KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
CRIV 52 COM 036
CRIV 52 COM 036
B
ELGISCHE
K
AMER VAN
V
OLKSVERTEGENWOORDIGERS
C
HAMBRE DES REPRESENTANTS
DE
B
ELGIQUE
I
NTEGRAAL
V
ERSLAG
MET
VERTAALD BEKNOPT VERSLAG
VAN DE TOESPRAKEN
C
OMPTE
R
ENDU
I
NTEGRAL
AVEC
COMPTE RENDU ANALYTIQUE TRADUIT
DES INTERVENTIONS
C
OMMISSIE VOOR DE
F
INANCIËN EN DE
B
EGROTING
C
OMMISSION DES
F
INANCES ET DU
B
UDGET
woensdag
mercredi
28-11-2007
28-11-2007
Voormiddag
Matin
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
cdH
centre démocrate Humaniste
CD&V - N-VA
Christen-Democratisch en Vlaams ­ Nieuw-Vlaamse Alliantie
Ecolo-Groen!
Ecologistes Confédérés pour l'organisation de luttes originales ­ Groen!
FN
Front National
LDD
Lijst Dedecker
MR
Mouvement réformateur
Open Vld
Open Vlaamse Liberalen en Democraten
PS
Parti Socialiste
sp.a-spirit
Socialistische Partij Anders ­ Sociaal progressief internationaal, regionalistisch integraal democratisch toekomstgericht
VB
Vlaams Belang
Afkortingen bij de nummering van de publicaties :
Abréviations dans la numérotation des publications :
DOC 52 0000/000 Parlementair stuk van de 52e zittingsperiode + basisnummer en
volgnummer
DOC 52 0000/000
Document parlementaire de la 52e législature, suivi du n° de
base et du n° consécutif
QRVA
Schriftelijke Vragen en Antwoorden
QRVA
Questions et Réponses écrites
CRIV
voorlopige versie van het Integraal Verslag (groene kaft)
CRIV
version provisoire du Compte Rendu Intégral (couverture verte)
CRABV
Beknopt Verslag (blauwe kaft)
CRABV
Compte Rendu Analytique (couverture bleue)
CRIV
Integraal Verslag, met links het definitieve integraal verslag en
rechts het vertaalde beknopt verslag van de toespraken (met
de bijlagen)
(PLEN: witte kaft; COM: zalmkleurige kaft)
CRIV
Compte Rendu Intégral, avec, à gauche, le compte rendu
intégral définitif et, à droite, le compte rendu analytique traduit
des interventions (avec les annexes)
(PLEN: couverture blanche; COM: couverture saumon)
PLEN
plenum
PLEN
séance plénière
COM
commissievergadering
COM
réunion de commission
MOT
alle moties tot besluit van interpellaties (op beigekleurig papier)
MOT
motions déposées en conclusion d'interpellations (papier beige)
Officiële publicaties, uitgegeven door de Kamer van volksvertegenwoordigers
Bestellingen :
Natieplein 2
1008 Brussel
Tel. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.deKamer.be
e-mail :
publicaties@deKamer.be
Publications officielles éditées par la Chambre des représentants
Commandes
:
Place de la Nation 2
1008 Bruxelles
Tél. : 02/ 549 81 60
Fax : 02/549 82 74
www.laChambre.be
e-mail :
publications@laChambre.be
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
i
INHOUD
SOMMAIRE
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
minister toegevoegd aan de minister van
Financiën, belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
over "inlichtingen aan invorderingsambtenaren"
(nr. 370)
1
Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre
adjoint au ministre des Finances, chargé de la
Modernisation des Finances et de la Lutte contre
la fraude fiscale sur "les renseignements à fournir
aux fonctionnaires chargés du recouvrement"
(n° 370)
1
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Pierre-Yves Jeholet aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de forfaitaire kosten die aftrekbaar zijn voor
burgemeesters,
schepenen
en
OCMW-
voorzitters" (nr. 374)
2
Question de M. Pierre-Yves Jeholet au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "les
frais forfaitaires déductibles des bourgmestres,
échevins et présidents de CPAS" (n° 374)
2
Sprekers: Pierre-Yves Jeholet, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Pierre-Yves Jeholet, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de werking en organisatie van de FOD
Financiën en het peilen naar de mening van de
belastingplichtigen hierover" (nr. 434)
3
Question de M. Robert Van de Velde au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "le
fonctionnement et l'organisation du SPF Finances
et une enquête éventuelle sur l'avis des assujettis
à ce sujet" (n° 434)
3
Sprekers: Robert Van de Velde, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Robert Van de Velde, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over
"notionele
interestaftrek
en
coördinatiecentra" (nr. 416)
5
Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "la
déduction des intérêts notionnels et les centres de
coordination" (n° 416)
5
Sprekers: Stefaan Van Hecke, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Stefaan Van Hecke, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de bescherming van minderjarigen tegen de
gevolgen van alcoholgebruik door de toepassing
van een verhoogd btw-tarief op alcopops"
(nr. 437)
7
Question de M. Jean-Jacques Flahaux au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "la
protection des mineurs face à l'alcool par la mise
en place d'une TVA renforcée sur les soft-drink"
(n° 437)
7
Sprekers: Jean-Jacques Flahaux, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Jean-Jacques Flahaux, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "het sensibiliseren van de consumenten voor
het nut van het gebruik van jodiumzout door de
toepassing van een gedifferentieerd btw-tarief"
(nr. 438)
8
Question de M. Jean-Jacques Flahaux au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "le
moyen de sensibiliser les consommateurs au
bienfait d'utiliser le sel iodé par la mise en place
d'une TVA différenciée" (n° 438)
8
Sprekers: Jean-Jacques Flahaux, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Jean-Jacques Flahaux, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
ii
Samengevoegde vragen van
9
Questions jointes de
9
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste
minister en minister van Financiën over "de
detachering van belastingambtenaren naar de
federale politie" (nr. 441)
9
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances sur "le détachement de
fonctionnaires fiscaux auprès de la police
fédérale" (n° 441)
9
- de heer Jan Jambon aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën over "de bestrijding van
de belastingmisdrijven" (nr. 468)
9
- M. Jan Jambon au vice-premier ministre et
ministre des Finances sur "la lutte contre les
infractions fiscales" (n° 468)
9
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Joseph George aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
tenuitvoerlegging van de patrimoniale straffen"
(nr. 449)
10
Question de M. Joseph George au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "l'exécution
des peines patrimoniales" (n° 449)
10
Sprekers: Joseph George, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Joseph George, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Roel Deseyn aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over
"het
akkoord
met
Frankrijk
over
de
grensarbeidersregeling" (nr. 411)
12
Question de M. Roel Deseyn au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "la
convention conclue avec la France sur le régime
des travailleurs frontaliers" (n° 411)
13
Sprekers: Roel Deseyn, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Roel Deseyn, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Samengevoegde vragen van
16
Questions jointes de
16
- de heer Maxime Prévot aan de vice-eerste
minister en minister van Justitie en aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
brandveiligheid van het 'kleine' justitiepaleis van
Namen" (nr. 408)
16
- M. Maxime Prévot à la vice-première ministre et
ministre de la Justice et au vice-premier ministre
et ministre des Finances sur "la sécurité en
matière d'incendie du 'petit' palais de justice de
Namur" (n° 408)
16
- de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste
minister en minister van Financiën over "het
brandweerverslag inzake de veiligheid van het
'kleine' justitiepaleis van Namen" (nr. 427)
16
- M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et
ministre des Finances sur "le rapport des services
d'incendie sur la sécurité du 'petit' palais de
justice de Namur" (n° 427)
16
Sprekers: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Servais Verherstraeten aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de omvorming van de kazerne van
Herentals tot strafinstelling" (nr. 459)
20
Question de M. Servais Verherstraeten au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "la
transformation de la caserne de Herentals en
établissement pénitentiaire" (n° 459)
20
Sprekers: Servais Verherstraeten, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Servais Verherstraeten, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Servais Verherstraeten aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de uitbreiding van de gevangeniscapaciteit
van Merksplas" (nr. 461)
21
Question de M. Servais Verherstraeten au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur
"l'extension de la capacité de la prison de
Merksplas" (n° 461)
21
Sprekers: Servais Verherstraeten, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Servais Verherstraeten, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Carl Devlies aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
22
Question de M. Carl Devlies au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "la lutte
22
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iii
strijd tegen de fiscale fraude" (nr. 471)
contre la fraude fiscale" (n° 471)
Sprekers: Carl Devlies, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude,
Dirk Van der Maelen
Orateurs: Carl Devlies, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale, Dirk Van
der Maelen
Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de inkohiering en het gelijkheidsbeginsel"
(nr. 497)
24
Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur
"l'enrôlement et le principe d'égalité" (n° 497)
25
Sprekers: Stefaan Van Hecke, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Stefaan Van Hecke, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
werken in de Résidence Palace en de toekomst
die de federale regering voor het gebouw ziet
weggelegd" (nr. 501)
26
Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "les travaux
au Résidence Palace et les intentions du
gouvernement fédéral quant à l'avenir du
bâtiment" (n° 501)
26
Sprekers: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
systematische belastingontwijking door publieke
mandatarissen in de intercommunales" (nr. 502)
28
Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "la stratégie
d'évitement fiscal utilisé par des mandataires
publics dans les intercommunales" (n° 502)
28
Sprekers: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude,
Carl Devlies
Orateurs: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale, Carl
Devlies
Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-
eerste minister en minister van Financiën over "de
ernstige olieverontreiniging in de gebouwen van
het Centrum voor Landbouwonderzoek van
Gembloux die aan de Regie der gebouwen
toebehoren" (nr. 503)
31
Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier
ministre et ministre des Finances sur "la grave
pollution par hydrocarbures dans les bâtiments du
Centre de Recherches agronomiques de
Gembloux appartenant à la Régie des Bâtiments"
(n° 503)
31
Sprekers: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
minister belast met de Modernisering van de
Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude
Orateurs: Georges Gilkinet, Hervé Jamar,
ministre de la Modernisation des finances et
de la Lutte contre la fraude fiscale
Samengevoegde vragen van
33
Questions jointes de
33
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister
en minister van Financiën over "het verlies van de
woonbonus
bij
vertraging
van
de
bouwwerkzaamheden" (nr. 498)
33
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et
ministre des Finances sur "la perte du bonus
logement en cas de retard dans les travaux de
construction" (n° 498)
33
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste
minister en minister van Financiën over "de
woonbonus" (nr. 500)
33
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre
et ministre des Finances sur "le bonus logement"
(n° 500)
33
Sprekers: Carl Devlies, Dirk Van der Maelen,
Hervé Jamar
, minister belast met de
Modernisering van de Financiën en de Strijd
tegen de fiscale fraude
Orateurs: Carl Devlies, Dirk Van der Maelen,
Hervé Jamar
, ministre de la Modernisation
des finances et de la Lutte contre la fraude
fiscale
Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de belastingaangifte door ondernemingen"
(nr. 499)
36
Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "les
déclarations
fiscales
introduites
par
les
entreprises" (n° 499)
36
Sprekers: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Dirk Van der Maelen, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
iv
Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de
vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de interneringsinstellingen" (nr. 508)
37
Question de M. Robert Van de Velde au vice-
premier ministre et ministre des Finances sur "les
établissements d'internement" (n° 508)
37
Sprekers: Robert Van de Velde, Hervé
Jamar
, minister belast met de Modernisering
van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale
fraude
Orateurs: Robert Van de Velde, Hervé
Jamar
, ministre de la Modernisation des
finances et de la Lutte contre la fraude fiscale
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
1
COMMISSIE VOOR DE FINANCIËN
EN DE BEGROTING
COMMISSION DES FINANCES ET
DU BUDGET
van
WOENSDAG
28
NOVEMBER
2007
Voormiddag
______
du
MERCREDI
28
NOVEMBRE
2007
Matin
______
De vergadering wordt geopend om 10.05 uur en voorgezeten door de heer Peter Leyman.
La séance est ouverte à 10.05 heures et présidée par M. Peter Leyman.
01 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de minister toegevoegd aan de minister van Financiën,
belast met de Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude over "inlichtingen
aan invorderingsambtenaren" (nr. 370)
01 Question de M. Dirk Van der Maelen au ministre adjoint au ministre des Finances, chargé de la
Modernisation des Finances et de la Lutte contre la fraude fiscale sur "les renseignements à fournir
aux fonctionnaires chargés du recouvrement" (n° 370)b>
01.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, in de commissie voor de Financiën van 11
oktober hebben we met mekaar van gedachten gewisseld over het
toepassingsgebied van artikel 318 van het Wetboek van de
Inkomstenbelastingen. In die vergadering stelde ik vast dat u en ik
dezelfde mening deelden over het toepassingsgebied. Ik citeer uit uw
antwoord: "Om over een volledig en correct beeld van de
vermogenstoestand
te
beschikken,
moet
de
bevoegde
invorderingsambtenaar van Financiën tevens kennis hebben van de
verrichtingen die zich in het verleden op een financiële rekening
hebben voorgedaan".
In De Tijd van 16 oktober zegt de woordvoerster van Febelfin,
mevrouw De Moerlooze, dat Febelfin het niet eens is met de
interpretatie van het bewuste artikel, dat die regelgeving ambigu is en
dat zij zich eraan niet zal onderwerpen en ze misschien zelfs juridisch
zal betwisten.
Mijnheer de minister, ik wil u drie vragen stellen. Ten eerste, hebt u
reeds met de financiële sector contact genomen en hen laten weten
dat zowel de uitvoerende als de wetgevende macht in dit land van
oordeel zijn dat invorderingsambtenaren het recht hebben om zich tot
banken te wenden en daar informatie te krijgen, niet alleen factueel
op dat moment, mar ook wat betreft het verleden van die rekening?
Ten tweede, hebt u weet van invorderingsambtenaren van het
ministerie van Financiën die al op weerstand gestuit zijn bij het
inzamelen van informatie? Ten derde, welke stappen zal de FOD
Financiën ondernemen indien een financiële instelling weigert om alle
gevraagde informatie aan de invorderingsambtenaar te verstrekken?
01.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit):
En
commission
des
Finances du 11 octobre 2007, le
ministre a confirmé que lors du
recouvrement des impôts, l'article
318 du CIR 1992 n'est pas
d'application
lorsque
les
fonctionnaires
chargés
du
recouvrement demandent des
informations sur des opérations
effectuées dans le passé. La
porte-parole
de
Febelfin
a
cependant
déclaré
dans
le
quotidien De Tijd que le secteur
bancaire ne suit pas cette
interprétation
et
envisagerait
même des démarches juridiques.
Le ministre a-t-il déjà informé le
secteur
financier
de
son
interprétation selon laquelle les
fonctionnaires
chargés
du
recouvrement peuvent également
examiner en profondeur dans une
banque le passé d'un compte?
Existe-t-il des cas où l'on a refusé
de fournir de telles informations
aux
fonctionnaires
du
recouvrement? Et quelles mesures
le département des Finances
prendra-t-il à l'avenir lors d'un tel
refus?
01.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van der 01.02 Hervé Jamar, ministre: Je
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
2
Maelen, vooreerst wens ik de inhoud van mijn antwoord u verstrekt
tijdens de commissie van 11 oktober 2007, formeel te bevestigen, en
dit ongeacht of de banksector het eens is met mijn interpretatie van
artikel 318 WIB '92 of niet. Het is u zeker niet onbekend dat bepaalde
financiële instellingen zich destijds achter het artikel hebben
verscholen om zich te beroepen op hun bankgeheim en te weigeren
de inlichtingen, gevraagd in het kader van het oude artikel 318bis
WIB '92, te verstrekken. Niettegenstaande er nu een duidelijke
wetgeving is, met name dat er geen beperking is op de
onderzoeksbevoegdheden van de invorderingsambtenaren ten
aanzien van de financiële instellingen, blijft blijkbaar niettemin enige
commotie ter zake bestaan.
Ik kan u bevestigen dat het merendeel van de vragen om inlichtingen
te bekomen omtrent in het verleden gedane verrichtingen op een
financiële rekening wel degelijk positief worden beantwoord. Slechts
in heel uitzonderlijke gevallen ­ mijn administratie heeft kennis van
enkele dossiers ­ weigeren de financiële instellingen in eerste
instantie de gevraagde inlichtingen te verstrekken. Na verdere contact
met de betrokken instelling werden deze echter alsnog verstrekt.
Ik hoop dan ook dat wij zullen kunnen verder werken op deze weg en
dat er niet opnieuw een juridische strijd ontstaat. Wanneer een
financiële instelling halsstarrig zou weigeren om de vereiste
medewerking te verlenen, zullen mijn diensten niet nalaten de nodige
juridische stappen te ondernemen.
confirme le point de vue que j'ai
exposé en commission, quelle que
soit la réaction du secteur
bancaire.
Les
pouvoirs
d'investigation des fonctionnaires
du recouvrement à l'égard des
institutions financières ne sont
plus soumis à aucune limitation,
même si cet état de choses
continue à susciter une certaine
effervescence.
Toutes
les
demandes de renseignements sur
des opérations effectuées dans le
passé
ont
été
accueillies
positivement,
à
quelques
exceptions près, où la réponse a
toutefois été fournie après un
deuxième contact.
Il n'y a donc pas de problèmes
pour l'instant mais, en cas de refus
persistant, mes services prendront
des mesures juridiques si besoin
en est.
01.03 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, het doet mij genoegen dat u bij de eerste
weerstand op de passende manier gereageerd hebt. Ik neem ook
akte van de mededeling dat wanneer zou blijken dat er georganiseerd
verzet is, u zal optreden.
01.03 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit): Je remercie le ministre pour
sa réaction appropriée à cette
première
manifestation
de
réticence et pour sa volonté
d'intervenir adéquatement en cas
de problème.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
02 Question de M. Pierre-Yves Jeholet au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "les frais
forfaitaires déductibles des bourgmestres, échevins et présidents de CPAS" (n° 374)b>
02 Vraag van de heer Pierre-Yves Jeholet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"de forfaitaire kosten die aftrekbaar zijn voor burgemeesters, schepenen en OCMW-voorzitters"
(nr. 374)
02.01 Pierre-Yves Jeholet (MR): Monsieur le président, monsieur le
ministre, une circulaire administrative du mois d'octobre 2007 fixe
pour les bourgmestres, les échevins et les présidents de CPAS les
montants forfaitaires des frais professionnels qui peuvent être déduits
des revenus pour l'année 2007.
Pouvez-vous confirmer que ce forfait est également applicable sans
règle proportionnelle lorsque ces contribuables commencent à
exercer leur fonction en cours d'année, que ce soit à la suite des
élections communales ou lors d'un changement de titulaire en cours
de mandature?
02.01 Pierre-Yves Jeholet (MR):
De forfaitaire bedragen aan
beroepskosten die burgemeesters,
schepenen en OCMW-voorzitters
voor 2007 van de inkomsten uit
hun mandaat mogen aftrekken,
zijn
vastgelegd
in
een
administratieve rondzendbrief van
oktober 2007.
Gelden die forfaits ook zonder
toepassing
van
een
evenredigheidsregel
als
die
belastingplichtigen hun ambt in de
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
3
loop van een jaar opnemen?
02.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, monsieur
Jeholet, les montants forfaitaires des frais professionnels que les
bourgmestres, échevins, présidents de CPAS peuvent déduire des
rémunérations afférentes à leur mandat, conformément aux
dispositions du n° 51/39, commentaire des impôts sur les revenus de
1992, tel que modifié par la circulaire n° 243-545-622 du
26 mars 2002, ne doivent pas être réduits "prorata temporis" en
fonction de la période d'exercice effective de leur mandat durant
l'année.
Les montants forfaitaires des frais professionnels cités doivent
toutefois être limités au montant des rémunérations perçues en
qualité de bourgmestre, échevin, président de CPAS lorsque le
montant de ces rémunérations perçues en cours d'une année est
inférieur au forfait spécial de frais applicable, ce qui est somme toute
relativement logique. J'espère avoir pu ainsi répondre favorablement
à votre légitime interrogation.
02.02 Minister Hervé Jamar: De
forfaitaire
bedragen
aan
beroepskosten dienen niet pro rata
temporis te worden verlaagd
naargelang van de periode tijdens
welke de betrokkenen hun functie
in de loop van een jaar effectief
hebben vervuld, maar dienen in
elk geval te worden beperkt tot het
bedrag van hun wedde als
burgemeester,
schepen
of
OCMW-voorzitter
indien
de
ontvangen jaarwedde lager ligt
dan het bijzondere kostenforfait
dat in casu van toepassing is.
02.03 Pierre-Yves Jeholet (MR): Monsieur le ministre, je vous
remercie. Cela rassurera certains mandataires quelque peu inquiets.
Je leur ferai part de vos propos rassurants.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Een aantal vragen werd ingetrokken, of een aantal vraagstellers is nog niet aanwezig.
