezoeken.
02.03 Bart Laeremans (Vlaams
Belang):
Les
nombreuses
auditions organisées au cours des
derniers mois sur la sortie du
nucléaire ont mis en évidence
qu'un sortie générale n'est pas
encore certaine. Dans le magazine
"Humo", le ministre déclare que la
sortie du nucléaire est déjà
acquise mais je n'en suis pas
encore convaincu. Certains partis
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
Mijnheer de minister, wij moeten natuurlijk nog conclusies trekken uit
onze werkzaamheden, maar de algemene conclusie is zeker niet dat
de kernuitstap definitief is, integendeel. In het fameuze artikel van
HUMO laat u uitschijnen dat dat is verworven maar ik heb daarbij de
grootste vragen. Ook in de meerderheid staat uw partij daarmee
geïsoleerd.
Ik heb ook vastgesteld dat er bij het bedrijfsleven enorme
ongerustheid
bestaat
over
die
uitstap,
over
de
bevoorradingszekerheid en over de prijzen. Er bestaat ook grote
ongerustheid over de energieprijzen in consumentenkringen.
U doet nogal neerbuigend over de studie van professor D'haeseleer,
waarachter bepaalde belangen zouden schuilgaan. Intussen is
gebleken dat niet alles uit die studie juist is. Wat de verwachte stijging
van de prijzen betreft, is hij echter nog heel voorzichtig geweest.
Wanneer wij zien hoe snel de prijzen de voorbije jaren zijn gestegen,
zou het tegen 2030 nog veel erger kunnen zijn dan hij zelf
voorafspiegelt.
In die context zegt u dat alle voorliggende studies subjectief zijn en
dat er in ons land geen objectieve deskundigen zijn. Men kan zich
afvragen waar wij die dan wel zullen vinden. Wie is er dan zo
deskundig? Ik denk dat er dan zo'n groot debat zal ontstaan over wie
wij als deskundig naar voren moeten schuiven dat het rapport van in
het begin van alle zijden zal worden aangevallen, omdat niet de juiste
personen erbij betrokken zijn.
Men kan blijven studeren en de zaak voor zich uitschuiven. Precies in
Mol hebben wij echter van de betrokkenen van MYRRHA gehoord
dat, als er niet snel beslissingen inzake de kernuitstap worden
genomen, al onze knowhow zal weggaan. Al onze ingenieurs en
deskundigen zullen dan worden opgekocht door het buitenland en dan
is hier geen enkel onderzoek meer mogelijk.
Mijnheer de minister, waaruit leidt u af dat de studie Energie 2030 niet
objectief zou zijn of bepaalde belangen zou verdedigen?
Ontkent u dat de prijzen van de elektriciteit enorm zullen stijgen indien
de uitstap uit kernenergie onveranderd wordt behouden?
Zult u een nieuwe studie bestellen over de uitstap uit de kernenergie
in het buitenland? Waarom in het buitenland? Zijn er hier dan geen
deskundigen aanwezig?
Hoe zal men vermijden dat die buitenlandse studie tendentieus en
subjectief zou zijn?
Hoe kunt verzekeren dat dat uiteindelijk de correcte studie zal zijn en
dat wij nadien niet opnieuw een studie nodig hebben?
Zal die studie ten grondslag liggen van een definitief standpunt?
Tegen wanneer wilt u het definitieve standpunt over de
kernenergieproblematiek met de regering formuleren, zodat er
eindelijk een beleid kan worden gevoerd?
de la majorité ont manifestement
un autre point de vue également.
La sortie du nucléaire, la sécurité
d'approvisionnement et les prix
inquiètent
beaucoup
les
entreprises et les associations de
consommateurs. Le ministre se
montre condescendant à l'égard
de
l'étude
du
professeur
D'haeseleer, mais celui-ci était
encore
prudent
quant
à
l'augmentation escomptée des
prix.
Selon le ministre, notre pays ne
compte aucun expert objectif,
mais si pour chaque étude nous
devons
organiser
un
débat
préalable sur l'expertise des
chercheurs, tout examen objectif
devient impossible. Nous ne
pouvons continuer à reporter le
dossier et à multiplier les études.
Si aucune décision n'est prise
rapidement, tout le savoir-faire
sera perdu.
De quels éléments le ministre
déduit-il que l'étude Énergie 2030
ne serait pas objective? Nie-t-il
que
les
prix
augmenteront
considérablement si nous fermons
les
centrales
nucléaires?
Commandera-t-il une étude à
l'étranger? N'y a-t-il pas d'experts
chez nous? Une étude réalisée à
l'étranger sera-t-elle objective?
Quand une position définitive sera-
t-elle adoptée?
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
02.04 Paul Magnette, ministre: Messieurs les députés, la loi du
31 janvier 2003 sur la sortie progressive de l'énergie nucléaire à des
fins de production industrielle d'électricité est en vigueur en Belgique.
Comme vous l'a rappelé M. Ducarme, j'ai toujours dit et continue à
dire que cette loi est une bonne loi et qu'il n'y a aucune raison de la
revoir. Elle prévoit la désactivation des centrales nucléaires quarante
ans après leur mise en service industrielle, c'est-à-dire que les
premières devraient être arrêtées en 2015 et les dernières en 2025.
Il n'y a pas de lien direct entre cette loi et le rapport que le
gouvernement demandera, à mon initiative, sur le mix énergétique de
la Belgique parce que nous devons réfléchir à établir un scénario à
long terme sur le mix énergétique idéal pour ce pays.
Je sais que de très nombreuses études, que votre collègue Jean-
Marc Nollet avait déposées sur son pupitre lors du débat d'investiture,
ont déjà été commandées. C'est précisément parce que de
nombreuses études ont été commandées et que leurs conclusions
sont loin d'être convergentes qu'en tant que ministre, pour pouvoir
tracer des pistes, j'ai besoin d'une expertise qui tranche entre ces
conclusions extrêmement différentes.
Je ne porte pas de jugement sur l'impartialité des uns et des autres.
J'ai longtemps été dans le milieu scientifique et je sais d'expérience
que lorsqu'un centre de recherche a bénéficié de nombreux contrats
de recherche de telle ou telle entreprise, ou lorsque des experts ont
longuement travaillé dans telle ou telle entreprise, cela peut, à la
longue, avoir un effet sur leur jugement. Mais je ne veux pas être
polémique, je constate simplement que ces conclusions sont
divergentes, donc qu'elles n'aident pas à la prise d'une décision
politique.
C'est pourquoi, pour trancher, il faut réunir un groupe d'experts
impartiaux qui établissent un scénario clair, viable et soutenable à
long terme pour notre pays, et qui puisse faire l'objet d'un consensus
scientifique d'abord, et d'un consensus politique ensuite. Ce sont des
questions trop importantes pour être soumises à des tergiversations
polémiques ou à des pseudo-confrontations idéologiques. Nous
voulons tous assurer une sécurité d'approvisionnement, une énergie
correctement accessible pour tous, des prix démocratiques et dans le
respect de nos obligations européennes et internationales. Nous
devons, dans cette perspective, nous fixer un cadre général.
Il est vrai que l'accord de gouvernement précise que ce groupe
d'experts comptera en partie des experts étrangers ce qui pose
peut-être des problèmes à certains mais pas à moi. Nous n'avons pas
toute la vérité sur le sens de notre peuple dans notre peuple lui-même
et il peut être très utile de recourir à des expertises internationales.
Cela peut être très rafraîchissant d'avoir le point de vue d'experts
étrangers, comme c'était le cas dans d'autres commissions du même
type; cela peut donner une crédibilité d'impartialité scientifique au
jugement qui sera porté sur le paysage énergétique souhaitable pour
notre pays.
Le calendrier précise que ce groupe d'experts devra avoir remis un
avis au plus tard à la fin 2009 et tant mieux si c'est plus tôt.
Par ailleurs, rien de tout cela ne doit empêcher ou ralentir des
02.04 Minister Paul Magnette: Ik
blijf zeggen dat er geen enkele
reden is om de wet van 2003 te
herzien.
Er
bestaat
geen
rechtstreeks verband tussen die
wet en het rapport over de
Belgische energiemix dat de
regering op mijn initiatief zal
vragen. Door de veelheid van
studies en de uiteenlopende
conclusies ervan heb ik een
deskundigenverslag nodig waarin
duidelijke standpunten worden
ingenomen en knopen worden
doorgehakt. Daarom ook moet er
een stuurgroep van onafhankelijke
experts komen die een helder en
haalbaar
scenario
uitwerkt,
waarover in eerste instantie een
wetenschappelijke en vervolgens
ook een politieke consensus kan
worden bereikt.
In
het
regeerakkoord
wordt
inderdaad gesteld dat er ook
buitenlandse
experts
in
die
stuurgroep zullen zetelen. In
tegenstelling tot sommigen heb ik
daar geen probleem mee: het
standpunt
van
buitenlandse
experts kan het rapport een
grotere
wetenschappelijke
onafhankelijkheid verschaffen.
Volgens het vastgestelde tijdpad
zou die stuurgroep uiterlijk tegen
eind 2009 een advies moeten
hebben uitgebracht. Dat belet niet
dat
er
in
hernieuwbare
energiebronnen
moet
worden
geïnvesteerd.
Als we daar nu niet massaal in
investeren,
dreigen
we
achterstand op te lopen en
afhankelijk
van
anderen
te
worden. Bovendien zouden we
een buitengewone kans laten
liggen om mee te doen met die
derde industriële revolutie die
grote mogelijkheden biedt inzake
het creëren van activiteiten en het
scheppen van banen. Wij moeten
onze
inspanningen
opdrijven,
zonder te wachten op het verslag
van die internationale stuurgroep.
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
investissements aussi massifs que possibles dans les énergies
renouvelables, qui sont les seules véritablement durables à long
terme, vis-à-vis desquelles nous avons des obligations européennes
et internationales auxquelles nous souscrivons (une consommation
finale de 13% que j'ai toujours présentée comme étant un minimum-
minimorum).
Ne pas engager maintenant des investissements massifs en ce sens
risquerait de nous faire prendre du retard et de nous mettre dans une
situation difficile, une situation à nouveau de dépendance, voire
même juridiquement compliquée. Ce serait de surcroît louper une
occasion extraordinaire de prendre le train de cette troisième
révolution industrielle et louper l'opportunité de grande progression
technologique, de grand potentiel de création d'activités économiques
et d'emplois. C'est pourquoi les efforts engagés doivent être
prolongés et accélérés dès maintenant sans attendre un jour de plus
le rapport de ce groupe d'experts internationaux sur les perspectives
souhaitables à plus long terme pour notre pays.
02.05 Jean-Luc Crucke (MR): Madame la présidente, M. le ministre
a raison lorsqu'il dit que c'est un sujet qui ne doit pas susciter de
polémique et sur lequel, dans la mesure du possible, un consensus
doit pouvoir être trouvé. Cela dit, je le suis difficilement lorsqu'il dit
qu'il n'y a pas de lien entre l'interruption progressive du nucléaire et le
mix énergétique. Mais si, il y a un!
02.05 Jean-Luc Crucke (MR): Ik
ben het niet eens met de minister
wanneer hij zegt dat er geen
verband is tussen de geleidelijke
sluiting van de kerncentrales en de
energiemix.
02.06 Paul Magnette, ministre: Il n'y a pas que cela!
02.06 Minister Paul Magnette:
Er zijn nog andere aspecten!
02.07 Jean-Luc Crucke (MR): Dans ce cas, nous sommes d'accord!
Il y a un lien évidemment, car c'est en fonction de cela que nous
pourrons déterminer le pourcentage. Tout comme vous, nous
souhaitons que l'échéance fixée à 2015-2025 soit respectée. Sur ce
premier point, je partage votre analyse.
Pour ce qui concerne toutes ces enquêtes, je ne suis pas certain,
mais je vous avoue ne pas avoir pris connaissance de l'entièreté des
rapports, qu'il y ait autant de contradictions parmi les documents
déposés. Vous ne l'avez pas dit, mais le milieu scientifique peut sans
doute encore y travailler. Faire appel à une aide extérieure me semble
également opportun!
J'attire simplement votre attention sur un point en espérant qu'il ne se
produise pas. Il me semble préférable de le dire avant qu'après: il ne
faudrait pas qu'une étude supplémentaire survienne pour entamer
une polémique complémentaire, car il s'agirait de temps perdu pour
un sujet où les décisions importent dès maintenant.
Nous aurons donc la réponse à la question dès la lecture du cahier
des charges; je le pense, monsieur le ministre.
Dans mes questions, je désirais aussi savoir quand nous pourrions
disposer de ce cahier des charges. Je suis conscient que du temps
est nécessaire pour le rédiger, mais je souhaite que le délai soit le
plus bref possible, tout en exigeant une attention particulière. Nous
pourrons alors obtenir des réponses à toutes nos questions.
Pour terminer, au nom de tous ceux qui désirent investir en matière
02.07 Jean-Luc Crucke (MR): Er
is een verband: het is op grond
daarvan dat wij het percentage
kunnen bepalen.
Wij willen net als u dat men zich
aan het vooropgestelde tijdpad
2015-2025 houdt.
Ik geef toe dat ik niet alle
rapporten gelezen heb, maar ik
ben er niet zeker van dat die
documenten
elkaar
zo
erg
tegenspreken. De wetenschappers
kunnen daar wellicht nog verder
aan werken.
Het lijkt mij eveneens opportuun
externe hulp in te roepen.
Ik wil u er gewoon op wijzen dat
een
nieuwe
studie
geen
bijkomende
polemiek
mag
veroorzaken op een ogenblik dat
er beslissingen moeten worden
genomen.
Wanneer kunnen we over dat
bestek beschikken? Het zal een
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
d'énergies renouvelables, je vous remercie d'avoir confirmé votre
volonté et celle du gouvernement de faire une priorité de cet
investissement en énergies renouvelables. C'est de bon aloi.
antwoord bieden op al onze
vragen.