03 Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"de werking en organisatie van de FOD Financiën en het peilen naar de mening van de
belastingplichtigen hierover" (nr. 434)
03 Question de M. Robert Van de Velde au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "le
fonctionnement et l'organisation du SPF Finances et une enquête éventuelle sur l'avis des assujettis à
ce sujet" (n° 434)b>
03.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, het was
eigenlijk de bedoeling om deze vraag aan minister Reynders te
stellen, maar het maakt niet uit.
Mijnheer de minister, de FOD Financiën heeft een niet al te beste
reputatie binnen de federale overheidsdiensten. Neemt u dat niet
persoonlijk. In elk geval, de dertigduizend ambtenaren zijn niet
onverdeeld gelukkig met de werking van de dienst. De ambtenaren
protesteerden al meermaals, omdat de modernisering van de
overheidsdienst Financiën niet echt slaagt. Met andere woorden, zij
willen dat hun dienst beter, efficiënter werkt. Het Copernicusplan is
duidelijk dode letter gebleven.
Terwijl we op het niveau van de belastingen hoge toppen scheren en
wereldwijd de rankings aanvoeren, bevinden we ons qua efficiëntie
helemaal onderaan. Dat bleek al uit cijfers van het World Economic
Forum. Misschien hangen die twee rankings wel samen.
De belastingwetgeving is te complex. Er zijn te veel politieke
benoemingen. Het departement is daarenboven nog geplaagd
geweest door grote blunders en fouten. Computerprogramma's
faalden meermaals. Sommige belastingplichtigen kregen een aanslag
03.01 Robert Van de Velde
(LDD): Le SPF Finances n'a pas
bonne
réputation
parmi
les
services publics fédéraux. Les
fonctionnaires eux-mêmes ont
déjà protesté contre l'absence de
modernisation de leur service.
L'efficacité
du
service
est
médiocre, la législation fiscale trop
complexe,
les
nominations
politiques trop nombreuses et les
programmes
informatiques
défaillants. Le contraste est grand
avec
les
Pays-Bas,
la
performance
du
service
de
taxation
est
mesurée
annuellement.
Quels sont les coûts administratifs
annuels inhérents à la gestion du
SPF Finances? Comment évolue
le nombre de fonctionnaires? Quel
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
4
van ettelijke miljoenen in de bus. Het wordt eigenlijk een beetje een
lottoformulier.
Laat ik dat even vergelijken met Nederland. In Nederland wordt
jaarlijks de fiscale monitor gevoerd. Daarmee wordt eigenlijk de
performantie van de belastingdienst gemeten. Wij doen dat niet.
Om die redenen hadden wij aan de minister de volgende vragen
willen stellen.
Wat zijn de jaarlijkse administratieve kosten om de FOD Financiën te
runnen?
Wat is het aantal ambtenaren en de evolutie ervan gedurende de
voorbije vijf jaar?
Wat is het precieze bedrag dat werd besteed voor de automatisering
gedurende de afgelopen vijf jaar?
Wat werd er recent ondernomen om de werking en de organisatie van
de FOD Financiën te verbeteren?
budget a-t-on déjà consacré à
l'automatisation?
Comment
compte-t-on
améliorer
le
fonctionnement et l'organisation
du SPF Finances?
03.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van de
Velde, ikzelf heb een andere versie van de modernisering van het
departement dan dewelke in de gestelde vraag werd geschetst. Er
wordt nu eenmaal vaker gepraat over de treinen die vertraging
hebben, dan over de treinen die stipt aankomen.
Ik geef toe dat de verschillende systemen die in gebruik zijn
genomen, soms onder enkele kinderziekten leden, die zeer snel zijn
verholpen. Ikzelf verkies de nadruk te leggen op de successen van de
informatisering sinds de indiensttreding van mezelf en minister
Reynders, maar goed.
Toen minister Reynders zijn functie opnam, kampte het departement
op het vlak van de informatica met een zwaar tekort aan uitrusting.
Sindsdien is het departement voorzien van hoogstaande middelen,
zowel inzake hardware ­ de meeste ambtenaren beschikken over een
PC ­ als inzake programma's, ook al zijn nog niet alle operaties
voltooid.
Het is dankzij de informatisering dat, om maar een voorbeeld aan te
halen, via Tax-on-web en de scanning van de aangiften het aantal
inkohieringen in de personenbelasting in 2007 veel groter is dan op
hetzelfde ogenblik in de vorige boekjaren.
Ik kom nu terug op de vragen die mij werden gesteld.
Ik kan ter kennis brengen dat de administratieve kosten van het
departement in 2006 opliepen tot 1.534.875.000 euro. De kosten zijn
over
drie
posten
verdeeld:
personeelsuitgaven
voor
1.268.917.000 euro, werkingskosten voor 171.724.000 euro en
informatica-uitgaven voor 94.234.000 euro.
Tussen 1999 en 2006 steeg het aantal ambtenaren van 33.863 naar
34.113. Gedurende voornoemde periode was een duidelijke daling
van het aantal ambtenaren van niveau D merkbaar en tegelijk een
forse toename van het aantal ambtenaren van niveau A. Voor niveau
03.02 Hervé Jamar, ministre: Les
différents systèmes informatiques
ont effectivement souffert de
quelques problèmes de rodage,
auxquels il a toutefois été remédié
très rapidement. Depuis mon
entrée
en
fonction,
l'informatisation du département
n'a cessé de progresser.
En 2006, les frais administratifs à
charge du département se sont
montés, chiffre arrondi, à 1,5
milliard d'euros, dont près de 1,2
milliard
de
dépenses
de
personnel, 171 millions de frais de
fonctionnement et 94 millions de
dépenses d'informatique.
De 1999 à 2006, le nombre de
fonctionnaires est passé de
33.863 à 34.113 ; le nombre de
fonctionnaires de niveau D a
baissé et celui des fonctionnaires
de niveau A a connu une forte
augmentation.
Au cours des cinq dernières
années, 62,8 millions d'euros ont
été consacrés à l'automatisation
en 2002, contre 59,6 millions en
2003, 86,7 millions en 2004, 74,2
millions en 2005 et 94,2 millions
en 2006.
Plusieurs projets ont été lancé ces
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
5
A waren er 1.238 bijkomende aanwervingen.
De voorbije vijf jaar werd aan de automatisering 62.802.000 euro in
2002, 59.596.000 euro in 2003, 86.685.000 euro in 2004,
74.185.000 euro in 2005 en 94.234.000 euro in 2006 besteed.
Het is onmogelijk hier alle afgeronde of lopende projecten exhaustief
te beschrijven; zo schrijnend was het informaticatekort van het
departement. Ik zal het houden bij enkele projecten, met de
waarneembare of verwachte voordelen voor zowel de ambtenaren als
het publiek.
Ten eerste, er was de terbeschikkingstelling voor bijna alle
ambtenaren van een eigen pc en een elektronisch adres, wat voor
vlottere werkmethodes en een snellere informatie-uitwisseling, zowel
intern als naar buiten, zorgde.
Ten tweede, de reeds aangehouden ontwikkeling van Tax-on-web en
de ontwikkeling van een programma voor het beheer van de dossiers
-TAXI -, die zowel de aangifteplicht van de belastingplichtige als het
werk van de lokale diensten vergemakkelijken. We kunnen ook
verwijzen naar Vensoc, Finprof, Belcotax-on-web enzovoort.
Ten derde werd een oproepcentrum opgericht om de burger een sterk
gewaardeerd informatiepunt te verstrekken.
Ten vierde werd het plan van de kadastrale percelen gedigitaliseerd,
wat een raadpleging zonder verplaatsing mogelijk maakt.
Ten vijfde zijn er de projecten Paperless Douane en STIPAD voor de
integratie van patrimoniale gegevens, die tegelijk het werk van de
administraties en de verplichtingen van de particulieren en
ondernemingen zullen vergemakkelijken.
Iedereen moet zich ervan bewust zijn dat de invoering van nieuwe
werkmethoden, die dikwijls met de ontwikkeling van een nieuwe
informaticatoepassing en met een nieuwe administratieve organisatie
verbonden is, tijd in beslag neemt. Uiteindelijk - en de feiten bewijzen
het - leiden de resultaten tot een juistere belastinginning en minder
formaliteiten voor de burger.
Ik ben niet precies op de hoogte van het in Nederland gevoerde
onderzoek, maar ik heb steeds open gestaan voor initiatieven die een
juiste belastinginning en meer tevredenheid bij de burgers beogen.
dernières années pour améliorer
le fonctionnement du SPF. Je
citerai la fourniture d'un PC et
d'une adresse électronique à
presque tous les fonctionnaires, le
développement de Tax-on-Web, la
création d'un centre d'appel, la
numérisation du plan des parcelles
cadastrales et les projets de
Douane Paperless ou Stipad.
L'instauration
de
nouvelles
méthodes de travail prend bien
entendu un certain temps. Mais
toutes ces initiatives débouchent
en définitive sur une meilleure
perception de l'impôt et sur une
réduction des formalités pour le
citoyen.
03.03 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, ik bedank
de minister voor het omstandige en zeer duidelijke antwoord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
04 Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"notionele interestaftrek en coördinatiecentra" (nr. 416)
04 Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la
déduction des intérêts notionnels et les centres de coordination" (n° 416)b>
04.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter,
artikel 205 octies van het Wetboek van Inkomstenbelastingen, dat
04.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-
Groen!): L'article 205octies du CIR
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
6
werd ingevoerd door de wet op de aftrek voor het risicokapitaal,
bepaalt dat de erkende coördinatiecentra, die van de bepalingen
voorzien in het koninklijk besluit betreffende de oprichting van de
coördinatiecentra blijven genieten, geen recht hebben op de
toepassing van de notionele intrestaftrek. Een coördinatiecentrum kan
dus best blijven bestaan zonder te genieten van de fiscale bepalingen
van de coördinatiecentra en kan dan kiezen voor de notionele
intrestaftrek. Het is dus niet zo dat een moedermaatschappij moet
kiezen tussen een coördinatiecentrum of de notionele intrestaftrek.
Een dergelijke uitsluiting bestaat wel voor de toekenning van de
investeringaftrek voor groepen waartoe een coördinatiecentrum
behoort.
Artikel 201, eerste lid, ten eerste van het WIB voorzag in een
investeringsaftrek tegen een basispercentage voor de binnenlandse
vennootschappen waarvan de aandelen voor meer dan de helft
toebehoren aan een of meer natuurlijke personen die de meerderheid
van het stemrecht vertegenwoordigen en die geen deel uitmaken van
een groep waartoe een coördinatiecentrum behoort, zoals vermeld in
het KB nr. 187.
Terzake heb ik twee concrete vragen, mijnheer de minister. Ten
eerste, vindt u het niet overdreven dat een vennootschap, die deel
uitmaakt van een groep waartoe een coördinatiecentrum behoort, kan
genieten van de notionele intrestaftrek? Vindt u dat dit strookt met de
oorspronkelijke doelstellingen van het stelsel van de notionele
intrestaftrek?
Ten tweede, zou het niet aangewezen zijn om de vennootschappen,
die deel uitmaken van een groep waartoe een coördinatiecentrum
behoort, uit te sluiten van het recht op de toepassing van de notionele
intrestaftrek om zo te voorkomen dat kapitaalkrachtige groepen een te
groot aandeel zouden halen uit dit stelsel?
Ik ben benieuwd naar uw antwoord.
92 dispose que les centres de
coordination agréés qui bénéficient
des avantages prévus par l'arrêté
royal n° 187, n'ont pas droit à la
déduction des intérêts notionnels.
Un centre de coordination peut
donc continuer d'exister en tant
que tel et préférer la déduction des
intérêts notionnels aux dispositions
fiscales relatives aux centres de
coordination. Par contre, il y a bien
une exclusion en ce qui concerne
l'octroi de la déduction pour
investissement
aux
groupes
auxquels appartient le centre de
coordination.
Tout ceci est-il conforme aux
objectifs initiaux du régime de la
déduction notionnelle? Ne serait-il
pas indiqué d'exclure du droit à la
déduction des intérêts notionnels
les sociétés qui font partie d'un
groupe auquel appartient un
centre de coordination?
04.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, eerst en vooral
wens ik het geachte lid erop te wijzen dat met coördinatiecentrum
uitsluitend wordt bedoeld de vennootschap die als coördinatiecentrum
is erkend. Die erkenning houdt in dat die vennootschap van de
bepalingen, voorzien in het koninklijk besluit nr. 187 van 30
december 1982 betreffende de oprichting van coördinatiecentra,
geniet. De doelstelling van de aftrek voor risicokapitaal bestaat erin de
economische, ongerechtvaardigde discriminatie tussen de fiscale
behandeling van vreemd vermogen, waarvan de vergoeding volledig
fiscaal aftrekbaar is, en van risicokapitaal, waarvan de vergoeding
daarentegen volledig belast wordt, te verminderen.
Tot vóór het aanslagjaar 2007 was de investeringsaftrek, waarnaar
het geachte lid in zijn vraag verwijst, uitsluitend van toepassing op
vennootschappen waarvan de aandelen voor dan de helft toebehoren
aan een of meer natuurlijk personen, en die geen deel uitmaken van
een groep waartoe een coördinatiecentrum behoort.
De notionele intrestaftrek treedt vanaf het aanslagjaar 2007 in werking
en is in principe van toepassing op alle vennootschappen, inbegrepen
de niet in artikel 201, eerste lid, 1 van het WIB '92 bedoelde
vennootschappen. De vennootschappen die worden uitgesloten van
04.02 Hervé Jamar, ministre: Le
terme centre de coordination se
rapporte uniquement à une société
agréée en tant que centre de
coordination et qui bénéficie donc
des dispositions de l'arrêté royal
n°187. La déduction pour capital à
risques
avait
pour
objectif
d'atténuer la discrimination entre le
traitement fiscal réservé aux biens
étrangers et le capital à risques.
La
déduction
des
intérêts
notionnels s'applique à toutes les
sociétés à partir de l'exercice
d'imposition 2007. Les sociétés
exclues du droit à la déduction
pour capital à risques sont
énumérées à l'article 205octies du
CIR 92. La déduction pour capital
à risques ne s'applique donc pas
aux sociétés qui bénéficient d'un
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
7
het recht op aftrek voor risicokapitaal zijn opgenomen in artikel
205octies, WIB '92 en de aftrek voor risicokapitaal is derhalve niet van
toepassing op vennootschappen die een van het gemene recht
afwijkende belastingregeling genieten. Ondanks het feit dat de
hierboven genoemde coördinatiecentra niet kunnen genieten van de
aftrek voor risicokapitaal moet overeenkomstig de bepalingen
opgenomen in artikel 205ter, §1, tweede lid, a van het WIB '92 het
risicokapitaal van de moedervennootschap worden verminderd met
de fiscale nettowaarde van de aandelen die zij bezit in het
coördinatiecentrum.
règlement fiscal différent du droit
commun. Toutefois, le capital à
risques
de
la
société-mère
concernée doit être diminué de la
valeur fiscale nette de ses parts
dans le centre de coordination.
Voorzitter: Luk Van Biesen.
Président: Luk Van Biesen.
04.03 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de voorzitter, ik
dank de minister voor zijn antwoord.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
05 Question de M. Jean-Jacques Flahaux au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la
protection des mineurs face à l'alcool par la mise en place d'une TVA renforcée sur les soft-drink"
(n° 437)b>
05 Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de bescherming van minderjarigen tegen de gevolgen van alcoholgebruik door de toepassing
van een verhoogd btw-tarief op alcopops" (nr. 437)
05.01 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le président,
monsieur le ministre, je souhaite vous interpeller au sujet des dangers
des "soft drinks" sur notre jeunesse. Ces dernières années, l'industrie
alcoolière a développé ces produits. Sous couvert de boissons à la
fois désaltérantes et ludiques, elles s'avèrent en réalité une clé
d'entrée majeure pour l'alcool.
Aussi, à ce titre et pour prévenir tout risque de consommation
excessive d'alcool par les jeunes ­ phénomène dont la tendance est à
la hausse quand on observe certains jeunes à 8.00 heures du matin,
avant la rentrée des classes ­, avec le cortège de drames qui en
découle, notamment sur les routes belges, ne serait-il pas souhaitable
de rendre le prix de ces produits plus prohibitif en leur appliquant la
même TVA que sur les spiritueux?
05.01 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Teneinde het gevaar van
overdreven alcoholconsumptie bij
de jongeren te voorkomen zou het
misschien aangewezen zijn om
alcopops aan het hetzelfde btw-
tarief als geestrijke dranken te
onderwerpen. Als de prijs ervan
wordt opgetrokken, zullen de
jongeren immers minder snel naar
die dranken grijpen die vaak naar
echt alcoholmisbruik leiden.
05.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, monsieur
Flahaux, je suis d'autant plus intéressé par votre question qu'en 1996
déjà, dans ma commune, j'avais interdit en tant que bourgmestre ­ un
des premiers sans doute ­ la distribution de ce type d'alcool sur la
voie publique.
En vertu de la directive 2006/112 du Conseil européen du
28 novembre 2006 relative au système commun de la taxe sur la
valeur ajoutée (TVA), les États membres peuvent appliquer un ou
deux taux réduits qui ne peuvent être inférieurs à 5% aux livraisons de
biens et aux prestations de services reprises dans une liste limitative
figurant en annexe 3 à cette directive. En Belgique, les taux réduits
ont été fixés à 6 et à 12%.
D'une manière générale, les denrées alimentaires destinées à la
consommation humaine, y compris les boissons à l'exclusion toutefois
05.02
Minister Hervé Jamar:
Overeenkomstig
de
huidige
Belgische
en
Europese
regelgeving kan het verlaagde
btw-tarief van 6 procent niet
worden toegepast op dranken met
een alcoholgehalte van meer dan
1,2 procent (0,5 procent voor de
bieren). Ze zijn dus aan het
normale btw-tarief van 21 procent
onderworpen.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
8
des boissons alcoolisées, peuvent bénéficier du taux réduit de 6%. En
Belgique, conformément au tableau A, rubrique X, dernier alinéa de
l'annexe à l'arrêté royal n° 20 du 20 juillet 1970 fixant les taux de la
base TVA et déterminant la répartition des biens et des services selon
ces taux, sont exclus de l'application du taux réduit de 6% les bières
d'un titre alcoométrique acquis d'un taux supérieur à 0,5% en volume
d'alcool et les autres boissons d'un titre alcoométrique acquis
supérieur à 1,2% en volume d'alcool.
Ces dernières sont donc, dans cette mesure, soumises au taux
normal de 21%. C'est donc cette règle qui s'applique à l'heure
actuelle.
05.03 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le président, je
remercie le ministre, mais, par ce biais, je voulais aussi sensibiliser le
gouvernement actuel et le futur à cette problématique de ce que
j'appelle les boissons-pièges.
05.03 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Het was ook mijn bedoeling
de regering op de problematiek
van die verraderlijke dranken
opmerkzaam te maken.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
06 Question de M. Jean-Jacques Flahaux au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "le
moyen de sensibiliser les consommateurs au bienfait d'utiliser le sel iodé par la mise en place d'une
TVA différenciée" (n° 438)b>
06 Vraag van de heer Jean-Jacques Flahaux aan de vice-eerste minister en minister van Financiën
over "het sensibiliseren van de consumenten voor het nut van het gebruik van jodiumzout door de
toepassing van een gedifferentieerd btw-tarief" (nr. 438)
06.01 Jean-Jacques Flahaux (MR): Monsieur le ministre, lors de la
réunion de la commission Santé publique de la Chambre de ce 20
novembre, les représentantes du Plan National Nutrition Santé nous
ont notamment alertés sur la carence en sel iodé dans l'alimentation
de la population belge avec les conséquences en termes de santé
publique que cela pouvait entraîner, en particulier sur le
développement du cerveau. Cela étant, il n'y a pas péril en la
demeure. Nous ne sommes pas dans la situation de la Suisse ou de
l'Autriche, d'où l'expression de "crétin des Alpes", comme vous le
savez.
La difficulté évoquée par ailleurs de ne mettre sur le marché que du
sel iodé, eu égard entre autres aux personnes souffrant de problèmes
thyroïdiens, m'amène donc à vous demander s'il ne serait pas
possible d'appliquer une TVA différenciée sur les sels iodés et non
iodés pour inciter les consommateurs, notamment les moins nantis, à
acheter le sel iodé en priorité.
Je vous remercie du suivi actif réservé à ce dossier.
06.01 Jean-Jacques Flahaux
(MR): De Belgische bevolking
kampt met een jodiumtekort, wat
gevolgen kan hebben voor de
hersenontwikkeling. Ware het niet
mogelijk een apart btw-tarief toe te
passen voor jodiumzout teneinde
de aankoop ervan, met name door
financieel
zwakkere
bevolkingsgroepen,
aan
te
moedigen?
06.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, je remercie
M. Flahaux pour sa question. Conformément au cadre européen,
relativement contraignant, et en vertu de la directive 2006/112 du
Conseil du 28 novembre 2006, relative au système commun de la
taxe sur la valeur ajoutée, les États membres peuvent appliquer un ou
deux taux réduits, qui ne peuvent être inférieurs à 5%, aux livraisons
de biens et aux prestations de services reprises dans une liste
limitative figurant en annexe 3 à cette directive.
06.02
Minister Hervé Jamar:
Krachtens
de
Belgische
en
Europese btw-regelgeving geldt er
een verlaagd btw-tarief van 6
procent voor ­ al dan niet
jodiumhoudend ­ zout dat voor
menselijke
consumptie
is
bestemd.
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
9
En Belgique, ces taux réduits sont fixés à 6 et 12%. De manière
générale, les denrées alimentaires destinées à la consommation
humaine peuvent bénéficier du taux réduit de 6% et conformément au
tableau A, rubrique X, point 15 de l'annexe de l'arrêté royal n° 20 du
20 juillet 1970 fixant les taux de la TVA et déterminant la répartition
des biens et des services selon ces taux, le sel destiné à la
consommation humaine, qu'il soit iodé ou non, est dès lors soumis au
taux réduit de TVA de 6%.
06.03 Jean-Jacques Flahaux (MR): C'est précisément l'objet de ma
question. On pourrait peut-être envisager que, dans le futur, le taux
relatif au sel iodé soit maintenu à 6 voire à 0% et que celui du sel non
iodé puisse passer à 12%. Ce serait un bon incitant qui, de surcroît,
permettrait d'améliorer la santé de nos concitoyens.
06.03 Jean-Jacques Flahaux
(MR): Kan men voor niet-
jodiumhoudend zout dan geen 12
procent btw aanrekenen?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
07 Samengevoegde vragen van
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
detachering van belastingambtenaren naar de federale politie" (nr. 441)
- de heer Jan Jambon aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de bestrijding van
de belastingmisdrijven" (nr. 468)
07 Questions jointes de
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "le détachement de
fonctionnaires fiscaux auprès de la police fédérale" (n° 441)
- M. Jan Jambon au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la lutte contre les infractions
fiscales" (n° 468)b>
07.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik las in de krant De Tijd van 19 november dat
de geplande detachering van belastingambtenaren naar de federale
politie, om daar samen de grote fiscale fraude te bestrijden,
opgeschort is. Volgens het krantenartikel is de reden daarvoor dat de
regering dat niet zou beschouwen als behorende tot de lopende
zaken.
Mijn vraag aan u is dan ook heel kort: is dat bericht correct?
07.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit): Le journal De Tijd du 19
novembre annonce le report du
détachement
prévu
de
fonctionnaires fiscaux auprès de la
police fédérale dans le cadre de la
lutte contre la fraude fiscale. Selon
le gouvernement, cette question
ne relèverait en effet pas des
affaires courantes. Est-ce exact?
07.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Van der
Maelen, ik wijs erop dat uw informatie niet geheel correct is. In het
Belgisch Staatsblad van 25 april 2007 werd een oproep tot kandidaten
gepubliceerd met het oog op een terbeschikkingstelling van
ambtenaren van de fiscale administraties bij de federale politie, met
name de Centrale Dienst voor de bestrijding van de georganiseerde
economische en financiële delinquentie, CDGEFID.
Die procedure loopt nu, met inachtneming van de wettelijke
bepalingen genomen in het koninklijk besluit van 23 januari 2007 tot
vaststelling van de regels waarbij ambtenaren van de fiscale
administraties ter beschikking worden gesteld van de federale politie
teneinde deze bij te staan in de strijd tegen de georganiseerde
economische en financiële criminaliteit.
De procedure is dus niet opgeschort en wordt evenmin beschouwd
als vallend buiten de lopende zaken.
07.02 Hervé Jamar, ministre: Un
appel aux candidats a été publié
au Moniteur belge du 25 avril 2007
en
vue
de
mettre
des
fonctionnaires des administrations
fiscales à la disposition de la
police
fédérale,
et
plus
particulièrement de l'Office central
de lutte contre la délinquance
économique
et
financière
organisée
(OCDEFO).
La
procédure
est
en
cours,
conformément aux dispositions de
l'arrêté royal du 23 janvier 2007
qui régit cette mise à disposition.
Les informations parues dans De
Tijd
ne sont donc pas exactes.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
10
Ik heb de heer Denolf, de verantwoordelijke van de CDGEFID,
daarover nog gesproken vorige week. Die procedure loopt.
07.03 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, het
antwoord van de minister verheugt mij.
07.03 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit): Je me réjouis de la réponse
du ministre.
De voorzitter: Ik ben een blij man als u dat verheugt, mijnheer Van der Maelen, dat weet u.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
08 Question de M. Joseph George au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "l'exécution
des peines patrimoniales" (n° 449)b>
08 Vraag van de heer Joseph George aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
tenuitvoerlegging van de patrimoniale straffen" (nr. 449)
08.01 Joseph George (cdH): Monsieur le président, monsieur le
ministre, en relisant le rapport de février 2007 de la Cour des
comptes, je relevais que seule la moitié des amendes pénales était
payée et qu'il n'en était pratiquement rien quant à l'exécution des
confiscations.
La Cour des comptes a émis une série de recommandations. Elle
indiquait le ministère de la Justice comme seul responsable en
matière de confiscation. Elle suggérait également le renforcement et
la coordination de la direction des services, la mise en place d'un
système intégré de l'information de rapportage et la production d'états
financiers fiables et complets.
Je sais que plusieurs législations ont été prises mais je souhaiterais
savoir si des objectifs en taux de recouvrement ont été fixés aux
receveurs, si la responsabilité de la gestion des recouvrements des
amendes a été centralisée et si un rapportage se fait. Peut-on
actuellement produire des états financiers complets? Enfin, a-t-on
veillé à la coordination entre les différents services, notamment avec
le ministère de la Justice. J'ai d'ailleurs posé une question parallèle
hier à la ministre de la Justice.
08.01 Joseph George (cdH): In
zijn verslag van februari 2007 stelt
het Rekenhof dat slechts de helft
van de penale boetes werd
betaald en dat de uitvoering van
de
verbeurdverklaringen
te
wensen over laat. Het Hof
formuleert
een
aantal
aanbevelingen.
Werden
er
doelstellingen vastgesteld voor de
ontvangers?
Is
de
verantwoordelijkheid
van
het
beheer van de invorderingen
gecentraliseerd? Bestaat er een
rapportage? Werd er gezorgd voor
een coördinatie van de diensten,
meer bepaald van het ministerie
van Justitie?
08.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur George, ma réponse sera
assez fouillée. Je tiens tout d'abord à vous remercier pour cette
question car elle interpelle effectivement. Pour ceux qui étaient
présents lors de la précédente législature, il y a d'ailleurs déjà eu des
commissions spéciales qui traitaient de ces dossiers.
Je peux vous assurer que le recouvrement des amendes pénales et
l'exécution des confiscations retiennent absolument toute notre
attention. Mon cabinet suit le dossier de près et de fréquentes
réunions de concertation ont lieu avec l'administration. Les
recommandations de la Cour des comptes constituent en effet le sujet
crucial de ces discussions.
Quelle est la situation actuelle? Permettez-moi tout d'abord d'aborder
le recouvrement des amendes pénales. Il s'agit d'une tâche confiée à
l'Administration du recouvrement non fiscal au sein de l'Administration
générale de la documentation patrimoniale.
1. Comme je l'ai déjà dit précédemment en réponse à des questions
08.02
Minister Hervé Jamar:
Deze kwestie en de aanbevelingen
van het Rekenhof krijgen al mijn
aandacht.
De situatie is op dit ogenblik als
volgt. Eerst en vooral is de
invordering van de penale boetes
een prioriteit voor de ontwikkeling
van
het
geïntegreerd
verwerkingssysteem
invordering
ten
behoeve
van
meerdere
entiteiten
(STIMER),
een
transversaal project dat alle
functionaliteiten
zou
moeten
omvatten van de boekhouding, de
inning en de invordering van alle
fiscale en niet-fiscale rechten die
door de FOD Financiën zijn
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
11
parlementaires, notamment lors de ces commissions spéciales, le
recouvrement des amendes pénales est une matière prioritaire pour
le développement de STIMER. Ce nom peut sembler un peu barbare
a priori. Il signifie "Système de Traitement intégré et Multi-Entités
Recouvrement". C'est un projet transversal destiné à couvrir toutes
les fonctionnalités de comptabilité, de perception et de recouvrement
de tous les droits fiscaux et non fiscaux établis par les diverses entités
du SPF Finances.
Les travaux du projet STIMER, qui a démarré en février 2007, sont
pleinement en cours pour l'instant et se déroulent selon le schéma
prévu.
2. L'Administration du recouvrement non fiscal est également
impliquée dans le projet dit OPERA.
Vous constaterez que le service Finances fait preuve de beaucoup
d'imagination.
Toujours
est-il
qu'il
s'agit
d'un
projet
d'opérationnalisation ­ d'où le nom OPERA - des processus définis
dans Coperfin.
Ce projet ne prépare pas uniquement l'implantation de STIMER, mais
étudie également les processus actuels afin de concrétiser au plus
vite les recommandations de la Cour des comptes.
3. Je suis conscient du fait que jusqu'à présent, peu de résultats ont
été engrangés étant donné que le projet STIMER n'a pas encore livré
de résultats concrets. Mais comme vous l'avez certainement lu dans
mes précédentes réponses, l'administration négocie avec la chambre
nationale des huissiers de justice une collaboration très poussée sur
le terrain de l'automatisation afin de surmonter le temps qui est
nécessaire pour la réalisation de STIMER.
La chambre nationale a depuis testé le concept de collaboration et les
résultats se sont avérés positifs.
4. Sur le plan de la collaboration Finances-Justice, je peux vous faire
savoir que le but reste de créer un organe de coordination qui va
gérer le processus de recouvrement des amendes pénales. Grâce à
des indicateurs, cet organe vérifiera la transmission à temps des
extraits de jugement, des avis de paiement, des rappels, etc.
En ce qui concerne le recouvrement des amendes pénales, je peux
dire en guise de conclusion que nous sommes, il est vrai, dans
l'attente de l'implémentation d'une plate-forme informatique qui
n'automatisera pas uniquement les processus, mais qui va également
servir d'instrument de contrôle et de gestion. C'est seulement après
que cela aura un sens de fixer, par exemple, des objectifs aux
receveurs. Et c'est seulement après que ceux-ci seront en mesure de
faire du rapportage sur l'atteinte ou non de ces objectifs. À court
terme, la collaboration avec la chambre nationale des huissiers de
justice offrira une solution et répondra au moins partiellement à la
plupart des recommandations de la Cour des comptes.
En effet, pour pouvoir concrétiser ces recommandations, il faut que le
SPF Justice soit également suffisamment automatisé car l'objectif est
de centraliser l'envoi automatisé de tous les extraits de jugements.
vastgelegd. Dit project ging van
start in 2007 en verloopt volgens
schema.
Ten tweede is de administratie ook
betrokken bij het OPERA-project,
dat de in het kader van Coperfin
omschreven processen in praktijk
moet brengen en een antwoord
moet bieden op de aanbevelingen
van het Rekenhof.
Ten derde, in afwachting van de
verwezenlijking
van
STIMER
onderhandelt de administratie over
een diepgaande samenwerking
met de Nationale Kamer van
gerechtsdeurwaarders.
De
resultaten zijn positief.
Ten vierde blijft het de bedoeling
tussen Justitie en Financiën een
coördinatieorgaan op te richten,
dat
de
inning
van
de
strafrechtelijke
boetes
zal
beheren.
We zullen bijgevolg voor de
ontvangers
pas
bepaalde
doelstellingen
kunnen
vooropstellen,
wanneer
het
informaticaplatform, dat eveneens
als
instrument
van
beheerscontrole zal fungeren, een
feit zal zijn. Om de aanbevelingen
van het Rekenhof in praktijk te
kunnen brengen, zal ook de FOD
Justitie
voldoende
geautomatiseerd moeten zijn.
Wat
de
verbeurdverklaringen
betreft, bestaat er sinds 1 april
2006 een samenwerkingsprotocol
tussen de patrimoniumdiensten,
die bevoegd zijn voor de verkoop
van de in beslag genomen en
verbeurdverklaarde goederen, en
het centraal orgaan voor de
inbeslagneming
en
de
verbeurdverklaring (COIV). Met
het
oog
op
een
nauwere
samenwerking
tussen
die
diensten,
overeenkomstig
de
aanbevelingen van het Rekenhof,
werden
al
verschillende
vergaderingen georganiseerd en
zijn er nog andere gepland.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
12
J'aborde enfin l'exécution des confiscations. L'Administration des
services patrimoniaux est compétente entre autres pour la vente des
biens meubles et immeubles saisis et confisqués.
Il existe depuis le 1
er
avril 2006 un protocole entre les services
patrimoniaux et l'OCSC (Organe central pour la saisie et la
confiscation), dépendant du SPF Justice. Ce protocole règle la
collaboration entre ces deux services.
Depuis les remarques de la Cour des comptes, les Services
patrimoniaux ont veillé à ce que la collaboration entre ces deux
services s'améliore et devienne plus étroite.
À cette fin, une réunion fut organisée entre les Services patrimoniaux
et l'OCSC afin que les divers problèmes qui se présentent lors de la
vente des biens immeubles saisis (inscriptions hypothécaires, la
nécessité de faire un règlement d'ordre, etc.) soient soulevés et
analysés.
Une réunion fut également organisée entre les Services patrimoniaux
et les officiers de liaison du SPF Finances auprès de l'OCSC afin que
la mise en vente des biens meubles saisis et confisqués se déroule
plus facilement.
À l'avenir, des réunions de concertation seront régulièrement
organisées afin de répondre au mieux aux remarques formulées par
la Cour des comptes.
Dans le cadre du projet OPERA, la réalisation de biens meubles, il a
été demandé à l'ICT de prévoir un système de modernisation de la
gestion et du suivi des stocks de biens à vendre, ce qui permettra
notamment un rapportage à l'OCSC.
En outre, la fonction de comptable a été scindée en comptable et
ordonnateur dans la nouvelle structure pour les grands centres de
réalisation de biens meubles, afin d'assurer la sécurité financière des
opérations traitées. Je terminerai par une impression personnelle.
Tant qu'on indiquera dans des jugements qu'il y a une condamnation
à mille euros par exemple et qu'à défaut, on prestera quinze jours, un
mois ou deux mois d'emprisonnement subsidiaire, on sera à côté de
l'objectif. En effet, chacun sait que pour l'instant en Belgique, on
n'exécute pas les peines de prison inférieures à trois ou même à six
mois en général, ce qui fait que les condamnés avisés jouissent d'une
sorte d'impunité, ayant le choix de ne pas payer et de ne pas aller en
prison. Ce n'est qu'une impression personnelle qui sera complétée
par la réponse de la ministre de la Justice.
Bovendien werd er een systeem
uitgewerkt voor de modernisering
van het beheer en de opvolging
van stocks van nog te verkopen
goederen. Voorts werd de functie
van boekhouder in de grote centra
voor
de
tegeldemaking
van
roerende goederen opgesplitst in
boekhouder
en
ordonnateur
teneinde een financiële zekerheid
in te bouwen.
Ten slotte, zolang aan de
veroordeelden de keuze wordt
gelaten tussen een boete en een
gevangenisstraf van minder dan
drie maanden ­ laatstgenoemde
straffen worden immers toch niet
uitgevoerd ­ zullen zij een soort
straffeloosheid genieten. Maar dat
is mijn persoonlijke indruk.
08.03 Joseph George (cdH): Affaire à suivre. Merci.
Le président: Monsieur George, je vous ferai parvenir le rapport de la
sous-commission "Cour des comptes" sur ce sujet en date du 26 avril
2007.
De voorzitter: Ik zal de heer
George het rapport van het
Rekenhof bezorgen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
09 Vraag van de heer Roel Deseyn aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "het
akkoord met Frankrijk over de grensarbeidersregeling" (nr. 411)
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
13
09 Question de M. Roel Deseyn au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la convention
conclue avec la France sur le régime des travailleurs frontaliers" (n° 411)b>
09.01 Roel Deseyn (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, als wij spreken over het grensarbeiderverdrag, het
dubbelbelastingverdrag tussen België en Frankrijk moeten wij even de
film van het jaar afspelen en kijken hoe uw collega, minister
Reynders, daarover heeft gecommuniceerd.
In maart zou er een akkoord zijn afgesloten met de Franse regering,
met de bevoegde Franse minister. Toen wij de minister daarover
ondervroegen en probeerden een protocoltekst - zo heette het stuk ­
vast te krijgen, was dit onmogelijk. Wij legden contacten via
parlementaire vragen, via het kabinet, maar kregen geen tekst ter
inzage.
Er werd daarover fragmentarisch gecommuniceerd. Er werden zaken
meegedeeld, zowel aan de mensen die in Frankrijk gaan werken als
aan de Franse grensarbeiders die bij ons komen werken. Er werd
gesproken over de periode van 25 jaar waarbij het statuut als
persoonlijk recht kon behouden blijven.
Het volgende is ook belangrijk voor de Belgen die in Frankrijk gaan
werken. Er werd gezegd dat zij nu reeds de voorafbetalingen kunnen
stoppen omdat ze onder het Franse belastingregime zullen vallen en
dus geen voorafbetalingen meer hoven te doen. Voor die mensen
heeft dat sociale en fiscale implicaties. Er blijft heel veel mist hangen.
Zij weten niet meer waar ze aan toe zijn.
Natuurlijk zouden wij enig begrip kunnen opbrengen voor de houding
van minister Reynders na de verkiezingen en in de periode van
lopende zaken. Nu blijkt evenwel tot grote ontsteltenis van de
werkgevers- en werknemersorganisaties en de politici die het dossier
volgen dat minister Reynders hierover openlijk gecommuniceerd heeft
in juli, dat is na de verkiezingen. Er is een communiqué verschenen in
de Franse pers. De officiële diensten van de Franse regering hebben
dat ook op hun internetpagina geplaatst, met een aantal details en de
tekst waarover in België niet kon gesproken worden of die niet ter
inzage was.
Nu blijkt ook dat het niet zomaar het verspreiden was van een
communiqué. Er zou ook een parafering of ondertekening, dat zal
blijken uit uw antwoord, geweest zijn van dit stuk door minister
Reynders en de bevoegde Franse minister.
U begrijpt dat dit een beetje een vreemde demarche is. Minister
Reynders zegt ten behoeve van het Belgische publiek en de
Belgische politiek dat hij daarover niet kan communiceren en dat de
zaak, het dossier deel zal uitmaken van de formatieonderhandelingen.
Tezelfdertijd gaat hij zich in Frankrijk profileren en gaat hij een stuk
onderteken alsof er iets officieel zou bekrachtigd zijn.
Daarom is het zeer legitiem om deze zaak eens definitief te
trancheren of ten minste over hetgeen vandaag beslist is om te
communiceren.
Welk document is ondertekend door de Belgische en Franse
minister? Kunnen niet alleen de vaste leden van deze commissie,
09.01 Roel Deseyn (CD&V - N-
VA): Le ministre Reynders aurait
conclu en mars 2007 un accord
avec son collègue français sur le
traité préventif de la double
imposition.
En
dépit
de
nombreuses
questions
parlementaires, nous n'avons pas
pu prendre connaissance du texte
du protocole. Les travailleurs
frontaliers n'ont été informés que
partiellement. Ainsi, le statut du
travailleur frontalier pourrait être
conservé pendant 25 ans à titre de
droit individuel. Il a également été
dit que le travailleur frontalier
belge peut d'ores et déjà cesser
les versements anticipés. C'est
très important mais les travailleurs
frontaliers ne savent sur quel pied
danser.
Il semblerait que M. Reynders ait
diffusé un communiqué dans la
presse française en juillet 2007. Il
aurait déjà signé l'accord avec son
collègue français. Alors que M.
Reynders affirme ne pas pouvoir
communiquer à propos de ce
dossier parce qu'il serait concerné
par les négociations en vue de la
formation d'un gouvernement, il se
profile en France et aurait même
déjà signé un accord.
Quel document a été signé? Ce
document peut-il être communiqué
à tous les parlementaires? Existe-
t-il un accord complet sur tous les
aspects du travail frontalier? Y
aura-t-il d'autres négociations? Y
a-t-il des raisons de ne pas publier
le contenu de ce document ? A
quelle
réglementation
sont
désormais soumis les travailleurs
frontaliers
belges?
Peuvent-il
cesser les paiements anticipés?
Quelle attitude l'administration
adoptera-t-elle à ce propos? A qui
les travailleurs frontaliers peuvent-
ils adresser
leurs
questions
pratiques?
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
14
maar alle parlementsleden dat stuk dat is geparafeerd of ondertekend
zo spoedig mogelijk krijgen?
Is daarin een volledig akkoord over alle aspecten van de grensarbeid
afgesloten in beide richtingen?
Zijn er nog verdere onderhandelingen afgesproken? Wij kennen
allemaal de lijdensweg van het dossier. Is er nog een opening naar de
toekomst of is dat nu hetgeen definitief vaststaat?