Tot slot wil ik u bedanken omdat u
hebt bevestigd dat de regering en
uzelf van die investeringen in
hernieuwbare energiebronnen een
prioriteit willen maken.
02.08 Denis Ducarme (MR): Madame la présidente, monsieur le
ministre, vous avez certainement vu le sondage publié ce jour dans
"Le Soir"; il indiquait que, du côté francophone, 61% des Wallons et
Bruxellois estiment nécessaire de prolonger le nucléaire vu qu'il s'agit
d'une bonne solution pour lutter contre le réchauffement climatique.
Est-ce la pression populaire ou juste la réflexion? Toujours est-il que
"Le Soir" ajoutait que la porte s'était récemment légèrement
entrouverte au Sud, du côté socialiste.
Personnellement, je ressens cette attitude comme un courant d'air
chaud au parlement. Je suis d'accord qu'il ne convient pas de
polémiquer sur ce dossier important: nous aurons besoin d'énergie
dans l'avenir. C'est la raison pour laquelle je n'avais pas compris
qu'après l'accord gouvernemental du présent gouvernement, le Parti
socialiste communique, par la voix de son président, qu'il n'y aurait
pas de prolongation du nucléaire et qu'il s'agissait donc d'une victoire
du PS. Dès lors, j'observe qu'on a dépassé cet aspect et j'en suis
vraiment satisfait.
J'entends bien que l'étude future soit réalisée sur la base d'un mix
énergétique idéal. Selon l'étude du Bureau fédéral du Plan, il semble
impossible de se passer du nucléaire: en effet, d'ici 2030, il est
inimaginable d'augmenter suffisamment la production d'énergie verte
pour compenser l'arrêt du nucléaire.
Enfin, je ne suis pas en parfaite phase avec vous, monsieur le
ministre, quand vous indiquez que toutes les conclusions sont
divergentes. À la lecture du rapport de la CREG, à écouter l'Union
européenne pousser à la poursuite du nucléaire, à l'écoute du rapport
2030 reprenant le même avis, à la lecture même du rapport du GIEC
tout de même qui incite à poursuivre dans le même sens, on se
rend compte que beaucoup de spécialistes sont sur la même
longueur d'ondes.
J'espère donc que cette étude que vous vous apprêtez à commander
prendra l'avis de ces gens de talent et d'expérience, qui ont déjà
participé à d'autres études telle celle liée au rapport 2030, et de ces
experts du GIEC.
02.08 Denis Ducarme (MR): Uit
een opiniepeiling die vandaag in
"Le Soir" is verschenen, blijkt dat
61 procent van de Walen en de
Brusselaars van oordeel zijn dat
de kerncentrales langer in gebruik
moeten blijven. De krant voegt
eraan toe dat de socialisten
daarvoor onlangs de deur op een
kier hebben gezet, maar spreekt
zich er niet over uit of dit onder
druk van de publieke opinie dan
wel na rijp beraad gebeurde.
Ik heb niet goed begrepen waarom
de PS na het akkoord van de
huidige regering verklaarde dat de
kerncentrales
wel
degelijk
gesloten zouden worden, en dat
de PS dus een overwinning had
behaald. Het verheugt me dat men
die polemiek heeft weten te
overstijgen.
Volgens de studie van het
Federaal
Planbureau
blijft
kernenergie kennelijk noodzakelijk
om in onze energiebehoefte te
voorzien.
Er
worden
inderdaad
uiteenlopende conclusies naar
voren
geschoven.
Tal
van
specialisten pleiten evenwel voor
het behoud van kernenergie als
energiebron. Ik hoop dan ook dat
het advies van de deskundige en
ervaren mensen die aan andere
studies zoals die van het IPCC en
de Commissie Energie 2030
hebben meegewerkt, zal vervat
zijn in de studie die u zal bestellen.
02.09 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Ik moet mij aansluiten bij
hetgeen zonet is gezegd. Het is inderdaad zo dat de meeste
deskundigen die de problematiek beheersen, in dezelfde richting
gaan, met name de noodzaak van kernenergie en verder onderzoek
naar nieuwe toepassingen en nieuwe wijzen om elektriciteit te
bekomen uit kernenergie. Binnen de regering zegt tot nu toe maar
02.09 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Pratiquement chacun au
sein du gouvernement reconnaît la
nécessité de continuer à recourir à
l'énergie nucléaire, à l'exception
d'un seul parti, qui s'y oppose
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
een partij, uw eigen partij, dat er een ander spoor moet worden
gevolgd. Daardoor worden belangrijke beslissingen die echt heel snel
zouden moeten worden genomen, uitgesteld.
Ik blijf betreuren dat men heel het verhaal van de energieproblematiek
en de mix aan energie uitstelt, en niet beslist. Als we in 2009 een
nieuwe regeringscrisis krijgen met nieuwe verkiezingen dan verliezen
we nog eens extra veel tijd. Deze regering neemt ter zake eigenlijk
niet haar verantwoordelijkheid op.
Ik blijf op mijn honger omtrent de vraag wie in die commissie moet
zitten. Gaat u zorgen voor een evenwichtig panel van deskundigen?
Wie zal de selectie maken? Komt u daarmee naar het Parlement?
Zullen wij daarover onze zeg kunnen doen? Of zullen wij voor een
voldongen feit worden geplaatst? Dit is allemaal niet duidelijk. U zegt
dat u tegen eind 2009 een rapport wilt maar u zegt niet wanneer die
groep er zal komen en of u wel mensen zult vinden die tijd hebben om
tegen eind 2009 een dergelijk rapport te schrijven. Ik blijf dus met heel
veel vraagtekens zitten en ik vrees dat wij opnieuw voor een situatie
zullen komen te staan waarbij heel wat mensen uw rapport zullen
contesteren omdat het in een of andere ideologische richting zal gaan.
Wij kunnen in dit dossier nog honderd jaar om rapporten vragen maar
daarmee komen wij geen stap vooruit.
Wat ons in elk geval duidelijk is gezegd tijdens de bezoeken en
hoorzittingen is dat wij in elk geval niet lang meer mogen wachten. In
2009 wil men in de betrokken sector kunnen beslissen of men
voortgaat met investeren. De directeur van de kerncentrale van Doel
heeft dit ook duidelijk gezegd. 2009 was voor hem echt een deadline
om nog beslissingen te nemen inzake investeringen in kernenergie.
Men zegt dat er heel veel deskundigen dreigen te worden weggekocht
bij ons. In Groot-Brittannië, Polen en heel wat andere plaatsen gaat
men volop door op het spoor van de kernenergie. Men is daar van
plan deskundigen op te kopen. Als wij nog lang wachten zullen alle
deskundigen die bij ons zijn opgeleid, vertrokken zijn en dan kunnen
wij ons eigenlijk niet meer bekwamen. Onze kenniscentra zullen dan
ook ten dode zijn opgeschreven.
Ik hoop dat u dit soort van evolutie niet op uw geweten wilt hebben.
toujours avec le report de
décisions
importantes
pour
conséquence. Ce gouvernement
ne prend pas ses responsabilités.
Il n'a pas encore été établi
clairement qui siégera au sein de
la commission et qui en fixera la
composition. On ignore également
si le rapport sera prêt pour 2009 et
s'il ne sera pas contesté. Dans
l'intervalle, nos experts sont
démarchés en masse par les pays
voisins
qui
empruntent
résolument, quant à eux, la voie
de l'énergie nucléaire.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
Voorzitter: Bart Laeremans.
Président: Bart Laeremans.
03 Vraag van de heer Jenne De Potter aan de minister van Klimaat en Energie over "de uniforme
energiefactuur" (nr. 4106)
03 Question de M. Jenne De Potter au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'uniformisation de la
03.01 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, een
tijdje geleden kondigde u een aantal maatregelen aan om de
energiefactuur van de mensen en de bedrijven te verlichten. Naast,
onder andere, het versterken van de federale regulator, kondigde u
ook een uniforme energiefactuur aan.
Wij zijn al lang vragende partij voor een begrijpelijke factuur die wordt
03.01 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): La promesse d'une facture
énergétique claire et uniforme est
encore un héritage du précédent
ministre de l'Énergie, mais, dans
la pratique, on n'a encore rien vu
venir.
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
gebruikt door alle energieleveranciers, waardoor een effectieve
prijsvergelijking door de consument gemakkelijker wordt. Ook uw
voorganger als minister van Energie kondigde reeds een
standaardenergiefactuur aan. Uiteindelijk kwam die er niet, wat
uiteraard te betreuren valt.
Vele verbruikers ergeren zich er mateloos aan dat zij energiefacturen
ontvangen waar zij eigenlijk niet goed weg mee weten. Deze
onduidelijkheid en onoverzichtelijkheid op de energiefactuur is een
rem op een verregaande prijsvergelijking tussen diverse
energieleveranciers. Onduidelijke facturen maken het verbruikers ook
moeilijk zich een exact beeld te vormen van hun energieverbruik, van
de extra toeslagen die worden gevraagd, van de reeds gedane
afbetalingen. Ook hebben zij het soms moeilijk om in te zien waaraan
een eventueel terechte prijsstijging toe te schrijven is. Al die zaken
worden bemoeilijkt door het feit dat die energiefactuur soms niet
eenvoudig te lezen valt. Daarom mijn vragen aan de minister.
Wat is de stand van zaken met betrekking tot de ontwikkeling van een
uniforme energiefactuur? Is er al enige duidelijkheid over welke
prijsgegevens precies op de factuur zullen moeten voorkomen? Zal er
bijvoorbeeld een opsplitsing worden gemaakt naar de verschillende
samenstellende bestanddelen van de energieprijs? Hebt u overlegd
met de Gewesten ter zake? Is er al in een concrete timing voorzien
tegen wanneer die uniforme energiefactuur zou kunnen worden
ingevoerd?
Où en est le dossier de la facture
énergétique uniforme? Sait-on
déjà précisément quelles données
de prix seront reprises dans cette
facture? Y aura-t-il une ventilation
présentant
les
différentes
composantes du prix total de
l'énergie? Y a-t-il déjà eu une
concertation avec les Régions à
ce sujet? Un calendrier concret a-
t-il déjà été établi en vue de
l'introduction
de
la
facture
énergétique uniforme?
03.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer De Potter, ik deel uw
bezorgdheid betreffende de onduidelijkheid waarmee de consument
vaak heeft af te rekenen inzake de inhoud van energiefacturen. Uit
het jaarverslag van het directoraat-generaal Controle en Bemiddeling
(DGCB) van de FOD Economie blijkt eveneens dat 80% van de
vragen van de consument de energiefacturatie betrof.
Wat verontrust, is dat de vragen die het DGCB krijgt, voor het
merendeel gegrond zijn. De facturen zijn niet transparant: tal van
consumenten betwisten ze dan ook, omdat ze ofwel overduidelijke
fouten, ofwel onbegrijpelijke gegevens bevatten, die niet bij voorbaat
overeenstemmen met de werkelijke toestand. Om al deze redenen
heb ik het initiatief genomen een typefactuur uit te werken waarin de
informatie op identieke wijze wordt voorgesteld, ongeacht de
leverancier of het Gewest. Deze typefactuur wordt momenteel
besproken met de Federatie voor Belgische Elektriciteits- en
Gasbedrijven (FEBEG) en zal verder worden uitgewerkt in overleg
met de Gewesten en de consumentenorganisaties. Dit zal het de
consumenten mogelijk maken beter te begrijpen wat zij betalen en
waarom. Ze zal verstaanbaar, leesbaarder en meer gelijkvormig
moeten zijn.
De vernieuwde energiefactuur zal eveneens transparanter moeten
worden aangaande de parameters van de prijs die door de
leveranciers wordt gefactureerd. Zij zal bovendien meer informatie
dienen te verschaffen over de manier waarop het voorschot werd
betaald en een meer regelmatige stand van zaken mogelijk maken
inzake het werkelijk verbruik en informeren over de weerslag op het
milieu van de energiebronnen die door de leveranciers worden
aangewend.
03.02 Paul Magnette, ministre:
Je partage vos préoccupations à
propos du manque de clarté des
factures. Il ressort du rapport
annuel de la Direction générale
Contrôle et médiation (DGCM) du
SPF Économie que 80 % des
questions
posées
par
les
consommateurs ont trait à la
facture d'énergie, et il est
inquiétant de constater en outre
que ces questions sont fondées.
C'est pourquoi j'ai pris l'initiative
de faire rédiger une facture type.
Ce projet fait pour l'instant l'objet
de discussions au sein de la
Fédération belge des entreprises
électriques et gazières (FEBEG),
et
une
concertation
aura
également lieu avec les Régions et
les
organisations
de
consommateurs.
Les
factures
doivent devenir plus transparentes
et
contenir
davantage
d'informations, y compris sur les
effets
environnementaux
des
sources d'énergie utilisées par les
fournisseurs. Le consommateur
doit pouvoir obtenir régulièrement
un aperçu de sa consommation
énergétique réelle. J'ai demandé à
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
Aangaande de timing wens ik te onderstrepen dat ik mijn diensten de
opdracht heb gegeven om dit project zo snel als mogelijk af te ronden.
mes services de boucler ce
dossier dans les meilleurs délais
possibles.
03.03 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik ben
blij dat u effectief werk aan het maken bent van de uniforme
energiefactuur die al een tijdje is beloofd, ook in vorige regeringen. Ik
ben ook blij dat dit gebeurt in overleg met de diverse actoren op het
terrein, zowel met de leveranciers als met de Gewesten en de
consumenten.
Ik denk dat prijsvergelijking effectief makkelijker is wanneer
consumenten gebruik kunnen maken van een verstaanbare, leesbare,
transparante factuur, zoals u het zelf heeft omschreven.
Ik hoop dat we binnenkort u zegt "zo snel mogelijk" en ik hoop dat
het inderdaad snel is een uniforme energiefactuur mogen
begroeten.
03.03 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): Je me réjouis de la
concertation
entre
les
fournisseurs, les Régions et les
organisations de consommateurs
et j'espère que l'idée de la facture
uniforme se concrétisera très
rapidement.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister van Klimaat en Energie over "de veiligheid van
brandblusapparaten" (nr. 4141)
04 Question de M. Michel Doomst au ministre du Climat et de l'Énergie sur "la sécurité des
04.01 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, u bent sinds kort verantwoordelijk voor en
behoeder van de belangen van de consumenten.
Ik wil u een vraag stellen over iets wat voor veel mensen een
hanteerbaar instrument is in geval van nood, met name de
brandblusapparaten. U zou van de commissie voor de Veiligheid van
de Consumenten het advies hebben gekregen om te waarschuwen
voor kleinere types van brandblussende spuitbussen die de mensen
die ze willen gebruiken een vals gevoel van veiligheid kunnen geven.
Blijkbaar worden dergelijke types regelmatig aangeboden op onze
markt, maar voldoen ze niet aan de vigerende normen, in
tegenstelling tot de grotere en duurdere types die wel voldoen aan alle
normen. Men gebruikt dezelfde pictogrammen waardoor de
consument op het verkeerde been zou kunnen worden gezet wat de
doeltreffendheid betreft.
Mijnheer de minister, hebt u inzake deze problematiek
waarschuwingen, bemerkingen en vragen gekregen? Bent u bereid
de situatie te onderzoeken, richtlijnen op te stellen en eventueel mee
te delen welke stappen er op korte termijn kunnen worden
ondernomen?
04.01 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): La Commission de la
sécurité des consommateurs met
en garde contre les extincteurs
bon marché qui ne satisfont pas
aux normes, mais sur lesquels
apparaissent
les
mêmes
pictogrammes que sur les types
d'extincteurs plus onéreux et de
plus grande taille.
Le ministre est-il au courant de
cette situation? Va-t-il examiner
ces problèmes et y remédier à
court terme?
04.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, collega
Doomst, ik heb de persmededeling van de commissie voor de
Veiligheid van de Consumenten gezien maar beschik niet over de
gegevens van de betrokken brandblussers.
Ik zal mijn diensten opdracht geven deze gegevens op te vragen en
de zaak te onderzoeken. Indien blijkt dat er brandblussers op de
04.02 Paul Magnette, ministre:
Je n'ai lu à ce sujet qu'un seul
communiqué
de
presse.
Je
demanderai à mes services de se
renseigner sur la situation. Si ces
extincteurs ne sont pas conformes
à la loi de 1994, ils seront retirés
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
markt zijn die niet voldoen aan de wet van 9 februari 1994 betreffende
de veiligheid van producten en diensten zal ik de nodige maatregelen
nemen om de producten uit de handel te nemen.
du commerce.
04.03 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik neem
dus aan dat ik u daarover niet meer hoef te ondervragen en dat u mij
daaromtrent te gelegener tijd informatie zult bezorgen.
04.03 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): J'espère que le ministre
me fournira des informations à ce
sujet en temps opportun.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04.04 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik heb
nog een vraag in de commissie voor de Justitie. Mijn collega was zo
lief om mij mijn vraag eerst te laten stellen.
De voorzitter: Mijnheer Doomst, indien de heer Nollet akkoord gaat, is nu uw vraag aan de beurt.
05 Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister van Klimaat en Energie over "de groene energie"
(nr. 4240)
05 Question de M. Michel Doomst au ministre du Climat et de l'Énergie sur "l'énergie verte" (n° 4240)</b>
05.01 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, wij hebben het er al even over gehad bij een
vorige vraagstelling. Vanuit verschillende hoeken stijgt alsmaar de
vraag naar groene energie, wat een positieve evolutie is.
Onlangs maakte u in Oostende kennis met een aantal efficiënte,
groene projecten. U zag dat een heel aantal realisaties door het
Fonds ter Reductie van de Globale Energiekost, kortweg FRGE
genoemd, wordt gefinancierd. Het Fonds zou momenteel blijkbaar
middelen op overschot hebben.
U zei dat het inderdaad klopte. Het zou nog niet genoeg bekend zijn
wat allemaal mogelijk is. Ondanks het feit dat u niet de bevoegdheid
op het vlak van de situering hebt, wees u er ook op dat de
windmolens uw aandacht hadden getrokken. U beloofde een
inhaalbeweging. U zei immers dat ons land op dat vlak achteraan
bengelt. Tegen 2020 wil u minstens 13% groene energie bereiken. U
zou ook vanaf 15 april 2008, met de lente van het leefmilieu, een actie
rond duurzaamheid opzetten.
Welke maatregelen plant u om het Fonds ter Reductie van de Globale
Energiekost beter bekend te maken bij degenen die van het fonds
gebruik kunnen maken?
Hoeveel overschot aan middelen heeft het fonds op het ogenblik?
In de hoop dat u een aantal zaken opnieuw op gang zal kunnen
trekken, wil ik u het volgende vragen: welke concrete stappen en
plannen hebt u voor ogen?
U belooft ook een aantal inhaalbewegingen. In welke grootorde en
richting meent u voornoemde inhaalbewegingen waar te maken?
05.01 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): La demande d'énergie
verte augmente. Le ministre a
récemment été informé à Ostende
d'un certain nombre de projets
écologiques et du fonctionnement
du Fonds de réduction du coût
global de l'énergie (FRCE) qui
disposerait
actuellement
d'un
excédent de moyens. D'ici à 2020,
13% de l'énergie devrait provenir
de l'énergie verte.
Quels
mesures
le
ministre
prendra-t-il pour mieux faire
connaître le Fonds? Quel est
l'excédent du Fonds? Comment et
quand le ministre réunira-t-il les
parties concernées?
05.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Doomst, tijdens mijn bezoek aan Oostende kon ik nader kennis
maken met een aantal projecten gericht op een rationeler
05.02 Paul Magnette, ministre:
J'ai récemment visité Ostende où
j'ai reçu des informations sur
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
energiegebruik en het duurzaam en groener maken van het
energieaanbod.
Tijdens mijn bezoek werd mij ook de werking van het
energiebesparingbedrijf EOS voorgesteld. EOS is een autonoom
gemeentebedrijf, dat door de stad Oostende werd gecreëerd met het
oog op het bewerkstelligen van een geïntegreerd energiebeleid:
informeren, sensibiliseren, het uitvoeren van energiescans en kleine,
energiebesparende maatregelen.
Doordat EOS in 2007 als
eerste
lokale entiteit een
samenwerkingsovereenkomst met het FRGE sloot, kan de bevolking
van Oostende vandaag een renteloze lening met EOS aangaan om
energiebesparende investeringen uit te voeren.
De opstart van het FRGE heeft inderdaad vertraging opgelopen. Dat
is, enerzijds, te wijten aan de organisatie die vereist is om op lokaal
vlak een entiteit op te richten die voldoet aan de voorwaarden om met
het FRGE te kunnen samenwerken. Er zijn ondertussen contacten
geweest met ongeveer vijfentwintig steden en gemeenten, waarvan
een vijftiental hebben laten blijken ernstig in een samenwerking met
het FRGE te zijn geïnteresseerd.
De werkingsmiddelen waarover het FRGE beschikt, maken het
mogelijk een vijftiental lokale entiteiten te ondersteunen op het vlak
van werking en personeel.
Wat de huidige financiële toestand betreft, kan ik u meedelen dat het
FRGE in 2007 via een obligatielening 50 miljoen euro ophaalde.
Bovendien wordt jaarlijks 2 miljoen euro als werkingsmiddelen aan het
FRGE toegekend, waarvan het overgrote deel dient als
werkingsmiddelen voor de lokale entiteiten en een gedeelte voor de
centrale werking van het FRGE.
Tot op heden werden enkel aan Oostende investeringsmiddelen
uitgeleend. Bedoelde middelen worden weliswaar vertraagd
uitgegeven, doch zijn niet op overschot, gelet op het feit dat het een
obligatielening met een duurtijd van 5 jaar betreft. De lening dient in
2012 aan de obligatiehouders te worden terugbetaald.
Het concept en de werking van het FRGE worden momenteel
geëvalueerd. Ook wordt een aantal oplossingen onderzocht voor
knelpunten waarmee het Fonds wordt geconfronteerd.
Het is uiteraard de bedoeling om de samenwerking met de lokale
entiteiten te dynamiseren maar wel binnen de bestaande
werkingsmiddelen en rekeninghoudend met de lokale autonomie. Het
FRGE stelt zich immers tot doel complementair met reeds bestaande
lokale en gewestelijke initiatieven te werken, om aldus bij te dragen
tot een zo totaal mogelijk aanbod inzake ondersteunende
maatregelen om energiebesparingen te stimuleren.
Vanuit voornoemde optiek zijn de Gewesten dan ook binnen de raad
van bestuur van het FRGE vertegenwoordigd. Het lokale niveau heeft
zijn stem binnen de raad van wijzen, die het FRGE adviseert.
Met betrekking tot de genoemde 13% hernieuwbare energie, zal een
nationaal actieplan worden uitgewerkt, waarbij een stappenplan zal
divers
projets
et
sur
le
fonctionnement de EOS, une
entreprise d'économie d'énergie
communale, qui a conclu un
accord de coopération avec le
Fonds de réduction du coût global
de l'énergie, permettant même à la
population
d'Ostende
de
contracter avec EOS un prêt sans
intérêt destiné à investir dans des
mesures d'économie d'énergie.
La
création
du
Fonds
a
effectivement été retardée en
raison de l'organisation nécessaire
au niveau local pour créer une
entité satisfaisant aux conditions
pour pouvoir collaborer avec le
FRCE. Entre-temps, des contacts
ont été établis avec quelque 25
villes et communes, dont 15 sont
réellement
intéressées
de
collaborer avec le FRCE. Les
moyens de fonctionnement du
Fonds permettent d'apporter un
soutien financier à une quinzaine
d'entités locales en ce qui
concerne
les
frais
de
fonctionnement et de personnel.
Le FRCE a reçu 50 millions
d'euros par le biais d'un emprunt
obligataire, en 2007, et il bénéficie
de moyens de fonctionnement à
concurrence de 2 millions d'euros
par an. La majorité de ceux-ci sert
de moyen de fonctionnement pour
les entités locales tandis qu'une
partie va au fonctionnement
central du FRCE. Jusqu'à présent,
des moyens d'investissement ont
seulement
été
octroyés
à
Ostende. Il n'y a pas de moyens
excédentaires étant donné que
l'emprunt obligataire devra être
remboursé aux obligataires en
2012.
Le
concept
et
le
fonctionnement du FRCE sont
actuellement
l'objet
d'une
évaluation. Des solutions sont
également recherchées pour une
série de points épineux. Il convient
d'activer la coopération avec les
entités locales dans le cadre des
moyens
de
fonctionnement
existants et en tenant compte de
l'autonomie locale. Ce Fonds se
veut complémentaire par rapport à
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
worden uitgetekend om de ambitieuze doelstellingen te behalen. Via
een task force binnen de Nationale Klimaatcommissie zullen zowel de
federale regering als de gewestregeringen bij het plan betrokken zijn.
Het is uiteindelijk de bedoeling om nieuwe investeringen in
hernieuwbare energie aan te trekken, rekeninghoudend met de
gewestelijke bevoegdheden en in het kader van een voldoende
gediversifieerde energiemix. Voor de offshore windenergie zullen
tevens alle mogelijke maatregelen worden getroffen voor een
optimale exploitatie van het potentieel.
des initiatives existantes, aux
niveaux local et régional, en
matière de mesures d'appui des
économies
d'énergie.
C'est
pourquoi
les
Régions
sont
représentées
au
conseil
d'administration du Fonds. Quant
aux pouvoirs locaux, ils ont voix au
chapitre au sein du conseil des
sages conseillant le FRCE.
Un plan d'action national en
plusieurs phases sera développé
pour réaliser l'objectif des 13%
d'énergie renouvelable. Tant les
gouvernements
fédéral
que
régionaux y sont associés. Nous
voulons susciter de nouveaux
investissements dans l'énergie
renouvelable, afin de réaliser un
mix énergétique suffisamment
diversifié. Concernant l'énergie
éolienne offshore, des mesures
seront prises pour exploiter le
potentiel de manière optimale.
05.03 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord.
Het is inderdaad het moment om op de lokale overheden toe te
stappen. Er is een enorme interesse. Het is dus goed dat niet alleen
Oostende van de maatregelen geniet. Oostende zit goed om de wind
van achter te krijgen, niet alleen omwille van de locatie maar ook
omwille van de aanwezigheid van mensen die echt met de kwestie
bezig zijn. Het is goed dat wij de zaak opentrekken. Op dit ogenblik is
er immers heel veel interesse bij de lokale overheden. Het zou dus
goed zijn dat alle mogelijkheden en middelen die er zijn nog beter bij
de basis worden bekend gemaakt opdat die bij het Fonds kan
aansluiten.
05.03 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): L'intérêt est très grand au
niveau local, et pas seulement à
Ostende. J'espère que tous les
moyens et toutes les possibilités
seront exploités pour mieux faire
connaître le Fonds.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Question de M. Jean-Marc Nollet à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "un élément de la déclaration de politique gouvernementale en rapport avec
la recherche" (n° 4189)</b>
06 Vraag van de heer Jean-Marc Nollet aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "een onderdeel van de regeringsverklaring in verband met het
wetenschappelijk onderzoek" (nr. 4189)
06.01 Jean-Marc Nollet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
monsieur le ministre, cette question était initialement posée à votre
collègue, Mme Laruelle. En effet, je pensais que toute la recherche
relevait de sa compétence. Manifestement, ma question a été
redirigée vers vous. Tout ceci n'est pas bien grave; l'important est le
contenu de la question. Néanmoins, pourriez-vous m'expliquer
brièvement la répartition des compétences? En effet, je ne tiens pas à
répéter la même erreur et je souhaiterais savoir si c'est vous qui
06.01 Jean-Marc Nollet (Ecolo-
Groen!):
Deze
vraag
was
oorspronkelijk
voor
mevrouw
Laruelle bedoeld. Ik dacht dat het
wetenschapsbeleid in zijn geheel
onder haar bevoegdheid viel. Kan
u mij meer uitleg geven over de
bevoegdheidsverdeling?