Hebt u een goede reden om die tekst nog niet bekend te maken? In
het raam van de openbaarheid van bestuur kan dat eigenlijk niet.
Ten slotte, heel belangrijk, welke regeling is nu van kracht voor onze
Belgische grensarbeiders? Er werd gezegd dat de voorafbetalingen
kunnen gestaakt worden. Op welke manier zal de administratie
daarmee omgaan? Uit contacten met de administratie leer ik dat er
nog niets definitief en officieel is en dat zij zich daaraan niet kunnen
houden.
In antwoord op een eerdere parlementaire vraag zegt minister
Reynders dat zij dit niet meer hoeven te doen. Dit is uiterst
problematisch. Ik ben nogal bezorgd om die groep en de implicaties
die dit heeft voor die gezinnen. Ik zou dan ook willen vragen of zij een
contactpunt kunnen krijgen met de overheid voor dergelijke vragen.
Vandaar ook mijn laatste vraag: bij wie kunnen de betrokken
grensarbeiders met hun praktische vragen terecht?
09.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, naar aanleiding
van het protocolakkoord dat in maart van dit jaar tussen de ministers
Jean-François Coppé en Reynders werd afgesloten, heeft er een
ontmoeting plaatsgevonden tussen afvaardigingen van de Belgische
en Franse belastingadministraties. Die ontmoeting heeft geleid tot het
paraferen in juli laatstleden van een ontwerp van avenant bij het
Belgisch-Frans dubbelbelastingbedrag van 10 maart 1964. Dat
avenant is bestemd om de toestand van de grensarbeiders te regelen.
Voor de grensarbeiders die inwoner zijn van België en die hun
bezoldigde activiteit in de Franse grensstreek uitoefenen, voorziet het
ontwerp van avenant in de afschaffing van de huidige
grensarbeidersregeling met ingang van aanslagjaar 2008, inkomsten
van 2007. Voor de grensarbeiders die inwoner zijn van Frankrijk bevat
het ontwerp van avenant belangrijke overgangsmaatregelen. Die
maatregelen moeten de partijen die door de wijziging van de regeling
worden getroffe, zowel de grensarbeiders zelf als de Belgische
ondernemers die hen tewerkstellen, in staat stellen om zich aan de
nieuwe situatie aan te passen en de gevolgen van een abrupte
verandering te vermijden.
Zo bepaalt het ontwerp van avenant dat personen die in de Franse
grensstreek wonen en die tijdens de jaren 2003 tot 2008 hun
bezoldigde activiteit in de Belgische grensstreek uitoefenen, de
voordelen van de grensarbeidersregeling blijven genieten op
voorwaarde dat ze de activiteit niet meer dan 45 dagen per
kalenderjaar buiten de Belgische grensstreek uitoefenen. Het ontwerp
van avenant bepaalt eveneens dat de inwoners van Frankrijk die op
31 december 2008 met recht het voordeel zullen genieten van de
grensarbeidersregeling, zulks verder kunnen doen gedurende een
09.02 Hervé Jamar, ministre: À la
suite du protocole intervenu en
mars 2007 entre la France et la
Belgique, une rencontre a eu lieu
entre
des
délégations
des
administrations fiscales belge et
française. Il en est résulté un
projet d'avenant à la convention
préventive de la double imposition
belgo-française du 10 mars 1964,
qui doit régler la situation des
travailleurs frontaliers.
Ce projet prévoit la suppression, à
partir de l'exercice d'imposition
2008, de l'actuel régime frontalier
pour les travailleurs frontaliers
belges qui travaillent en France.
Pour les travailleurs frontaliers
français, des mesures transitoires
importantes sont prévues pour leur
permettre, ainsi qu'aux entreprises
belges qui les emploient, de
s'adapter à la nouvelle situation.
Ainsi, il est prévu que les
travailleurs frontaliers français
ayant travaillé dans la zone
frontalière belge entre 2003 et
2008
pourront
conserver
le
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
15
periode van 25 jaar die aanvangt op 1 januari 2009, voor zover zij aan
een aantal voorwaarden voldoen. Om verder de voordelen van de
regeling te genieten, zullen zij met name niet meer dan 30 dagen per
kalenderjaar de Belgische grensstreek mogen verlaten bij het
uitoefenen van hun activiteit, wat niet meer is dan 15 procent van het
aantal gepresteerde dagen voor seizoengrensarbeiders.
Dit ontwerp van avenant werd aan de FOD Buitenlandse Zaken
toegezonden met het oog op de ondertekening ervan, hetgeen
eerstdaags zou kunnen gebeuren. Overeenkomstig de geldende
voorschriften en op grond van de grondwettelijk voorgeschreven
scheiding der machten, zal de tekst van het nieuwe avenant pas na
ondertekening ter goedkeuring worden voorgelegd aan het Parlement.
Het nieuwe avenant kan immers pas van kracht worden en uitwerking
hebben nadat het werd goedgekeurd door het Belgische en door het
Franse Parlement, en onder voorbehoud van die dubbele
goedkeuring.
U zult zeker begrijpen dat mijn administratie ingevolge datzelfde
beginsel van de scheiding der machten, de in het ontwerp van
avenant vervatte regels nu nog niet kan toepassen. Bijgevolg gaat
mijn administratie momenteel verder met het toepassen van de
jongste
administratieve
onderrichtingen,
meer
bepaald de
rondzendbrieven
van
25 mei 2005
en
11 augustus
2006.
Belastingplichtigen
die
vragen
hebben
aangaande
deze
administratieve onderrichtingen kunnen contact opnemen met de
ambtenaren waarnaar onder referte verwezen wordt in de voormelde
rondzendbrieven.
Na de inwerkingtreding van het avenant, zal mijn administratie
uiteraard zo vlug mogelijk de nieuwe administratieve onderrichtingen
bekendmaken.
bénéfice du régime frontalier à
condition de ne pas exercer cette
activité plus de 45 jours par année
civile en dehors de la zone
frontalière belge. Les résidents
français qui bénéficieront du
régime frontalier au 31 décembre
2008 le conserveront pendant une
période de 25 ans pour autant
qu'ils
remplissent
certaines
conditions.
Ce projet a été transmis au SPF
Affaires Etrangères. La signature
interviendra dans les prochains
jours. Ensuite, le texte sera
soumis pour approbation au
Parlement. Le nouveau texte ne
pourra entrer en vigueur que s'il
est approuvé par les parlements
belge et français.
Le nouveau régime ne peut donc
pas encore être appliqué par mon
administration
qui
continuera
provisoirement à appliquer les
circulaires des 25 mai 2005 et 11
août 2006. Toute question peut
être adressée aux fonctionnaires
compétents. Dès l'entrée en
vigueur du nouveau projet, mon
administration fera part, dans les
meilleurs délais, du nouveau
régime à appliquer.
09.03 Roel Deseyn (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik dank u
voor uw antwoord. De situatie blijft natuurlijk problematisch. Er is
daarvoor wel enig begrip op te brengen, gezien de politieke situatie,
maar het is niet goed voor de rechtszekerheid van de Belgische
werknemers die in Frankrijk werken.
De minister heeft vroeger gezegd dat hij garandeerde dat zij geen
voorafbetalingen moesten doen door het nieuwe statuut. De
administratie moet daarop uiteraard wachten. Het is evenwel laakbaar
dat minister Reynders het ontwerpakkoord ondertekent en dat het in
een officieel communiqué wordt voorgesteld als een akkoord. Het
overleg met de actoren uit de streek wordt echter steeds genegeerd.
U weet hoe kritiek deze aangelegenheid is voor het bedrijfsleven, niet
alleen voor Zuid-West-Vlaanderen, maar voor de hele grensstreek,
ook in Henegouwen en Luxemburg, waar er herhaaldelijk werd op
aangedrongen om de modaliteiten van het ontwerpakkoord te
bespreken, vooraleer het paraferen en later te bekrachtigen in een
definitief akkoord.
Er is ook geen enkel voorstel voor het contingent van de bedrijven. U
kunt zeggen dat er geen abrupte overgang is. U weet hoe moeilijk het
is om mensen te vinden. Wanneer er een verloop is naar andere
bedrijven, kan de werkgever zijn contingent niet zomaar opvullen met
09.03 Roel Deseyn (CD&V - N-
VA): La situation reste bien
entendu source de problèmes en
ce qui concerne la sécurité
juridique des travailleurs frontaliers
belges. Par le passé, le ministre a
déclaré qu'ils ne devaient plus
effectuer de versements anticipés.
Il est regrettable que M. Reynders
ait signé un projet d'accord qu'il a
ensuite présenté comme un
accord.
Les entreprises de la région
frontalière
ont
demandé
à
plusieurs reprises au ministre de
discuter avec lui de ce projet
d'accord avant la signature. Selon
le ministre, cet accord n'induira
aucun changement radical pour
les entreprises belges. Mais il leur
rendra plus difficile le recrutement
de personnel qualifié.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
16
nieuwe mensen. Het nieuwe statuut zal namelijk niet mogelijk zijn
voor nieuwe mensen. Hij kan echter ook niet rekruteren binnen een
bepaald contingent, wat het bedrijf aantrekkelijk zou maken voor
Franse werkkrachten.
Ik begrijp dat deze kwestie door de nieuwe regering behandeld moet
worden. De kans is dus groot dat het na januari op de regeringstafel
ligt. Ik hoop dat er voldoende retroactiviteit in het ontwerp ingebouwd
zal zijn om die garanties te geven aan de werknemers en om de
maatregelen in het verlengde van de communicatie van minister
Reynders te laten uitvoeren.
Ik denk dat dit nu de meest werkbare piste is, waarover toch een
akkoord zou moeten kunnen worden gesloten zodat de retroactiviteit
wordt gewaarborgd zodat de Belgische werknemers voor dit
aanslagjaar ook in Frankrijk zullen worden belast en niet in België. Dat
zou een logische uitvoering van het akkoord zijn en passen in de
Europese harmonisatie. Ik pleit er nogmaals voor om het beste van de
twee werelden te combineren, enerzijds het voldoende aantrekken
van Franse werknemers, gezien de kritische percentages in onder
meer de West-Vlaamse bedrijven en, anderzijds het voordelige fiscale
statuut voor de weinige Belgen die nog in Frankrijk werken. Ik hoop
dat wij daarover binnenkort een akkoord kunnen afsluiten.
Je comprends bienque cette
question soit du ressort du
nouveau gouvernement. J'espère
seulement que ce projet entrera
en vigueur avec effet rétroactif,
pour éviter que la communication
antérieure du ministre Reynders
donne lieu à des problèmes. Les
travailleurs
frontaliers
belges
pourront
alors
être
encore
imposés en France pour cet
exercice
d'imposition-ci.
Je
souhaite que des travailleurs
français soient recrutés en nombre
suffisant et que le statut fiscal
avantageux soit maintenu pour les
travailleurs frontaliers belges.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
10 Questions jointes de
- M. Maxime Prévot à la vice-première ministre et ministre de la Justice et au vice-premier ministre et
ministre des Finances sur "la sécurité en matière d'incendie du 'petit' palais de justice de Namur"
(n° 408)
- M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "le rapport des services
d'incendie sur la sécurité du 'petit' palais de justice de Namur" (n° 427)b>
10 Samengevoegde vragen van
- de heer Maxime Prévot aan de vice-eerste minister en minister van Justitie en aan de vice-eerste
minister en minister van Financiën over "de brandveiligheid van het 'kleine' justitiepaleis van Namen"
(nr. 408)
- de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "het
brandweerverslag inzake de veiligheid van het 'kleine' justitiepaleis van Namen" (nr. 427)
Le président: La question n° 427 de M. Maxime Prévot est retirée, ce dernier se trouvant à l'étranger.
10.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président, la
semaine dernière, j'ai interpellé la ministre de la Justice sur le même
sujet. Comme je m'y attendais, elle a renvoyé les responsabilités, au
moins partiellement, sur son collègue en charge de la
Régie des Bâtiments, M. Reynders, que vous représentez. Je suis
déjà habitué à ce jeu de ping-pong dans lequel le parlementaire est la
balle que se renvoient deux ministres, voire plus. Voilà qui dénote
d'une difficulté de coordination entre ministères que j'ai déjà pu
pointer, particulièrement pour ce qui concerne la province de Namur.
Mme Onkelinx nous a cependant informés, sous toute réserve des
confirmations que vous pourrez nous donner ce jour, que subitement
les choses avanceraient enfin. La médiatisation d'un dossier peut
avoir du bon.
Un petit rétroacte me paraît utile. Le petit palais de justice de Namur,
qui héberge le tribunal de police et la justice de paix, vient de faire
10.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!):
De manier waarop
bepaalde regeringsleden me van
het kastje naar de muur sturen,
verraadt
hoe
moeizaam
de
coördinatie
tussen
de
verschillende ministeries verloopt.
Dat is in het bijzonder het geval in
de provincie Namen. Het `kleine'
justitiepaleis van Namen kreeg
een vernietigend rapport van de
Naamse brandweerdienst. Het
bevestigt de naar aanleiding van
een inspectie in 2003 vastgestelde
feiten, toen ook al op de dringende
uitvoering van een aantal werken
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
17
l'objet d'un rapport accablant de la part du service incendie de Namur.
Dans ce rapport daté du 31 octobre dernier, les auteurs signalent "un
danger réel pour les travailleurs et visiteurs du tribunal de police et de
la justice de paix".
Ce rapport confirme un premier rapport, sur la base d'une inspection
effectuée quatre ans plus tôt, en mai 2003, qui recommandait déjà
des travaux en urgence, mais qui n'a pas été suivi d'effet. Je souligne
que la situation est connue depuis quelques années déjà et que rien
n'a été réalisé, ce qui me semble assez grave.
D'après les informations dont je dispose, recoupées de visu, les
problèmes majeurs sont les suivants: insuffisance de la signalisation
de sécurité et d'éclairage de secours, absence de système d'alarme
incendie, non-compartimentage des espaces, non-conformité des
chaufferies, absence d'équipe de première intervention, absence
d'étude de stabilité relativement à un grenier où sont entreposées les
archives du tribunal, sans parler d'efficience énergétique des
bâtiments qui reste souvent à l'état de slogans.
Bref, la situation est particulièrement grave, ce qui a fait déclarer au
bourgmestre de Namur, responsable de la sécurité dans sa ville, qu'il
pourrait ordonner la fermeture des lieux.
Quoi qu'il en soit et nonobstant les projets de déménagement du
palais de justice de Namur, qui doivent encore se concrétiser et se
réaliser, il me semble évident que tant par rapport aux conditions
minimales de sécurité qu'est en droit d'attendre tout travailleur que
par rapport à l'image de la Justice ­ dont vous vous sentez
responsable, je l'espère, via votre compétence ­, il conviendrait d'agir
rapidement pour répondre à cette situation d'urgence.
Selon mes sources, des réunions se sont tenues très récemment à ce
sujet et je ne doute pas que vous pourrez nous donner des
informations fraîches ainsi qu'un calendrier de travail précis pour la
réalisation de ces travaux urgents.
Monsieur le ministre, avez-vous été informé de ces différents rapports
rédigés par le service prévention incendie de la ville de Namur, autant
celui de mai 2003 que celui plus récent du 31 octobre?
Quelles initiatives ont été prises jusqu'ici par la Régie pour y
répondre?
Quels contacts ont été entrepris vis-à-vis du ministère de la Justice à
ce sujet? Quelles en ont été les conclusions?
Pourquoi ne s'est-il rien passé depuis 4 ans pour résoudre ces
problèmes évidents?
Existe-t-il un plan de travail à court terme pour remédier aux lacunes
les plus graves en matière de sécurité? Quel est-il? Quels
engagements pouvez-vous prendre à ce sujet?
À plus long terme, en termes de calendrier et de financement, quels
sont les projets de déménagement du palais de justice de Namur?
werd aangedrongen. Gezien de
ernst van de toestand overwoog
de Naamse burgemeester de
gebouwen te sluiten.
Zowel om veiligheidsredenen als
om het imago van Justitie te
vrijwaren, moet snel worden
opgetreden. Werd u op de hoogte
gebracht van de rapporten van
mei 2003 en oktober 2007 die
door de brandweerdienst van de
stad Namen werden opgesteld?
Welke initiatieven heeft de Regie
genomen om op die opmerkingen
een antwoord te bieden? Op welke
manier werd contact opgenomen
met het ministerie van Justitie?
Hoe luidden de conclusies van dat
overleg? Waarom is er de voorbije
vier jaar niets gebeurd? Bestaat er
een planning op korte termijn om
de
belangrijkste
veiligheidsproblemen
te
verhelpen? Welke verbintenissen
kan u in dat verband aangaan?
Hoe staat het met de plannen
betreffende de verhuizing van het
justitiepaleis van Namen?
10.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, monsieur 10.02 Minister Hervé Jamar: De
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
18
Gilkinet, je vous remercie pour vos questions relatives à ce bâtiment
que je connais aussi personnellement pour l'avoir fréquenté dans une
troisième vie en tant qu'avocat.
1. Pour répondre à votre première question, la Régie a en effet
connaissance des rapports évoqués. Les remarques formulées
relèvent soit du service occupant, à savoir le SPF Justice, soit de la
Régie des Bâtiments.
Le dernier rapport du centre régional de secours de Namur, rédigé à
la suite de sa visite du 31 octobre 2007, énumère les points auxquels
il n'a pas encore été satisfait.
Comme vous l'avez souligné, la difficulté pour la Régie des Bâtiments
relève parfois du fait d'avoir différents hôtes ­ ici c'est la Justice;
ailleurs, ce peut être le SPF Économie ou encore, que sais-je, le SPF
Agriculture.
2. Vous demandez si des contacts ont été pris. Une réunion de
concertation entre le SPF Justice et la Régie des Bâtiments a eu pour
but de préciser correctement le rôle de chacun quant aux dispositions
à prendre.
3. Vous m'interrogez à propos des travaux programmés pour
remédier à cette situation, dans quel ordre et suivant quel échéancier.
En ce qui concerne la Régie des Bâtiments que le ministre Reynders
a dans ses attributions et nonobstant le déménagement prévu à
moyen terme, différents projets de marchés sont proposés à la
réalisation, ceci afin de permettre au personnel de travailler dans des
conditions de sécurité et d'hygiène conformes aux normes.
Les dossiers devant préalablement à leur engagement encore obtenir
le visa de l'Inspection des Finances sont les suivants.
1. Installation d'archives mobiles en cave. Ce marché permettra de
résoudre tout le problème de la dissémination des archives en des
endroits inappropriés dans le bâtiment et sans prévention incendie.
2. Installation d'une détection automatique d'incendie généralisée et
éclairage de secours. C'est là une exigence légitime du service
d'incendie, motivée par l'absence de compartimentage.
3. Renouvellement de l'éclairage des salles d'audience et des
tableaux électriques.
4. Un marché ayant pour objet l'aménagement des sanitaires au rez-
de-chaussée et au 1
er
étage est également finalisé et soumis au visa
de l'Inspection des Finances. J'insiste sur le fait que ces marchés
sont finalisés.
5. Une rénovation des salles d'audience et bureaux annexes rendue
nécessaire suite à des infiltrations d'eau devrait pouvoir débuter
prochainement, les crédits ayant déjà été réservés.
6. Quant au dossier de l'aménagement des accès des salles
d'audience pour les personnes à mobilité réduite, il a reçu récemment
un avis favorable de l'Inspection des Finances et sera engagé très
Regie is op de hoogte van de
rapporten waarnaar u verwijst. De
geformuleerde
opmerkingen
betreffen bevoegdheden van de
diensten die er gehuisvest zijn,
dus van de FOD Justitie, enerzijds,
en van de Regie der Gebouwen,
anderzijds. Het laatste rapport van
het Centre régional de secours
van Namen van oktober 2007
geeft een opsomming van de
punten
waarvoor
nog
geen
bevredigende
oplossing
werd
aangereikt.
Tijdens een overlegvergadering
tussen de FOD Justitie en de
Regie der Gebouwen werd de
respectieve rol van beide partijen
met betrekking tot de te nemen
maatregelen nader omschreven.
Verschillende ontwerpcontracten
zijn klaar voor uitvoering, en
moeten ertoe leiden dat het
personeel in veilige en gezonde
omstandigheden,
met
inachtneming van de normen, kan
werken. Verscheidene dossiers
wachten nog op het visum van de
Inspectie van Financiën.
Een totaalbedrag voor het "klein
paleis" van 250 000 euro zal
worden vastgelegd voor het einde
van het kalenderjaar. Wat de
punten betreft die onder de
bevoegdheid vallen van de dienst
die het gebouw betrekt, kan ik u
dus enkel verwijzen naar de vice-
eersteminister en minister van
Justitie.
De gerechtelijke diensten dienen
het toekomstige gerechtsgebouw
te
betrekken.
Wegens
de
termijnen die worden vereist door
de verschillende fases van de aan
de gang zijnde procedure, zou het
nieuwe gebouw in 2011-2012 ter
beschikking
moeten
zijn.