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
suivrez le dossier ultérieurement.
Au départ, ma question a été posée en vue de bien comprendre ce
qui figure dans l'accord de gouvernement et qui a trait à l'IRE, l'Institut
des radioéléments. Je cite le court passage de l'accord de
gouvernement: "Dans le respect général, le gouvernement soutiendra
la recherche scientifique relative aux énergies renouvelables..." Vous
savez que nous sommes favorables à cette dimension. Nous avons
déjà beaucoup parlé de la recherche mais il faut aussi pouvoir
l'appliquer! Je poursuis: "...et revalorisera le rôle et le fonctionnement
du CEN et de l'IRE, en ce compris des programmes internationaux
qui visent à réduire la durée de vie des déchets nucléaires ainsi que la
recherche en matière d'isotopes médicaux." On associe donc non
seulement le CEN et l'IRE mais, dans le contenu, on associe
également la réduction de la durée de vie des déchets nucléaires et la
recherche en matière d'isotopes médicaux.
Monsieur le ministre, je souhaiterais obtenir davantage de précisions
pour ce qui relève spécifiquement de l'IRE. S'agit-il pour l'IRE de
travailler sur des programmes de réduction de la durée de vie des
déchets ou bien cela est-il propre au CEN? Dans le cas où l'IRE doit
également travailler sur ces programmes-là, de quoi s'agit-il
concrètement? Par ailleurs, j'aimerais que vous me précisiez ce que
le gouvernement entend concrètement en termes de revalorisation du
rôle et du fonctionnement de l'IRE? Comment cela se traduit-il dans le
cadre budgétaire, par exemple, étant donné que le budget est
maintenant connu? Je ne vais pas polémiquer. Il n'y a d'ailleurs pas
lieu de le faire pour l'instant. À ce stade, je souhaiterais simplement
comprendre. J'entends dire qu'il y a différents projets, notamment
relatifs à des petits réacteurs, etc. J'aurais voulu savoir si c'est cela
qui se cache derrière cette phrase de l'accord de gouvernement.
Met mijn vraag wil ik beter
begrijpen wat in het regeerakkoord
staat over het IRE, het Nationaal
instituut voor radio-elementen. Het
gaat niet enkel om het SCK en het
IRE,
maar
ook
om
de
vermindering van de levensduur
van het radioactieve afval en om
het wetenschappelijk onderzoek
over de medische isotopen..
Is het de bedoeling dat het IRE
zich met programma's over de
vermindering van de levensduur
van het afval bezighoudt of gaat
het
om
een
exclusieve
bevoegdheid van het SCK? Als het
IRE ook aan die programma's
moet meewerken, waarover gaat
het precies? Wat verstaat de
regering
concreet
onder
de
herwaardering van de rol en de
werking van het IRE? Wat is de
budgettaire weerslag? Ik heb
vernomen dat er verschillende
projecten bestaan, vooral met
betrekking tot kleine reactoren.
Wordt met deze zin van het
regeerakkoord
die
projecten
bedoeld?
06.02 Paul Magnette, ministre: Monsieur le président, monsieur
Nollet, en ce qui concerne l'IRE, il ne s'agit pas de travailler sur des
programmes de réduction de la durée de vie des déchets nucléaires,
ce qui relève du domaine de travail du CEN. Les activités de l'IRE se
limitent à l'étude, au développement et à la production des radio-
isotopes médicaux.
Que signifie ce passage de la déclaration gouvernementale quant à la
revalorisation du rôle et du fonctionnement de l'IRE? Il s'agit
essentiellement de confirmer le soutien à cet institut en le marquant
par une augmentation sensible de son budget, dont nous pourrons
discuter dans le cadre du débat budgétaire. Le domaine du marché
de la médecine nucléaire est effectivement en pleine croissance, avec
des isotopes médicaux de plus en plus utilisés pour lesquels l'IRE est
actuellement le deuxième producteur mondial pour certains,
notamment le Molybdène 99, et le premier producteur pour d'autres,
notamment l'Iode 131. C'est donc dans le soutien de cette recherche
de production de pointe que le gouvernement a voulu s'inscrire en
indiquant ce passage dans la déclaration du gouvernement et en le
faisant correspondre à une augmentation de budget significative.
06.02 Minister Paul Magnette:
De
programma's
over
de
vermindering van de levensduur
van het radioactieve afval vallen
onder de bevoegdheden van het
SCK en niet van het IRE.
In
de
passage
van
het
regeerakkoord
over
de
herwaardering van de rol en de
werking van het IRE wordt de
steun aan dat instituut bevestigd
door een forse verhoging van zijn
budget. De markt van de nucleaire
geneeskunde is inderdaad in volle
groei.
06.03 Jean-Marc Nollet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je
vous remercie pour votre réponse.
Vous avez clarifié les choses: le CEN s'occupera notamment de la
réduction de la durée de vie des déchets et l'IRE conserve son champ
06.03 Jean-Marc Nollet (Ecolo-
Groen!): U heeft het over een
`opwaardering', en dus over de
begroting. In de beschikbare
tabellen stellen we, wat het IRE
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
de compétences en matière d'isotopes médicaux.
Toutefois, à ma question de savoir ce que vous entendiez par
"revaloriser", vous avez répondu en parlant de matières budgétaires.
Sur ce point, je suis un peu surpris. En effet, j'ai consulté les tableaux
qui sont à présent disponibles. Pour ce qui concerne l'IRE, je constate
que les chiffres en matière de subventions pour les frais de
fonctionnement sont de 424 pour 2007 et de 424 pour 2008, et en
matière de subventions pour investissements, de 1.279 pour 2007 et
de 1.279 pour 2008.
betreft, echter vast dat het cijfer
voor de werkingskosten in 2008,
net als in 2007, 424 blijft en ook
voor de investeringssubsidies blijft
het cijfer in 2008 onveranderd in
vergelijking met 2007, namelijk
1.279.
06.04 Paul Magnette, ministre: Nous reviendrons sur ce point lors
des discussions budgétaires, mais vous ne devez pas avoir les bons
tableaux. Je n'ai pas les chiffres en tête.
06.04 Minister Paul Magnette:
We zullen hier in het kader van de
begrotingsbesprekingen
op
terugkomen, maar u heeft wellicht
niet de juiste tabellen.
06.05 Jean-Marc Nollet (Ecolo-Groen!): Il s'agit des tableaux
figurant aux pages 626 et 629. Ce que vous attribuez à l'IRE est, en
réalité, attribué à l'ONDRAF pour la gestion du passif nucléaire de
l'IRE, ce qui n'est évidemment pas la même chose que la
revalorisation de l'IRE. Les fameux 1.022 supplémentaires ne sont
pas destinés à l'IRE, mais à l'ONDRAF pour la gestion des déchets
de l'IRE. Il n'est donc pas question ici, selon moi, de revalorisation.
J'aurais donc voulu savoir en quoi consiste exactement le projet.
Oublions les chiffres quelques instants! Je n'ai nullement l'intention de
vous piéger. Je sais que vous ne disposez pas ici des documents.
Mais quel est le contenu du projet? S'agit-il de poursuivre ce qui a été
entamé?
06.05 Jean-Marc Nollet (Ecolo-
Groen!): Het gaat om de tabellen
op blz. 626 en 629. De bedragen
die u aanhaalt in verband met het
IRE, worden eigenlijk aan de
NIRAS toegekend voor het beheer
van het nucleair passief van het
IRE.
Wat is de inhoud van het project?
Wordt voortgegaan met wat men
was begonnen?
06.06 Paul Magnette, ministre: Bien sûr!
06.07 Jean-Marc Nollet (Ecolo-Groen!): Ou bien doit-on voir derrière
tout cela le projet du petit réacteur?
06.07 Jean-Marc Nollet (Ecolo-
Groen!): Of schuilt achter dit alles
het project met betrekking tot de
kleine reactor?
06.08 Paul Magnette, ministre: L'idée est de leur permettre de
prolonger leurs activités en les aidant financièrement car il est
question d'un domaine de pointe qu'il nous semblait nécessaire de
soutenir. Mais il n'existe pas d'autre projet que celui déjà poursuivi par
l`IRE.
06.08 Minister Paul Magnette:
Het idee is dat ze de gelegenheid
moeten krijgen om hun activiteiten
voort te zetten en dat ze daartoe
de
nodige
middelen
ter
beschikking krijgen. Er bestaat
dus geen ander project dan dat
wat het IRE nu al nastreeft.
06.09 Jean-Marc Nollet (Ecolo-Groen!): Je vous remercie.
Cela dit, pouvez-vous me préciser vous pouvez évidemment me
répondre par courrier ce qu'il advient concrètement de la
revalorisation. Je comprends tout à fait que vous ne puissiez me
répondre aujourd'hui. En tout cas, pour ma part, au vu des tableaux,
je ne constate aucune augmentation des montants.
06.09 Jean-Marc Nollet (Ecolo-
Groen!): Kan u me schriftelijk laten
weten wat er concreet gebeurt met
betrekking tot de opwaardering?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
07 Vraag van de heer Jenne De Potter aan de minister van Klimaat en Energie over "de collectieve
consumentenakkoorden" (nr. 4277)
07 Question de M. Jenne De Potter au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les accords collectifs de
07.01 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister,
helemaal aan het einde van de vorige legislatuur werd de wet van
15 mei 2007 betreffende de consumentenakkoorden aangenomen en
dit ondanks toch wel felle kritiek en fundamentele bezwaren tegen
deze wet. De bedoeling van deze wet was het omkaderen van de
collectieve consumentenakkoorden die binnen de Raad voor het
Verbruik werden gesloten, zodat deze akkoorden algemeen bindend
werden en het niet naleven ervan kon worden gesanctioneerd. Op het
ogenblik van de totstandkoming van de wet leek deze wetgeving al
bijzonder omstreden en moeilijk uitvoerbaar, vandaar mijn vragen aan
u.
Mijnheer de minister, hoeveel collectieve consumentenakkoorden zijn
er intussen gesloten in de schoot van de Raad voor het Verbruik op
grond van deze nieuwe wetgeving?
Hoeveel keer is men al tot een akkoord gekomen om de
onderhandelingen op te starten? Dat is een voorafgaande
vormvereiste: we moeten eerst een unaniem akkoord hebben om de
onderhandelingen op te starten.
Heeft u een idee waaraan het beperkte succes van deze wetgeving te
wijten is? Heeft u daar een bepaald aanvoelen over?
Is deze wetgeving conform de Europese richtlijn betreffende de
eerlijke handelspraktijken die intussen in Belgisch recht werd
omgezet? Plant u een aanpassing aan deze wetgeving? Zo ja, wat is
de stand van zaken daaromtrent?
07.01 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): La loi du 15 mai 2007
relative
aux
accords
de
consommation était controversée
depuis le départ et a été jugée
difficilement exécutable.
Combien d'accords collectifs de
consommation ont entre-temps
été conclus au sein du Conseil de
la Consommation sur la base de
cette loi?
La
loi
prévoit
l'obligation
d'atteindre l'unanimité au sein du
Conseil avant de pouvoir entamer
les négociations. Combien de fois
une telle unanimité a-t-elle été
atteinte?
Cette loi est-elle conforme à la
directive européenne relative aux
pratiques
commerciales
déloyales?
Sera-t-elle
éventuellement adaptée?
07.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer De Potter, in de Raad voor
het Verbruik werd nog geen enkel consumentenakkoord gesloten. Er
is binnen de Raad voor het Verbruik ook nog geen akkoord tot stand
gekomen om onderhandelingen over een consumentenakkoord aan
te vatten. De wet van 15 mei 2007 is nog recent. Om te kunnen
worden toegepast is er een koninklijk besluit nodig, vastgesteld na
overleg in de Ministerraad, dat het huishoudelijk reglement van de
Raad voor het Verbruik goedkeurt tot vaststelling van de procedure
die
moet
worden
gevolgd
voor
het
sluiten
van
consumentenakkoorden. Dit koninklijk besluit zal binnenkort worden
genomen.
Bovendien is het noodzakelijk dat alle partners binnen de Raad voor
het Verbruik hun instemming betuigen met de vereiste unanimiteit,
zowel
om
onderhandelingen
aan
te
vatten
als
om
consumentenakkoorden te sluiten. Vandaag tekent er zich nog geen
dergelijke unanimiteit af binnen de Raad voor het Verbruik.
De wet van 15 mei 2007 lijkt me niet verder te gaan dan de richtlijn
betreffende oneerlijke handelspraktijken. Om in werking te treden,
moeten de consumentenakkoorden immers worden goedgekeurd
door de regering en worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad:
zo krijgen ze bindende kracht. Elke overtreding van een dergelijk
akkoord zou worden beschouwd als strijdig met de vereisten van
professionele toewijding die elke verkoper moet waarborgen en kan a
fortiori worden bestraft als een oneerlijke praktijk die verboden is door
de richtlijn. Het is voorbarig om nu al aanpassingen aan deze
07.02 Paul Magnette, ministre: À
ce jour, aucun accord collectif de
consommation n'a été conclu dans
le cadre de la loi du 15 mai 2007
et aucune position unanime n'a été
adoptée dans la perspective
d'éventuelles
négociations
à
propos d'un tel accord.
La loi est encore relativement
récente et la procédure à suivre
doit encore faire l'objet d'un arrêté
royal,
qui
sera
promulgué
prochainement. Il est exact que
l'unanimité est requise pour
l'ouverture
des
négociations
comme pour la conclusion d'un
accord collectif de consommation.