Bovendien werd het proces van de
bouw
van
een
toekomstig
gerechtsgebouw te Namen in
gang gezet door een beslissing
van de Ministerraad van 20 juli
2005. Er werden verscheidene
studie-,
architecten-
en
ingenieursbureaus uitgekozen. Zij
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
19
prochainement.
En ce qui concerne les engagements budgétaires de l'ensemble des
travaux nécessaires à leur exécution, les dispositions ont été prises à
la Régie des Bâtiments pour que ces montants puissent être engagés
avant la fin de l'année civile.
Pour les points relevant de la compétence du service occupant, je
dois respecter la déontologie ministérielle. Je ne peux donc que vous
renvoyer auprès de ma collègue, la vice-première ministre et ministre
de la Justice.
J'en arrive ainsi à votre quatrième question. Je dois dire que puisque
votre question était jointe à celle de M. Maxime Prévot, ma réponse
concerne les deux questions.
Ainsi, à la question de savoir s'il existe des projets de déménagement
et selon quels termes, je répondrai que les services judiciaires sont
appelés à intégrer le futur palais de justice. En raison des délais
requis par les différentes phases de la procédure en cours, une mise
à disposition du nouvel immeuble devrait intervenir en 2011-2012.
Par ailleurs, le processus portant sur la construction d'un futur palais
de justice de Namur a été initié par une décision du Conseil des
ministres du 20 juillet 2005 chargeant la Régie des Bâtiments de
procéder, via un appel d'offres restreint, à la désignation d'un bureau
d'études, d'architecture et d'ingénierie. Suite à la procédure de
sélection, les candidatures recueillies ont été analysées et ont fait
l'objet d'une décision de sélection approuvée le 4 mai 2007. Les
candidats sélectionnés ont ensuite disposé du cahier spécial des
charges sur base duquel ils sont invités à introduire leur offre pour le
10 janvier 2008.
Après examen des offres en fonction des critères définis dans le
cahier spécial des charges pourra intervenir la désignation de l'équipe
de projet lauréate, laquelle sera chargée d'étudier le projet et de le
boucler. Toujours sur la base de la décision du Conseil des ministres
du 20 juillet 2005, la Régie des Bâtiments conclura un marché de
promotion portant sur la construction et le financement des nouvelles
infrastructures judiciaires.
On me communique enfin pour terminer que le montant total engagé
avant la fin de l'année pour les quatre ou cinq marchés dont je vous ai
parlé tout à l'heure, pour le petit palais, s'élèveront à 250.000 euros,
un chiffre confirmé ce matin même.
beschikken over het speciaal
bestek op grond waarvan zij
worden verzocht hun offerte voor
10 januari 2008 in te dienen.
Na onderzoek van de offertes zal
een team worden aangewezen dat
het project onder de loep zal
nemen en zal afronden. De Regie
der
Gebouwen
zal
een
promotieopdracht met betrekking
tot de bouw en de financiering van
de
nieuwe
gerechtelijke
infrastructuur toekennen.
10.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Trois réflexions.
Premièrement, je m'étonne et je regrette qu'il faille attendre pour agir
la médiatisation d'un tel problème qui a fait la une des journaux et des
médias namurois. Mieux vaut tard que jamais. Deuxièmement, je
vous remercie pour votre éclairage et vos engagements sur les
travaux qui seraient réalisés, et je dis "seraient" car vous avez précisé
que l'Inspection des Finances devait encore donner son accord sur
ces sommes-là. Or, comme vous me l'avez dit dans un autre dossier,
celui de la Protection civile à Gembloux, vu la période d'affaires
courantes, c'est parfois difficile. J`espère que le dossier pourra aboutir
dans des délais raisonnables. Troisièmement, je vous l'ai déjà dit et je
vous le dirai encore, pour creuser un peu la question de la manière
10.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Het verwondert me en het
stelt me teleur dat dit probleem
pas wordt aangepakt nadat er in
de media veel heisa werd over
gemaakt. Ik dank u voor uw
toelichting en uw verzekering dat
de werken zullen uitgevoerd, op
voorwaarde dat de Inspectie van
Financiën ermee instemt. Mijns
inziens kan het beheer van de
Regie der Gebouwen nog sterk
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
20
dont la Régie des Bâtiments est gérée, particulièrement en province
de Namur, j'estime qu'il y a de gros progrès à réaliser. J'ai parlé
d'efficience énergétique mais il s'agit ici de questions élémentaires de
sécurité. Je ne manquerai pas d'y revenir et de faire des propositions
en la matière.
worden verbeterd.
10.04 Hervé Jamar, ministre: On m'informe que les avis de
l'inspecteur des Finances sont arrivés à l'exception d'un visa
favorable que nous attendions hier en fin d'après-midi. Vous avez
droit à l'actualité la plus récente!
10.04 Minister Hervé Jamar: Men
zegt mij dat de adviezen van de
inspecteur van Financiën zijn
aangekomen, met uitzondering
van een gunstig visum dat we
gisteren in de late namiddag
verwachtten.
10.05 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): C'est encore mieux qu'au
JT et cela avance plus vite que l'orange bleue. Tant mieux et merci.
10.06 Hervé Jamar, ministre: Je suis à la disposition de l'ensemble
des parlementaires.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De voorzitter: Wij zetten onze ronde van België voort. Daarnet hadden wij het over het Palais de Namur.
Nu gaan wij naar de kazerne van Herentals, om straks nog even via Merksplas naar Gembloux te gaan. Zo
zullen wij na vandaag de staat van heel wat gebouwen kennen en weten wat ermee gebeurt.
Mijnheer Verherstraeten, het ziet ernaar uit dat de meubelen worden gered.
11 Vraag van de heer Servais Verherstraeten aan de vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de omvorming van de kazerne van Herentals tot strafinstelling" (nr. 459)
11 Question de M. Servais Verherstraeten au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la
transformation de la caserne de Herentals en établissement pénitentiaire" (n° 459)b>
11.01 Servais Verherstraeten (CD&V - N-VA): Mijnheer de
voorzitter, niet alleen is de regering in lopende zaken, wat mij betreft,
is ook de oppositie in lopende zaken. Toch kon ik mij vandaag niet
inhouden, mijnheer de minister, om u een paar zeer belangrijke lokale
vragen te stellen.
U weet, mijnheer de minister, dat de uittredende regering een
beslissing heeft genomen over de omvorming van enkele lokalen van
Landsverdediging, meer bepaald om een kazerne in Herentals te
bouwen tot een gevangenis waar gedetineerden met halve vrijheden
zouden komen.
Wat is de stand van zaken van dat dossier? Ik herinner mij uit vorige
vraagstellingen dat daarvoor een provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan
noodzakelijk was. Wat is daarvan de stand van zaken? Tegen
wanneer kan dat worden gefinaliseerd? Wat is de raming van de
kostprijs van de bouwwerken? Vond er reeds een aanbesteding
plaats? Wat is de timing van het dossier? Wat zijn de geraamde
kosten? In welke middelen is voorzien in de begroting voor 2007 voor
die werkzaamheden? Is daarvoor in middelen voorzien? Welke
politieke beslissingen moeten nog genomen worden inzake de
uitvoering van dat dossier?
11.01 Servais Verherstraeten
(CD&V - N-VA): Dans le cadre de
la réaffectation de certains locaux
du département de la Défense, le
gouvernement démissionnaire a
décidé de transformer la caserne
d'Herentals
en
prison
pour
détenus en semi-liberté.
Quel est l'état d'avancement de ce
dossier? Dans quel délai peut-on
escompter un plan d'exécution
spatial provincial? Quel est le coût
estimatif
des
travaux?
Une
adjudication a-t-elle eu lieu? Quels
moyens a-t-on inscrits à cet effet
au
budget
2007?
Quelles
décisions politiques doivent être
prises pour la mise en oeuvre de
ce dossier?
11.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, mijnheer 11.02 Hervé Jamar, ministre:
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
21
Verherstraeten, alvorens verdere concrete stappen kunnen worden
gezet in dit dossier, moet het resultaat worden afgewacht van het
openbaar onderzoek dat zal lopen tot mei-juni 2008.
Begin januari 2008 wordt ter zake een eerste plenaire vergadering
gepland. De finalisatie van de wijziging aan het provinciaal ruimtelijk
uitvoeringsplan wordt gepland voor eind 2008 of begin 2009.
U vroeg naar de geraamde kostprijs van de verbouwingswerken en
naar de geraamde kosten. De aankoopprijs van de kazerne wordt
geraamd op 2.075.000 euro en de bouwkosten worden geraamd op
17.000.000 euro.
U vroeg ook of er reeds een aanbesteding plaatsvond en welke de
timing is. Er vond nog geen aanbesteding plaats. Eerst moet immers
het openbaar onderzoek afgerond zijn.
De projectstudie heeft reeds een aantal voorbereidende stadia
doorlopen. Zodra blijkt dat het project effectief kan doorgaan zal de
studie worden geïntensiveerd zodat de werken kunnen aangevat
worden in 2009. Behoudens onvoorziene omstandigheden wordt de
oplevering van de werken voorzien voor eind 2011.
Op uw laatste vraag, met name welke politieke beslissingen er dienen
genomen te worden voor de uitvoering van dit dossier, kan ik
antwoorden dat er geen politieke beslissingen meer moeten worden
genomen voor de uitvoering van het dossier. Het gaat alleen nog om
de uitvoering.
Nous devons attendre l'enquête
publique, qui sera clôturée en mai
ou juin 2008. Une première
assemblée plénière est prévue
pour début janvier 2008 et le plan
d'exécution
spatial
provincial
devrait être finalisé pour fin 2008
ou début 2009. Le prix d'achat de
la
caserne
est
estimé
à
2.075.000 euros et les frais de
transformation
à
17.000.000
d'euros. Une adjudication ne
pourra être lancée qu'après la
clôture de l'enquête publique.
Un certain nombre d'étapes
préparatoires
ont
déjà
été
franchies en ce qui concerne
l'étude du projet. Si ce projet est
approuvé,
les
travaux
commenceront
en
2009
et
devraient être réceptionnés avant
la fin de 2011.
Plus aucune décision politique ne
doit être prise dans le cadre de
l'exécution de ce projet; il ne reste
plus qu'à le mettre en oeuvre.
11.03 Servais Verherstraeten (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister,
mijn voorlaatste vraag was of er in de begroting voor 2007 middelen
zijn voorzien voor die werkzaamheden. Dient er soms nog in extra
kredieten te worden voorzien? Behoudens vergissing van
mijnentwege, mijnheer de minister, zijn er geen kredieten
ingeschreven voor deze werkzaamheden.
11.03 Servais Verherstraeten
(CD&V - N-VA) Mais les moyens
nécessaires à la réalisation de ces
travaux ont-ils été prévus au
budget 2007?
11.04 Hervé Jamar, ministre: Nous allons effectuer des vérifications.
11.04 Minister Hervé Jamar: We
zullen dat checken.
11.05 Servais Verherstraeten (CD&V - N-VA): Pouvez-vous
m'envoyer les réponses par voie électronique? Je vous remercie.
11.05 Servais Verherstraeten
(CD&V - N-VA): Kan u mij de
antwoorden
elektronisch
toezenden?
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
12 Vraag van de heer Servais Verherstraeten aan de vice-eerste minister en minister van Financiën
over "de uitbreiding van de gevangeniscapaciteit van Merksplas" (nr. 461)
12 Question de M. Servais Verherstraeten au vice-premier ministre et ministre des Finances sur
"l'extension de la capacité de la prison de Merksplas" (n° 461)b>
12.01 Servais Verherstraeten (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister,
op dezelfde ministerraad werd de beslissing genomen de
gevangeniscapaciteit van Merksplas uit te breiden door een paar
modules van prefabgebouwen op de binnenplaats te zetten.
Vonden er ondertussen aanbestedingen plaats? Wat omvatten de
12.01 Servais Verherstraeten
(CD&V - N-VA): Le Conseil des
ministres a décidé d'étendre la
capacité de la prison de Merksplas
en y érigeant des bâtiments
préfabriqués. Le marché a-t-il
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
22
werken precies? Wat is de capaciteitsuitbreiding?
Werden de werken toegewezen? Zo ja, aan welke aannemer tegen
welke prijs?
Wanneer kunnen de werkzaamheden aanvangen? Wanneer worden
ze gefinaliseerd? Wanneer zijn de extra plaatsen ter beschikking?
Zijn er hiervoor ook kredieten in de begroting 2007 ingeschreven?
Hoe worden de werken gefinancierd en betaald?
entre temps été attribué? Que
comprendront précisément les
travaux? Dans quelle mesure la
capacité sera-t-elle étendue? Les
travaux ont-ils déjà été adjugés? A
quel entrepreneur et à quel prix ?
Quand
commenceront
les
travaux?
Quand
les
places
supplémentaires
seront-elles
disponibles? Les crédits pour ces
travaux sont-ils prévus au budget
de 2007? Comment les travaux
seront-ils financés et payés?
12.02 Minister Hervé Jamar: Ten eerste, vond er ondertussen een
aanbesteding plaats en werden de werken reeds toegewezen, zo ja
aan wie en tegen welke prijs? Voor het gunnen van de werken wordt
een beroep gedaan op de onderhandelingsprocedure met
bekendmaking. Er werd nog geen gunningsbeslissing genomen, maar
de onderhandelingsprocedure bevindt zich in een finaal stadium.
Ten tweede, u hebt gevraagd wat de werken omvatten en welke
capaciteitsuitbreiding er zal plaatsvinden. De uitbreiding zal worden
gerealiseerd door middel van een modulair bouwsysteem. Dankzij de
uitbreiding kunnen er zestig gedetineerden in ondergebracht worden.
Ten derde, behoudens onvoorziene omstandigheden wordt de start
van de werken gepland voor begin maart 2008. De voltooiing is voor
einde september 2008. Het gevangeniswezen kan de extra plaatsen
tegen einde 2008 in gebruik nemen.
Ten slotte, een uitgave van zes miljoen euro werd gebudgetteerd bij
de Regie der Gebouwen. De financiering en betaling zullen gebeuren
binnen de reguliere investeringsenvelop van de Regie der Gebouwen.
12.02 Hervé Jamar, ministre: Il a
été recouru pour l'attribution du
marché à une procédure de
négociation avec proclamation.
Cette procédure en est au stade
final mais la décision n'a pas
encore été prise. Il y aura des
cellules supplémentaires pour les
détenus.
Les
travaux
commenceront au début du mois
de mars 2008 et seront achevés à
la fin de septembre 2008. Les
cellules pourront être mises en
service pour la fin de cette même
année. Une dépense de 6 millions
d'euros a été budgétée. La Régie
des
Bâtiments
prélèvera ce
montant
sur
l'enveloppe
d'investissements ordinaire.
12.03 Servais Verherstraeten (CD&V - N-VA): Ik dank de minister
voor zijn antwoord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
13 Vraag van de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de strijd
tegen de fiscale fraude" (nr. 471)
13 Question de M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la lutte contre la
fraude fiscale" (n° 471)b>
13.01 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, mijn vraag is geïnspireerd door een studie die werd
gepubliceerd in De Standaard op 23 november 2007, waarin een
beeld werd geschetst van de wijze waarop in België grote fiscale
fraudedossiers worden behandeld. Een belastingsinspecteur getuigt
en stelt dat de strijd tegen de fiscale fraude in verregaande staat van
ontbinding zou verkeren.
Ik heb ook vastgesteld dat in een petitie van veertien ambtenaren
eerder dit jaar reeds een oproep werd gedaan voor de oprichting van
een parlementaire onderzoekscommissie. In de motivering van deze
petitie wordt gemeld dat alle grote fiscale en financiële dossiers van
13.01 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): De Standaard a publié dans
son édition du 23 novembre une
étude sur la gestion des grands
dossiers de fraude fiscale en
Belgique.
Selon
un
inspecteur
des
contributions, la lutte contre la
fraude fiscale laisse sérieusement
à désirer et il serait question de
sabotage et de résistance au sein
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
23
de jongste vijftien jaar systematisch mislukken.
Van
de
veertien
FBB-dossiers - forfaitaire
buitenlandse
belastingdossiers - werden er negen geseponeerd en twee andere
dossiers zouden inmiddels verjaard zijn. Ook een aantal andere
dossiers van grootschalige fiscale fraude zou worden bedreigd door
verjaring.
Volgens de belastinginspecteur is er sprake van sabotage en
tegenkanting, zowel bij de fiscale administratie als bij het gerecht. De
belastinginspecteur stelt dat de strijd tegen de fiscale fraude in
Brussel zo goed als stilligt en er sprake is van een gedoogbeleid ten
aanzien van grote fraudeurs.
Mijnheer de minister, graag krijg ik van u een antwoord op de
volgende vragen. Ten eerste, wat is de actuele toestand van de
dossiers met betrekking tot de forfaitaire buitenlandse belastingen?
Hoeveel dossiers hebben betrekking op deze FBB-fraude? Hoeveel
van deze dossiers bevinden zich nog in de administratieve fase voor
de rechtbanken, de hoven van beroep en het Hof van Cassatie?
Ten tweede, in hoeveel dossiers werden verzakingen bekomen?
Welke bedragen zijn hiermee gemoeid?
Ten derde, hoeveel van deze dossiers zijn werkelijk verjaard? In
hoeveel dossiers werd door de administratie het administratieve
beroep, de gerechtelijke procedure of de invordering gestaakt? Over
welke bedragen gaat het?
de l'administration fiscale et de la
justice. À Bruxelles, la lutte contre
la fraude fiscale serait pour ainsi
dire inexistante et les grands
fraudeurs bénéficieraient d'une
politique de tolérance.
Cette
année,
quatorze
fonctionnaires ont déjà appelé, par
voie de pétition, à la mise sur pied
d'une
commission
d'enquête
parlementaire,
eu
égard
à
l'enlisement systématique de tous
les grands dossiers des quinze
dernières
années.
Sur
les
quatorze affaires qui concernent
des
dossiers
QFIE
(quotité
forfaitaire d'impôt étranger), neuf
ont été classées sans suite et
deux autres seraient entre-temps
prescrites.
D'autres
dossiers
devraient
prochainement
être
frappés de prescription.
Combien de dossiers concernent
cette fraude QFIE? Quel est l'état
actuel de ces dossiers? Combien
se situent encore dans la phase
administrative? Dans combien de
dossiers une renonciation a-t-elle
été obtenue? De quels montants
s'agit-il en l'occurrence? Combien
de ces dossiers sont prescrits?
Dans combien de dossiers le
recours administratif, la procédure
judiciaire ou le recouvrement ont-
ils été suspendus? De quels
montants s'agit-il en l'occurrence?
13.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, mijnheer Devlies,
wat uw eerste vraag betreft, ik heb hier alle resultaten van de
afhandeling en de ondersteuning bij administratieve en gerechtelijke
geschillen met betrekking tot de taxatie van de systemen FBB Italië,
Korea en Uruguay.
Mijnheer de voorzitter, ik stel voor dat u de tabel overhandigt met de
cijfers omtrent de ingekohierde belastingen, de vereffende
belastingen, enzovoort, voor de verschillende landen.
Het aantal dossiers in behandeling verminderde van 418 op
31 december 2006 tot 397 op 26 november 2007. Mijn antwoord
bevat ook een detail.
Ten tweede, het aantal afgehandelde dossiers verhoogde van 93 op
31 december 2006 naar 114 op 26 november 2007, waarbij
belastingplichtigen in 62 dossiers afstand deden, voor een totaal
bedrag van 43,2 miljoen euro aan ingekohierde belasting.
13.02 Hervé Jamar, ministre: Je
dispose ici d'un tableau de tous les
résultats des litiges administratifs
et judiciaires relatifs à la taxation
des systèmes QFIE pour l'Italie, la
Corée et l'Uruguay. Je vais le
remettre au président.
Le nombre de dossiers en
traitement a sensiblement diminué
puisqu'il est passé de 418 le 31
décembre 2006 à 397 le 26
novembre 2007. Pendant la même
période, le nombre de dossiers
traités a en revanche augmenté,
passant de 93 à 114. Dans 62
dossiers, des contribuables ont
cédé au fisc 43,2 millions d'euros
d'impôt enrôlé.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
24
Ten derde, er is geen enkele verjaring in de dossiers fiscale
geschillen. De administratie staakte in geen enkel dossier het
administratieve beroep of de gerechtelijke procedure. Voor de
invordering was er ontheffing in twee dossiers voor een bedrag van
365.188 euro.
Ten vierde, in verband met de aangehaalde zaken inzake KB-Lux en
Beaulieu zult u begrijpen dat het fiscale beroepsgeheim mij verbiedt
ter zake enige concrete informatie te verstrekken. In hoofde van de
cliënten van KB-Lux hebben de BBI en de AOIF reeds sedert lang alle
vereiste fiscale rechtzettingen doorgevoerd. De fiscale afhandeling
van de zaak Beaulieu werd integraal aan de BBI toevertrouwd. Hierbij
kan ik melden dat voor alle betrokken dossiers eveneens sedert
geruime tijd de nodige taxaties werden verricht.
Il n'est question de prescription
dans aucun dossier relevant du
contentieux fiscal. L'administration
n'a
interrompu
le
recours
administratif ou la procédure
judiciaire dans aucun dossier.
Pour
ce
qui
regarde
le
recouvrement,
il
y
a
eu
dégrèvement dans deux dossiers
pour un montant de 365.188
euros.
Le secret professionnel fiscal
m'interdit de vous en dire plus sur
les affaires KB-Lux et Beaulieu. En
ce qui concerne la KB-Lux,
l'Inspection spéciale des impôts et
l'Administration de la fiscalité des
entreprises et des revenus ont
bien procédé aux redressements
fiscaux requis. Le traitement fiscal
de l'affaire Beaulieu a été confié à
l'ISI et les taxations nécessaires
ont
été
effectuées
depuis
longtemps.
13.03 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, ik dank u
voor het cijfermateriaal dat u mij ter beschikking stelt. Wat betreft de
uitlatingen van de ambtenaar die publiek heeft gesteld dat er sprake
was van tegenkanting en die zelfs het woord sabotage gebruikte, kan
ik uit uw antwoord afleiden dat u die verklaringen ontkent aangezien u
er niet op inging.
13.03 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Je déduis de la réponse du
ministre
qu'il
dément
tout
sabotage.
De voorzitter: Mijnheer Van der Maelen, normaal gezien mag u het woord niet nemen, maar omdat u
specialist bent in het jagen op fiscale fraude, kan ik u het woord niet ontnemen.
13.04 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, u
bent weer een trap gestegen in mijn achting.
De voorzitter: Mijnheer Van der Maelen, ik wist niet dat dit nog kon.
13.05 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter, het is
misschien heel tijdelijk.
Na deze lofbetuiging zou ik willen vragen dat wij de schriftelijke
informatie die de minister ter beschikking stelt van de vraagsteller,
ook ontvangen. Dat is alles dat ik vraag.
13.05 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit) : Le ministre pourrait-il aussi
nous fournir ces informations par
écrit?
De voorzitter: Wij zullen de schriftelijke informatie laten kopiëren voor
de leden van de commissie.
Le président: Je vais les faire
photocopier à l'intention de tous
les commissaires.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
14 Vraag van de heer Stefaan Van Hecke aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"de inkohiering en het gelijkheidsbeginsel" (nr. 497)
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
25
14 Question de M. Stefaan Van Hecke au vice-premier ministre et ministre des Finances sur
"l'enrôlement et le principe d'égalité" (n° 497)b>
14.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de minister,
vorige week schreef de pers dat belastingplichtigen die extra
belastingen moeten betalen, nog dit jaar hun aanslagbiljet voor het
aanslagjaar 2007 in de bus zullen krijgen en vóór het einde van het
jaar zullen moeten betalen. Belastingplichtigen die geld moeten
terugkrijgen, zouden moeten wachten tot volgend jaar, aldus de
berichtgeving in de pers. Managers van de FOD Financiën zouden
ook instructies hebben gegeven aan de FOD Financiën om de
inkohiering van de aangiften te filteren. Dankzij die ingreep zou de
fiscale administratie een handje toesteken om het begrotingstekort te
dichten. Immers, de belastingen die vóór 31 december van dit jaar
worden ingekohierd, zullen in de begroting voor 2007 worden
opgenomen.
Mijnheer de minister, ten eerste, is een dergelijke filtering van de
aangiften niet strijdig met het fiscaal gelijkheidsbeginsel? Zo niet,
waarom?
Ten tweede, kunt u mij het aantal tot op heden ingekohierde aangiften
meedelen in verhouding tot het totaal aantal ingediende aangiften?
Ligt de verhouding in dezelfde lijn als de voorgaande jaren?
Ten derde, hoeveel bedraagt het aantal aangiften waarbij
belastingplichtigen nog moeten bijbetalen in verhouding tot het aantal
reeds ingekohierde aangiften? Om welke concrete bedragen gaat
het? Ligt die verhouding ook in de lijn van de voorbije jaren?
Ten vierde, artikel 353 van het Wetboek van inkomstenbelastingen
zegt dat er een termijn van zes maanden moet zijn tussen het
ogenblik waarop een belastingplichtige een aangifte doet en het
moment waarop hij de afrekening ontvangt om eventueel bij te
betalen. De administratie interpreteert die bepaling blijkbaar in deze
zin dat de termijn van zes maanden enkel geldt voor de administratie.
De administratie moet steeds over die termijn van zes maanden
beschikken. Is dat ook uw interpretatie? Kan de termijn van zes
maanden die vermeld wordt in artikel 353, ook niet ingeroepen
worden door de belastingplichtige? Met andere woorden, is het niet
mogelijk dat ook de belastingplichtige recht heeft op een termijn van
zes maanden tussen het ogenblik waarop hij aangifte doet en het
ogenblik waarop hij de afrekening krijgt?
14.01 Stefaan Van Hecke (Ecolo-
Groen!): Les contribuables qui
doivent payer un supplément
recevront cette année encore leur
avertissement-extrait de rôle et
devront payer avant la fin de
l'année,
alors
que
les
contribuables qui ont droit à un
remboursement, devront attendre
celui-ci jusqu'à l'année prochaine.
Le SPF Finances procéderait en
outre à un filtrage des enrôlements
pour combler le déficit budgétaire.
Cette pratique n'est-elle pas
contraire au principe d'égalité
fiscale? Combien de déclarations
ont été enrôlées jusqu'ici et quelle
part du total des déclarations
introduites représentent-elles? Y
a-t-il une différence avec les
années précédentes? Quel est le
rapport entre le nombre de
déclarations donnant lieu à un
supplément d'impôt pour les
contribuables et le nombre de
déclarations déjà enrôlées ? Quels
sont les montants en cause? Y a-t-
il une différence avec les années
précédentes? L'article 353 du CIR
dispose qu'un terme de six mois
doit s'écouler entre la déclaration
et le décompte. Ce délai ne vaut-il
pas tant pour l'administration que
pour les contribuables?
14.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer Van Hecke, ten eerste, de
administratie stelt met betrekking tot de inkohieringswerkzaamheden
in de personenbelasting ieder jaar vooraf een planning op. De
planning houdt vanzelfsprekend rekening met de capaciteit en de
logistieke mogelijkheden van de organisatie. Om de planning te
respecteren worden, in overleg met mijn kabinet, dat de
inkohieringswerkzaamheden van nabij volgt, filters ingebouwd.
De filters worden echter, in tegenstelling tot wat het geachte lid meent,
niet met budgettaire doeleinden aangewend.
Ten tweede, op dit ogenblik werden 2.181.509 aanslagen gevestigd.
Dat waren er in 2006 op hetzelfde ogenblik 542.583. Het ritme
waartegen de inkohieringen in 2007 verlopen, ligt niet in de lijn van de
14.02 Hervé Jamar, ministre:
Chaque année, l'administration
établit un calendrier pour les
enrôlements en tenant compte des
effectifs
et
des
possibilités
logistiques.
Des
filtres
sont
intégrés
pour
respecter
ce
planning, mais ils ne sont
nullement utilisés à des fins
budgétaires.
Actuellement,
2.181.509
impositions ont déjà été établies,
un chiffre largement supérieur à
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
26
voorgaande jaren, aangezien het de bedoeling van de FOD Financiën
is om het ritme opnieuw op een normaal peil te brengen.
Ten derde, van de 2.181.509 aanslagen zijn er 694.980 met een
positief saldo voor in totaal 677.875.241,96 euro. Voor het aanslagjaar
2006 waren er van de 542.583 aanslagen 191.300 positieve
aanslagen,
met
een
totaal
te
betalen
bedrag
van
112.675.437,47 euro. De verhouding van 32% tegenover 35% ligt
grosso modo in de lijn van 2006.
Ten vierde, artikel 354 van het Wetboek van Inkomstenbelastingen
1992 bepaalt dat een geldige en tijdelijke aanslag moet worden
gevestigd uiterlijk op 30 juni van het jaar volgend op het aanslagjaar.
Het bepaalt bovendien dat er voor de bewuste inkohiering een
minimumtermijn van zes maanden bestaat vanaf de datum waarop de
aangifte bij de bevoegde aanslagdienst is toegekomen. De
taxatiewerkzaamheden strekken zich over de hele duur van
voornoemde aanslagtermijn uit. Geen enkele, wettelijke verplichting
verbiedt de administratie om twee aanslagen in een en hetzelfde jaar
te vestigen. De aanslagen kunnen zowel in een terugbetaling als in
een betaling ten gunste van de Schatkist resulteren.
celui de 2006 à la même date. On
a enregistré parmi ces impositions,
694.980 dossiers avec un solde
positif représentant un montant
total, arrondi, de 678 millions
d'euros. En 2006, le solde avait
été
positif
dans
191.300
impositions sur 542.583, pour un
montant total de 113 millions
d'euros. Le rapport de cette année
est donc du même ordre que celui
de 2006.
L'article 354 du CIR92 dispose
que pour être valable, l'imposition
doit être établie au plus tard le 30
juin de l'année qui suit l'année
d'imposition. Cet article prévoit
également un délai minimum de
six mois pour l'enrôlement à
compter de la date de la
déclaration. Aucune disposition
légale n'interdit à l'administration
d'établir deux impositions la même
année.
14.03 Stefaan Van Hecke (Ecolo-Groen!): Mijnheer de
staatssecretaris, het gaat over de termijn van zes maanden, waarnaar
u verwijst.
Er is natuurlijk geen verbod om twee keer per jaar een aanslag te
krijgen. Wordt de termijn van zes maanden echter ook gerespecteerd
ten aanzien van de belastingplichtige? Met andere woorden, moet de
termijn van zes maanden ook niet worden gerespecteerd tussen het
ogenblik waarop de belastingplichtige zijn aangifte doet en het
ogenblik waarop de aanslag wordt gevestigd? Dat staat immers
letterlijk in artikel 353 van het Wetboek van inkomstenbelastingen. In
de administratieve commentaar bij het artikel staat dat de termijn van
zes maanden enkel voor de administratie zou gelden. Eigenlijk staat
in de wet echter heel duidelijk dat voor de termijn van zes maanden
geen onderscheid wordt gemaakt tussen de administratie of de
belastingplichtige.
In dat geval zijn er heel wat belastingplichtigen die nu wel binnen de
zes maanden een nieuwe aanslag hebben gekregen.
14.03 Stefaan Van Hecke (Ecolo-
Groen!): Il n'est certes pas interdit
d'établir deux impositions la même
année. Mais le délai de six mois
est-il aussi respecté à l'égard du
contribuable? La loi ne fait en effet
pas
de
différence
entre
l'administration et le contribuable.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
15 Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "les travaux
au Résidence Palace et les intentions du gouvernement fédéral quant à l'avenir du bâtiment" (n° 501)b>
15 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
werken in de Résidence Palace en de toekomst die de federale regering voor het gebouw ziet
weggelegd" (nr. 501)
15.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président,
monsieur le ministre, le Résidence Palace, propriété de la
Régie des Bâtiments, constitue, par sa centralité, sa proximité des
15.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): De werkomstandigheden
van een tachtigtal met de pers
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
27
institutions européennes et son accessibilité, un outil intéressant pour
quelque 80 associations, sociétés ou entreprises locataires, toutes
liées de près ou de loin au milieu des médias qui l'occupent. Il y a
notamment l'Association des journalistes professionnels mais aussi
pas mal de médias étrangers.
Suite au chantier de reconstruction et de rénovation de l'immeuble qui
borde la rue de la Loi et d'autres, plus périphériques, qui touchent le
chauffage et le désamiantage partiel de certains étages, les
occupants de ces immeubles verront leurs conditions de travail
fortement dégradées, avec notamment des difficultés accrues de
parking. Une conférence de presse a eu lieu à ce propos il y a
quelques jours, alors que j'avais déjà déposé cette question vers le 10
octobre.
On annonce également pour le futur de lourds travaux de rénovation
de la gare Schuman et le creusement du tunnel vers Josaphat qui
devraient, dès 2008-2009, encore accentuer les difficultés
rencontrées par les occupants du Résidence Palace.
Face à la multiplication de ces désagréments, le risque est grand de
voir ce lieu central et apprécié, fortement dévalué, si pas déserté de
ses occupants, ce qui serait dommageable à mes yeux.
Monsieur le ministre, mes questions sont les suivantes.
Quelles sont les mesures qui ont été ou seront prises pour limiter les
désagréments des usagers du Résidence Palace pendant les travaux
détaillés ci-avant?
Les usagers du Résidence Palace sont-ils régulièrement informés de
l'avancement des travaux et des mesures de facilité qui sont prises?
Quelles sont vos intentions et votre calendrier quant à l'avenir?
L'intention de la Régie est-elle de céder ce bâtiment qui était appelé,
selon les mots du premier ministre, à devenir le centre de presse
international au centre de l'Europe?
Quelles sont les garanties légales et juridiques que vous pouvez
fournir sur la pérennité de propriété du fédéral et sur l'occupation, à
long terme, par les locataires actuels et futurs?
verbonden
verenigingen
en
bedrijven die in de Résidence
Palace gehuisvest zijn, zullen sterk
verslechteren door de geplande
werken in het station Schuman, de
aanleg van een tunnel richting
Josaphat en de renovatie van het
gebouw. Mogelijk beslissen die
verenigingen en bedrijven zelfs om
hun personeel elders onder te
brengen.
Hoe zal de overlast worden
beperkt? Zullen de gebruikers van
de Résidence Palace regelmatig
van de voortgang van de werken
en de gemaakte afspraken op de
hoogte worden gebracht? Is de
Regie der Gebouwen, die er de
eigenaar van is, van plan het
gebouw te verkopen? Welke
juridische garanties kan u bieden
dat de federale overheid eigenaar
blijft van het gebouw en dat de
huurders er nog lange tijd
onderdak kunnen vinden?
15.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, monsieur
Gilkinet, comme annoncé récemment dans une lettre adressée à la
secrétaire de l'Association générale des journalistes professionnels de
Belgique, s'inquiétant de l'avenir du centre de presse international
suite aux travaux à réaliser dans le quartier européen (Résidence
Palace, Bloc A, liaison RER, etc.), les points relatifs à l'accessibilité du
centre de presse et à la problématique des parkings ont été précisés
notamment par les services compétents de la Régie des Bâtiments
interrogés à ce sujet.
En ce qui concerne l'accessibilité du bâtiment, il s'avère qu'une
coordination
intensive
et
permanente
existe
entre
la
Régie des Bâtiments, le centre de presse et les services de BELIRIS
responsables pour le chantier du RER. Compte tenu des travaux en
cours et à réaliser, l'accès du bâtiment sera moins aisé vu le balisage
du chantier et la sécurisation nécessaire des lieux.
15.02 Minister Hervé Jamar: De
Regie
der
Gebouwen,
het
presscenter
en
de
diensten
bevoegd voor de aanleg van het
GEN werken intensief samen.
Ongeveer 165 parkeerplaatsen
zijn
sinds
begin
november
beschikbaar (gebouw "LEX" en het
terrein "SEL")
De Regie der Gebouwen buigt zich
eveneens
over
mogelijke
langetermijnoplossingen om de
problemen aan te pakken.
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
28
Toutefois, toutes les mesures seront prises pour permettre aux
occupants du Bloc C de fonctionner de la meilleure manière qui soit.
En ce qui concerne les parkings, les moyens suivants ont été mis en
oeuvre:
- 65 emplacements sont disponibles depuis le 15 octobre 2007. Il
s'agit du bâtiment "LEX".
- 100 emplacements sont disponibles depuis le 1
er
novembre 2007.
On appelle cela le terrain "SEL", à la suite de la décision du Conseil
des ministres du 16 octobre 2007. Vous pourrez constater que, même
en affaires courantes, le gouvernement travaille!
La Régie des Bâtiments étudie également les solutions possibles pour
remédier aux problèmes à long terme. Tous les éléments déjà pris en
compte le resteront afin d'assurer le bon déroulement de ce dossier. Il
viendra bien un jour où la Belgique assumera à nouveau, on l'espère,
la présidence de l'Union européenne.
15.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, je
vous remercie pour cet éclairage. Je me permets d'insister pour que
toutes les mesures soient prises afin de ne pas laisser se déprécier
ce bâtiment intéressant et important pour la communication
internationale de la Belgique, pour les nombreux correspondants
étrangers qui suivent nos affaires, particulièrement maintenant.
J'insiste en matière de parkings pour qu'ils puissent disposer
d'espaces sécurisés étant donné le matériel coûteux qu'ils
transportent parfois.
Je me réjouis de savoir que vous y êtes attentif et que le
gouvernement en affaires courantes y a travaillé.
15.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Ik dring erop aan dat dit
gebouw, dat een belangrijke rol
speelt
in
de
internationale
communicatie van België, zijn
waarde niet verliest. Voorts sta ik
er op dat er, omwille van het
kostbare materiaal dat soms
getransporteerd
wordt,
in
beveiligde
parkings
wordt
voorzien.
L'incident est clos.
Het incident is gesloten.
16 Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la stratégie
d'évitement fiscal utilisé par des mandataires publics dans les intercommunales" (n° 502)b>
16 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
systematische belastingontwijking door publieke mandatarissen in de intercommunales" (nr. 502)
Le président: Vous utilisez des mots graves, monsieur Gilkinet. J'écouterai avec intérêt la réponse du
ministre à cet égard.
16.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le président, ce
sont des mots graves, mais que j'assume entièrement.
Monsieur le ministre, pour varier un peu les plaisirs, je ne vais pas
vous interroger uniquement sur la Régie des Bâtiments, même si j'ai
encore d'autres questions à ce sujet.
Je vous avoue qu'en tant qu'écologiste, que le seul mandat de député
fédéral occupe déjà fort bien, je suis un peu étranger à toutes ces
stratégies, que je découvre avec intérêt via la presse. Les
mandataires publics, de par leur fonction et leurs responsabilités,
doivent, à mes yeux, montrer l'exemple, notamment en matière
fiscale. L'impôt étant un mécanisme redistributif permettant d'assurer
les fonctions collectives de l'État et la solidarité entre les personnes, il
s'agit de s'y soumettre de façon transparente et juste, plutôt que de
16.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!):
Volgens
bepaalde
persberichten zou een aantal
Luikse mandatarissen een BVBA
of EBVBA hebben opgericht met
de bedoeling minder belastingen
te betalen op de emolumenten die
ze ontvangen voor hun functie in
de raden van bestuur van
bepaalde
intercommunales.
Volgens die mandatarissen gaat
het om wettelijke en wijdverbreide
praktijken. Dat neemt echter niet
weg dat het om een vorm van
belastingontwijking gaat.
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
29
chercher à l'éluder.
Il semble que certains, comme le relève l'hebdomadaire "Trends-
Tendance", relayé par le journal "Le Soir" et, hier encore, par
"La Gazette de Liège", font état de stratagèmes de mandataires
politiques liégeois, qui ont créé des SPRL ou des SPRLU destinées à
les
représenter
dans
certains
conseils
d'administration
d'intercommunales. Ce faisant, c'est ladite société qui encaisse les
émoluments, laquelle est moins taxée sur ceux-ci que ne le seraient
ces mandataires en tant que personne physique. Ce système fournit à
ces mandataires un revenu supplémentaire ­ grand bien leur fasse! ­
mais constitue surtout une moins-value pour le budget de l'État.
Selon ces mandataires, la manoeuvre est non seulement parfaitement
légale mais assez largement répandue. Un spécialiste du droit fiscal
estime, quant à lui, qu'on est au bord de la ligne blanche et qu'il y a en
l'occurrence à tout le moins évasion fiscale; raison pour laquelle je me
suis permis de reprendre ces termes graves dans l'énoncé de ma
question.
M. le ministre peut-il dès lors me dire si, comme le prétend un de ces
mandataires, cette manière d'agir est répandue, si elle est
couramment utilisée dans le secteur privé, si elle est couramment
utilisée par des mandataires politiques? Si oui, en quelle proportion?
Le cas échéant, cette pratique ne constitue-t-elle pas une stratégie
d'évitement de l'obligation de déclaration des mandats à laquelle nous
sommes soumis? Quel est le bénéfice financier pour une personne
physique qui utilise ce stratagème? Peut-on estimer l'impact global de
ce mécanisme d'évitement fiscal pour les finances de l'État? À vos
yeux, ce mécanisme est-il légal? Vos services ont-ils été saisis de la
question pour mener une enquête et établir la légalité de ce dispositif?
Ne conviendrait-il pas, comme c'est le cas pour les parlementaires, de
soumettre l'ensemble des mandataires publics à un service spécifique
de contrôle de l'impôt? Des mesures sont-elles envisageables et
envisagées afin d'empêcher ce type d'évasion fiscale qui, à défaut de
ne pas être illégal, apparaît à tout le moins peu éthique?