Il n'en est actuellement pas encore
question au sein du Conseil.
La loi ne va pas au-delà de la
directive européenne relative aux
pratiques du commerce déloyales.
Pour entrer en vigueur, les
accords de consommation doivent
être
approuvés
par
le
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
wetgeving te overwegen.
gouvernement et paraître au
Moniteur belge. Toute infraction à
la loi constitue a fortiori une
pratique du commerce déloyale
interdite
par
la
directive
européenne. La loi ne doit pas
nécessairement être adaptée dès
à présent.
07.03 Jenne De Potter (CD&V - N-VA): Ik stel vast dat op dit
ogenblik de wetgeving nog niet is gebruikt. Misschien kan het
koninklijk besluit betreffende het huishoudelijk reglement daartoe een
aanzet zijn. Mijn aanvoelen is echter dat die wetgeving fel wordt
gecontesteerd en dat het bijzonder moeilijk zal zijn om ooit tot een
unaniem akkoord te komen om de onderhandelingen op te starten.
Het is ook zo dat er al een hele tijd gentlemen's agreements bestaan
die worden afgesloten. Er zijn gedragscodes allerhande, onder andere
in de energiesector. Wij moeten dan ook de vraag durven stellen of
het nodig is dat er nog een extra logge procedure wordt behouden in
de wetgeving op de collectieve consumentenakkoorden, zeker als we
vaststellen dat er eigenlijk geen draagvlak is om die te behouden.
Misschien moeten we daar eens durven over nadenken.
07.03 Jenne De Potter (CD&V -
N-VA): Il faut donc attendre la
publication de l'arrêté royal. Je
continue à douter de la possibilité
d'atteindre l'unanimité au sein du
Conseil en vue d'un accord
collectif de consommation. Divers
"gentleman's
agreements"
et
codes
de
conduite
existent
d'ailleurs déjà. Pourquoi donc
encore s'orienter vers de nouvelles
procédures
complexes
dont
l'efficacité est d'ores et déjà
fortement mise en doute ?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
08 Vraag van mevrouw Tinne Van der Straeten aan de minister van Klimaat en Energie over "de
organisatie van Isotopolis Café" (nr. 4347)
08 Question de Mme Tinne Van der Straeten au ministre du Climat et de l'Energie sur "l'organisation
08.01 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
in de maand april worden er in drie Vlaamse steden en in Brussel
evenementen georganiseerd onder de titel Isotopolis Café. In de
folder die daarmee gepaard gaat is sprake van een innovatief
educatief project, een onderzoekende dialoog voor een vernieuwend
educatief project rond het beheer van het radioactief afval. Er worden
deelnemers gezocht die worden gerekruteerd via e-mail, een
anonieme e-mail trouwens. Deelnemers worden onder het mom van
gratis bier het zal niet onder het mom daarvan zijn, ze zullen dat
effectief krijgen en gratis filmtickets aangespoord. De bedoelde
doelgroep zijn jongeren tot 18 jaar.
In de folder is er ook sprake van dat ouders, leerkrachten, pedagogen
en kunstenaars allemaal welkom zijn. Als redenen om te komen
worden aangegeven informatie, opvoeding en ook dat men betrokken
wil worden bij het beleid. Het is altijd interessant om op café te gaan
en een gratis pint te krijgen onder het voorwendsel dat men dan
betrokken gaat worden bij het beleid. In de folder van het evenement
staan de logo's van het NIRAS en van Isotopolis, het
informatiecentrum van het NIRAS en Belgoprocess. Ik heb toch
enkele vragen over de communicatie en over het evenement tout
court.
Ten eerste, van wie gaat het initiatief uit? Wat is eigenlijk de
bedoeling? Waarom wordt er specifiek gekozen voor de doelgroep
van jongeren tot 18 jaar?
08.01 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!): Au mois d'avril,
des "Cafés Isotopolis" seront
organisés en divers endroits de
notre pays. Il s'agit d'un projet
éducatif innovant portant sur le
thème de la gestion des déchets
radioactifs.
Les
participants
potentiels sont invités par courrier
électronique et, en cas de
participation effective, se voient
offrir une bière et des tickets de
cinéma gratuits. Le groupe cible
visé est celui des jeunes jusqu'à
l'âge de dix-huit ans. Toutefois, les
parents et les enseignants sont
également les bienvenus. Les
logos de l'ONDRAF et de
Belgoprocess,
entre
autres,
figurent sur le dépliant.
Qui a pris l'initiative d'organiser
ces "Cafés Isotopolis"? Quel est
l'objectif de l'organisation et qu'en
est-il
de
son
financement?
Comment
l'exactitude
des
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
Ten tweede, wie financiert dit? Hoe zit de financiering van Isotopolis in
het algemeen in elkaar?
Ten derde, welke procedure wordt er eigenlijk gevolgd door het
NIRAS om de correctheid van de verspreide informatie te controleren,
zowel in het informatiecentrum Isotopolis als op de vier caféavonden?
Ten vierde, is er hoe dan ook een wetenschappelijk peer review van
de publieke informatie die wordt verstrekt door de overheidsinstelling?
Als het gaat over de opslag van het afval zijn er in de Kempen al de
lokale partnerschappen STORA en MONA. Ik vraag mij af of die
betrokken zijn bij dit project? Zijn die partnerschappen gerelateerd
aan deze roadshow rond het radioactief afval?
Ten slotte, hoe worden de lokale partnerschappen STORA en MONA
gefinancierd? Hoeveel bedraagt de financiering? Vanwaar zijn de
middelen afkomstig?
informations communiquées sera-
t-elle contrôlée? A-t-on procédé au
préalable à un "peer review"? Les
partenariats locaux STORA et
MONA sont-ils associés au projet
"Cafés Isotopolis"? Quelles sont
les sources de financement de ces
partenariats?
08.02 Minister Paul Magnette: Mevrouw Van der Straeten, in het
kader van haar wettelijke opdracht om de bevolking te informeren
over het veilig beheer van radioactief afval in België heeft het NIRAS
het informatiecentrum Isotopolis opgestart als onderdeel van het
educatief informatieprogramma dat het in oktober 1993 heeft
ontwikkeld onder de auspiciën van de Europese Commissie. Dit
programma richt zich prioritair tot jongeren van 15 tot 18 jaar en houdt
zowel
inhoudelijk
als
pedagogisch
rekening
met
de
informatiebehoeften van deze specifieke doelgroep.
Conform de geplogenheden ter zake, wordt het informatieprogramma
periodiek geëvalueerd. De actie waarnaar het geachte lid verwijst,
werd door NIRAS opgestart en heeft tot doel te peilen naar de actuele
en toekomstige informatiebehoeften van de betrokken jongeren. De
methode van de onderzoekende interactieve dialoog die daarbij wordt
gebruikt, werd ontwikkeld in de Verenigde Staten en is bekend onder
de naam The World Café.
Volgens mijn informatie is in de officiële informatiefolder die werd
verspreid met de logo's van NIRAS en Isotopolis alleen sprake van
gratis filmtickets. Die tickets dienen te worden beschouwd als een
appreciatie van en een beloning voor de medewerking en inzet van de
deelnemers aan de actie.
Het bovenvermelde educatief informatieprogramma met inbegrip van
het
informatiecentrum
Isotopolis
kadert
in
het
globaal
informatieprogramma dat NIRAS heeft ontwikkeld conform de
bepalingen van artikel 4 van het koninklijk besluit dat de werking van
de instellingen regelt. Zoals voorgeschreven door de wettelijke
bepalingen ter zake, worden de kosten van dat programma gedragen
door de producenten van radioactief afval volgens een objectieve
verdeelsleutel.
De informatie die in het informatiecentrum Isotopolis wordt verschaft,
wordt onder de verantwoordelijkheid van NIRAS verstrekt door
animatoren die speciaal zijn opgeleid om te communiceren met
jongeren van 15 tot 18 jaar. Zij beschikken daartoe over een
standaardtekst die is opgesteld door de instelling en informatie bevat
die het de animatoren mogelijk maakt om hun doelpubliek op
08.02 Paul Magnette, ministre:
Le centre d'information Isotopolis,
mis sur pied par l'ONDRAF, fait
partie
d'un
programme
d'information éducatif développé
en 1993 sous l'égide de la
Commission
européenne.
L'objectif
de
ce
centre
d'information est de sensibiliser,
de manière accessible, les jeunes
âgés de quinze à dix-huit ans à la
question de la gestion des déchets
radioactifs.
Le programme d'information est
régulièrement évalué. L'action
Isotopolis Café a pour objectif de
mettre en place un dialogue
exploratoire et informatif avec les
jeunes, ceci à l'instar des World
Cafés
américains.
Mais
la
brochure officielle ne parle que de
tickets de cinéma gratuits.
Isotopolis s'inscrit dans le cadre
d'un programme d'information
développé
par
l'ONDRAF
conformément aux dispositions de
l'arrêté
royal
qui
règle
le
fonctionnement de l'institution. Ses
frais sont pris en charge par les
producteurs de déchets radioactifs
sur la base d'une clé de répartition
objective.
Les informations dispensées au
centre d'information par des
animateurs formés relèvent de la
responsabilité
exclusive
de
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
begrijpelijke wijze nadere informatie te verschaffen over het beheer
van radioactief afval in België. Die informatie is afgeleid van
wetenschappelijke rapporten en publicaties van NIRAS die het
voorwerp zijn van externe en vaak internationale peer reviews.
Daarnaast worden informatiebrochures ter beschikking gesteld die
zijn opgesteld in het raam van het educatief informatieproject dat werd
opgestart onder de auspiciën van de Europese Commissie. Het is de
bedoeling dat de leerkrachten van de scholen die een bezoek
brengen aan Isotopolis het bezoek van hun klas in schoolverband zelf
voorbereiden aan de hand van die brochures.
Op de Isotopolis Cafés, waarnaar het geachte lid verwijst, wordt zelf
geen informatie gegeven of ter beschikking gesteld. Zoals hoger
uiteengezet, is het immers de bedoeling om ideeën op te doen over
de informatiebehoeften en -kanalen die de deelnemers belangrijk
vinden, zodat daar naderhand rekening mee gehouden kan worden bij
de informatie die NIRAS in de toekomst wenst te verstrekken aan die
doelgroep.
Présidente: Karine Lalieux.
Voorzitter: Karine Lalieux.
De lokale partnerschappen STORA Dessel en MONA Mol zijn niet
betrokken bij het project van dit Isotopolis Café vermits dit project zich
louter en alleen situeert in het kader van het op de jongeren van 15 tot
18 jaar gerichte informatieproject van NIRAS. De lokale
partnerschappen STORA Dessel en MONA Mol worden gefinancierd
door NIRAS die hen daartoe respectievelijk 250.000 euro en
125.000 euro per jaar ter beschikking stelt. Deze bedragen zijn
vastgesteld in de statuten van de partnerschappen en worden gedekt
op basis van de kaderovereenkomst die NIRAS daartoe heeft
afgesloten met de belangrijkste betrokken producenten.
l'ONDRAF. Un texte standard a
été élaboré pour permettre aux
animateurs de communiquer de
manière compréhensible avec les
jeunes de quinze à dix-huit ans sur
le problème de la gestion des
déchets radioactifs. La base de ce
texte est constituée de rapports
scientifiques et de publications de
l'ONDRAF qui ont fait l'objet de
peer
reviews
extérieures
et
internationales. Des brochures
d'information s'inscrivant dans le
cadre d'un projet éducatif mis sur
pied sous les auspices de la
Commission européenne sont
également
distribuées.
Leur
objectif est de permettre aux
enseignants des écoles qui visitent
cette exposition de préparer leur
visite à l'aide de cette brochure.
Les sessions d'Isotopolis Café
servent
à
diffuser
des
informations. L'objectif de ces
sessions est de jauger les besoins
d'informations des jeunes pour
permettre à l'ONDRAF d'en tenir
compte dans les informations
qu'elles diffuse.
Les partenariats locaux STORA
Dessel et MONA Mol ne sont pas
impliqués dans le projet Isotopolis
Café. L'ONDRAF finance ces
partenariats.
Il
s'agit
respectivement de 250.000 euros
et de 125.000 euros par an. Ces
montants sont inscrits dans les
statuts des partenariats et sont
couverts par la convention-cadre
conclue entre l'ONDRAF et les
principaux producteurs.
08.03 Tinne Van der Straeten (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
in de e-mail die hierover werd rondgestuurd, is niet alleen sprake van
gratis filmtickets maar ook van gratis pinten. "Kom gratis een pint
drinken", staat daar letterlijk in. Als het de bedoeling is om te peilen
naar de actuele informatiebehoeften van jongeren dan vraag ik mij
eigenlijk af of dit wel een goede manier is en zeker voor de groep van
15 tot 18 jaar. Ik denk dat jongeren van 17, 18 jaar inderdaad veel tijd
op café slijten. Ik denk dat 15 een redelijk jonge leeftijd is om op café
te gaan om te babbelen over het radioactief afval. Toen ik 15 was,
hield ik mij niet met dergelijke dingen bezig. Vandaar misschien het
gratis bier en de gratis filmtickets om mensen aan te moedigen om er
toch naartoe te komen.
Ik vraag mij echt af of dit een goede methodiek is. Ik vraag mij ook af
08.03 Tinne Van der Straeten
(Ecolo-Groen!) : Il était bien
question de bière gratuite dans le
courriel. Je ne sais pas s'il s'agit-là
de la meilleure méthode pour
s'enquérir
des
besoins
d'information des jeunes. Je crains
du reste qu'ils ne se préoccupent
guère du problème des déchets
radioactifs. C'est probablement la
raison pour laquelle on les attire
en leur offrant de la bière et des
billets de cinéma gratuits.
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
of de organisatoren, die zelf ongetwijfeld zeer geschoold zijn in de
methodiek, voldoende weten over radioactief afval en alles wat daarbij
komt kijken. Mensen hebben daarover zeer veel vragen. Of zij de
juiste antwoorden kunnen geven, blijf ik heel sceptisch bekijken. Ik zal
er eens naartoe gaan en dan kunnen wij op een later moment erop
terugkomen.
L'organisation dispose-t-elle par
ailleurs
de
connaissances
suffisantes en la matière?
Je reste très sceptique. Je me
rendrai sur place et je reviendrai
ultérieurement sur le sujet.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van de heer Bart Laeremans aan de minister van Klimaat en Energie over "de piekinvoer van
buitenlandse stroom" (nr. 4338)
09 Question de M. Bart Laeremans au ministre du Climat et de l'Énergie sur "les records d'importation
09.01 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mijnheer de minister,
netbeheerder Elia heeft vorige week gemeld dat nooit eerder zoveel
buitenlandse stroom werd ingevoerd als de voorbije week. Het ging
om 29% van het verbruik op piekmomenten. We worden duidelijk veel
afhankelijker van het buitenland en dit vraagt niet alleen om grote
bezorgdheid, maar ook concreet om toelichting. Mijnheer de minister,
ik heb een aantal vragen.
Ten eerste, kan de minister een overzicht geven van de buitenlandse
stroominvoer en het percentage van het piekverbruik tijdens de
voorbije drie jaren? Worden daaromtrent alsook over uitvoer uit ons
land als die er zou zijn op een transparante wijze statistieken
bijgehouden die voor iedereen toegankelijk zijn? Als dit niet zo is,
waarom is dit dan niet het geval? Het is toch belangrijk dat het beleid
en dat parlementsleden kunnen volgen op welke wijze die zaken
evolueren.
Ten tweede, hoe is deze toenemende invoer te verklaren? Gaat het
hier om een structureel probleem dan wel om een toevallige
samenloop van stilgelegde centrales? Ik heb vernomen dat er wel
degelijk haast permanent een bepaald tekort is of dat we steeds
dichter tegen de grens ter zake aanschurken.
Ten derde, waarom gaan zoveel centrales op hetzelfde moment in
revisie? Hoe lang op voorhand worden deze revisies gemeld? Bestaat
er ter zake enige sturing of coördinatie? Wat zijn de mogelijkheden
voor Elia hieromtrent?
Ten vierde, wordt door Elia op voorhand nagegaan of er voldoende
leveringscapaciteit is in het buitenland? Kan men daarover sluitende
garanties bedingen? Anders staan we natuurlijk voor grote problemen
als dergelijk tekort zich almaar blijft voordoen of eventueel zelfs nog
blijft toenemen.
Ten vijfde, kan de minister een overzicht geven van de evolutie van
het binnenlandse stroomverbruik sinds 2000? Bestaan er prognoses
voor de komende jaren? Op welke wijze wilt u ervoor zorgen dat de
binnenlandse productie zoveel mogelijk aan de stijgende vraag kan
blijven voldoen?
09.01 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Le gestionnaire de
réseau Elia a indiqué que l'on
n'avait encore jamais autant
importé d'électricité qu'au cours
des jours précédents. Durant les
pics de consommation, on a
même atteint 29% d'électricité
importée.
Le ministre peut-il donner un
aperçu
des
importations
d'électricité au cours des trois
dernières années? Existe-t-il à ce
sujet des statistiques que tout le
monde peut consulter?
A quoi est due l'augmentation de
la part d'électricité importée lors
des jours précédents? Y a-t-il un
problème structurel? Pourquoi de
nombreuses centrales sont-elles
en révision au même moment et
qui coordonne le calendrier des
révisions? Le gestionnaire Elia
vérifie-t-il à l'avance s'il y a
suffisamment de capacité de
fourniture à l'étranger et si les
fournitures
peuvent
être
garanties?
Le ministre peut-il donner un
aperçu de l'évolution de la
consommation
électrique
intérieure depuis 2000? Y a-t-il des
pronostics sur l'évolution future de
cette consommation? Comment
va-t-on faire face à la hausse de la
demande?
09.02 Minister Paul Magnette: Mijnheer Laeremans, op de website
van netbeheerder Elia worden statistieken gepubliceerd van de
09.02 Paul Magnette ministre:
Le site internet d'Elia comporte
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
elektriciteit die wordt ingevoerd vanuit buurlanden. Het gaat over de
nominaties op dag- en uurbasis, day ahead en intraday. Daarvan is
ook een historiek beschikbaar die u kunt vinden op hun website.
De hoge invoer van de afgelopen week is enerzijds te verklaren door
het feit dat de revisie van een nucleaire centrale langer heeft
aangesleept dan voorzien, terwijl er anderzijds ook een aantal
onverwachte pannes waren. De samenloop van omstandigheden was
dus toevallig.
De revisieplanning van de centrales wordt een jaar op voorhand in de
maand september vastgelegd. De productie-eenheden dienen hun
jaarlijkse planning mee te delen aan Elia in het kader van hun contract
voor de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden. Elia
kan binnen het kader van datzelfde contract als het een kritieke
situatie ziet aankomen, beletten dat een productie-eenheid in revisie
gaat. Als Elia een kritieke situatie ziet aankomen, zal het op voorhand
informeren bij andere netbeheerders van buurlanden of zij capaciteit
hebben en of deze stroom ook technisch gezien naar België kan
worden uitgevoerd.
Het gaat over afspraken tussen netbeheerders zonder afdwingbare
garanties.
In uitvoering van de elektriciteitswet van 29 april 1999 wordt een
prospectieve studie voor de elektriciteit uitgewerkt door de Algemene
Directie Energie. In deze studie zal een evolutie van het verbruik
worden weergegeven en een schatting worden gemaakt van de
evolutie voor de komende tien jaren, ook wat verbruik en productie
betreft.
De eerste versie van deze studie zal binnen enkele weken klaar zijn.
des
statistiques
sur
les
importations d'électricité.
Les importations massives de la
semaine passée sont dues à un
concours fortuit de circonstances.
D'une part, la révision d'une
centrale nucléaire a duré plus
longtemps que prévu, et, d'autre
part, il y a eu un nombre inattendu
de pannes.
Le calendrier des révisions est
établi un an à l'avance, en
septembre.
Les
unités
de
production doivent communiquer
leur calendrier à Elia, qui assure la
coordination. Si le gestionnaire
entrevoit
une
situation
potentiellement critique, il peut
interdire la révision d'une unité de
production.
De
même,
Elia
s'informe au préalable de la
capacité disponible auprès des
gestionnaires de réseau des pays
voisins. Ces accords ne sont
toutefois pas contraignants.
La direction générale Énergie
prépare une étude prospective qui
tiendra compte de l'évolution de la
consommation et qui débouchera
sur
une
estimation
de
la
consommation et de la production
d'énergie pour les dix prochaines
années. Une première version de
cette étude devrait être prête dans
quelques semaines.
09.03 Bart Laeremans (Vlaams Belang): Mevrouw de voorzitter,
mijnheer de minister, ik begin even met dit laatste. Het is interessant
dat deze studie wordt gemaakt.
Eigenlijk is het jammer dat men nog niet beschikt over die gegevens.
Het is toch wel heel belangrijk om de evolutie en de behoeften te
kennen, zeker gezien het grote debat dat momenteel wordt gevoerd
over kernenergie en de energiebehoeften.
Ik hoop dat u ambtshalve het Parlement inlicht over die studie en ons
zo snel mogelijk in kennis stelt. Dit is immers heel belangrijk voor het
hele debat dat we in deze commissie aan het voeren zijn.
Ten tweede, u zegt dat we geen sluitende garanties kunnen bedingen
bij buitenlandse invoerders van elektriciteit over het leveren van
voldoende stroom. Dat betekent dat als wij bij toeval met een groot
tekort zitten blijkbaar had men hier te maken met het langer duren
van een revisie en een toevallige samenloop van omstandigheden
we echt in de problemen kunnen geraken.
09.03 Bart Laeremans (Vlaams
Belang): Il est dommage que cette
étude
ne
soit
pas
encore
disponible. Dans le cadre du débat
sur la sortie du nucléaire, il serait
en effet très intéressant de la
connaître. J'espère que cette
étude sera disponible le plus
rapidement possible.
Étant donné qu'il ne semble y avoir
aucune garantie du côté des
producteurs
étrangers,
nous
pourrions
être
confrontés
à
d'importants problèmes en cas de
nouveau déficit important. Il s'agit
d'un argument supplémentaire
pour
produire
suffisamment
d'électricité
directement
en
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
Negentwintig procent van onze behoefte is toch wel heel veel. Als u
dan zegt dat er geen garantie is dat die stroom tijdig kan worden
ingevoerd vanuit het buitenland, wordt er hier des te meer een
pleidooi gehouden voor voldoende productie uit eigen land.
In een dergelijk debat op lichtzinnige wijze blijven hameren op de
noodzaak van het sluiten van kerncentrales kan volgens mij niet
meer. Alleen al daarom moet het debat over de uitstap worden
heropend.
Belgique. Ne fût-ce que pour cela,
il faut que le débat sur la sortie du
nucléaire soit rouvert.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
Voorzitter: Bart Laeremans.
Président: Bart Laeremans.
De voorzitter: De vragen van mevrouw Almaci worden omgezet in schriftelijke vragen.
10 Question de M. Jean-Luc Crucke à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la nouvelle réforme de la PAC" (n° 4011)</b>
10 Vraag van de heer Jean-Luc Crucke aan de minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de nieuwe hervorming van het GLB" (nr. 4011)
10.01 Jean-Luc Crucke (MR): Madame la ministre, je voudrais
revenir sur la réforme de la PAC après la dernière déclaration la
dernière en date et sans doute pas l'ultime de la commissaire
Fischer Boel qui espère obtenir un accord de l'ensemble des États
membres pour 2008 et qui présentera la réforme le 20 mai à la
Commission. Au-delà de 2008, on tombera dans le principe de la
codécision et l'avis du Parlement deviendra nécessaire; c'est ce
qu'elle semble vouloir éviter. Le dossier est sensible, en raison de
grandes différences entre les agricultures des pays européens. En
outre, on peut comprendre les difficultés quand on touche à l'un des
éléments les plus importants du budget européen.
J'aurais voulu que vous fassiez le point sur ce sujet et que vous nous
fassiez connaître la position de la Belgique dans ce dossier. Partagez-
vous l'ambition de la commissaire quant aux dates et quant au fond?
Une réforme de ce genre nécessite des modifications d'ordre
économique tout en préservant la sécurité alimentaire de l'Europe et
de chaque État, les équilibres mondiaux en la matière, et en luttant
contre les changements climatiques, ce qui fait beaucoup pour une
seule réforme. C'est pourquoi j'aimerais connaître le point de vue de
la ministre sur la question.
10.01 Jean-Luc Crucke (MR):
Eurocommissaris Fischer Boel
hoopt dat de lidstaten in 2008
zullen
instemmen
met
de
hervorming
van
het
gemeenschappelijk
landbouw-
beleid, die ze op 20 mei aan de
Commissie zal voorstellen. Na
2008 moet het advies van het
Parlement worden ingewonnen,
wat ze blijkbaar wil vermijden. Het
gaat om een gevoelig dossier,
omwille van de verschillende
landbouwmodellen in de Europese
landen, het gewicht ervan in de
begroting,
de
gevolgen
op
economisch
vlak,
de
voedselzekerheid in Europa, het
evenwicht op wereldschaal en
zelfs de klimaatverandering.
Wat is het Belgische standpunt
hierover?
10.02 Sabine Laruelle, ministre: Monsieur le président, monsieur
Crucke, comme vous l'avez dit, la Commission a présenté un
document qui concernait le bilan de santé. Il ne s'agit donc pas de
redéfinir la Politique agricole commune pour l'après-2013 mais bien
d'adapter le système actuel pour le rendre plus performant, plus
simple et plus en adéquation avec les réalités nouvelles des
agriculteurs.
Nous avons eu un premier cycle de discussions au sein du Conseil.
Le Conseil du 17 mars a pu approuver les conclusions de la
10.02 Minister Sabine Laruelle:
De
Commissie
heeft
een
gezondheidsbalans
voorgelegd.
Het gaat dus niet om een
hervorming van het GLB na 2013
maar wel degelijk om een
aanpassing ervan, teneinde het
performanter te maken en beter
op de situatie van de landbouwers
af te stemmen.
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
Commission, qui va pouvoir préparer les textes législatifs. Ces
conclusions ont été adoptées à l'unanimité moins deux: la Lettonie et
la Tchéquie qui se sont abstenues.
L'ensemble des États membres, moins les deux abstentions, a
reconnu la justesse de l'analyse de la commissaire à l'Agriculture,
notamment à propos des nouveaux défis qui s'ouvrent à cette
Politique agricole commune, en pointant l'efficacité et la
rationalisation, mais aussi la simplification du système des paiements
uniques qui doit être évalué et adapté comme toute nouvelle mesure.
Le rôle des instruments de gestion et de soutien du marché est la
meilleure réponse à apporter aux attentes nouvelles du marché mais
est aussi la réponse à de nouveaux défis, que ce soit en termes de
climat, de gestion de l'eau, de biocarburants ou de biodiversité.
Monsieur Crucke, vous venez d'une région où un agriculteur a dû faire
abattre tout son cheptel à cause d'une pollution environnementale et
la question de l'indemnisation se pose à chaque fois. Il faut vraiment
mettre en place des systèmes beaucoup plus cohérents avec des
interventions beaucoup plus rapides. Je plaide notamment pour des
systèmes assurantiels depuis quelque temps.