Gaat het inderdaad om een
gangbare praktijk? Wordt daar
vaak gebruik van gemaakt in de
particuliere sector? Probeert men
zich zodoende niet aan de
verplichte aangifte van mandaten
te onttrekken? Hoeveel geld
brengt een en ander in het laatje?
Wat zijn de gevolgen voor de
Schatkist? Is die handelwijze
wettelijk? Hebben uw diensten een
onderzoek uitgevoerd? Is het niet
aangewezen
alle
openbare
mandatarissen bij een specifieke
belastingcontroledienst onder te
brengen? Komen er maatregelen
om dat soort belastingontwijking,
dat op zijn minst weinig ethisch is,
onmogelijk te maken?
16.02 Hervé Jamar, ministre: Monsieur le président, monsieur
Gilkinet, j'ai aussi sous les yeux l'article du magazine "Trends", relayé
hier dans les journaux liégeois.
Les éléments d'appréciation permettant de répondre à vos questions,
en tout cas aux deux premières, ne pourraient être rassemblés que
par une collecte d'informations de grande envergure, qui, à l'heure
actuelle, ne peuvent être déduites telles quelles des statistiques
fiscales. Cela n'empêche pas de s'y mettre mais la question nous est
parvenue assez récemment. Un travail à titre de statistiques ­ avant
d'en tirer d'autres conclusions ­ pourrait être fait.
En réponse à votre troisième question, l'exercice d'un mandat
d'administrateur dans une société par une autre société n'est pas
prohibé par le Code des impôts sur les revenus de 1992. Dans le cas
de l'exercice d'un mandat d'administrateur dans une intercommunale
via une société, il convient à notre sens d'interroger le ministre
régional compétent afin de savoir si cette pratique est conforme aux
dispositions
légales
régissant
le
fonctionnement
des
intercommunales.
16.02 Minister Hervé Jamar: Uw
eerste twee vragen kunnen maar
beantwoord worden nadat er op
grote schaal informatie werd
verzameld. Die gegevens kunnen
momenteel niet als zodanig uit de
fiscale
statistieken
gehaald
worden.
De uitoefening van een mandaat
van
bestuurder
door
een
vennootschap wordt overigens niet
verboden door het Wetboek van
de inkomstenbelastingen 1992.
Het
is
aan
de
bevoegde
gewestminister om een antwoord
te verschaffen wat betreft de
uitoefening van dat mandaat in de
intercommunales.
Het
zou
misschien ook beter zijn de
kwestie van de cumulatie van
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
30
En effet, en qualité de parlementaire fédéral, vous posez ­ et je vous
comprends ­ la question sous l'angle de la fiscalité pure. Nous avons
un Code des impôts sur les revenus que nous appliquons tel quel
depuis 1992. À mon sens, la question est davantage orientée vers la
mise en application ­ que ce soit au Nord, au Sud ou au Centre du
pays ­ des mandats, d'éventuels cumuls de mandats ou de règles
d'éthique en la matière. Pour ma part, je ne prends pas attitude.
Dans de nombreuses assemblées, j'ai entendu certaines personnes
parler à cet égard d'éthique, de code d'éthique ou de règles à mettre
en oeuvre. C'est davantage dans les assemblées régionales que la
question doit se poser. Nous restons dans un cadre fiscal. La réponse
visant ce mandat d'administrateur dans une intercommunale doit donc
être donnée par le ministre régional compétent.
Quant à votre dernière question, compte tenu des réponses que j'ai
pu vous donner précédemment, il me paraît prématuré d'y répondre.
Nous découvrons comme vous la problématique; nous ferons très
certainement les statistiques qui s'imposent pour appeler les
conclusions.
Au niveau fiscal, l'éthique politique et la mise en application purement
fiscale des textes me paraissent clairement être des bonnes
questions mais elles doivent être orientées vers les assemblées en
tant que telles dans l'organisation des cumuls, des non-cumuls, des
fonctionnements, etc. Si nous devions, pour chaque cas individuel
potentiel (député, parlementaire, membre de telle ou telle assemblée
ou intercommunale), nous demander ce qui se cache éventuellement
derrière une ingénierie ­ au-delà du fait qu'un contrôleur peut
éventuellement prendre ses responsabilités en cas d'irrégularité ­,
nous ne voyons pas très bien comment nous pourrions agir
globalement au niveau fiscal en la matière.
Je vous l'avoue, la question mérite d'être posée mais elle mériterait
d'être posée à Namur ou, à deux reprises, à Bruxelles puisque les
instances ...
mandaten en de uitwerking van
ethische regels dienaangaande
voor te leggen aan de gewestelijke
assemblees.
Wat uw laatste vraag betreft, lijkt
het me voorbarig om daar al een
antwoord op te geven. We zullen
in ieder geval zeker, waar nodig,
statistieken opstellen.
16.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, avant
ma réplique et pour mon édification personnelle, pouvez-vous
m'expliquer à nouveau, en deux mots, le bénéfice personnel,
indépendamment du volume ou des personnes? Un mandataire qui
paye des impôts à titre de personne physique est taxé sur un certain
pourcentage et une société sur un autre pourcentage. De combien est
le différentiel?
16.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Wat is het verschil tussen
de
onderwerping
aan
de
personenbelasting, enerzijds, en
aan de vennootschapsbelasting,
anderzijds?
16.04 Hervé Jamar, ministre: Chaque cas est individuel. Je ne sais
pas si la personne dont on parle est mariée, a trois enfants, a deux
sociétés, déduit ceci ou ne déduit pas cela. Je ne peux donc pas vous
donner une différence chiffrée, pour autant qu'elle existe.
La loi fiscale existe et chacun peut choisir la voie la moins imposée.
C'est un principe de droit qui existe depuis que notre État de droit
existe.
Au-delà de cela, d'une part, il y a la loi fiscale qui doit être appliquée
et, d'autre part, l'éthique politique potentielle de chacun, que nous
pouvons tenter de trouver dans un laps de temps raisonnable et sur
base de statistiques. De là à tirer telles conclusions sur tel
16.04 Minister Hervé Jamar: Elk
dossier is weer anders. Bovendien
heeft eenieder het recht, in het
kader van de fiscale wet, te kiezen
voor de regeling waarin hij het
minst wordt belast. Dat is een
rechtsbeginsel.
Anderzijds is er de politieke
deontologie, die we op basis van
statistieken
zouden
kunnen
proberen te omschrijven. Het is
echter niet zo eenvoudig om op
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
31
groupement ou sur tel autre, ce n'est pas si simple. Cela doit être
orienté davantage vers le fonctionnement des assemblées. Vous êtes
membre d'un parti qui met suffisamment ­ et à juste titre ­ l'éthique
politique en avant. Je suis partisan des mêmes principes. Toutefois,
cela sort du cadre fiscal pur.
grond daarvan statistieken op te
maken met betrekking tot deze of
gene
categorie
van
belastingbetalers.
Bovendien
treden we buiten het kader van de
eigenlijke fiscaliteit.
16.05 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Je ne doute pas que si le
mécanisme a été utilisé, c'est qu'il permet un bénéfice financier.
J'espère qu'à l'avenir on pourra disposer de statistiques fiscales à ce
sujet comme sur d'autres sujets aussi passionnants, tels que les
économies d'énergie, etc.
Je ne manquerai pas de relayer la question à nos trois parlementaires
à la Région wallonne pour qu'ils interpellent les ministres compétents
en matière de tutelle sur les intercommunales. En effet, le fait qu'on
puisse utiliser ce mécanisme dans une intercommunale, un outil
public de gestion de biens publics, m'interpelle et pose selon moi des
questions éthiques, si pas graves, du moins importantes.
Je me permettrai de faire avancer l'idée d'un contrôle fiscal spécifique
pour tous les mandataires, comme celui auquel sont soumis les
parlementaires.
16.05 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Als die techniek wordt
gehanteerd, is het omdat ze
voordeliger is. Ik zal die vragen
zeker ook bezorgen aan onze
mandatarissen in het Waals
Gewest. Dat van die techniek
gebruik wordt gemaakt in een
intercommunale, die toch een
instrument is voor het beheer van
overheidsgoederen,
verontrust
me. Ik zal proberen het idee om
een specifieke belastingcontrole in
te stellen voor alle mandatarissen
ingang te doen vinden.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
16.06 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, ik ben
bereid even te wachten met mijn vraag, zolang de minister mij kan
verzekeren dat hij blijft om mij een antwoord te verstrekken.
16.07 Minister Hervé Jamar: Geen probleem.
16.08 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Ik laat opmerken dat de heer
Van der Maelen nu oppositie aan het voeren is tegen de eigen
regering!
16.09 Minister Hervé Jamar: Maar ik sta positief tegenover elke
oppositie.
17 Question de M. Georges Gilkinet au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la grave
pollution par hydrocarbures dans les bâtiments du Centre de Recherches agronomiques de Gembloux
appartenant à la Régie des Bâtiments" (n° 503)b>
17 Vraag van de heer Georges Gilkinet aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
ernstige olieverontreiniging in de gebouwen van het Centrum voor Landbouwonderzoek van
Gembloux die aan de Regie der gebouwen toebehoren" (nr. 503)
17.01 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, vous
me pardonnerez d'en revenir à des questions plus terre à terre, à la
Régie des Bâtiments et à la province de Namur, à Gembloux, sujet
sur lequel je vous ai déjà interrogé. C'est un peu comme le pull de
laine qui se détricote et sur lequel on tire: plus on s'approche d'un
problème et plus on s'en rend compte et on reçoit des informations
alarmantes.
Comme vous me l'avez confirmé le 14 novembre dernier, les
bâtiments situés à Gembloux et occupés par le Centre de recherche
agronomique de la Région wallonne appartiennent toujours à la
17.01 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Zoals u mij op 14
november jongstleden bevestigde,
zijn de gebouwen in Gembloux
waar
het
Centrum
voor
Landbouwonderzoek
van
het
Waals Gewest is gehuisvest, nog
altijd eigendom van de Regie der
Gebouwen.
Ik werd door de gemeenten
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
32
Régie des Bâtiments qui doit en assumer les responsabilités de
propriétaire. Je vous décrivais dans ma question l'état catastrophique
d'une partie des bâtiments et la mauvaise gestion de ceux-ci par la
Régie voire par ledit Centre. Je ne croyais sans doute pas si bien dire
au vu des informations complémentaires qui me parviennent
régulièrement depuis lors.
Ainsi, j'ai été alerté par les communes de Gembloux et de Namur d'un
rapport d'audit sur l'état des cuves à mazout qui alimentent les
différents bâtiments du Centre. Le résultat de celui-ci est
catastrophique, concluant à l'issue d'un inventaire non exhaustif à de
nombreuses fuites ayant provoqué des pollutions par hydrocarbure et
à l'état lamentable de la plupart des cuves. Dans certaines cuves,
inutilisées depuis des années, il y avait encore 10.000 litres de
mazout. Au prix du litre de mazout mais aussi en raison des risques
de pollution, c'est problématique. Je tiens à votre disposition cette
liste avec diagnostic précis.
Au risque d'enfoncer le clou, je dirai qu'il s'agit là d'une nouvelle
illustration de la carence de la gestion de ce centre par la
Régie des Bâtiments. Je m'inquiète de cette situation grave, très
dommageable pour l'environnement, qui ne fait que confirmer mon
premier diagnostic. M. le ministre peut-il dès lors me dire si la Régie
ou lui-même ont été informés comme moi de cette situation?
Envisage-t-il une enquête interne permettant d'établir la responsabilité
de cette situation et surtout d'empêcher qu'elle perdure? Pour lui,
cette responsabilité incombe-t-elle à la Régie des Bâtiments ou aux
utilisateurs du Centre? Quelles mesures urgentes seront-elles prises
pour résoudre ce problème, au départ de quel budget et dans quels
délais?
Gembloux en Namen op de
hoogte
gebracht
van
een
auditverslag over de staat van de
olietanks die catastrofaal blijkt.
Werd u of de Regie van die
situatie op de hoogte gebracht?
Wordt de mogelijkheid overwogen
om een intern onderzoek uit te
voeren dat de verantwoordelijkheid
voor deze situatie blootlegt en
waardoor vooral kan worden
voorkomen
dat
zij
blijft
voortduren?
Ligt
deze
verantwoordelijkheid bij de Regie
der Gebouwen of bij de gebruikers
van
het
Centrum?
Welke
dringende
maatregelen
zullen
worden
genomen
om
het
probleem op te lossen?
17.02 Hervé Jamar, ministre: La Régie des Bâtiments a été informée
des conclusions et des recommandations de l'audit portant sur la
situation du Centre wallon de recherches agronomiques, audit
commandé par la Région wallonne et dont le rapport final a été remis
au gouvernement wallon le 6 décembre 2006, ainsi qu'il ressort de la
note soumise au comité de concertation du 2 février 2007 par le
ministre-président de la Région wallonne.
17.02 Minister Hervé Jamar: De
Regie der Gebouwen werd op de
hoogte gebracht van de conclusies
en de aanbevelingen uit de audit
over de toestand van het Waals
Centrum
voor
Landbouwonderzoek.
Vous demandez si on envisage de procéder à une enquête interne
permettant d'établir les responsabilités dans cette situation et surtout
de l'empêcher dans le futur, et si selon nous les responsabilités
incombent à la Régie ou aux utilisateurs du Centre. Après une
première analyse de ce rapport d'audit au sein de la Régie des
Bâtiments, il s'avère que les dégradations constatées sur le plan
environnemental résultent des activités de l'occupant et en
l'occurrence de son exploitation des installations mises à sa
disposition.
Vous me demandez les mesures urgentes qui seraient entreprises au
départ de ce budget et dans quel délai. La Régie des Bâtiments reste,
bien entendu, responsable des biens aussi longtemps que leur
transfert n'est pas effectif. À la suite de l'analyse complète de l'audit,
des mesures urgentes dictées par des impératifs de sécurité seront
prises si elles sont nécessaires, mais j'ai tout lieu de penser qu'elles
le seront.
Uit een eerste analyse van dit
verslag blijkt dat het vastgestelde
milieubederf voortvloeit uit de
activiteiten van degene die de
gebouwen betrekt en in dit geval
uit zijn gebruik van de installaties
die hem ter beschikking werden
gesteld.
Na een volledige analyse van de
audit zullen er indien nodig door
veiligheidsoverwegingen
ingegeven dringende maatregelen
worden genomen. Ik heb alle
reden om aan te nemen dat dat
zal gebeuren.
17.03 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Monsieur le ministre, vous 17.03 Georges Gilkinet (Ecolo-
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
33
me permettrez de ne pas me satisfaire de votre réponse. Nous ne
parlons pas du même audit! Il existe un audit général, lequel a été
complété par un audit spécifique sur l'état des citernes. C'est celui
dont je parle. Il est tout récent. Peut-être n'en avez-vous pas eu
connaissance. Mais dès lors qu'un tuyau conduisant quelques milliers
de litres de mazout est percé, voilà qui nécessite une réponse
environnementale rapide.
Autant je peux vous suivre lorsque vous dites qu'une citerne remplie
de mazout et non utilisée par les occupants, qui ne se préoccupent
pas de la vider pour l'utiliser dans d'autres chaudières, relève de la
responsabilité de l'occupant, autant je pense qu'une cuve trop vieille,
mal conçue et non entretenue relève de la responsabilité du
propriétaire.
Ce qui m'importe, c'est d'agir rapidement par rapport à la gravité de
cette situation. En conséquence, je vous demande d'activer les
services de la Régie des Bâtiments afin qu'ils se désintéressent un
peu moins de cette situation.
Groen!): We hebben het niet over
dezelfde audit. Er is een algemene
audit die werd aangevuld met een
specifieke audit over de toestand
van de tanks. Misschien bent u
daar niet van op de hoogte. Er
moet snel worden ingegrepen en
ik wil u dan ook vragen om de
diensten van de Regie der
Gebouwen aan het werk te zetten.
17.04 Hervé Jamar, ministre: Monsieur Gilkinet, je voudrais préciser
que nous n'avons pas eu connaissance du dernier audit dont vous
faites état. La Régie des Bâtiments ne l'a pas reçu!
17.04 Minister Hervé Jamar: De
Regie der Gebouwen heeft die
laatste audit waarover u het hebt,
niet ontvangen.
17.05 Georges Gilkinet (Ecolo-Groen!): Je peux vous le remettre,
monsieur le ministre! Mais d'après mes informations, elle l'a reçu!
17.05 Georges Gilkinet (Ecolo-
Groen!): Ik kan hem u bezorgen.
Volgens de informatie waarover ik
beschik, heeft de Regie hem
echter wel gekregen.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
18 Samengevoegde vragen van
- de heer Carl Devlies aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "het verlies van de
woonbonus bij vertraging van de bouwwerkzaamheden" (nr. 498)
- de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over "de
woonbonus" (nr. 500)
18 Questions jointes de
- M. Carl Devlies au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "la perte du bonus logement en
cas de retard dans les travaux de construction" (n° 498)
- M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "le bonus logement"
(n° 500)b>
18.01 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de minister, mijn vraag
gaat over de toepassing van de woonbonus. Wij vrezen dat een
aantal bouwheren niet zal kunnen genieten van die woonbonus omdat
zij door vertragingen bij de bouw van de woning niet in aanmerking
komen voor die woonbonus.
Dit probleem werd reeds onderkend bij de conceptie van de nieuwe
wetgeving. Ik herinner mij dat in de wettekst van 2004 oorspronkelijk
in geen enkel uitstel was voorzien. Dat betekent dat iemand die in
december 2005 leende op 31 december 2005 ook in die woning
moest wonen. Omdat dat artikel en andere artikelen van de wetgeving
absoluut niet toepasbaar waren, is er een reparatiewet gekomen
waarin onder meer deze materie werd aangepast.
18.01 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Nous craignons que certains
maîtres de l'ouvrage ne puissent
solliciter le bénéfice d'un bonus
logement en cas de retard dans
les travaux de construction de leur
habitation. Initialement, le texte de
loi de 2004 ne prévoyait pas la
possibilité d'un report mais la loi
adaptée
ne
semble
pas
satisfaisante non plus: en raison
de retards dans l'exécution des
travaux, de maîtres de l'ouvrage
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
34
Maar ook de aangepaste wet schijnt niet te voldoen. Nu blijkt dat in de
praktijk sommige bouwheren die eind 2005 een lening aangingen voor
de bouw van hun woning evenmin kunnen voldoen aan de
voorwaarde dat zij de woning op 31 december van het tweede jaar
volgend op het jaar waarin het leningcontract is afgesloten ­ dus
31 december 2007 ­ zelf moeten betrekken, en dat door vertraging
van de bouwwerkzaamheden.
Bij de bespreking van de woonbonus in de commissie had CD&V
reeds gewezen op het feit dat het nieuwe systeem van de woonbonus
de starheid van de voorwaarden van het bouwsparen voor bestaande
woningen heeft overgenomen en niet de soepele jaar-per-
jaarbeoordeling van de aanvullende intrestaftrek, zoals gold voor
nieuwbouw. Ik verwijs naar de parlementaire stukken van de Kamer
2004-2005, nr. 1437/027,64.
Mijnheer de minister, bent u zich ervan bewust dat die ongelukkige
bouwheren die niet alleen geconfronteerd worden met hun
bouwproblemen ook hun recht op de woonbonus verliezen voor de
rest van de looptijd van de lening, terwijl dat niet hun schuld is? Is dat
een juiste interpretatie van de wetgeving, mijnheer de minister? Indien
het een juiste interpretatie is, bent u dan bereid om in de
eerstvolgende programmawet een wijziging van die stringente
voorwaarden aan te brengen?
qui ont contracté un prêt fin 2005
ne
pourront
occuper
leur
logement, comme prescrit, au plus
tard à la fin de la deuxième année
suivant l'année de la conclusion du
prêt, soit le 31 décembre 2007.
Lors de l'examen du bonus
logement en commission, le CD&V
avait déjà signalé que le système
n'était pas basé sur une évaluation
annuelle souple de la déduction
complémentaire d'intérêts, comme
c'est le cas pour les nouvelles
constructions.
Outre leur dette, certains maîtres
de l'ouvrage sont donc confrontés
à des problèmes de construction
mais aussi à la perte de leur droit
à un bonus logement. Le ministre
en est-il conscient? S'agit-il là
d'une interprétation correcte de la
loi? Le ministre apportera-t-il un
correctif à ces modalités rigides
dans la prochaine loi-programme?
18.02 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, ik kan mij alleen maar aansluiten bij de vraag
van collega Devlies. Ik neem aan dat het te maken heeft met het
naderen van het einde van dit jaar dat wij de eerste gevallen
gerapporteerd krijgen van mensen die ergens in de loop van 2005
met hun bouwplannen begonnen zijn en die dus nu met het naderen
van december 2007 in de problemen dreigen te komen.
Ik heb ook melding van zo twee gevallen. De heer Devlies heeft
waarschijnlijk ook zo'n melding gekregen. Mijnheer de minister, dit is
een reëel probleem. Er moet enige soepelheid zijn. Al wie ooit
gebouwd heeft weet dat er vertraging in de bouwwerkzaamheden kan
optreden. Ik vind dat de sanctie, namelijk het levenslang verlies van
de woonbonus, veel te groot is.