La Belgique a plaidé pour une stabilité dans un certain nombre de
domaines. Vous savez que pour les déclarations de paiements
uniques, les États avaient deux possibilités: soit on se base sur une
référence géographique et on a des droits de paiements uniques
homogènes sur une région donnée, soit il y a le modèle historique,
modèle que la Belgique a suivi. La Belgique a donc plaidé pour qu'on
ne change pas le système en cours de route et pour qu'on maintienne
le modèle historique, quitte à permettre aux États membres qui
veulent basculer de ce système vers le système géographique de le
faire. La Belgique ne souhaitait pas qu'on change son système. Vous
connaissez le monde de l'agriculture, cela pourrait créer pas mal de
problèmes et de remous.
En ce qui concerne un plus grand découplage, nous avons plaidé
pour une adaptation et non pour une modification substantielle.
Dans sa première proposition, la Commission voulait abolir le
système de jachère. Je sais bien que le prix des céréales est élevé,
mais le taux de jachère a été ramené à 0%. Cela ne signifie pas que,
dans trois ans, le marché sera moins porteur. Peut-être devrons-nous
réactiver la gestion de l'offre. C'est la raison pour laquelle nous avons
demandé le maintien des instruments de gestion de l'offre, même s'ils
peuvent être mis à zéro, comme c'est actuellement le cas pour les
céréales.
Enfin, nous avons continué à plaider pour un premier pilier fort et
suffisamment financé. Autrement dit, nous nous sommes opposés à
une plus grande modulation qui viserait à transférer des moyens du
premier pilier donc, des droits de paiement unique vers celui qui
est dédié au développement rural. Nous pouvons ainsi voir que la
Région wallonne ne parvient pas à dépenser les montants prévus à
cet égard. Pour l'économie agricole, et par conséquent pour les
revenus de chaque agriculteur, il importe de maintenir un premier
pilier aussi solide que possible, compte tenu du glissement de
certains moyens vers le second.
Na een eerste besprekingsronde
heeft de Raad van 17 maart de
conclusies van de Commissie
eenparig goedgekeurd, op twee
onthoudingen van Letland en
Tsjechië na. De Commissie zal nu
de
wetgevende
teksten
voorbereiden.
Die conclusies betreffen onder
andere de doeltreffendheid, de
rationalisatie
en
de
vereenvoudiging van het systeem
van de toeslagrechten. Op die
manier wil men tevens het hoofd
bieden aan nieuwe uitdagingen
zoals de klimaatverandering, het
beheer van de watervoorraden, de
biobrandstoffen
en
de
biodiversiteit.
Wat
de
schadeloosstelling
ingevolge vervuiling betreft, moet
er een meer samenhangend
systeem met snellere betalingen
worden ontwikkeld. In dat verband
pleit ik voor de invoering van een
verzekeringsstelsel.
België heeft aangedrongen op
meer stabiliteit in een aantal
domeinen, waaronder de aangifte
van de toeslagrechten.
Met
betrekking
tot
de
doorgedreven
ontkoppeling
hebben we gepleit voor een
aanpassing in plaats van een
substantiële wijziging.
De
Commissie
wilde
het
braakleggingssysteem afschaffen
wegens de hoge graanprijzen. Het
braakleggingspercentage
werd
vastgesteld op 0 procent. Als de
markt over drie jaar minder
winstgevend is, zullen we het
beheer van het aanbod misschien
moeten
reactiveren.
Daarom
hebben we om het behoud van die
instrumenten gevraagd.
Ten slotte hebben we gepleit voor
een sterke eerste pijler die
voldoende gefinancierd is. Wij
hebben ons met andere woorden
verzet tegen een overheveling van
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
Toutes ces considérations ont été prises en compte dans les
conclusions présentées par la Commission.
Pour la réforme du secteur laitier, nous avons accepté une
augmentation de 2% des quotas. Nous attendons les propositions
législatives qui suivront ce bilan de santé. Il semblerait que la
Commission européenne envisage de plaider pour une augmentation
des quotas de l'ordre de 1% par an jusqu'en 2014. Gardons en
mémoire que l'abolition de ces quotas est prévue pour 2015, sauf si le
Conseil prend une décision contraire. Nous pouvons d'ailleurs
observer des changements dans les prises de position. C'est ainsi
que l'Allemagne commence à se dire qu'il conviendrait peut-être de
laisser perdurer ce système après 2015. La France s'est déjà
exprimée à ce sujet. Je ne sais pas si, en Belgique, nous obtiendrons
un accord entre les Régions. En tout cas, la situation européenne
évolue. En attendant, la Commission maintient la date prévue et
souhaite augmenter graduellement les quotas laitiers tout en
proposant un dispositif d'atterrissage en douceur.
En ce qui concerne les quotas, d'autres mesures proposées
entraîneront des répercussions importantes sur le secteur. Il s'agit
notamment des changements de modalité d'intervention pour le
beurre, la poudre de lait écrémé, de la suppression du stockage privé
pour le fromage, de l'aide au beurre destiné à la pâtisserie. Ces
mesures risquent d'augmenter l'offre sur le marché traditionnel. Il
importe donc de ne pas choisir une hausse des quotas laitiers sans
réfléchir à ses éventuelles conséquences dans le marché concerné.
La Belgique a rappelé que, pour elle, l'abolition des quotas laitiers en
2015 n'était pas aussi inexorable que semble le penser la
Commission
européenne.
Vous
avez
expliqué
pourquoi.
Effectivement, certains gros pays changent de position. La Belgique a
également demandé une révision, dans le cadre de cet atterrissage
en douceur, de la correction "matières grasses". Vous savez que les
agriculteurs ont un quota laitier qui est corrigé en fonction de la
matière grasse.
La matière grasse a été prise en compte en 1984 lors de la mise en
oeuvre des quotas laitiers. Or, à l'époque, le cheptel laitier n'était pas
encore aussi spécialisé qu'aujourd'hui. Je sais que ma réponse est
très technique, mais rien que cette mesure "correction matières
grasses" peut représenter 5 à 6% des quotas laitiers pour la Belgique,
ce qui est évidemment excessivement important. Nous verrons donc
ce qu'il est possible de faire au niveau des propositions législatives.
Je voudrais maintenant évoquer l'éventuel report des décisions
relatives aux propositions législatives pour 2009, et la codécision avec
le Parlement européen en janvier 2009. Je ne me prononcerai pas sur
le sujet mais, à titre personnel, j'estime et je crois que c'est le cas
des agriculteurs , qu'il s'agit d'un bilan de santé et qu'il faut adapter
une réforme qui doit produire ses effets jusqu'en 2013. Cet éventuel
report assorti d'une codécision risque de reporter la réforme à fin
2009, début 2010. Adapter un système pour deux ans n'aurait plus
beaucoup de sens. Je ne me prononce pas sur la codécision. En
revanche, je souhaite que l'on puisse prendre des décisions
concrètes le plus rapidement possible pour que les agriculteurs
puissent s'adapter également le plus rapidement possible.
de middelen van de eerste pijler
naar de plattelandsontwikkeling.
Al deze standpunten werden in
aanmerking genomen in de door
de
Commissie
voorgestelde
conclusies.
Wat de melksector betreft, hebben
we ingestemd met een verhoging
van de quota met 2 procent. Wij
wachten
nog
op
wetgevingsvoorstellen
in
dat
verband. De Commissie zou een
jaarlijkse quotaverhoging met 1
procent tot in 2014 beogen. In
2015 zouden die quota dan
afgeschaft worden. Wij stellen vast
dat sommigen hun standpunt
bijstellen. In afwachting blijft de
Commissie bij de vooropgestelde
datum en wil ze de melkquota
geleidelijk aan optrekken. Ze stelt
daarbij een zachte landing voor.
Andere maatregelen die werden
voorgesteld, zullen grote gevolgen
hebben voor de melksector. Het is
zaak niet te opteren voor een
verhoging van de melkquota
zonder na te denken over de
eventuele gevolgen.
In het kader van die zachte landing
heeft België eveneens om een
herziening van de correctie voor
het vetgehalte verzocht.
Wat de eventuele verdaging van
de beslissingen met betrekking tot
de wetgevingsvoorstellen voor
2009 betreft, ben ik van oordeel
dat
het
hier
om
een
gezondheidsbalans gaat en dat
men
een
hervorming
moet
aannemen
die
zich
moet
uitstrekken tot in 2013. De
hervorming zal dus wellicht voor
eind 2009 of begin 2010 zijn. Het
zou niet veel zin meer hebben om
nog een regeling goed te keuren
voor twee jaar. Ik spreek me niet
uit
over
de
medebeslissingsprocedure.
Wel
wens ik dat men snel concrete
beslissingen kan nemen, zodat de
landbouwers de tijd krijgen om
zich aan te passen.
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
Monsieur le président, je vous demande de bien vouloir m'excuser
d'avoir répondu aussi longuement, mais vous savez que le sujet me
passionne.
10.03 Jean-Luc Crucke (MR): Monsieur le président, je tiens à
remercier la ministre pour sa réponse que je n'ai pas trouvé longue.
Tous les passionnés de ce sujet le comprendront. Il s'agit de matières
effectivement complexes mais leur importance pour le secteur
économique qu'est l'agriculture de ce pays est telle que l'on ne peut
que répondre de manière complète.
En tout cas, je vous remercie, madame la ministre, pour la position
que vous défendez au nom de la Belgique.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
11 Vraag van de heer Michel Doomst aan de minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de verzekeringsplicht van de actoren in de bouwsector" (nr. 4055)
11 Question de M. Michel Doomst à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "l'obligation d'assurance pour les acteurs du secteur de la construction"
(n° 4055)</b>
11.01 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, wij hadden het over de verzekeringsplicht van
meerdere actoren binnen de bouwsector eigenlijk reeds op het
ogenblik dat u mee bij de regering betrokken was die in de
overgangsituatie zat. Toen werd het volgende gesteld over de
uitspraken van het Grondwettelijk Hof. Het Grondwettelijk Hof heeft
erkend in zijn arrest van juli 2007 dat er een verzekeringsplicht moet
zijn in de bouwsector, niet alleen voor architecten, maar ook voor alle
betrokken actoren binnen de sector. U hebt toen terecht gezegd dat
wij moeten wachten op een krachtige regering die niet in lopende
zaken is, maar die ook bij machte is om het overleg daaromtrent op te
starten.
Het voelt reeds warm aan, met de eerste zonnestralen. Ik wilde u
vandaag vragen of er daar reeds een initiatief is genomen om dat
arrest in gevolgtrekkingen en in de praktijk om te zetten.
Hebt u reeds de kans gehad om te kijken in de timing wanneer u die
actoren bij mekaar zult brengen? Is er een mogelijkheid om dit op te
lossen? Wij kunnen het niet negeren en zullen hoe dan ook naar een
oplossing voor deze specifieke problematiek moeten komen.
11.01 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): La Cour constitutionnelle
admet dans son arrêt du 12 juillet
2007
qu'une
obligation
d'assurance devrait être instaurée
non
seulement
pour
les
architectes, mais également pour
l'ensemble des acteurs du secteur
de la construction.
Dans quelle mesure la ministre a-
t-elle déjà pris des initiatives en
vue d'appliquer cet arrêt sur le
terrain? La ministre s'est-elle déjà
concertée avec les différents
acteurs
du
secteur
de
la
construction?
De voorzitter: Het zou kunnen dat die warmte meer met de centrale verwarming te maken heeft dan met
de zonnestralen. Wij hebben reeds ons beklag gedaan.
11.02 Minister Sabine Laruelle: Mijnheer de voorzitter, ik ken
natuurlijk ook het arrest van het Grondwettelijk Hof van 12 juli 2007.
Het Grondwettelijk Hof merkt daarin inderdaad op dat de architecten
als enige beroepsgroep in de bouwsector wettelijk verplicht zijn om
hun beroepsaansprakelijkheid te verzekeren. Dat wil niet zeggen dat
de anderen dat niet doen. Ik ken ook veel actoren in de bouwsector
die verzekerd zijn.
De aansprakelijk dreigt dus volgens het Hof bij veroordelingen meer
dan die van andere beroepen in het gedrang te komen, zonder dat er
11.02 Sabine Laruelle, ministre:
Il est exact que seul l'architecte est
tenu de s'assurer, mais cette
obligation ne signifie pas que les
autres acteurs ne contractent
aucune assurance. L'extension de
l'obligation
d'assurance
fait
actuellement l'objet de discussions
avec le secteur de la construction,
après quoi une concertation sera
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
voor dat verschil in behandeling een objectieve en redelijke
rechtvaardiging bestaat.
Het Hof voegt eraan toe dat die discriminatie evenwel niet het gevolg
is van de verzekeringsplicht opgelegd bij de bestreden wet, maar van
de ontstentenis van het recht toepasselijk op de andere partij die in de
bouw acht voor te komen, van een vergelijkbare verzekeringsplicht.
De uitbreiding van de verzekeringsplicht tot de andere actoren in de
bouwsector wordt momenteel inderdaad besproken met de
verschillende actoren in de bouwsector.
Ik ben van plan, met de minister bevoegd voor de verzekeringen,
minister Reynders, aan de regering een oplossing voor te stellen die
strookt met de jurisprudentie van het Hof, maar die ook het resultaat
is van nauw overleg met de bouwsector, de verzekeringssector, de
consumentenverenigingen en met mijn collega Didier Reynders. De
architecten willen dat. Ik wil ook een meer coherente
verzekeringsplicht.
We hebben daarvan een voorbeeld in Frankrijk, maar ik kan dat niet
doen tegen sommige actoren in, bijvoorbeeld tegen de bouwsector.
We moeten ook oppassen, want ik wil niet dat de prijs van de bouw
verhoogt. Ik wil wel een andere verdeling van de kosten tussen de
architect, de bouwsector en de consument. Ik streef evenwel naar een
oplossing.
organisée avec les assureurs et
les
associations
de
consommateurs. À l'issue de ces
rencontres,
j'élaborerai
une
proposition en collaboration avec
M. Reynders dans le but de mettre
en
place
une
obligation
d'assurance
cohérente.
J'ai
l'intention de prendre toutes ces
décisions en concertation avec les
parties concernées afin d'éviter
une hausse des prix dans le
secteur de la construction.
11.03 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Mevrouw de minister, ik dank
u voor uw wil om hiervoor op termijn een oplossing te vinden. Mag ik u
om een timing vragen? Denkt u dat u het tegen het einde van het jaar
kunt realiseren?
11.03 Michel Doomst (CD&V -
N-VA): La ministre peut-elle
préciser le calendrier?
11.04 Minister Sabine Laruelle: Ik denk dat het einde van dit jaar een
goede termijn is. Ik heb al contact met de diensten van minister
Reynders en in de vorige regering heb ik al contacten gehad met de
bouwsector. Vele actoren in de bouwsector willen dat ook, omdat zij al
een verzekering hebben. Het is dus ook een manier om het verschil te
maken tussen de goede actoren en de anderen.
11.04 Sabine Laruelle, ministre:
La fin de l'année me semble un
délai réaliste.
11.05 Michel Doomst (CD&V - N-VA): Dus zeker na 15 juli, tegen
het einde van het jaar?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
12 Vraag van de heer Flor Van Noppen aan de minister van KMO, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de ondersteuning door de federale regering van het MYRRHA-project van
het SCK" (nr. 4071)
12 Question de M. Flor Van Noppen à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "le soutien apporté par le gouvernement fédéral au projet Myrrha du CEN"
(n° 4071)</b>
De voorzitter: Daar is al een vraag over gesteld daarstraks en ik heb begrepen dat hij daarover ook wat
wou vragen in uw functie van Wetenschapsbeleid. Heeft u daarover een antwoord voorbereid?
12.01 Minister Sabine Laruelle: Ik heb geen antwoord omdat het
voor mij over kernenergie gaat en dus bestemd is voor collega
Magnette. Idem voor de vraag van de heer Nollet meen ik.
12.01 Sabine Laruelle, ministre:
Cette question s'adresse à M.
Magnette.
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
De voorzitter: Mevrouw Van der Straeten had aangesloten.
12.02 Flor Van Noppen (CD&V - N-VA): Eigenlijk was het voor mij
een toetsing omdat ik vorige week in de krant de Gazet van
Antwerpen lees dat de eerste minister zegt dat het MYRRHA-project
volledig wordt ondersteund door de Belgische regering. Minister
Magnette gaat onderzoeken laten doen. Nu wou ik misschien uw
antwoord nog eens horen. Misschien gaan we drie verschillende
meningen krijgen. Het is mij erom te doen of men binnen de
regeringskamers wel praatte. Minister Magnette heeft geantwoord dat
hij onderzoek gaat laten doen naar de noodzaak van het MYRRHA-
project.
12.03 Minister Sabine Laruelle: Ik kan er op terugkomen. Ik ontken
het antwoord van collega Magnette niet. De kernenergie en het
onderzoek naar kernenergie is wel energie, maar ik heb geen
antwoord. Ik zal zien voor volgende week, na inzage van het antwoord
van collega Magnette.
De voorzitter: Ik stel voor dat u uw vraag aanpast als u wil dat de minister tussenkomt. Misschien hebt u
dan drie antwoorden? U kan de oppositie vervoegen.
12.04 Flor Van Noppen (CD&V - N-VA): Nu kunt u aan minister
Magnette het antwoord vragen.
12.05 Minister Sabine Laruelle: Wat heeft collega Magnette gezegd?
12.06 Flor Van Noppen (CD&V - N-VA): Dat hij zou laten
onderzoeken of het nodig was het MYRRHA-project verder te zetten
en in welke context dan ook voor transmutatie van het nucleaire afval
of ook voor de kerncentrales van de vierde generatie. Omdat premier
Leterme vorige week verklaarde in de Gazet van Antwerpen dat het
MYRRHA-project in zijn volledige context doorging en dat de regering
dit mee zou financieren, wou ik ook wel eens weten wat de andere
ministers daarover dachten. Ik had helemaal iets anders begrepen in
de regeringsnota.
In eerste instantie was het MYRRHA-project mee opgenomen in de
regeringsverklaring, maar in tweede instantie is er heel veel
onduidelijkheid omtrent het MYRRHA-project. Het is zelfs niet meer
vernoemd. Daarom dacht ik: wat is het nu? Men leest dan ineens in
de krant "wij nemen het MYRRHA-project mee" en het staat niet meer
in de regeringsverklaring.
12.07 Sabine Laruelle, ministre: Je crois que nous étions très
conscients lorsque nous avons rendu la chose moins claire!
De voorzitter: Dat is ook al een heel interessant antwoord.
12.08 Minister Sabine Laruelle: Ik zal kijken of ik volgende week een
antwoord kan geven, maar het is wel voor collega Magnette. Ik zal dit
antwoord bekijken.
De voorzitter: U dient een nieuwe vraag in.
12.09 Minister Sabine Laruelle: Maar dat is dus een probleem voor
de financiering. Er is het wetenschappelijk beleid, maar dat is een
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
andere zaak.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
13 Vraag van de heer Peter Logghe aan de minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en
Wetenschapsbeleid over "de vermogensafsplitsing onroerend goed bij zelfstandigen" (nr. 4105)
13 Question de M. Peter Logghe à la ministre des PME, des Indépendants, de l'Agriculture et de la
Politique scientifique sur "la scission du patrimoine immobilier pour les travailleurs indépendants"
(n° 4105)</b>
13.01 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, deze vraag gaat over de vermogensafsplitsing
van onroerend goed bij eenmanszaken. Bij eenmanszaken vormt
gans het vermogen van de schuldenaar het gemeenschappelijk
onderpand van de schuldeisers waarmee ik een open deur intrap.
Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen beroeps- en
privévermogen.
Dat is natuurlijk een belangrijke rem voor die zelfstandigen die geen
vennootschap vormen of afzonderlijke rechtspersoonlijkheid hebben
aangenomen. Het is een rem op de ontplooiing van de zelfstandige
activiteit, want het onroerend goed kan natuurlijk terechtkomen in de
failliete inboedel.
De programmawet van 25 april 2007 riep een bepaalde vorm van
vermogensafsplitsing in het leven waardoor zelfstandigen, maar dan
mits een verklaring voor de notaris, de gezinswoning kon beschermen
tegen beslag. Dat moet ik u allemaal niet uitleggen, want u kent dat
veel beter dan ik.
Mevrouw de minister, ik heb daarover de volgende concrete vragen.
Hoeveel verklaringen in die zin zijn er voor de notarissen al afgelegd?
Ten tweede, kan men die verklaring ook afleggen voor reeds
bestaande gezinswoningen, die men bijvoorbeeld tegen een mogelijk
faillissement zou willen beschermen?
Ten derde, hebt u enig idee hoeveel onroerende goederen in
aanmerking komen voor vermogensafsplitsing? Ik bedoel, hebt u enig
zicht op de eenmanszaken die mogelijk een beroep zouden kunnen
doen op die verklaring?
Ik heb ook nog twee vragen die betrekking hebben op eenmanszaken
die er een beetje van tussen zijn gevallen.
Ik lees dat de mogelijke afsplitsing niet zou gelden voor zelfstandigen
in bijberoep of voor gepensioneerden die als zelfstandige nog wat
bijklussen, en dat de wet ook niet van toepassing zou zijn op
bestuurders en zaakvoerders van vennootschappen. Er zit een zekere
logica in, ik begrijp dat. Zijn er echter plannen om dat in de toekomst
te wijzigen of aan te passen en om bijvoorbeeld voor de steeds
toenemende categorie van gepensioneerden die als zelfstandige
bijverdienen, een afsplitsing van de onroerende woonst toe te staan?
13.01 Peter Logghe (Vlaams
Belang): La loi-programme du 25
avril 2007 a créé une forme de
scission du patrimoine permettant
aux indépendants, par le biais
d'une déclaration devant notaire,
de protéger l'habitation familiale
contre la saisie par des créanciers
professionnels.
Combien de déclarations de ce
type ont-elles déjà été effectuées?
Cette scission peut-elle également
être
demandée
pour
les
habitations familiales qui existent
déjà?
Combien
de
biens
immeubles entrent-ils en ligne de
compte? Est-il exact que la
réglementation ne s'applique ni
aux
indépendants
à
titre
complémentaire
et
aux
pensionnés qui ont une activité
complémentaire
en
tant
qu'indépendant,
ni
aux
administrateurs et gérants de
sociétés? A-t-on l'intention de
modifier la réglementation?
13.02 Minister Sabine Laruelle: Mijnheer Logghe, op uw eerste en
derde vraag, de Koninklijke Federatie van Belgische Notarissen
13.02 Sabine Laruelle, ministre:
La Fédération royale du Notariat
08/04/2008
CRIV 52
COM 151
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
beschikt niet over de specificaties van de notariële akten. Het is niet
mogelijk om op basis daarvan relevante statistieken op te stellen.
Alleen de Administratie der Registratie die onder de FOD Financiën
valt, zou hierover kunnen beschikken.
Op uw tweede vraag, de verklaring kan inderdaad betrekking hebben
op de bestaande woning van de zelfstandige.
Op uw vierde vraag, de wet heeft alleen betrekking op zelfstandigen
die hun activiteit in hoofdberoep uitvoeren. De zelfstandigen in
bijberoep en de gepensioneerden vallen hier dus niet onder.
Op uw laatste vraag, de bestuurders van de vennootschappen vallen
onder de toepassing van de wet aangezien ze als zelfstandigen
worden beschouwd en er voor hen in de wet geen enkel voorbehoud
werd gemaakt. Het spreekt echter voor zich dat de scheiding van de
vermogens van de vennootschap en de vermogens van de
bestuurders behouden moet blijven.
De bestuurders en zaakvoerders moeten niet met hun persoonlijke
middelen instaan voor de schulden van de vennootschap, behalve
indien de verantwoordelijkheid van de zelfstandigen krachtens de
artikelen 265, §2, 409, §2, en 530, §2, van het Wetboek van
vennootschappen wordt verplicht.
belge ne dispose pas des
spécifications des actes notariés. Il
n'est dès lors pas possible d'établir
des statistiques pertinentes à ce
sujet. Seule l'administration de
l'Enregistrement pourrait disposer
des informations requises.
La déclaration peut effectivement
porter sur l'habitation existante de
l'indépendant.
La loi concerne uniquement les
indépendants à titre principal.
Les administrateurs de sociétés
relèvent de l'application de la loi,
étant donné qu'ils sont considérés
comme des indépendants et
qu'aucune
réserve
n'a
été
formulée à leur égard. Il est
toutefois évident que la scission
des patrimoines de la société et
des administrateurs doit être
maintenue. Les administrateurs et
les gérants ne doivent pas
éponger les dettes de la société à
l'aide de leurs moyens propres,
sauf si les indépendants sont
obligatoirement responsables en
vertu des articles 265, § 2, 409,
§ 2, et 530, § 2, du Code des
sociétés.
13.03 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mijnheer de voorzitter,
mevrouw de minister, ik heb nog een laatste opmerking.
Bijkomend vroeg ik ook nog of er binnen de regering plannen bestaan
om de maatregel uit te breiden naar gepensioneerden die
bijvoorbeeld als zelfstandige bijklussen. Ik veronderstel dat wij het
fenomeen zullen zien toenemen. Het aantal gepensioneerden dat op
zelfstandige basis bijklust, is een categorie die zal uitbreiden. Ik vraag
mij dus af of de regering plannen heeft om de bescherming van de
gezinswoonst uit te breiden.
De betrokkenen zullen geen vennootschapsvorm meer opzetten. Het
is te laat en kost te veel. Zij moeten bovendien bijkomende, financiële
en andere risico's lopen. Zij zullen dus gewoon onder de vorm van
een eenmanszaak bepaalde activiteiten uitvoeren. Het zou derhalve
spijtig zijn dat juist de gezinswoonst van voornoemde personen, op
hun leeftijd, het risico loopt om bij de failliete inboedel terecht te
komen.
13.03 Peter Logghe (Vlaams
Belang):
Le
nombre
de
pensionnés qui exercent une
activité
complémentaire
indépendante est certainement en
augmentation. Étant donné leur
âge, les pensionnés ne créent plus
de sociétés. L'habitation familiale
ne peut-elle donc pas également
être protégée?
13.04 Minister Sabine Laruelle: De maatregel heeft als belangrijk
doel de ondernemingsgeest, l'esprit d'entreprise, te verbeteren en dus
meer zekerheid te geven aan de zelfstandigen die onder hun
persoonlijke statuut en niet via een vennootschap werken.
13.04 Sabine Laruelle, ministre:
La mesure vise à améliorer l'esprit
d'entreprendre
et
à
offrir
davantage
de
sécurité
aux
indépendants. Il est trop tôt pour
CRIV 52
COM 151
08/04/2008
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
Tot nu toe heb ik dan ook geen plannen om de maatregel uit te
breiden. Dat is weliswaar niet onmogelijk, maar het is te vroeg. De
wet trad pas in juni 2007 in werking. Dat is nog geen jaar. Ik zal ook
via het departement Financiën proberen statistieken te bekomen
teneinde na te gaan of het al dan niet een goede maatregel is.
Het gaat wel om de schulden via een activiteit als zelfstandige. Voor
de gepensioneerde is het dus niet zo gemakkelijk om de scheiding te
maken. Wij moeten werken voor het hoofdberoep. De maatregel zal
evenwel misschien ook helpen om mensen die als zelfstandige in
bijberoep werken de stap naar het hoofdberoep te doen zetten.
étendre le champ d'application de
la loi. Il sera procédé à une
évaluation. Nous envisagerons
éventuellement plus tard d'étendre
la loi à la profession indépendante
à titre accessoire pour faciliter la
passage
à
la
profession
indépendante à titre principal.
13.05 Peter Logghe (Vlaams Belang): Mevrouw de minister, ik zal
mijn plannen nog even opbergen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 16.52 uur.
La réunion publique de commission est levée à 16.52 heures.