Ik sluit mij aan bij de vraag van collega Devlies. Ofwel moet de
administratie als er ruimte in de wetgeving is, met de nodige
soepelheid optreden. Ofwel moeten wij overwegen om op zo kort
mogelijke termijn de wetgeving aan te passen.
18.02 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit):
Je
souscris
aux
questionnements de M. Devlies.
J'ai moi-même été informé de
deux cas, ce qui est sans doute dû
au fait que la fin de l'année
approche à grands pas. Compte
tenu du risque réel de perdre
définitivement le bonus logement
auquel sont exposés certains
maîtres de l'ouvrage, je demande
au ministre, soit de faire preuve de
souplesse dans le cadre de
l'application de la loi, soit de
l'aménager dans les plus brefs
délais.
18.03 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
Van der Maelen, ik ben heel blij dat u zich aansluit bij deze vragen en
dat u dus ook tot het besef gekomen bent dat er zich hier een
probleem stelt. Ik verwijs naar de discussie uit 2005, waar de posities
verschillend waren.
18.03 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Je me réjouis d'autant plus
que M. Van der Maelen me
rejoigne que nos points de vue
divergeaient encore lors de la
discussion de 2005.
18.04 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Ik heb vandaag reeds
meerdere malen de lof gezongen van onze voorzitter. U moet nu ook
niet verwachten dat ik het steeds met u eens ga zijn, collega Devlies.
De voorzitter: Ik vond het reeds eigenaardig omdat de vraag ging over het soepel toepassen van fiscale
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
35
wetgevingen.
18.05 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, in het door de
collega's geschetste geval verliest de belastingplichtige inderdaad het
recht op de aftrek voor enige woning indien hij op het einde van het
tweede jaar volgend op het jaar waarin het leningcontract werd
afgesloten de woning niet zelf betrekt.
Deze bijkomende termijn van twee jaar om aan de voorwaarden eigen
woning te voldoen werd ingevoerd door de wet van 27 december 2005
houdende diverse bepalingen en werd tijdens de parlementaire
werkzaamheden nooit in vraag gesteld. Blijkbaar werd die door de
wetgever voldoende geacht.
Het verder uitbreiden van de termijn, van twee tot bijvoorbeeld drie
jaar verschuift alleen maar het probleem. Wellicht zou dit een
oplossing zijn voor een aantal belastingplichtigen, terwijl het voor
anderen nog steeds onvoldoende zal blijven.
Bovendien
heeft
de
wetgever
bepaald dat ingeval
de
belastingplichtige op het einde van de bijkomende termijn niet aan de
voorwaarden voldoet, er niet wordt teruggekomen op de reeds
verleende voordelen.
Gelet hierop kan men zich de vraag stellen of een verdere verlenging
van de termijn wel opportuun is. De heer Devlies stelde voor om
eventueel over te gaan tot beoordeling jaar per jaar zoals dat het
geval was voor de bijkomende intrestaftrek. Een belastingplichtige die
een lening had aangegaan voor een nieuwbouwwoning kon het
voordeel van de bijkomende intrestaftrek slechts verkrijgen vanaf het
belastbaar tijdperk waarin de woning effectief in gebruik werd
genomen. Met de aftrek voor enige woning heeft de wetgever ervoor
gekozen het fiscaal voordeel zo snel mogelijk toe te kennen aan de
belastingplichtige. Teruggrijpen naar het beoordelingssysteem van de
bijkomende intrestaftrek zou hier dus een stap achteruit betekenen.
18.05 Hervé Jamar, ministre:
Dans l'exemple cité par les
auteurs
des
questions,
le
contribuable perd effectivement
son droit à déduction. La loi
adaptée, qui prévoit d'accorder
aux
contribuables
un
délai
supplémentaire de deux ans pour
satisfaire aux conditions, n'a
jamais été mise en doute pendant
les travaux parlementaires et ce
délai a été jugé suffisant par le
législateur. Porter ce délai à trois
ans, par exemple, ne ferait que
déplacer le problème étant donné
qu'il demeurerait insuffisant dans
certains cas. Le législateur a
disposé en outre qu'en cas
d'inobservation des conditions, les
avantages déjà octroyés seraient
sauvegardés au terme du délai
supplémentaire.
On peut donc se demander si une
prolongation est judicieuse. M.
Devlies évoque la possibilité d'une
évaluation annuelle, comme c'est
le cas pour la déduction des
intérêts complémentaires dans le
cadre
d'un
prêt
pour
une
construction neuve. Ce serait en
tout cas un pas en arrière puisque,
par le biais de la déduction pour
habitation unique, le législateur
veut que l'avantage fiscal soit
octroyé
le
plus
rapidement
possible aux contribuables.
18.06 Carl Devlies (CD&V - N-VA): Mijnheer de voorzitter, de
minister onderkent het probleem. Hij zegt ten onrechte dat de
problematiek niet aan bod zou zijn gekomen bij de bespreking in de
commissie. Ik stel voor om nog even de voorbereidende werken na te
kijken. Het voorstel dat u daarnet formuleerde werd reeds
geformuleerd in 2004. Ik heb het gevoel dat de minister het probleem
onderkent maar geen concrete oplossing voorstelt.
Ik denk dat wij dan zelf een wetgevend initiatief zullen moeten nemen.
Dit is immers een onrechtvaardige situatie waarbij bouwheren die met
problemen worden geconfronteerd op de werf en die meestal al het
slachtoffer zijn vertragingen daar bovenop nog eens de woonbonus
verliezen voor de ganse duur van de looptijd van de lening. Ik denk
dat dit onrechtvaardig is en dat wij daarvoor een oplossing moeten
vinden. Collega's, we moeten samen eens bekijken hoe dit het beste
kan opgelost worden.
18.06 Carl Devlies (CD&V - N-
VA): Le ministre reconnaît qu'un
problème se pose mais il ne
propose pas de solution concrète.
Il affirme, à tort, que le Parlement
a approuvé cette disposition. Je lui
suggère de réexaminer les travaux
préparatoires.
Considérant
la
situation injuste dans laquelle
certains maîtres d'ouvrage se
retrouvent aujourd'hui, il convient
de
résoudre
le
problème
d'urgence, par le biais d'une
initiative législative.
18.07 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Ik sluit mij aan bij de wijze 18.07 Dirk Van der Maelen (sp.a-
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
36
woorden van collega Devlies.
spirit): Je me rallie volontiers à ces
propos.
De voorzitter: Aan de hand van het antwoord denk ik dat de beide
collega's misschien moeten kijken naar de mogelijkheid van een
amendement bij de programmawet. Anders kan dit niet meer opgelost
worden. Ik zou deze mogelijkheid toch niet vergeten.
Le président: Il me paraît utile
que MM. Devlies et Van der
Maelen
envisagent
un
amendement à la loi-programme,
sans quoi plus aucune solution ne
pourra être trouvée.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
19 Vraag van de heer Dirk Van der Maelen aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"de belastingaangifte door ondernemingen" (nr. 499)
19 Question de M. Dirk Van der Maelen au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "les
déclarations fiscales introduites par les entreprises" (n° 499)b>
19.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-spirit): Mijnheer de voorzitter,
mijnheer de minister, uit het antwoord dat ik kreeg op mijn schriftelijke
vraag blijkt dat het aantal ondernemingen dat geen belastingaangifte
heeft ingediend nog is toegenomen. Voor het aanslagjaar 2006
hebben 33.710 ondernemingen nagelaten een belastingaangifte in te
dienen. Dat zijn 2.003 ondernemingen of 7% meer dan voor het
aanslagjaar 2005. De minister benadrukte in zijn antwoord dat dit
voorlopige cijfers zijn en dat er nog aangiftes zullen binnenkomen.
Sinds de regering mijn suggesties volgde, namelijk de regeling van de
forfaitaire minimumwinsten voor buitenlandse ondernemingen
uitbreiden tot alle ondernemers en beoefenaars van vrije beroepen ­
iets wat goedgekeurd werd in 2005 -, beschikt naar mijn oordeel de
fiscus over een efficiënte manier om niet-indieners toch te belasten.
Het aantal niet-indieners dat toch wordt belast door de fiscus is ook
toegenomen.
Voor
het
aanslagjaar
2005
kregen
3.098
ondernemingen en beoefenaars van vrije beroepen een aanslag van
ambtswege omdat ze geen aangifte hadden ingediend. Voor
aanslagjaar 2006 is dat aantal opgelopen tot 5.366.
Ik ben tevreden met die stijging maar er is nog veel werk aan de
winkel want slechts 16% van de ondernemingen die geen aangifte
hebben ingediend, werden forfaitair belast. Mijn vraag aan de minister
is dan ook welke opdrachten hij aan zijn administratie gaat geven om
ervoor te zorgen dat in de toekomst, en liefst zo snel mogelijk, alle
niet-indieners forfaitair worden belast.
19.01 Dirk Van der Maelen (sp.a-
spirit): Le nombre d'entreprises qui
n'ont pas introduit de déclaration
fiscale a encore augmenté de 7 %
en 2006 par rapport à 2005.
Depuis l'extension du régime des
bénéfices minimums forfaitaires
applicable
aux
entreprises
étrangères à l'ensemble des
entreprises et des professions
libérales, le fisc dispose d'un
moyen efficace de taxer les non-
déclarants. Le nombre de non-
déclarants taxés a dès lors
augmenté mais ce chiffre ne
représente encore que 16 % du
total.
Comment le ministre veillera-t-il à
ce qu'à l'avenir, tous les non-
déclarants
soient
taxés
forfaitairement?
19.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer de voorzitter, ik heb bij mijn
administratie erop aangedrongen om onmiddellijk een instructie op te
stellen waarbij de controlerende ambtenaren nogmaals op deze
taxatiemogelijkheid worden gewezen indien er geen andere
elementen een hogere taxatie wettigen.
19.02 Hervé Jamar, ministre: Mon
administration
rédigera
une
instruction pour rappeler cette
possibilité
de
taxation
aux
fonctionnaires contrôleurs.
J'irai même plus loin: je suis prêt, lors d'une prochaine commission, à
revenir avec des chiffres. L'instruction part ce jour ou demain au plus
tard car votre question est tout à fait légitime.
Ik ben zelfs bereid om terug te
komen met cijfers. De instructie
wordt onmiddellijk gegeven, want
uw vraag is volledig gegrond.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
37
De voorzitter: Mijnheer Van de Velde, uw lang wachten wordt beloond.
20 Vraag van de heer Robert Van de Velde aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over
"de interneringsinstellingen" (nr. 508)
20 Question de M. Robert Van de Velde au vice-premier ministre et ministre des Finances sur "les
établissements d'internement" (n° 508)b>
20.01 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de voorzitter, mijnheer
de minister, mijn vraag gaat over de interneringsinstellingen. Het
nijpende tekort is vorig jaar voor een deel aangepakt in de vorm van
een aantal nieuwe projecten die tot stand zouden komen. Budgetten
werden vastgelegd, enzovoort.
Het enige verontrustende in dat hele verhaal, is dat de projecten
omtrent de interneringsgebouwen niet worden gerealiseerd of toch
niet in realisatie kunnen gaan. Ik denk aan het Antwerpse dossier,
met de verschuiving naar Gent en Merksplas.
De verschillende elementen uit mijn vraag komen op het volgende
neer: wat is de status van het dossier op dit moment?
Ondanks het de beloftes om bijvoorbeeld in Merksplas begin
december te kunnen starten, hebben wij daarover nog maar relatief
weinig gehoord.
Mijnheer de minister, daarover heb ik de volgende vragen.
Ten eerste, is er al een plaats gevonden voor de bouw van een
nieuwe interneringsinstelling in Antwerpen?
Ten tweede, de Regie der Gebouwen verklaarde eerder dat de
Stuivenbergpiste was verlaten en dat nu een terrein wordt voorgesteld
op de Antwerpse linkeroever, naast het huidige opvangcentrum voor
asielzoekers. Is dat voorstel nog steeds in onderhandeling met
Antwerpen, of zit dat in het slop? Wat zou de aankoop van die grond
kosten? Wanneer zult u kunnen beginnen met de bouw van die
instelling? Voor hoeveel personen wordt die instelling geconcipieerd?
Ten derde, wat Gent aangaat, heeft de aannemer gesteld dat hij nog
wacht op informatie van de Regie der Gebouwen. Wij vragen ons af
welke gegevens hij nog niet heeft gekregen en welke
vertragingstermijn wij kunnen verwachten.
Ten vierde, aangaande Merksplas was gezegd dat de uitvoerder van
de werken ondertussen is aangeduid. Hij zou kunnen starten in
december. Wanneer zal er effectief gestart worden? Wanneer zullen
de containers in gebruik genomen kunnen worden?
20.01 Robert Van de Velde
(LDD): L'année dernière, toute une
série de projets ont été lancés
pour résoudre le problème du
manque aigu d'établissements
d'internement. À l'heure où je vous
parle, il n'est jusqu'à nouvel ordre
toujours pas question de la
moindre réalisation. Il y a
notamment le dossier anversois et
son déplacement vers Gand et
Merksplas. Où en est actuellement
ce dossier? Un site a-t-il déjà été
trouvé pour la construction d'un
établissement d'internement à
Anvers? La Régie des Bâtiments,
qui a désormais exclut l'hôpital du
Stuivenberg, est-elle toujours en
négociation avec la ville d'Anvers
pour le terrain sur la Linkeroever?
Quel serait le prix de ce terrain?
Quelle est la capacité d'admission
prévue pour un établissement à
cet endroit ? En ce qui concerne
Gand, selon ses propres dires,
l'entrepreneur attend encore des
informations de la Régie des
Bâtiments. Quelles informations?
À quel retard doit-on s'attendre à
ce niveau? Étant donné que
l'exécutant a entre-temps été
désigné, quand les travaux de
Merksplas
commenceront-ils
effectivement?
Quand
les
conteneurs seront-ils mis en
service?
20.02 Minister Hervé Jamar: Mijnheer Van de Velde, ten eerste heb
ik het over Antwerpen.
In Antwerpen is een instelling gepland voor honderdtwintig
geïnterneerden.
Initieel
was het de bedoeling
om
het
Stuivenbergziekenhuis van Antwerpen om te bouwen tot een
forensisch-psychiatrisch centrum. Vermits het project voor de bouw
van een nieuw ziekenhuis te Antwerpen een onbepaalde vertraging
heeft opgelopen, dienden andere mogelijkheden te worden
20.02 Hervé Jamar, ministre: À
Anvers,
nous
parlons
d'un
établissement d'une capacité de
120 places. La possibilité d'une
transformation de l'hôpital du
Stuivenberg
en
centre
de
psychiatrie légale est tombée à
l'eau, en raison
du retard
indéterminé dans le projet de
28/11/2007
CRIV 52
COM 036
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
38
geprospecteerd.
Het
terrein
naast
de
vroegere
Hogere
Zeevaartschool is als een geschikte bouwplaats uit de prospectie
gekomen. Alvorens een beslissing te nemen aangaande een
eventuele aankoop, dient eerst nog nagegaan te worden of er geen
stedenbouwkundige bezwaren zijn tegen de bouw van een FPC.
Contact met het college van burgemeester en schepenen van de stad
laten vermoeden dat het bouwen van een FPC op dit terrein wellicht
toegelaten zal worden. De eigenaar van het terrein is bereid gevonden
te verkopen. Het aankoopdossier wordt momenteel door het
aankoopcomité voorbereid. Er is nog geen raming van de kostprijs
van het terrein. Zodra er zekerheid is over de terreinkeuze kan de
procedure worden opgestart voor de aanstelling van een
multidisciplinair studieteam. Alles zal in het werk worden gesteld om
het FPC voor 120 geïnterneerden in 2012 in gebruik te nemen.
Ten tweede, Gent, een instelling voor 270 geïnterneerden. Voor het
project in Gent werd de tijdelijke vereniging Abscis-DJGA-Ingenium-
Derveaux-AT Osborne uit Gent aangesteld als multidisciplinair
studieteam.
Het
studiecontract
werd
na
een
algemene
offerteaanvraag toegekend.
Vooraleer de studieopdracht daadwerkelijk kan worden aangevat,
moet nog een aantal belangrijke principes worden vastgesteld die een
beslissende invloed op het plan hebben.
Ten eerste, wat de stedenbouwkundige omgeving betreft, de
bereikbaarheid van het terrein is voorlopig nog problematisch. In de
toekomst komt er een ringweg langs de spoorweg met een doorsteek
naar het Forensisch Psychiatrisch Centrum. Langs deze doorsteek
zou ook een parking voor bezoekers en personeel van het FPC
moeten komen.
Hierover worden afspraken gemaakt met de stad Gent die instaat
voor de ontwikkeling van het stadsdeel Wiedauwkaai.
Ten tweede, wat het inhoudelijk concept betreft, het bouwprogramma
dat bij de offerteaanvraag gevoegd werd, blijft integraal geldig, maar
een aantal aspecten, in het bijzonder in verband met de veiligheid, de
toegangscontrole, de bewaking en de circulatie, moeten eerst in detail
worden uitgewerkt met de dienst DG-EPI van de FOD Justitie en met
het platform FPC Gent.
Deze problemen weden sedert september 2007 besproken op diverse
vergaderingen, met de medewerking van het studieteam. De
resultaten van de besprekingen maken het mogelijk om de studie
effectief te starten begin januari 2008. Op basis van de verschillende
deelstudies zullen de eerste aanbestedingen eind 2008 kunnen
worden uitgeschreven.
In de loop van 2009 zal worden gestart met de werken voor de
nieuwbouw en tegen 2012 moet de forensische campus operationeel
zijn. In dit centrum zullen 270 geïnterneerde patiënten met een hoog
of middelhoog veiligheidsrisico opgevangen worden die niet in de
reguliere psychiatrie terechtkunnen.
Wat de uitbreiding voor 60 geïnterneerden in Merksplas betreft, voor
het gunnen van de opdracht wordt een beroep gedaan op de
construction d'un nouvel hôpital à
Anvers.
Il est apparu lors de la recherche
d'autres possibilités que le terrain
jouxtant l'École supérieure de
navigation convenait. Des contacts
avec le collège des bourgmestre
et échevins d'Anvers laissent
supposer qu'il n'y aura pas
d'obstacles urbanistiques à la
construction d'un centre à cet
endroit. Le propriétaire actuel est
disposé à vendre le terrain et la
préparation
du
dossier
d'acquisition est en cours. Le coût
n'a pas encore été estimé. Dès
que le choix du terrain sera
définitif,
un
groupe
d'étude
multidisciplinaire sera désigné. Le
but est de mettre le centre en
service en 2012.
À
Gand,
il
s'agit
d'un
établissement pour 270 internés.
Le contrat d'étude a été confié à
une association momentanée, au
terme d'un appel d'offres général.
Avant
d'entamer
la
mission
d'étude, il convient d'examiner la
question de l'accès au terrain, qui
est difficile. Ce point peut être
résolu par l'aménagement d'une
voie de contournement avec un
passage vers le centre pour les
visiteurs et pour le personnel.
Des accords sont conclus à ce
sujet avec la ville de Gand. Sur le
plan du contenu, le programme de
construction annexé à l'appel
d'offres demeure intégralement
applicable. Des aspects tels que la
sécurité, le contrôle d'accès, la
surveillance et la circulation
doivent toutefois encore être
précisés avec le département de
la Justice et la plate-forme FPC de
Gand.
L'étude
pourra
effectivement démarrer en janvier
2008
et
les
premières
adjudications
pourront
être
lancées fin 2008. Les travaux de
construction devraient débuter
dans le courant de 2009 et le
campus devra, d'ici à 2012,
pouvoir accueillir 280 internés
présentant un risque moyen ou
CRIV 52
COM 036
28/11/2007
KAMER
-2
E ZITTING VAN DE
52
E ZITTINGSPERIODE
2007
2008
CHAMBRE
-2
E SESSION DE LA
52
E LEGISLATURE
39
onderhandelingsprocedure
met
bekendmaking.
De
onderhandelingsprocedure bevindt zich in een finaal stadium, zodat
aangenomen mag worden dat de aannemer bekend zal zijn in
december 2007. Behoudens onvoorziene omstandigheden zullen de
werken aanvangen op 1 maart 2008 en beëindigd zijn in september
2008.
élevé pour la sécurité.
Pour la capacité supplémentaire
de soixante internés à Merksplas,
il sera recouru à une procédure
négociée
avec
publicité.
L'entrepreneur sera probablement
connu en décembre 2007 étant
donné que la procédure se situe
au stade final. Le début et la fin
des travaux sont planifiés pour le
1
er
mars 2008 et le mois de
septembre 2008, respectivement.
20.03 Robert Van de Velde (LDD): Mijnheer de minister, ik dank u
voor uw antwoord.
Het incident is gesloten.
L'incident est clos.
De openbare commissievergadering wordt gesloten om 12.09 uur.
La réunion publique de commission est levée à 12.09 heures.